|
|
|
Onze kwart eeuw ervaring in de Welzijnssector (slachtofferhulp) heeft ons echter geleerd dat bepaalde verenigingen bestaan omwille van de subsidies en niet omdat zij een bepaalde nood willen lenigen, behalve deze van hun tekort aan eigen financiële middelen. Wil U onze werking steunen! Dat kan door te storten op ons rekeningnr. 979-6372409-96 Geef ons de financiële draagkracht om anderen te helpen, want wij worden als onafhankelijk centrum niet gesusidieerd
|
LINKS: zoeken op het net
"In het onderwijs is het gedoogbeleid tegenover vreemdelingen algemeen. Als ik
menig verhaal mag geloven dat ik rechts en links hoor, dan lijkt het er wel op
dat de migranten meer rechten en minder plichten hebben vergeleken met de
Vlaamse leerlingen." Zo vertelde me een lerares dat in een hogere beroepsklas een
migrante de dienst uitmaakte en alle leerlingen terroriseerde en onder druk
zette (want als ze dit of dat niet deden zou ze haar broers eens
"optrommelen"). En ja hoor, het lerarenkorps wist dat, maar durfde
er niets tegen doen! En zo gaat dat in de meeste scholen.
De non-discriminatieverklaring in het onderwijs
Bij de totstandkoming van de non-discriminatieverklaring werd deze gezien en toegejuicht als een eerste stap in de richting van een Vlaamse onderwijswereld, waarin racisme en discriminatie ongewenst waren. De non-discriminatieverklaring betekende een stap in de richting van een onderwijsveld waarbinnen elk kind gelijke onderwijskansen krijgt, waarin segregatie vermeden zou worden en zou worden gewerkt aan een niet discriminerende leeromgeving (J.Leman, 1999). De objectieve vaststelling van discriminatie kan gebeuren aan de hand van uitspraken of handelingen, getoetst aan hun bedoelingen of gevolgen. Wanneer deze uitspraken of handelingen blijk geven van onderscheid, uitsluiting, beperking of voorkeur, die tot doel heeft, of ten gevolge heeft of kan hebben dat de erkenning, het genot of de uitoefening op voet van gelijkheid van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden op politiek, economisch, sociaal of cultureel terrein of op andere terreinen van het maatschappelijk leven, wordt tenietgedaan, aangetast of beperkt, spreken we van discriminatie. De non-discriminatieverklaring ontstond als een instrument dat over de netten heen een dialoog tot stand bracht over het fenomeen van discriminatie in het onderwijs. Zij heeft er in veel gevallen toe geleid dat er minder ‘witte’ en meer ‘grijze’ scholen ontstonden. De non-discriminatieverklaring heeft het taboe van de discriminatie in het onderwijs doorbroken. De non-discriminatieverklaring erkent dat elke jongere, ongeacht zijn ras of etnische afkomst, werkelijke gelijke onderwijskansen moet krijgen. Tevens erkent de non-discriminatie verklaring de principieel gelijkheid van elke potentiële gebruiker. Zij vermeldt uitdrukkelijk dat de vrije schoolkeuze uit hoofde van de gebruiker gerespecteerd moet worden. De non-discriminatieverklaring is een instrument dat haar kracht ontleent aan een vrijwillig engagement door de ondertekenende partijen. Dit vrijwillig engagement (dat na de ondertekening niet vrijblijvend is) bleek noodzakelijk, omdat dit voor sommige inrichtende machten een voorwaarde zou kunnen zijn om al dan niet mee te werken aan de voorgestelde doelstellingen. Dit lijkt vreemd, vermits op het moment van ondertekening het Internationaal Verdrag Inzake de Rechten van het Kind reeds door België was geratificeerd en ook in Vlaanderen rechtsgeldigheid had verkregen. Dit zou kunnen verklaard worden doordat de non-discriminatie verklaring in de eerste plaats geen juridisch instrument is, maar een uiting van sociaal engagement. Door een vrijwillig non-discriminatie-engagement als wettelijke norm te aanvaarden, blijft men echter wel onder de wettelijke norm zoals die is vastgelegd in het Internationaal Verdrag Inzake de Rechten van het Kind en afgeleide wetgeving. De non-discriminatieverklaring kan dus wel dienen als werkinstrument, maar nooit in de bestaande vorm worden gehanteerd. Weigering van inschrijving Spijts de vele inspanningen die werden geleverd op diverse beleidsniveaus worden leerlingen regelmatig geweigerd op school omwille van hun etnische origine en de mogelijke invloed die dit heeft op autochtone ouders. Scholen vrezen de ‘witte vlucht’ en het ontstaan van concentratiescholen. Toch moeten we bij deze praktijken ernstige vraagtekens plaatsen. Enerzijds komt deze redenering in conflict met de vrije schoolkeuze, anderzijds met het gelijkheidsprincipe en de internationale wetgeving ter zake. De etnische origine van leerlingen, vanaf een bepaald percentage accepteren als criterium voor weigering is een discriminerende maatregel. Niemand zou ooit aanvaarden dat een gelijkaardig beleid zou worden gevoerd ten aanzien van bijvoorbeeld kansarme kinderen. Terecht zou men aanvoeren dat hier de menselijke waardigheid wordt aangetast. Het gebruik van het percentage als absoluut gegeven, waarmee men verwijst naar de bovengrens uit de non-discriminatieverklaring, is in strijd met de non-discriminatieverklaring zelf en het gelijkheidsprincipe van het Internationaal Verdrag Inzake de Rechten van het Kind. Immers, wanneer ouders niet akkoord gaan met de voorgestelde alternatieven voor inschrijving, blijkt dat de school waar de leerling zich aanbood desondanks de leerling kan weigeren zonder gesanctioneerd te worden. De bovengrens wordt regelmatig gehanteerd als een wettelijke norm, wat zij niet is. Het begrip ‘doelgroepleerlingen’. Het begrip doelgroepleerling is niet gekoppeld aan schoolse prestaties of problemen, maar aan etniciteit. De non-discriminatieverklaring wil de vorming van concentratieklassen of –scholen ontmoedigen. Niemand is een voorstander van concentratieklassen, net zomin als men een voorstander is van homogene klassen waar het de socio-economische situatie van het gezin betreft. Hoe groter de homogeniteit van een bepaalde doelgroep, hoe groter de kansen zijn, dat de zwakheden of problemen van die bepaalde groep zich scherper zullen aftekenen. Daarbij blijft het gegeven overeind dat alle ouders bij voorkeur zoeken naar een goede buurtschool voor hun kind. Onderwijs in de buurt versterkt bovendien het sociaal netwerk van een buurt. |
|