Gepubliceerd op 18 october 1913
Onlangs hebben de heeren Lehnert en Landrock uit
Tunis in de onafzienbare, eeuwige zandwoestijnen van de
Sahara een aantal hoogst merkwaardige foto's genomen,
waartoe een karavaan was uitgerust, die weken lang de
troostelooze wijdten der woestijn heeft bereisd.Dit stelt ons in de gelegenheid een en ander over de eindelooze vlakten der Sahara mede te deelen. Bij eene lengte van 5200 kilometer en een gemiddelde breedte van 1500 kilometer, beslaat de Sahara eene oppervlakte van nagenoeg 6 millioen 180.000 vierkante kilometers - dus bijna zoo groot als Europa. Dit uitgestrekt gebied is, zooals men vroeger meende, niet overal een eentonige zandwoestijn, maar bezit eene groote verscheidenheid van bodemvormen en sluit talrijke bewoonde gebieden in. Men onderscheid drie verschillende bodemvormen. Eerst het gebied der zandduinen, vlak land, door de inboorlingen Areg genoemd, en met duinzand bedekt. Dit gebied, waarop niets groeit, is onbewoonbaar. Tweedens, de Hammada, hoogvlakten, met zouthoudende klei, gruis en steenblokken bedekt, somtijds ook door beddingen van rivieren doorsneden, maar nochtans nagenoeg onbewoonbaar.
Derdens, het bergland at de centrale gedeelten van de woestijn
omvat. Hierin vindt men hoogten tot 2400 meter terwijl
onderscheiden geberchten in hoogte met de Duitsche
middelgebergten overeenstemmen. Behalve graniet, greis en lei
heerscht hier zandsteen, ook in een zwarte soort.Talrijke wadi's, waarin de landbouw sedert oerouden tijd bloeit, bevinden zich tusschen de afzonderlijke plateau's. Het klimaat van de Sahara onderscheidt zich door buitengewone droogte. De oorzaak hiervan is het nagenoeg onafgebroken waaien van de passaatwinden, die geen neerslag kunnen teweegbrengen. Luchtspiegelingen of fata morgana komen zeer dikwijls voor. Terwijl eigenlijke onweders tot de grootste zeldzaamheden behoren, weerlicht het er zeer dikwijls sterk, vooral aan den zuidelijken kant der Sahara. Omtrent de temperatuursgestedheid bezitten wij, bij gebrek aan meteorologische of weerkundige stations, slechts op zichzelf staande cijfers. Zeer karakteristiek is het verschil tusschen dag- en nachttemperatuur; die bedraagt minstens 20 graden Celsius, somtijds veel meer. Over dag stijgt de thermometer in de schaduw soms tot 45 en 50 graden Celsius terwijl deze des nachts wel tot 3 en 9 graden onder nul daalt. |
Deze aanhoudende, sterke temperatuursschommelingen geven
aanleiding tot het springen der rotsen, somtijds onder hevige
slagen.
Niettegenstaande al deze schommelingen roemen de reizigers het
klimaat der Sahara, waarschijnlijk wegens de droogte der lucht,
als zeer gezond. De Sahara wordt meestal, hoewel ten onrechte, als een uitgestrekte, woeste zandzee, geheel zonder plantengroei voorgesteld, terwijl zich hier en daar eene oase met dadelpalmen en tuinbouw zou bevinden. Weliswaar zijn de oasen de eenige voor landbouw geschikte plaatsen, maar slechts in streken, waar zich veel stuifzand bevindt, ontbreken planten geheel.
Overigens bezitten zoowel de rotsharde rolsteenen van de
Serir en de hoogere ketenen der Hamada, als de vaste
zandwoestijnen van de Areg en de zoutwoestijnen bijzondere
plantensoorten, die niet zelden bijv. op de rotshoogten van de
Arabische woestijn ten Oosten van den Nijl, met haar
welriekende kruiden een verrassenden indruk maken.Den rijksten plantengroei vindt men echter in de droge beddingen van rivieren, de wadi's, afgezien van de oasen. Huisdieren zijn de kameel, het paard, de zebra, de ezel, het schaap, de geit en de hond; van de wilde dieren moeten vooral genoemd worden: hyenas, jakhalzen, luipaarden, enz.; verder leven er antilopen, struisvogels, schildpadden, slangen, schorpioenen. Het aantal woestijnbewoners is niet nauwkeurig bekend. Wagner, Supon en Ravenstein schatten het aantal op ongeveer 2.5 millioen. De bevolking bestaat uit Berbers, die zich deels met Arabieren en Egyptenaren, hoofdzakelijk echter met Soedaneezen hebben vermengd. In de oasen vindt men talrijke handeldrijvende Joden en ook zuivere negers of nakomelingen daarvan, als buitgemaakte slaven.
De handel tusschen de landen om de Middellandsche zee en van
West Soedan was vroeger zeer levendig, maar is echter door de
opening van transportwegen zeer afgenomen.
Karavanen trekken echter altijd nog en meestal van uit de
volgende karavaansteden door de woestijn: Marokko,
Algiers, Tripolis en Kaïro.Uit het zuiden transporteert men ivoor, struisveeren, stofgoud, indigo en aardnoten. Het zout van de oase Bilma is een belangrijk handelsartikel, vooral naar de landen van den Niger. Slaventransporten gaan nog steeds naar Marokko! |