Vorige: Deken De Bo.   Omhoog: België.   Volgende: Nicasius De Keyser.
Inhoudsopgave   Index


Pater Verbiest's kanonnen.

Gepubliceerd op 23 augustus 1913

KanonAVerbiest In November 1911 gaf “Ons Volk” een flink artikel over een mooien Vlaamschen kop, den Jezuïet-zendeling Ferdinandus Verbiest (Pitthem 1623 - Peking 1688).
Daarin werd het Vlaamsche volk kond gedaan dat de Pitthemnaars zich gereed maakten hunnen geleerden dorpsgenoot naar verdienste te vieren. Deze aangekondigde feesten werden op Zondag 10 Augustus met grooten luister geopend. Men heeft Pater Verbiest gehuldigd in zang en ook in dicht; in woord en in beeld. De onthulling van Verbiest's standbeeld is dan ook een oprecht vreugdefeest geweest voor alle echte christene Vlaamsche harten. Sedert verleden jaar is ontzettend veel geschreven om den lang vergeten Belg in zijn eigen vaderland weer in eere te herstellen. In tijdschriften en dagbladen verschenen over hem tal van bijdragen en artikels uit de pen van bevoegde mannen.
De “Patriote Illustré” van 27 October ll. gaf o.a. een opstel van P. Vanhee, een Sinoloog, die jaren lang in China de plaatselijke letterkunde bestudeerde. Die geleerde had het over de kanonnen van Pater Verbiest!
Hoe toch is Pater Verbiest er toe gekomen zich met die wreede oorlogstuigen in te laten? Het is bewezen dat het tegen zijn wil en dank gebeurd is. Dit verklaart hij zelfs herhaaldelijk en uitdrukkelijk in zijn “Astronomia Europaea”, hoofdstuk XV.
KanonBVerbiest Ten jare 1674 was een deel van het Chineesche rijk opgestaan tegen zijn vorst. De opstandelingen streden met waren moed en zelfopoffering. De keizerlijke soldaten hadden het kwaad, te meer daar hun grof geschut zich in slechten staat bevond. De legerhoofden deden hun onbruikbare kanonnen naar Peking voeren en vroegen dringend om nieuw schiettuig. Zoo lagen er weldra een 300 afgekeurde kanonnen in Peking's arsenalen.
Volgens eeuwenoude gewoonte werd die gewichtige zaak door den bevoegden raad onderzocht en een verslag bij den Keizer ingediend. De slotsom was: men zou P. Verbiest, toen reeds als als voorzitter van het Wiskundig hof en ervaren werktuigmaker hoog in aanzien, met het nazien en herstellen der artilleriestukken gelasten. De Pater, die wel inzag dat zijn optreden in dit gebied later slecht zou verstaan en uitgelegd worden ―wat werkelijk gebeurde―, wees op zijn onervarenheid in zake krijgskunde en weigerde beleefd, tot tweemaal toe.
  Doch er kwam een derde, formeel bevel, des Keizers. Verbiest moest gehoorzamen. Hij toog aan het werk, onderzocht die ouderwetse zware donderbussen, deed er eenige, de ijzeren, eenvoudig flink oppoetsen, andere, de bronzen, terug op de daartoe geschikte draaibank leggen...
Alzoo kon hij nog 150 stukken redden. Op de 150 namen de militaire mandarijnen er 149 met algemeene stemmen in ontvangst. Een triomf voor Verbiest!
Daar bleef het echter niet bij. Nu moest Verbiest ook nieuwe kanonnen gieten.
ToestellenVerbiest Hij deed dan uit passend gemengd metaal een dunnen bijna twee meters langen loop gieten. Deze loop bekleedde hij met holvormige planken van ijzerhout door ijzeren naafbanden stevig bijeengehouden. Het geheel werd in een omhulsel van lichter hout gestoken en door vijf sierlijke, metalen ringen vastgeklonken. Men bestreek heel het tuig met chineesche bronsverf en een uitstekend vernis. Het nieuwe kanon werd den Keizer plechtig aangeboden. Doch de vorst wantrouwde het lichte spel en deed het tweemaal beproeven. 96 schoten van de honderd troffen met volkomen juistheid en het kanon bleek steeds in besten staat.
Nu spaarde den Keizer zijne loftuigingen niet meer, hij gebood zonder uitstel nog een aantal dergelijke stukken te maken, zoodat de werklieden der keizerlijke arsenalen, onder het toezicht van Verbiest, weldra 132 kanonnen1 onder handen hadden die naar de oproerige streken verzonden werden.
Dat Verbiest degelijk werk geleverd had, bewijst het duurzaam bestaan zijner kanonnen; eenige dezer leven nog. Men vertelt dat in 1900 de Boxers dergelijke stukken gebezigd hebben ; men zegt ook dat, na den Boxersoorlog, de Duitschers enkele dier stukken, samen met de natuurkundige instumenten door Verbiest vervaardigd, naar Berlijn hebben meegevoerd.
JosValckenaere Zeker is het dat de Franschen in dien zelfden tijd twee dier kanonnen ten geschenke gaven aan de huidige opvolgers en broeders van Verbiest in China: de jezuïeten van Zi-ka-Wei! Zie de platen ons welwillend door de “Patriote Illustré” medegedeeld.
Wanneer in de Meimaand 50 tot 60.000 chineesche katholieke bedevaarders naar de Mariakerk van Zi-ka-Wei toestroomen, donderen ze los, de Hemel-Moeder ter eere, de oude kanonnen van onzen Vlaamschen Verbiest.

C. V.



Voetnoot

...132 kanonnen1
in een ander artikel is er sprake van 400 kanonnen (Pros)


Vorige: Deken De Bo.   Omhoog: België.   Volgende: Nicasius De Keyser.
Inhoudsopgave Index

Valid HTML 4.01 Transitional

Pros Robaer - 2009