
Op 23 december 2008 werd de restauratie van de zes grote kandelaars van het hoofdaltaar voorlopig opgeleverd. De opnieuw vergulde koperen kaarsendragers van 1837 werden terug op het altaar geplaatst en verlenen aan het oude sacrale centrum van de kerk opnieuw de beoogde luister.
Op 14 september werden de vervuilde en beschadigde sierstukken afgehaald voor een behandeling door Patrick Storme, docent Metaalrestauratie en -conservatie aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen, nadat voor de behandeling door de Vlaamse Overheid een onderhoudssubsidie van 40 % was toegekend.
Het betreft de zes kandelaars (h. 151 cm) die op 23 september 1837 werden geleverd voor 447 gulden door G. Roegiers uit Gent (inventarisnr. 516). Deze archivalische toeschrijving werd bevestigd tijdens de behandeling: alle stukken zijn gesigneerd en gedateerd, en bovendien genummerd.
De driekantige voet steunt op gestileerde bolklauwpoten. Op het voorvlak is een bisschopsfiguur aangebracht met een kromstaf in de linkerhand en met de rechterhand in zegenende houding (Heilige Martinus). De twee andere vlakken zijn met schubmotieven versierd. De hoeken van de voet zijn onderaan versierd met een gevleugeld monster (groteske), bovenaan met een engelenkopje. De balustervormige ingesnoerde vlakke stam is onderaan voorzien van afhangend en opgericht acanthusbladwerk en knorren. Onder de ronde vetpan versieringen met acanthus.
De behandeling bestond uit het chemisch complexeren van de gecorrodeerde delen; opnieuw geheel galvanisch vergulden; bedekken met een omkeerbare vernis om corrosie tegen te gaan; binnensteunen behandelen en herstellen waar nodig; schroeven en plooilippen van ornamenten restaureren of vervangen; nieuw vervaardigen van ontbrekende delen in hedendaags messing. Dit alles volgens de geldende normen in restauratie en volgens de regels en de deontologie van de kunst.
Tijdens een overlegvergadering op 7 november in het restauratieatelier werd beslist over de gewenste tint van de vergulding, waarbij rekening werd gehouden met de bronzen ornamenten en decoratie van het witmarmeren altaar.
![]()
De derde fase van de buitenrestauratie behelst de noordelijke dwarsvleugel en de noordelijke zijbeuk met zijkapellen van het schip, dus het gedeelte noord-west, aan de kant van de Grote Markt en Rozemarijnstraat.
De bewaringstoestand blijkt hier veel slechter te zijn dan de 100 jaar oudere zuidkant, die afgewerkt is in de tweede fase.
Grote partijen van het natuursteenparament van de hoge muren was losgekomen van het achterliggende baksteenmetselwerk en diende hermetseld en ingebonden. Ook de monelen en het maaswerk in de lage ramen bleken grotendeels gebarsten te zijn waardoor de stabiliteit in gevaar kwam. Vernieuwing drong zich op, waardoor ook het glas-in-lood van twee bijkomende ramen diende gedemonteerd te worden. Voor beide posten werd een bijkomende restauratiepremie aangevraagd en wordt een termijnverlenging van 45 werkdagen gevraagd.
Wat helemaal niet werd verwacht is de toestand van de daktimmer in vergelijking met de zuidkant. Blijkbaar liep dit gedeelte bij de brand van 1947 merkelijke schade op die met kunst- en vliegwerk werd hersteld. Bij de demontage van de dakbedekking aan de tussengoot kwam de ware toedracht aan het licht: enkele moerbalken dienen vernieuwd, balkkoppen polymeerchemisch hersteld, kepers en schalieberd voor een groter deel vernieuwd dan voorzien.
Onlangs werden steigers geplaatst aan de noordgevel. Nu blijken ook de monelen van het eind jaren 1960 vernieuwde grote raam op vele plaatsen gebarsten. Ook deze vaststellingen zullen wellicht een termijnverlenging met zich brengen.
Intussen werd het dossier van de vierde fase klaargemaakt. Het betreft de oostgevel van het zuidelijk transept en de zuidgevel van het koor, met drie aanpalende kapellen en omgang, met inbegrip van de sacristie.
Door de pensionering van Walter Slock, ontwerper van de Vlaamse Gemeenschap die belast is met dit dossier dient ook zijn vervanging eerstdaags geregeld te worden. De Kerkfabriek en het bouwteam zijn hem dankbaar voor de inspanningen om het dossier op gang te krijgen en te leiden.
Einde fase 2: zuidwesthoek - mei 2007.
![]()
Begin van de tweede fase van de restauratie – december 2005.

Plaatsing kruis op de oostelijke punt van het dak - april 2004.

Plaatsen van de haan - 21 november 2003.
![]()
Plaatsen stelling - november 2003.

Bezoek van Prins Filip - zomer 2003.
![]()
Aanvang van de werken - 2 juni 2003.
![]()
Plaatsen stelling - zomer 2003.
![]()
Plaatsing van de stellingen - 15 mei 2003.

Aankondiging van de werken met o.a. Minister Paul Van Grembergen - oktober 2002.
![]()
Aanbrengen merktekens voor onderzoek - juni 2002.