Vorige: Iets over natuurlijke en kunstmatige reukstoffen.   Omhoog: Europa.   Volgende: Literatuur en muziek.
Inhoudsopgave   Index


De Truffelteelt in Perigord.

Gepubliceerd op 20 december 1913

TruffelZwijn1 Truffels is de naam van een plantengeslacht uit de klasse der zwammen. Het omvat een aantal onder de grond groeiende zwammen met dradige zwamvlokken en vrij groote knolvormige, vaak vleezige vruchtlichamen, welke niet hol, maar op de doorsnede door gemarmerde aders in onregelmatige kamers verdeeld zijn.
De truffels, sedert de dagen der Oudheid wegens geur en smaak zeer gezocht, zijn zeer voedzaam.Dit geslacht telt omstreeks twintig soorten die op den gematigden gordel van Europa, vooral in Frankrijk en Italië, maar ook in Duitschland en Frankrijk, voorts in Azië, Afrika en Noord-Amerika voorkomen.
Zij groeien bij groepen onder den grond, doorgaans steeds op dezelfde plaatsen (truffières). Deze onderscheiden zich in Frankrijk door een kalkachtigen of door een uit kalk, leem en zand bestaanden bodem, terwijl zij in Duitschland vooral een humusrijken, vruchtbaren met zand vermengden grond met een onderlaag van kalk en leem bezitten.
TruffelZwijn2 De aanwezigheid van boomen is hierbij eene volstrekte voorwaarde. Worden deze uitgeroeid, dan verdwijnen de truffels, maar zij keeren terug, zodra na afloop van jaren de grond er weer met houtgewas is begroeid.
Inzonderheid komen zij voor onder eike- en kastanjebomen, beuken en berken, populieren, wilgen, linden, dennen, enz... Men vindt ze rond deze boomen, zoover de wortels reiken, maar niet zoover de schaduw zich uitstrekt en vooral op zulke plaatsen waar de bomen ver van elkaar verwijderd zijn.
De truffelplaatsen zijn min of meer cirkelvormig, doch onvruchtbaar in het midden. De jonge truffels zijn niet groter dan erwten, bleek of roodachtig van kleur, en hebben een jaar nodig om rijp te worden. Vooral truffels die in de lente rijp worden, en Meitruffels worden genoemd, zijn zeer gezocht.

  TruffelHond De truffels worden door daartoe afgerichte honden en door zwijnen opgespoord. De truffeljacht door middel van deze dieren vindt men voor het eerst vermeld door Platina in 1481. Zij heeft plaats in de maanden November tot Februari, en de truffels worden meerendeels vervoerd naar Lyon, Parijs en het Noorden van Europa, nadat zij eerst afgeborsteld of afgewasschen, in luchtdichte bussen gelegd of in wijn gekookt en in olie ingemaakt zijn. De Fransche truffelhandel dagteekent van 1770 en bereikt een hoogen bloei.

WasvrouwenInPerigord De gewone eetbare truffels zijn:

T. brumale Vittad
Min of meer bolvormig en zwart, met veelkleurige wratten op de oppervlakte, zoo groot als een noot en ook wel als een vuist; van binnen donker aschgrauw, wit geaderd met talrijke sporenhouders.
T. melaxos porum
meer roodachtig.
T. mesentericum Vittad
T. aestivum Vittad
de witte truffel
die vooral in Lombardije, Bohemen en Silezië voorkomt, van buiten glad is, lichtbruin en zoo groot als een vuist, en van binnen met fijne donkere aders.

De fotos die hierbijgaan werden genomen in Perigord, een zeer oude Provincie die door Hendrik IV in 1389 onder de Fransche heerschappij werd gebracht. Deze provincie is wereldberoemd om hare truffels.



Vorige: Iets over natuurlijke en kunstmatige reukstoffen.   Omhoog: Europa.   Volgende: Literatuur en muziek.
Inhoudsopgave Index

Valid HTML 4.01 Transitional

Pros Robaer - 2009