Gepubliceerd op 3 mei 1913
De “Vlaamsche Wacht” van Kortrijk, vereeniging voor
kunst, wetenschap en taalbelangen, vierde, eenige weken geleden,
de inhuldiging van haar nieuw lokaal, het Vlaamsch Huis; ter welker gelegenheid ook haar vaandel in
eene plechtige hoogmis werd gewijd.
Redenaars van allereerste gehalte, zooals Eerw. P.Stacké
en volksvertegenwoordiger Frans Van Cauwelaert, voerden er
het woord.
De oprichting van dit Vlaamsch huis is een kranige daad en wijst
er op dat de Vlaamsche Wacht van Kortrijk een zeer hoogen
bloei heeft bereikt
Voor vijf jaar werd de Vlaamsche Wacht opgericht door eenige
voormannen, voornamelijk
Dr A. Depla, Dr
A. Peel en Dr G. Doussy. Aanstonds bleek ze een
levenwekkend, kracht-oproepend mechanisme te zijn. Behalve een
jaar dat Dr Peel het voorzitterschap waarnam, werd de
vereeniging geleid door Dr Depla, een man, dien Fr. Van
Cauwelaert in een heildronk begroette als de wijze man, die
velen met kostelijken raad bijstond.
Onder die leiding was het een heuglijke bloei. Allen die 'n
beetje Vlaamsch voelden, sloten zich aan, en voelden zich thuis
in dit midden.
Een tentoonstelling van plastische en gebruikskunst, nu open in
het Vlaamsch Huis, door dertien leden ingericht, waaronder
kunstenaars van groot-kunnen, bewijst door hare buitengewone
waarde, dat voor de Vlaamsche gedachte gewonnen is de artistieke
kracht der stad.
De stille kracht die uitgaat van breed en diep leven, is hier te
vinden. De overgroote invloed der Vlaamsche Wacht is niet te
danken aan het rumoerige, het radicale van haar optreden, maar
aan haar innerlijke waarde waarvoor met den duur alles moet
zwichten.
Het Vlaamsch Huis is het werk der gebroeders Acke; het bouwwerk
door den architekt Richard en de versiering door Victor Acke.
Het is allerbest gelukt wat schikking en verdeeling aangaat.
Er is eene gelag- (openbaar), biljart-,
lees- en feestzaal; alles versierd oorspronkelijk en echt, door
meesterlijke hand...
Sober van lijn, constructief-echt, voor 't moderne kunststreven,
dat ook zijn stijl zoekt gesteund op 't huidige
schoonheidsbewustzijn, dat ook zijn schoonheidsvorm wil gedragen
door de eischen van dezen tijd, vast een bouwwerk van
beteekenis.
Daar is de Vlaamsche Wacht nu gehuisvest; zij heeft de
inhuldiging gevierd in vreugde en in trots.
“Wij hebben, zooals geschreven werd, ingeluid een tijd van blijden en hoopvollen arbeid. Geest en hart zijn op dien dag, op ongemeene wijze ontroerd geweest, de gouden band van solidariteit en broederlijkheid, die ons allen samenbond, hebben we vaster toegehaald. Het Vlaamsche gemoedsleven heeft in al zijne edelheid en oprechtheid een zege beleefd: de zege die zal brengen voller, eendrachtiger willen, grooter vertrouwen, heilvoller samenzijn.”En nu hoopt de Vlaamsche Wacht, in dit behaagelijk en schoon huis, nog met beteren uitslag te werken voor meer rechtvaardigheid op taalgebied, meer ontwikkeling, meer geluk, meer schoonheid. En dit zal, zonder veel uiterlijke drukte, gebeuren op vreedzamen weg; want zij die den weg weten en de kracht hebben; zij die de verovering willen en kunnen bekomen, zijn de spreuk indachtig: “les doux vaincront”.
C.