Gerechtelijke dwalingen, flaters en vergissingen

Er zijn twee belangrijke oorzaken van gerechtelijke flaters en vergissingen: ten eerste is er nu eenmaal de uiterste complexiteit van een aantal juridische materies zoals bijv. fiscaliteit en financiŽle transacties, de exponentiŽle aangroei van wetten, decreten en reglementeringen, de veranderingen in interpretatie van wetgevende teksten. Zij maken het moeilijk een correcte toepassing te vinden voor vele betwistingen. Er is ten tweede de ingewikkelde menselijke realiteit van motivaties, beweegredenen, persoonlijke inzichten en overtuigingen, die het oordeel over en het begrip voor vele menselijke daden ondoorzichtig maken.

Het is nu eenmaal zo dat onschuldigen veroordeeld werden tot zware gevangenisstraffen, of ter dood gebracht in landen waar de doodstraf nog bestaat. Aan talrijke andere vonnissen kleeft de smet van de onjuistheid, de onrechtvaardigheid, de onbillijkheid.

Systematisch onderzoek naar de frequentie en het gewicht van die dwalingen bestaat praktisch niet. Men is doorgaans tevreden met het feit dat er een mogelijkheid van beroep bestaat voor bijna elk vonnis en men veronderstelt dat daardoor de meeste vergissingen kunnen vermeden of gecorrigeerd worden. Dat is natuurlijk fictie.

Want als er dan eens een onderzoek gebeurt, dan blijkt daaruit dat er talrijke aanleidingen bestaan die tot dwalingen voeren, zoals in sommige criminele dossiers waar het eerste onderzoek slordig en incompetent werd gevoerd, waar valse of onbetrouwbare getuigenissen werden afgelegd, waar zelfs deskundigen conclusies voorlegden die ver buiten hun competentie lagen.

Daarnaast weet men welke rol de vooroordelen spelen in de geest en de mentaliteit van rechters, deskundigen en juryleden. Men weet dit, doch er is weinig of geen wil of kunde om een einde te maken aan de misbruiken. Zelfs is er een blijvend afgrijzen tegen de erkenning door de rechters dat er dwalingen plaatsvinden. Herstel voor de vergissingen is dan ook hoogst uitzonderlijk.

En toch zou het vanzelfsprekend moeten zijn, dat wanneer een vonnis onjuist wordt bevonden, de betreffende overheid onmiddellijk en spontaan het vonnis vernietigt of verbetert. Opdat zij dat zou kunnen is er een actieve controle-instantie nodig, die elk vonnis aan een onderzoek kan onderwerpen, vooral als er enige verdenking aan kleeft.

Nu zal men zeggen dat hierin wordt voorzien door de mogelijkheid van beroep en zelfs cassatie, doch dat is onjuist.

Ten eerste moet het initiatief uitgaan van de overheid en niet van de slachtoffers of de justitiabelen en steeds moet nagegaan worden of al de nodige voorwaarden vervuld zijn om een rechtvaardig vonnis te vellen. Ten tweede mag men deze controle niet laten bij de rechter die of het rechtscollege dat het vonnis of het arrest geveld heeft. Want het is waarschijnlijk juist daar dat de fout is ingeslopen.

Dit is dus een dringende taak voor een metajustitie, die het gerechtelijk onderzoek en de rechtspraak beoordeelt en die de opdracht en de bevoegdheid moet hebben om vonnissen te vernietigen, rechters te sanctioneren, gedane onrecht te herstellen.

Er is geen systeem of organisme dat feilloos kan blijven functioneren zonder periodieke revisie of audit. Dat bewustzijn alleen al zou voldoende moeten zijn om de overheid er toe aan te zetten zo spoedig mogelijk een metajustitie in het leven te roepen.

De eerste taak van zulke metajustitie is de supervisie en de kritiek van het hele bestel, de evaluatie van de functionaliteit en de efficiŽntie van het gerecht, en het onderzoek, aan de hand van het geleverde werk, naar de fouten zowel de juridische als de zakelijke die begaan werden.

De tweede taak is de preventie van fouten, door initiatieven voor te stellen voor de wetgeving, voor omzendbrieven met instructies, enz. en voor het herstel van de fouten, desnoods door specifieke maatregelen.

De metajustitie moet uitgeoefend worden door een controleorgaan, dat onafhankelijk werkt en dat zijn invoer krijgt via klachten en betwistingen enerzijds, maar ook via de systematische inspectie van toevallige steekproeven anderzijds.

Deze metajustitie vertoont overlappingen met sommige taken van de Hoge Raad voor de Justitie, het Hof van Cassatie, het Arbitragehof. In zekere zin overstijgt zij deze hoven en leunt zij aan bij het concept van een Hoog Gerechtshof, met dien verstande dat de metajustitie werkt op eigen initiatief, en moet kunnen interveniŽren op alle graden van het gerechtelijk bestel.

Het mag zeker geen instituut van ombudsmannen worden, die geactiveerd worden door klachten, maar geen enkele beslissingsbevoegdheid hebben. Het is geen Hoge Raad voor de Justitie, die zich vooral bezighoudt met de selectie en de benoeming van de magistraten, en slechts in beperkte mate met klachten, maar een overkoepelend orgaan met algemene en bijzondere bevoegdheden.

Tot nu toe werden deze taken gedeeltelijk en zonder efficiŽnte bevoegdheden in zeer beperkte mate uitgeoefend door de parlementaire commissies die moesten onderzoeken waar de deficiŽnties lagen in de gerechtelijke onderzoeken o.a. betreffende de bende van Nijvel en de zaak Dutroux, en die aanbevelingen moesten formuleren voor de wetgeving. Uit die idee trouwens is de Hoge Raad voor de Justitie gegroeid.

De metajustitie die wij op het oog hebben is wel een permanent instituut met algemene onderzoeksbevoegdheid, maar ook met ingrijpende bevoegdheden in het gerechtelijk onderzoek, met gerechtelijke en jurisdictionele beslissingsbevoegdheid.

De metajustitie moet erop waken dat de rechten van de mens geŽerbiedigd, de procedures geobserveerd, de wetten billijk toegepast worden in de rechtspraak. Zij moet erop toezien dat de staande magistratuur met nauwgezetheid en toewijding effectief haar taak vervult, de rechters toegewijd en met inzicht recht spreken. De supervisie van het hele rechtsgebeuren moet bijdragen tot een grotere eenheid in de rechtspraak, een grotere discipline in de oordeelsvorming. Zij mag er niet toe leiden dat de rechtspraak een blinde, zij het correcte toepassing wordt van reglementen en wetten Zij moet integendeel erop waken dat de rechtspleging haar eminent sociale roeping vervult, met billijkheid en begrip voor de justitiabele als mens.

De partiŽle hervormingen die tot nu toe werden ingevoerd, zoals de slachtofferhulp, de coŲrdinatie van het college van de procureurs-generaal, de benoeming en promotie van de magistraten, het federaal parket, zijn lang niet voldoende, en missen het essentiŽle punt: het gerecht tot een sociaal gerechtvaardigd instituut te maken, dat vlot en foutloos, menselijk foutloos, functioneert. M.a.w. Er mogen geen slachtoffers meer zijn van onbillijke en onrechtvaardige vonnissen, van foutieve vonnissen geveld door incompetente en bevooroordeelde rechters, van vervolgingen door onbekwame of luie onderzoeksmagistraten.

Alleen systematisch onderzoek en controle kan dergelijke dwalingen op het spoor komen en verhelpen, want zulke fouten komen nu slechts met mondjesmaat aan het licht. Men kan aannemen dat dit alleen de top van een ijsberg is. Worden ze aangeklaagd dan ontbreken de middelen of de wil om er iets aan te doen.

Men mag niet in de dwaze illusie blijven steken dat alles bij het gerecht zuiver is en zonder enige fout, dat rechters onfeilbaar zijn. Zodra men enig onderzoek doet botst men op grotere en kleinere misstanden.

Men weet alleen niet in welke mate het instituut is aangetast. Daarom is het dringend noodzakelijk een algemene en duurzame audit te organiseren.

Een Hoog Gerechtshof, dat staat boven alle andere rechtscolleges en belast wordt met de algemene controle van rechtspleging en onderzoek, dat ook alle jurisdictionele en gerechtelijke macht heeft, om rechters te sanctioneren, vonnissen en arresten te casseren, is het enige efficiŽnte middel om de rechtspraak te zuiveren. Geen ander college is daartoe in staat. De Hoge Raad voor Justitie mag zich niet mengen in lopende zaken, heeft geen beslissingsbevoegdheid, heeft voor een beperkt aantal klachten hoogstens een adviserende bevoegdheid. Het is amper een ombudsdienst voor het gerecht. Het Hof van Cassatie is in zijn opdracht beperkt tot de procedure.

Een Hoog Gerechtshof is een college dat noodzakelijkerwijze behoort bij de rechterlijke macht. Het lijdt dus niet onder de opwerping dat door dit instituut de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht zou aangetast worden.

Aangezien het niet aangewezen is dat elke justitiabele beroep zou kunnen aantekenen bij dit Hof, - men heeft reeds Beroep, dan zelfs Cassatie, dan het Hof van de rechten van de mens, moet men er nog een Hoog Gerechtshof bijvoegen ? - zou het mogelijk zijn de Hoge Raad voor Justitie als een preliminaire instantie in te schakelen, die na onderzoek het Hoog Gerechtshof of naargelang het geval ook Cassatie kan vorderen om tenslotte recht te laten wedervaren. In dat geval moeten sommige beperkingen die bepaalde klachten onontvankelijk maken voor de Hoge Raad wegvallen, zoals klachten betreffende beslissingen van rechters...

Nu kan men wel de lange weg doorheen de hele procedure betreuren, en zoeken naar een snelle en vereenvoudigde procedure, minder zwaar en minder plechtig, en minder kostelijk.

Voor zaken die niet zo omvangrijk of belangrijk zijn, kan men de alleenzetelende rechter invoeren in beroep en zelfs cassatie.

Als daar fouten en vergissingen begaan worden, dan zou de Hoge Raad de enige toevlucht worden.

Om een zo ingewikkelde organisatie als het gerecht menselijk foutloos te doen functioneren zal een grote systematische en voortdurende inspanning nodig zijn. Dat kan slechts gebeuren indien er een blijvende en actieve supervisie is, die kan ingrijpen waar het nodig is.

De onafhankelijkheid en soevereiniteit van het rechterlijk oordeel dient steeds de toets te kunnen weerstaan van hogere criteria zoals de getrouwheid aan de feiten, de inwendige samenhang, de juridische logica en de wetten van de billijkheid. Elk vonnis kan op die punten beoordeeld worden zonder dat de onafhankelijkheid van het rechterlijk oordeel in vraag komt.

Het is net alsof de tekst van een vonnis zou beoordeeld worden op de linguÔstische zuiverheid van taal. Zo moet elk vonnis ook beantwoorden aan de vereisten van een orthografie van het rechtspreken.

Zo een vonnis fouten vertoont op dit vlak moet het zeker vernietigd worden.

De metajustitie stelt hoge eisen aan de rechtspraak; deze eisen zijn onvermijdelijk indien men wil komen tot een eerlijke en rechtvaardige ordening van de maatschappij door de justitie.

Nu zijn er kenmerken in de rechtsordening die als menselijke flaters kunnen gekenschetst worden : telkens het formele recht geen rekening houdt met de concrete nood van de justitiabele, telkens de administratieve ordening vastloopt op formele hindernissen, telkens als de prioriteit gegeven wordt aan de letterlijke tekst van de wet boven de geest ervan.

Een frappant voorbeeld is de man die zijn huis verkoopt juist ťťn dag te vroeg opdat de verkoop vrijgesteld zou zijn van belasting. De verkoop werd nu aangerekend als persoonlijk inkomen en zwaar belast. Op dat ogenblik verloor de man juist de helft van de verkoopopbrengst van zijn huis.

Noch de belastingambtenaar, noch de rechter kan daar iets aan doen. De wet is nu eenmaal de wet.

Daar is dus een zekere vrijheid van appreciatie noodzakelijk voor zover die kan verantwoord worden door dwingende redenen, wil men rekening houden met menselijke factoren.

Al deze redenen kunnen verwoord worden in de motivering van een vonnis. Zij moeten bijdragen tot een glashelder beslissingsproces.

Een andere factor in de degradatie van de rechtspraak is het effect van de geblaseerdheid van politie en rechtbanken, die keer op keer staan voor hopen gelijkende dossiers waar zij niet veel mee kunnen aanrichten. Denken we maar aan de talrijke echtscheidingsprocessen, overtredingen van allerlei soorten ... Men zal de neiging hebben veel te herleiden tot de routinebehandeling die alles vereenvoudigt tot enkele bekende schemata en daarop de standaardoplossing toepast. Deze ontmenselijking verarmt het hele rechtsproces. En men vraagt zich af hoe die handelwijze ook maar iets bijbrengt tot het verhelpen van de criminaliteit of zelfs tot de in stand houding van een betere ordening van de maatschappij.

Tenslotte moeten we de vraag stellen: is deze oudbakken rechtspraak nog op zijn plaats in een moderne rechtstaat ?

---

LINKS

Laboratorium voor psychologie
De miserie van het recht
De hervorming van justitie

---