DIT WERKSTUK werd online gezet door

 

 

AustraliŽ

Inleiding

Hoofdstukken

1.Het eilandcontinent
2.
Geschiedenis
3.
Dwars door het land
4.
In de stad 
5.
Dieren en planten
6.
Herdenkingsjaar 
7.
De toekomst

Nawoord

Boekenlijst 

 

Inleiding  

Ik heb mijn werkstuk over AustraliŽ gemaakt, omdat het mij wel een mooi land leek en ik er meer over wilde weten. Ik hoop na dit werkstuk iets geleerd te hebben over AustraliŽ.

1. Het eilandcontinent

 

AustraliŽ is een reusachtig eiland en het op vijf na grootste land ter wereld. Het wordt van zijn buren gescheiden door zeeŽn. Nieuw-Zeeland ligt in het zuidoosten, maar de buurlanden van AustraliŽ liggen het meest in het noorden. Het dichtstbijgelegen zijn Papua, Nieuw-Guinea en de eilanden van IndonesiŽ. Het meest nabije deel van IndonesiŽ, Irian Jaya het westelijk deel van Nieuw-Guinea, ligt minder dan 300 km van de noordelijkste punt van AustraliŽ. Ten westen en ten zuiden van AustraliŽ strekt de Indische oceaan uit en nog verder zuidelijk ligt Antarctica.

 

Weer en klimaat

Het grootste deel van AustraliŽ is heet en droog, maar er zijn grote verschillen per regio. De belangrijkste scheiding in weersgesteldheid is die tussen noord en zuid. In feite ligt een derde van Noord-AustraliŽ in de tropen. Noord-AustraliŽ heeft daarom een hogere gemiddelde temperatuur dan de zuidelijke helft van het continent. Een groot deel van West-AustraliŽ heeft een gemiddelde zomertemperatuur van ongeveer 35į C. Het noorden kent zware moessonregens in de zomer, en wordt van tijd tot tijd getroffen door tropische cyclonen die grote schade kunnen aan richten. Door de tropische cycloon Tracy, die met kerst 1974 Darwin trof, werd meer dan de helft van de gebouwen verwoest en 65 mensen kwamen om het leven. In het zuiden van AustraliŽ valt de meeste regen in de winter. De kuststreken in het zuiden en zuidoosten, waar het grootste deel van de bevolking leeft, hebben een mild klimaat.

De hoofdsteden in de zuidoosthoek van het vasteland Adelaude, Melbourne

en Sydney hebben vaak hete zomers.

De sterke noordenwinden in combinatie met de hoge temperaturen veroorzaken vaak bosbrand in de omliggende bossen. De afgelopen jaren zijn door dergelijke branden grote bosgebieden en weidegronden dicht bij
de steden afgebrand.

Bergen

AustraliŽ is het laagste en het vlakste continent. Een groot deel van het woestijngebied ligt net boven de zeespiegel. Het hoogste deel wordt gevormd door het Groot Scheidingsgebergte, een langgerekte bergketen die over de hele lengte van de oostkust loopt. In de zuidoostelijke hoek van het land bevinden zich de Australische Alpen, een onderdeel van het Scheidingsgebergte, met de hoogste bergen van het land. Mount Kosciusko met een hoogte van 2228 m is de hoogste berg van de Alpen. Deze berg is door een Poolse ontdekkingsreiziger genoemd naar de Poolse held Yaduez Kosiuszko.

 

Oud en droog continet

AustraliŽ wordt wel omschreven als het oudste continent van de aarde. Sommige rotsen zijn meer dan 3000 miljoen jaar oud en zijn spectaculaire verschijnselen in het Australische landschap. Uluru (vroeger Ayerís Rock genaamd)is een rots in het midden van AustraliŽ. Het is de bekendste rots en een van de heiligste plaatsen van de Yankuntjatjara en Pitjantjatjara Aborigines (de eerste bewoners van AustraliŽ). Met uitzondering van Antarctica is AustraliŽ het droogste continent. Uluru staat in het midden van een uitgestrekt woestijngebied.

Bijna drie vierde van het oppervlak van AustraliŽ is droog of relatief droog, en de woestijnen variŽren van rotsige vlakten tot gebieden met fijn zand en Australisch gras. In de stad Alice Springs, 450 km ten noordoosten van Uluru, valt jaarlijks gemiddeld 280 mm regen. Langdurige droogteperioden komen regelmatig voor. In delen van Queensland, New South Walen en Victoria hebben de boeren in de jaren negentig allemaal overheidssteun ontvangen om de droogte te bestrijden. Dichter bij de kust verandert het plaatje. In het noordoosten van Queensland worden de tropische regenwouden geregeld doorweekt door zware regenval. Daardoor wordt binnen een klein gebied een enorme verscheidenheid aan planten en dieren gevoed. Verder naar het zuiden, in de zuidelijke delen van Victoria en TasmaniŽ, bevinden zich dank zij de zware regenval andere tropische regenwouden. Voor de kust in het noordoosten ligt het Groot BarriŤre Rif. Het is het grootste koraalrif ter wereld, dat zich over een lengte van 2300 km uitstrekt. In dit gebied leven meer dan 1500 soorten vissen.  

 

2.Geschiedenis

 

De aborigines
De eerste bewoners van AustraliŽ waren de Aborigines. Ze leven al meer dan 50.000 jaar op het continent. Voor de Europese kolonisatie in 1788 bedroeg hun aantal waarschijnlijk tussen de 300.000 en 750.000, sommige schattingen zijn nog hoger. Tenminste honderd jaar voor de Europese kolonisatie werd het noorden van AustraliŽ bezocht door vissers van de eilanden ten noorden van AustraliŽ. Tegenwoordig varen sommige van deze volken, waaronder Makassaren, nog steeds naar het zuiden naar AustraliŽ, om er in de kustwateren op tripang of zeekomkommer te vissen.

Europeanen

Hollandse zeelieden ontdekten in de zeventiende eeuw een groot deel van de noord-, de west- en zuidkusten van AustraliŽ. Er zijn aanwijzingen dat de Portugezen een eeuw daarvoor al de oostkust in kaart hadden gebracht. De bekendste verkenner van de oostkust was de Britse kapitein James Cook. Hij zeilde in 1770 langs de hele lengte van deze kust. Het verslag dat hij uitbracht in Londen leidde tot de Britse nederzetting in AustraliŽ. De Britse invasie in AustraliŽ begon in 1788, toen de eerste vloot 1000 veroordeelden en officieren vanuit Engeland aan land bracht. Kapitein Cook had het gebied waar hij aan land was gegaan Nieuw Zuid Wales genoemd. Geschiedkundigen zijn het nog steeds niet eens over het waarom van de Britse nederzetting in AustraliŽ. Volgens sommige probeerde Groot-BrittanniŽ nieuwe plaatsen te vinden om veroordeelden naar toe te sturen omdat de Britse gevangenissen overvol waren. Anderen beweren dat de Britten uit waren op Australisch hout en vlas (vlas werd gebruikt voor het maken van touwen en zeilen), of wilden voorkomen dat andere Europeanen AustraliŽ voor zichzelf zouden opeisen.

Uitbreiding in de negentiende eeuw

De blanke bevolking van AustraliŽ groeide in de eerste veertig jaar na 1788 langzaam. De meeste mensen waren ofwel veroordeelden ofwel voormalige veroordeelden die hun straf al hadden uit gezeten. Rond 1830 eiste Groot-BrittanniŽ AustraliŽ op. Vanaf deze tijd werden gebieden langs de kust gekoloniseerd. Er kwamen meer migranten uit Groot-BrittanniŽ aan en de schapenhouderijen ontwikkelden zich. Groot-BrittanniŽ verschafte een groot deel van het geld voor boerderijen en de nederzetting en kocht Australische wol. Er werden nieuwe kolonies, Victoria, West-AustraliŽ, Tasmanie en Queensland gesticht. Later werden zij verenigd in de Staten van de Gemenebest van AustraliŽ. De ontdekking van goud, rond 1850, in verschillende kolonies veroorzaakte een enorme toename van de Australische bevolking. In 1852 waren er minder dan een half miljoen AustraliŽrs. Tien jaar later waren er meer dan 1,1 miljoen. De tweede helft van de negentiende eeuw was een tijdperk van de uitbreiding en verstedelijking. De rijkdom van goud en wol en de aanleg van spoorwegen maakten het mogelijk voor de AustraliŽrs om zich vanaf de kust landinwaarts te verspreiden, of zich te vestigen in steeds groter wordende steden als Sydney en Melbourne. Het was de tijd voor vluchten en sterven voor Aboriginesstammen, want de blanken wilden niet delen met mensen die hun minderwaardig vonden en onmenselijk verklaarden.

Ontwikkeling

Volgens Sanley Melbourne Bruce, in de jaren twintig van de twintigste eeuw minister-president van AustraliŽ,

had AustraliŽ mannen, geld en markten nodig. Veel andere Australische politici waren het daar mee eens. Voor meer dan zestig jaar was de toekomst van AustraliŽ na de eenwording in 1901 nauw verbonden met Groot-BrittanniŽ. Vanuit Groot-BrittanniŽ kwamen steeds meer arbeiders om de industrieŽn te ontwikkelen. Er werd geÔnvesteerd in nieuwe projecten en er werden overeenkomsten voor de koop van het grootste deel van de Australische wol, vlees, fruit en graanoogst afgesloten. Tot aan de Tweede Wereldoorlog (1939-1945) voorzag Groot-BrittanniŽ hierin voor AustraliŽ, maar de Australische industrie ontwikkelde zich maar langzaam. De noodzaak om munitie te produceren om een oorlog uit te vechten in het gebied van de Stille Oceaan betekende dat de Australische industrie uit moest breiden. Na  1945 groeide de industrie sneller. Dit kwam o.a. door de komst van immigranten. AustraliŽ nam nu zowel Europese als Britse immigranten op en de bevolking nam sneller toe. Ook Amerikaanse investeringen in AustraliŽ werden van belang. In de jaren zestig begonnen de AustraliŽrs grote hoeveelheden ijzererts, kool, bauxiet en nikkel te ontginnen en te exporteren.
Veel van deze nieuwe exportartikelen gingen naar Japan, en sinds die tijd zijn Japan en andere Oost-Aziatische landen belangrijke handelspartners voor AustraliŽ. Dit leidde tot het gezegde: ďAls de Japanse economie niest, wordt AustraliŽ verkoudenĒ.

3. Dwars door het land

Het is moeilijk om je een voorstelling te maken van de enorme afstanden tussen de steden in AustraliŽ. De afstand tussen de steden Sydney en Perth is ongeveer 3500 km dat is ongeveer net zo ver als van Londen naar Cairo. Toen de Europeanen zich aan de oostkust van AustraliŽ vestigden, merkten ze dat het erg moeilijk was om landinwaarts te reizen. Ze waren afgesneden door de bergen. Maar toen Gregory Blaxland, William Lawson en William Charles Wentworth in 1813 een pad over de Bleu Mountains vonden, begon het binnenland toegankelijker te worden. Twee van de vroegste vormen van vervoer waren de postkoetsen en de rivierboten die over de Murry en de Darling gingen. Deze beide vormen van transport werden vervangen door spoorwegen. Helaas gebruikten de meeste staten spoorwegtrajecten met verschillende spoorbreedtes woordoor het vervoer tussen de verschillende staten werd bemoeilijkt. De spoorbreedtes werden in de jaren zestig eindelijk op elkaar afgestemd, maar tegen die tijd was het reizen over de weg populairder dan het reizen per trein. Nu is er een nationale snelweg die alle hoofdsteden van de staten aan elkaar verbindt en de meeste goederen en mensen worden over de weg vervoerd. Vaak bestaan deze wegtransporten uit een truck met oplegger en meerdere aanhangwagens. De meeste AustraliŽrs hebben een auto en maken gebruik van het drukke stelsel van verkeerswegen. Het vervoer in de stad is een combinatie van treinen, bussen en autoís. Melbourne heeft nog steeds een tramlijn en Sydney heeft een nieuwe monorail in de binnenstad.

Mensen in de het binnenland

De meeste AustraliŽrs hebben toegang tot hele goede medische voorzieningen in stedelijke ziekenhuizen. Maar voor de mensen die in het binnenland wonen, kan het dichtstbijzijnde ziekenhuis verschillende uren weg liggen. Zij maken gebruik van de dienst van de Flying Doctors die in 1928 werd op gezet door John Flynn. Artsen maken gebruik van vliegtuigen om afgelegen gebieden te bereiken en voorzien op die manier in een adviesdienst en een dienst voor noodgevallen. De schooluren in AustraliŽ zijn van 9 uur
ís ochtends tot 3 of 4 uur ís middags. Sommige kinderen wonen ver weg van alle scholen. Zij doen hun schoolwerk thuis. De lessen worden via de radio uitgezonden en de kinderen ontmoeten hun leraar eenmaal per trimester, of eenmaal per jaar!

4. In de stad

In elke staat behalve in Queensland woont meer dan de helft van de bevolking in de hoofdstad. Het zijn bruisende steden met verschillende rassen  bevolking. Ze vormen het culturele en bestuurscentrum van de staten. Veel Australische steden zijn rond plaatselijke industrieŽn ontstaan. Mount Isa, Weipa en Mount Tom Price zijn stadjes, die oorspronkelijk werden gebouwd door de maatschappijen die het land exploiteerden. Coober Pedy is een stadje, dat gebouwd is rond de opaalmijnen, maar het is een heel merkwaardig stadje! In dit gebied is het zo heet dat veel mensen ondergronds in huizen wonen die in de rotsen zijn gebouwd. Het postkantoor, de banken en de rooms-katholieke kerk bevinden zich onder de grond. Het stadje is een toeristische attractie geworden en heeft nu ook een ondergronds hotel. Er zijn ook kleine stadjes in het binnenland, zoals Nhill in Victoria, die een uitgestrekte landbouwgemeenschap bedienen.

 

De hoofdstad

Met de bouw van de hoofdstad van AustraliŽ, Canberra, werd begonnen in 1911. De stad werd ontworpen door de Amerikaanse architect Walter Burley Griggin. Zijn ontwerp voor een stad van cirkels in plaats van vierkanten is heel ongebruikelijk en indrukwekkend. Zowel Sydney als Melbourn wilden de nationale hoofdstad worden. Canberra werd halverwege deze twee steden gebouwd. Het gebied rond Canberra noemt men het Australisch Hoofdstedelijk Gebied.

Veel bezienswaardigheden van Canberra, waaronder nationale kustgalerie, het Hooggerechtshof en het oorlogsmonument, zijn rondom het Lake Burley Griffin, een kunstmatig meer genoemd naar de architect die de stad ontworpen had. Het oorspronkelijke parlementsgebouw, dat voor het eerst werd gebruikt in 1927 is nu vervangen door een nieuw parlementsgebouw. Dit gebouw is in een heuvel achter het oude parlementsgebouw gebouwd.

Sydney en Melbourn

De oude rivaliteit tussen deze twee steden bestaat nog steeds. Sydney heeft een spectaculaire haven en is de favoriete toeristische bestemming in het land. Het heeft prima stranden, een warm klimaat en in januari het jaarlijkse Sydney festival. Melbourn heeft veel mooie parken en tuinen in het centrum van de stad en een beroemde paardenrace, de Melbourn Cup.

Koel blijven

De meeste Australische huizen zijn vrijstaand en ruim. Huizen en andere gebouwen worden zo gebouwd dat ze de bewoners koel houden, met verandaís en grote ramen.

5. Dieren en planten

Omdat AustraliŽ zo lang van de rest van de wereld was afgesneden, leven er veel unieke planten en dieren. Ze hebben zich aan gepast aan het moeilijke klimaat en de verschillende woonomstandigheden. Helaas zijn veel soorten uitgestorven of met worden bedreigd om uit te sterven. Een deel van het natuurlijke landschap is vernietigd om plaats te maken voor steden en voor landbouw. Inheemse dieren moeten nu vechten voor hun voedsel met dieren die door de Europeanen het land zijn binnengebracht. Daardoor zijn sommige diersoorten uitgestorven en is de manier waarop dieren en planten gebruik maken van elkaar verstoord.

De buideldieren
De grootste groep Australische dieren zijn de buideldieren, die elders in de wereld zijn uitgestorven, behalve in Zuid Amerika. Het vrouwtje heeft een huidplooi waarin ze haar jong draagt. De bekende buideldieren zijn de kangoeroe en zijn kleinere soortgenoot de wallaby. Deze plantenetende dieren, ofwel herbivoren genoemd, kunnen in heel droge omstandigheden overleven. De grootste kangoeroe is de rode reuzenkangoeroe, die met de uitsterving bedreigd word naarmate zich meer mensen in dit gebied vestigen. Een ander buideldier dat met uitsterving wordt bedreigd is de koala. De koala ziet er schattig uit, maar heeft hele scherpe klauwen. Het diertje heeft zijn klauwen nodig om naar zijn hol in de gomboom of eucalyptus te klimmen. Andere buideldieren zijn de wombat, de buidelrat en de Tasmaanse duivel.

Zwermen vogels

De Australische Ď bushí is het woongebied van honderden soorten vogels. Dat zijn de grote geelkuifkaketoe, de roze en witte en de zwarte kaketoe, de grijzen en rose rosťkaketoe en veel papegaaien soorten. Ook grasparkieten en prachtloriís zijn er. Er is een bijzondere Australische ijsvogel die de kookaburra word genoemd. Hij heeft een opvallende grinnik en word ook wel de lachvogel genoemd. De op een na grootste loopvogel, die door de bush rent is wel de emoe. Een andere loopvogel, de kasuaris, treft men aan in de regenwouden en in het noorden van Queensland. Hij is heel verlegen en je ziet hem dan ook maar zelden. Op zijn kop heeft hij een soort uitwas of helm die hem helpt om zich een weg te banen door het kreupelhout.

Gevaarlijke Australische dieren
Er zijn in AustraliŽ meer dodelijke spinnen en reptielen dan waar dan ook ter wereld. De kleinste spin is de roodrugspin Het is een van de meest dodelijke spinnen. Zijn beet kan kinderen doden als ze niet snel worden behandeld. De dodelijkste slang is de taipan. Deze slang leeft in riviermon-dingen in het noordoosten van AustraliŽ.
Het allergevaarlijkste dier in AustraliŽ is wel de zoutwaterkrokodil. Hij komt voor in het noorden van AustraliŽ en leeft in de riviermonding.

Verschillende bomen

De bekendste Australische boom is de gomboom of de Euvalyptus. Gombomen verliezen hun bladeren niet bij seizoenwisselingen, en hun zaaddoosjes zien eruit als noten. Twee bomen die zich heel goed hebben aangepast aan de omgeving zijn de Australische grasboom en de boabab of wel de apenbroodboom genoemd. De grasboom kan bij extreme temperaturen overleven. De apenbroodboom heeft zijn eigen waterreservoir in zijn brede stam zitten.

6. Een herdenkingsjaar

In 1988 vierde AustraliŽ tweehonderd jaar Europese vestiging. Het belangrijkste feest werd op 26 januari in Sydney gevierd. Er was een vloot vertrokken uit Portsmouth in Engeland, die als onderdeel van de feestelijkheden koers zette naar de haven. Het was een moment om te vieren wat er in tweehonderd jaar was bereikt, maar ook om na te denken over de fouten uit het verleden en om naar de toekomst te kijken. De Europeanen hebben veel industrieŽn opgezet. Die hebben gezorgd voor welvaart en een hoge levensstandaard. Maar de Aborigines hebben er onder geleden. De AustraliŽrs denken er nu over na hoe ze het goed kunnen maken met de oorspronkelijke inwoners van het land. Ze willen een manier kunnen bedenken om samen te werken. De AustraliŽrs kunnen van de Aborigines veel leren. Ze kunnen leren hoe ze voor het land moeten zorgen, hoe ze de rijkdommen van het land moeten beheren en hoe ze de dieren van het land kunnen beschermen.

AustraliŽ heeft de laatste tijd veel natuurrampen meegemaakt, zoals:  

1974 Darwin werd op eerste kerstdag met de grond gelijk gemaakt door een cycloon met een windkracht van 217 km per uur.  

1983 bij branden op Aswoensdag brandde 1200 m land af; dat is net zo veel als de afstand tussen Londen en Madrid.  

1993/1994 de ergste binnenlandse branden in 200 jaar woedden in de Nationale parken rond Sydney. Daardoor werd veel verwoesting aangericht in de voorsteden van de stad.

7. De toekomst

AustraliŽ blijft belangrijk veranderen. De bevolking begint, hoewel ze niet meer zo snel groeit als voorheen, steeds minder te lijken op de eerdere voornamelijk Anglo-Keltische bevolking. Geleidelijk aan wordt de bevolking steeds meer Aziatisch. Tegelijkertijd is de Australische economie nauw verbonden met de economieŽn van Oost-Azie. De Australische regerings-leiders moedigen nauwere samenwerking met Aziatische landen en landen in de Stille Oceaan aan, via organisaties als de Asia-Pacific Economic Co-operation groep (APEC).

Met de verandering in de economie is de kloof tussen arm en rijk steeds groter geworden. De lonen zijn laag gehouden en de werkloosheid is gestegen.

Het officiŽle werkloosheidscijfer bedroeg in 1995 10 procent, maar er zijn veel meer werknemers die geen enkele zekerheid hebben. De meeste nieuwe banen zijn parttime banen of banen met een contract voor een bepaalde, korte termijn. Net als voor andere landen is het voor AustraliŽ moeilijk geweest de economie in korte tijd te veranderen. De Australische regering heeft de bevolking altijd opgeroepen geduld te hebben en de moeilijke tijd te doorstaan.

Tegen het midden van de jaren negentig begon de economie te groeien, waardoor er misschien betere tijden op komst zijn voor werknemers. In de jaren negentig praten de AustraliŽrs veel over hen nieuwe identiteit. Soms houdt dit verband met de rol van AustraliŽ in het Aziatische-Pacifisch gebied, soms heeft het betrekking op de multiculturele samenleving en de nieuwe relaties met de Aborigines en soms op een toekomstige Australische republiek. Vaak is het een combinatie van deze zaken. Recente Australisch regeringen hebben deze discussies aangemoedigd.

In de meeste opzichten wordt de toekomst van de Australische economie zonnig ingezien. Er is wel een enorm verschil met wat de meeste mensen zich dertig jaar geleden voorstelden. Het zal nog wel even duren voor we alle consequenties kunnen overzien van dergelijke snelle veranderingen.

 

Nawoord  

Ik heb van dit werkstuk over AustraliŽ, veel geleerd over AustraliŽ en de eerste inwoners, de dieren en de planten. Het lijkt mij een heel mooi land en ik zou er best wel eens op vakantie willen.

Boekenlijst

Ik heb deze 2 boeken gebruikt:  

        Moderne industriŽle wereld AustraliŽ.  

        Met het oog op AustraliŽ.