Het internet is een grote informatiebron met allemaal bestanden die je via een internetverbinding kan raadplegen. Elke pagina moet daarom een eigen locatie hebben, je kan het vergelijken met de volgende situatie: iemand wil je spreken, hij vraagt ergens op aarde jou adres op, hierna krijgt hij de volgende informatie: een_land/een_provincie_of_streek/een_gemeente/een_straat/een_huisnummer/. Deze informatie is de locatie van je huis, op internet houden ze het iets gemakkelijker, ze vermelden enkel het land en de naam van het huis (het internet splitst niet verder op na de landcode). Zo heb je een adres gereserveerd voor jou, nu kan je dit verder opdelen in kamers zodat de bezoeker niet in een grote ruimte terechtkomt als hij bij jou binnenkomt. Natuurlijk kom je bij elk huis in een bepaalde kamer binnen, je kan als bezoeker niet kiezen in welke kamer je terechtkomt, dit is namelijk de hal (op het internet de homepage) hierna heb je enkele deuren (hyperlinks) om in jou huis te navigeren. Je kan jou internetadres dus verdelen in andere subpagina’s. terug naar het internet nu. Een internet adres of URI (Uniform Resource identifier) heeft de volgende opbouw: http://host/path/ (het is te vergelijken met een bestandslocatie op je harde schijf).
Host bepaald het adres van de server, dit kan een IP-adres zijn, meestal is het echter de naam van de machine ook wel domeinnaam genaamd. Een domeinnaam bestaat uit enkele delen waar telkens een punt tussenstaat, het eerste deel is meestal "www", het laatste is de landcode (bv: be, nl, uk) of een code voor het soort site (bv: com voor commerciële instellingen en org voor non-profit organisations).
Path geeft aan in welke directory (onderverdeling in de site) het bestand zich bevind of welk bestand er geopend is.
Om problemen in sommige browsers te voorkomen kan de URI het beste beëindigd worden met een "/".
HTML is de taal waarin je bestanden maakt die op het world wide web in de layout van webbrowsers kunnen weergegeven worden je slaat ze op met extentie .htm of .html, (.htm is de oude manier).
HTML staat voor Hyper Text Mark-up Language
HTML werd in 1991 bedacht en ontwikkeld door Tim Berners-Lee om wetenschappelijke documenten van het Cern in Genève gemakkelijker toegankelijk te maken. Later werd HTML opnieuw geïmplementeerd als een SGML-toepassing (SGML Standard Generalized Markup Language een standaard voor het opmaken van documenten), de organisatie die zich bezighoud met de ontwikkeling van HTML is World Wide Web Consortium. Je kan de nieuwste ontwikkelingen van HTML volgen op http://www.w3.org/MarkUp/ .
HTML is de taal voor het aangeven van de structuur van een document met behulp van elementen (tags). Zo zijn er elementen om koppen (<h1>), alinea's (<p>) nadruk (<em>) en hyperlinks (<a>) aan te geven. elke tag wordt dan ook afgesloten door een eind-tag, die het format </elementnaam>, bijvoorbeeld </h1>. HTML kan dan ook als output gebruikt worden voor servside talen als: PHP en asp.
XHTML
Extensible Hypertext Markup Language 1.0 is de nu geldende standaard voor het maken van webpagina's. XHTML is eigenlijk een herformulering van de standaard voor HTML 4.01 in XML en combineert de kracht van HTML 4.01 met de mogelijkheden van XML. Hiermee werkt men verder aan het standardiseren van webdocumenten.
Hoe maak je websites?
Om een HTML pagina te maken heb je in feite niet meer nodig dan een tekstverwerker om het geheel van commando’s in te geven. Gemakkelijker dan het gebruiken van de HTML taal is jezelf een programma aanschaffen die de HTML code beheerst en door middel van knoppen, kopiëren en plakken van tekst,… het geheel zelf vertaalt tot de HTML code. Dit soort programma noemen ze een WYSIWYG-editor (What You See Is What You Get), hiermee ben je enkel geholpen als je een eenvoudige webpagina wil maken zonder hiervoor een letter HTML te kennen. Een andere grote beperking is dat je afhangt van een beperkt aantal opties in het programma. Ik zou aanraden om (als je liever geen HTML gebruikt) de grote lijnen van je webpagina hierin te maken (het gaat er immers gemakkelijker mee) en de verkregen HTML code dan verder te perfectioneren. Hierdoor kan je de nieuwste HTML opties - die pas later in wysiwyg-editor versie verschijnen – toch in je pagina opnemen.
HTML maakt gebruik van tags, hiervan zijn twee verschillende soorten namelijk eindigde tags en standalone tags. De meest voorkomende vorm is de eerste, het betekend dat je een bepaald deel HTML tekst markeert en er nadien een optie op toepast vb: <HEAD></HEAD>, een tag wordt dus omgeven door < en >, het eind van een tag wordt aangeduid door </…>. Standalone tags zijn tags die niet beëindigd zijn en op zich gebruikt kunnen worden vb: <BR>.
HTML is niet hoofdlettergevoelig, je zult zien dat in de voorbeelden hoofdletters worden gebruikt, dit is enkel om het onderscheid tussen tags en tekst beter te zien, je kan dus evengoed een tag <TitlE> noemen, het zal geen effect hebben op de weergave van de webpagina.
Als je een tekst schrijft in HTML (tussen <P> </P> tags) dan kan je maximaal 1 spatie gebruiken en een nieuwe regel beginnen gaat al evenmin, een é of à geeft hij ook niet weer, geen paniek hiervoor bestaan tags en andere trucjes, het wil wel zeggen dat wat je in HTML schrijft zelfs voor de opmaak van de woorden HTML blijft en je dat de gewoontes van een teksteditor achterwege moet laten.
Je kan aan een HTML-document commentaar toevoegen. Dit is tekst die niet door de browser wordt weergegeven, maar wel zichtbaar is als je de source (bron) van het document bekijkt, de browser slaat deze informatie gewoon over.
Vb:
<!--
dit is commentaar bij de tekst, het verandert niets aan het uiterlijk van de website, het is louter toegevoegde tekst die je enkel ziet wanneer je die in een HTML editor bekijkt.
-->