
Foto
van Alice Lidell (stond model voor ‘Alice in Wonderland’)
door
Julia Cameron, Victoriaanse fotografe (1815-1879)
Welkom op de webpagina van de Damo Legi!
In september 2006 werd, in
vervanging van de ter ziele gegane Maasdemoisellen, onze nieuwe
vrouwenleesgroep opgericht. Een naam vonden we dankzij een schitterend idee van
Belinda. Het werd: “Damo Legi”, een vrije vertaling van “dame die leest” in het
Esperanto. Dit is een taal die speciaal ontworpen werd om mensen uit
verschillende culturen, die verschillende talen spreken, toe te laten met
elkaar te communiceren. Omdat onze groepsleden afkomstig zijn uit verschillende
Nederlandse provincies, Belgisch Limburg en Brabant, dus toch voor een stuk met
een andere achtergrond en streektaal, leek een naam in het Esperanto ons een
goed idee.
We komen om de 4 à 6 weken samen
om een vooraf gekozen boek te lezen. Diegene die het boek voorstelt bereidt de
bijeenkomst voor. Zij stelt een vragenlijst samen om de bespreking te
vergemakkelijken en zoekt informatie over de schrijver en het boek.
De bijeenkomsten vinden plaats
beurtelings bij de leden thuis.
Als je klikt op:
-
leeslijst 2007/2008 vind je de boeken die
we dit werkjaar lezen
-
Besproken boeken vind je een lijst van
de boeken waarvan je de bespreking vindt op onze webpagina
-
Besprekingen vind je uiteraard de
besprekingen
-
Boekentips tref je boekentips aan,
ingezonden door onze leden en een
paar foto’s van de leesclub in actie
-
Damo Legi in de kunst zie je enkele
kunstwerken met lezende vrouwen als onderwerp
-
Contact zie je hoe je met ons in contact kan komen
-
Links vind je links naar andere leesclubs,
besprekingen e.d.
|
September 2008
Oktober 2008 “De weg” van Cormac Mc Carthy November 2008 “Het bezoek van de lijfarts” van Per Olov
Enquist Januari 2009 “Twee vrouwen” van Harry Mulisch op 14
januari 2009 bij Nicole – voorzitter Belinda Maart 2009 Boek nog te bepalen – op 11 maart 2009 bij
Mariëlle |
|
Zwaarbewaakte
treinen –Bohumil HRABAL
Korte samenvatting
Het verhaal speelt zich af in een Tsjechisch stadje, op het
einde van de tweede wereldoorlog. Milos Hrma is een 22-jarige jongeman die bij
zijn ouders woont. Hij is spoorwegbeambte. Hij is erg onzeker en beïnvloedbaar.
Hij voelt zich achter elk raam bespied. Omdat zijn eerste seksuele ervaring met
zijn vriendin op een fiasco uitliep voelt hij zich een mislukte man. Hij heeft
om die reden zelfs een zelfmoordpoging ondernomen. Na zijn herstel gaat hij
terug aan de slag. Het naderende einde van de oorlog bepaalt de sfeer in het
station en in het stadje. Er worden sabotageacties gepland. Als Milos na een
seksuele ervaring met een oudere vrouw zich een echte man voelt, neemt hij
effectief deel aan zo een sabotage waarbij hij om het leven komt.
Samenvatting van de bespreking
Een enkel lid vond het boek
stroef geschreven en zij kon niet in het verhaal inleven.
De meerderheid echter vond
het een schitterend boek, ontroerend, meeslepend maar ook erg tragisch,
filmisch en poëtisch geschreven. Hoewel de schrijver soms erg lange zinnen
gebruikt is zijn taalgebruik eenvoudig waardoor het verhaal toch vlot leesbaar
is.
Het boek riep veel
verschillende en zelfs tegengestelde emoties op:
- ontzetting omwille van de
gruwel in het bijzonder in het lijden van de dieren: de vrouw van de chef die
konijnen doodt (blz. 18), de doodgevroren vogels (blz. 42),
de wagons met slachtvee waartussen dode dieren zaten (blz 46, 47), de onwillige
stier die naar het slachthuis wordt gebracht (blz. 48 en 58)
- ontroering omwille van de
romantische scène bij het verven van het hek, de naïviteit van de grootvader
die denkt met zijn ogen de Duitse tanks te kunnen tegenhouden, Milos die door
zijn sabotagedaad in diens voetsporen treedt.
Het verhaal wordt verteld
vanuit één enkel perspectief, dat van Milos, de ik-verteller, aan de hand van
diens gedachtestroom (stream of consciousness), met geregeld
flash-backs. Het boek is geschreven naar de eindclimax toe: de manwording van
Milos wat leidt tot zijn sabotagedaad en zijn dood.
Milos is onzeker, naïef,
een overbeschermd moederskind, getekend door zijn voorgeschiedenis. Hij is ook
erg beïnvloedbaar. Hubicka is zijn grote voorbeeld door wie zich ontwikkelt.
Hij is echter ook een gladde jongen: hij bootst Hubicka na en heeft blijkbaar
snel geleerd hoe hij zich aan het werk kan onttrekken (blz. 63), hij gaat met
plezier en aangedikt de uitspattingen van Hubicka aan de stationschef vertellen
en tracht bij deze in het gevlei te komen door over
zijn naderende promotie te beginnen (blz. 20,21,22).
Na zijn eerste gelukte seksuele ervaring voelt hij zich zelfzeker en een echte
man wat uitmondt in zijn fatale sabotagedaad.
De verschillende personages
worden met hun uitvergrote kleine kanten en ook wel spottend geportretteerd:
- de
ambitieuze stationschef, lid van de Vereniging tot Verheffing der Zeden, die
graag van adel wil zijn en het tot inspecteur wil schoppen, daarvoor zelfs al
een uniform heeft laten maken, maar die toch meer bezig is met zijn duiven dan
met zijn werk
- de overgrootvader van
Milos die andere werkende mannen gaat jennen met zijn levenslange lijfrente en
dat met de dood moet bekopen
- de grootvader van Milos
die de Duitse tanks met hypnose ging tegenhouden en ook daardoor stierf
- de hypocrisie van de
samenleving die de daden van Hubicka afkeurt tot blijkt dat de graaf in het
kasteel er wel om kan lachen, waarna de afkeuring verdwijnt.
Over de vrouwen in het
verhaal zou je oppervlakkig beschouwd kunnen zeggen dat ze eerder een dienende
of zorgende rol hebben. Bij een betere bestudering blijkt echter dat ze toch
vaak sterke vrouwen zijn: de vrouw van de stationschef die de konijnen doodt en
haar man tot orde roept als hij volgens haar te ver gaat, Veronika Freie die in
het verzet zit. De jonge vrouwen nemen ook zelf initiatief op seksueel vlak en
zijn dus geen doetjes.
Hrabal hanteert duidelijk
een andere manier van beeldend schrijven dan West Europese schrijvers. Hij
schrijft zowel poëtisch als absurd en surrealistisch:
Poëtisch: Milos en Mascha
die het hek van 4 kilometer verven, elk aan één kant er van, en op het einde
elkaar door het hek een kus geven (blz. 34,35), de beschrijving van de sneeuw
(blz. 10,11), van het kasteel en zelfs van de verschillende toestellen in het
station (blz. 15), de haarpiek van de bijna kale stationschef die in een ‘gotische
boog’ omhoog waait (blz. 16), de poten van het dode paard worden vergeleken met
‘pilaren waarop het onzichtbare portaal van de hemel rust’ (blz. 31) of als de
pilaren van een grafkelder (blz. 34), de dode bevroren vogels die op de
schouder van Milos vallen en ‘zo licht zijn als alpinopetjes’ (blz. 42), de
parallel tussen het orgasme van Milos en een ontploffing, de beschrijving van
de blauwe hemel waarin Milos ziet hoe Hubicka stempels afdrukt op het achterste
van de telefoniste (blz. 45)…
Absurd:
Hubicka die stempels van het station afdrukt op de billen van de telegrafiste,
de verhalen van de overgrootvader en de grootvader van Milos, de stationschef
die bij de Duitse inval in Polen zijn Duitse duiven de hals omdraait en Poolse
duiven koopt.
Surrealistisch
is de beschrijving van de vleugel van het Duitse vliegtuig die over het plein
van het stadje zweeft van de ene naar de andere kant en de mensen die naar de
tegengestelde kant rennen om de vleugel te ontwijken, het bombardement en de
nieuwe betekenis van het bord ‘klaar in 5 minuten’ (blz. 38,39).
De gelaagdheid van het boek
komt bij een tweede lezing beter tot uiting. De trivialiteiten van het
dagelijkse leven in het station, in samengebalde vorm het leven in de
maatschappij, staan in schril contrast met de gruwel van de oorlog. Hrabal
beschrijft het gruwelijke lijden van de dieren zodat je begrijpt dat het lijden
van de mensen zeker zo erg was. Het lot van de dieren is het lot van de mensen.
Op blz. 57 zegt overigens de inspecteur ‘De Tsjechen zijn grijnzende beesten’.
Thema van het boek:
volwassenwording, seksualiteit, oorlog, hoe mensen zich aanpassen aan de
omstandigheden, het leven van alledag in een kleine gemeenschap.
Motieven:
- het oog of ogen komen herhaaldelijk
terug in het verhaal, het oog als symbool van het totalitaire regime dat alles
in het oog houdt.
- klokken en het tikken van
klokken: het verstrijken van de tijd die lijdt naar de ultieme ontploffing
waarbij Milos het leven laat
Op een schaal van 1 tot 10
scoort dit boek 8,5.
Meer over de schrijver
http://www.ned.univie.ac.at/lic/autor.asp?paras=/lg;1/aut_id;16592/
www.tsjechisch.nl/portret19.htm
www.vnts.nl/index.php/bohumilhrabal
Andere Tsjechische schrijvers
Jaroslav Hasek (De lotgevallen van de brave soldaat Svejk),
Franz Kafka, Vaclav Havel, Milan Kundera, Ivan Klima, Josef Skvorecky (zie bij
boekentips korte inhoud van zijn boek ‘De lafaards’)
Rico’s vleugels – Rascha PEPER
Korte samenvatting
Het rijke echtpaar Eduard en
Cecile Rochèl leeft uitsluitend voor hun schelpencollectie – zo lijkt het
althans. Als zij vanuit de roerige Filippijnen naar Nederland
terugkomen om de wereldberoemde verzameling veilig aan een museum over te
dragen, zijn ze in een afgelegen villa aan zee voor het laatst met de schelpen
alleen. Het afscheid lijkt een ode aan de oceaanschatten te worden,
totdat de veertienjarige brommerfanaat Rico Gabrieli opduikt. Al snel weet hij
de zwijgzame Eduard tot een passie te brengen waaraan deze zich met huid en
haar overlevert. Alle schelpen ter wereld verbleken bij de loensende ogen en de
smalle heupen van Rico. Rochèls allesverterende verliefdheid heeft dramatische
gevolgen...
Samenvatting van de bespreking
De meerderheid van de groep heeft het boek wel graag gelezen. Het was een
fijn leesboek (‘licht aangenaam maar toch meeslepend’) maar niet iedereen vond
het goed geschreven en voldoende uitgewerkt. Het thema van obsessie was wel
boeiend, vooral het gegeven van een oudere man die jarenlang zijn passie voor
jongens onderdrukt, sublimeert in een schelpenverzameling, en die dan in een
onbewaakt moment een allesoverheersende passie voor een jongen opvat. Sommigen
vonden het verhaal voorspelbaar. Het dramatische einde lijkt wel het einde in
een filmscenario. Het is echter het enig passende einde in een voor alle
personages uitzichtloze situatie. Er was geen happy
end mogelijk. Ook al zou Rico met Eduard mee gaan naar de Filippijnen, dan nog
heeft hij met hem geen toekomst. Hij wordt immers ouder, blijft geen jongen
zodat de hartstocht van Eduard voor hem ook gedoemd is te verdwijnen. Cecile
heeft tevergeefs haar hele huwelijk gepast op haar man, hem behoedt voor meer
misstappen.
Het einde (de dood van Eduard, de brand) betekent voor
iedereen verlies: Rico verliest de toekomst die hij zich droomde, zij kans om
aan zijn milieu te ontsnappen, Eduard verliest het leven, Cecile verliest haar
man en Bol verliest zijn collectie.
De personages:
De meeste sympathie ging uit naar Rico: hij is het slachtoffer van de
omgeving waarin hij opgroeit. Hij is echter ook slachtoffer van Eduard en van
de hoop die hij hem biedt voor een betere toekomst. Hij komt als vrij integer
in het verhaal naar voren. Hij voelt zich gevleid maar ook verward door de
aandacht van Eduard en hij laat hem betijen omdat hij er ook financieel
voordeel in ziet en omdat zijn leven tot nu toe volgens zichzelf niets
voorstelt. Toch werd hij beschreven als iemand die de hele situatie te goed overzag voor een jongen van zijn leeftijd.
Ook Eduard is een slachtoffer van zijn onderdrukte niet toelaatbare
gevoelens en van zijn onderdrukkende vrouw. Hij wordt met sympathie beschreven
en je voelt zowel medelijden als ook wel enig begrip voor de man.
Cecile wordt als meest vervelende personage beschouwd: ze domineert haar
man, seksualiteit is aan haar niet besteed. Zij beleeft haar passie in het
verzamelen van schelpen. Ze bewaakt Eduard als een moeder om te voorkomen dat
hij nog verliefd zou worden op jongens. Een andere vrouw had ze hem wel gegund
maar jongens niet!
De vriendjes van Rico zijn eerder onsympathiek evenals Bol die enkel oog
heeft voor zijn museum en zijn collectie.
Het thema van het boek is passie, liefde, verzamelwoede.
De verborgen en verboden liefde van een oude man voor een jonge jongen.
Motieven hierbij zijn schelpen, vissen, vleugels en water. De villa ligt aan
zee, de schelpen brengen het verhaal ook naar zee. De schelpen zijn symbolen
voor liefde en dood. Vleugels staan symbool voor engelen en andere demonische
wezens. Vissen staan voor kracht en volharding en in het oude China betekenen
vissen en water samen seksueel genot.
Het symbool vissen, begint al met de dode goudvissen die Eduard Rochel
iedere ochtend vindt. Ook het zeepaardje speelt een rol hierin. De vleugels
zijn terug te vinden op het T-shirt van Rico.
Een ander motief is het getal zeven: Rico is de zevende figuur in Eduard
Rochels leven, Eduard Rochel maakt een fout bij het omschrijven van zeven
schelpen, het verhaal overspant een periode van ongeveer zeven dagen etc.
Bij een deel van de groep werd door de beschrijvingen de interesse opgewekt
voor schelpen en hun schoonheid. Anderen vonden de beschrijvingen vervelend en
zonder meerwaarde voor het verhaal. Passie opvatten voor schelpen is wel
begrijpelijk maar dan wel voor het zelf zoeken en vinden van mooie en kostbare
schelpen. Als die worden aangekocht zoals in het geval van Cecile is het een
handel in plaats van een verzamelpassie.
Maar passie is irrationeel en kan niet worden verklaard. Het overkomt je.
Door het vervullen van het verlangen stopt dat verlangen ook. Het nastreven van
een verlangen levert vaak meer geluk op dan de vervulling er van.
Volgens een recensie speelt pedofilie een grote rol in dit boek. Volgens
onze groep is er echter geen sprake van pedofilie. Rico is geen kind meer maar
een jongen van bijna 15. De houding van Eduard blijft echter afkeurenswaardig:
hij is de oudere en door de financiële voordelen die hij Rico biedt bindt hij
hem ook aan zich. Ook al lijkt dus de keuze van Rico om op de
avances van Eduard in te gaan een weloverwogen keuze, toch is hij wel een
slachtoffer: van zijn milieu in de eerste plaats, ook van de situatie en van
Eduard.
Het boek krijgt van de groep gemiddeld 6,5.
Meer over de schrijfster
Rascha Peper (pseudoniem van
Jenneke Strijland) werd op 1 januari 1949 in Driebergen geboren. Ze studeerde
Nederlands, met als hoofdvak Middelnederlandse literatuur, en werkte enige tijd
als lerares. In 1983 verhuisde ze naar Wenen vanwege het werk van haar partner
die in dienst was van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Daar begon ze,
omdat ze zich nogal 'op zichzelf teruggeworpen' voelde, ernst te maken met het
schrijven. In die tijd ontstond de eerste versie van Oesters. Na publicatie van
haar eerste verhalen in Hollands Maandblad en Tirade, zette ze zich aan het
herschrijven van deze roman omdat ze 'in alle valkuilen van een beginnende
schrijver was getuind'.
Rascha Peper streeft ernaar
boeken te schrijven die vooral boeien door een meeslepend verhaal en zij hecht
minder aan literaire vormexperimenten.
Haar thema's ontleent Peper
vaak aan berichten uit de krant. Zoals de figuren in haar werk een
gepassioneerde verzamelwoede hebben, zo verzamelt zij zelf krantenknipsels
waarin ze een verhaal ziet. Deze werkwijze brengt met zich mee dat Peper geen
autobiografische schrijfster is wier werk voornamelijk te herleiden is tot
zaken uit haar eigen leven. Het enige boek waarvoor dit niet zonder meer opgaat
is Oesters.
In 1994 ontving Rascha Peper
de AKO Literatuurprijs voor haar boek Rico's vleugels.
De ontdekking van de
curryworst – Uwe TIMM
Korte samenvatting
De verteller van dit verhaal
bezoekt in het stedelijk rusthuis in Hamburg een
vrouw, Lena Brücker. Hij kent haar vanuit zijn kinderjaren in Hamburg en meent
zich te herinneren dat zij de curryworst ontdekte. Lena, inmiddels over de
tachtig en slechtziend, vertelt hem, al breiend en op voorwaarde dat hij voor
taart zorgt, in 7 namiddagen een verhaal over oorlog, liefde en curryworst. Dit
verhaal begint op 29 april 1945. Lena Brücker, een gehuwde vrouw van 43 jaar en
moeder van 2 kinderen, ontmoet de 16 jaar jongere marinesoldaat Hermann Bremer,
al wachtend voor de bioscoop. Haar echtgenoot en haar 2 kinderen zijn niet bij
haar. Herman gaat mee met haar naar huis en besluit de volgende ochtend bij
haar te blijven. Vanaf dan is hij deserteur, met alle risico’s vandien. Hij kan
zich niet meer op straat vertonen en moet op zijn sokken door het huis lopen om
de buren niet te alarmeren. Lena gaat overdag gewoon naar haar werk en geniet
’s avonds van zijn aanwezigheid. De liefde is nog maar net ontloken als Hamburg
capituleert en Hitler zelfmoord pleegt. Lena wil Hermann nog niet kwijt en
verzwijgt het einde van de oorlog voor hem. Ze vertroetelt hem gedurende enkele
weken tot hij zijn smaakvermogen verliest. Hij verlaat haar, na 27 dagen, in
het pak van haar man, zonder een woord van afscheid maar met achterlating van
zijn marinekleding. Lena gaat de zwarte markt op en probeert te overleven in
moeilijke omstandigheden en zo komt de worst en de curry
in haar leven, de snackbar en haar echtgenoot…..
Samenvatting van de bespreking
De meningen waren verdeeld: terwijl sommigen het niet
graag hebben gelezen, o.a. omdat ze niets met het onderwerp hebben, vonden
anderen het een goed boek dat aan de hand van een recept een tijdsbeeld geeft
van het leven van een dappere vrouw en de beschrijving van het gewone leven in
de stad Hamburg tijdens de 2e wereldoorlog. Hoewel het eenvoudig
geschreven is en toegankelijk bevat het toch meerdere lagen en zijn er
verschillende verhalen. Je ziet wat de oorlog met mensen doet, hoe iedereen op
zijn manier reageert en het boek toont ons ook de oorlog vanuit Duits standpunt
(lees over dit onderwerp ook “Stenen in de rivier” van Ursula Hegi)
De titel is grappig en maakt nieuwsgierig naar de inhoud van het boek. Hij
zet je echter ook op het verkeerde been want het gaat hier niet enkel over de
curryworst, die echter wel een leidmotief is in het boek waardoor je het leven
van Lena leert kennen. Sommigen zouden echter nooit het boek kiezen om te lezen
juist omwille van de titel.
De personages:
Lena: omwille van haar sterke persoonlijkheid sprak zij ons het meest aan.
Ze is een dappere, trotse vrouw. Ze is geen lid van de nazipartij, ze weigert
de Hitlergroet te brengen en is niet bang om kritische opmerkingen te maken. Op
43-jarige leeftijd komt ze de deserterende soldaat Bremer tegen en geeft hem
onderdak. Zij krijgen een liefdesrelatie en dankzij hem voelt ze zich een
begeerde vrouw. Om dit gevoel zo lang mogelijk te koesteren en hem zo lang
mogelijk bij zich te houden, verzwijgt ze hem het einde van de oorlog. Het
vertrek van Bremer is voor Lena het einde van een levensfase, zi is nu oud. Ze blijft
echter niet bij de pakken zitten en staat zo symbool voor de vele vrouwen die
tijdens en na de oorlog alleen verder moesten. En ondanks de tegenslagen die ze
toch in haar leven meemaakte, is ze niet verbitterd.
Bremer: een jonge soldaat, die na een kort bezoek te hebben gebracht aan
zijn vrouw en zoontje, terug naar het front moet keren. Gedreven door angst
voor de oorlog blijft hij bij Lena. Hij is erg gesloten. Wat hij voor Lena
voelt komen we niet te weten. Hij brengt noodgedwongen de dagen door met
poetsen en kruiswoordraadsels oplossen. Hij voelt zich opgesloten. En hoewel
Lena haar best doet om goed voor hem te koken, verliest hij juist bij haar zijn
smaakt, wellicht een teken van de verdere vervreemding tussen hem en Lena.
Holzinger: werkt als kok en pleegt sabotage op zijn manier, namelijk door
te knoeien met het eten als de partijbonzen komen eten of als er positieve
dingen over de oorlog worden verteld. Hij komt sympathiek over.
Lammers: is de benedenbuurman van Lena. Hij is blokhoofd en verantwoordelijk
voor de luchtbescherming, een overtuigde nazi die zijn functie ernstig neemt.
Hij is eerder een zielige figuur temeer dat hij door de bewoners van het blok
er van verdacht wordt een verrader te zijn, wat hij echter niet is. Na de
capitulatie pleegt hij zelfmoord.
Eckleben: is het meest akelige personage. Ze is de onderbuur van Lena en
hoewel ze vriendelijk lijkt is zij uiteindelijk de verrader die anderen bij de
Gestapo verklikt.
Willy/Gary: de man van Lena. Hij is een ploert en een vrouwenloper. Hij kan
betoverende muziek maken door te blazen op een kam. Hij heeft voor de oorlog
zijn vrouw verlaten en duikt na 7 jaar plots weer op. Lena heeft hem helemaal
niet gemist, wil hem niet meer bij zich en zet hem met een list weer aan de
deur.
Als thema zien we: overleven, eenzaamheid, liefde, angst voor verlies en
ook macht.
Motief: de zoektocht naar het ontstaan van de curryworst en het breiwerk
van Lena dat vorm krijgt naarmate het verhaal vordert.
De novelle is knap en origineel opgebouwd. Het is eigenlijk van vorm een
soort raamvertelling (volgens van Daele : een verhaal
dat dient tot omlijsting van verschillende geschiedenissen die door de in het
verhaal optredende personen achtereenvolgens verteld worden), verdeeld in 7
hoofdstukken zonder titel. Het verhaal wordt verteld in de beslotenheid van de
kamer van Lena in het rusthuis. Het wordt niet chronoligisch verteld. Het
heden, einde van de jaren 80, wordt voordturend afgewisseld met lange flash
backs uit het verleden. De verteller komst bij Lena om het verhaal van het
onstaan van de curryworst te vernemen maar maakt er kennis met het leven van Lena.
Wij weten de naam van de verteller niet, is het de schrijver? Voor een stuk
komt het leven van de verteller en dat van de schrijver overeen maar toch is
het niet autobiografisch. De verteller is onpartijdig. Hij is ook integer. Zo
vertelt hij Lena niet het ware verhaal van de verraadster tijdens de oorlog.
De schrijver gebruikt eenvoudige zinnen die toch veel zeggen. Het boek
leest vlot, erg toegankelijk proza met een natuurlijk en melodieus taalgebruik.
Pretentieloos geschreven en met veel sympathie voor de personages.
De gelaagdheid, het gebruik van metaforen maakt dit boek volgens ons tot
literatuur: je moet er in graven, een mooi taalgebruik die de sfeer goed
weergeeft, goed geschreven op een manier die raakt.
Als voorbeeld van hoe je moet graven in het boek: aan het einde krijgt de
verteller een stuk uit een oude krant in handen met daarop een door Bremer
ingevuld kruiswoordraadsel. De beginletters van de ingevulde woorden vormen het
woord “Circe”, een tovenares uit de Griekse mythologie die mannen in haar huis
lokt en hen lekkere spijzen en dranken voorzet
waardoor ze betoverd geraken en gedwongen bij haar blijven.
Het boek kreeg gemiddeld een 7.
Meer over de schrijver
De Duitse schrijver, Uwe Timm
wordt in Hamburg in 1940 geboren. Hij was een nakomertje, geboren 16 jaar na
zijn broer Karl Heinz, die zich bij de aanvang van de oorlog als vrijwilliger
heeft gemeld bij de SS (dodenkopdivisie) en sneuvelt in 1943. Zo stond Uwe
Timm, door de dood van zijn broer, in de schuld bij zijn autoritaire vader
(cfr. roman ‘Am Beispiel meines Bruders’).
Verhalen fascineerde Uwe Timm
van in zijn kindertijd . Hij luisterde graag naar de verhalen van zijn grootvader
en zijn tante. Reeds als schooljongen schreef hij zelf verhalen.
Hij werd net als zijn vader
bontwerker en nam, na diens dood, gedurende 3 jaar zijn zaak over.
Nadien ging hij terug
studeren. Hij maakte zijn middelbare school af en studeerde verder filosofie en
germanistiek in München en Parijs. Hij promoveerde in 1971 in de filosofie met
een werk over Camus en is sindsdien schrijver. Aansluitend studeerde hij nog
sociologie en economie.
Hij voelt zich sterk verweven
met de studentenprotesten die hij actief als student beleefde (cfr roman
Heisser Somer, 1974). Uwe Timm behoort tot de belangrijkste Duitse
vertegenwoordigers van de generatie ’68. De verwerking van deze tijd toont zich in
zijn gehele werk. (cfr romans als Kerbels Flucht 1980, Rot 2001).
Hij bezocht ook vreemde
culturen. Zijn onderzoeks-en ontdekkingsreizen brachten hem naar Peru, de
Paaseilanden en Namibië. Deze reiservaringen verwerkte hij ook in zijn romans
(cfr Morenga 1978, Der Schlangenbaum 1986).
Hij woonde gedurende twee
jaar in Rome (cfr Vogel, friss die Feige nicht, Römische Aufzeichnungen 1989).
Momenteel woont hij in München en Berlijn.
Het werk van Uwe Timm wordt
gekenmerkt door het bijzondere
in het alledaagse. Het uitgangspunt in zijn werk is reëel, nl. kind-en jeugdherinneringen,
geschiedenis, politiek….. Toch gaat het hem als schrijver niet over de juiste
weergave van de werkelijkheid. Hij zegt hierover: ‘ De verteller vertelt niet
enkel het verhaal na, maar vernieuwt en verandert, namelijk zoals het had
kunnen geweest zijn, hij vertelt een andere werkelijkheid.’ Zo bijvoorbeeld
wordt de tweede wereldoorlog door hem in een nieuw en kritisch daglicht gezet.
Als vader van 4 kinderen
heeft hij ook kinder-
en jeugdboeken geschreven, oa ‘Rennschwein Rudi Rüssel’ 1989, waarvoor hij de
Duitse jeugdliteratuurprijs heeft gekregen en verfilmd werd.
Hij heeft echter nog heel wat
meer boeken gepubliceerd en prijzen gewonnen. Zoals
oa. de
grote literatuurprijs van de Beierse Academie voor Schone Kunsten (2001), de
Tukanprijs van de stad München, de literatuurprijs van de stad München 2002,
Schubart-literatuurprijs 2003 en de Erik-Reger-Prijs van Rheinland-Pfalz. ….
Van dezelfde auteur vertaald
in het Nederlands:
‘Rood’: Uitgever
Podium 2006, 398 pagina’s
‘Mijn broer bijvoorbeeld’:
Uitgever Podium 2004, 152 pagina’s
‘Sint Jansnacht’
: uitgever Aristos 1997, 228 pagina’s
|
Rebecca – Daphne DU MAURIER |
Rebecca en
Mrs Danvers uit de film van Hitchcock |
Korte samenvatting
De ik-figuur loopt in Monte
Carlo Maxim de Winter, een steenrijke weduwnaar van middelbare leeftijd, tegen
het lijf. Ze worden verliefd en treden halsoverkop in het huwelijk. Ze gaan
wonen in het gigantisch grote landhuis van Maxim, Manderley. Daar, in dat spookachtige
kasteel, wordt de ik-figuur al gauw geconfronteerd met de eerste vrouw van
Maxim, Rebecca, wiens geest nog overal rondwaart in de grote zalen en gangen
van Manderley. Rebecca was, zo lijkt het, bij iedereen zeer geliefd.
Alles wat de de ik-figuur doet wordt afgewogen tegen de manier waarop Rebecca
het vroeger deed. Vooral mevrouw Danvers, de huishoudster, maakt haar het leven
moedwillig zuur.
Rebecca, is niet zo lang
geleden overleden bij een tragisch zeilongeluk. Het leek lange tijd zelfmoord, maar
later in het boek blijkt Maxim zijn vrouw vermoord te hebben. Zij bleek er een
tweede leven op na te houden met meerdere minnaars. Tijdens het onderzoek naar
de (zelf)moord blijkt Rebecca ernstig ziek te zijn geweest en heeft zij als
laatste poets haar man zo ver gebracht dat hij haar vermoord heeft, hetgeen haar bedoeling was. Op weg naar huis zien ze vanuit
de verte dat Manderley in brand staat.
Het verhaal begint in het
heden, maar al na enkele bladzijden vertelt de ik-figuur hoe haar leven met
Maxim begon, een onbekend aantal jaren eerder.
Samenvatting van de bespreking
De meningen waren eens te
meer verdeeld:
- het
verhaal staat ver van de realiteit. De hoofdpersoon wekt wrevel op door haar
manier van leven: ze leeft in het ijle en is erg lijdzaam, stelt zich geen
vragen bij het leven dat ze leidt. Het is meer een boek dat je leest om het
verhaal dan om de schrijfstijl. Aanvankelijk niet boeiend maar na de eerste 100
bladzijdes komt er meer vaart in. Een stuiverromannetje echter wel spannend toen
bleek dat er van moord sprake was.
- Spannend
vanaf het begin, makkelijk leesbaar, goed en visueel beschreven. De
zwijgzaamheid van Maxim en het lijdzame van zijn tweede vrouw maken
nieuwsgierig naar het verdere verloop van het verhaal en naar wat er aan de
hand is. Boeiend en zeer beeldend geschreven, zeker ook van de karakters,
vooral van de ik-persoon. Je ziet het jonge, beschaamde meisje zó voor je. Ook
een prachtige beschrijving van haar prille verliefdheid, die ze zelf niet eens
door heeft. Ze heeft een enorme fantasie. Vertelt hele verhalen, die zij voor
zich ziet, maar die zo helemaal niet zijn gebeurd. Bijvoorbeeld de beschrijving
van Rebecca op blz 46. Op blz 201 beeldt ze zich zo in dat ze Rebecca is, dat
ze zelfs allerlei bewegingen maakt. Op blz 221 staat een heel verzonnen
gesprek.
De titel is logisch want alles in het verhaal draait om Rebecca.
De hoofdpersoon heeft geen naam want ze is geen echte persoon, heeft geen
identiteit. Ze doet er eigenlijk niet toe: zie is iemand zonder familie en
zonder achtergrond. Er is wel sprake van een karakterontwikkeling bij de
hoofdpersoon: eens zij aan de weet komt dat Max niet verliefd is en was op
Rebecca wordt ze zelfbewuster en meer actief.
De opzichter Frank is het meest sympathiek en daarnaast ook Ben. Het
hoofdpersonage is niet sympathiek vanwege haar houding, haar passiviteit. Ze is
echter een kind van haar tijd en haar omgeving. Mrs. Danvers is een heel
tragische figuur: zij had een ongezonde passie voor Rebecca.
Het verhaal is één grote flashback die chronologisch wordt verteld. Het
hoofdpersonage kijkt terug op haar leven met Maxim, naar het verleden. Door
deze vorm van vertellen wordt de spanning opgebouwd en het mysterie
geïntroduceerd. De lezer vraagt zich af waarom het echtpaar in Frankrijk woont
en in hotels leeft, waarom ze niet langer op Manderly zijn.
Thema: obsessie (obsessie voor Rebecca).
Motieven: geheimzinnigheid, gevangen zijn in je eigen cultuur, manvrouw
relatie, klassenverschillen.
De schrijfstijl van Daphne du Maurier is vlot leesbaar, verhalend,
beeldende en sterk visuele schrijfstijl. Ze is een erg goed
vertelster. Haar meeste boeken zijn erg spannend geschreven.
In dit boek is enkel de vertelster, de ikfiguur, geheel uitgewerkt. De
uitwerking van de psychologie van de andere personages ontbrak eerder.
Het boek werd gemiddeld met 6,5 beoordeeld.
Meer over de schrijfster
Daphne du Maurier, eigenlijk
Lady Browning, Engelse (Britse) romanschrijfster. Geboren in Londen in 1907 en
overleden in Cornwall in1989. Dochter van Sir Gerald du Maurier. Werd thuis
opgevoed en voltooide haar opleiding in Parijs.
Begon in 1928 korte verhalen
en artikelen te schrijven en publiceerde in 1931 haar eerste roman 'The loving spirit', die een matig succes boekte. Deze werd gevolgd door
een aantal uiterst populaire, doorgaans romantisch-historische romans,
gesitueerd aan de kust van Cornwall waar de schrijfster zich met haar man Sir
Frederick Browning had gevestigd. Jamaica Inn (1936), Frenchman's Creek
(1941), The King's General (1946) en My Cousin Rachel (1951). De populairste uit deze reeks werd het in 1938 geschreven
Rebecca, een mysterieus verhaal van liefde en moord dat in meer dan 20 talen
werd vertaald en in 1940 door Hitchcock verfilmd. Ook haar
latere romans, zoals The Flight of the Falcon (1965) en The house on the strand
(1969) en enkele verhalenbundels, geven blijk van haar voorliefde voor het
raadselachtige en het onverklaarbare en zijn typisch in de verte verwant te
noemen aan 'The Gothic mode'. Rule Brittania (1972) schetst een
schrikwekkend beeld van Engeland in de toekomst. Daphne du Maurier heeft, naast
enkele toneelstukken, tevens een aantal biografieën geschreven waaronder
Gerald: A Portrait (1934) over haar vader.
Zij staat bekend als een
rasechte vertelster, maar haar romans worden door de critici nauwelijks serieus
genomen. Structureel zijn ze zwak en de uitbeelding der personages is vaak
oppervlakkig. In 1969 kreeg ze de onderscheiding van Dame Commander in the
Order of the British Empire.
(Uit encyclopedie voor de
wereldliteratuur)

Het hart is een eenzame jager – Carson MC
CULLERS
Korte samenvatting
In een kleine stad in het
zuiden van Amerika worden enkele mensen ongeveer een jaar gevolgd. Vanuit
steeds wisselende perspectieven krijg je een indringend beeld van de problemen
die er in de stad heersen. De oude zwarte dokter die tevergeefs probeert
'negers' te mobiliseren iets te doen aan hun
achtergestelde positie, maar gedwarsboomd wordt door zijn familie die hem te
radicaal vindt. Een goedmoedige kroegbaas die gehandicapten een rondje van het
huis geeft. Een revolutionair zonder aanhang, een meisje met een voorliefde
voor muziek. Deze personages en veel bijfiguren nemen je mee naar een wereld
waar nog een strikte rassenscheiding heerst (de dokter mag bijvoorbeeld niet in
de kroeg komen) en waar armen geen kans hebben op verbetering. Middenin die
gemeenschap staat de doofstomme John Singer. In het begin leeft hij nog samen
met een doofstomme vriend, maar als deze naar een kliniek moet, trekt hij
alleen de stad in. Iedereen denkt dat Singer wijs is, omdat ze tegen hem kunnen
praten zonder dat hij wat terug zegt. Af en toe schrijft hij iets op een
papiertje, voor de rest is hij een hoffelijke luisteraar. Daarmee wordt hij min
of meer een verlosser voor al die dolende zielen met hun eigen idealen en
waandenkbeelden. Singer is een tragische figuur: hij discrimineert niet, hij
doet geen vlieg kwaad, maar niemand kent zijn verlangen naar zijn vriend.
Sterker nog, hij weet niet eens of zijn vriend in de kliniek naar hem verlangt,
want hem interesseert alleen eten, het is de vraag of hij de gebarentaal van
Singer begrijpt.
De titel van het boek is
afkomstig van een gedicht van de dichter William Sharp “The lonely hunter”: “…but my heart is a lonely hunter that hunts on a
lonely hill”.
Samenvatting van de bespreking
Het boek heeft een grote
indruk gemaakt. Het leert je meer dan tal van documentaires en naslagwerken
over het leven in de Zuidelijke staten van de VS in de jaren voor de 2e
wereldoorlog. De fundamentele eenzaamheid van de personages, de
maatschappelijke problematiek van uitzichtloosheid, onderdrukking en onmacht
zijn goed uitgewerkt. Het is realistisch geschreven zonder melodramatisch te
zijn. Wij, met het leven dat wij hier en nu leiden, vinden wellicht de
levensomstandigheden van de verschillende personages dramatisch. Zijzelf
schijnen dit echter niet zo te ervaren. De schrijfster was nog erg jong toen ze
dit boek schreef. Toch is het zo diep menselijk en meevoelend dat je zou
verwachten dat het door een oudere en rijpere persoon is geschreven.
De personages:
Mick Kelly is een gezond en sterk meisje van veertien uit een arm blank
gezin. Ze is moedig en ze is ook de meest positieve persoon in het verhaal. Ze
draagt zorg voor de jongere kinderen in het gezin. Ze houdt van muziek en
droomt er van pianiste te worden (zoals de schrijfster zelf). Als het leven
haar toch te veel wordt ontsnapt ze in gedachten naar haar “binnenkamer”. Op
het ogenblik dat haar familie in financiële problemen komt gaat ze werken om
hen te steunen echter zonder haar dromen op te geven.
Biff Brannon is de vriendelijke en sympathieke uitbater van een eethuis.
Hij is het meest heldhaftige personage. Hij bemiddelt tussen de anderen, helpt
hen zonder er mee te koop te lopen.
Dokter Copeland is een zwarte arts die onder de arme zwarte bevolking zijn
werk doet. Hij is een antiheld. Hij wil zijn volk trotser en minder
lijdzaam maken. Hij offert hiervoor zijn liefde en zijn gezin op maar
tevergeefs.
Jake Blount een soort ‘revolutionair’ die de arbeiders wil aanmoedigen tot
verzet tegen hun lot. Hij is eveneens een alcoholicus die lijdt aan
wisselvallige stemmingen.
John Singer, een doofstomme, die samenwoont met zijn vriend Antonapoulos,
een erg simpele man die eveneens doofstom is. Singer is erg aan hem gehecht.
Antonapoulos wordt echter ziek en hij belandt in een instelling waar hij niet
meer beter wordt.
De personages zijn allemaal eenzaam, zoeken naar persoonlijk geluk,
erkenning, een luisterend oor, iemand die hen begrijpt. Ze denken allen dit in
Singer gevonden te hebben. Hij is hun klankbord. Hij begrijpt echter meestal
niets van wat ze hem vertellen en beperkt zich tot glimlachen. Singer op zijn
beurt denkt in zijn eveneens doofstomme vriend Antonapoulos iemand te hebben
die hem begrijpt. Ook dit is niet juist. Antonapoulos is enkel met zichzelf
bezig en begrijpt ook niets van Singer.
Het thema van het boek is eenzaamheid.
De stijl van de schrijfster is erg eenvoudig, korte zinnen maar toch ook
poëtisch en beeldend..
Het boek krijgt gemiddeld een 8.
Meer over de schrijfster
Carson
McCullers (geboren als Lula Smith op 19/02/1917 en overleden op 29/09/1967)
ambieerde ooit een carrière als concertpianiste, maar werd getroffen door
reumatische koorts en besloot dat een carrière als schrijver wellicht meer voor
haar was weggelegd. McCullers begint dan met het schrijven van toneelstukken. Ze verlaat
Georgia op zeventienjarige leeftijd, om zich in New York te vestigen, waar ze
deelneemt aan enkele colleges 'creative writing' aan de Columbia University. In
1936 publiceert McCullers haar eerste verhaal 'Wunderkind' in het tijdschrift
Story. Vier jaar later, in 1940, debuteert ze als romanschrijver - op
drieëntwintigjarige leeftijd -met de bestsellerroman 'The Heart is a Lonely
Hunter'. Dit is haar meest autobiografische werk. Later
schrijft ze verschillende romans waaronder 'Reflections in a golden eye'
(1941), 'The member of the wedding' (1946), 'The ballad of the sad café' (1951)
en 'A clock without hands' (1961). De schrijfster vergelijkt haar eigen
stijl met die van de 19e eeuwse Russische realistische schrijvers die ook over
het leven van mensen op het platteland schrijven. Na een leven waar haar
vrijwel geen enkele ziekte gespaard blijft, overlijdt ze in 1967, op
vijftigjarige leeftijd.
De wandelaar – Adriaan VAN DIS
Korte samenvatting
Een rentenierende Nederlander
die in Parijs woont heeft niet veel contact met zijn omgeving of met andere
parijzenaars. Hij krijgt bij een brand een hond in zijn schoot geworpen. Een
hond die een andere wereld voor hem opent: die van vluchtelingen, illegalen en
zwervers. Het verandert Parijs, het verandert de man: hij wil helpen, goed
doen. Maar alles wat hij doet pakt anders uit.
Samenvatting van de bespreking
Minpunten: geschreven in een
houterige krantenstijl, een teveel aan gebeurtenissen die bij het verhaal
worden betrokken (problematiek van vluchtelingen, arme woonwijken, rassenhaat,
oorlogen in verre landen, de tsunami….)
Pluspunten: de hoofdpersoon
wil nergens bij betrokken worden, wil zijn leven heel erg onder controle
houden. Heeft de schrijver het hier over zichzelf is een vraag die zich
opwerpt. Als echter de hond in zijn leven komt verliest hij die controle en
raakt hij meer en meer bij anderen betrokken. De relatie met de hond is erg
mooi beschreven.
De titel van het boek is erg
toepasselijk. De hond dwingt de hoofdpersoon te wandelen. En door dat wandelen,
komt hij meer in contact met de buitenwereld.
De personages:
De hond is de bindfiguur
tussen de verschillende personages.
De mysterieuze figuur van de
Chinees is intrigerend. Hij leeft zijn eigen leven, is gelukkig met zijn leven
op straat en met zijn karton.
Mulder is een metafoor voor
de Westerse mens die ver staat van al de ellende in de wereld, die wel iets wil
doen maar toch al die ellende niet dicht bij zich wil. De schrijver is hard
maar eerlijk voor Mulder (voor zichzelf?). In de loop van het verhaal evolueert
hij echter. Hij wil iedereen laten weten dat hij Mulder is en niet Martin voor
wie men hem hield en achter wie hij zich verschool. In het
begin van het boek staat “De hond had alles gezien”; Op het einde “Hij (Mulder)
liep alleen en zag en rook alles” Hij had de hond niet meer nodig om in contact
te treden met de buitenwereld, om op te merken wat er rond hem gebeurde. “Maar
stad en mensen deden hem pijn. Zijn hond had hem er anders naar leren kijken”
Thema van het boek: botsing
van beschavingen/culturen, van rijk en arm. De onmacht om te gaan met andere
leefwerelden, culturen.
Motieven: eenzaamheid,
zoektocht naar geborgenheid, naar zekerheden en houvast.
Het boek wordt verteld door
een hij-verteller die echter vanuit het perspectief van Mulder vertelt. Alles
wat Mulder denkt wordt immers beschreven. Het verhaal is chronologisch
geschreven met af en toe een flashback. Het speelt zich af in een grootstad waar veel culturen, klassen en rassen samenwonen.
“De wandelaar” is een maatschappelijke en psychologische roman. Het
psychologische is echter sterker en beter beschreven dan het maatschappelijke
omwille van de veelheid aan problemen die worden aangehaald.
De taal en stijl zijn wel
toegankelijk maar soms ook wat saai en droog, een krantenstijl. Toch is dit een
stijl die bij Mulder past die ook niet als een kleurrijk personage kan worden
beschouwd.
Het boek krijgt gemiddeld een
7.
Meer over de schrijver
Adriaan van Dis werd in 1946
geboren. Hij groeide op temidden van halfzussen en ouders met een Indische
geschiedenis. Zijn vader, die door zijn (Japanse) oorlogservaringen en zijn
fysieke conditie arbeidsongeschikt was geworden, voedde Adriaan op met harde
hand. Van Dis studeerde Nederlands en Zuid-Afrikaans aan de Universiteit van
Amsterdam.
Hij debuteerde als schrijver
in 1983 met de novelle Nathan Sid
In 1986 verschenen
achtereenvolgens De rat van Arras en de reisverhalenbundel Casablanca. In
hetzelfde jaar debuteerde Van Dis als toneelschrijver met het stuk Tropenjaren,
in 1988 gevolgd door Komedie om geld. In 1988 verscheen ook de roman Zilver of
Het verlies van de onschuld. In het voorjaar van 1990 bezocht Adriaan van Dis
Zuid-Afrika. In december van dat jaar verscheen de reisroman Het beloofde land.
In 1991 volgde een tweede reisroman over Afrika (Mozambique), onder de
toepasselijke titel In Afrika. In 1992 verscheen Waar twee olifanten vechten -
Mozambique in oorlog (samen met de fotograaf K. van Lohuizen).
In 1994 verscheen de dikke,
uiterst succesvolle roman Indische duinen, over een in Nederland geboren zoon
van een Indische familie die wordt opgevoed in de sfeer van verzwegen leed.
Zesenveertig jaar later breekt bij hem de woede over zijn familie los. Indische
duinen werd bekroond met de Gouden Uil (1995) en de Trouw Publieksprijs en
genomineerd voor de Libris-prijs, de ako-prijs en de Aristeion-prijs.
In 1999 verscheen de grote
roman Dubbelliefde, de 'geschiedenis van een jongeman' (de ondertitel van de
roman) die, opgejut door de roerige tijd - de jaren zeventig -, grenzeloos wil leven. Ter
gelegenheid van de Boekenbeurs van Tokio bezocht Van Dis in het voorjaar van
2000 Japan - het 'verboden land' van zijn jeugd. Deze reis inspireerde hem tot
de novelle Op oorlogspad in Japan.
In september 2002 verscheen
de roman Familieziek.
De wandelaar werd uitgegeven
in januari 2007.
Zie ook http://www.adriaanvandis.nl/
Korte samenvatting
Een Nederlandse huisdokter
geeft zijn praktijk over aan een opvolger en vestigt zich in Zuid Frankrijk.
Hij bezit er een oude boerderij die hem is nagelaten door een plaatselijk
echtpaar met wie hij bevriend raakte. In het zuiden kijkt hij terug op zijn
leven terwijl hij de boerderij restaureert en de gronden bewerkt.
Mening van de groep
Positief: het boek bood veel
stof om over na te denken. Hoewel er niet veel gebeurde bleef het toch boeiend:
goed uitgewerkt en met interessante filosofische thema’s. De tegenstelling
Noorden-Zuiden was herkenbaar. De mensen gaan anders met elkaar om in het
Zuiden. Ook de hoofdpersoon is een ander mens daar waar hij meer in harmonie
met de natuur leeft. Het laatste deel over de aftakeling door de ziekte van
Alzheimer was herkenbaar en ontroerend beschreven.
Negatief: Het boek was veel
te dik met erg veel herhalingen en overbodige stukken die niet bijdroegen aan
de kwaliteit van de roman. Er stond te veel in om over na te denken zodat je
overweldigd raakt en er niet meer dieper op ingaat. Wel zwaar en ook wel
deprimerend.
Vragenlijst
1. Hoe interpreteer je de titel van dit boek?
De hoofdpersoon neemt niet
deel aan het leven. Hij heeft zelfs geen naam. Hij is een waarnemer van zijn
eigen leven en van dat van de anderen, een soort kluizenaar.
2. In welke vorm is het boek geschreven? Welk soort roman is het?
Het boek is in brievenvorm
geschreven: brieven van de hoofdpersoon aan Sophie en brieven van haar aan hem.
Het is een filosofische roman met ook wel een psychologische en zelfs
sociologische inslag.
3. Waarom heeft de schrijver voor de brievenvorm gekozen?
Door middel van de brieven
kijkt de hoofdpersoon terug op zijn leven en filosofeert er over. Hij schrijft
ook brieven om niet te vergeten.
4. Wat vind je van de schrijfstijl?
Het is een inhoudelijk
moeilijk boek dat daarom langzaam loet worden gelezen. De schrijfstijl is
echter niet moeilijk. Toch moet je er een tijd inkomen vooraleer het begint te
boeien.
5. Waar speelt het verhaal zich af? Wordt het chronologisch verteld?
Met flashbacks?
Het verhaal speelt zich af in
het Noorden (Nederland) en in het Zuiden (Frankrijk). Het wordt chronologisch
verteld met flashbacks.
6. Wat is het eigenlijke thema van het boek?
De zin en/of zinloosheid van
het leven en de dood.
7. Wat vind je van de beschrijving van de verschillende personages?
De personen waar het meest op
wordt gefocust zijn allen gelijkgestemde zielen, mensen waarmee de hoofdpersoon
een band heeft of had. Het zijn veelal lijdende en eenzame en zoekende mensen.
Maria wordt minder uitgewerkt. Zij maakte ook maar gedurende een korte periode
deel uit van het leven van het hoofdpersonage. Nochtans heeft zij diepe sporen
bij hem achtergelaten. Hij blijft geobsedeerd door het waarom van haar
zelfmoord en hij zoekt wanhopig naar bewijzen waaruit blijkt dat hij er niet
schuldig aan is. Hij heeft problemen, laat zich niet helpen en maakt geen
keuzes. Dan zou hij immers moeten beginnen echt te leven en dat wil hij niet.
8. Wat deed het boek met je? Welke emoties riep het op? Wat raakte
je?
Het boek stemt tot nadenken,
meer dan tot het lezen er van. De levenswijze van de hoofdpersoon, het feit dat
hij alles ondergaat en geen oplossingen zoekt voor zijn problemen ergerde wel. Het boek riep
soms deprimerende gevoelens op maar ook erg veel ontroering zeker het gedeelte
waarin de langzame aftakeling ten gevolge van de ziekte van Alzheimer wordt
beschreven.
9. “De Waarnemer is een overweldigende roman over verlangen en verlatenheid”
Ben je het daarmee eens?
Er is veel sprake van
verlatenheid: het hoofdpersonage voelt zich in de steek gelaten door zijn
ouders, door Maria en ook wel door Sophie. In het stadium van zijn leven dat in
het boek wordt beschreven heeft hij geen verlangens meer. Voorheen was er wel
verlangen vooral dan naar een verklaring voor de dood van Maria.
10. Welk cijfer geef je het boek?
Gemiddeld 7.
Meer over de schrijver
Wim Kayzer werd geboren in
1976. In de jaren zeventig maakte hij radioreportages. Erg bekend werd hij
omwille van de prachtige programma’s die hij maakte voor de VPRO televisie,
o.a. “Nauwgezet en wanhopig”, “Een schitterend ongeluk” en “Van de schoonheid
en de troost”.
In 1988 maakte hij zijn debuut
als romanschrijver met “Onfatsoenlijke herinneringen”. Het boek “De waarnemer”
verscheen in 2004.
Korte samenvatting
In de zomer van 1981 valt Clara,
de vrouw van de componist Lucas Loos op een Grieks eiland in een steile
afgrond. In Nederland, en dan vooral in Amsterdam doen allerlei geruchten de
ronde over de val van de vrouw: was het een ongeval of was het
moord? De verhouding tussen de componist en zijn vrouw was immers vrij
turbulent. Vijfentwintig jaar na de dood van Clara gaat de schrijver op
onderzoek uit. Via een aantal kleurrijke personages die het Amsterdam van de
jaren tachtig bevolkte, stuit ze op onverwachte bronnen. Lucifer is geïnspireerd
op een ware gebeurtenis in het leven van de Nederlandse componist Peter Schat
(1935-2003).
Mening van de groep
Moeilijk
doorheen te komen, soms stukjes die wel boeiend waren maar dan weer hele
stukken die niet konden boeien zoals het verhaal van de vriendenclub in de
grachtengordel.
Het boek 2
maal gelezen, 1e keer absoluut niet boeiend, Het gegeven van de componist en
zijn vrouw interesseerde me niet. Bij de 2e lezing het verhaal gelaten voor wat
het was en toen ontdekte ik wel interessante dingen bvb: wat is een roman?
Theorie over muziek. Toch ligt noch de schrijfster, noch haar woordgebruik en
zinsconstructie me niet.
Het boek
stak tegen. Het wereldje dat wordt beschreven riep aversie op. Het heeft veel
moeite gekost om me door het boek te worstelen. De schrijfster pakt uit met
kennis en weetjes. Af en toe echter toch passages die me wel aanspraken.
Teleurstellend
in vergelijking met bvb “De vriendschap”. Absoluut niet boeiend geschreven,
ellenlange passages over muziektheorie die voor een leek onbegrijpelijk zijn en
ook niet op een begrijpelijke manier worden beschreven. Oninteressante en niet
ter zake doende exposés. Vervelende en irritante personages: een groepje
navelstaarders, dat de waarheid in pacht meent te hebben, zich sociaal bewogen en
vernieuwend vindt maar neerkijkt op “de middelmaat”.
In het begin
wel interessant omwille van de erg herkenbare tijdsgeest in de jaren ’80. Op
het einde was ik het echter helemaal beu en heb ik zelfs hele stukken
overgeslagen zoals de theorieën over muziek.
Het boek is
anders dan de andere boeken die ik van de schrijfster las. Ik ging wel op in
het verhaal: was het nu een moord of niet? Ook afgezien hiervan vond ik het
boeiend, bewondering voor de schrijfster die over erg moeilijke onderwerpen,
die ik niet begrijp, kan schrijven.
Heb het boek
twee keer gelezen. De tweede keer las het makkelijker. Toch vind ik het niet
één van haar beste boeken. De personages die worden beschreven zijn irriterende
mensen/ Het intrigeerde mij of dit nu een psychologische roman was dan wel een
sleutelroman.
Vragenlijst
1. In hoeverre mag een schrijver de werkelijkheid naar zijn hand
zetten? Connie Palmen wordt er van beticht de door haar verzamelde roddels,
zonder enig bewijs, als ‘drama’ te gebruiken.
De aanleiding tot het verhaal
is een echt gebeurd feit maar het boek is fictie. Elke roman wordt door de
schrijver naar de hand gezet en dat kan en mag. Een roman is immers geen
documentaire of verslag van feiten.
2. Wat vinden jullie van de stelling; “de waarheid in de literatuur
bestaat niet”?
Wat is ‘de waarheid”? Volgens
de schrijfster heeft alleen de roman de waarheid. Iedereen heeft echter zijn
waarheid. Verschillende mensen kunnen hetzelfde meemaken maar het anders
ervaren, beleven en ook vertellen en herinneren zonder daarom te liegen. De
enige echte waarheid bestaat niet, is dus fictie, een roman is fictie en dus
waarheid.
3. Een andere vraag die zich opdringt: wie is nu eigenlijk de
Lucifer uit de titel? Is Clara de gevallen engel? Of toch Lucas, die een
symbolische val maakt uit zijn zelfgeschapen muzikale hemel? Of nog eerder de
schrijfster zelf die hier als schepper de strijd aangaat met God?
In het toneelstuk van Joost
van den Vondel is Lucifer een uit de gratie gevallen engel. Hij heeft de strijd
met God aangegaan, uit jaloezie, maar hij verliest, wordt naar "beneden
gegooid" en verandert in een wraakzuchtige duivel. In die optiek zou Lucas
Lucifer kunnen zijn, die uit zijn vrouw uit de weg ruimt omdat zij een
hinderpaal vormt is voor zijn creativiteit. Bovendien is ook Lucas uit de
gratie gevallen bij zijn vrienden van de Tafel en wordt er na verloop van tijd
verstoten.
Toch zou ook Clara Lucifer
kunnen zijn. In haar rouwadvertentie wordt gezegd “Onze engel is gevallen”.
4. Hebben alle literaire verfraaiingen en verdichtingen van Connie
Palmen jou weten te overtuigen van het waarheidsgehalte van deze roman over
Peter Schat of van de dramatische noodzaak er van?
We weten de waarheid niet
over de dood van Clara/Marina. Het is ook voor de lezer niet belangrijk wel
voor de mensen uit haar onmiddellijke omgeving. De roman geeft zelf geen
uitsluitsel over het feit of het hier over een ongeval of over een moord ging
die door Lucas/Peter werd gepleegd. Het is een geloofwaardig verhaal, dat is
alles.
5. Citaat: “Lucifer is niet bepaald een lekker boek. Palmen stapelt theorie op theorie, verhaal op verhaal, waardoor er
een reusachtig bouwsel ontstaat. Functionele architectuur, dat wel maar die
doet ook kil aan. Palmens plezier zit in het denken en niet direct in de taal”.
Ben je het hiermee eens?
Helemaal mee eens. De
schrijfster is een filosoof. Als ze in de taal haar plezier zou hebben dan is
dat toch met dit boek niet erg goed gelukt.
6. Welk cijfer geef je het boek?
Gemiddeld een 6.
Meer over de schrijfster
Palmen werd
in 1955 geboren in Sint Odiliënberg, een dorpje vlakbij Roermond in Nederland.
Samen met haar drie broers krijgt zij een katholieke opvoeding. Haar doopnamen
zijn Aldegonda Petronella Huberta Maria. Ze is als kind onder de indruk van de
kerk en het geloof en wil graag priester worden. Als haar duidelijk wordt dat
dit voor een meisje onmogelijk is, stelt ze haar ambitie bij tot non. Ze
studeerde literatuur en filosofie. In 1991 debuteerde ze als schrijfster met
haar literaire roman De Wetten. Het boek werd een bestseller en haar naam was
daarmee onmiddellijk gevestigd. Later volgden: “De vriendschap”, “IM”, “De
erfenis”, “Geheel de uwe” en “Lucifer”. Met het boek “De vriendschap” won ze de
AKO literatuurprijs. Ze presenteerde ook een tijd het programma Zomergasten
voor de VPRO.
Korte samenvatting
Edward en Florence, twee
jonge mensen van 22 zijn op huwelijksreis in een hotel aan Chesil Beach. Het is
juni 1962, de seksuele revolutie van de jaren 60 moet nog komen. Het echtpaar zit in hun hotelkamer aan een
weinig smakelijk Engels avondmaal en beiden zijn angstig en nerveus voor hun
komende huwelijksnacht: Edward omdat hij vreest te kort te schieten, Florence
omdat ze niet houdt van het lichamelijke aspect van de liefde. Geen van beiden
kan echter spreken over hun gevoelens en angsten. Hun eerste poging om de
liefde te bedrijven loopt daarom niet bepaald goed af. Wat het hoogtepunt van
hun huwelijksnacht moest worden, wordt het absolute dieptepunt van hun relatie.
De gevolgen van wat er gebeurt en van hun beider reacties op het gebeurde
tekent de rest van hun leven.
Mening van de groep
- mooi boek,
goede beschrijving van de personages, mooi taalgebruik, echter weinig spanning
en gelaagdheid
- las het
boek graag om te weten hoe het afliep. De verhalen er rond boeiden me echter
niet echt
- het boek
tweemaal gelezen. De tweede keer was het nog mooier, in het bijzonder de manier
waarop Mc Ewan beschrijft wat had kunnen voorkomen worden
- mooi en
tragisch, goed en aangrijpend geschreven vooral de onmacht om tot echte
communicatie te komen en de noodlottige gevolgen daarvan
- de
misverstanden tussen twee mensen die toch veel van elkaar houden zijn goed
beschreven. Toch bleef het boek niet lang hangen.
- Heel mooi,
tweemaal gelezen. Aangenaam verrast door het boek. Wat erg herkenbaar werd
beschreven is de onmogelijkheid van de twee hoofdpersonages om te uiten wat hen
bezig houdt. De verschillen tussen een man en een vrouw vond ik een interessant
thema. Het verbaasde dat een mannelijke schrijver zo fijngevoelig de gedachten
van zowel een man als een vrouw kan beschrijven.
- Heel mooi
boek. Het gaat over een situatie die zo beeldend was beschreven dat je alles
voor je zag. Er wordt geen oordeel uitgesproken over de verschillende
personages, hun gevoelens worden als gelijkwaardig beschreven.
- Wel een
goed boek maar de situatie maakte zenuwachtig, had constant de drang om
tussenbeide te komen en te roepen ‘doe dat toch niet’. Het is wel twijfelachtig
of mannen de zaken zo wel beleven als beschreven.
Vragenlijst
1. Het Engelse boek heeft een andere foto op de omslag dan het
Nederlandse. Welke vind je het meest passend bij het verhaal?
Het Nederlandstalige boek
heeft op de omslag een afbeelding van grote stenen, rotsblokken, met daarachter
een stuk van de zee. Het Engelse boek daarentegen heeft op de omslag een foto van
een kiezelstrand waar je een vrouw ziet die zich in de verte verwijdert. Die
afbeelding verwijst naar het einde van het boek: “… hoe ze zich in de zomerschemer langs het
strand haastte … totdat ze een vervaagd
wijkend punt was tegen de onmetelijke rechte kiezelweg die lag te glommen in
het volle licht”
2. Wat is het thema van het boek?
Het thema is ruimer dan enkel
seksualiteit; het gaat om het onvermogen om je open te stellen, te kunnen
communiceren zelfs niet met iemand waarvan je veel houdt; over de levensloop
die kan beïnvloed worden door iets al dan niet te doen, te zeggen, door het
toevallige.
3. Waar zie je in het boek dat het gaat mislopen?
De typische Engelse maaltijd,
in een periode dat er daar van het culinaire nog geen sprake was, verwijst naar
het naderende tragische einde. Het hele boek geeft aan dat Florence en Edward
niet kunnen communiceren en dat het daardoor slecht gaat aflopen.
4. In lange flashbacks over hun jeugd, adolescentie en
verlovingstijd wil McEwan begrijpelijk maken waarom Florence en Edward in hun
eerst huwelijksnacht handelden zoals ze deden. Welke elementen daaruit zijn
voor u het belangrijkste om hun doen en laten, hun spreken en zwijgen te
verklaren?
De huiselijke situatie van
beiden liet wel te wensen over en was niet bepaald stimulerend om te leren
omgaan met gevoelens en die te uiten. De moeder van Edward is door een spijtig
ongeluk geestelijk gestoord sinds zijn vijfde en zijn vader, een leraar, doet
zijn best om zowel zijn werk, als het huishouden en de zorg voor de moeder te
combineren. Veel tijd en ruimte voor communicatie is er hier dus niet. Florence
stamt uit een hoger gesitueerd gezin. Haar moeder is hoogleraar, kil en
afstandelijk en in de eerste plaats bezig met haar werk. Haar vader bekommert
zich wel om, in het bijzonder Florence de oudste dochter. Maar er wordt wel
gesuggereerd dat die zorg niet helemaal koosjer is. Ook zij voelt zich dus
eenzaam en kan niet bij haar ouders terecht. Het ligt voor de hand dat beiden
zich niet kunnen uiten, bang en onmachtig zijn om over hun gevoelens te spreken
en dus op een fiasco in hun relatie afstevenen.
5. Wat zou er gebeurd zijn als Edward en Florence wel met elkaar
over seksualiteit hadden kunnen praten? In hoeverre zou dat hun relatie gered
hebben?
In dat geval zou hun relatie
zeker langer geduurd hebben. Als ze over seksualiteit konden praten, konden ze
dat ook over al het andere dat hen bezig hield, wat zij voelden. Of de relatie
nooit zou zijn afgebroken is echter ook in een dergelijke situatie niet te
voorspellen, zeker niet in het vooruitzicht van de woelige zestiger jaren van
de twintigste eeuw.
6. Hoe heb je het ervaren dat er op het einde van het boek enkel
vanuit het standpunt van Edward wordt verteld?
Het is jammer dat je op het einde
bijna niets meer over Florence verneemt. Zij heeft schijnbaar haar grote
passie, de muziek, kunnen beleven. Ze heeft met haar kwartet een mooie
succesvolle carrière uitgebouwd. We weten echter niet of ze nog liefde heeft
gekend, of ze echt gelukkig was, of ze nog veel aan Edward heeft gedacht, hem
heeft gemist. Het wordt een enkele keer gesuggereerd als ze bij een optreden
naar de rij in de zaal keek waar Edward ooit beloofde te zullen zitten.
Van Edward vernemen we wel
dat hij nog enige relaties had maar dat hij Florence als de grote echte liefde
van zijn leven is blijven beschouwen. Hij vraagt zich af wat er zou gebeurd
zijn als hij wel gereageerd had toen Florence hem op het strand van Chesil
Beach de rug toekeerde en wegliep. Alleszins weten we dat hij zijn passie, de
geschiedenis, heeft opgegeven en dat zijn carrière een heel andere wending
heeft genomen.
7. Welk cijfer geef je het boek?
7-7,5 gemiddeld
|
Meer over de schrijver http://nl.wikipedia.org/wiki/Ian_McEwan |
|
Paarden stelen – Per PETTERSON
Korte samenvatting
Trond is een 67 jarige man
die zich na de dood van zijn tweede vrouw met een hond terugtrekt in een huisje
in een bos. Hij wil het huisje zelf opknappen ook al heeft hij geld om het te
laten doen. Hij zoekt de natur en de eenzaamheid op omdat hij daar al zijn hele
leven naar verlangde. Hij ontdekt dat zijn naaste buurman een bekende uit zijn
jeugd is. De ontmoeting met de buur doet hem terugdenken aan de zomer van 1948
die hij, 15 jaar oud, met zijn vader doorbracht ook in een huisje aan een bos,
dicht bij de Zweedse grens.Na die zomer zou zijn leven nooit meer worden zoals
voorheen.
Mening van de groep
De groep was unaniem
opgetogen over het boek:
-
een van de beste boeken die ik de laatste jaren las.
Een erg goed geschreven verhaal van een man die ouder is geworden en de tijd
die hem nog rest zo wil doorbrengen zoals hij het altijd al verlangde: alleen,
in stilte, opgaand in de natuur. En ook het verhaal van een 15 jarige jongen
die gelukkig is omdat hij een zomer met zijn vader kan doorbrengen.
-
heel mooie sfeer, boeiend, vond het jammer toen
het boek uit was en ik ga het zeker nog een tweede keer lezen
-
mooi boek over vader/zoon relatie, aanvaarding
van het leven zoals het loopt. De verschillende gebeurtenissen worden
beschreven zonder er een oordeel over uit te spreken.
-
Een verschrikkelijk mooi boek. Niet alles wordt
uitdrukkelijk benoemd en toch weet je wat de schrijver bedoelt. Een van de
mooiere boeken die ik ooit las.
-
Een heel mooi boek. Heb het wel nogal snel
gelezen. Het verhaal van een man die zich terugtrekt uit de samenleving zoals
ook in ‘de waarnemer’. In dit boek is het echter mooier beschreven. De
hoofdpersoon komt ook sympathieker over. Het is een bescheiden man die tevreden
is met zijn leven zoals het was en zoals het is.
-
Het boek heeft me van het begin af aan gegrepen.
Het is erg eenvoudig geschreven, gevoelig maar niet sentimenteel, geen
overbodige woorden of versierselen, niet experimenteel of vernieuwend maar toch
van het begin tot het einde boeiend.
Vragenlijst
1. Welk soort roman is ‘Paarden stelen’?
Op een internetforum
omschreef iemand het als een Bildungsroman (Ontwikkelingsroman/Bildungsroman:
de romanvorm waarbij de innerlijke groei van een personage wordt beschreven via
psychologische analyse) Ben je het daarmee eens? Waarom wel of niet?
Het is geen psychologische
roman. Je zou het wel een ontwikkelingsroman kunnen noemen, maar dan wel zonder
psychologische analyse. Er is wel sprake van een innerlijk groeiproces bij
Trond. De jongen die opkijkt naar zijn vader, zich afwendt van zijn moeder,
wordt geconfronteerd met dood en verlies. Zijn vader laat hem en zijn moeder en
zus in de steek. Toch lijkt Trond opgegroeid te zijn tot een innerlijk
evenwichtige man die weet wat hij wil en geen spijt of schuldgevoelens heeft
noch rancune koestert.
2. Wat vind je van de schrijfstijl van Petterson?
Het boek is geschreven in een
erg eenvoudige en toch gevoelige en poëtische taal, vooral in de beschrijvingen
van de natuur. Het boek is heel toegankelijk. Het bevat twee verhaallijnen: het
nu (de 67-jarige Trond die zich heeft teruggetrokken) en het verleden (de 15
jarige Trond die een zomer met zijn vader doorbrengt). De overgangen tussen
deze twee verhaallijnen is nooit storend. Het loopt vloeiend over van het heden
naar het verleden en weer terug. Soms worden lange zinnen gebruikt waarin vaak
het voegwoord ‘en’ voorkomt. Ook veel herhalingen. De lange zinnen noch de
herhalingen zijn echter ooit storend, integendeel ze versterken het verhaal.
3. Wat is het thema van het boek? De motieven?
Vader/zoon relatie, volwassen
worden, balans opmaken van het leven, verlies en dood, liefde en verraad als
mogelijke thema’s.
Motieven: natuur, stilte, tijd,
achterlaten en verlaten worden.
4. Omschrijf de hoofdpersoon Trond zowel als volwassen man dan als
jongen. Vindt u hem een sympathieke man? Wat is voor hem belangrijk? Lijkt hij
nog op de jongen die hij in 1948 was? Denk je dat hij erg door de vader werd
beïnvloed?
De 67-jarige Trond lijkt nog
op de 15-jarige jongen die hij eens was. Hoe hij in de wereld staat is
hetzelfde: hij leek en lijkt erg evenwichtig te zijn, zich niet door
tegenslagen, pijn en verdriet te laten kennen zoals hij dat van zijn vader
heeft geleerd. In die zin is hij wellicht wel door zijn vader beïnvloed maar
het lijkt helemaal niet gedwongen, geforceerd. Als hij zich op het platteland
terugtrekt is dat niet de samenleving de rug toekeren maar wel doen wat hij
zijn hele leven al verlangde, alleen zijn in de natuur. Hij heeft de ander
mensen alleen voor het praktische nodig maar het is niet zo dat hij een
mensenhater is, of dat hij op hen neerkijkt. Hij wil niet opvallen of zich
profileren maar er gewoon zijn. Hij is tevreden met zichzelf en met zijn leven.
De rust, de stilte en de natuur zijn voor hem belangrijk. Hij is een rustige en
sympathieke man. De scène in Zweden, als hij daar met zijn moeder is en hij de
aandrang voelt om een man te slaan is een cruciaal psychologisch punt in zijn
leven. Hij beslist niet in de agressie te gaan. Moest hij dat wel gedaan hebben
dan zou zijn leven een heel andere wending hebben genomen.
5. Omschrijf de vader van Trond. Vind je hem sympathiek? Wat vind je
van zijn houding tegenover zijn familie en in het bijzonder tegenover Trond?
Welk gevoel had je bij die houding? Is er volgens jou sprake van verraad? Voelt
Trond dit zo?
Trond schijnt het feit dat
zijn vader hem in de steek heeft gelaten, niet als een verraad te voelen. Hij
schijnt het te accepteren en spreekt er geen oordeel over uit. Het wordt niet
expliciet zo vermeld maar toch moet hij zich ook gekwetst en verdrietig hebben
gevoeld als hij bijvoorbeeld na de zomer meerdere keren per week naar het
station fietst om naar de terugkeer van zijn vader uit te kijken. Hij stelt
zich vragen over wat er verder met zijn vader gebeurde maar hij vraagt er niet
naar als hij Lars terug ontmoet. Lars van zijn kant weet niet of zijn eigen
moeder nog leeft en hoe ze het maakt.
De vader van zijn kant tracht
de zoon zo op te voeden dat hij bestand is tegen verlies en pijn en zijn
vertrek in het bijzonder, dit echter zonder zijn zoon te willen manipuleren.
Hij zegt Trond dat je zelf in de hand hebt wat je met je pijn en verdriet doet.
De vader komt toch niet altijd
sympathiek over: omdat hij niet eerlijk en rechtstreeks met zijn zoon praat,
noch over zijn verleden, noch over wat hij van plan is te doen. Hij neemt zijn
verantwoordelijkheid niet op. Trond dacht dat hij een mooie zorgeloze vakantie
zou doorbrengen met zijn vader, maar voor die laatste is het een afscheid van
zijn zoon, een laatste keer dat ze samen zijn en die tijd wil hij wel zo
aangenaam en mooi mogelijk maken. Maar hij is te ongeduldig en te rusteloos om
te wachten op het juiste ogenblik om zijn hout via het water te transporteren.
Zo blijven zijn vrouw en kinderen zonder geld achter. Het bracht enkel
voldoende op voor een mooi pak voor Trond en een eten met zijn moeder in een
restaurant.
De aversie tegen de vader
kwam echter bij de meeste leden van de groep pas achteraf. Dit heeft ook te
maken met de houding van de zoon ten overstaan van zijn vader. Hij veroordeelt
hem nooit.
De vader lijkt wel een
boeiende man met een erg avontuurlijke uitstraling, dapper ook tijdens de oorlog.
Vaders werden in die jaren ook niet verwacht een diepe band met hun kinderen te
hebben. Dat had Trond overigens ook niet met zijn kinderen. Vaders moesten
enkel voor het financiële zorgen. Dat deed Tronds vader echter ook niet nadat
hij zijn gezin verliet.
In bepaalde scènes kwam hij
ook nogal macho over zoals bij het brandnetels uittrekken met de blote handen,
het opbieden tegen de vader van Jon, man van zijn geliefde, bij het opstapelen
van de bomen.
6. Trond zegt dat na de zomer van 1948 zijn leven nooit meer
hetzelfde werd. Komt dit uit het boek naar voren?
Het wordt inderdaad
verschillende keren gezegd dat zijn leven nooit meer het zelfde werd. Hoe zijn
leven anders werd wordt echter niet beschreven. De vader, die voorheen ook al
veel afwezig was, kwam niet meer terug. Trond, en ook zijn moeder en zus,
moesten verder zonder zijn hem, waarschijnlijk ook met minder financiële
middelen. Toch lijkt hij niet verbitterd, haatdragend of veroordelend tegenover
zijn vader. Hij accepteert wat er gebeurt en tracht zijn leven terug op te
nemen. Toch stelt hij zich vragen over hoe het zou kunnen geweest zijn. In zijn
lievelingsboek ‘David Copperfield’ vraagt de hoofdpersoon zich in de beginzin
af of hij of iemand anders de hoofdrol zal spelen in zijn eigen leven. De
dochter van Trond herinnert hem aan dit boek en in het bijzonder aan de
openingszin. Zij vond het een gruwelijke gedachte dat iemand anders de hoofdrol
in haar leven zou spelen en dat zij zou veroordeeld worden tot het leven van
een geest die toekijkt hoe een ander haar leven leidt. Trond vraagt zich ook af
of Lars een deel van het leven dat hem toekwam heeft overgenomen: heeft Lars de
rol van zoon gespeeld bij Tronds vader? Hij vraagt het zich af maar hij vraagt
er niet naar. Hij wil het wellicht ook niet weten.
7. Welke rol speelt Jon in het verhaal? (zowel ten opzichte van
Trond als van Lars). Hoe ervaar je de scène waarin Jon het vogelnestje
vernielt?
Jon voelt zich waarschijnlijk
erg schuldig over de dood van zijn jongere broer. Hij kan er niet over praten.
Het vernielen van het vogelnestje lijkt erg wreed en hard en voor Trond
onbegrijpelijk. Het is ook de laatste keer dat hij met zijn vriend samen is
maar ook dat weet Trond niet. Tegenover Lars is Jon ook wreed. Jon blijft jaren
weg, Lars doet in die jaren al het werk op de boerderij. Als Jon echter het
leven op zee moe is komt hij terug en eist gewoon de boerderij op omdat hij de
oudste is. Ook Lars trekt zich dan, wel gekwetst, met zijn hond terug in de
natuur.
8. Is ‘Paarden stelen’ een mannenboek? Welk beeld van vrouwen word
er in het boek naar voren gebracht? Hoe staat Trond tegenover vrouwen?
Het is een mannenboek in die
zin dat er voornamelijk over mannen wordt verteld. De vrouwen zijn van minder
belang in het boek. Ze spelen een bijrol en hebben geen hoge status. Ze worden
niet altijd positief beschreven (bijvoorbeeld de moeder van Trond). Trond zegt
zelf op een gegeven ogenblik in het boek ook dat hij niet altijd geduldig was
voor vrouwen.
9. Een recensent vond dat het bezoek van de dochter bijdroeg aan het
begrip van Trond voor zijn vader. Ben je het daarmee eens? Zie je
overeenstemming tussen de beide vaders?
We zijn het er niet mee eens
dat het bezoek van de dochter bijdroeg aan het begrip van Trond voor zijn
vader. Hij schijnt het zijn vader nooit echt kwalijk te hebben genomen dat hij
zomaar uit zijn leven verdween. Door dit bezoek, en de gedachten van Trond,
wordt het de lezer echter wel duidelijk dat Trond, net als zijn vader, een
afwezige vader was. Zij waren beiden vaak weg van hun gezin en hun terugkeer
bracht spanningen en ook onzekerheid teweeg bij hun kinderen. Zoals Trond zich
tegenover zijn dochter voelt, zo voelde zijn vader zich ook tegenover hem. Zij
houden van hun kinderen maar willen wel hun eigen weg gaan.
10. Welk cijfer geef je het boek?
De cijfers varieerden tussen
8,5 en 9, gemiddeld iets meer dan 8,75.
Meer over de schrijver
Per Petterson is een Noorse
schrijver. Hij werd geboren in 1952. Hij was ongeschoold arbeider, na het
volgen van een opleiding werkte hij als bibliothecaris, later als boekverkoper,
vertaler en recensent. Hij publiceerde zijn eerste boek in 1987. In Denemarken
won hij verschillende prijzen. Ook in het buitenland werd hij gelauwerdHet boek
‘Paarden stelen’ werd als een van de beste boeken van 2007 beschouwd door de
New York Times Book Review. Met dit boek won Petterson in 2006 de Independent
foreign fiction prize en in 2007 de Internationale Impac Dublin Literary Award
waaraan een bedrag van 100.000 euro is verbonden. Andere genomineerden dat jaar
waren Jonathan Safran Foer, J.M. Coetzee, Cormac Mc Carty, Julian Barnes en
Salman Rushdie. Voorgaande winnaars van die prijs waren o.a. David Malouf, Colm
Toibin, Michel Houellebecq en Orhan Pamuk. Petterson zegt dat hij sterk is
beïnvloed door uiteenlopende schrijvers als Knut Hamsun en Raymond Carver. Het
landschap speelt altijd een belangrijke rol in zijn werk, omdat de natuur voor
de schrijver en voor al de Noren ook belangrijk is. Hij zegt nooit volgens een
plan te schrijven, hij laat het verhaal al schrijvend groeien.
Twee andere werken van
Petterson werden in het Nederlands vertaald en uitgegeven: “Terug naar Siberië”
waarin hij de geschiedenis van zijn eigen grootmoeder verwerkt, en “Kielzog”.
Dit boek schreef Petterson naar aanleiding van de dood van zijn ouders, broer
en nicht die omkwamen in een ferryongeval in 1990.
Gravin van Parma - Sandor MARAI
Korte samenvatting
Sándor Márai verhaalt over de
8 dagen, die de legendarische Giacomo Casanova, na zijn vlucht uit de
gevangenis in Venetië (nl. de Piombi, de beruchte Loden Kamers van Venetië), in
Bolzano doorbrengt (1756) . Deze vlucht zou het enige historische feit zijn uit
de roman. Voor de rest berust het hele verhaal op de fantasie van de schrijver.
Het verhaal begint na zijn
ontsnapping. Samen met Balbi, een uit zijn orde gezette monnik, is Casanova op
weg naar Bolzano.Hier ontmoet hij twee mensen die ooit een belangrijke rol
hebben gespeeld in zijn leven. De Graaf van Parma en diens echtgenote
Francesca.
In het verleden hebben de
Graaf en Casanova een duel uitgevochten om Francesca. Casanova verloor dit duel
en werd zwaar werd. De Graaf trouwde met Francesca en hij zou Casanova doden als hij nog terug
in de nabijheid van haar kwam. Tijdens zijn verblijf in Bolzano wordt dit duel
met woorden voortgezet, maar de uitkomst ervan wordt bepaald door de gracieuze
Francesca, de Gravin van Parma. Zij is, naar eigen zeggen, Casanova’s
spiegelbeeld, dus kan zij hem dodelijker treffen dan wie dan ook. Haar inzicht
in zijn gevoelsleven dwingt hem voorgoed trouw te blijven aan degene die hij
eigenlijk niet wil zijn.
Mening van de groep
-
Bij de eerste lezing vond ik het te langdradig,
te veel uitweidingen. Daarna las ik “Gloed” van dezelfde schrijver en dan
opnieuw “De gravin van Parma”. Bij de tweede lezing was ik niet meer zo gejaagd
om het verhaal te kennen en vond ik het boek beter
-
Mooi boek hoewel het middenstuk met monoloog van
de graaf veel te lang duurde
-
Het boek niet uitgelezen omdat ik het te
langdradig vond
-
Er kwamen erg veel herhalingen in het boek voor,
ik wilde het verhaal volgen maar het duurde te lang
-
Het eerste deel was redelijk vermakelijk. Zo was
zowel de barbier als de vrouw uit Toscane die Casanova om hulp kwam vragen erg
goed en grappig beschreven. Ik verwachtte echter een betere tweede helft maar
die stelde toch teleur, was te langdradig
-
Vond het boek niet erg goed. Er kwamen wel goed
geschreven stukken in voor maar in zijn geheel duurde het te lang
-
Het begin van het boek was wel goed maar dan
werd het te langdradig en heb ik diagonaal verder gelezen.
-
Vond het boek niet echt goed in vergelijking met
‘Gloed’ en ‘De erfenis van Eszter’. Nogal bombastisch en te veel herhalingen.
De hoofdpersonages praatten niet met elkaar maar staken bladzijden lange saaie
en vermoeiende monologen af die niet bleven boeien.
-
Een goed boek dat ik graag heb gelezen. De monologen
over de liefde van de gravin en de Toscaanse vrouw waren interessant. Ik heb
het boek twee keer gelezen en was nog altijd geboeid ook al zijn er passages
die te lang duren en daardoor saai worden zoals de monoloog van de graaf. Die
duurde te lang.
Vragenlijst
1. Wat vinden jullie van de schrijfstijl? Taalgebruik?
Breedsprakerig, te veel
uitgerafeld. Toch staan er ook erg kernachtig uitgedrukte passages in met mooi
taalgebruik.
Het boek is geschreven in de sfeer
van de tijd waarin Casanova leefde en in de stijl waarin men toen schreef:
alles ging trager, men had meer tijd.
Opmerkelijk is dat er een
vermelding werd gevonden op Internet waarin gewag wordt gemaakt van het
verschil in appreciatie door de Engelstalige critici uit de V.S. en die uit
G.B. In de V.S werd het boek als “ondraaglijk saai” en “zelfbevredigend
geraaskal” beschreven. In Engeland echter vond men het ‘uitzonderlijk’, elegant
subversief’ en ‘welsprekend en vlot’. Zou dit verschil voortvloeien uit het
verschil tussen de Engelse en de “American way of life”?
2. Welk soort roman is het? Hoe is het verhaal opgebouwd? Wie is de
verteller?
Het is niet echt een
historische roman, meer een psychologische. Casanova wordt geportretteerd, niet
als de zelfzekere en flamboyante charmeur, maar als een man die ook zijn
onzekerheden heeft, steeds op zoek naar iets wat hij niet vindt (of niet wil
vinden?) Een psychologische ontwikkeling van de personages is er echter niet
echt omdat het verhaal maar een periode van acht dagen omvat.
3. Welk is het thema? Welke zijn de eventuele motieven?
Het thema is ongetwijfeld de
liefde. Wat is de liefde voor elk van de hoofdpersonen, hoe wordt en werd hun
leven er door bepaald, en wat is liefde.
Motieven: trouw en ontrouw,
verraad en wraak.
4. Wat denken jullie over de beschrijving van de personages en hun
karaktertrekken? Giacomo Casanova: ‘Casanova heeft een narcistische
persoonlijkheidsstoornis’ zijn jullie akkoord met deze uitspraak? Wie vonden
jullie sympathiek? Wie antipathiek?
Casanova schijnt een
narcistische persoonlijkheidsstoornis te hebben, hij is egoïstisch, zorgt enkel
voor zichzelf en heeft geen echte diepe gevoelens voor anderen. Hij heeft ook
geen inzicht in zichzelf. Hij maakt zichzelf wijs dat hij eigenlijk een
schrijver is maar hij gaat later pas schrijven, op het einde van zijn leven.
Toch is hij ondanks zijn gebreken, niet geheel onsympathiek.
De Graaf van Parma is een
griezelige persoon. Hij wil zijn vrouw niet verliezen en bepaalt dan maar voor
haar dat zij met zijn goedkeuring een liefdesnacht met Casanova mag
doorbrengen. Hij misbruikt zijn macht en wil die ook duidelijk laten zien. Hij
wil zowel zijn vrouw als Casanova gebruiken voor zijn eigen doeleinden.
De Gravin van Parma hield
echt van Casanova zoals hij was met zijn gebreken, die zij wel duidelijk zag.
Zij wilde alles voor hem doen. Het is een krachtige vrouw die zich niet laat
gebruiken. Zij kwam haar rechten opeisen. Zij zat vast in haar passie voor
Casanova maar was na afloop wel genezen van hem.
Teresa is de enige echt
sympathieke figuur in het boek. Het is een sterke persoonlijkheid. Ze gaat wel
mee met Casanova, niet omdat ze zwak is en voor hem valt maar omdat zij beseft
dat haar leven in de herberg nooit beter zal worden en omdat meegaan met
Casanova de enige manier is om er aan te ontsnappen.
Ook de Toscaanse vrouw die
bij Casanova om raad komt is sympathiek en sterk.
Men kan dus wel stellen dat
de vrouwen in het boek het sympathiekst worden geportretteerd.
5. ‘ In dit verhaal zit de hoofdpersoon geketend aan de liefde. De
afwijzing van de vrouw betekent pijn voor zowel de vrouw als de man?’ Wat
denken jullie hierover?
Casanova lijdt niet zoals de
gravin. Hij is op zoek naar die Ene, denkt steeds haar te hebben gevonden maar
als hij haar gehad heeft is hij teleurgesteld. Francesca is de enige die hij
nooit heeft gehad en hij wil wat hij niet heeft. Hij laat geen diepere
gevoelens toe. Hij kan het geluk niet vinden en laat het ook niet toe. De
gravin heeft wel verdriet om hem gehad maar dat is na hun laatste ontmoeting
schijnbaar over. Ze is van hem genezen.
6. Het boek is in het begin moeilijk om door te komen, langdradig en
saai… maar naar het einde toe boeiend en verrassend. Zijn jullie akkoord met
deze uitspraak?
Het boek is vooral langdradig
in de monoloog van de graaf. Het is wel verrassend want je blijft met veel
vragen zitten.
7. Wat bedoelt de Gravin van Parma als zij zegt dat Casanova haar
spiegelbeeld is?
Als je van de
veronderstelling uitgaat dat een spiegelbeeld identiek is aan het origineel dan
lijkt haar uitspraak vreemd. Ze zijn immers allesbehalve identiek. Als je een
spiegelbeeld beschouwt als het omgekeerde van het origineel (wat rechts is zie
je in een spiegel links) lijkt het minder vreemd. De gravin en Casanova lijken
eerder elkaars tegengestelde. Zij gaat voor de liefde terwijl Casanova die
ontloopt. Hij kiest de gemakkelijkste weg en neemt zijn verantwoordelijkheid
niet terwijl de gravin haar luxeleven op het spel wil zetten voor de liefde.
8. Het herenakkoord tussen de Graaf van Parma en Casanova, werd dit
ingegeven door liefde of door machtswellust en bezitterigheid van de graaf? En
wat betekende het voor Casanova?
De Graaf sluit dit akkoord af
niet uit liefde maar uit bezitterigheid. Hij vreest zijn vrouw te verliezen en
denkt een manier te hebben gevonden om dit te voorkomen. Voor Casanova is het
een gemakkelijke manier om te ontsnappen aan de verantwoordelijkheid en aan
hechting. Hij denkt er beter van te worden en toch Francesca eenmaal te kunnen
bezitten.
9. Wat denken jullie over de uitspraken van de graaf ivm de
literaire waarde van de zin: ‘Zien moet ik jou?’
Zijn uitspraak lijkt ons
cynisch bedoeld. Hij wil spotten met het verlangen van zijn vrouw zoals een man
doet die niet wil toegeven dat hij geraakt is.
Er is wel een verschil tussen ‘ik moet je zien’ en ‘zien moet ik jou’.
Het laatste is veel dringender.
10. Welk cijfer geef je het boek?
Gemiddeld 6,5
Meer over de schrijver
Sándor Márai werd geboren op
11 april 1900 in het Hongaarse Kassa (nu Košice, Slowakije) in een Saksische
burgerfamilie. Hij studeerde letterkunde in Leipzig, Frankfurt en Berlijn.
Vanaf 1929 schreef hij vele romans, verhalen, gedichten, essays en
toneelstukken. Hij vertaalde ook werk van andere schrijvers. Gedurende de
nazitijd leefde Márai teruggetrokken in Boedapest. In 1948 ontvluchtte hij zijn
land vanwege het communisme. Hij leefde achtereenvolgens in Zwitserland, in
Italië, de V.S., opnieuw in Italië om zich vanaf 1979 definitief in de V.S. te
vestigen. Hij bleef schrijven in het Hongaars. Zijn boeken werden in Hongarije
verboden en verschenen vrijwel onopgemerkt in het buitenland. De laatste jaren
van zijn leven leidde hij met zijn vrouw en aangenomen zoon een eenzaam bestaan
in San Diego, waar hij op 22 februari 1989, na het overlijden van vrouw en
zoon, zelfmoord pleegde. Een jaar na zijn zelfmoord, in 1990, werd zijn
belangrijkste boek “Gloed” opnieuw in het Hongaars uitgebracht. Márai wordt
door literatuurliefhebbers algemeen beschouwd als een van de belangrijkste
Europese schrijvers van de twintigste eeuw.
Ander werk van Marai:
- De opstandigen
- Nacht voor de scheiding
- Kentering van een huwelijk
- Land, land!...
- Gloed
- De erfenis van Eszter
De vrouw die ik nooit was – Majgull AXELSSON
Korte samenvatting
In het boek wordt het
levensverhaal verteld van Mary-Marie Sundin via twee parallelle verhaallijnen.
Zowel Mary als Marie maken, vanuit eenzelfde geschiedenis en feitelijkheid,
keuzes in hun leven waardoor hun toekomst wordt bepaald. Verder maken we kennis
met de vrienden van Mary-Marie en hun relatie tot haar en tot de
gebeurtenissen.
Mening van de groep
-
goed boek in tegenstelling tot Aprilheks dat ik
maar niets vond
-
heel goed boek, niet gemakkelijk te lezen. Het
verhaal is wel somber en ik leefde er me erg in. De interacties tussen de
verschillende leden van de biljartclub waren boeiend
-
het boek twee keer gelezen. De tweede keer let
je meer op. De eerste keer was er veel dat ik niet snapte. Ik begreep
bijvoorbeeld in eerste instantie niet dat het over één en dezelfde persoon gaat
-
Ik heb het boek graag gelezen. Ik was geboeid
door het verhaal en wilde weten hoe het verder ging met Marie/Mary. Het is ook
erg goed geschreven. Boeiende schrijfstijl die geen moment verveelt
-
Ik had het boek al eens gelezen maar wist er
niet meer veel van. Ik vond het een goed boek: het verschil tussen de twee
persoonlijkheden Mary en Marie, de evolutie van de vriendengroep, het gedrag
van Mary als bedrogen vrouw die toch niet zielig was
-
Vond het begin wel moeilijk en ik kon niet in
het verhaal komen. Maar na een tijdje ging het beter en wilde ik weten hoe het
afliep. Ik las het nog een tweede keer met meer aandacht en kreeg zo meer zicht
op het boek. Ik vond het steeds mooier worden.
-
Ik heb het boek ook twee keer gelezen. De tweede
keer vallen er meer dingen op. Er werd goed beschreven hoe mensen keuzes maken
en tot wat dat in hun leven kan leiden. De beschrijving van de vriendengroep en
hun relatie tot elkaar was boeiend. In zijn geheel goed en kernachtig
geschreven.
Vragenlijst
|
Op het lichaam geschreven –
Jeanette Winterson |
|
Korte
samenvatting
De verteller van het verhaal heeft er al heel wat relaties opzitten, zowel met vrouwen als met mannen. Dan ontmoet hij/zij Louise, een mooie vrouw, gehuwd met een arts en kinderloos. Ze worden verliefd op elkaar. Na een tijd een geheime relatie te hebben verlaten ze hun respectievelijke partners en gaan samenwonen. Op een dag komt Louise’s man op bezoek bij de verteller en zegt dat Louise kanker heeft. Hij vraagt om haar te laten gaan omdat de enige kans op haar genezing bij hem ligt. De verteller gaat er op in en vertrekt. Hij/zij is echter erg ongelukkig en denkt voortdurend aan Louise. Uiteindelijk betreurt hij/zij zijn/haar beslissing en gaat op zoek naar Louise, zonder resultaat. Hij/zij keert terug naar de eigen woning en plots staat daar Louise…
Mening
van de groep
-
niet makkelijk leesbaar, het stak tegen en raakte
me niet. Een vervelend boek waar toch goede filosofische stukken in voor kwamen
-
las het boek de eerste keer toen het verscheen. Toen was het
voor mij voornamelijk een mooi, gevoelig geschreven en aangrijpend
liefdesverhaal, weliswaar met een onderliggende boodschap, namelijk dat de
clichés je op een dwaalspoor brengen. Nu raakte het me niet meer. Ik vond de
hoofdpersoon/verteller en Louise behoorlijk irritant en egoïstisch. De stukken
over het lichaam hadden er uit gemogen. Toch voor de rest een goed geschreven
boek over hoe je je in een ander kan verliezen.
-
Vond het wel gemakkelijk leesbaar maar het raakte me niet, het
irriteerde zelfs soms. Ik vond het verwarrend dat het boek dan weer vanuit een
mannelijk standpunt (in het eerste deel) en dan weer vanuit een vrouwelijk leek
te zijn geschreven.
-
Vond het ook makkelijk leesbaar maar het glipte me door de
vingers; de stukken over het menselijk lichaam vond ik overbodig en niet
essentieel voor het verhaal.
-
Vond het boek soms onbegrijpelijk. Wat me aan het lezen heeft
gehouden was de vraag: is de hoofdpersoon nu een man of een vrouw? Ik heb het
enkel uitgelezen omdat het voor de leesgroep was. Het raakte me helemaal niet.
- Begreep het boek wel. Las het twee keer na elkaar. De eerste keer irriteerde het me vaak. De tweede keer kon ik wel van de mooie taal genieten. Het boek is goed geschreven maar niet boeiend. De bedoeling van het middenstuk was niet duidelijk.
Vragenlijst
1. Heeft
het boek een logische titel? Wat vind je van de boekomslag?
De titel van het boek verwijst naar wat er
op bladzijde 86 en 87 staat geschreven. Louise en de hoofdpersoon hebben de
liefde bedreven. “… je tikt een boodschap op mijn huid, tikt betekenis in mijn
lichaam…….Op het lichaam geschreven staat een geheime code, alleen zichtbaar
bij een bepaald licht; de ervaringen van een heel leven stapelen zich daar
op…..Ik wist niet dat Louises handen konden lezen. Ze heeft me vertaald in haar
eigen boek..”. Louise is de enige die
hem/haar diep heeft kunnen raken, die tot hem/haar is kunnen doordringen.
Op de boekomslag is een aseksuele figuur te
zien in een houding die aan Christus aan het kruis doet denken. Christus gaf
zich over aan de dood, de figuur op de omslag geeft zich over aan de
liefde. De afbeelding is een schilderij
van de hedendaagse realistische Britse schilder Neil Moore, genaamd “The
Deposition”, de afname van Christus aan het kruis. De meerderheid vond de
afbeelding niet echt mooi.
2. Welk
soort boek is het ?
Als je de omschrijving leest op de Nederlandse
website “literatuur in context” zou je kunnen zeggen dat het een neoromantische
roman is. “… er moet weer plaats zijn voor grote gevoelens en pathetiek…. De
eigen innerlijkheid en eigen subjectiviteit staan centraal…..Plaatst het eigen
ik in het middelpunt Thematisch: plaats van het ik t.o.v. de wereld, liefde en
dood”. Aan andere omschrijvingen voldoet
het boek echter niet: “..uitdrukkingsmogelijkheden die wars zijn van het
experiment..” .
Het is een psychologische roman naar de
inhoud en een “postmoderne” naar de vorm: “…problematisering van de relatie
fictie-werkelijkheid, taal-werkelijkheid,…. gelaagdheid en
intertekstualiteit…”. Intertekstualiteit, verwijzingen naar en overname van
vroegere teksten, komt veel voor in het boek.
- Een van de minnaressen van de
hoofdpersoon is Bathseba en haar man heet Uria. Bathseba is een figuur uit de
bijbel. Ze was de vrouw van Uria en later van koning David.
- Op bladzijde 174 noemt de hoofdpersoon
zichzelf Cassandra, een figuur uit de Griekse mythologie. Dochter van de koning
van Troje bemind door Apollo.
- Op de eerste bladzijde staat een citaat
uit “De storm” van Shakespeare. Caliban, die zich beklaagt dat hij van Prospero
de taal heeft geleerd en die ze nu, alleen achtergelaten, niet meer kan gebruiken.
De hoofdpersoon heeft de taal van de liefde geleerd van Louise en is ook alleen
achtergebleven.
- nog tal van verwijzingen naar Madame
Bovary, Lady Hamilton, …. Het boek doet ook denken aan “Orlando” van Virginia
Woolf.
3. Is
de hoofdpersoon een vrouw of een man? Of weten we het niet? Had je sympathie
voor de hoofdpersonen? Voor wie wel en voor wie niet en waarom. Is er sprake
van een karakterontwikkeling tijdens het verhaal?
Voor sommigen was het duidelijk een man,
voor anderen duidelijk een vrouw. Nog anderen vonden kenmerken van beiden in de
hoofdpersoon. De schrijfster zelf verklaarde in interviews dat zij er bewust
voor koos om het geslacht van de verteller in het midden te laten. Grappig is
wel dat zij in de Britse pers werd verguisd, én door de hetero recensenten die
het een typisch lesbisch boek vonden, én door de holebis die vonden dat
Winterson zich niet duidelijk outte als lesbisch!!
De verteller en Louise zijn niet echt
sympathiek. Ze houden niet veel rekening met anderen die ze kwetsen. De verteller
maakt in de loop van het boek wel een ontwikkeling door in die zin dat hij/zij
zich opofferde voor Louise en tot enige zelfreflectie in staat was.
4. Wordt
het verhaal chronologisch verteld? Zijn er flashbacks? Waarom zou de auteur
voor deze vorm gekozen hebben?
Het verhaal wordt niet chronologisch
verteld, wel met flashbacks. De auteur kan voor deze vorm gekozen hebben om aan
te tonen dat de verteller een persoonlijke evolutie heeft doorgemaakt en om aan
te geven hoe zijn/haar vroegere relaties waren voordat Louise op het toneel
verscheen.
5. Wordt
er spanning opgebouwd tijdens het verhaal? Slaagt de auteur er in om de
aandacht vast te houden? Was het einde van het boek bevredigend?
Er zat alleen spanning in het derde deel
van het boek. Je vraagt je als lezer dan af of de verteller al dan niet Louise
terugvindt. Het boek heeft een open einde en dat was niet voor iedereen
bevredigend. Jeanette Winterson zegt zelf dat geen enkel van haar boeken een
happy ending heeft omdat ze daar niet in gelooft. Volgens haar wordt niets mooi
afgerond en is er na elk einde opnieuw een begin. Daarom kiest ze voor een open
einde dat door de lezer zelf kan worden ingevuld.
6. Wat
is het thema van het boek? Wat zijn de motieven?
Thema: liefde en verlies, bindingsangst.
Motieven: meermaals terugkerende zinnen als
“De clichés vormen de problemen” en “Waarom schatten we de liefde pas op waarde
als we haar missen”. In de oorspronkelijke versie van het boek luidt deze
laatste zin “Why is the measure of love loss?”. Dit is toch niet helemaal
hetzelfde als de Nederlandse vertaling. Is verlies de maatstaf van liefde? Moet
je eerst iemand verliezen voordat tot je doordringt wat die persoon voor je
betekent?
Met de zin over de clichés wil de
schrijfster zeggen dat je om de liefde te beschrijven niet origineel kan zijn.
Zoveel mensen in de geschiedenis zijn je al voorgegaan.” Ik hou van je” is al
ontelbare keren uitgesproken. Daarom heeft ze er ook voor gekozen om in het
middenstuk van het boek de verteller zijn/haar liefde voor Louise te laten
beschrijven via een anatomische beschrijving van haar. Zeker origineel maar wel
langdradig.
7. Hoe
vind je de schrijfstijl van Jeanette Winterson?
Ze gebruikt vaak korte zinnen zonder
werkwoord.
Je krijgt ook het gevoel dat ze neerkijkt
op gewone mensen, dat ze arrogant is. (Ze heeft ooit toen ze als jurylid was
aangeduid om een literaire prijs uit te reiken, haar eigen boek als het beste
van het jaar aangeduid en vergeleek zichzelf met Virginia Woolf).
Ze maakt veel gebruik van beeldspraak en
andere stijlfiguren. (Bijvoorbeeld op blz. 30/31, bespreking van de pauze
tijdens de opera: “de vrouwen droegen veel juwelen ….De halskettingen, de
broche, de ringen, het diadeem, het met diamanten bezette horloge….Al deze
juwelen werden geëscorteerd door royaal gesneden grijze pakken en
oogverblindend gevlekte stropdassen. De dassen trilden wanneer Louise
voorbijkwam en de pakken trokken zichzelf een beetje in…..”).
Soms komt de beeldspraak echter te veel
geforceerd over.
In 1997 bij het verschijnen van Winterson’s
boek ‘Gut symmetrie” schreef een recensente van HP/De Tijd: “Haar eerdere
romans waren briljant van taal maar maakten tegelijk een lege indruk: veel
vorm, weinig gevoel”. Die mening overheerste ook in onze groep.
8. Welk
cijfer geef je het boek?
Gemiddeld 6.
Meer over de schrijfster
Jeanette Winterson is een Britse
schrijfster, geboren in Manchester in 1959. Debuteerde in 1985 met 'Oranges are
not the only fruits' waarvoor ze de Whitbread Prize ontving. In dit meeslepende
en absurdistische verhaal over een geadopteerd kind, zijn veel overeenkomsten
uit haar eigen streng-religieuze achtergrond te herkennen. Ook zij werd
geadopteerd en verliet op vijftienjarige leeftijd het ouderlijk
Pinkestergemeenschaphuis, na het vrijgeven van haar homosexualiteit. Het boek
werd voor de BBC als televisieserie verfilmd. In hetzelfde jaar dat ze
debuteerde, werd ook 'Boating for beginners' gepubliceerd.
Ander romans van deze schrijfster:
1987 - The passion (vert. De passie)
1989 - Sexing the cherry (vert. Kersen
sexen)
1992 - Written on the body (vert. Op het
lichaam geschreven)
1994 - Art & lies: A piece for three
voices and a bawd (vert. Kunst &
leugens: Compositie voor drie stemmen en een lichtekooi)
1997 - Gut Symmetries (vert. GUT symmetrie)
2000 - The Powerbook (vert. Het powerboek)
2004 - Lighthousekeeping (vert.
Vuurtorenwachten)
2007 - The Stone Gods (vert. De stenen
goden)
Korte samenvatting
Een man en zijn zoontje zijn
onderweg in een verwoeste wereld. Wat er gebeurd is verneemt de lezer niet. De
jongen heeft de oude, onbeschadigde wereld nooit meegemaakt. Er is inmiddels
bijna geen voedsel meer te vinden en hongerige bendes trekken rond en schuwen
zelfs het kannibalisme niet. Tegen deze harde, koude en onherbergzame wereld
steekt de liefde tussen vader en zoon schril af.
Mening van de groep
° Aan één stuk door gelezen, heel
triest verhaal. Ik hoopte op iets positiefs. Het was wel een boeiend boek
° Heb me niet te erg in de
dreigende dingen gestort, maar genoten van de interactie tussen vader en zoon.
Ik was benieuwd naar het einde.
° Heel mooi maar hard. De
evolutie van de vader/zoon relatie wordt goed beschreven. Stilaan neemt de zoon
de vaderrol, de rol van beschermer over. Heb het met genoegen gelezen.
° Het boek las gemakkelijk.
Het was een pakkend verhaal hoewel het onderwerp op zich me niet boeide. Het
einde kwam te abrupt, was te gemakkelijk. Blij het gelezen te hebben.
° Blij dat ik het uitgelezen
heb. Ik kon niet tegen de erge dingen en ben naar het einde gaan kijken. Als
dat te erg was had ik niet verder gelezen. De vader/zoon relatie en de evolutie
de ze doormaakt wordt mooi beschreven. De inhoud was afschuwelijk en somber en
soms ook ongeloofwaardig.
° Ik heb het boek twee keer
gelezen. De eerste keer voor het verhaal en de tweede keer om beter van de taal
en schrijfstijl te genieten. Bijzonder mooi en poëtisch taalgebruik. De harde
dingen raakten me niet echt. Voor mij was het een verhaal over de liefde tussen
vader en zoon.
Vragenlijst
Wat vind je van de schrijfstijl van Cormac McCarthy? Wat valt er op? Hoe is
het boek gestructureerd?
De schrijver gebruikt korte zinnen, vaak zonder werkwoord. Hij heeft een
beeldend en soms zelfs een poëtisch taalgebruik. Het maakt het boek aangrijpend
en beklemmend tezelfdertijd.
In de gesprekken zijn er geen aanhalingstekens.
“Hallo, papa, zei hij.
Ik ben hier vlak bij je.
Weet ik.”
Dit roept wel een zekere afstandelijkheid op. Er zit ritme, een zekere
cadans in de gesprekken tussen vader en zoon.
Het boek heeft geen hoofdstukken. Het bestaat uit het verslag, de
gesprekken tussen vader en zoon en flash backs. Hoeveel tijd het verhaal
omspant kan niet worden achterhaald. Tijd is immers in de wereld zoals die in
het verhaal is, niet belangrijk. ‘De dag, het uur is al wat er is. Er is
geen later. Dit is later.’ (blz 37)
Waar gaat dit boek over? Wat is het thema? Welk soort roman is dit volgens
jou?
Het boek vertelt het verhaal van een vader en een zoon. Ze hebben geen
naam. De vader en de zoon zijn de hele
wereld voor elkaar. Ze zijn, in een verwoeste wereld, op weg naar het zuiden,
in de hoop dat het daar warmer zal zijn. Hun toestand is uitzichtloos maar de
vader heeft zich tot doel gesteld dat de zoon moet overleven. Dit is zijn enige
reden om in leven te blijven, hier doet hij alles voor. Hij zou iedereen
doodschieten die een vinger naar de jongen zou uitsteken. Gaandeweg is het
echter eerder de zoon die zich om de vader bekommert.
Het boek gaat over kiezen voor het goede, hoop doet je voortgaan. Over
liefde en over overleven. Het waarschuwt ons ook voor wat we allemaal te
verliezen hebben als we niet meer zorg dragen voor onze aarde, onze
samenleving.
Hoewel het verhaal een niet werkelijke situatie, een situatie die zich nog niet
heeft voorgedaan maar die zou kunnen werkelijkheid worden, is het geen
sciencefiction. Het is eerder een psychologische
De man en de jongen hebben geen naam? Waarom zou de schrijver hiervoor
gekozen hebben?
De eerste mogelijkheid is dat het over de universele verhouding gaat tussen
een vader en een zoon.
Een andere uitleg is dat de wereld zo kil is geworden, er is niets
persoonlijks meer, alleen een harde strijd om te overleven. In een dergelijke
harde en onpersoonlijke wereld hebben namen geen zin en geen betekenis.
De man en de jongen zijn de ‘goeden’. Waarin verschillen de goeden van de
slechten? Verschillende keren in het boek vraagt de jongen aan de vader om
anderen te helpen. De vader weigert en toch rekent hij zich bij de goeden. (blz
34-35, blz 54-56) Hoe verklaar je dat?
In veel boeken van Mc Carthy komt de tegenstelling tussen het goede en het
kwade aan bod. Veelal wint het kwade. Hoe is dat in dit boek?
Het verschil tussen de goeden en de slechten is dat de goeden geen andere
mensen opeten en dat ze niet nodeloos wrede dingen doen.
De vader en zoon verschillen wel vaak van mening. De zoon heeft vaak
medelijden met anderen die ze ontmoeten en wil hen helpen. De vader wil dit
niet. Hij wil ten koste van alles zijn zoon in leven houden en voor de vader is
de enig mogelijke manier hiervoor zoveel mogelijk voedsel en veiligheid voor de
zoon te voorzien. ‘Je wilde weten hoe de slechten er uitzien. Dat weet je
nu….. Het is mijn taak voor jou te zorgen. Dat is mij door God opgedragen.
Iedereen die een vinger naar jou uitsteekt zal ik doden. ‘ (blz. 50)
De ethiek is in een dergelijke situatie ook een luxe. Eerst moet je
overleven en dan pas kan je ethisch denken. Voor de vader is het belangrijkst:
wat moet ik doen om de overlevingskansen van mijn zoon zo groot mogelijk te
maken.
In dit boek zou je zeggen dat het eerder het goede is dat het haalt. De
zoon blijft in leven, wordt door een gezin van ‘goeden’ gevonden. Dit gezin
neemt hem op en geeft hem genegenheid.
Er is echter geen zekerheid over de afloop. Alles kan nog gebeuren. Het
is een boek met een open einde.
De vader zegt aan zijn zoontje dat hij verder moet om het vuur te dragen.
Wat betekent ‘het vuur dragen’dit volgens jou?
Het vuur is een metafoor voor het goede, voor de hoop en voor het
leven. De jongen moet het leven
voortzetten maar op de manier van de goeden. De samenleving zoals ze voorheen
bestond is er niet meer en zal nooit meer terugkomen. De jongen, die het goede
in zich heeft, moet deel gaan uitmaken van een nieuwe gans andere wereld.
Wat vind je van de houding van de moeder die haar kind achterlaat en
zelfmoord pleegt? Op blz. 40 wordt de geboorte van het kind beschreven. De
schrijver zegt ‘haar kreten betekenden niets voor hem’. Wat vind je hiervan?
De moeder is er van overtuigd dat de vader kan zorgen voor het kind, dat
hij dit in de huidige situatie beter kan. Toch is het ook moeilijk te begrijpen
dat een moeder haar kind in een dergelijke wereld achterlaat.
Voor de vader lijkt inderdaad enkel het kind belangrijk. De uitspraak ‘haar
kreten betekenden niets voor hem’ kan er op duiden dat er tussen de man en de
vrouw niet meer veel liefde of zelfs genegenheid bestond.
Zou er achter het personage Ely een bijzondere betekenis schuil gaan? Een
verwijzing naar de bijbel?
Ely, het enige personage in het boek dat een naam draagt, zou kunnen
verwijzen naar de profeet Elias. Elia is een van de grote profeten uit de
Bijbel. Hij leefde in de 8ste eeuw voor het begin van onze jaartelling, toen
het volk van Israël opnieuw de afgoden was gaan dienen. Op de berg Karmel liet
God op Elia's gebed vuur uit de hemel neerkomen. Hij stierf niet op gewone
wijze, maar werd ten hemel opgenomen. Jezus liet weten dat Johannes de Doper
Elia was die terug zou komen (Mattheüs 11:14 en 17:12). Verder liet Jezus nog
weten: Elia zal komen en alles herstellen (Mattheüs 17:11). Deze laatste
uitspraak betekent dat Elia nogmaals zal komen, en dan om alles te herstellen.
Wat betekent de laatste alinea volgens jou: “Ooit zaten er bronforellen
in de bergbeken. Je zag ze stil in het ambergeel vloeiende water hangen, met
witte randjes aan hun vinnen die zacht golfden in de stroming. In je hand roken
ze naar mos. Glanzend en wringend, gespierd. De kronkelige patronen op hun rug
waren kaarten van de wereld in wording. Kaarten, labyrinten. Van iets wat niet
terug te draaien was. Niet hersteld kon worden. In de diepe valleien waarin ze
leefden waren alle dingen ouder dan de mens en ze gonsden van mysterie”
De forellen staan voor de hoop op iets nieuws, op een totaal andere wereld.
Het voordien in de wereld nog gebeurd. In het tijdperk van de dinosauriërs is
ook het leven op aarde vernietigd maar is er toch een nieuw leven ontstaan. De
oude wereld, zoals we die nu kennen, is echter onherroepelijk verloren, er is
geen terugkeer meer mogelijk. Het lijkt ook wel aan te duiden dat de
verwoesting van de aardet er zat aan te komen, dat het
in de lijn van de verwachtingen lag.
Welk cijfer geeft je het boek?
Na de bespreking kreeg het boek gemiddeld 8,25.
Meer over de schrijver
Cormac McCarthy werd op 20
juli 1933 geboren in Rhode Island. Hij was de derde van 6 kinderen en oudste
zoon van Charles Joseph Mc Carty en Gladys Christina McGrail Hij werd Charles
genoemd naar zijn vader maar hij wijzigde zelf zijn voornaam in Cormac naar een
vroegere Ierse koning. In 1937 verhuisde hij met zijn familie naar Knoxville
waar zijn vader jurist was voor de Tennessee Valley Authority (een maatschappij
opgericht om oplossingen te beiden aan problemen veroorzaakt door de grote
depressie van de jaren ’30) In 1967 verhuisde het gezin naar Washington, D.C.,
waar vader Charles tot zijn pensioen in een grote rechtspraktijk werkte. Cormac werd Rooms katholiek opgevoed. In
1951-1952 ging hij naar de universiteit van Tennesse. In 1953 nam hij dienst
bij de US Air Force waar hij 4 jaar diende, 2 ervan in Alaska waar hij een
radioprogramma verzorgde. Van 1957 tot 1959 ging hij terug naar de universiteit
waar hij twee verhalen publiceerde in een literair studentenblad. In 1959 en 1960 won hij een prijs voor ‘creative
writing’. Hij verliet de universiteit voorgoed en vestigde zich in Chicago waar
hij als automechanieker werkte terwijl hij zijn eerste roman schreef. Hij is
drie keer getrouwd en heeft nog een zoontje van acht jaar. Het is door hem,
verklaarde Mc Carthy aan Oprah Winfrey, dat hij ‘De weg’ heeft geschreven. Wat
hij met dit boek heeft willen zeggen is dat we zorg moeten dragen voor wie we
liefhebben en waarderen wat we bezitten. Dit is althans wat hij verklaarde in
datzelfde interview dat je kunt beluisteren op de site van Oprah Winfrey.
Hij is erg publiciteitsschuw
en geeft zelden interviews. Hij is verbonden aan het Santa Fé Institute, een
wetenschappelijke denktank.
Met ‘De weg’ won hij de Pulitzer prijs in 2007. Het
boek wordt ook verfilmd.
Zijn eerder boek ‘Geen land voor oude mannen’ werd door de gebroeders Coen verfilmd en de film won verschillende Oscars.
Hij schrijft veel over het goede en het kwade waarbij het kwade
vaak wint.
Ander werk van deze schrijver:
- Al de mooie
paarden (waarvoor hij ook twee prijzen won in de VSA)
- De kruising
- Stenen van de
vlakte (deze drie boeken vormen een trilogie)
- Meridiaan van
bloed
- Angel
- Kind van God
Bezoek van de lijfarts – Per Olov ENQUIST
Korte samenvatting
Op het einde van de 18e
eeuw wordt de Duitser Johann Friedrich Struensee aangesteld als lijfarts van de
Deense koning Christian VII. Deze koning is een erg gevoelige en beïnvloedbare
man, geestelijk niet helemaal gezond. Struensee, aanhanger van de Verlichting,
wint het vertrouwen van de koning en kan zo allerlei hervormingen doorvoeren in
Denemarken. Hij krijgt een
liefdesrelatie met de Deense koningin Caroline-Mathilde die van hem een dochter
krijgt. Die relatie wordt door de Koninging-Weduwe, stiefmoeder van de koning,
en andere intriganten aan het hof aangegrepen om Struensee terecht te stellen,
de koningin te verbannen en al de ingevoerde hervormingen terug te draaien.
Mening van de groep
Samengevat was de mening van
de groep het volgende:
Het eerste deel van het boek
was niet zo gemakkelijk te lezen en te doorgronden. Na een honderdtal
bladzijdes kreeg het boek meer vaart en werden de meeste leden door het verhaal
gegrepen. De historische achtergrond, het spel van de machten, dat ook nu nog
erg actueel is, het liefdesverhaal en het tijdsbeeld dat ons door de roman werd
geschetst waren erg boeiend en interessant. Niet iedereen vond de schrijfstijl
van Enquist goed. De meerderheid zou het boek niet uitgelezen hebben als het
niet voor de leesgroep was maar niemand betreurde achteraf het toch te hebben
gelezen.
Vragenlijst
Welke
personages spreken je het meest aan? Welke vinden jullie sympathiek? Wat drijft
elke personage?
Struensee: zijn engagement in de Verlichting kwam niet duidelijk naar
voren. Hij werd er tegen wil en dank in betrokken door Rantzau. Er kwam ook
weinig gevoel aan te pas als hij de wetten opmaakte. Dokter zijn
was zijn echte en enige roeping. Hij twijfelt vaak aan zijn geschiktheid voor
de rol die hem werd opgedrongen. Ondanks het feit dat hij erg
veel macht had op een gegeven moment – hij kan op eigen houtje wetten opmaken
en ondertekenen – is hij niet op macht uit. Hij is een goed mens maar
naïef. Hij keek niet naar de gevolgen
voor het volk van de wetten die hij uitvaardigde, of de samenleving er aan toe
was. Hij is geen held, is eerlijk en integer en ging op een waardige manier om
met de Koning. “Zijn enige fout was dat hij meer geest dan sluwheid had”.
Christian
VII: een erg zielige figuur.
Zijn strenge opvoeding, de mishandelingen die hij kreeg en de liefdeloosheid
hebben hem voor de rest van zijn leven gekraakt. Hij was erg gevoelig, zelfs
overgevoelig en daardoor ook meer vatbaar voor het harde van zijn opvoeding. Nochtans
had hij ook veel talenten en zou hij in een andere omgeving wel tot een
volwaardig mens hebben kunnen uitgroeien. Hij kon goed dansen en toneelspelen.
Hij kon echter de realiteit niet van het spel onderscheiden. Hij was
psychotisch, had waanvoorstellingen, meende dat hij een wisselkind was. Omdat
hij de realiteit aan het hof niet aankon vluchtte hij in spel en kinderlijk
gedrag.
Caroline-Mathilde: een erg sympathieke sterke vrouw, daadkrachtig. Zij had
aanvankelijk wel goede bedoelingen met de koning, wilde hem liefhebben maar ze
werd gedwarsboomd door hofdame von Plessen. Ze had een gezonde persoonlijkheid
en kon wel met macht om. Haar openlijke liefdesrelatie met Struensee, haar
sterke persoonlijkheid en de vijandschap van de koningin-weduwe waren echter
fataal voor haar.
De
koningin-weduwe: is een
harde meedogenloze vrouw die tot alles bereid is om haar geliefde gehandicapte
zoon op de troon te krijgen. Ze is helemaal niet sympathiek.
Guldberg: is geen verlichter. Hij is erg fanatiek in zijn overtuigingen.
De slechten moeten gestraft worden. Hij is een wat
enge figuur maar hij kende toch menselijkheid in die zin dat hij echt bekommerd
was om de koning.
Laarsjes
Katharina: is ook een
sympathieke figuur. Ze was zowel een moederfiguur als een vrouw voor de koning.
Zij luisterde als enige naar hem en bij haar alleen vond hij echte rust.
Wat is het
thema en wat zijn de motieven?
Macht/onmacht
lijkt het thema te zijn van dit boek. Motieven: de Verlichting, liefde, straf
en vergelding, bijbelse beelden van een hardvochtige en strenge God.
Wat kan je
vertellen over de verhaalopbouw en de structuur van het boek? Wat vinden jullie
van de schrijfstijl en de taal?
De manier
waarop het boek geschreven is, in een wat droge en plechtige stijl, past bij
het hof, bij de sfeer van die tijd. De schrijver blijft ook consequent die
stijl hanteren. Het verhaal werd niet chronologisch geschreven en dat was wel
wat verwarrend, hoewel niet voor iedereen. Het is echter wel knap dat de
schrijver aan het begin van het boek de clou van het verhaal al verraadt en dat
hij tezelfdertijd toch het verhaal erg boeiend kan houden.
Welk soort
roman is het?
Een
historische roman.
Vinden
jullie de titel van het boek ‘bezoek van de lijfarts’ een gepaste titel?
De titel is
wel erg passend. Struensee, de lijfarts komt tijdelijk, als een bezoeker. Zijn
passage is erg kort maar heeft wel verstrekkende gevolgen.
Per Olov
Enquist zegt: ‘De Denen zagen Christian VII als een gek maar ik heb hem van
zijn menselijke kant laten zien’. Zijn jullie hiermee akkoord?
De schrijver
heeft erg goed de tragiek van het leven van koning Christian VII weergegeven.
Een man met veel talenten die door omstandigheden totaal in de war raakt. Als
lezer vast je vanzelf sympathie en medelijden voor hem op.
Wat deed het
boek met jullie? Welke emoties riep het op, waar werd je door geraakt?
Vooral de
passages waarin de jeugd van Christian wordt beschreven, de harde straffen die
hij onderging en de verwarring waaraan hij daarna ten prooi was, hoe hij werd
gemanipuleerd raakten diep. Ook de liefdesscènes maakten indruk en de
onrechtvaardigheid van de behandeling van Struensee en Caroline-Mathilde. En verder dat de geschiedenis zich blijkbaar
steeds herhaalt, de machtsstrijd die van alle tijden is. Het is niet het goede
dat altijd wint.
Wat maakt
het boek volgens jullie tot literatuur?
Het boek is
goed geschreven, er zijn verwijzingen naar de Bijbel, het heeft meerdere lagen.
Welk cijfer
geef je het boek?
Gemiddeld 7+
Meer over de schrijver
Per Olov Enquist werd geboren in het
noorden van Zweden in een vrij streng religieus milieu. Hij studeerde
literatuur aan de universiteit van Uppsala en werkte als literatuur- en
toneelrecensent voor diverse Zweedse bladen. Enquist schreef behalve een
twintigtal romans, verhalenbundels en essays ook voor toneel, televisie en
film. Hij reisde veel en heeft voor langere periodes in het buitenland gewoond,
onder meer in de Verenigde Staten, Frankrijk en Denemarken. Met zijn derde
roman “De vijfde winter van de magnetiseur” kwam zijn definitieve doorbraak in
Zweden.
Vertalingen van zijn werk zijn inmiddels in ruim 25 landen verschenen. Naast vele Scandinavische prijzen ontving hij onder andere in 1989 de prestigieuze National Book Award .
Enquist gaat voor zijn proza in de meeste
gevallen uit van historische gebeurtenissen, waarvoor hij zich grondig
documenteert. Kenmerkend voor zijn gehele oeuvre zijn enerzijds zijn grote
eruditie en zijn streven naar objectiviteit en anderzijds zijn compassie met de
verliezers in onze maatschappij, zowel de armen als de rijken, ongeletterden als intellectuelen. Maar bovenal is Per Olov
Enquist echter een begenadigd verteller, de grand old
master van de Zweedse literatuur.
http://www.perolovenquist.nl/?ID=6
|
|
|
|
|
|
Nazomer - Philippe Besson.
De schrijver heeft rond een bekend doek van Edward Hopper
(Nighthawks) een boek geschreven. Op het werk van Hopper zie je, van buitenaf
in de avond, een bar met een barkeeper en een man en een vrouw samen. Rond dit
tafereel heeft Besson zijn verhaal opgebouwd. Sober en met een prachtig
taalgebruik. Er gebeurt niet veel, er zijn veel innerlijke bespiegelingen en
toch blijft het boeien (142 blz)
De trotse bedelaars - Albert Cossery
Geschreven in 1955. Cossery is een Franse schrijver die in
Egypte opgroeide. Deze roman speelt zich af in een stad als Cairo; De
hoofdpersonen leven aan de zelfkant. Zij willen enkel hun hoogstnoodzakelijke
levensbehoeften bevredigen en kijken neer op mensen die op geld, carrière en
status uit zijn. Zij hebben niets en dus daarom ook niets te verliezen. Het
boek kwam uit onder de Franse titel “Mendiants et orgueilleux” en is ook
verfilmd met Georges Moustaki in de hoofdrol.
Billy – Albert French
Het boek speelt zich af in Mississipi in de jaren dertig. Billy,
een tienjarige zwarte jongen, gaat samen met een vriendje op een warme dag
spelen in een meertje. Twee blanke meisjes zien hen en verjagen hen uit het
water. Het vriendje kan ontsnappen maar Billy wordt erg hardhandig aangepakt.
Als ze hem echter laten lopen terwijl ze hem nog beschimpen, wordt hij woedend
en verwondt één van de meisjes met zijn mes. Zij bezwijkt aan de verwondingen.
Al gauw verspreidt zich in de blanke gemeenschap het nieuws dat de schuldigen
zwarten zijn. De haatgevoelens tegen al wat zwart is laaien erg hoog op. Billy
wordt opgepakt, in de gevangenis gezet en later, ondanks zijn jeugd,
terechtgesteld op de elektrische stoel.
Het is een erg aangrijpend boek, in die mate zelfs dat ik het
soms even moest wegleggen. De schrijver kan erg goed de sfeer oproepen van het
warme Mississipi, de racistische vooroordelen van de blanken, de angst in de
zwarte gemeenschap en vooral de angst en de wanhoop van Billy en van zijn
moeder. Een aanrader.
Huwelijksleven – David Vogel
Een roman in de jaren dertig in het Hebreeuws geschreven en in
1992 vertaald. David Vogel werd in 1981 in Rusland geboren Jood. In 1912
verhuist hij naar Wenen en in 1925 naar Parijs. In 1944 werd hij opgepakt en
naar een concentratiekamp overgebracht. Waar en hoe hij is overleden is niet
bekend.
Huwelijksleven vertelt het verhaal van de liefde van een arme
joods intellectueel Rudolf, voor een gevoelloze en sadistische barones in het
Wenen tussen de beide wereldoorlogen. Het is geen vrolijk boek (weeral niet!!)
maar erg goed geschreven. De gevoelens van Rudolf, hoe hij gekwetst en
vernederd wordt maar zich toch niet kan losmaken van zijn grote liefde, en het
leven in Wenen worden treffend weergegeven. Ondanks de 456 bladzijden toch een
aanrader.
De Paria – August Strindberg
De schrijver die erg beïnvloed werd door de ideeën van Nietsche
beschrijft de noodzakelijke ondergang van een zigeuner, “een paria en
minderwaardig mens”, bewerkstelligd door een “superieure ariër”. Akelige ideeën
maar boeiend om te lezen.
Meneer Lehman – Sven Regener
Meneer Lehmann, de hoofdpersoon van het boek is Frank Lehman,een
man van bijna 30, die in West-Berlijn woont. Het verhaal speelt in de zomer van
1989, net voor en na de val van de Muur. Frank werkt in een café en is daar
volmaakt tevreden mee. Hij heeft geen ambities. Hij leeft van dag tot dag. Zijn
dagelijkse leven wordt op een menselijke en soms hilarische wijze beschreven:
zijn “liefdesleven”, zijn werk, zijn baas en zijn vrienden, zijn ouders die op
het platteland wonen en hem komen bezoeken. Hoewel dit boek over alledaagse
dingen gaat is het niet oppervlakkig. De schrijver van dit boek is zanger in de
band “Elements of crime”
Kreupelhout – Christian Jungersen
De 82-jarige Poul Martin Poulsen is in het ziekenhuis opgenomen.
Beelden uit zijn jeugd dringen zich aan hem op. Vooral de herinneringen aan
zijn jeugdvriend Eduard Schmidt laten hem niet met rust. Het is inmiddels lang
geleden dat de vriendschap tussen hen verbroken is. Poul Martins leven is
ontspoord en Eduard heeft daarbij een sleutelrol gespeeld, alleen weet Poul
Martin niet precies hoe dat is gebeurd. Nu hij aan het einde van zijn leven is,
probeert hij met alle middelen die hem ter beschikking staan zijn oude vriend
op te sporen om boven water te krijgen wat er eigenlijk fout is gegaan. Maar
hoe dieper hij in het kreupelhout van het verleden doordringt, hoe dreigender
het gevaar dat op de loer ligt. Gaandeweg slaat het gevoel van verzoening om in
zucht naar wraak.
De lafaards – Josef Skvorecky
Het boek beschrijft de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog
in een klein Tsjechisch stadje, op een licht spottende manier, gezien door de
ogen van een 18-jarige jongen. Hij speelt jazz muziek samen met een groepje
vrienden. Als de opstand tegen de Duitsers wordt georganiseerd wil het hoofdpersonage
zo graag een held zijn om indruk te maken op het meisje op wie hij verliefd is.
Hij toont de houding van de notabelen in het stadje die zo gauw de Duitsers
wegvluchten, ineens ware patriotten worden, hoewel daar tijdens de bezetting
niet veel van te merken viel. De manier waarop de opstand van de Tsjechen wordt
beschreven zou kunnen doen besluiten dat die niet veel om het lijf had. Dat
zette kwaad bloed bij de autoriteiten die de schrijver lang hebben
gedwarsboomd. Het boek is erg grappig in de beschrijving van wat er omgaat in
de hoofdpersoon. De stijl doet wel wat denken aan “De vanger in het koren” van
Salinger.
Een fraai handschrift – Rafael Chirbes
Een oude Spaanse vrouw vertelt haar levensverhaal aan haar zoon:
haar innige relatie met haar familie, de wijze waarop haar leven door de
Spaanse Burgeroorlog werd getekend, de gevolgen van die oorlog voor haar en de
familie, haar harde leven van opoffering. Deze opoffering ervaart ze, nu ze
haar levenseinde voelt naderen, als volkomen zinloos. Nergens echter is de toon
van het boek meelijwekkend of melodramatisch. Met eenvoudige korte zinnen wordt
verslag uitgebracht van het leven van een gewone en toch bijzondere en waardige
vrouw. Slechts 121 bladzijden maar een juweeltje dat je echt raakt.
Marguerite – Douglas Glover
Een jonge Franse vrouw wordt in de 17e eeuw, omwille van haar
sensuele levenshouding, door haar oom achtergelaten op een bar eiland in het
Noorden van Canada, samen met haar min en haar minnaar. Zij overleeft als enige
en wordt na drie zomers en twee winters, terug opgepikt door een Franse boot.
Het boek is geschreven naar het waargebeurde verhaal van Marguerite de
Roberval, een jonge adellijke Française. De manier waarop Marguerite zich
handhaaft in die barre omstandigheden, haar ontmoeting en leven met de
inboorlingen, haar strijd om te overleven, zijn beschreven op een realistische
maar ook vaak humoristische manier.
Ze bestaan
al op vele websites, verzamelingen van kunstwerken die lezende vrouwen als
onderwerp hebben. Maar ik heb zoveel variatie in dit onderwerp ontdekt dat ik
toch enige minder bekende werken wilde tonen.
Met als afsluiter een unieke lezende man!
|
Jean Baptiste Corot, Frans schilder (1796-1875)
Schilderde voornamelijk landschappen en portretten in classicistische en
realistische stijl. Werd erg bewonderd door de
impressionisten Degas en Monet. Leraar van Berthe Morisot.
|
Francesco Hayez (1791-1882) Italiaans schilder. Een van de belangrijkste
vertegenwoordigers van de Romantiek. Schilderde hoofdzakelijk
historische taferelen, politieke allegorieën en ook portretten |
Albert Anker, Zwitsers schilder (1831-1910) Studeerde aanvankelijk theologie
maar brak die studie af om kunstonderricht te volgen in Parijs. Aquarellen en
olieverfschilderijen van het dagelijkse landelijke leven, stillevens en
historische afbeeldingen. Realistisch schilder zonder sociale kritiek zoals
veel van zijn tijdgenoten. |
|
Berthe Morisot. Franse Impressionistische
schilder (1841-1985) Leerling van Corot. Raakte bevriend met Manet met wiens
broer zij trouwde. Beeldde voornamelijk vrouwen en kinderen af. Nam deel aan
7 groepstentoonstellingen van de Franse Impressionisten. |
Mary
Cassatt, Amerikaanse impressionistische schilder (1844-1926). Vestigde zich in 1874 in Parijs.
Raakte bevriend met Degas. Had als onderwerp het dagelijkse en huiselijke
leven, voornamelijk van vrouwen en kinderen. Promotor van het Impressionisme
in Amerika. Wordt samen met Berthe Morisot als
de belangrijkste vrouwelijke impressionistische kunstenares beschouwd. |
Vilhelm Hammershoi, Deens realistisch schilder
(1864-1916). Geboren in Kopenhagen waar hij ook voornamelijk werkte. Maakte
tonale schilderijen: portretten, landschappen en, het meest populair in zijn
tijd, interieurs, verlaten of met één enkele figuur.
|
|
Dante Gabriël Rossetti (1828-1882) Zoon van een naar Engeland
uitgeweken Italiaans dichter. Kreeg zijn opleiding aan de Royal Academy in
Londen. Stichtte samen met andere kunstenaars de “Pre-Raphaelite Brotherhood”
die de werken van het tijdperk vóór Rafaël als voorbeeld namen. |
Edouard Vuillard (1868-1940) Frans schilder,
aanvankelijk realistisch, later experimenteerde hij meer met kleuren en
nuances. Medestichter van de symbolistische kunststroming ‘Les Nabis’. Schilderde
naast het leven in Parijs ook huiselijke taferelen. |
Ilya Repin (1844-1930) realistisch schilder,
geboren in het huidige Oekraïne. Als zoon van een voormalige lijfeigene had
hij een grote sociale betrokkenheid die in veel van zijn werken tot uiting
kwam. |
|
Ralph Peacock (1868-1946) Engels illustrator en
schilder. Studeerde aan de Royal Academy in Londen. Vooral bekend om zijn
illustraties en portretten. Het werk
hierboven hangt in Tate Galery in Londen. |
François Martin-Kavel (1861-1931) Frans schilder. Geen grote kunst maar wel een
mooie afbeelding van een lezende vrouw |
Félix Vallotton (1865-1925) Geboren in Lausanne
(Zwitserland), studeerde en werkte in Parijs. Lid van de kunststroming “Les
Nabis”. Maakte naast schilderijen ook
gravures en tekeningen. Hij schreef bovendien ook boeken, essays en
toneelstukken. |
|
Eve Arnold. Amerikaanse fotografe Geboren in 1912. Ze was het eerste
vrouwelijke lid van het Magnum
fotoagentschap. Ze is vooral bekend van haar portretten.
In de vroege jaren ’50 ontmoette
ze Marilyn Monroe waarvan ze vele foto’s maakte. Hierboven zie je “Marilyn Monroe
reading Ulysses”, een foto uit 1955. |
Lucian Freud. Hedendaags kunstenaar, geboren
in 1922 in Berlijn. Kleinzoon van Sigmund Freud en vader van schrijfster
Ester Freud. Zijn familie emigreerde naar Engeland in 1933 en hij kreeg de
Britse nationaliteit. Hij is vooral bekend voor zijn erg realistisch en zeker
niet flatterend geschilderde naakten. In 2001 schilderde hij een portret van
de Engelse Koningin, dat erg verdeeld werd onthaald. |
Roy Lichtenstein (1923-1997) Amerikaans pop-art
kunstenaar. Hij werd vooral bekend van zijn schilderijen van stripfiguren. |

Lezende man
|
Wat vind je van onze
webpagina? Heb je vragen, of tips over boeken en
besprekingen: hieronder vind je ons contactadres. |
http://www.readinggroupguides.com/content/index.asp Engelse site voor leesgroepen
www.boekgrrls.nl de website van de boekgrrls, die zeker geen introductie meer nodig heeft
http://literatuurlinks.net/ De grootste literaire linksverzameling van
Nederland
www.leeskringen.nl besprekingen, tips voor discussies enz.
http://www.deleesclub.eu/
vrouwenleesclub uit de omgeving van ‘s Hertogenbosch
www.hotel-boekenlust.nl boekbesprekingen