Voeding & water:

In de herfst of ten laatste de vroege lente zal men compost of oude (!!) stalmest in de grond inwerken. Veertien dagen voor het tijd is om te planten is een gift van een organische meststof (DCM organische meststof voor groenten) over het hele perceel aangewezen omdat er dan direct voeding beschikbaar is voor de jonge planten. Echter niet overdrijven want het gevaar van overbemesting is altijd aanwezig, het is beter te weinig te mesten dan te veel.
Er zijn veel mensen die denken dat we extreem veel mesten met dure en exotische (kunst)meststoffen en preparaten, dit is een copmlete misvatting!! Ervaring heeft geleerd dat goede tuingrond met een hoog organisch gehalte en een ph van 6,5 à 7 het beste is. Dus: héél veel compost gebruiken en kalken indien nodig. Zelf gebruiken we compost van Ivarem (containerpark) welke nog een paar weken op een hoop blijft liggen alvorens deze in te werken. Deze compost is vrij van ziektekiemen en onkruidzaden. Compost is een grondverbeteraar en géén meststof.
Later als de pompoen een dikke basketbal groot is kan men lichtjes bijmesten met een meststof die een hoog Kalium-gehalte bevat (potas). Hiervoor gebruiken we een mengeling van: 70% DCM voor groenten en 30 % DCM tuinpotas. We werken deze lichtjes en voorzichtig in (overal tussen de plant) er bij op lettend geen worteltjes de beshadigen. Hiervoor geldt dezelfde regel: beter te weinig dan te veel! Later op het seizoen nog eens een beetje bijmesten maar vanaf september alle bemesting stoppen. Daarna brengen we een dun laagje compost aan overal tussen de plant, dit houdt de grond vochtig waardoor deze niet vlug zal uitdrogen.
In 2010 gaan we ook experimenteren met "compostthee", een waterig preparaat op basis van compost. De compost wordt in een panty-kous in een vat met regenwater gehangen. Daarnaast een andere kous met een beetje konijnenvoer (korrels). De compostthee heeft ook suiker nodig, daarom wordt er wat Ahorn-siroop aan het water toegevoegd.
Het brouwsel moet 24 à 36 uur belucht worden (luchtpomp met bruissteen) zodanig dat het heel erg schuimt en wordt daarna gemengd met zeewierextract en calcium chelaat (2 natuurlijke producten gebruikt in de biologische landbouw). Onmiddelijk daarna wordt het mengsel op de bladeren gesproeid. Dit zou het bacterie-leven op de bladeren stimuleren om zo op natuurlijke wijze ziekten af te weren. Het zeewierextract zorgt voor mineralen, sporenelementen en extra potas (kalium), de calcium zorgt voor de versteviging van de celstustuur in de pompoenwanden. Deze producten worden door de bladeren opgenomen en getransporteerd door de hele plant.
Er zijn nog allerlei (Amerikaanse) recepten te vinden voor compostthee te maken, we zullen er dus eentje uitproberen in 2010.
We moeten ook onze pompoenplant water geven tijdens de groei want pompoenen consumeren veel, héél veel water. In het begin als de plant klein is geeft men alleen water aan de basis van de plant. Later als de plant groter wordt zal men het hele plantgebied moeten water geven. Dit is nodig omdat bij iedere bladsteel er zich wortels vormen waarmee de plant zich vastzet in de grond en ook langs daar water & voeding zuigt. Om een volledige plant te voorzien van water leggen we dus best druppeldarmen tussen de planten welke met +/- 1 meter tussenruimte. Het kan ook met sproeiers maar doordat de bladeren dan altijd nat zijn kunnen ziekten zich snel verspreiden.
Hoeveel water? Dit hangt sterk af van de grondsoort maar te droog of te nat is zeker niet goed. Een pompoen in volle groei kan makkelijk 10 à 12 kg per dag bijkomen en heeft bijgevolg veel water nodig! Probeer een konstante vochtigheid te bewaren en geef elke dag water. Indien men na een droge periode ineens veel water geeft kan een pompoen in volle groei "ontploffen" omdat de vrucht een groeispurt krijgt door de plotselinge toevoer van vocht en voedingsstoffen.

 

 

naar boven

© Van Rompaey Jan       Pompoenclub Grasheide        Laatste update: 12/12/2010
Free counter and web stats