welkom

Vooraleer we aan onze reis door het heelal beginnen, eerst een woordje uitleg over de structuur van ons sterrenstelsel de Melkweg.

 

 

 

  NCG 3344

Dit spiraalvormig sterrenstelsel is, qua structuur, het evenbeeld van onze Melkweg. De witte ronde vlekken zijn voorgrondsterren van onze Melkweg.

Negatief van NCG 3344.

De spiraalarmen en de kern zijn duidelijk te zien.

 

De grote foto bovenaan toont ons een sterrenstelsel (NGC 7331) dat als twee druppels water gelijkt op onze Melkweg.

De Melkweg is een spiraalvormig sterrenstelsel, dat bestaat uit een dunne schijf van gas, stof, oude en nieuwe sterren. Ze schittert met het licht van meer dan 400 miljard zonnen en heeft een diameter van 100.000 lichtjaar. De schijf is 2.000 lichtjaar dik.

Een spiraalvormig sterrenstelsel bestaat uit 4 delen:
de armen, de schijf, het centrum en de halo.

 

De armen.

 

 Een deel van de armen van het sterrenstelsel M100.

De donkere strepen zijn grote stofwolken. De roze vlekjes zijn nebula's. De lichtblauwe vlekken zijn groepjes jonge sterren.

 

De armen zijn het meest fotogeniek. Er zijn meestal twee hoofdarmen, die onderling nog vertakkingen hebben. Ze bevatten gas en stof (moleculaire wolken), groepjes jonge sterren (open sterrenclusters), veel broedplaatsen voor nieuwe sterren (nebula's), maar ook de restanten van oude ontplofte sterren (supernova's).

 De Rosette Nebula.

Een gas- en stofwolk waar nieuwe sterren worden gemaakt.

In het centrum zien we reeds een groepje jonge sterren. Met hun ultra-violette straling blazen ze alle gas en stof weg uit hun omgeving.

De gaswolk krijgt een roze kleur door de ultra-violette straling van de jonge sterren.

 Een groepje jonge sterren.

De bekende Pleiaden.

 

 

 

 

 

 De bekende Orion Nebula.

Een broedplaats voor sterren.

 Een planetaire nebula.

De Helix Nebula.

Een stervende ster (midden nebula) blaast gasschillen de ruimte in.

Ook onze zon zal op deze manier sterven.

 

 

 

De twee hoofdarmen van onze Melkweg noemen de Perseus-Arm en de Sagittarius-Arm. De Perseus-Arm strekt zich over tenminste 1/4 rond de melkweg uit. De Sagittarius-arm strekt zich over de helft rond de Melkweg uit. Hij vertakt zich in twee zijarmen; de Scutum-Crux-Arm en de Norma-Arm.

 

 Een deeltje van de Scutum-Crux arm.

Veel sterren, roze nebula's en donkere stofwolken.

 


De schijf.

De schijf bestaat uit een dunne, platte regio van sterren die het centrale deel van het sterrenstelsel omringt. Zoals het wit van een gebakken ei. De schijf is 2.000 lichtjaar breed.

 

De schijf bestaat uit jonge en halfoude sterren. Ze bevat bijna al het gas en stof (moleculaire wolken) van het sterrenstelsel. De wolken van stof en gas zijn geconcentreerd in een brede ring op 15.000 lichtjaar van het centrum. Vanuit deze ring ontspringen de Scutum-Crux Arm en de Norma Arm.

 De donkere delen op de foto zijn moleculaire wolken . Ze belemmeren het zicht op het centrum van de Melkweg .


Het centrum.

De sterren staan dichter en dichter op elkaar, naar het centrum toe. Het centrum is 6.000 lichtjaar breed. Alle sterren en gas draaien met hoge snelheid rond dit centrum. Vanaf de aarde gezien, belemmeren grote moleculaire wolken ons zicht op dit deel van de Melkweg.

Daarom bekijkt men het centrum in infra-rood straling, röntgen- en radiostraling. Men ontdekte een zeer sterke radiobron, ongeveer in het midden van de Melkweg. Hij kreeg de naam Sagittarius A. Hij is erg klein: 15 miljoen kilometer. Een mini-spiraal (grootte 20 lichtjaar) van 3 armen beweegt zich rond Sagittarius A. De armen zijn maar enkele lichtjaren groot.

 

 De mini-spiraal in het centrum van de Melkweg.

Met behulp van de Keck Telescoop op Hawaï, hebben astronomen de bewegingen van 200 sterren gevolgd, in de dichte omgeving van Sagittarius A. Deze sterren bewegen zich met enorme hoge snelheden (10 maal sneller dan een gewone ster).
Deze snelheid kan alleen maar worden verklaard door de zwaartekrachtwerking van een enorm massief voorwerp. Dit voorwerp zou, volgens berekeningen, 2.6 miljoen keer de massa hebben van onze zon.

Waarschijnlijk is Sagittarius A "een zwart gat", dat 2.6 miljoen zonnemassa's herbergt op een oppervlakte niet groter dan de afstand Aarde-Zon. Geen licht kan ontsnappen uit deze sterke zwaartekrachtpoel.

Nog dichter bij het centrum (Sagittarius A) heeft men bellen van heet gas ontdekt die enorme radiobronnen blijken te zijn. Men heeft ook sterke magnetische velden waargenomen. Door de dynamiek van deze gaswolken te meten, heeft men kunnen becijferen hoeveel massa zich bevindt rond het centrum. Het zou gaan om 5 miljoen zonnemassa's, vertegenwoordigd in sterren. Met radiotelescopen heeft men ook filamenten van gemagnetiseerd gas ontdekt, die zich ver ejecteren in de ruimte, zo'n 150 lichtjaar ver.

 Een boog van gemagnetiseerd gas.


De halo.

 

 Op de foto ziet u de positie van de verre globulaire cluster NGC 2419, ten opzichte van de andere rond ons Melkwegstelsel

Rond ons sterrenstelsel de Melkweg bevindt zich een bolvormige ruimte (halo).
Aan de randen van deze halo bevinden zich de kleine satellietsterrenstelsels van de Melkweg; de Grote en Kleine Magelhaense Wolk.

Volgens berekeningen zou de halo ongeveer 10 maal zoveel materie bevatten als de materie van de Melkweg.
In de halo bewegen er zich een 200-tal bolvormige sterrenhopen (globulaire clusters) en individuele sterren.
De chemische samenstelling van deze oude sterren toont aan dat ze geen metalen bevatten. Dit wil zeggen: ze zijn ontstaan redelijk kort na de geboorte van ons sterrenstelsel, 12 tot 13 miljard jaar geleden.

Volgens metingen denkt men dat sterrenstelsels hun vorm gekregen hebben ongeveer 1 miljard jaar na de oerknal. Wetenschappers hebben becijferd dat een langzaam roterende gaswolk met een diameter van 100.000 lichtjaar( zoals de Melkweg) ongeveer 1 miljard jaar nodig heeft om zijn afgeplatte vorm te verkrijgen.


De halo met zijn globulaire clusters die we vandaag zien is een overblijfsel van de oervorm van deze gaswolk.


Vroeger waren er veel meer globulaire clusters (duizendtal) dan nu. De vroegere globulaire clusters konden, tijdens hun elliptische baan, sterren verliezen door de zwaartekrachtwerking van de Melkweg, wanneer ze naderden. Dit proces van kannibalisme is vandaag nog altijd aan de gang.

 

 Een globulaire cluster (rode bol) die zijn sterren verliest.


De halo bevat nog al de restanten van massa's dode sterren, die vroeger de halo bevolkten.(witte dwergen, neutronensterren, zwarte gaten)
We kunnen ze moeilijk opsporen want ze geven geen licht en ze zijn koud.
De globulaire cluster NGC 2419 (in het sterrenbeeld Lynx) bevindt zich tegen de buitengrenzen van de halo. Heel ver weg van zijn soortgenoten.

 

De twee briljantste globulaire clusters zijn Omega Centauri en 47 Tucanae.

Omega Centauri is de grootste en rijkste globulaire cluster aan de hemel. Zij heeft 1 miljoen zonnen en heeft een diameter van 600 lichtjaar.

 

De globulaire sterrencluster

Omega Centauri..

Ieder puntje is een ster. 


De locatie van onze zon.

Onze ster, de zon, bevindt zich op 28.000 lichtjaar van het centrum van de Melkweg. Ze bevindt zich tussen de twee hoofdarmen. De omgeving van de zon noemt men de Locale Arm, soms ook wel de Orion Arm genoemd.

Ter plaatse van de zon heeft de Melkweg een dikte van 650 lichtjaar.

Het gas, dat zich in onze omgeving verplaatst, doet dit met een snelheid van 200 km/sec. Alle sterren rond de zon bewegen met ongeveer dezelfde snelheid. Onze zon is ietsje sneller
(220 km/sec). Onze ster beweegt in een bijna cirkelvormige baan om het centrum van de Melkweg. Momenteel beweegt ze richting centrum. Over 15 miljoen jaar heeft ze haar dichtste punt bereikt. De zon beweegt ook naar boven, uit de schijf van de Melkweg. Momenteel bevindt ze zich op 50 lichtjaar boven de schijf. Over 14 miljoen jaar zou ze haar hoogste punt (250 lichtjaar boven de schijf) bereiken. Daarna wordt ze terug naar beneden getrokken, door de schijf, naar een positie op 250 lichtjaar onder de schijf. Wanneer ze dan terug op haar huidige plaats zal staan, zullen er 66 miljoen jaren verstreken zijn.

De zon doet er 240 miljoen jaar over om 1 toertje rond de Melkweg te maken.


De beweging van de sterren.

Sterren verplaatsen zich samen in groepjes of sterrenclusters (ze horen samen omdat ze op dezelfde plaats en op hetzelfde moment geboren zijn vb: de Pleiaden, de Hyades. Ze bewegen met dezelfde snelheid in en uit de armen van de Melkweg.

De sterren kunnen we vergelijken met auto's op een autosnelweg. De auto's hebben soms een verschillende snelheid. Ze komen op de snelweg gereden en verlaten ze op een andere plaats. Een buitenstaander ziet altijd auto's op de snelweg, al zijn het iedere keer andere.

Met andere woorden: de sterren die we nu zien als we 's nachts buiten kijken, zullen binnen enkele duizenden jaren, andere sterren zijn die onze zon passeren.

 

Tijdens de volgende aflevering (Reis 2) verkennen we ons zonnestelsel.

 

[ Home ][ Reis1 ][ Reis2 ][ Reis3 ][ Reis4 ][ Sterrenkaart ]

© Maertens Annemie