Veelal worden mensen aangetrokken en afgeschrikt over het gebruik van amateursatellieten. Het is heel interessant maar lijkt ook zeer duur en moeilijk te zijn. Dit is echter niet waar als we het eenvoudig houden. Bijna iedere amateur heeft alles in zijn/haar shack staan om via satelliet te werken. Zelf was ik ook heel lang aan het twijfelen om ermee te beginnen maar dat bleek achteraf zeker niet nodig. Vandaar dat ik hier enige informatie wens te geven over het werken via de amateursatellieten
UO-14 voor lancering
Sinds ik e
Sinds ik eni
-
de LEO’s (Low
Earth Orbit)
-
de HEO’s
(High Earth Orbit)
- de bemande vluchten (ISS/Space shuttle)
De LEO’s zijn het gemakkelijkst te werken. Zij cirkelen ronde de Aarde op een
afstand van 800 tot 1500 km. De footprint van deze satellieten is niet zo groot
als deze van de HEO’s maar door de kleine afstand tot de Aarde zijn deze
satellieten gemakkelijk te horen.
De HEO’s bevinden zich op 40.000 tot 60.000 km afstand. Daardoor kunnen we met
deze satellieten een veel groter stuk van de Aarde bereiken maar gezien de grote
aftand hebben we al ingewikkelde antennesystemen nodig om ze te kunnen horen.
Bij de verschillende types satellieten kunnen we nog een onderscheid maken
tussen de voice en de packet-satellieten. Zelf beperk ik mij enkel tot de
voice-satellieten en enkel deze zullen hier besproken worden
Gezien de satellieten rond de Aarde ronddraaien bevinden ze zich continue op een andere plek. Hierdoor kunnen we niet altijd een satelliet gebruiken. We moeten hem eerst “zien”. Om een satelliet te kunnen werken moeten we dus weten wanneer hij in ons bereik is en waar hij zich bevind. Tijdens het werken dienen we hem dus ook te volgen met onze antennes. Hiervoor gebruiken we een satelliet tracking programma op de PC. Er zijn vele tientallen verschillende soorten programma’s gaande van eenvoudige die lijsten geven van de doorgangen van satellieten tot grafische programma’s die de actuele positie en footprint toont van een satelliet.

Footprint UO-14
Al deze programma’s moeten maandelijks ge-updated worden
met nieuwe kepleriaanse elementen. Dit omdat de sats telkens een kleine
afwijking van hun baan vertonen. Deze nieuwe keps zijn te downloaden van het
internet of packet-netwerk.
Iedere satelliet heeft een uplink en een downlink
frequentie of frequentieband. Bij de meeste LEO’s zijn dit de 2m en 70cm band.
Ook zijn er satellieten (de Sputniks (rusische sats)) die een downlink hebben in
de 10m band. Hiervoor gebruiken we dan onze KG-ontvanger.
De meeste satellieten hebben een band van enkele 10-tallen KHz die ze ontvangen
en doorsturen. Sommige inverteren deze band, anderen niet.
Downlink van 435.520 tot 435.580
Bij een inverterende sat zal bij een uplink van 145.820 de downlink ongeveer
435.580 zijn. Indien we de uplinkfrequentie 10 KHz verhogen zal de downlink 10
KHz verlagen in frequentie. Ook zal de zijband wisselen dus LSB wordt USB en
omgekeerd. Gezien we voor de downlink bij conventie met USB werken dienen we
hier dus een uplink in LSB te hebben.
Wat met die ongeveer? Gezien de satellieten bewegen dienen we rekening te
houden met de doppler-shift. Dit is hetzelfde als er bvb een trein voorbijrijd
met de hoorn aan. Als de trein naar ons toekomt klinkt het geluid hoger dan als
hij bij ons is en bij het wegrijden verlaagt de frequentie. Zo ook bij
satellieten. Als de sat naar ons toekomt is de frequentie enkele KHz hoger dan
berekend en deze daalt continue. Als de sat van ons weggaat zul de downlink in
frequentie lager liggen dan berekend. We moeten dus
continue bij-tunen. Dit is de grote moeilijkheid voor beginners, onszelf
terugvinden in de downlinkband. Om onszelf terug te vinden luisteren we eerst
naar het baken van de sat. Als dit 2 kHz hoger is dan de eigenlijke frequentie,
gaan we gewoon 2 KHz lager zenden om op de gewenste freq uit te komen. ( zie
frequentiebandkaarten)
Bij conventie tunen we de hoogste frequentie bij, ongeacht dit nu de uplink of
downlink is.
De dopplershift bedraagt op 145MHz maximum zo’n 2.5 KHz, op 435MHz word dit
zo’n 10KHz.
-
RS15
-
FO20 / FO29
-
UO-14
- AO27 (werkt soms nog)
- AO7 !! (leeft terug na 21 jaar!!!!)
De eenvoudigste satellieten om te werken zijn UO-14 en AO-27. Dit zijn namelijk
enkelkanaals FM-sat’s. We kunnen ze dus gewoon vergelijken met een cross-band
repeater. Om deze satellieten te kunnen werken hebben we dus enkel een 2meter FM
zender nodig (een 3-tal watt is al voldoende) een een 70cm FM ontvanger. Als
antennes kan het bij de hogere doorgangen volstaan om een verikaaltje te
gebruiken, maar een beam is toch meer aangeraden. We kunnnen niet werken met een
sat. als we hem niet horen dus een goede ontvangst is echt noodzakelijk. Zelf
gebruik ik een 9 ele voor 70cm en een 4 ele voor 2 m.
Ideaal is voor iedere band een cross-yagi gevoed met faseverschuiving. Zo hebben
we een circulaire antenne en is het signaal van de sat altijd even sterk. De
meeste amateurs gebruiken echter een gewone yagi voor iedere band. Gezien de
sats ronddraaien veranderd de polarisatie continue en si het van geen balang als
onze antennes nu horizontaal of vertikaal zijn gepolariseerd.
FO20 en FO29 zijn identieke satelieten maar FO-20 werkt altijd als voice-sat;
FO-29 word omgeschakeld tussen voice en packet. Om te weten wat de status van de
satelliet is volstaat het eens te kijken naar het “weekly satellite report”
op www.amsat.org of gewoon eens te
luisteren. Gezien deze satellieten inverted zijn dienen we zenden in LSB.
RS15 heeft een downlink in de 10m band, hiervoor hebben we dus onze KG-ontvanger
nodig.
Al de frequentiebanden van de satellieten zijn te vinden op de site van amsat.
Op 11 november 2003 werd de UO-14 satelliet dood verklaart. Een van de NiCad's aan boord gegaf het waardoor de zender uitschakelde door een te lage spanning. De in 1990 gelanceerde satelliet maakte meer dan 72.000 omwentellingen om de Aarde. Oorspronkelijk was de satelliet de eerste 9.6 kbps data amateur satelliet. De laatste jaren kende de satelliet een enorm succes als enkelkanaals FM satelliet.