U bent bezoeker
Aalst - Aken (Duitsland)
De GR 128 (ook wel Vlaanderenroute genoemd) is een wandelpad dwars door Vlaanderen en loopt van Wissant (Frankrijk) naar Aken (Duitsland). Het heeft een totale lengte van ongeveer 700 km en is opgesplitst in een westelijk en oostelijk gedeelte. Wij kozen voor het oostelijk deel dat van Aalst naar Aken loopt over een afstand van 293 km. Het pad splits van de GR 5A in Rozen (gehucht van Aalst) en loopt door de Faluintjes, het noorden van Vlaams-Brabant, de Dijlevallei, Haspengouw, Voeren, de Mergelstreek om te eindigen aan de jeugdherberg van Aken.
| Etappe 1 : Aalst - Mollem | 21 km | |
| Etappe 2 : Mollem - Humbeek-sas | 21,6 km | |
| Etappe 3 : Humbeek-sas - Hever | 20,2 km | |
| Etappe 4 : Hever - Wespelaar | 12,5 km | |
| Etappe 5 : Wespelaar - Vlierbeek | 16,8 km | |
| Etappe 6 : Vlierbeek-> Stadsvariante | 20 km | |
| Etappe 7 : Abdij van Park - Hoegaarden | 23,4 km | |
| Etappe 8 : Hoegaarden - De Hek | 18,6 km | |
| Etappe 9 : De Hek- Zoutleeuw + variante St. Truiden | 21 km | |
| Etappe 10 : Zoutleeuw -Hoepertingen | 24,1 km | |
| Hoepertingen - Tongeren | 24 km | |
| Andere etappes nog in te delen |
We
lieten de auto staan aan het station van Opwijk en namen daar de bus naar
het station van Aalst (lijn 41). We kozen er voor om toch via de beschrijving
in de topogids (editie 2000) naar het gehucht Rozen te wandelen. De vernieuwde
GR5A Zuid loopt nu wel door het centrum van Aalst en mist zo het traject langs
de Dender en de bijhorende industrie. Als je met de rug naar het station staat
neem je de straat aan je linkerkant (Dr. André Sierensstraat en niet
de Nijverheidsstraat zoals beschreven in de topo). Zo kom je aan de Dender
die je oversteekt en vervolgens ga je recht de Frits de Wolfskaai in. Deze
blijf je volgen tot aan de Zeebergburg (werken in november 2004) die je links
opgaat. Je blijft deze weg volgen tot
een
kruispunt met verkeerslichten en daar ga je naar rechts. Ongeveer 700m verder
ga je rechts een grindweg in en loop je langs een beek. Je passeert een wipbrug
(de voormalige Zwarte-hoekbrug) Hier zie je de nieuwe markeringen van de GR
5A die de brug overgaan, maar je blijft de beek volgen (dus niet oversteken
!!!) Als je het park uitloopt, steek je schuin over en volg je de Langestraat.
Je blijft deze baan volgen tot je recht voor je een kleine onverharde weg
tussen 2 huizen ziet (’t klein Eeckhout). Deze weg is een toegang tot
een aantal garageboxen van de bewoners en komt uit op een geasfalteerd fietspad.
Daar ga je naar links en je blijft dit fietspad volgen tot op de Moorselbaan.
Schuin rechts voor je zie je de wandelboom staan die de splitsing van de GR
5A en de GR 128 aanduidt.
We
volgen de richting Aken en gaan via de Achterweg tot we terug op het fietspad
lopen. Het fietspad is aangelegd op de vroegere spoorlijn van Antwerpen naar
het Franse Douai. Na een kleine kilometer verlaten we dit fietspad naar links
en lopen door een gehuchtje van Moorsel en daarna steken we het fietspad over
en lopen we naar het centrum van Moorsel. We lopen achter de grote kapel en
nemen links de dreef die naar het 16e-eeuwse kasteel van Moorsel loopt. Voor
het hek gaan we links en blijven een ganse tijd de omheining volgen tot we
op de Opwijkse Steenweg komen. Even naar rechts en dan links het veld in.
Hier begint het gebied dat de Faluintjes genoemd wordt en dat vroeger een
moerassig gebied was. Maar ook in november is het modder zo ver je zien kan.
We steken de Molenbeek over en blijven deze zo’n 500m volgen. Op een
T-splitsing gaan we naar recht en deze onverharde weg brengt ons 1,5 km later
aan de Abdij van Affligem. Van de in de topo vermelde hopvelden is nog nauwelijks
iets te zien. Langs de muur van de abdij staat een bankje en wordt de picknick
boven gehaald. Lang blijven zitten is er niet bij, want het is maar 3°C.
We blijven de baan volgen tot op een kruispunt waar we naar rechts
gaan
(Molenstraat). Het pad loopt nu ten zuiden van Meldert en zelfs via een oprit
van een huis. Ter hoogt van het “Hof te putte” gaan we een onverhard
pad in naar links en zijn we op weg naar het mooiste gedeelte van deze etappe.
Het GR-pad slingert zicht door het Kravaalbos, dat samen met het Zoniumwoud
en Meerdaalbos een restant is van het grote kolenwoud. Net voor het verlaten
van het bos (op een T-splitsing) is de provinciegrens tussen Oost Vlaanderen
en Brabant. Om van het ene contrast in het andere te vallen moet je ter hoogte
van Mazenzele de zeer drukke N 47 oversteken. Nadien keert de rust terug en
lopen we met z’n tweetjes door de velden. Het laatste stukje bos dat
we passeren is het Paardenbos waar we de rand van volgen. In de verte horen
we al een trein rijden en na een kilometertje staan we de spoorlijn die ons
van Mollem naar Opwijk zal brengen. Het perron ligt aan onze linkerzijde en
is enorm lang voor een stationnetje zonder lokketen. En zorg maar dat je aan
de linkerzijde van dit perron staat, want het is een korte trein.
We
vertrekken aan het station van Mollem (lijn 60) en lopen in de richting van
het dorp. Ter hoogte van een kapelletje slaan we een veldweg in die ons naar
en door een klein bos voert. Via de omheining van het plaatselijke kerkhof
komen we aan de kerk van Mollem. De St. Stefanuskerk werd in de 18e eeuw gebouwd
en maakt deel uit van het beschermde dorpsgezicht. We passeren de kerk langs
links en passeren de eveneens beschermde pastorie. De drukte is snel verdwenen
op enkele MTB-ers na en we lopen via een betonbaantje naar de enige heuvel
van de dag. In de topo is nog sprake van omgeploegde veldwegen, maar die zijn
ondertussen allemaal gebetoneerd. Boven op de Steenberg staat er een oriëntatietafel
die duidelijk al betere tijden gekend heeft. Het is wel goed weer zodat het
uitzicht best meevalt. En met wat speurwerk op de tafel vinden we aanduidingen
naar de omliggende dorpen. Je wordt getrakteerd op een uitzicht over het Scheldeland
en volgens de topo strekt de vlakte die je ziet, zich uit van Calais tot
Polen.
Maar dan zal je toch wat hoger moeten gaan staan om daar een totaal beeld
van te krijgen. We krijgen het gezelschap van een man gekleed in Amerikaanse
legerkledij met alles erop en eraan. Ook de jeep waarmee hij zicht verplaatste
was volledig af en in zeer goede staat. We blijven de betonbaan volgen die
ons uiteindelijk op de baan van Merchtem naar Wemmel. Hier is het even opletten
dat je niet de GR 126 (Brussel - Namen - Membre-sur-Semois) opgaat. We volgen
de baan naar rechts en zo'n 150m verder slaan we links in. De GR 126 buigt
iets eerder af naar rechts. Wanneer je de grote baan verder naar rechts zou
volgen, kom je in het centrum van Brussegem. We laten snel de drukte achter
ons en lopen via een betonbaan tot aan een alleenstaand wit huisje. Hier nemen
we "eindelijk" opnieuw een onverharde weg waar we links en rechts
getrakteerd worden op mooie vergezichten. Door een holle weg komen we op een
splitsing van vijf wegen en we lopen bijna rechtdoor. Ondertussen hebben we
opnieuw asfalt onder de voeten. We lopen een kilometer in oostelijke richting
en slaan dan links een kasseiweg in. Deze voert ons in meer noordelijk richting
door velden en weiden en wordt zelfs onverhard. De uitloper van deze weg daalt
af naar het "Hof te Lovegem"en is opnieuw verhard. De weg komt uit
op de drukke weg van Merchtem naar Wolvertem die we oversteken. Ter hoogte
van de kapel zoeken we een plekje in het zonneke en nuttigen we een drankje.
De GR 128 maakt een grote bocht rond Wolvertem, maar buigt tenslotte toch
af naar dit dorp. We passeren enkele opmerkelijke hoeves en houden rechts
aan ter hoogte van een kapelletje. De
onverharde
weg brengt ons langs het oudste "hof" van Merchtem, nl. de "verbrande
hoeve" die dateert uit de 12e eeuw. We vervolgen de weg door een eikendreef
en draaien dan rechts het veld (zie wegwijzer Hoboschpad). Sommige veldwegen
zijn behoorlijk met gras overgroeid dat je soms het idee krijgt dat je in
een weide wandelt. Dit brengt ons in het gehucht Meuzegemse Hoek waar je een
duidelijk zicht krijgt op het indrukwekkende Pauwehof. Je krijgt de tijd om
deze hoeve te bekijken, want het pad draait er in een boog rond. Tussen de
weiden hebben ze een strookje asfalt gegoten zodat het hier na een regenbui
toch goed begaanbaar blijft. Eenmaal tussen de weiden uit loopt de bewegwijzering
anders dan de beschrijving in de topo. We blijven de markering op het terrein
volgen en pauzeren in klein populierenbos. In het zonneke eten we onze lunch
op en genieten tegen een boom van het winterzonnetje. We verlaten het bosje
en lopen over een geasfalteerde baan in NO-richting tot we op de verkeersweg
naar Wolvertem uitkomen. Deze volgen we enkele honderden meters naar rechts,
tot we schuinlinks een veldweg in kunnen. Op de volgende splitsing linksaf
en meteen zitten we terug op de route zoals gemarkeerd in de topo. We vervolgen
onze weg door de velden en dan goed opletten dan je de afslag naar rechts
niet mist.
Op
een paaltje voor de afslag staat een pijl + 50m. Ter hoogte van de afslag
zie je de veldweg liggen, maar enige aandacht is wel nodig. Zonder verdere
problemen komen we de Barbierstraat die gelegen is in het gehucht Neerpoorten.
Deze zo'n 200m naar rechts volgen en ter hoogte van huis nr. 15 slaan we links
in. Na zo'n 100m komen we aan de samenvloeiing van de Meuzegemsebeek en de
Molenbeek (ook wel Gijp genoemd). Bij hevige regen treden ze buiten hun oevers
en komen de tussenliggende weiden onder water te staan. Op dat moment fungeren
ze als potpolder om de wateroverlast te beperken. De Molenbeek vloeit via
de Vliet en de Rupel naar de Schelde. En de route voert ruim een kilometer
door de Wolvertemse beemden. Dit gebied wordt beheerd en onderhouden door
Natuurpunt. Naarmate je de beemden uitloopt, neemt het geluid van de A12 toe.
Op de T-splitsing gaan we links en via de brug steken we de autosnelweg over.
Doordat de wind in de rug staat, worden we nog lang achterna gezeten door
het geluid van voorbijrazende auto's. Na een goeie kilometer asfalt kiest
de GR 128 opnieuw voor een veldweg en lopen we tussen weilanden en velden.
Ter hoogte van een boerderij gaat het even rechts en
dadelijk
opnieuw links het veld in. We blijven in dezelfde richting verder lopen tot
het pad afbuigt naar enkele huizen. We passeren de huizen via de oprit (passeren
op een meter van hun voordeur) en voor het bos buigen we linksaf. Enkele opgehitste
honden vergezellen ons honderden meters met hun geblaf en we komen in een
straat met villa's. Op de volgende splitsing gaan we rechtsaf (richting centrum
van Nieuwenrode) en 70m verder links de Vroomweg in. We navigeren tussen de
huizen door tot we ter hoogte van huis nr. 59 een kleine pad naar rechts nemen.
Let op het groene pijltje dat het wandelpad aangeeft, zodat je niet op de
opritten van de bewoners terechtkomt. Dit zou tot vervelende situaties kunnen
leiden met de eigenaars, zeker als die ook nog een stel dobbermannen rondlopen
hebben. Via enkele verharde wegen komen we aan het Gravenbos. Dit 80 hectare
grote bos is in particulier bezit en de route die de GR 128 is de enige die
is opgesteld voor het publiek. Het bos bestaat hoofdzakelijk uit beukenbomen
en is een mooi stukje natuur waarmee wij onze wandeldag beëindigen. Net
voor je op een asfaltweg uit komt (rechts een mooie doorkijk op het Gravenkasteel,
daterend uit de 17e eeuw), nemen we een brede dreef die ons aan het kanaal
Brussel – Rupel brengt. Rechts zie je de 50m hoge brug van Humbeek-sas,
waar ook onze wagen geparkeerd staat. Vlakbij is er ook een bushalte die we
zullen gebruiken bij de volgende etappe.
We zetten ons tocht langs de GR 128 verder en starten deze keer vlak langs
de Zenne ter hoogte van Humbeek-sas. De quotering van deze etappe geraakt
wat ons betreft niet verder dan 1 ster. Je hebt veel omgevingslawaai (N1 –
E19) en krijgt een pak asfalt/beton voorgeschoteld. Lichtpunt in deze etappe
is de doortocht door het Bloso-domein in Hofstade, maar tijdens de zomer zal
dit ook weer een pak charme verliezen door de drukte. Onze passage in januari
verliep in alle stilte, met hier een daar een collega wandelaar.
De
route zelf dan: de eerste kilometer moet je door een woonwijk, gevolgd door
een stuk onverhard op weg naar Zemst-Laar. Onderweg staat ook een wat rare
wegwijzer op de hoek van een weide. Alsof je op die plaats jezelf afvraagt
hoe ver het nog lopen is naar Aken of Rome. Wanneer je op de baan van Eppegem
naar Zemst-Laar uitkomt, ga je naar links. Ter hoogte van huisnummer 204 mag
je niet meer rechtsaf gaan, want de weg is privé geworden. De aangepaste
beschrijving vind je op hier.
We komen twee jonge meiden te paard tegen die ons vragen of ze nog door het
veld kunnen (via de vroegere GR-route). We raden hen dat af omwille van het
privé-gebied en ze vervolgen hun weg over de asfaltbaan. We lassen
een eerste stop in ter hoogte van een kapelletje omringd door lindebomen.
Het winterzonnetje begint aan kracht te winnen, maar de wind maakt het al
bij al nog te koud om lang te blijven zitten. We gaan rechts de Kapelstraat
in en op de tweede splitsing gaan we rechtsaf (Nayakker). Hier verlaat de
GR 12 onze route en loopt rechtdoor. De route brengt ons langs het kasteel
van Linterpoorten, dat aan het zicht onttrokken wordt door de omringende bomen.
Verderop komen we terecht op een smal geasfalteerd baantje tussen de velden
en aan de linkerkant zien we de kerktoren van Zemst aan de horizon
pronken.
De veldweg komt uit in een woonwijk en volgen tot bijna op de N1. Maar de
route buigt af naar het zuiden en loopt door woonwijken tot in het centrum
van Eppegem. Daar staan we aan de drukke N1 en via de verkeerslichten en bijbehorende
zebrapaden geraken we veilig aan de overkant? We lopen zo’n 350m langs
de N1 richting Brussel en gaan de eerste straat naar links af. Net voorbij
de spoorwegbrug gaan we links de Passtraat in. Snel gaat de weg over in een
veldweg en buigt ook van de spoorlijn weg. Restanten van een huis bieden beschutting
tegen de wind en we spreken onze picknick aan. Na de lunch lopen we door een
mooi stuk beemdenlandschap tot op de dijk van de Zenne. Dit deel is ook een
ster meer waard. We verlaten de dijk omdat de GR-route een ommetje maakt langs
het Rubenskasteel. Het was de schilder Pieter Paul Rubens die in 1635 dit
kasteel kocht en er zijn laatste vijf levensjaren doorbracht. Verderop steken
we de Elewijtsesteenweg over en komen op de baan van Elewijt naar Weerde.
Die volgen we naar links tot aan de Zenne, waar de GR 128 rechts de oever
volgt. Hier en daar staan er grote plassen langs het pad, maar we geraken
ere met droge voeten langs. We blijven de dijk volgen tot we aan de berm van
de N267 komen. Tussen de bomen klauteren we tot aan de vangrail. We volgen
de zeer drukke verbindingsweg naar
de
E19 zo’n 700m naar rechts en kijken goed uit bij het oversteken van
de op- en afrit van de autosnelweg. Zonder kleerscheuren komen we aan de eerste
splitsing (Broekstraat) die we links ingaan. We volgen deze betonbaan zo’n
750m tot aan de spoorwegberm en draaien daar mee naar rechts. We lopen vervolgens
800m evenwijdig met de spoorlijn en komen zo uit op de N227. We steken deze
over en via de toegangspoort betreden we het Bloso-domein van Hofstade. Door
de goede bewegwijzering doorkruisen we het domein zonder moeite, steken nogmaals
de N267 over en lopen door het “Goorveld” in de richting van het
kanaal Leuven –Mechelen. Op de dijk van het kanaal gaan we rechtsaf
tot aan de brug van Schiplaken. We steken het kanaal over en lopen tot aan
de drukke N26, die we zonder aanwezigheid van een zebrapad toch vlotjes oversteken.
We lopen nu in de Bieststraat die we na 650m verlaten door links een kleine
weg in te slaan. Deze gaat snel over in een veldweg en brengt ons langs de
spoorlijn. We steken de spoorlijn met voorzichtigheid over en komen zo in
de Felix Timmermansstraat. Op de kruising met de Stationstraat gaan we linksaf
en 650m verder staan we aan het station van Hever.
Het station van Hever ligt een goeie 600m naast de route,
maar daar start mijn minitocht. Dit om de heel eenvoudige reden dat ik
in
Wespelaar (12 km verder) opnieuw de trein op kan. Vanuit het station loop
je via de Stationsstraat in oostelijke richting naar het dorpscentrum, tot
je aan je linkerzijde het rustoord “ De Ravenstein” passeert.
Hier komt de GR-route van rechts (Felix Timmermansstraat) en kruist met de
Stationsstraat. Ik draai linksaf en loopt in NO-richting. De weg gaat over
in een grindweg, passeert het rusthuis langs rechts en via een brugje steek
ik de Dambeek over. Net over de beek heeft Natuurpunt een schitterend plekje
met tafel en bank voorzien om van het mooie stuk natuur te genieten. Via een
brede laan loop je verder tot op de dijk van de Dijle. Hier ga je rechts en
volgt de rivier zo’n 2 km stroomopwaarts tot aan de brug in Rijmenam.
De Dijle is de snelst stromende rivier van de provincie Brabant en is zo’n
90 km lang. Vroeger was er veel scheepvaart, maar sinds de opening van het
kanaal Leuven –Mechelen verloor de kronkelende Dijle aan belang voor
de scheepvaart. Ter hoogte van de brug gaat de
route
naar rechts en op de volgende splitsing links aanhouden (Hollakenbaan). Je
steekt de Hollankenbeek over en vanaf hier heet de straat Rijmenamsesteenweg.
Als je de baan blijft volgen kom je in het centrum van Haacht uit. Maar zo’n
300m voorbij de brug draait de GR-route rechts een naaldbos in. Vanaf hier
is het weer genieten geblazen ondanks een vrij lange strook asfalt. Het pad
loopt nu hoofdzakelijk in ZO-richting en maakt een grote bocht rond St. Adriaan.
Als je een mooi plekje zoekt om te eten of om te verpozen, dan kan je de Hooiberg
optrekken. Berg is nu niet bepaald het juiste woord, zandheuvel komt veel
dichter in de buurt. Enig nadeel is dat er ook een MTB-route doorloopt en
dat kan je rust op een zonnige dag wel wat verstoren (zeker als er plots zo’n
50 recreanten door het zand stuiven). Voorbij de Hooiberg kom je via een links-rechtse
combinatie in de Beverdijk terecht. Dit is gewoon een geasfalteerde baan die
je naar rechts volgt tot aan huisnummer 83. Hier loop je opnieuw de natuur
in en is het genieten van het beemdenlandschap van het Schoonbroek. Na de
doortocht van dit mooie stuk loopt de route naar het drukste stuk van de dag:
de kruising met de N 21. Via de rotonde kan je deze drukke verkeersweg oversteken
en de route in ZO-richting vervolgen langs de Jennekensstraat. Na 400m draait
de route rechtsaf en loopt door “het Spit”, waarbij ook de Leibeek
(via een brug) moet gekruist worden. Vooral de strook voor en na de Leibeek
(+/- 700m) ligt er vaak héél drassig bij en na een regenperiode
in het bos de weg zelfs niet meer zichtbaar. Je kan deze modderpoel ontwijken
door in de Jennekensstraat af te wijken van de GR-route. Dit staat niet beschreven
in de topo, maar met dit kaartje
moet het zeker lukken. Beide routes komen uit op de 11e Linielaan die je naar
links moet volgen. Door de vorst van de afgelopen dagen kies ik voor de route
door het "Spit” en kom ik vrij makkelijk en proper door het bos.
Ter hoogte van de spoorlijn (11e Linielaan) ga ik linksaf en blijf deze baan
volgen tot aan de 2e overweg (ongeveer 1 km). Aan deze overweg gaat de route
linksaf langs de Nieuwstraat. Hier ga ik de route opnieuw verlaten en loop
ik langs het containerpark bijna evenwijdig verder langs de spoorlijn tot
aan het station van Wespelaar. In de Nieuwstraat (300m naar links) is er een
Spar-supermarkt indien je nog wat voorraad wil inslaan. Als je na de supermarkt
rechtsaf gaat, sta je 200m verder ook aan het station.
Aan het station van Wespelaar neem je in noordelijke
richting de weg die naar Haacht leidt (Dijkstraat). Na 350m vind je de wit-rode
GR markering terug en ga je rechtsaf naar de sportvelden. De weg gaat over
in een onverharde weg tussen de sportvelden en akkers. Op een stuk verharde
weg negeer je de splitsing naar rechts en blijft rechtdoor lopen. De weg is
met grind verhard voor
de
fietsers en deze brengt je langs de Leibeek tot in de Brugstraat. Even volgen
we deze baan, maar even verderop bevinden we ons opnieuw tussen de velden.
De kerk van Wakkerzeel komt in zicht en daar leidt de weg je ook heen. Je
steekt de verkeersweg over en loopt schuin rechts langs een kappelletje de
Martelarenlaan in. De naam op zicht stelt veel meer voor dan de straat zelf,
maar na 400m sta je in het centrum van Wakkerzeel. Nu volgt een vrij lang
stuk over verharde weg, maar het landelijke karakter maakt veel goed. Onderweg
krijg je een zicht op Rotselaar, maar de route passeert niet in dit dorp.
De Mena-toren bepaalt mee het uitzicht van Rotselaar en was vroeger een lokale
brouwerij. Ter hoogte van de oude molen gaan we even naar links om vervolgens
de eerste straat naar rechts in te slaan. We lopen langs de oude molen en
volgen deze asfaltbaan zo’n kilometer. Waar de baan naar links weg draait
(Kwellenberg), loopt de GR naar rechts tot op de oever van de Dijle. Het pad
draait links weg en waar de rivier een scherpe bocht naar rechts maakt (vlak
voor een hoogspanningslijn) verlaten we de oever. Het pad
slingert
tussen de akkers en loopt uit in een woonwijk. Voor je krijg je opnieuw heuvels
in zicht en dat is al geleden van de omgeving van Wolvertem. Het pad doorkruist
de woonwijk en komt uit op de drukke Aarschotsesteenweg, die je veilig kan
oversteken via voetgangerslichten. Even gaan we richting Leuven (naar rechts)
en dan schuinlinks afbuigen richting spoorlijn. Via een tunnel kan je makkelijk
aan de overzijde van de spoorlijn geraken en de route leidt je over de E314.
Bij het verlaten van het bos loop je recht naar de naar de Leuvensebaan en
passeert hierbij de plaatselijke zagerij. Je steekt de baan over en neem de
eerste holle weg naar rechts om zo de heuvel te beklimmen. Net boven draait
en daalt het pad opnieuw en op de T-splitsing gaan we links. We blijven evenwijdig
met de hoogtelijnen lopen en ter hoogte van de weg “Zounck” klimmen
we steil naar links. Boven draaien we naar rechts en blijven nu op de top
van de heuvel wandelen. Het pad komt uit op een uitzichtpunt. Bij helder weer
(en als de zon goed staat) heb je hier een schitterend uitzicht op Leuven,
de Dijlevallei en de toren van de abdij van het Park. Via een aangelegde trap
dalen je in korte tijd af naar de Kesseldallaan en voert de route je door
de straten van Beneden Kessel-Lo naar het Provinciaal Domein van Kessel-Lo.
Hier kan het tijdens de weekends en vakantieperioden behoorlijk druk zijn.
Hier splitst ook de stadsvariante af die je door het centrum van Leuven leidt
en ter hoogte van de abdij van het Park terug aansluit op de hoofdroute. Vlakbij
het Provinciaal Domein kan je met de bus naar het station van Leuven en daar
de trein naar Mechelen (afstappen in Wespelaar) nemen.
![]() |
Bewolkt uitzicht op Leuven
van op de Kesselberg |
Op
een van de weinige mooie dagen van augustus 2005 gingen we op stap richting
Hoegaarden. Er waren toen werken op de toegangsweg naar de abdij wat voor
heel wat modder en water zorgde. De abdij dateert van 1129 en werd gesticht
door de Norbertijnen. We laten de auto achter langs de Geldenaaksebaan en
lopen richting abdij over de stadsvariante. Vlak voor de abdij buigt de GR
af naar links en gaan we een onder het poortgebouw door. Op het volgende kruispunt
sluit de stadsvariante opnieuw aan op het hoofdtracé en gaan we naar
rechts. We blijven de muren van de abdij volgen en via een tunneltje kruisen
we de spoorlijnen. We buigen naar rechts en verderop gaan we onder de expresweg
door. Deze baan zorgt samen met de E40 in de buurt dat je tijdens het eerste
deel van de tocht nogal wat omgevingslawaai hebt. We kruisen opnieuw de spoorlijnen
en buigen af naar rechts. De baan gaat lichtjes omhoog tot de GR-tekens je
links het veld in sturen. Deze holle weg lag er zeer modderig bij, zodat we
kozen voor het pas gemaaide veld aan onze linkerzijde. Voor ons zien we de
gebouwen van de St. Camilluskliniek, een bekende psychiatrische instelling
in het Leuvense. Het pad loopt golvend en het loont de moeite om af en toe
eens achterom te kijken. Je ziet in de verte de Philipsgebouwen en de
toren
van de abdij. Voor de kliniek buigt het pad af naar rechts en komt uit om
een betonweg die je naar links volgt. Je krijgt nu opnieuw wat verharde weg
voor de voeten en lopen in ZO-richting naar het kasteel van Wilderhof. Vooral
de wilde plantengroei zorgt er voor dat je weinig van het kasteel te zien
krijgt. Vlak voor het kasteel buigt het pad af in Z-richting naar het gehucht
Ruisbroek loopt. We gaan onder de E40 door en in het centrum van Ruisbroek
vinden we een bankje in de zon … ideaal voor een eerste stop en een
drankje. In Ruisbroek buigt het pad af en loopt ongeveer evenwijdig met de
E40, maar gelukkig wel een stuk ervan af. We komen opnieuw tussen de velden
terecht en zien aan onze rechterkant nog net de kerktoren van Bierbeek boven
de velden uitsteken. We blijven hoofdzakelijk in ZO-riching lopen tot pad
via een links-rechts combinatie aan een kapel uitkomt. We nemen de stijgende
weg naar rechts en even verder zie je de wel heel bijzondere watertoren van
Bierbeek. We blijven de betonbaan volgen tot op de eerste splitsing en gaan
daar linksaf. We passeren aan de voet van de watertoren en zo’n 150m
verder gaan we rechts een klein pad in. In korte broek is het uitkijken voor
de netels die hier weelderig groeien. De hole weg wordt gaandeweg wat breder
en op het volgende kruispunt komen we de GR 512 tegen. De volgende 500m lopen
de twee paden samen en op de plaats waar ze opnieuw splitsen, staat een mooie,
ijzeren wandelboom. We zijn nu vlakbij Neervelp en komen voor ons op bekend
terrein. De mensen van Natuurpunt hebben hier verschillende natuurgebiedjes
en deze zijn allemaal opgenomen in halvedag-wandelingen. We maken een boog
rond het centrum van Neervelp en lopen dan door de velden (met mooie uitzichten)
in ZO-richting naar Honsem. Op een van de hoogste punten wordt de picknick
boven gehaald en genieten we van een dik half uur pauze. Eenmaal in Honsem
wordt de GR door de vallei van de Jordaanbeek geleidt. Dit is een van de vele
natuurgebieden van Natuurpunt, maar het pad is bijna volledig overwoekerd.
We
kiezen
andermaal voor een pas gemaaid veld om toch wat comfortabel te kunnen wandelen.
Uiteindelijk geraken we toch door de vallei en gaan via een links-rechts combinatie
verder in dezelfde richting. Het is een bredere onverharde weg, die er nogal
modderiger bij ligt. Het is echt zoeken om er vrij proper door te komen. Vlak
voor het gehucht Hoksem gaat de GR naar even naar links en brengt je zo in
het centrum van dit gehucht. Net voorbij het gehucht komen we opnieuw tussen
de velden terecht en komen via een beton- en kasseibaantje aan de weg van
Tienen naar Meldert. Hier staat een sober monument voor een gesneuveld Amerikaanse
piloot uit WOII. We steken de straat over en klimmen via een smal betonpad
naar de Marollenkapel. Hier kan je via enkele trapjes jezelf een stuk boven
de grond zetten en genieten van de weidse uitzichten. Aan de kapel gaan we
naar rechts en volgen de betonbaan. We passeren een grote hoeve en vlak voor
de Sint Katarinakapel gaan we linksaf. We volgen nu de plaatselijk “Houtemwandeling”
en dalen af in de richting van Hoegaarden. Op een splitsing gaan we rechtdoor
en komen in een onverharde en zeer mooie holle weg terecht. Deze brengt je
tussen de gebouwen van de brouwerij van Hoegaarden. De GR gaat linksaf, maar
voor het centrum ga je best naar rechts. We gingen naar rechts en zochten
een terrasje op.
Hoegaarden – De Hek (Overhespen)
We pikken de draad weer op in de buurt van Hoegaarden.
Omdat we last-minute beslist hebben om te gaan wandelen, rijden we met 2 auto’s
richting Hoegaarden. Hierdoor geen gezoek naar busverbindingen en ook geen
problemen om weer aan het beginpunt te geraken. Ter hoogte van de Hek, een
gehuchtje van Overhespen , zetten we een auto en rijden dan naar de carpool-
parking
van Hoegaarden. Van op de parking gaan we links en steken de hoofdweg over,
volgen het betonbaantje naar links. We lopen langs de oprit van de E 40 en
hierdoor hebben we de eerste 2km veel lawaai. Door de aanleg van de HST-lijn
wijkt de route op het terrein ook wat af van de beschrijving in de topo, maar
het wijst zichzelf uit. Na ruim 2km steekt de route de autosnelweg en HST-lijn
over en zijn we meteen verlost van het lawaai. Door de vorst van afgelopen
nacht liggen de veldwegen er netjes bij, wat na de dooi wel anders zal zijn.
De route leidt ons in de richting van Goetsenhoven en in het dorp valt de
kerktoren op. Naast de klassieke toren lijkt het of men er een stuk heeft
aangeplakt … op een van de hoeken staat een kleinere ronde toren tegen
de hoofdtoren. Ook opmerkelijk in dit dorp is het voormalige kasteel dat nu
dienst doet als bejaardentehuis … een mooie plaats om oud te worden.
We verlaten Goetsenhoven en lopen in ZO-richting tot op de N64 (Tienen –
Hoei). Deze baan even naar rechts volgen en vlak voor de grens met Waals-Brabant
gaan we een gekasseide weg in. De kasseien liggen er slecht 50m en dan gaat
de weg over in een modderige veldweg (gelukkig is de grond bevroren). Zo’n
kilometer verder komen we op een splitsing van holle wegen en we nemen de
meest rechtse weg. Deze klimt lichtjes en in het open veld zien we de voormalige
abdij van Opheylissem voor ons opduiken. Het pad zelf duikt opnieuw een schitterende
holle weg in en brengt ons zo in het centrum van Opheylissem. In het dorp
is het wel
opletten
wat de markering betreft, want ook de wit-rode aanduiding van de GR 579H (variante
van GR 579) is hier te vinden. De GR 128 gaat door het park van de abdij en
we zijn onder de indruk van dit imposante gebouw. Het werd al in de 12e gebouwd
door de Norbertijnen van Floreffe en liep grote schade op tijdens de 80-jarige
oorlog. In het midden van de 17e eeuw werd het in al zijn glorie hersteld
en in 1797 werd het verkocht. Nadien deed het gebouw dienst als spinnerij
en suikerfabriek, maar in 1870 werd het bewoond als kasteel. Zo’n 100
jaar later werd het gebouwd gekocht door het provinciebestuur en uitgebouwd
tot provinciaal domein waar er allerlei socio-culturele activiteiten plaatsvinden.
Het omliggende park is zo’n 28 ha, maar de GR loopt hier maar een klein
stukje door. De markeringen leiden ons naar de N279 die we naar links volgen.
Net voorbij de kleine Gete duikt het pad opnieuw het bos in. Zo komen we opnieuw
langs het park en wat ons betreft hadden ze het pad beter door het park laten
lopen ipv langs de weg … maar dat is onze interpretatie. Zo gaan we
op weg naar Neerheylissem en lopen we op een weg die op de taalgrens ligt.
De huizen aan de rechterzijde liggen in Vlaams Brabant, die aan de linkerzijde
liggen in het Waalse gedeelte. Op een T-splitsing gaan we rechtsaf en vanaf
hier loopt de GR 128 weer op Vlaamse bodem. In het dorp van Neerheylissem
zoeken we een plekje in het zonnetje om de boterhammetjes op te eten en de
zon is duidelijk kracht aan het winnen. Maar echt zonnekloppen is er nog niet
bij, daarvoor is het nog te koud. We zetten onze tocht verder en lopen in
N-richting. Voor ons duikt de spoorlijn Leuven – Luik op en we passeren
de opstapplaats Ezemaal. Hier kan je de tocht inkorten en met de trein richting
Tienen rijden, waar je een bus kan nemen richting
Hoegaarden.
We gaan onder de spoorlijn door en nemen de veldweg naar rechts. Het is ondertussen
aan het dooien en dus is het uitkijken waar je loopt. Ondanks alle pogingen
kan je op sommige plaatsen niet anders dan dwars door de modder te lopen,
glijpartijen inbegrepen. We krijgen de Kleine Gete opnieuw als gezelschap
en lopen een stukje langs deze “vuile” beek tot voorbij Ezemaal.
In een bocht nemen we een betonpad (Landense fietsroute + LF 6) die ons in
rechte lijn richting Eliksem brengt. We passeren de Koningsmolen die vroeger
furore maakte, maar het echte dorpscentrum laten we letterlijk links liggen.
We steken de N 279 opnieuw over en nemen een stijgend betonnen weg. Wanneer
we boven komen, krijgen we een uitzicht over de ruime omgeving. In de verte
zien we Tienen liggen en wij lopen in N-richting verder. We kruisen de Romeinse
Steenweg die we verderop de route (in Limburg) een tijdje zullen volgen. Zo
komen we op de N3 Tienen – Sint Truiden die we met de nodige voorzichtigheid
over steken. Even verderop staat onze auto. Langs de N3 zien we ook de bushalte
die we zullen gebruiken bij de volgende etappe naar Sint Truiden.
De Hek - Zoutleeuw + Variante naar St. Truiden
Langs de N3 Tienen –Sint-Truiden kan je starten ter hoogte van de bushalte “De Hek”, waar ik de Eliksemstraat ingaat. Vlak achter het benzinestation neem ik rechts een betonbaantje en loop je de rust tegemoet. Het enige nadeel is dat je veel beton onder de schoenen geschoven krijgt tijdens deze etappe. Maar je krijgt er qua rust en landschap heel veel voor terug. Ter hoogte van de Kapellekesboom (Kastanjeboom met rustbank) buig ik links af en loop richting Wommersom.Via een ruime rechts-links combinatie loop ik door Wommersom en kom zo aan de oever van de Grote Gete. Deze beek volg ik tot in Drieslinter, met een kleine uitstap door het prachtige beemdenlandschap. De markering brengt je terug aan de oever van de Grote Gete die ik verder richting Drieslinter volg.
![]() |
![]() |
| Langs de Grote Gete richting Drieslinter | Drieslinter |
![]() |
![]() |
| Kerkje van Helen-Bos | Tirra met op de achtergrond de kerk van Zoutleeuw |
Verderop steek ik de rivier over, passeer de oude molen, en via de Motstraat kom ik aan de achterkant van de kerk. Ik verlaat Drieslinter in O-richting en zo kom je uit op de vroegere spoorwegbedding. Nu is het een fietspad en ik volg dit verharde pad in ZO-richting. Onderweg kruist het pad de Grote Gete en de ’s Hertogengracht. Zo’n 500m verder neem ik rechts een smal paadje en kom zo uit op een asfaltweg. Deze steek ik over en vervolg mijn weg in dezelfde richting (via de Weverse Baan). Na een goeie 700m stuurt de wit-rode markering me links op een kruispunt. Vervolgens loopt het pad in ZO-richting en op die manier kom ik in Helen-bos. Ik blijf rechtuit lopen, steek de Kleine Gete over, en volg de kronkelende kasseiweg door de beemden. In de verte duikt de kerk van Zoutleeuw op, maar ter hoogte van de reeds bekende bedding van de vroeger spoorlijn, buig ik rechts af. Ik bevind me nu op de verbindingsroute naar St.-Truiden. Via Wilderen leidt de markering met naar het station van St.-Truiden. Daar heb ik de auto vanmorgen achtergelaten.
Deze etappe start in de uithoek van Vlaams-Brabant, meer bepaald op het marktplein van Zoutleeuw. Via de Vleesstraat verlaten we het marktplein en komen zo aan de Kleine Gete. Deze beek was in 1222 bevaarbaar wat vandaag misschien nog met een kajak zou lukken. We steken de Kleine Gete over en volgen de beek naar rechts. Ter hoogte van de volgende brug gaan we linksaf en blijven de weg volgen tot aan de Leeuweweg. Zo komen we aan de Vloedgracht die we ruim een kilometer volgen. Het pad draait via een brugje over de Vloedgracht en gaat in OZO-richting tot aan de Kleine Gete. We volgen deze stroomopwaarts tot we via een brug op een verkeersweg uitkomen. We steken deze schuinlinks over en komen zo aan de ingang van het provinciedomein Het Vinne. Voor het hoofdgebouw gaan we linksaf en blijven evenwijdig lopen met de verkeersweg tot aan de schuilhut (dit in tegenstelling met de beschrijving en kaart in de topo !!!). Het is een drukte van jewelste qua watervogels en ook qua geluid is het al vogel wat je hoort. Het pad slingert door het domein, passeert een uitkijktoren en komt uit op een asfaltweg. Hier gaan we linksaf en lopen zo op de grens tussen Vlaams-Brabant en Limburg. Op het eind van het bos duiken we Limburg definitief in en volgen een kasseiweg naar rechts. De landbouwers zijn volop bezig met bijmesten van de weilanden met de nodige geuren tot gevolg. Zo komen we in Runkelen waar we opnieuw wat asfalt onder de schoenen geschoven krijgen. We passeren de Melsterbeek en her en der komen de eerste fruitbomen (met bloesems) te voorschijn.
![]() |
![]() |
| Kerk van Zoutleeuw | Ann in provinciedomijn "Het Vinne" |
![]() |
![]() |
| Genieten tussen de bloesems | Op weg naar Hoepertingen |
Zo komen we aan de kerk van Binderveld waar de aan de achterzijde kiezen voor de Krommeweg. Hier krijgen we ruim anderhalve kilometer boomgaarden maar het zijn laagstammen en die hebben nog niet volop bloesem. Op het eerste kruispunt gaan we rechts de Heerstraat in en vermijden zo het centrum van Nieuwerkerken. Op het volgende T-kruispunt gaan we linksaf en steken de N 776 over. Zo lopen we naar het gehucht Dries waar we aan een kapelletje met bank besluiten om de innerlijke mens te versterken. De schaduw doet deugd want het kwik is ondertussen gestegen tot 29°C. Nadien gaan we rechtsaf en klimmen via een vrij drukke weg omhoog (gaan rechtdoor op het kruispunt) langs het Galgenbos. Bijna op het einde van het bos stuurt de wit-rode markering ons rechts het bos in. Hier gaan we in zuidelijke richting tot aan de vijver en bezoekerscentrum van het provinciedomein Nieuwenhoven. Een ideaal plaatsje om even de rugzak af te gooien en te genieten van de rust en het zonnetje. Via de parking verlaten we het domein en kiezen voor de naar links omhooglopende kasseiweg. We steken de N 722 met de nodige voorzichtigheid over en kiezen aan de overkant voor een smal paadje. We bevinden ons op de Senselberg en hier komen we meer en meer boomgaarden tegen. De geur van de bloesem met dit warme weer is ronduit zalig. We steken de spoorlijn Hasselt – St. Truiden over en buigen verderop af naar links. We lopen tussen de vele fietsers (de weg maakt deel uit van de bloesemroute) in oostelijke richting en gaan via een tunnel onder de N80. Net voorbij de tunnel gaan we rechtsaf en op de volgende T-splitsing links (en we zijn meteen ook van de fietsers verlost). Verderop komen we uit op de N 759 die we even naar rechts volgen en gaan dan links de Wellense straat in. We zetten er voor het laatste stukje nog eens flink de pas in, passeren onderweg de St.-Genovevakapel, en al snel zien we de kerktoren van Hoepertingen voor ons. In het centrum van Hoepertingen staat de auto en kunnen we weer tevreden huiswaarts keren.
In de buurt van Sint-Truidenpoort is er op zaterdag. Verderop komen we uit op de N 759 die we even naar rechts volgen en gaan dan links de Wellense straat in. We zetten er voor het laatste stukje nog eens flink de pas in, passeren onderweg de St.-Genovevakapel, en al snel zien we de kerktoren van Hoepertingen voor ons. In het centrum van Hoepertingen staat de auto en kunnen we weer tevreden huiswaarts keren.