DAMO LEGI

 

 

 

Foto van Alice Lidell (stond model voor ‘Alice in Wonderland’)

door Julia Cameron, Victoriaanse fotografe (1815-1879)

 

Welkom op de webpagina van de Damo Legi!

 

In september 2006 werd, in vervanging van de ter ziele gegane Maasdemoisellen, onze nieuwe vrouwenleesgroep opgericht. Een naam vonden we dankzij een schitterend idee van Belinda. Het werd: “Damo Legi”, een vrije vertaling van “dame die leest” in het Esperanto. Dit is een taal die speciaal ontworpen werd om mensen uit verschillende culturen, die verschillende talen spreken, toe te laten met elkaar te communiceren. Omdat onze groepsleden afkomstig zijn uit verschillende Nederlandse provincies, Belgisch Limburg en Brabant, dus toch voor een stuk met een andere achtergrond en streektaal, leek een naam in het Esperanto ons een goed idee.

 

We komen om de 4 à 6 weken samen om een vooraf gekozen boek te lezen. Diegene die het boek voorstelt bereidt de bijeenkomst voor. Zij stelt een vragenlijst samen om de bespreking te vergemakkelijken en zoekt informatie over de schrijver en het boek.

De bijeenkomsten vinden plaats beurtelings bij de leden thuis.

 


 

Als je klikt op:

 

-      leeslijst 2007/2008 vind je de boeken die we dit werkjaar lezen

-      Besproken boeken vind je een lijst van de boeken waarvan je de bespreking vindt op onze webpagina

-      Besprekingen vind je uiteraard de besprekingen

-      Boekentips tref je boekentips aan, ingezonden door onze leden en een paar foto’s van de leesclub in actie

-      Damo Legi in de kunst zie je enkele kunstwerken met lezende vrouwen als onderwerp

-      Contact zie je hoe je met ons in contact kan komen

-      Links vind je links naar andere leesclubs, besprekingen e.d.


 

 

Leeslijst 2008/2009

  

September 2008


jaarlijks etentje op 3 september 2008 in de Levensboom/Hasselt

 

Oktober 2008

 

“De weg” van Cormac Mc Carthy

 

November 2008

 

“Het bezoek van de lijfarts” van Per Olov Enquist

 

Januari 2009

 

“Twee vrouwen” van Harry Mulisch op 14 januari 2009 bij Nicole – voorzitter Belinda

 

Maart 2009

 

Boek nog te bepalen – op 11 maart 2009 bij Mariëlle

 

 

 

Terug naar begin

 


 

Besproken boeken

 

 

 

 

 


 

Besproken boeken 2006 – 2007

 

 

Zwaarbewaakte treinen –Bohumil HRABAL

 

Korte samenvatting

 

Het verhaal speelt zich af in een Tsjechisch stadje, op het einde van de tweede wereldoorlog. Milos Hrma is een 22-jarige jongeman die bij zijn ouders woont. Hij is spoorwegbeambte. Hij is erg onzeker en beïnvloedbaar. Hij voelt zich achter elk raam bespied. Omdat zijn eerste seksuele ervaring met zijn vriendin op een fiasco uitliep voelt hij zich een mislukte man. Hij heeft om die reden zelfs een zelfmoordpoging ondernomen. Na zijn herstel gaat hij terug aan de slag. Het naderende einde van de oorlog bepaalt de sfeer in het station en in het stadje. Er worden sabotageacties gepland. Als Milos na een seksuele ervaring met een oudere vrouw zich een echte man voelt, neemt hij effectief deel aan zo een sabotage waarbij hij om het leven komt.

 

Samenvatting van de bespreking

 

Een enkel lid vond het boek stroef geschreven en zij kon niet in het verhaal inleven.

De meerderheid echter vond het een schitterend boek, ontroerend, meeslepend maar ook erg tragisch, filmisch en poëtisch geschreven. Hoewel de schrijver soms erg lange zinnen gebruikt is zijn taalgebruik eenvoudig waardoor het verhaal toch vlot leesbaar is.

Het boek riep veel verschillende en zelfs tegengestelde emoties op:

- ontzetting omwille van de gruwel in het bijzonder in het lijden van de dieren: de vrouw van de chef die konijnen doodt (blz. 18), de doodgevroren vogels (blz. 42), de wagons met slachtvee waartussen dode dieren zaten (blz 46, 47), de onwillige stier die naar het slachthuis wordt gebracht (blz. 48 en 58)

- ontroering omwille van de romantische scène bij het verven van het hek, de naïviteit van de grootvader die denkt met zijn ogen de Duitse tanks te kunnen tegenhouden, Milos die door zijn sabotagedaad in diens voetsporen treedt.

Het verhaal wordt verteld vanuit één enkel perspectief, dat van Milos, de ik-verteller, aan de hand van diens gedachtestroom (stream of consciousness), met geregeld flash-backs. Het boek is geschreven naar de eindclimax toe: de manwording van Milos wat leidt tot zijn sabotagedaad en zijn dood.

Milos is onzeker, naïef, een overbeschermd moederskind, getekend door zijn voorgeschiedenis. Hij is ook erg beïnvloedbaar. Hubicka is zijn grote voorbeeld door wie zich ontwikkelt. Hij is echter ook een gladde jongen: hij bootst Hubicka na en heeft blijkbaar snel geleerd hoe hij zich aan het werk kan onttrekken (blz. 63), hij gaat met plezier en aangedikt de uitspattingen van Hubicka aan de stationschef vertellen en tracht bij deze in het gevlei te komen door over zijn naderende promotie te beginnen (blz. 20,21,22). Na zijn eerste gelukte seksuele ervaring voelt hij zich zelfzeker en een echte man wat uitmondt in zijn fatale sabotagedaad.

De verschillende personages worden met hun uitvergrote kleine kanten en ook wel spottend geportretteerd:

- de ambitieuze stationschef, lid van de Vereniging tot Verheffing der Zeden, die graag van adel wil zijn en het tot inspecteur wil schoppen, daarvoor zelfs al een uniform heeft laten maken, maar die toch meer bezig is met zijn duiven dan met zijn werk

- de overgrootvader van Milos die andere werkende mannen gaat jennen met zijn levenslange lijfrente en dat met de dood moet bekopen

- de grootvader van Milos die de Duitse tanks met hypnose ging tegenhouden en ook daardoor stierf

- de hypocrisie van de samenleving die de daden van Hubicka afkeurt tot blijkt dat de graaf in het kasteel er wel om kan lachen, waarna de afkeuring verdwijnt.

Over de vrouwen in het verhaal zou je oppervlakkig beschouwd kunnen zeggen dat ze eerder een dienende of zorgende rol hebben. Bij een betere bestudering blijkt echter dat ze toch vaak sterke vrouwen zijn: de vrouw van de stationschef die de konijnen doodt en haar man tot orde roept als hij volgens haar te ver gaat, Veronika Freie die in het verzet zit. De jonge vrouwen nemen ook zelf initiatief op seksueel vlak en zijn dus geen doetjes.

Hrabal hanteert duidelijk een andere manier van beeldend schrijven dan West Europese schrijvers. Hij schrijft zowel poëtisch als absurd en surrealistisch:

Poëtisch: Milos en Mascha die het hek van 4 kilometer verven, elk aan één kant er van, en op het einde elkaar door het hek een kus geven (blz. 34,35), de beschrijving van de sneeuw (blz. 10,11), van het kasteel en zelfs van de verschillende toestellen in het station (blz. 15), de haarpiek van de bijna kale stationschef die in een ‘gotische boog’ omhoog waait (blz. 16), de poten van het dode paard worden vergeleken met ‘pilaren waarop het onzichtbare portaal van de hemel rust’ (blz. 31) of als de pilaren van een grafkelder (blz. 34), de dode bevroren vogels die op de schouder van Milos vallen en ‘zo licht zijn als alpinopetjes’ (blz. 42), de parallel tussen het orgasme van Milos en een ontploffing, de beschrijving van de blauwe hemel waarin Milos ziet hoe Hubicka stempels afdrukt op het achterste van de telefoniste (blz. 45)…

Absurd: Hubicka die stempels van het station afdrukt op de billen van de telegrafiste, de verhalen van de overgrootvader en de grootvader van Milos, de stationschef die bij de Duitse inval in Polen zijn Duitse duiven de hals omdraait en Poolse duiven koopt.

Surrealistisch is de beschrijving van de vleugel van het Duitse vliegtuig die over het plein van het stadje zweeft van de ene naar de andere kant en de mensen die naar de tegengestelde kant rennen om de vleugel te ontwijken, het bombardement en de nieuwe betekenis van het bord ‘klaar in 5 minuten’ (blz. 38,39).

De gelaagdheid van het boek komt bij een tweede lezing beter tot uiting. De trivialiteiten van het dagelijkse leven in het station, in samengebalde vorm het leven in de maatschappij, staan in schril contrast met de gruwel van de oorlog. Hrabal beschrijft het gruwelijke lijden van de dieren zodat je begrijpt dat het lijden van de mensen zeker zo erg was. Het lot van de dieren is het lot van de mensen. Op blz. 57 zegt overigens de inspecteur ‘De Tsjechen zijn grijnzende beesten’.

Thema van het boek: volwassenwording, seksualiteit, oorlog, hoe mensen zich aanpassen aan de omstandigheden, het leven van alledag in een kleine gemeenschap.

Motieven:

- het oog of ogen komen herhaaldelijk terug in het verhaal, het oog als symbool van het totalitaire regime dat alles in het oog houdt.

- klokken en het tikken van klokken: het verstrijken van de tijd die lijdt naar de ultieme ontploffing waarbij Milos het leven laat

Op een schaal van 1 tot 10 scoort dit boek 8,5.

 

Meer over de schrijver

 

 

 

http://www.ned.univie.ac.at/lic/autor.asp?paras=/lg;1/aut_id;16592/

www.tsjechisch.nl/portret19.htm

 

www.vnts.nl/index.php/bohumilhrabal

 

 

Andere Tsjechische schrijvers

 

Jaroslav Hasek (De lotgevallen van de brave soldaat Svejk), Franz Kafka, Vaclav Havel, Milan Kundera, Ivan Klima, Josef Skvorecky (zie bij boekentips korte inhoud van zijn boek ‘De lafaards’)

 

Terug naar begin

 


 

Rico’s vleugels – Rascha PEPER

 

Korte samenvatting

 

Het rijke echtpaar Eduard en Cecile Rochèl leeft uitsluitend voor hun schelpencollectie – zo lijkt het althans. Als zij vanuit de roerige Filippijnen naar Nederland terugkomen om de wereldberoemde verzameling veilig aan een museum over te dragen, zijn ze in een afgelegen villa aan zee voor het laatst met de schelpen alleen. Het afscheid lijkt een ode aan de oceaanschatten te worden, totdat de veertienjarige brommerfanaat Rico Gabrieli opduikt. Al snel weet hij de zwijgzame Eduard tot een passie te brengen waaraan deze zich met huid en haar overlevert. Alle schelpen ter wereld verbleken bij de loensende ogen en de smalle heupen van Rico. Rochèls allesverterende verliefdheid heeft dramatische gevolgen...

 

Samenvatting van de bespreking

 

De meerderheid van de groep heeft het boek wel graag gelezen. Het was een fijn leesboek (‘licht aangenaam maar toch meeslepend’) maar niet iedereen vond het goed geschreven en voldoende uitgewerkt. Het thema van obsessie was wel boeiend, vooral het gegeven van een oudere man die jarenlang zijn passie voor jongens onderdrukt, sublimeert in een schelpenverzameling, en die dan in een onbewaakt moment een allesoverheersende passie voor een jongen opvat. Sommigen vonden het verhaal voorspelbaar. Het dramatische einde lijkt wel het einde in een filmscenario. Het is echter het enig passende einde in een voor alle personages uitzichtloze situatie. Er was geen happy end mogelijk. Ook al zou Rico met Eduard mee gaan naar de Filippijnen, dan nog heeft hij met hem geen toekomst. Hij wordt immers ouder, blijft geen jongen zodat de hartstocht van Eduard voor hem ook gedoemd is te verdwijnen. Cecile heeft tevergeefs haar hele huwelijk gepast op haar man, hem behoedt voor meer misstappen.

Het einde (de dood van Eduard, de brand) betekent voor iedereen verlies: Rico verliest de toekomst die hij zich droomde, zij kans om aan zijn milieu te ontsnappen, Eduard verliest het leven, Cecile verliest haar man en Bol verliest zijn collectie.

De personages:

De meeste sympathie ging uit naar Rico: hij is het slachtoffer van de omgeving waarin hij opgroeit. Hij is echter ook slachtoffer van Eduard en van de hoop die hij hem biedt voor een betere toekomst. Hij komt als vrij integer in het verhaal naar voren. Hij voelt zich gevleid maar ook verward door de aandacht van Eduard en hij laat hem betijen omdat hij er ook financieel voordeel in ziet en omdat zijn leven tot nu toe volgens zichzelf niets voorstelt. Toch werd hij beschreven als iemand die de hele situatie te goed overzag voor een jongen van zijn leeftijd.

Ook Eduard is een slachtoffer van zijn onderdrukte niet toelaatbare gevoelens en van zijn onderdrukkende vrouw. Hij wordt met sympathie beschreven en je voelt zowel medelijden als ook wel enig begrip voor de man.

Cecile wordt als meest vervelende personage beschouwd: ze domineert haar man, seksualiteit is aan haar niet besteed. Zij beleeft haar passie in het verzamelen van schelpen. Ze bewaakt Eduard als een moeder om te voorkomen dat hij nog verliefd zou worden op jongens. Een andere vrouw had ze hem wel gegund maar jongens niet!

De vriendjes van Rico zijn eerder onsympathiek evenals Bol die enkel oog heeft voor zijn museum en zijn collectie.

Het thema van het boek is passie, liefde, verzamelwoede.

De verborgen en verboden liefde van een oude man voor een jonge jongen. Motieven hierbij zijn schelpen, vissen, vleugels en water. De villa ligt aan zee, de schelpen brengen het verhaal ook naar zee. De schelpen zijn symbolen voor liefde en dood. Vleugels staan symbool voor engelen en andere demonische wezens. Vissen staan voor kracht en volharding en in het oude China betekenen vissen en water samen seksueel genot.

Het symbool vissen, begint al met de dode goudvissen die Eduard Rochel iedere ochtend vindt. Ook het zeepaardje speelt een rol hierin. De vleugels zijn terug te vinden op het T-shirt van Rico.

Een ander motief is het getal zeven: Rico is de zevende figuur in Eduard Rochels leven, Eduard Rochel maakt een fout bij het omschrijven van zeven schelpen, het verhaal overspant een periode van ongeveer zeven dagen etc.

Bij een deel van de groep werd door de beschrijvingen de interesse opgewekt voor schelpen en hun schoonheid. Anderen vonden de beschrijvingen vervelend en zonder meerwaarde voor het verhaal. Passie opvatten voor schelpen is wel begrijpelijk maar dan wel voor het zelf zoeken en vinden van mooie en kostbare schelpen. Als die worden aangekocht zoals in het geval van Cecile is het een handel in plaats van een verzamelpassie.

Maar passie is irrationeel en kan niet worden verklaard. Het overkomt je. Door het vervullen van het verlangen stopt dat verlangen ook. Het nastreven van een verlangen levert vaak meer geluk op dan de vervulling er van.

Volgens een recensie speelt pedofilie een grote rol in dit boek. Volgens onze groep is er echter geen sprake van pedofilie. Rico is geen kind meer maar een jongen van bijna 15. De houding van Eduard blijft echter afkeurenswaardig: hij is de oudere en door de financiële voordelen die hij Rico biedt bindt hij hem ook aan zich. Ook al lijkt dus de keuze van Rico om op de avances van Eduard in te gaan een weloverwogen keuze, toch is hij wel een slachtoffer: van zijn milieu in de eerste plaats, ook van de situatie en van Eduard.

Het boek krijgt van de groep gemiddeld 6,5.

 

Meer over de schrijfster

 

Rascha Peper (pseudoniem van Jenneke Strijland) werd op 1 januari 1949 in Driebergen geboren. Ze studeerde Nederlands, met als hoofdvak Middelnederlandse literatuur, en werkte enige tijd als lerares. In 1983 verhuisde ze naar Wenen vanwege het werk van haar partner die in dienst was van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Daar begon ze, omdat ze zich nogal 'op zichzelf teruggeworpen' voelde, ernst te maken met het schrijven. In die tijd ontstond de eerste versie van Oesters. Na publicatie van haar eerste verhalen in Hollands Maandblad en Tirade, zette ze zich aan het herschrijven van deze roman omdat ze 'in alle valkuilen van een beginnende schrijver was getuind'.

Rascha Peper streeft ernaar boeken te schrijven die vooral boeien door een meeslepend verhaal en zij hecht minder aan literaire vormexperimenten.

Haar thema's ontleent Peper vaak aan berichten uit de krant. Zoals de figuren in haar werk een gepassioneerde verzamelwoede hebben, zo verzamelt zij zelf krantenknipsels waarin ze een verhaal ziet. Deze werkwijze brengt met zich mee dat Peper geen autobiografische schrijfster is wier werk voornamelijk te herleiden is tot zaken uit haar eigen leven. Het enige boek waarvoor dit niet zonder meer opgaat is Oesters.

In 1994 ontving Rascha Peper de AKO Literatuurprijs voor haar boek Rico's vleugels.

 

Terug naar begin

 

 


 

De ontdekking van de curryworst – Uwe TIMM

 

 

Korte samenvatting

 

De verteller van dit verhaal bezoekt in het stedelijk rusthuis in Hamburg een vrouw, Lena Brücker. Hij kent haar vanuit zijn kinderjaren in Hamburg en meent zich te herinneren dat zij de curryworst ontdekte. Lena, inmiddels over de tachtig en slechtziend, vertelt hem, al breiend en op voorwaarde dat hij voor taart zorgt, in 7 namiddagen een verhaal over oorlog, liefde en curryworst. Dit verhaal begint op 29 april 1945. Lena Brücker, een gehuwde vrouw van 43 jaar en moeder van 2 kinderen, ontmoet de 16 jaar jongere marinesoldaat Hermann Bremer, al wachtend voor de bioscoop. Haar echtgenoot en haar 2 kinderen zijn niet bij haar. Herman gaat mee met haar naar huis en besluit de volgende ochtend bij haar te blijven. Vanaf dan is hij deserteur, met alle risico’s vandien. Hij kan zich niet meer op straat vertonen en moet op zijn sokken door het huis lopen om de buren niet te alarmeren. Lena gaat overdag gewoon naar haar werk en geniet ’s avonds van zijn aanwezigheid. De liefde is nog maar net ontloken als Hamburg capituleert en Hitler zelfmoord pleegt. Lena wil Hermann nog niet kwijt en verzwijgt het einde van de oorlog voor hem. Ze vertroetelt hem gedurende enkele weken tot hij zijn smaakvermogen verliest. Hij verlaat haar, na 27 dagen, in het pak van haar man, zonder een woord van afscheid maar met achterlating van zijn marinekleding. Lena gaat de zwarte markt op en probeert te overleven in moeilijke omstandigheden en zo komt de worst en de curry in haar leven, de snackbar en haar echtgenoot…..

 

Samenvatting van de bespreking

 

De meningen waren verdeeld: terwijl sommigen het niet graag hebben gelezen, o.a. omdat ze niets met het onderwerp hebben, vonden anderen het een goed boek dat aan de hand van een recept een tijdsbeeld geeft van het leven van een dappere vrouw en de beschrijving van het gewone leven in de stad Hamburg tijdens de 2e wereldoorlog. Hoewel het eenvoudig geschreven is en toegankelijk bevat het toch meerdere lagen en zijn er verschillende verhalen. Je ziet wat de oorlog met mensen doet, hoe iedereen op zijn manier reageert en het boek toont ons ook de oorlog vanuit Duits standpunt (lees over dit onderwerp ook “Stenen in de rivier” van Ursula Hegi)

De titel is grappig en maakt nieuwsgierig naar de inhoud van het boek. Hij zet je echter ook op het verkeerde been want het gaat hier niet enkel over de curryworst, die echter wel een leidmotief is in het boek waardoor je het leven van Lena leert kennen. Sommigen zouden echter nooit het boek kiezen om te lezen juist omwille van de titel.

De personages:

Lena: omwille van haar sterke persoonlijkheid sprak zij ons het meest aan. Ze is een dappere, trotse vrouw. Ze is geen lid van de nazipartij, ze weigert de Hitlergroet te brengen en is niet bang om kritische opmerkingen te maken. Op 43-jarige leeftijd komt ze de deserterende soldaat Bremer tegen en geeft hem onderdak. Zij krijgen een liefdesrelatie en dankzij hem voelt ze zich een begeerde vrouw. Om dit gevoel zo lang mogelijk te koesteren en hem zo lang mogelijk bij zich te houden, verzwijgt ze hem het einde van de oorlog. Het vertrek van Bremer is voor Lena het einde van een levensfase, zi is nu oud. Ze blijft echter niet bij de pakken zitten en staat zo symbool voor de vele vrouwen die tijdens en na de oorlog alleen verder moesten. En ondanks de tegenslagen die ze toch in haar leven meemaakte, is ze niet verbitterd.

Bremer: een jonge soldaat, die na een kort bezoek te hebben gebracht aan zijn vrouw en zoontje, terug naar het front moet keren. Gedreven door angst voor de oorlog blijft hij bij Lena. Hij is erg gesloten. Wat hij voor Lena voelt komen we niet te weten. Hij brengt noodgedwongen de dagen door met poetsen en kruiswoordraadsels oplossen. Hij voelt zich opgesloten. En hoewel Lena haar best doet om goed voor hem te koken, verliest hij juist bij haar zijn smaakt, wellicht een teken van de verdere vervreemding tussen hem en Lena.

Holzinger: werkt als kok en pleegt sabotage op zijn manier, namelijk door te knoeien met het eten als de partijbonzen komen eten of als er positieve dingen over de oorlog worden verteld. Hij komt sympathiek over.

Lammers: is de benedenbuurman van Lena. Hij is blokhoofd en verantwoordelijk voor de luchtbescherming, een overtuigde nazi die zijn functie ernstig neemt. Hij is eerder een zielige figuur temeer dat hij door de bewoners van het blok er van verdacht wordt een verrader te zijn, wat hij echter niet is. Na de capitulatie pleegt hij zelfmoord.

Eckleben: is het meest akelige personage. Ze is de onderbuur van Lena en hoewel ze vriendelijk lijkt is zij uiteindelijk de verrader die anderen bij de Gestapo verklikt.

Willy/Gary: de man van Lena. Hij is een ploert en een vrouwenloper. Hij kan betoverende muziek maken door te blazen op een kam. Hij heeft voor de oorlog zijn vrouw verlaten en duikt na 7 jaar plots weer op. Lena heeft hem helemaal niet gemist, wil hem niet meer bij zich en zet hem met een list weer aan de deur.

Als thema zien we: overleven, eenzaamheid, liefde, angst voor verlies en ook macht.

Motief: de zoektocht naar het ontstaan van de curryworst en het breiwerk van Lena dat vorm krijgt naarmate het verhaal vordert.

De novelle is knap en origineel opgebouwd. Het is eigenlijk van vorm een soort raamvertelling (volgens van Daele : een verhaal dat dient tot omlijsting van verschillende geschiedenissen die door de in het verhaal optredende personen achtereenvolgens verteld worden), verdeeld in 7 hoofdstukken zonder titel. Het verhaal wordt verteld in de beslotenheid van de kamer van Lena in het rusthuis. Het wordt niet chronoligisch verteld. Het heden, einde van de jaren 80, wordt voordturend afgewisseld met lange flash backs uit het verleden. De verteller komst bij Lena om het verhaal van het onstaan van de curryworst te vernemen maar maakt er kennis met het leven van Lena. 

Wij weten de naam van de verteller niet, is het de schrijver? Voor een stuk komt het leven van de verteller en dat van de schrijver overeen maar toch is het niet autobiografisch. De verteller is onpartijdig. Hij is ook integer. Zo vertelt hij Lena niet het ware verhaal van de verraadster tijdens de oorlog.

De schrijver gebruikt eenvoudige zinnen die toch veel zeggen. Het boek leest vlot, erg toegankelijk proza met een natuurlijk en melodieus taalgebruik. Pretentieloos geschreven en met veel sympathie voor de personages.

De gelaagdheid, het gebruik van metaforen maakt dit boek volgens ons tot literatuur: je moet er in graven, een mooi taalgebruik die de sfeer goed weergeeft, goed geschreven op een manier die raakt.

Als voorbeeld van hoe je moet graven in het boek: aan het einde krijgt de verteller een stuk uit een oude krant in handen met daarop een door Bremer ingevuld kruiswoordraadsel. De beginletters van de ingevulde woorden vormen het woord “Circe”, een tovenares uit de Griekse mythologie die mannen in haar huis lokt en hen lekkere spijzen en dranken voorzet waardoor ze betoverd geraken en gedwongen bij haar blijven.

Het boek kreeg gemiddeld een 7.

 

 

Meer over de schrijver

 

De Duitse schrijver, Uwe Timm wordt in Hamburg in 1940 geboren. Hij was een nakomertje, geboren 16 jaar na zijn broer Karl Heinz, die zich bij de aanvang van de oorlog als vrijwilliger heeft gemeld bij de SS (dodenkopdivisie) en sneuvelt in 1943. Zo stond Uwe Timm, door de dood van zijn broer, in de schuld bij zijn autoritaire vader (cfr. roman ‘Am Beispiel meines Bruders’).

Verhalen fascineerde Uwe Timm van in zijn kindertijd . Hij luisterde graag naar de verhalen van zijn grootvader en zijn tante. Reeds als schooljongen schreef hij zelf verhalen.

Hij werd net als zijn vader bontwerker en nam, na diens dood, gedurende 3 jaar zijn zaak over.

Nadien ging hij terug studeren. Hij maakte zijn middelbare school af en studeerde verder filosofie en germanistiek in München en Parijs. Hij promoveerde in 1971 in de filosofie met een werk over Camus en is sindsdien schrijver. Aansluitend studeerde hij nog sociologie en economie.

Hij voelt zich sterk verweven met de studentenprotesten die hij actief als student beleefde (cfr roman Heisser Somer, 1974). Uwe Timm behoort tot de belangrijkste Duitse vertegenwoordigers van de generatie ’68. De  verwerking van deze tijd toont zich in zijn gehele werk. (cfr romans als Kerbels Flucht 1980, Rot 2001).

Hij bezocht ook vreemde culturen. Zijn onderzoeks-en ontdekkingsreizen brachten hem naar Peru, de Paaseilanden en Namibië. Deze reiservaringen verwerkte hij ook in zijn romans (cfr Morenga 1978, Der Schlangenbaum 1986).

Hij woonde gedurende twee jaar in Rome (cfr Vogel, friss die Feige nicht, Römische Aufzeichnungen 1989). Momenteel woont hij in München en Berlijn.

Het werk van Uwe Timm wordt gekenmerkt door het  bijzondere in het alledaagse. Het uitgangspunt in zijn werk is reëel, nl.  kind-en jeugdherinneringen, geschiedenis, politiek….. Toch gaat het hem als schrijver niet over de juiste weergave van de werkelijkheid. Hij zegt hierover: ‘ De verteller vertelt niet enkel het verhaal na, maar vernieuwt en verandert, namelijk zoals het had kunnen geweest zijn, hij vertelt een andere werkelijkheid.’ Zo bijvoorbeeld wordt de tweede wereldoorlog door hem in een nieuw en kritisch daglicht gezet.

Als vader van 4 kinderen heeft hij ook  kinder- en jeugdboeken geschreven, oa ‘Rennschwein Rudi Rüssel’ 1989, waarvoor hij de Duitse jeugdliteratuurprijs heeft gekregen en verfilmd werd.

Hij heeft echter nog heel wat meer boeken gepubliceerd en prijzen gewonnen. Zoals

oa. de grote literatuurprijs van de Beierse Academie voor Schone Kunsten (2001), de Tukanprijs van de stad München, de literatuurprijs van de stad München 2002, Schubart-literatuurprijs 2003 en de Erik-Reger-Prijs van Rheinland-Pfalz. ….

Van dezelfde auteur vertaald in het Nederlands:

‘Rood’:  Uitgever Podium 2006, 398 pagina’s

‘Mijn broer bijvoorbeeld’: Uitgever Podium 2004, 152 pagina’s

‘Sint Jansnacht’ : uitgever Aristos 1997, 228 pagina’s

 

Terug naar begin


 

 

 

 

Rebecca – Daphne DU MAURIER

 

 

Rebecca en Mrs Danvers uit de film van Hitchcock

 

Korte samenvatting

 

De ik-figuur loopt in Monte Carlo Maxim de Winter, een steenrijke weduwnaar van middelbare leeftijd, tegen het lijf. Ze worden verliefd en treden halsoverkop in het huwelijk. Ze gaan wonen in het gigantisch grote landhuis van Maxim, Manderley. Daar, in dat spookachtige kasteel, wordt de ik-figuur al gauw geconfronteerd met de eerste vrouw van Maxim, Rebecca, wiens geest nog overal rondwaart in de grote zalen en gangen van Manderley. Rebecca was, zo lijkt het, bij iedereen zeer geliefd. Alles wat de de ik-figuur doet wordt afgewogen tegen de manier waarop Rebecca het vroeger deed. Vooral mevrouw Danvers, de huishoudster, maakt haar het leven moedwillig zuur.

Rebecca, is niet zo lang geleden overleden bij een tragisch zeilongeluk. Het leek lange tijd zelfmoord, maar later in het boek blijkt Maxim zijn vrouw vermoord te hebben. Zij bleek er een tweede leven op na te houden met meerdere minnaars. Tijdens het onderzoek naar de (zelf)moord blijkt Rebecca ernstig ziek te zijn geweest en heeft zij als laatste poets haar man zo ver gebracht dat hij haar vermoord heeft, hetgeen haar bedoeling was. Op weg naar huis zien ze vanuit de verte dat Manderley in brand staat.

Het verhaal begint in het heden, maar al na enkele bladzijden vertelt de ik-figuur hoe haar leven met Maxim begon, een onbekend aantal jaren eerder.

 

 

Samenvatting van de bespreking

 

De meningen waren eens te meer verdeeld:

-  het verhaal staat ver van de realiteit. De hoofdpersoon wekt wrevel op door haar manier van leven: ze leeft in het ijle en is erg lijdzaam, stelt zich geen vragen bij het leven dat ze leidt. Het is meer een boek dat je leest om het verhaal dan om de schrijfstijl. Aanvankelijk niet boeiend maar na de eerste 100 bladzijdes komt er meer vaart in. Een stuiverromannetje echter wel spannend toen bleek dat er van moord sprake was.

-  Spannend vanaf het begin, makkelijk leesbaar, goed en visueel beschreven. De zwijgzaamheid van Maxim en het lijdzame van zijn tweede vrouw maken nieuwsgierig naar het verdere verloop van het verhaal en naar wat er aan de hand is. Boeiend en zeer beeldend geschreven, zeker ook van de karakters, vooral van de ik-persoon. Je ziet het jonge, beschaamde meisje zó voor je. Ook een prachtige beschrijving van haar prille verliefdheid, die ze zelf niet eens door heeft. Ze heeft een enorme fantasie. Vertelt hele verhalen, die zij voor zich ziet, maar die zo helemaal niet zijn gebeurd. Bijvoorbeeld de beschrijving van Rebecca op blz 46. Op blz 201 beeldt ze zich zo in dat ze Rebecca is, dat ze zelfs allerlei bewegingen maakt. Op blz 221 staat een heel verzonnen gesprek.

De titel is logisch want alles in het verhaal draait om Rebecca.

De hoofdpersoon heeft geen naam want ze is geen echte persoon, heeft geen identiteit. Ze doet er eigenlijk niet toe: zie is iemand zonder familie en zonder achtergrond. Er is wel sprake van een karakterontwikkeling bij de hoofdpersoon: eens zij aan de weet komt dat Max niet verliefd is en was op Rebecca wordt ze zelfbewuster en meer actief.

De opzichter Frank is het meest sympathiek en daarnaast ook Ben. Het hoofdpersonage is niet sympathiek vanwege haar houding, haar passiviteit. Ze is echter een kind van haar tijd en haar omgeving. Mrs. Danvers is een heel tragische figuur: zij had een ongezonde passie voor Rebecca.

Het verhaal is één grote flashback die chronologisch wordt verteld. Het hoofdpersonage kijkt terug op haar leven met Maxim, naar het verleden. Door deze vorm van vertellen wordt de spanning opgebouwd en het mysterie geïntroduceerd. De lezer vraagt zich af waarom het echtpaar in Frankrijk woont en in hotels leeft, waarom ze niet langer op Manderly zijn.

Thema: obsessie (obsessie voor Rebecca).

Motieven: geheimzinnigheid, gevangen zijn in je eigen cultuur, manvrouw relatie, klassenverschillen.

De schrijfstijl van Daphne du Maurier is vlot leesbaar, verhalend, beeldende en sterk visuele schrijfstijl. Ze is een erg goed vertelster. Haar meeste boeken zijn erg spannend geschreven.

In dit boek is enkel de vertelster, de ikfiguur, geheel uitgewerkt. De uitwerking van de psychologie van de andere personages ontbrak eerder.

Het boek werd gemiddeld met 6,5 beoordeeld.

 

 

Meer over de schrijfster

 

Daphne du Maurier, eigenlijk Lady Browning, Engelse (Britse) romanschrijfster. Geboren in Londen in 1907 en overleden in Cornwall in1989. Dochter van Sir Gerald du Maurier. Werd thuis opgevoed en voltooide haar opleiding in Parijs.

Begon in 1928 korte verhalen en artikelen te schrijven en publiceerde in 1931 haar eerste roman 'The loving spirit', die een matig succes boekte. Deze werd gevolgd door een aantal uiterst populaire, doorgaans romantisch-historische romans, gesitueerd aan de kust van Cornwall waar de schrijfster zich met haar man Sir Frederick Browning had gevestigd. Jamaica Inn (1936), Frenchman's Creek (1941), The King's General (1946) en My Cousin Rachel (1951). De populairste uit deze reeks werd het in 1938 geschreven Rebecca, een mysterieus verhaal van liefde en moord dat in meer dan 20 talen werd vertaald en in 1940 door Hitchcock verfilmd. Ook haar latere romans, zoals The Flight of the Falcon (1965) en The house on the strand (1969) en enkele verhalenbundels, geven blijk van haar voorliefde voor het raadselachtige en het onverklaarbare en zijn typisch in de verte verwant te noemen aan 'The Gothic mode'. Rule Brittania (1972) schetst een schrikwekkend beeld van Engeland in de toekomst. Daphne du Maurier heeft, naast enkele toneelstukken, tevens een aantal biografieën geschreven waaronder Gerald: A Portrait (1934) over haar vader.

Zij staat bekend als een rasechte vertelster, maar haar romans worden door de critici nauwelijks serieus genomen. Structureel zijn ze zwak en de uitbeelding der personages is vaak oppervlakkig. In 1969 kreeg ze de onderscheiding van Dame Commander in the Order of the British Empire.

(Uit encyclopedie voor de wereldliteratuur)

 

Terug naar begin

 


 


 

Het hart is een eenzame jager – Carson MC CULLERS

 

Korte samenvatting

 

In een kleine stad in het zuiden van Amerika worden enkele mensen ongeveer een jaar gevolgd. Vanuit steeds wisselende perspectieven krijg je een indringend beeld van de problemen die er in de stad heersen. De oude zwarte dokter die tevergeefs probeert 'negers' te mobiliseren iets te doen aan hun achtergestelde positie, maar gedwarsboomd wordt door zijn familie die hem te radicaal vindt. Een goedmoedige kroegbaas die gehandicapten een rondje van het huis geeft. Een revolutionair zonder aanhang, een meisje met een voorliefde voor muziek. Deze personages en veel bijfiguren nemen je mee naar een wereld waar nog een strikte rassenscheiding heerst (de dokter mag bijvoorbeeld niet in de kroeg komen) en waar armen geen kans hebben op verbetering. Middenin die gemeenschap staat de doofstomme John Singer. In het begin leeft hij nog samen met een doofstomme vriend, maar als deze naar een kliniek moet, trekt hij alleen de stad in. Iedereen denkt dat Singer wijs is, omdat ze tegen hem kunnen praten zonder dat hij wat terug zegt. Af en toe schrijft hij iets op een papiertje, voor de rest is hij een hoffelijke luisteraar. Daarmee wordt hij min of meer een verlosser voor al die dolende zielen met hun eigen idealen en waandenkbeelden. Singer is een tragische figuur: hij discrimineert niet, hij doet geen vlieg kwaad, maar niemand kent zijn verlangen naar zijn vriend. Sterker nog, hij weet niet eens of zijn vriend in de kliniek naar hem verlangt, want hem interesseert alleen eten, het is de vraag of hij de gebarentaal van Singer begrijpt.

De titel van het boek is afkomstig van een gedicht van de dichter William Sharp “The lonely hunter”: “…but my heart is a lonely hunter that hunts on a lonely hill”.

 

Samenvatting van de bespreking

 

Het boek heeft een grote indruk gemaakt. Het leert je meer dan tal van documentaires en naslagwerken over het leven in de Zuidelijke staten van de VS in de jaren voor de 2e wereldoorlog. De fundamentele eenzaamheid van de personages, de maatschappelijke problematiek van uitzichtloosheid, onderdrukking en onmacht zijn goed uitgewerkt. Het is realistisch geschreven zonder melodramatisch te zijn. Wij, met het leven dat wij hier en nu leiden, vinden wellicht de levensomstandigheden van de verschillende personages dramatisch. Zijzelf schijnen dit echter niet zo te ervaren. De schrijfster was nog erg jong toen ze dit boek schreef. Toch is het zo diep menselijk en meevoelend dat je zou verwachten dat het door een oudere en rijpere persoon is geschreven.

De personages:

Mick Kelly is een gezond en sterk meisje van veertien uit een arm blank gezin. Ze is moedig en ze is ook de meest positieve persoon in het verhaal. Ze draagt zorg voor de jongere kinderen in het gezin. Ze houdt van muziek en droomt er van pianiste te worden (zoals de schrijfster zelf). Als het leven haar toch te veel wordt ontsnapt ze in gedachten naar haar “binnenkamer”. Op het ogenblik dat haar familie in financiële problemen komt gaat ze werken om hen te steunen echter zonder haar dromen op te geven.

Biff Brannon is de vriendelijke en sympathieke uitbater van een eethuis. Hij is het meest heldhaftige personage. Hij bemiddelt tussen de anderen, helpt hen zonder er mee te koop te lopen.

Dokter Copeland is een zwarte arts die onder de arme zwarte bevolking zijn werk doet. Hij is een antiheld.  Hij wil zijn volk trotser en minder lijdzaam maken. Hij offert hiervoor zijn liefde en zijn gezin op maar tevergeefs.

Jake Blount een soort ‘revolutionair’ die de arbeiders wil aanmoedigen tot verzet tegen hun lot. Hij is eveneens een alcoholicus die lijdt aan wisselvallige stemmingen.

John Singer, een doofstomme, die samenwoont met zijn vriend Antonapoulos, een erg simpele man die eveneens doofstom is. Singer is erg aan hem gehecht. Antonapoulos wordt echter ziek en hij belandt in een instelling waar hij niet meer beter wordt.

De personages zijn allemaal eenzaam, zoeken naar persoonlijk geluk, erkenning, een luisterend oor, iemand die hen begrijpt. Ze denken allen dit in Singer gevonden te hebben. Hij is hun klankbord. Hij begrijpt echter meestal niets van wat ze hem vertellen en beperkt zich tot glimlachen. Singer op zijn beurt denkt in zijn eveneens doofstomme vriend Antonapoulos iemand te hebben die hem begrijpt. Ook dit is niet juist. Antonapoulos is enkel met zichzelf bezig en begrijpt ook niets van Singer.

Het thema van het boek is eenzaamheid.

De stijl van de schrijfster is erg eenvoudig, korte zinnen maar toch ook poëtisch en beeldend..

Het boek krijgt gemiddeld een 8.

 

 

Meer over de schrijfster

 

Carson McCullers (geboren als Lula Smith op 19/02/1917 en overleden op 29/09/1967) ambieerde ooit een carrière als concertpianiste, maar werd getroffen door reumatische koorts en besloot dat een carrière als schrijver wellicht meer voor haar was weggelegd. McCullers begint dan met het schrijven van toneelstukken. Ze verlaat Georgia op zeventienjarige leeftijd, om zich in New York te vestigen, waar ze deelneemt aan enkele colleges 'creative writing' aan de Columbia University. In 1936 publiceert McCullers haar eerste verhaal 'Wunderkind' in het tijdschrift Story. Vier jaar later, in 1940, debuteert ze als romanschrijver - op drieëntwintigjarige leeftijd -met de bestsellerroman 'The Heart is a Lonely Hunter'. Dit is haar meest autobiografische werk. Later schrijft ze verschillende romans waaronder 'Reflections in a golden eye' (1941), 'The member of the wedding' (1946), 'The ballad of the sad café' (1951) en 'A clock without hands' (1961). De schrijfster vergelijkt haar eigen stijl met die van de 19e eeuwse Russische realistische schrijvers die ook over het leven van mensen op het platteland schrijven. Na een leven waar haar vrijwel geen enkele ziekte gespaard blijft, overlijdt ze in 1967, op vijftigjarige leeftijd.

 

Terug naar begin

 


 

De wandelaar – Adriaan VAN DIS

 

Korte samenvatting

 

Een rentenierende Nederlander die in Parijs woont heeft niet veel contact met zijn omgeving of met andere parijzenaars. Hij krijgt bij een brand een hond in zijn schoot geworpen. Een hond die een andere wereld voor hem opent: die van vluchtelingen, illegalen en zwervers. Het verandert Parijs, het verandert de man: hij wil helpen, goed doen. Maar alles wat hij doet pakt anders uit.

 

Samenvatting van de bespreking

 

Minpunten: geschreven in een houterige krantenstijl, een teveel aan gebeurtenissen die bij het verhaal worden betrokken (problematiek van vluchtelingen, arme woonwijken, rassenhaat, oorlogen in verre landen, de tsunami….)

Pluspunten: de hoofdpersoon wil nergens bij betrokken worden, wil zijn leven heel erg onder controle houden. Heeft de schrijver het hier over zichzelf is een vraag die zich opwerpt. Als echter de hond in zijn leven komt verliest hij die controle en raakt hij meer en meer bij anderen betrokken. De relatie met de hond is erg mooi beschreven.

De titel van het boek is erg toepasselijk. De hond dwingt de hoofdpersoon te wandelen. En door dat wandelen, komt hij meer in contact met de buitenwereld.

De personages:

De hond is de bindfiguur tussen de verschillende personages.

De mysterieuze figuur van de Chinees is intrigerend. Hij leeft zijn eigen leven, is gelukkig met zijn leven op straat en met zijn karton.

Mulder is een metafoor voor de Westerse mens die ver staat van al de ellende in de wereld, die wel iets wil doen maar toch al die ellende niet dicht bij zich wil. De schrijver is hard maar eerlijk voor Mulder (voor zichzelf?). In de loop van het verhaal evolueert hij echter. Hij wil iedereen laten weten dat hij Mulder is en niet Martin voor wie men hem hield en achter wie hij zich verschool. In het begin van het boek staat “De hond had alles gezien”; Op het einde “Hij (Mulder) liep alleen en zag en rook alles” Hij had de hond niet meer nodig om in contact te treden met de buitenwereld, om op te merken wat er rond hem gebeurde. “Maar stad en mensen deden hem pijn. Zijn hond had hem er anders naar leren kijken”

Thema van het boek: botsing van beschavingen/culturen, van rijk en arm. De onmacht om te gaan met andere leefwerelden, culturen.

Motieven: eenzaamheid, zoektocht naar geborgenheid, naar zekerheden en houvast.

Het boek wordt verteld door een hij-verteller die echter vanuit het perspectief van Mulder vertelt. Alles wat Mulder denkt wordt immers beschreven. Het verhaal is chronologisch geschreven met af en toe een flashback. Het speelt zich af in een grootstad waar veel culturen, klassen en rassen samenwonen. “De wandelaar” is een maatschappelijke en psychologische roman. Het psychologische is echter sterker en beter beschreven dan het maatschappelijke omwille van de veelheid aan problemen die worden aangehaald.

De taal en stijl zijn wel toegankelijk maar soms ook wat saai en droog, een krantenstijl. Toch is dit een stijl die bij Mulder past die ook niet als een kleurrijk personage kan worden beschouwd.

Het boek krijgt gemiddeld een 7.

 

 

Meer over de schrijver

 

Adriaan van Dis werd in 1946 geboren. Hij groeide op temidden van halfzussen en ouders met een Indische geschiedenis. Zijn vader, die door zijn (Japanse) oorlogservaringen en zijn fysieke conditie arbeidsongeschikt was geworden, voedde Adriaan op met harde hand. Van Dis studeerde Nederlands en Zuid-Afrikaans aan de Universiteit van Amsterdam.

Hij debuteerde als schrijver in 1983 met de novelle Nathan Sid

In 1986 verschenen achtereenvolgens De rat van Arras en de reisverhalenbundel Casablanca. In hetzelfde jaar debuteerde Van Dis als toneelschrijver met het stuk Tropenjaren, in 1988 gevolgd door Komedie om geld. In 1988 verscheen ook de roman Zilver of Het verlies van de onschuld. In het voorjaar van 1990 bezocht Adriaan van Dis Zuid-Afrika. In december van dat jaar verscheen de reisroman Het beloofde land. In 1991 volgde een tweede reisroman over Afrika (Mozambique), onder de toepasselijke titel In Afrika. In 1992 verscheen Waar twee olifanten vechten - Mozambique in oorlog (samen met de fotograaf K. van Lohuizen).

In 1994 verscheen de dikke, uiterst succesvolle roman Indische duinen, over een in Nederland geboren zoon van een Indische familie die wordt opgevoed in de sfeer van verzwegen leed. Zesenveertig jaar later breekt bij hem de woede over zijn familie los. Indische duinen werd bekroond met de Gouden Uil (1995) en de Trouw Publieksprijs en genomineerd voor de Libris-prijs, de ako-prijs en de Aristeion-prijs.

In 1999 verscheen de grote roman Dubbelliefde, de 'geschiedenis van een jongeman' (de ondertitel van de roman) die, opgejut door de roerige tijd - de jaren zeventig -, grenzeloos wil leven.  Ter gelegenheid van de Boekenbeurs van Tokio bezocht Van Dis in het voorjaar van 2000 Japan - het 'verboden land' van zijn jeugd. Deze reis inspireerde hem tot de novelle Op oorlogspad in Japan.

In september 2002 verscheen de roman Familieziek.

De wandelaar werd uitgegeven in januari 2007.

Zie ook http://www.adriaanvandis.nl/

 

Terug naar begin

 

 


 Besproken boeken 2007 -2008

 

De Waarnemer – Wim KAYZER

 

Korte samenvatting

 

Een Nederlandse huisdokter geeft zijn praktijk over aan een opvolger en vestigt zich in Zuid Frankrijk. Hij bezit er een oude boerderij die hem is nagelaten door een plaatselijk echtpaar met wie hij bevriend raakte. In het zuiden kijkt hij terug op zijn leven terwijl hij de boerderij restaureert en de gronden bewerkt.

 

Mening van de groep

 

Positief: het boek bood veel stof om over na te denken. Hoewel er niet veel gebeurde bleef het toch boeiend: goed uitgewerkt en met interessante filosofische thema’s. De tegenstelling Noorden-Zuiden was herkenbaar. De mensen gaan anders met elkaar om in het Zuiden. Ook de hoofdpersoon is een ander mens daar waar hij meer in harmonie met de natuur leeft. Het laatste deel over de aftakeling door de ziekte van Alzheimer was herkenbaar en ontroerend beschreven.

Negatief: Het boek was veel te dik met erg veel herhalingen en overbodige stukken die niet bijdroegen aan de kwaliteit van de roman. Er stond te veel in om over na te denken zodat je overweldigd raakt en er niet meer dieper op ingaat. Wel zwaar en ook wel deprimerend.

 

Vragenlijst

 

1.    Hoe interpreteer je de titel van dit boek?

De hoofdpersoon neemt niet deel aan het leven. Hij heeft zelfs geen naam. Hij is een waarnemer van zijn eigen leven en van dat van de anderen, een soort kluizenaar.

 

2.    In welke vorm is het boek geschreven? Welk soort roman is het?

Het boek is in brievenvorm geschreven: brieven van de hoofdpersoon aan Sophie en brieven van haar aan hem. Het is een filosofische roman met ook wel een psychologische en zelfs sociologische inslag.

 

3.    Waarom heeft de schrijver voor de brievenvorm gekozen?

Door middel van de brieven kijkt de hoofdpersoon terug op zijn leven en filosofeert er over. Hij schrijft ook brieven om niet te vergeten.

 

4.    Wat vind je van de schrijfstijl?

Het is een inhoudelijk moeilijk boek dat daarom langzaam loet worden gelezen. De schrijfstijl is echter niet moeilijk. Toch moet je er een tijd inkomen vooraleer het begint te boeien.

 

5.    Waar speelt het verhaal zich af? Wordt het chronologisch verteld? Met flashbacks?

Het verhaal speelt zich af in het Noorden (Nederland) en in het Zuiden (Frankrijk). Het wordt chronologisch verteld met flashbacks.

 

6.         Wat is het eigenlijke thema van het boek?

De zin en/of zinloosheid van het leven en de dood.

 

7.    Wat vind je van de beschrijving van de verschillende personages?

De personen waar het meest op wordt gefocust zijn allen gelijkgestemde zielen, mensen waarmee de hoofdpersoon een band heeft of had. Het zijn veelal lijdende en eenzame en zoekende mensen. Maria wordt minder uitgewerkt. Zij maakte ook maar gedurende een korte periode deel uit van het leven van het hoofdpersonage. Nochtans heeft zij diepe sporen bij hem achtergelaten. Hij blijft geobsedeerd door het waarom van haar zelfmoord en hij zoekt wanhopig naar bewijzen waaruit blijkt dat hij er niet schuldig aan is. Hij heeft problemen, laat zich niet helpen en maakt geen keuzes. Dan zou hij immers moeten beginnen echt te leven en dat wil hij niet.

 

8.    Wat deed het boek met je? Welke emoties riep het op? Wat raakte je?

Het boek stemt tot nadenken, meer dan tot het lezen er van. De levenswijze van de hoofdpersoon, het feit dat hij alles ondergaat en geen oplossingen zoekt voor zijn problemen ergerde wel.  Het boek riep soms deprimerende gevoelens op maar ook erg veel ontroering zeker het gedeelte waarin de langzame aftakeling ten gevolge van de ziekte van Alzheimer wordt beschreven.

 

9.    “De Waarnemer is een overweldigende roman over verlangen en verlatenheid” Ben je het daarmee eens?

Er is veel sprake van verlatenheid: het hoofdpersonage voelt zich in de steek gelaten door zijn ouders, door Maria en ook wel door Sophie. In het stadium van zijn leven dat in het boek wordt beschreven heeft hij geen verlangens meer. Voorheen was er wel verlangen vooral dan naar een verklaring voor de dood van Maria.

 

10.   Welk cijfer geef je het boek?

Gemiddeld 7.

 

Meer over de schrijver

 

Wim Kayzer werd geboren in 1976. In de jaren zeventig maakte hij radioreportages. Erg bekend werd hij omwille van de prachtige programma’s die hij maakte voor de VPRO televisie, o.a. “Nauwgezet en wanhopig”, “Een schitterend ongeluk” en “Van de schoonheid en de troost”.

In 1988 maakte hij zijn debuut als romanschrijver met “Onfatsoenlijke herinneringen”. Het boek “De waarnemer” verscheen in 2004.

 

Terug naar begin

 

 


 

Lucifer -  Connie PALMEN

 

Korte samenvatting

 

In de zomer van 1981 valt Clara, de vrouw van de componist Lucas Loos op een Grieks eiland in een steile afgrond. In Nederland, en dan vooral in Amsterdam doen allerlei geruchten de ronde over de val van de vrouw: was het een ongeval of was het moord? De verhouding tussen de componist en zijn vrouw was immers vrij turbulent. Vijfentwintig jaar na de dood van Clara gaat de schrijver op onderzoek uit. Via een aantal kleurrijke personages die het Amsterdam van de jaren tachtig bevolkte, stuit ze op onverwachte bronnen. Lucifer is geïnspireerd op een ware gebeurtenis in het leven van de Nederlandse componist Peter Schat (1935-2003).

 

 

Mening van de groep

 

Moeilijk doorheen te komen, soms stukjes die wel boeiend waren maar dan weer hele stukken die niet konden boeien zoals het verhaal van de vriendenclub in de grachtengordel.

Het boek 2 maal gelezen, 1e keer absoluut niet boeiend, Het gegeven van de componist en zijn vrouw interesseerde me niet. Bij de 2e lezing het verhaal gelaten voor wat het was en toen ontdekte ik wel interessante dingen bvb: wat is een roman? Theorie over muziek. Toch ligt noch de schrijfster, noch haar woordgebruik en zinsconstructie me niet.

Het boek stak tegen. Het wereldje dat wordt beschreven riep aversie op. Het heeft veel moeite gekost om me door het boek te worstelen. De schrijfster pakt uit met kennis en weetjes. Af en toe echter toch passages die me wel aanspraken.

Teleurstellend in vergelijking met bvb “De vriendschap”. Absoluut niet boeiend geschreven, ellenlange passages over muziektheorie die voor een leek onbegrijpelijk zijn en ook niet op een begrijpelijke manier worden beschreven. Oninteressante en niet ter zake doende exposés. Vervelende en irritante personages: een groepje navelstaarders, dat de waarheid in pacht meent te hebben, zich sociaal bewogen en vernieuwend vindt maar neerkijkt op “de middelmaat”.

In het begin wel interessant omwille van de erg herkenbare tijdsgeest in de jaren ’80. Op het einde was ik het echter helemaal beu en heb ik zelfs hele stukken overgeslagen zoals de theorieën over muziek.

Het boek is anders dan de andere boeken die ik van de schrijfster las. Ik ging wel op in het verhaal: was het nu een moord of niet? Ook afgezien hiervan vond ik het boeiend, bewondering voor de schrijfster die over erg moeilijke onderwerpen, die ik niet begrijp, kan schrijven.

Heb het boek twee keer gelezen. De tweede keer las het makkelijker. Toch vind ik het niet één van haar beste boeken. De personages die worden beschreven zijn irriterende mensen/ Het intrigeerde mij of dit nu een psychologische roman was dan wel een sleutelroman.

 

Vragenlijst

 

1.    In hoeverre mag een schrijver de werkelijkheid naar zijn hand zetten? Connie Palmen wordt er van beticht de door haar verzamelde roddels, zonder enig bewijs, als ‘drama’ te gebruiken.

De aanleiding tot het verhaal is een echt gebeurd feit maar het boek is fictie. Elke roman wordt door de schrijver naar de hand gezet en dat kan en mag. Een roman is immers geen documentaire of verslag van feiten.

 

2.    Wat vinden jullie van de stelling; “de waarheid in de literatuur bestaat niet”?

Wat is ‘de waarheid”? Volgens de schrijfster heeft alleen de roman de waarheid. Iedereen heeft echter zijn waarheid. Verschillende mensen kunnen hetzelfde meemaken maar het anders ervaren, beleven en ook vertellen en herinneren zonder daarom te liegen. De enige echte waarheid bestaat niet, is dus fictie, een roman is fictie en dus waarheid.

 

3.    Een andere vraag die zich opdringt: wie is nu eigenlijk de Lucifer uit de titel? Is Clara de gevallen engel? Of toch Lucas, die een symbolische val maakt uit zijn zelfgeschapen muzikale hemel? Of nog eerder de schrijfster zelf die hier als schepper de strijd aangaat met God?

In het toneelstuk van Joost van den Vondel is Lucifer een uit de gratie gevallen engel. Hij heeft de strijd met God aangegaan, uit jaloezie, maar hij verliest, wordt naar "beneden gegooid" en verandert in een wraakzuchtige duivel. In die optiek zou Lucas Lucifer kunnen zijn, die uit zijn vrouw uit de weg ruimt omdat zij een hinderpaal vormt is voor zijn creativiteit. Bovendien is ook Lucas uit de gratie gevallen bij zijn vrienden van de Tafel en wordt er na verloop van tijd verstoten.

Toch zou ook Clara Lucifer kunnen zijn. In haar rouwadvertentie wordt gezegd “Onze engel is gevallen”.

 

4.    Hebben alle literaire verfraaiingen en verdichtingen van Connie Palmen jou weten te overtuigen van het waarheidsgehalte van deze roman over Peter Schat of van de dramatische noodzaak er van?

We weten de waarheid niet over de dood van Clara/Marina. Het is ook voor de lezer niet belangrijk wel voor de mensen uit haar onmiddellijke omgeving. De roman geeft zelf geen uitsluitsel over het feit of het hier over een ongeval of over een moord ging die door Lucas/Peter werd gepleegd. Het is een geloofwaardig verhaal, dat is alles.

 

5.    Citaat: “Lucifer is niet bepaald een lekker boek. Palmen stapelt theorie op theorie, verhaal op verhaal, waardoor er een reusachtig bouwsel ontstaat. Functionele architectuur, dat wel maar die doet ook kil aan. Palmens plezier zit in het denken en niet direct in de taal”. Ben je het hiermee eens?

Helemaal mee eens. De schrijfster is een filosoof. Als ze in de taal haar plezier zou hebben dan is dat toch met dit boek niet erg goed gelukt.

 

6.    Welk cijfer geef je het boek?

Gemiddeld een 6.

 

Meer over de schrijfster

 

Palmen werd in 1955 geboren in Sint Odiliënberg, een dorpje vlakbij Roermond in Nederland. Samen met haar drie broers krijgt zij een katholieke opvoeding. Haar doopnamen zijn Aldegonda Petronella Huberta Maria. Ze is als kind onder de indruk van de kerk en het geloof en wil graag priester worden. Als haar duidelijk wordt dat dit voor een meisje onmogelijk is, stelt ze haar ambitie bij tot non. Ze studeerde literatuur en filosofie. In 1991 debuteerde ze als schrijfster met haar literaire roman De Wetten. Het boek werd een bestseller en haar naam was daarmee onmiddellijk gevestigd. Later volgden: “De vriendschap”, “IM”, “De erfenis”, “Geheel de uwe” en “Lucifer”. Met het boek “De vriendschap” won ze de AKO literatuurprijs. Ze presenteerde ook een tijd het programma Zomergasten voor de VPRO.

 

Terug naar begin

 


 

Aan Chesil Beach – Ian MC EWAN

 

Korte samenvatting

 

Edward en Florence, twee jonge mensen van 22 zijn op huwelijksreis in een hotel aan Chesil Beach. Het is juni 1962, de seksuele revolutie van de jaren 60 moet nog komen.  Het echtpaar zit in hun hotelkamer aan een weinig smakelijk Engels avondmaal en beiden zijn angstig en nerveus voor hun komende huwelijksnacht: Edward omdat hij vreest te kort te schieten, Florence omdat ze niet houdt van het lichamelijke aspect van de liefde. Geen van beiden kan echter spreken over hun gevoelens en angsten. Hun eerste poging om de liefde te bedrijven loopt daarom niet bepaald goed af. Wat het hoogtepunt van hun huwelijksnacht moest worden, wordt het absolute dieptepunt van hun relatie. De gevolgen van wat er gebeurt en van hun beider reacties op het gebeurde tekent de rest van hun leven.

 

Mening van de groep

 

- mooi boek, goede beschrijving van de personages, mooi taalgebruik, echter weinig spanning en gelaagdheid

- las het boek graag om te weten hoe het afliep. De verhalen er rond boeiden me echter niet echt

- het boek tweemaal gelezen. De tweede keer was het nog mooier, in het bijzonder de manier waarop Mc Ewan beschrijft wat had kunnen voorkomen worden

- mooi en tragisch, goed en aangrijpend geschreven vooral de onmacht om tot echte communicatie te komen en de noodlottige gevolgen daarvan

- de misverstanden tussen twee mensen die toch veel van elkaar houden zijn goed beschreven. Toch bleef het boek niet lang hangen.

- Heel mooi, tweemaal gelezen. Aangenaam verrast door het boek. Wat erg herkenbaar werd beschreven is de onmogelijkheid van de twee hoofdpersonages om te uiten wat hen bezig houdt. De verschillen tussen een man en een vrouw vond ik een interessant thema. Het verbaasde dat een mannelijke schrijver zo fijngevoelig de gedachten van zowel een man als een vrouw kan beschrijven.

- Heel mooi boek. Het gaat over een situatie die zo beeldend was beschreven dat je alles voor je zag. Er wordt geen oordeel uitgesproken over de verschillende personages, hun gevoelens worden als gelijkwaardig beschreven.

- Wel een goed boek maar de situatie maakte zenuwachtig, had constant de drang om tussenbeide te komen en te roepen ‘doe dat toch niet’. Het is wel twijfelachtig of mannen de zaken zo wel beleven als beschreven.

 

Vragenlijst

 

1.    Het Engelse boek heeft een andere foto op de omslag dan het Nederlandse. Welke vind je het meest passend bij het verhaal?

Het Nederlandstalige boek heeft op de omslag een afbeelding van grote stenen, rotsblokken, met daarachter een stuk van de zee. Het Engelse boek daarentegen heeft op de omslag een foto van een kiezelstrand waar je een vrouw ziet die zich in de verte verwijdert. Die afbeelding verwijst naar het einde van het boek: “…  hoe ze zich in de zomerschemer langs het strand haastte …  totdat ze een vervaagd wijkend punt was tegen de onmetelijke rechte kiezelweg die lag te glommen in het volle licht”

               

2.    Wat is het thema van het boek?

Het thema is ruimer dan enkel seksualiteit; het gaat om het onvermogen om je open te stellen, te kunnen communiceren zelfs niet met iemand waarvan je veel houdt; over de levensloop die kan beïnvloed worden door iets al dan niet te doen, te zeggen, door het toevallige.

 

3.    Waar zie je in het boek dat het gaat mislopen?

De typische Engelse maaltijd, in een periode dat er daar van het culinaire nog geen sprake was, verwijst naar het naderende tragische einde. Het hele boek geeft aan dat Florence en Edward niet kunnen communiceren en dat het daardoor slecht gaat aflopen.

 

4.    In lange flashbacks over hun jeugd, adolescentie en verlovingstijd wil McEwan begrijpelijk maken waarom Florence en Edward in hun eerst huwelijksnacht handelden zoals ze deden. Welke elementen daaruit zijn voor u het belangrijkste om hun doen en laten, hun spreken en zwijgen te verklaren?

De huiselijke situatie van beiden liet wel te wensen over en was niet bepaald stimulerend om te leren omgaan met gevoelens en die te uiten. De moeder van Edward is door een spijtig ongeluk geestelijk gestoord sinds zijn vijfde en zijn vader, een leraar, doet zijn best om zowel zijn werk, als het huishouden en de zorg voor de moeder te combineren. Veel tijd en ruimte voor communicatie is er hier dus niet. Florence stamt uit een hoger gesitueerd gezin. Haar moeder is hoogleraar, kil en afstandelijk en in de eerste plaats bezig met haar werk. Haar vader bekommert zich wel om, in het bijzonder Florence de oudste dochter. Maar er wordt wel gesuggereerd dat die zorg niet helemaal koosjer is. Ook zij voelt zich dus eenzaam en kan niet bij haar ouders terecht. Het ligt voor de hand dat beiden zich niet kunnen uiten, bang en onmachtig zijn om over hun gevoelens te spreken en dus op een fiasco in hun relatie afstevenen.

 

5.    Wat zou er gebeurd zijn als Edward en Florence wel met elkaar over seksualiteit hadden kunnen praten? In hoeverre zou dat hun relatie gered hebben?

In dat geval zou hun relatie zeker langer geduurd hebben. Als ze over seksualiteit konden praten, konden ze dat ook over al het andere dat hen bezig hield, wat zij voelden. Of de relatie nooit zou zijn afgebroken is echter ook in een dergelijke situatie niet te voorspellen, zeker niet in het vooruitzicht van de woelige zestiger jaren van de twintigste eeuw.

 

6.    Hoe heb je het ervaren dat er op het einde van het boek enkel vanuit het standpunt van Edward wordt verteld?

Het is jammer dat je op het einde bijna niets meer over Florence verneemt. Zij heeft schijnbaar haar grote passie, de muziek, kunnen beleven. Ze heeft met haar kwartet een mooie succesvolle carrière uitgebouwd. We weten echter niet of ze nog liefde heeft gekend, of ze echt gelukkig was, of ze nog veel aan Edward heeft gedacht, hem heeft gemist. Het wordt een enkele keer gesuggereerd als ze bij een optreden naar de rij in de zaal keek waar Edward ooit beloofde te zullen zitten.

Van Edward vernemen we wel dat hij nog enige relaties had maar dat hij Florence als de grote echte liefde van zijn leven is blijven beschouwen. Hij vraagt zich af wat er zou gebeurd zijn als hij wel gereageerd had toen Florence hem op het strand van Chesil Beach de rug toekeerde en wegliep. Alleszins weten we dat hij zijn passie, de geschiedenis, heeft opgegeven en dat zijn carrière een heel andere wending heeft genomen.

 

7.    Welk cijfer geef je het boek?

7-7,5 gemiddeld

 

Meer over de schrijver

 

http://www.ianmcewan.com/

http://nl.wikipedia.org/wiki/Ian_McEwan

 

 

             Chesil Beach

Terug naar begin

 

 

 


 

 

Paarden stelen – Per PETTERSON

 

Korte samenvatting

 

Trond is een 67 jarige man die zich na de dood van zijn tweede vrouw met een hond terugtrekt in een huisje in een bos. Hij wil het huisje zelf opknappen ook al heeft hij geld om het te laten doen. Hij zoekt de natur en de eenzaamheid op omdat hij daar al zijn hele leven naar verlangde. Hij ontdekt dat zijn naaste buurman een bekende uit zijn jeugd is. De ontmoeting met de buur doet hem terugdenken aan de zomer van 1948 die hij, 15 jaar oud, met zijn vader doorbracht ook in een huisje aan een bos, dicht bij de Zweedse grens.Na die zomer zou zijn leven nooit meer worden zoals voorheen. 

 

Mening van de groep

 

De groep was unaniem opgetogen over het boek:

-      een van de beste boeken die ik de laatste jaren las. Een erg goed geschreven verhaal van een man die ouder is geworden en de tijd die hem nog rest zo wil doorbrengen zoals hij het altijd al verlangde: alleen, in stilte, opgaand in de natuur. En ook het verhaal van een 15 jarige jongen die gelukkig is omdat hij een zomer met zijn vader kan doorbrengen.

-      heel mooie sfeer, boeiend, vond het jammer toen het boek uit was en ik ga het zeker nog een tweede keer lezen

-      mooi boek over vader/zoon relatie, aanvaarding van het leven zoals het loopt. De verschillende gebeurtenissen worden beschreven zonder er een oordeel over uit te spreken.

-      Een verschrikkelijk mooi boek. Niet alles wordt uitdrukkelijk benoemd en toch weet je wat de schrijver bedoelt. Een van de mooiere boeken die ik ooit las.

-      Een heel mooi boek. Heb het wel nogal snel gelezen. Het verhaal van een man die zich terugtrekt uit de samenleving zoals ook in ‘de waarnemer’. In dit boek is het echter mooier beschreven. De hoofdpersoon komt ook sympathieker over. Het is een bescheiden man die tevreden is met zijn leven zoals het was en zoals het is.

-      Het boek heeft me van het begin af aan gegrepen. Het is erg eenvoudig geschreven, gevoelig maar niet sentimenteel, geen overbodige woorden of versierselen, niet experimenteel of vernieuwend maar toch van het begin tot het einde boeiend.

 

Vragenlijst

 

1.    Welk soort roman is ‘Paarden stelen’?

Op een internetforum omschreef iemand het als een Bildungsroman (Ontwikkelingsroman/Bildungsroman: de romanvorm waarbij de innerlijke groei van een personage wordt beschreven via psychologische analyse) Ben je het daarmee eens? Waarom wel of niet?

Het is geen psychologische roman. Je zou het wel een ontwikkelingsroman kunnen noemen, maar dan wel zonder psychologische analyse. Er is wel sprake van een innerlijk groeiproces bij Trond. De jongen die opkijkt naar zijn vader, zich afwendt van zijn moeder, wordt geconfronteerd met dood en verlies. Zijn vader laat hem en zijn moeder en zus in de steek. Toch lijkt Trond opgegroeid te zijn tot een innerlijk evenwichtige man die weet wat hij wil en geen spijt of schuldgevoelens heeft noch rancune koestert.

 

2.    Wat vind je van de schrijfstijl van Petterson?

Het boek is geschreven in een erg eenvoudige en toch gevoelige en poëtische taal, vooral in de beschrijvingen van de natuur. Het boek is heel toegankelijk. Het bevat twee verhaallijnen: het nu (de 67-jarige Trond die zich heeft teruggetrokken) en het verleden (de 15 jarige Trond die een zomer met zijn vader doorbrengt). De overgangen tussen deze twee verhaallijnen is nooit storend. Het loopt vloeiend over van het heden naar het verleden en weer terug. Soms worden lange zinnen gebruikt waarin vaak het voegwoord ‘en’ voorkomt. Ook veel herhalingen. De lange zinnen noch de herhalingen zijn echter ooit storend, integendeel ze versterken het verhaal.

3.    Wat is het thema van het boek? De motieven?

Vader/zoon relatie, volwassen worden, balans opmaken van het leven, verlies en dood, liefde en verraad als mogelijke thema’s.

Motieven: natuur, stilte, tijd, achterlaten en verlaten worden.

 

4.    Omschrijf de hoofdpersoon Trond zowel als volwassen man dan als jongen. Vindt u hem een sympathieke man? Wat is voor hem belangrijk? Lijkt hij nog op de jongen die hij in 1948 was? Denk je dat hij erg door de vader werd beïnvloed?

De 67-jarige Trond lijkt nog op de 15-jarige jongen die hij eens was. Hoe hij in de wereld staat is hetzelfde: hij leek en lijkt erg evenwichtig te zijn, zich niet door tegenslagen, pijn en verdriet te laten kennen zoals hij dat van zijn vader heeft geleerd. In die zin is hij wellicht wel door zijn vader beïnvloed maar het lijkt helemaal niet gedwongen, geforceerd. Als hij zich op het platteland terugtrekt is dat niet de samenleving de rug toekeren maar wel doen wat hij zijn hele leven al verlangde, alleen zijn in de natuur. Hij heeft de ander mensen alleen voor het praktische nodig maar het is niet zo dat hij een mensenhater is, of dat hij op hen neerkijkt. Hij wil niet opvallen of zich profileren maar er gewoon zijn. Hij is tevreden met zichzelf en met zijn leven. De rust, de stilte en de natuur zijn voor hem belangrijk. Hij is een rustige en sympathieke man. De scène in Zweden, als hij daar met zijn moeder is en hij de aandrang voelt om een man te slaan is een cruciaal psychologisch punt in zijn leven. Hij beslist niet in de agressie te gaan. Moest hij dat wel gedaan hebben dan zou zijn leven een heel andere wending hebben genomen.

 

5.    Omschrijf de vader van Trond. Vind je hem sympathiek? Wat vind je van zijn houding tegenover zijn familie en in het bijzonder tegenover Trond? Welk gevoel had je bij die houding? Is er volgens jou sprake van verraad? Voelt Trond dit zo?

Trond schijnt het feit dat zijn vader hem in de steek heeft gelaten, niet als een verraad te voelen. Hij schijnt het te accepteren en spreekt er geen oordeel over uit. Het wordt niet expliciet zo vermeld maar toch moet hij zich ook gekwetst en verdrietig hebben gevoeld als hij bijvoorbeeld na de zomer meerdere keren per week naar het station fietst om naar de terugkeer van zijn vader uit te kijken. Hij stelt zich vragen over wat er verder met zijn vader gebeurde maar hij vraagt er niet naar als hij Lars terug ontmoet. Lars van zijn kant weet niet of zijn eigen moeder nog leeft en hoe ze het maakt.

De vader van zijn kant tracht de zoon zo op te voeden dat hij bestand is tegen verlies en pijn en zijn vertrek in het bijzonder, dit echter zonder zijn zoon te willen manipuleren. Hij zegt Trond dat je zelf in de hand hebt wat je met je pijn en verdriet doet.

De vader komt toch niet altijd sympathiek over: omdat hij niet eerlijk en rechtstreeks met zijn zoon praat, noch over zijn verleden, noch over wat hij van plan is te doen. Hij neemt zijn verantwoordelijkheid niet op. Trond dacht dat hij een mooie zorgeloze vakantie zou doorbrengen met zijn vader, maar voor die laatste is het een afscheid van zijn zoon, een laatste keer dat ze samen zijn en die tijd wil hij wel zo aangenaam en mooi mogelijk maken. Maar hij is te ongeduldig en te rusteloos om te wachten op het juiste ogenblik om zijn hout via het water te transporteren. Zo blijven zijn vrouw en kinderen zonder geld achter. Het bracht enkel voldoende op voor een mooi pak voor Trond en een eten met zijn moeder in een restaurant.

De aversie tegen de vader kwam echter bij de meeste leden van de groep pas achteraf. Dit heeft ook te maken met de houding van de zoon ten overstaan van zijn vader. Hij veroordeelt hem nooit.

De vader lijkt wel een boeiende man met een erg avontuurlijke uitstraling, dapper ook tijdens de oorlog. Vaders werden in die jaren ook niet verwacht een diepe band met hun kinderen te hebben. Dat had Trond overigens ook niet met zijn kinderen. Vaders moesten enkel voor het financiële zorgen. Dat deed Tronds vader echter ook niet nadat hij zijn gezin verliet.

In bepaalde scènes kwam hij ook nogal macho over zoals bij het brandnetels uittrekken met de blote handen, het opbieden tegen de vader van Jon, man van zijn geliefde, bij het opstapelen van de bomen.

 

6.    Trond zegt dat na de zomer van 1948 zijn leven nooit meer hetzelfde werd. Komt dit uit het boek naar voren?

Het wordt inderdaad verschillende keren gezegd dat zijn leven nooit meer het zelfde werd. Hoe zijn leven anders werd wordt echter niet beschreven. De vader, die voorheen ook al veel afwezig was, kwam niet meer terug. Trond, en ook zijn moeder en zus, moesten verder zonder zijn hem, waarschijnlijk ook met minder financiële middelen. Toch lijkt hij niet verbitterd, haatdragend of veroordelend tegenover zijn vader. Hij accepteert wat er gebeurt en tracht zijn leven terug op te nemen. Toch stelt hij zich vragen over hoe het zou kunnen geweest zijn. In zijn lievelingsboek ‘David Copperfield’ vraagt de hoofdpersoon zich in de beginzin af of hij of iemand anders de hoofdrol zal spelen in zijn eigen leven. De dochter van Trond herinnert hem aan dit boek en in het bijzonder aan de openingszin. Zij vond het een gruwelijke gedachte dat iemand anders de hoofdrol in haar leven zou spelen en dat zij zou veroordeeld worden tot het leven van een geest die toekijkt hoe een ander haar leven leidt. Trond vraagt zich ook af of Lars een deel van het leven dat hem toekwam heeft overgenomen: heeft Lars de rol van zoon gespeeld bij Tronds vader? Hij vraagt het zich af maar hij vraagt er niet naar. Hij wil het wellicht ook niet weten.

 

7.    Welke rol speelt Jon in het verhaal? (zowel ten opzichte van Trond als van Lars). Hoe ervaar je de scène waarin Jon het vogelnestje vernielt?

Jon voelt zich waarschijnlijk erg schuldig over de dood van zijn jongere broer. Hij kan er niet over praten. Het vernielen van het vogelnestje lijkt erg wreed en hard en voor Trond onbegrijpelijk. Het is ook de laatste keer dat hij met zijn vriend samen is maar ook dat weet Trond niet. Tegenover Lars is Jon ook wreed. Jon blijft jaren weg, Lars doet in die jaren al het werk op de boerderij. Als Jon echter het leven op zee moe is komt hij terug en eist gewoon de boerderij op omdat hij de oudste is. Ook Lars trekt zich dan, wel gekwetst, met zijn hond terug in de natuur.

 

8.    Is ‘Paarden stelen’ een mannenboek? Welk beeld van vrouwen word er in het boek naar voren gebracht? Hoe staat Trond tegenover vrouwen?

Het is een mannenboek in die zin dat er voornamelijk over mannen wordt verteld. De vrouwen zijn van minder belang in het boek. Ze spelen een bijrol en hebben geen hoge status. Ze worden niet altijd positief beschreven (bijvoorbeeld de moeder van Trond). Trond zegt zelf op een gegeven ogenblik in het boek ook dat hij niet altijd geduldig was voor vrouwen.

 

9.    Een recensent vond dat het bezoek van de dochter bijdroeg aan het begrip van Trond voor zijn vader. Ben je het daarmee eens? Zie je overeenstemming tussen de beide vaders?

We zijn het er niet mee eens dat het bezoek van de dochter bijdroeg aan het begrip van Trond voor zijn vader. Hij schijnt het zijn vader nooit echt kwalijk te hebben genomen dat hij zomaar uit zijn leven verdween. Door dit bezoek, en de gedachten van Trond, wordt het de lezer echter wel duidelijk dat Trond, net als zijn vader, een afwezige vader was. Zij waren beiden vaak weg van hun gezin en hun terugkeer bracht spanningen en ook onzekerheid teweeg bij hun kinderen. Zoals Trond zich tegenover zijn dochter voelt, zo voelde zijn vader zich ook tegenover hem. Zij houden van hun kinderen maar willen wel hun eigen weg gaan.

 

10.   Welk cijfer geef je het boek?

De cijfers varieerden tussen 8,5 en 9, gemiddeld iets meer dan 8,75.

 

Meer over de schrijver

 

Per Petterson is een Noorse schrijver. Hij werd geboren in 1952. Hij was ongeschoold arbeider, na het volgen van een opleiding werkte hij als bibliothecaris, later als boekverkoper, vertaler en recensent. Hij publiceerde zijn eerste boek in 1987. In Denemarken won hij verschillende prijzen. Ook in het buitenland werd hij gelauwerdHet boek ‘Paarden stelen’ werd als een van de beste boeken van 2007 beschouwd door de New York Times Book Review. Met dit boek won Petterson in 2006 de Independent foreign fiction prize en in 2007 de Internationale Impac Dublin Literary Award waaraan een bedrag van 100.000 euro is verbonden. Andere genomineerden dat jaar waren Jonathan Safran Foer, J.M. Coetzee, Cormac Mc Carty, Julian Barnes en Salman Rushdie. Voorgaande winnaars van die prijs waren o.a. David Malouf, Colm Toibin, Michel Houellebecq en Orhan Pamuk. Petterson zegt dat hij sterk is beïnvloed door uiteenlopende schrijvers als Knut Hamsun en Raymond Carver. Het landschap speelt altijd een belangrijke rol in zijn werk, omdat de natuur voor de schrijver en voor al de Noren ook belangrijk is. Hij zegt nooit volgens een plan te schrijven, hij laat het verhaal al schrijvend groeien.

Twee andere werken van Petterson werden in het Nederlands vertaald en uitgegeven: “Terug naar Siberië” waarin hij de geschiedenis van zijn eigen grootmoeder verwerkt, en “Kielzog”. Dit boek schreef Petterson naar aanleiding van de dood van zijn ouders, broer en nicht die omkwamen in een ferryongeval in 1990.

 

Terug naar begin

 


 


 

Gravin van Parma  - Sandor MARAI

 

Korte samenvatting

 

Sándor Márai verhaalt over de 8 dagen, die de legendarische Giacomo Casanova, na zijn vlucht uit de gevangenis in Venetië (nl. de Piombi, de beruchte Loden Kamers van Venetië), in Bolzano doorbrengt (1756) . Deze vlucht zou het enige historische feit zijn uit de roman. Voor de rest berust het hele verhaal op de fantasie van de schrijver.

Het verhaal begint na zijn ontsnapping. Samen met Balbi, een uit zijn orde gezette monnik, is Casanova op weg naar Bolzano.Hier ontmoet hij twee mensen die ooit een belangrijke rol hebben gespeeld in zijn leven. De Graaf van Parma en diens echtgenote Francesca.

In het verleden hebben de Graaf en Casanova een duel uitgevochten om Francesca. Casanova verloor dit duel en werd zwaar werd. De Graaf trouwde met Francesca  en hij zou Casanova doden als hij nog terug in de nabijheid van haar kwam. Tijdens zijn verblijf in Bolzano wordt dit duel met woorden voortgezet, maar de uitkomst ervan wordt bepaald door de gracieuze Francesca, de Gravin van Parma. Zij is, naar eigen zeggen, Casanova’s spiegelbeeld, dus kan zij hem dodelijker treffen dan wie dan ook. Haar inzicht in zijn gevoelsleven dwingt hem voorgoed trouw te blijven aan degene die hij eigenlijk niet wil zijn.

 

 

Mening van de groep

 

-      Bij de eerste lezing vond ik het te langdradig, te veel uitweidingen. Daarna las ik “Gloed” van dezelfde schrijver en dan opnieuw “De gravin van Parma”. Bij de tweede lezing was ik niet meer zo gejaagd om het verhaal te kennen en vond ik het boek beter

-      Mooi boek hoewel het middenstuk met monoloog van de graaf veel te lang duurde

-      Het boek niet uitgelezen omdat ik het te langdradig vond

-      Er kwamen erg veel herhalingen in het boek voor, ik wilde het verhaal volgen maar het duurde te lang

-      Het eerste deel was redelijk vermakelijk. Zo was zowel de barbier als de vrouw uit Toscane die Casanova om hulp kwam vragen erg goed en grappig beschreven. Ik verwachtte echter een betere tweede helft maar die stelde toch teleur, was te langdradig

-      Vond het boek niet erg goed. Er kwamen wel goed geschreven stukken in voor maar in zijn geheel duurde het te lang

-      Het begin van het boek was wel goed maar dan werd het te langdradig en heb ik diagonaal verder gelezen.

-      Vond het boek niet echt goed in vergelijking met ‘Gloed’ en ‘De erfenis van Eszter’. Nogal bombastisch en te veel herhalingen. De hoofdpersonages praatten niet met elkaar maar staken bladzijden lange saaie en vermoeiende monologen af die niet bleven boeien.

-      Een goed boek dat ik graag heb gelezen. De monologen over de liefde van de gravin en de Toscaanse vrouw waren interessant. Ik heb het boek twee keer gelezen en was nog altijd geboeid ook al zijn er passages die te lang duren en daardoor saai worden zoals de monoloog van de graaf. Die duurde te lang.

 

Vragenlijst

 

 

1.    Wat vinden jullie van de schrijfstijl? Taalgebruik?

Breedsprakerig, te veel uitgerafeld. Toch staan er ook erg kernachtig uitgedrukte passages in met mooi taalgebruik.

Het boek is geschreven in de sfeer van de tijd waarin Casanova leefde en in de stijl waarin men toen schreef: alles ging trager, men had meer tijd.

Opmerkelijk is dat er een vermelding werd gevonden op Internet waarin gewag wordt gemaakt van het verschil in appreciatie door de Engelstalige critici uit de V.S. en die uit G.B. In de V.S werd het boek als “ondraaglijk saai” en “zelfbevredigend geraaskal” beschreven. In Engeland echter vond men het ‘uitzonderlijk’, elegant subversief’ en ‘welsprekend en vlot’. Zou dit verschil voortvloeien uit het verschil tussen de Engelse en de “American way of life”?

 

2.    Welk soort roman is het? Hoe is het verhaal opgebouwd? Wie is de verteller?

Het is niet echt een historische roman, meer een psychologische. Casanova wordt geportretteerd, niet als de zelfzekere en flamboyante charmeur, maar als een man die ook zijn onzekerheden heeft, steeds op zoek naar iets wat hij niet vindt (of niet wil vinden?) Een psychologische ontwikkeling van de personages is er echter niet echt omdat het verhaal maar een periode van acht dagen omvat.

 

3.    Welk is het thema? Welke zijn de eventuele motieven?

Het thema is ongetwijfeld de liefde. Wat is de liefde voor elk van de hoofdpersonen, hoe wordt en werd hun leven er door bepaald, en wat is liefde.

Motieven: trouw en ontrouw, verraad en wraak.

 

4.    Wat denken jullie over de beschrijving van de personages en hun karaktertrekken? Giacomo Casanova: ‘Casanova heeft een narcistische persoonlijkheidsstoornis’ zijn jullie akkoord met deze uitspraak? Wie vonden jullie sympathiek? Wie antipathiek?

Casanova schijnt een narcistische persoonlijkheidsstoornis te hebben, hij is egoïstisch, zorgt enkel voor zichzelf en heeft geen echte diepe gevoelens voor anderen. Hij heeft ook geen inzicht in zichzelf. Hij maakt zichzelf wijs dat hij eigenlijk een schrijver is maar hij gaat later pas schrijven, op het einde van zijn leven. Toch is hij ondanks zijn gebreken, niet geheel onsympathiek.

De Graaf van Parma is een griezelige persoon. Hij wil zijn vrouw niet verliezen en bepaalt dan maar voor haar dat zij met zijn goedkeuring een liefdesnacht met Casanova mag doorbrengen. Hij misbruikt zijn macht en wil die ook duidelijk laten zien. Hij wil zowel zijn vrouw als Casanova gebruiken voor zijn eigen doeleinden.

De Gravin van Parma hield echt van Casanova zoals hij was met zijn gebreken, die zij wel duidelijk zag. Zij wilde alles voor hem doen. Het is een krachtige vrouw die zich niet laat gebruiken. Zij kwam haar rechten opeisen. Zij zat vast in haar passie voor Casanova maar was na afloop wel genezen van hem.

Teresa is de enige echt sympathieke figuur in het boek. Het is een sterke persoonlijkheid. Ze gaat wel mee met Casanova, niet omdat ze zwak is en voor hem valt maar omdat zij beseft dat haar leven in de herberg nooit beter zal worden en omdat meegaan met Casanova de enige manier is om er aan te ontsnappen.

Ook de Toscaanse vrouw die bij Casanova om raad komt is sympathiek en sterk.

Men kan dus wel stellen dat de vrouwen in het boek het sympathiekst worden geportretteerd.

 

5.    ‘ In dit verhaal zit de hoofdpersoon geketend aan de liefde. De afwijzing van de vrouw betekent pijn voor zowel de vrouw als de man?’ Wat denken jullie hierover?

Casanova lijdt niet zoals de gravin. Hij is op zoek naar die Ene, denkt steeds haar te hebben gevonden maar als hij haar gehad heeft is hij teleurgesteld. Francesca is de enige die hij nooit heeft gehad en hij wil wat hij niet heeft. Hij laat geen diepere gevoelens toe. Hij kan het geluk niet vinden en laat het ook niet toe. De gravin heeft wel verdriet om hem gehad maar dat is na hun laatste ontmoeting schijnbaar over. Ze is van hem genezen.

 

6.    Het boek is in het begin moeilijk om door te komen, langdradig en saai… maar naar het einde toe boeiend en verrassend. Zijn jullie akkoord met deze uitspraak?

Het boek is vooral langdradig in de monoloog van de graaf. Het is wel verrassend want je blijft met veel vragen zitten.

 

7.    Wat bedoelt de Gravin van Parma als zij zegt dat Casanova haar spiegelbeeld is?

Als je van de veronderstelling uitgaat dat een spiegelbeeld identiek is aan het origineel dan lijkt haar uitspraak vreemd. Ze zijn immers allesbehalve identiek. Als je een spiegelbeeld beschouwt als het omgekeerde van het origineel (wat rechts is zie je in een spiegel links) lijkt het minder vreemd. De gravin en Casanova lijken eerder elkaars tegengestelde. Zij gaat voor de liefde terwijl Casanova die ontloopt. Hij kiest de gemakkelijkste weg en neemt zijn verantwoordelijkheid niet terwijl de gravin haar luxeleven op het spel wil zetten voor de liefde.

 

8.    Het herenakkoord tussen de Graaf van Parma en Casanova, werd dit ingegeven door liefde of door machtswellust en bezitterigheid van de graaf? En wat betekende het voor Casanova?

De Graaf sluit dit akkoord af niet uit liefde maar uit bezitterigheid. Hij vreest zijn vrouw te verliezen en denkt een manier te hebben gevonden om dit te voorkomen. Voor Casanova is het een gemakkelijke manier om te ontsnappen aan de verantwoordelijkheid en aan hechting. Hij denkt er beter van te worden en toch Francesca eenmaal te kunnen bezitten.

 

9.    Wat denken jullie over de uitspraken van de graaf ivm de literaire waarde van de zin: ‘Zien moet ik jou?’

Zijn uitspraak lijkt ons cynisch bedoeld. Hij wil spotten met het verlangen van zijn vrouw zoals een man doet die niet wil toegeven dat hij geraakt is.  Er is wel een verschil tussen ‘ik moet je zien’ en ‘zien moet ik jou’. Het laatste is veel dringender.

 

10.   Welk cijfer geef je het boek?

Gemiddeld 6,5

 

Meer over de schrijver

 

Sándor Márai werd geboren op 11 april 1900 in het Hongaarse Kassa (nu Košice, Slowakije) in een Saksische burgerfamilie. Hij studeerde letterkunde in Leipzig, Frankfurt en Berlijn. Vanaf 1929 schreef hij vele romans, verhalen, gedichten, essays en toneelstukken. Hij vertaalde ook werk van andere schrijvers. Gedurende de nazitijd leefde Márai teruggetrokken in Boedapest. In 1948 ontvluchtte hij zijn land vanwege het communisme. Hij leefde achtereenvolgens in Zwitserland, in Italië, de V.S., opnieuw in Italië om zich vanaf 1979 definitief in de V.S. te vestigen. Hij bleef schrijven in het Hongaars. Zijn boeken werden in Hongarije verboden en verschenen vrijwel onopgemerkt in het buitenland. De laatste jaren van zijn leven leidde hij met zijn vrouw en aangenomen zoon een eenzaam bestaan in San Diego, waar hij op 22 februari 1989, na het overlijden van vrouw en zoon, zelfmoord pleegde. Een jaar na zijn zelfmoord, in 1990, werd zijn belangrijkste boek “Gloed” opnieuw in het Hongaars uitgebracht. Márai wordt door literatuurliefhebbers algemeen beschouwd als een van de belangrijkste Europese schrijvers van de twintigste eeuw.

  Ander werk van Marai:

- De opstandigen

- Nacht voor de scheiding

- Kentering van een huwelijk

- Land, land!...

- Gloed

- De erfenis van Eszter

 

Terug naar begin

 


 

De vrouw die ik nooit was – Majgull AXELSSON

 

Korte samenvatting

 

In het boek wordt het levensverhaal verteld van Mary-Marie Sundin via twee parallelle verhaallijnen. Zowel Mary als Marie maken, vanuit eenzelfde geschiedenis en feitelijkheid, keuzes in hun leven waardoor hun toekomst wordt bepaald. Verder maken we kennis met de vrienden van Mary-Marie en hun relatie tot haar en tot de gebeurtenissen.

 

Mening van de groep

 

-      goed boek in tegenstelling tot Aprilheks dat ik maar niets vond

-      heel goed boek, niet gemakkelijk te lezen. Het verhaal is wel somber en ik leefde er me erg in. De interacties tussen de verschillende leden van de biljartclub waren boeiend

-      het boek twee keer gelezen. De tweede keer let je meer op. De eerste keer was er veel dat ik niet snapte. Ik begreep bijvoorbeeld in eerste instantie niet dat het over één en dezelfde persoon gaat

-      Ik heb het boek graag gelezen. Ik was geboeid door het verhaal en wilde weten hoe het verder ging met Marie/Mary. Het is ook erg goed geschreven. Boeiende schrijfstijl die geen moment verveelt

-      Ik had het boek al eens gelezen maar wist er niet meer veel van. Ik vond het een goed boek: het verschil tussen de twee persoonlijkheden Mary en Marie, de evolutie van de vriendengroep, het gedrag van Mary als bedrogen vrouw die toch niet zielig was

-      Vond het begin wel moeilijk en ik kon niet in het verhaal komen. Maar na een tijdje ging het beter en wilde ik weten hoe het afliep. Ik las het nog een tweede keer met meer aandacht en kreeg zo meer zicht op het boek. Ik vond het steeds mooier worden.

-      Ik heb het boek ook twee keer gelezen. De tweede keer vallen er meer dingen op. Er werd goed beschreven hoe mensen keuzes maken en tot wat dat in hun leven kan leiden. De beschrijving van de vriendengroep en hun relatie tot elkaar was boeiend. In zijn geheel goed en kernachtig geschreven.

 

Vragenlijst

 

  1. Hoe is het verhaal opgebouwd? Welk soort roman is het? Wie is de verteller?
    Het verhaal is niet chronologisch opgebouwd, er worden sprongen in de tijd gemaakt en ook tussen de twee verhaallijnen. Het is een psychologische roman. De verteller is niet steeds dezelfde: ofwel Mary, ofwel Mary of een alwetende verteller en ook een keer was het Torsten. Die sprongen stoorden echter niet maar bleven eerder verrassen.
  2. Wat is het thema van de roman?
    Hier waren er verschillende meningen: keuzes maken, zoeken naar identiteit, eenzaamheid, vergeving.
  3. Wat kun je zeggen over de titel van het boek?
    Op bladzijde 72 van het boek vind je een mooie passage die de titel verklaart: “Daar was ze dan, niet Mary en niet Marie, maar de derde, zij die alleen buitenkant was en die we allebei zouden willen zijn”.
  4. Wat is de biljartclub ‘de toekomst’? Wat bindt deze mensen?
    De club is en verzameling van eenzame, begaafde mensen. Ze waren uitverkorenen, vervreemd van de anderen waardoor ze elkaar vonden ondanks het feit dat ze oorspronkelijk slechts een week samen waren. Die week ging wel door in een periode in hun leven dat ze nog jong en ontvankelijk waren.
  5. Kun je iets vertellen over de personages Mary en Marie? Hoe verschillen ze en waar raken ze elkaar? Hoe is hun relatie met Sverker?
    Mary is passiever en volgzamer dan Marie. Marie is actiever, had meer bedenkingen, was ook kwader. Op het einde vallen ze terug samen. Ook Mary heeft immers Sverker losgelaten, achtergelaten.
    Mary/Marie heeft een laag zelfbeeld als gevolg van de moeilijke relatie met haar moeder die haar steeds afkeurde, afwees. Om dat te verwerken fantaseerde ze een tweede persoonlijkheid, een vriendinnetje, of werd ze twee persoonlijkheden. In beide gevallen willen ze echter een man die ze niet echt kunnen krijgen, die geen echte band met haar/hen wil. Zowel Sverker als Marie/Mary kan zich immers niet echt binden. Ze zijn niet in staat tot echt engagement en diepe gevoelens. Ze leiden hun eigen leven naast elkaar en de ander is iets of iemand waarechter ze zich kunnen verschuilen als dat goed uitkomt.
  6. Welke plaats neemt Torsten in in het verhaal?
    Torsten speelt geen belangrijke rol. Er was iets tussen hem en Mary/Marie, een speciaal gevoel, maar later, nadat ze met elkaar naar bed gingen was het te laat. Torsten was iemand waarover Mary/Marie kon fantaseren, een tegenhanger van Sverker. Zij hadden een relatie kunnen hebben maar in tegenstelling tot Sverker vraagt Torsten wel aan haar om keuzes te maken en dat kan Mary/Marie blijkbaar niet.
  7. Wat betekent ‘Albatros’?
    De boot (kano) die Mary/Marie kreeg van Sverker heet Albatros. Kano varen was het enige wat ze samen deden.
    Een albatros is een vogel die zich laat drijven op de wind. Ook Mary/Marie laat zich drijven. Volgens sommigen in de groep vindt Mary/Marie de dood in haar kano Albatros.
  8. Is er sprake van vergeving in dit boek? Indien ja door wie?
    Mary vergeeft Sverker op het ogenblik dat ze hem verlaat. Sverker vergeeft Mary niet dat ze de stekker niet heeft uitgetrokken. Marie echter is niet erg met vergeving bezig.
  9. Welk cijfer geef je het boek?
    8,25 gemiddeld.

 

Meer over de schrijfster

 

http://www.noordseliteratuur.nl/auteur/axelsson

http://www.standaard.be/Artikel/Detail.aspx?artikelId=dsl23052001_008

http://www.boekreviews.nl/auteurs/pagina/bekijken/auteur/majgull-axelsson

 

Terug naar begin

 

 

 


 

Op het lichaam geschreven – Jeanette Winterson

 

 

 

Korte samenvatting

 

De verteller van het verhaal heeft er al heel wat relaties opzitten, zowel met vrouwen als met mannen. Dan ontmoet hij/zij Louise, een mooie vrouw, gehuwd met een arts en kinderloos. Ze worden verliefd op elkaar. Na een tijd een geheime relatie te hebben verlaten ze hun respectievelijke partners en gaan samenwonen. Op een dag komt Louise’s man op bezoek bij de verteller en zegt dat Louise kanker heeft. Hij vraagt om haar te laten gaan omdat de enige kans op haar genezing bij hem ligt. De verteller gaat er op in en vertrekt. Hij/zij is echter erg ongelukkig en denkt voortdurend aan Louise. Uiteindelijk betreurt hij/zij zijn/haar beslissing en gaat op zoek naar Louise, zonder resultaat. Hij/zij keert terug naar de eigen woning en plots staat daar Louise…

 

Mening van de groep

 

-      niet makkelijk leesbaar, het stak tegen en raakte me niet. Een vervelend boek waar toch goede filosofische stukken in voor kwamen

-      las het boek de eerste keer toen het verscheen. Toen was het voor mij voornamelijk een mooi, gevoelig geschreven en aangrijpend liefdesverhaal, weliswaar met een onderliggende boodschap, namelijk dat de clichés je op een dwaalspoor brengen. Nu raakte het me niet meer. Ik vond de hoofdpersoon/verteller en Louise behoorlijk irritant en egoïstisch. De stukken over het lichaam hadden er uit gemogen. Toch voor de rest een goed geschreven boek over hoe je je in een ander kan verliezen.

-      Vond het wel gemakkelijk leesbaar maar het raakte me niet, het irriteerde zelfs soms. Ik vond het verwarrend dat het boek dan weer vanuit een mannelijk standpunt (in het eerste deel) en dan weer vanuit een vrouwelijk leek te zijn geschreven.

-      Vond het ook makkelijk leesbaar maar het glipte me door de vingers; de stukken over het menselijk lichaam vond ik overbodig en niet essentieel voor het verhaal.

-      Vond het boek soms onbegrijpelijk. Wat me aan het lezen heeft gehouden was de vraag: is de hoofdpersoon nu een man of een vrouw? Ik heb het enkel uitgelezen omdat het voor de leesgroep was. Het raakte me helemaal niet.

-      Begreep het boek wel. Las het twee keer na elkaar. De eerste keer irriteerde het me vaak. De tweede keer kon ik wel van de mooie taal genieten. Het boek is goed geschreven maar niet boeiend. De bedoeling van het middenstuk was niet duidelijk.

 

Vragenlijst

 

1.         Heeft het boek een logische titel? Wat vind je van de boekomslag?

De titel van het boek verwijst naar wat er op bladzijde 86 en 87 staat geschreven. Louise en de hoofdpersoon hebben de liefde bedreven. “… je tikt een boodschap op mijn huid, tikt betekenis in mijn lichaam…….Op het lichaam geschreven staat een geheime code, alleen zichtbaar bij een bepaald licht; de ervaringen van een heel leven stapelen zich daar op…..Ik wist niet dat Louises handen konden lezen. Ze heeft me vertaald in haar eigen boek..”.  Louise is de enige die hem/haar diep heeft kunnen raken, die tot hem/haar is kunnen doordringen.

Op de boekomslag is een aseksuele figuur te zien in een houding die aan Christus aan het kruis doet denken. Christus gaf zich over aan de dood, de figuur op de omslag geeft zich over aan de liefde.  De afbeelding is een schilderij van de hedendaagse realistische Britse schilder Neil Moore, genaamd “The Deposition”, de afname van Christus aan het kruis. De meerderheid vond de afbeelding niet echt mooi.

2.         Welk soort boek is het ?

Als je de omschrijving leest op de Nederlandse website “literatuur in context” zou je kunnen zeggen dat het een neoromantische roman is. “… er moet weer plaats zijn voor grote gevoelens en pathetiek…. De eigen innerlijkheid en eigen subjectiviteit staan centraal…..Plaatst het eigen ik in het middelpunt Thematisch: plaats van het ik t.o.v. de wereld, liefde en dood”.  Aan andere omschrijvingen voldoet het boek echter niet: “..uitdrukkingsmogelijkheden die wars zijn van het experiment..” .

Het is een psychologische roman naar de inhoud en een “postmoderne” naar de vorm: “…problematisering van de relatie fictie-werkelijkheid, taal-werkelijkheid,…. gelaagdheid en intertekstualiteit…”. Intertekstualiteit, verwijzingen naar en overname van vroegere teksten, komt veel voor in het boek.

- Een van de minnaressen van de hoofdpersoon is Bathseba en haar man heet Uria. Bathseba is een figuur uit de bijbel. Ze was de vrouw van Uria en later van koning David. 

- Op bladzijde 174 noemt de hoofdpersoon zichzelf Cassandra, een figuur uit de Griekse mythologie. Dochter van de koning van Troje bemind door Apollo.

- Op de eerste bladzijde staat een citaat uit “De storm” van Shakespeare. Caliban, die zich beklaagt dat hij van Prospero de taal heeft geleerd en die ze nu, alleen achtergelaten, niet meer kan gebruiken. De hoofdpersoon heeft de taal van de liefde geleerd van Louise en is ook alleen achtergebleven.

- nog tal van verwijzingen naar Madame Bovary, Lady Hamilton, …. Het boek doet ook denken aan “Orlando” van Virginia Woolf.

3.         Is de hoofdpersoon een vrouw of een man? Of weten we het niet? Had je sympathie voor de hoofdpersonen? Voor wie wel en voor wie niet en waarom. Is er sprake van een karakterontwikkeling tijdens het verhaal?

Voor sommigen was het duidelijk een man, voor anderen duidelijk een vrouw. Nog anderen vonden kenmerken van beiden in de hoofdpersoon. De schrijfster zelf verklaarde in interviews dat zij er bewust voor koos om het geslacht van de verteller in het midden te laten. Grappig is wel dat zij in de Britse pers werd verguisd, én door de hetero recensenten die het een typisch lesbisch boek vonden, én door de holebis die vonden dat Winterson zich niet duidelijk outte als lesbisch!!

De verteller en Louise zijn niet echt sympathiek. Ze houden niet veel rekening met anderen die ze kwetsen. De verteller maakt in de loop van het boek wel een ontwikkeling door in die zin dat hij/zij zich opofferde voor Louise en tot enige zelfreflectie in staat was.

 

4.         Wordt het verhaal chronologisch verteld? Zijn er flashbacks? Waarom zou de auteur voor deze vorm gekozen hebben?

Het verhaal wordt niet chronologisch verteld, wel met flashbacks. De auteur kan voor deze vorm gekozen hebben om aan te tonen dat de verteller een persoonlijke evolutie heeft doorgemaakt en om aan te geven hoe zijn/haar vroegere relaties waren voordat Louise op het toneel verscheen.

 

5.         Wordt er spanning opgebouwd tijdens het verhaal? Slaagt de auteur er in om de aandacht vast te houden? Was het einde van het boek bevredigend?

Er zat alleen spanning in het derde deel van het boek. Je vraagt je als lezer dan af of de verteller al dan niet Louise terugvindt. Het boek heeft een open einde en dat was niet voor iedereen bevredigend. Jeanette Winterson zegt zelf dat geen enkel van haar boeken een happy ending heeft omdat ze daar niet in gelooft. Volgens haar wordt niets mooi afgerond en is er na elk einde opnieuw een begin. Daarom kiest ze voor een open einde dat door de lezer zelf kan worden ingevuld.

 

6.         Wat is het thema van het boek? Wat zijn de motieven?

Thema: liefde en verlies, bindingsangst.

Motieven: meermaals terugkerende zinnen als “De clichés vormen de problemen” en “Waarom schatten we de liefde pas op waarde als we haar missen”. In de oorspronkelijke versie van het boek luidt deze laatste zin “Why is the measure of love loss?”. Dit is toch niet helemaal hetzelfde als de Nederlandse vertaling. Is verlies de maatstaf van liefde? Moet je eerst iemand verliezen voordat tot je doordringt wat die persoon voor je betekent?

Met de zin over de clichés wil de schrijfster zeggen dat je om de liefde te beschrijven niet origineel kan zijn. Zoveel mensen in de geschiedenis zijn je al voorgegaan.” Ik hou van je” is al ontelbare keren uitgesproken. Daarom heeft ze er ook voor gekozen om in het middenstuk van het boek de verteller zijn/haar liefde voor Louise te laten beschrijven via een anatomische beschrijving van haar. Zeker origineel maar wel langdradig.

 

7.         Hoe vind je de schrijfstijl van Jeanette Winterson?

Ze gebruikt vaak korte zinnen zonder werkwoord.

Je krijgt ook het gevoel dat ze neerkijkt op gewone mensen, dat ze arrogant is. (Ze heeft ooit toen ze als jurylid was aangeduid om een literaire prijs uit te reiken, haar eigen boek als het beste van het jaar aangeduid en vergeleek zichzelf met Virginia Woolf).

Ze maakt veel gebruik van beeldspraak en andere stijlfiguren. (Bijvoorbeeld op blz. 30/31, bespreking van de pauze tijdens de opera: “de vrouwen droegen veel juwelen ….De halskettingen, de broche, de ringen, het diadeem, het met diamanten bezette horloge….Al deze juwelen werden geëscorteerd door royaal gesneden grijze pakken en oogverblindend gevlekte stropdassen. De dassen trilden wanneer Louise voorbijkwam en de pakken trokken zichzelf een beetje in…..”).

Soms komt de beeldspraak echter te veel geforceerd over.

In 1997 bij het verschijnen van Winterson’s boek ‘Gut symmetrie” schreef een recensente van HP/De Tijd: “Haar eerdere romans waren briljant van taal maar maakten tegelijk een lege indruk: veel vorm, weinig gevoel”. Die mening overheerste ook in onze groep.

 

8.         Welk cijfer geef je het boek?

Gemiddeld 6.

 

 

Meer over de schrijfster

 

Jeanette Winterson is een Britse schrijfster, geboren in Manchester in 1959. Debuteerde in 1985 met 'Oranges are not the only fruits' waarvoor ze de Whitbread Prize ontving. In dit meeslepende en absurdistische verhaal over een geadopteerd kind, zijn veel overeenkomsten uit haar eigen streng-religieuze achtergrond te herkennen. Ook zij werd geadopteerd en verliet op vijftienjarige leeftijd het ouderlijk Pinkestergemeenschaphuis, na het vrijgeven van haar homosexualiteit. Het boek werd voor de BBC als televisieserie verfilmd. In hetzelfde jaar dat ze debuteerde, werd ook 'Boating for beginners' gepubliceerd.

Ander romans van deze schrijfster:

1987 - The passion (vert. De passie)

1989 - Sexing the cherry (vert. Kersen sexen)

1992 - Written on the body (vert. Op het lichaam geschreven)

1994 - Art & lies: A piece for three voices and a bawd (vert. Kunst & leugens: Compositie voor drie stemmen en een lichtekooi)

1997 - Gut Symmetries (vert. GUT symmetrie)

2000 - The Powerbook (vert. Het powerboek)

2004 - Lighthousekeeping (vert. Vuurtorenwachten)

2007 - The Stone Gods (vert. De stenen goden)

 

 

Terug naar begin

 

 

De weg – Cormac Mc Carthy

 

Korte samenvatting

 

Een man en zijn zoontje zijn onderweg in een verwoeste wereld. Wat er gebeurd is verneemt de lezer niet. De jongen heeft de oude, onbeschadigde wereld nooit meegemaakt. Er is inmiddels bijna geen voedsel meer te vinden en hongerige bendes trekken rond en schuwen zelfs het kannibalisme niet. Tegen deze harde, koude en onherbergzame wereld steekt de liefde tussen vader en zoon schril af.

 

Mening van de groep

 

° Aan één stuk door gelezen, heel triest verhaal. Ik hoopte op iets positiefs. Het was wel een boeiend boek

° Heb me niet te erg in de dreigende dingen gestort, maar genoten van de interactie tussen vader en zoon. Ik was benieuwd naar het einde.

° Heel mooi maar hard. De evolutie van de vader/zoon relatie wordt goed beschreven. Stilaan neemt de zoon de vaderrol, de rol van beschermer over. Heb het met genoegen gelezen.

° Het boek las gemakkelijk. Het was een pakkend verhaal hoewel het onderwerp op zich me niet boeide. Het einde kwam te abrupt, was te gemakkelijk. Blij het gelezen te hebben.

° Blij dat ik het uitgelezen heb. Ik kon niet tegen de erge dingen en ben naar het einde gaan kijken. Als dat te erg was had ik niet verder gelezen. De vader/zoon relatie en de evolutie de ze doormaakt wordt mooi beschreven. De inhoud was afschuwelijk en somber en soms ook ongeloofwaardig.

° Ik heb het boek twee keer gelezen. De eerste keer voor het verhaal en de tweede keer om beter van de taal en schrijfstijl te genieten. Bijzonder mooi en poëtisch taalgebruik. De harde dingen raakten me niet echt. Voor mij was het een verhaal over de liefde tussen vader en zoon.

 

Vragenlijst

 

Wat vind je van de schrijfstijl van Cormac McCarthy? Wat valt er op? Hoe is het boek gestructureerd?

 

De schrijver gebruikt korte zinnen, vaak zonder werkwoord. Hij heeft een beeldend en soms zelfs een poëtisch taalgebruik. Het maakt het boek aangrijpend en beklemmend tezelfdertijd.

In de gesprekken zijn er geen aanhalingstekens.

“Hallo, papa, zei hij.

Ik ben hier vlak bij je.

Weet ik.”

Dit roept wel een zekere afstandelijkheid op. Er zit ritme, een zekere cadans in de gesprekken tussen vader en zoon.

Het boek heeft geen hoofdstukken. Het bestaat uit het verslag, de gesprekken tussen vader en zoon en flash backs. Hoeveel tijd het verhaal omspant kan niet worden achterhaald. Tijd is immers in de wereld zoals die in het verhaal is, niet belangrijk. ‘De dag, het uur is al wat er is. Er is geen later. Dit is later.’ (blz 37)

 

Waar gaat dit boek over? Wat is het thema? Welk soort roman is dit volgens jou?

 

Het boek vertelt het verhaal van een vader en een zoon. Ze hebben geen naam.  De vader en de zoon zijn de hele wereld voor elkaar. Ze zijn, in een verwoeste wereld, op weg naar het zuiden, in de hoop dat het daar warmer zal zijn. Hun toestand is uitzichtloos maar de vader heeft zich tot doel gesteld dat de zoon moet overleven. Dit is zijn enige reden om in leven te blijven, hier doet hij alles voor. Hij zou iedereen doodschieten die een vinger naar de jongen zou uitsteken. Gaandeweg is het echter eerder de zoon die zich om de vader bekommert.

Het boek gaat over kiezen voor het goede, hoop doet je voortgaan. Over liefde en over overleven. Het waarschuwt ons ook voor wat we allemaal te verliezen hebben als we niet meer zorg dragen voor onze aarde, onze samenleving.
Hoewel het verhaal een niet werkelijke situatie, een situatie die zich nog niet heeft voorgedaan maar die zou kunnen werkelijkheid worden, is het geen sciencefiction. Het is eerder een psychologische

 

De man en de jongen hebben geen naam? Waarom zou de schrijver hiervoor gekozen hebben?

 

De eerste mogelijkheid is dat het over de universele verhouding gaat tussen een vader en een zoon.

Een andere uitleg is dat de wereld zo kil is geworden, er is niets persoonlijks meer, alleen een harde strijd om te overleven. In een dergelijke harde en onpersoonlijke wereld hebben namen geen zin en geen betekenis.

 

De man en de jongen zijn de ‘goeden’. Waarin verschillen de goeden van de slechten? Verschillende keren in het boek vraagt de jongen aan de vader om anderen te helpen. De vader weigert en toch rekent hij zich bij de goeden. (blz 34-35, blz 54-56) Hoe verklaar je dat?

In veel boeken van Mc Carthy komt de tegenstelling tussen het goede en het kwade aan bod. Veelal wint het kwade. Hoe is dat in dit boek?

 

Het verschil tussen de goeden en de slechten is dat de goeden geen andere mensen opeten en dat ze niet nodeloos wrede dingen doen.

De vader en zoon verschillen wel vaak van mening. De zoon heeft vaak medelijden met anderen die ze ontmoeten en wil hen helpen. De vader wil dit niet. Hij wil ten koste van alles zijn zoon in leven houden en voor de vader is de enig mogelijke manier hiervoor zoveel mogelijk voedsel en veiligheid voor de zoon te voorzien. ‘Je wilde weten hoe de slechten er uitzien. Dat weet je nu….. Het is mijn taak voor jou te zorgen. Dat is mij door God opgedragen. Iedereen die een vinger naar jou uitsteekt zal ik doden. ‘ (blz. 50)

De ethiek is in een dergelijke situatie ook een luxe. Eerst moet je overleven en dan pas kan je ethisch denken. Voor de vader is het belangrijkst: wat moet ik doen om de overlevingskansen van mijn zoon zo groot mogelijk te maken.

In dit boek zou je zeggen dat het eerder het goede is dat het haalt. De zoon blijft in leven, wordt door een gezin van ‘goeden’ gevonden. Dit gezin neemt hem op en geeft hem genegenheid.  Er is echter geen zekerheid over de afloop. Alles kan nog gebeuren. Het is een boek met een open einde.

 

De vader zegt aan zijn zoontje dat hij verder moet om het vuur te dragen. Wat betekent ‘het vuur dragen’dit volgens jou?

 

Het vuur is een metafoor voor het goede, voor de hoop en voor het leven.  De jongen moet het leven voortzetten maar op de manier van de goeden. De samenleving zoals ze voorheen bestond is er niet meer en zal nooit meer terugkomen. De jongen, die het goede in zich heeft, moet deel gaan uitmaken van een nieuwe gans andere wereld.

 

Wat vind je van de houding van de moeder die haar kind achterlaat en zelfmoord pleegt? Op blz. 40 wordt de geboorte van het kind beschreven. De schrijver zegt ‘haar kreten betekenden niets voor hem’. Wat vind je hiervan?

 

De moeder is er van overtuigd dat de vader kan zorgen voor het kind, dat hij dit in de huidige situatie beter kan. Toch is het ook moeilijk te begrijpen dat een moeder haar kind in een dergelijke wereld achterlaat.

Voor de vader lijkt inderdaad enkel het kind belangrijk. De uitspraak ‘haar kreten betekenden niets voor hem’ kan er op duiden dat er tussen de man en de vrouw niet meer veel liefde of zelfs genegenheid bestond.

 

Zou er achter het personage Ely een bijzondere betekenis schuil gaan? Een verwijzing naar de bijbel?

 

Ely, het enige personage in het boek dat een naam draagt, zou kunnen verwijzen naar de profeet Elias. Elia is een van de grote profeten uit de Bijbel. Hij leefde in de 8ste eeuw voor het begin van onze jaartelling, toen het volk van Israël opnieuw de afgoden was gaan dienen. Op de berg Karmel liet God op Elia's gebed vuur uit de hemel neerkomen. Hij stierf niet op gewone wijze, maar werd ten hemel opgenomen. Jezus liet weten dat Johannes de Doper Elia was die terug zou komen (Mattheüs 11:14 en 17:12). Verder liet Jezus nog weten: Elia zal komen en alles herstellen (Mattheüs 17:11). Deze laatste uitspraak betekent dat Elia nogmaals zal komen, en dan om alles te herstellen.

 

Wat betekent de laatste alinea volgens jou: “Ooit zaten er bronforellen in de bergbeken. Je zag ze stil in het ambergeel vloeiende water hangen, met witte randjes aan hun vinnen die zacht golfden in de stroming. In je hand roken ze naar mos. Glanzend en wringend, gespierd. De kronkelige patronen op hun rug waren kaarten van de wereld in wording. Kaarten, labyrinten. Van iets wat niet terug te draaien was. Niet hersteld kon worden. In de diepe valleien waarin ze leefden waren alle dingen ouder dan de mens en ze gonsden van mysterie

 

De forellen staan voor de hoop op iets nieuws, op een totaal andere wereld. Het voordien in de wereld nog gebeurd. In het tijdperk van de dinosauriërs is ook het leven op aarde vernietigd maar is er toch een nieuw leven ontstaan. De oude wereld, zoals we die nu kennen, is echter onherroepelijk verloren, er is geen terugkeer meer mogelijk. Het lijkt ook wel aan te duiden dat de verwoesting van de aardet er zat aan te komen, dat het in de lijn van de verwachtingen lag.

 

Welk cijfer geeft je het boek?

 

Na de bespreking kreeg het boek gemiddeld 8,25.

 

 

Meer over de schrijver

 

Cormac McCarthy werd op 20 juli 1933 geboren in Rhode Island. Hij was de derde van 6 kinderen en oudste zoon van Charles Joseph Mc Carty en Gladys Christina McGrail Hij werd Charles genoemd naar zijn vader maar hij wijzigde zelf zijn voornaam in Cormac naar een vroegere Ierse koning. In 1937 verhuisde hij met zijn familie naar Knoxville waar zijn vader jurist was voor de Tennessee Valley Authority (een maatschappij opgericht om oplossingen te beiden aan problemen veroorzaakt door de grote depressie van de jaren ’30) In 1967 verhuisde het gezin naar Washington, D.C., waar vader Charles tot zijn pensioen in een grote rechtspraktijk werkte.  Cormac werd Rooms katholiek opgevoed. In 1951-1952 ging hij naar de universiteit van Tennesse. In 1953 nam hij dienst bij de US Air Force waar hij 4 jaar diende, 2 ervan in Alaska waar hij een radioprogramma verzorgde. Van 1957 tot 1959 ging hij terug naar de universiteit waar hij twee verhalen publiceerde in een literair studentenblad.  In 1959 en 1960 won hij een prijs voor ‘creative writing’. Hij verliet de universiteit voorgoed en vestigde zich in Chicago waar hij als automechanieker werkte terwijl hij zijn eerste roman schreef. Hij is drie keer getrouwd en heeft nog een zoontje van acht jaar. Het is door hem, verklaarde Mc Carthy aan Oprah Winfrey, dat hij ‘De weg’ heeft geschreven. Wat hij met dit boek heeft willen zeggen is dat we zorg moeten dragen voor wie we liefhebben en waarderen wat we bezitten. Dit is althans wat hij verklaarde in datzelfde interview dat je kunt beluisteren op de site van Oprah Winfrey.

Hij is erg publiciteitsschuw en geeft zelden interviews. Hij is verbonden aan het Santa Fé Institute, een wetenschappelijke denktank.

Met ‘De weg’ won hij de Pulitzer prijs in 2007. Het boek wordt ook verfilmd.

Zijn eerder boek ‘Geen land voor oude mannen’ werd door de gebroeders Coen verfilmd en de film won verschillende Oscars.

Hij schrijft veel over het goede en het kwade waarbij het kwade vaak wint.

 

Ander werk van deze schrijver:

-          Al de mooie paarden (waarvoor hij ook twee prijzen won in de VSA)

-          De kruising

-          Stenen van de vlakte (deze drie boeken vormen een trilogie)

-          Meridiaan van bloed

-          Angel

-          Kind van God

 

Terug naar begin

 


 

Bezoek van de lijfarts – Per Olov ENQUIST

 

Korte samenvatting

 

Op het einde van de 18e eeuw wordt de Duitser Johann Friedrich Struensee aangesteld als lijfarts van de Deense koning Christian VII. Deze koning is een erg gevoelige en beïnvloedbare man, geestelijk niet helemaal gezond. Struensee, aanhanger van de Verlichting, wint het vertrouwen van de koning en kan zo allerlei hervormingen doorvoeren in Denemarken.  Hij krijgt een liefdesrelatie met de Deense koningin Caroline-Mathilde die van hem een dochter krijgt. Die relatie wordt door de Koninging-Weduwe, stiefmoeder van de koning, en andere intriganten aan het hof aangegrepen om Struensee terecht te stellen, de koningin te verbannen en al de ingevoerde hervormingen terug te draaien.

 

Mening van de groep

 

Samengevat was de mening van de groep het volgende:

Het eerste deel van het boek was niet zo gemakkelijk te lezen en te doorgronden. Na een honderdtal bladzijdes kreeg het boek meer vaart en werden de meeste leden door het verhaal gegrepen. De historische achtergrond, het spel van de machten, dat ook nu nog erg actueel is, het liefdesverhaal en het tijdsbeeld dat ons door de roman werd geschetst waren erg boeiend en interessant. Niet iedereen vond de schrijfstijl van Enquist goed. De meerderheid zou het boek niet uitgelezen hebben als het niet voor de leesgroep was maar niemand betreurde achteraf het toch te hebben gelezen.

 

Vragenlijst

 

Welke personages spreken je het meest aan? Welke vinden jullie sympathiek? Wat drijft elke personage?

 

Struensee: zijn engagement in de Verlichting kwam niet duidelijk naar voren. Hij werd er tegen wil en dank in betrokken door Rantzau. Er kwam ook weinig gevoel aan te pas als hij de wetten opmaakte. Dokter zijn was zijn echte en enige roeping. Hij twijfelt vaak aan zijn geschiktheid voor de rol die hem werd opgedrongen. Ondanks het feit dat hij erg veel macht had op een gegeven moment – hij kan op eigen houtje wetten opmaken en ondertekenen – is hij niet op macht uit. Hij is een goed mens maar naïef.  Hij keek niet naar de gevolgen voor het volk van de wetten die hij uitvaardigde, of de samenleving er aan toe was. Hij is geen held, is eerlijk en integer en ging op een waardige manier om met de Koning. “Zijn enige fout was dat hij meer geest dan sluwheid had”.

 

Christian VII: een erg zielige figuur. Zijn strenge opvoeding, de mishandelingen die hij kreeg en de liefdeloosheid hebben hem voor de rest van zijn leven gekraakt. Hij was erg gevoelig, zelfs overgevoelig en daardoor ook meer vatbaar voor het harde van zijn opvoeding. Nochtans had hij ook veel talenten en zou hij in een andere omgeving wel tot een volwaardig mens hebben kunnen uitgroeien. Hij kon goed dansen en toneelspelen. Hij kon echter de realiteit niet van het spel onderscheiden. Hij was psychotisch, had waanvoorstellingen, meende dat hij een wisselkind was. Omdat hij de realiteit aan het hof niet aankon vluchtte hij in spel en kinderlijk gedrag.

 

Caroline-Mathilde: een erg sympathieke sterke vrouw, daadkrachtig. Zij had aanvankelijk wel goede bedoelingen met de koning, wilde hem liefhebben maar ze werd gedwarsboomd door hofdame von Plessen. Ze had een gezonde persoonlijkheid en kon wel met macht om. Haar openlijke liefdesrelatie met Struensee, haar sterke persoonlijkheid en de vijandschap van de koningin-weduwe waren echter fataal voor haar.

 

De koningin-weduwe: is een harde meedogenloze vrouw die tot alles bereid is om haar geliefde gehandicapte zoon op de troon te krijgen. Ze is helemaal niet sympathiek.

 

Guldberg: is geen verlichter. Hij is erg fanatiek in zijn overtuigingen. De slechten moeten gestraft worden. Hij is een wat enge figuur maar hij kende toch menselijkheid in die zin dat hij echt bekommerd was om de koning.

 

Laarsjes Katharina: is ook een sympathieke figuur. Ze was zowel een moederfiguur als een vrouw voor de koning. Zij luisterde als enige naar hem en bij haar alleen vond hij echte rust.

 

Wat is het thema en wat zijn de motieven?

 

Macht/onmacht lijkt het thema te zijn van dit boek. Motieven: de Verlichting, liefde, straf en vergelding, bijbelse beelden van een hardvochtige en strenge God.

 

Wat kan je vertellen over de verhaalopbouw en de structuur van het boek? Wat vinden jullie van de schrijfstijl en de taal?

 

De manier waarop het boek geschreven is, in een wat droge en plechtige stijl, past bij het hof, bij de sfeer van die tijd. De schrijver blijft ook consequent die stijl hanteren. Het verhaal werd niet chronologisch geschreven en dat was wel wat verwarrend, hoewel niet voor iedereen. Het is echter wel knap dat de schrijver aan het begin van het boek de clou van het verhaal al verraadt en dat hij tezelfdertijd toch het verhaal erg boeiend kan houden.

 

Welk soort roman is het?

 

Een historische roman.

 

Vinden jullie de titel van het boek ‘bezoek van de lijfarts’ een gepaste titel?

 

De titel is wel erg passend. Struensee, de lijfarts komt tijdelijk, als een bezoeker. Zijn passage is erg kort maar heeft wel verstrekkende gevolgen.

 

Per Olov Enquist zegt: ‘De Denen zagen Christian VII als een gek maar ik heb hem van zijn menselijke kant laten zien’. Zijn jullie hiermee akkoord?

 

De schrijver heeft erg goed de tragiek van het leven van koning Christian VII weergegeven. Een man met veel talenten die door omstandigheden totaal in de war raakt. Als lezer vast je vanzelf sympathie en medelijden voor hem op.

 

Wat deed het boek met jullie? Welke emoties riep het op, waar werd je door geraakt?

 

Vooral de passages waarin de jeugd van Christian wordt beschreven, de harde straffen die hij onderging en de verwarring waaraan hij daarna ten prooi was, hoe hij werd gemanipuleerd raakten diep. Ook de liefdesscènes maakten indruk en de onrechtvaardigheid van de behandeling van Struensee en Caroline-Mathilde.  En verder dat de geschiedenis zich blijkbaar steeds herhaalt, de machtsstrijd die van alle tijden is. Het is niet het goede dat altijd wint.

 

Wat maakt het boek volgens jullie tot literatuur?

 

Het boek is goed geschreven, er zijn verwijzingen naar de Bijbel, het heeft meerdere lagen.

 

Welk cijfer geef je het boek?

 

Gemiddeld 7+

 

Meer over de schrijver

 

Per Olov Enquist werd geboren in het noorden van Zweden in een vrij streng religieus milieu. Hij studeerde literatuur aan de universiteit van Uppsala en werkte als literatuur- en toneelrecensent voor diverse Zweedse bladen. Enquist schreef behalve een twintigtal romans, verhalenbundels en essays ook voor toneel, televisie en film. Hij reisde veel en heeft voor langere periodes in het buitenland gewoond, onder meer in de Verenigde Staten, Frankrijk en Denemarken. Met zijn derde roman “De vijfde winter van de magnetiseur”  kwam zijn definitieve doorbraak in Zweden.

Vertalingen van zijn werk zijn inmiddels in ruim 25 landen verschenen. Naast vele Scandinavische prijzen ontving hij onder andere in 1989 de prestigieuze National Book Award .

Enquist gaat voor zijn proza in de meeste gevallen uit van historische gebeurtenissen, waarvoor hij zich grondig documenteert. Kenmerkend voor zijn gehele oeuvre zijn enerzijds zijn grote eruditie en zijn streven naar objectiviteit en anderzijds zijn compassie met de verliezers in onze maatschappij, zowel de armen als de rijken, ongeletterden als intellectuelen. Maar bovenal is Per Olov Enquist echter een begenadigd verteller, de grand old master van de Zweedse literatuur.

 

http://www.perolovenquist.nl/?ID=6

 

Terug naar begin

 


 

 

 

     

 

 

 

 

 

 

 

 

BOEKENTIPS

 

 

 

Nazomer - Philippe Besson.

De schrijver heeft rond een bekend doek van Edward Hopper (Nighthawks) een boek geschreven. Op het werk van Hopper zie je, van buitenaf in de avond, een bar met een barkeeper en een man en een vrouw samen. Rond dit tafereel heeft Besson zijn verhaal opgebouwd. Sober en met een prachtig taalgebruik. Er gebeurt niet veel, er zijn veel innerlijke bespiegelingen en toch blijft het boeien (142 blz)

 

De trotse bedelaars - Albert Cossery

Geschreven in 1955. Cossery is een Franse schrijver die in Egypte opgroeide. Deze roman speelt zich af in een stad als Cairo; De hoofdpersonen leven aan de zelfkant. Zij willen enkel hun hoogstnoodzakelijke levensbehoeften bevredigen en kijken neer op mensen die op geld, carrière en status uit zijn. Zij hebben niets en dus daarom ook niets te verliezen. Het boek kwam uit onder de Franse titel “Mendiants et orgueilleux” en is ook verfilmd met Georges Moustaki in de hoofdrol.

 

Billy – Albert French

Het boek speelt zich af in Mississipi in de jaren dertig. Billy, een tienjarige zwarte jongen, gaat samen met een vriendje op een warme dag spelen in een meertje. Twee blanke meisjes zien hen en verjagen hen uit het water. Het vriendje kan ontsnappen maar Billy wordt erg hardhandig aangepakt. Als ze hem echter laten lopen terwijl ze hem nog beschimpen, wordt hij woedend en verwondt één van de meisjes met zijn mes. Zij bezwijkt aan de verwondingen. Al gauw verspreidt zich in de blanke gemeenschap het nieuws dat de schuldigen zwarten zijn. De haatgevoelens tegen al wat zwart is laaien erg hoog op. Billy wordt opgepakt, in de gevangenis gezet en later, ondanks zijn jeugd, terechtgesteld op de elektrische stoel.

Het is een erg aangrijpend boek, in die mate zelfs dat ik het soms even moest wegleggen. De schrijver kan erg goed de sfeer oproepen van het warme Mississipi, de racistische vooroordelen van de blanken, de angst in de zwarte gemeenschap en vooral de angst en de wanhoop van Billy en van zijn moeder. Een aanrader.

 

 

Huwelijksleven – David Vogel

Een roman in de jaren dertig in het Hebreeuws geschreven en in 1992 vertaald. David Vogel werd in 1981 in Rusland geboren Jood. In 1912 verhuist hij naar Wenen en in 1925 naar Parijs. In 1944 werd hij opgepakt en naar een concentratiekamp overgebracht. Waar en hoe hij is overleden is niet bekend.

Huwelijksleven vertelt het verhaal van de liefde van een arme joods intellectueel Rudolf, voor een gevoelloze en sadistische barones in het Wenen tussen de beide wereldoorlogen. Het is geen vrolijk boek (weeral niet!!) maar erg goed geschreven. De gevoelens van Rudolf, hoe hij gekwetst en vernederd wordt maar zich toch niet kan losmaken van zijn grote liefde, en het leven in Wenen worden treffend weergegeven. Ondanks de 456 bladzijden toch een aanrader.

 

 

De Paria – August Strindberg

De schrijver die erg beïnvloed werd door de ideeën van Nietsche beschrijft de noodzakelijke ondergang van een zigeuner, “een paria en minderwaardig mens”, bewerkstelligd door een “superieure ariër”. Akelige ideeën maar boeiend om te lezen.

 

Meneer Lehman – Sven Regener

Meneer Lehmann, de hoofdpersoon van het boek is Frank Lehman,een man van bijna 30, die in West-Berlijn woont. Het verhaal speelt in de zomer van 1989, net voor en na de val van de Muur. Frank werkt in een café en is daar volmaakt tevreden mee. Hij heeft geen ambities. Hij leeft van dag tot dag. Zijn dagelijkse leven wordt op een menselijke en soms hilarische wijze beschreven: zijn “liefdesleven”, zijn werk, zijn baas en zijn vrienden, zijn ouders die op het platteland wonen en hem komen bezoeken. Hoewel dit boek over alledaagse dingen gaat is het niet oppervlakkig. De schrijver van dit boek is zanger in de band “Elements of crime”

 

Kreupelhout – Christian Jungersen

De 82-jarige Poul Martin Poulsen is in het ziekenhuis opgenomen. Beelden uit zijn jeugd dringen zich aan hem op. Vooral de herinneringen aan zijn jeugdvriend Eduard Schmidt laten hem niet met rust. Het is inmiddels lang geleden dat de vriendschap tussen hen verbroken is. Poul Martins leven is ontspoord en Eduard heeft daarbij een sleutelrol gespeeld, alleen weet Poul Martin niet precies hoe dat is gebeurd. Nu hij aan het einde van zijn leven is, probeert hij met alle middelen die hem ter beschikking staan zijn oude vriend op te sporen om boven water te krijgen wat er eigenlijk fout is gegaan. Maar hoe dieper hij in het kreupelhout van het verleden doordringt, hoe dreigender het gevaar dat op de loer ligt. Gaandeweg slaat het gevoel van verzoening om in zucht naar wraak.

 

De lafaards – Josef Skvorecky

Het boek beschrijft de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog in een klein Tsjechisch stadje, op een licht spottende manier, gezien door de ogen van een 18-jarige jongen. Hij speelt jazz muziek samen met een groepje vrienden. Als de opstand tegen de Duitsers wordt georganiseerd wil het hoofdpersonage zo graag een held zijn om indruk te maken op het meisje op wie hij verliefd is. Hij toont de houding van de notabelen in het stadje die zo gauw de Duitsers wegvluchten, ineens ware patriotten worden, hoewel daar tijdens de bezetting niet veel van te merken viel. De manier waarop de opstand van de Tsjechen wordt beschreven zou kunnen doen besluiten dat die niet veel om het lijf had. Dat zette kwaad bloed bij de autoriteiten die de schrijver lang hebben gedwarsboomd. Het boek is erg grappig in de beschrijving van wat er omgaat in de hoofdpersoon. De stijl doet wel wat denken aan “De vanger in het koren” van Salinger.

 

 

Een fraai handschrift – Rafael Chirbes

Een oude Spaanse vrouw vertelt haar levensverhaal aan haar zoon: haar innige relatie met haar familie, de wijze waarop haar leven door de Spaanse Burgeroorlog werd getekend, de gevolgen van die oorlog voor haar en de familie, haar harde leven van opoffering. Deze opoffering ervaart ze, nu ze haar levenseinde voelt naderen, als volkomen zinloos. Nergens echter is de toon van het boek meelijwekkend of melodramatisch. Met eenvoudige korte zinnen wordt verslag uitgebracht van het leven van een gewone en toch bijzondere en waardige vrouw. Slechts 121 bladzijden maar een juweeltje dat je echt raakt.

 

 

Marguerite – Douglas Glover

Een jonge Franse vrouw wordt in de 17e eeuw, omwille van haar sensuele levenshouding, door haar oom achtergelaten op een bar eiland in het Noorden van Canada, samen met haar min en haar minnaar. Zij overleeft als enige en wordt na drie zomers en twee winters, terug opgepikt door een Franse boot. Het boek is geschreven naar het waargebeurde verhaal van Marguerite de Roberval, een jonge adellijke Française. De manier waarop Marguerite zich handhaaft in die barre omstandigheden, haar ontmoeting en leven met de inboorlingen, haar strijd om te overleven, zijn beschreven op een realistische maar ook vaak humoristische manier.

 

Terug naar begin

 


 

Damo Legi in de kunst

 

Ze bestaan al op vele websites, verzamelingen van kunstwerken die lezende vrouwen als onderwerp hebben. Maar ik heb zoveel variatie in dit onderwerp ontdekt dat ik toch enige minder bekende werken wilde tonen.  Met als afsluiter een unieke lezende man!

 

 

Jean Baptiste Corot, Frans schilder (1796-1875) Schilderde voornamelijk landschappen en portretten in classicistische en realistische stijl.

Werd erg bewonderd door de impressionisten Degas en Monet. Leraar van Berthe Morisot.

 

 

 

 

 

 

 

Francesco Hayez (1791-1882) Italiaans schilder.

Een van de belangrijkste vertegenwoordigers

van de Romantiek.

Schilderde hoofdzakelijk historische taferelen, politieke allegorieën en ook portretten

 

 

 

 

Albert Anker, Zwitsers schilder (1831-1910)

Studeerde aanvankelijk theologie maar brak die studie af om kunstonderricht te volgen in Parijs. Aquarellen en olieverfschilderijen van het dagelijkse landelijke leven, stillevens en historische afbeeldingen. Realistisch schilder zonder sociale kritiek zoals veel van zijn tijdgenoten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Berthe Morisot. Franse Impressionistische schilder (1841-1985) Leerling van Corot. Raakte bevriend met Manet met wiens broer zij trouwde. Beeldde voornamelijk vrouwen en kinderen af. Nam deel aan 7 groepstentoonstellingen van de Franse Impressionisten.

 

 

 

 

Mary Cassatt, Amerikaanse impressionistische schilder (1844-1926). Vestigde zich in 1874 in Parijs. Raakte bevriend met Degas. Had als onderwerp het dagelijkse en huiselijke leven, voornamelijk van vrouwen en kinderen. Promotor van het Impressionisme in Amerika.

Wordt samen met Berthe Morisot als de belangrijkste vrouwelijke impressionistische kunstenares beschouwd.

 

 

Vilhelm Hammershoi, Deens realistisch schilder (1864-1916). Geboren in Kopenhagen waar hij ook voornamelijk werkte. Maakte tonale schilderijen: portretten, landschappen en, het meest populair in zijn tijd, interieurs, verlaten of met één enkele figuur.

 

 

 

 

Dante Gabriël Rossetti (1828-1882) Zoon van een naar Engeland uitgeweken Italiaans dichter. Kreeg zijn opleiding aan de Royal Academy in Londen. Stichtte samen met andere kunstenaars de “Pre-Raphaelite Brotherhood” die de werken van het tijdperk vóór Rafaël als voorbeeld namen.

 

 

 

Edouard Vuillard (1868-1940) Frans schilder, aanvankelijk realistisch, later experimenteerde hij meer met kleuren en nuances. Medestichter van de symbolistische kunststroming ‘Les Nabis’. Schilderde naast het leven in Parijs ook huiselijke taferelen.

 

 

 

Ilya Repin (1844-1930) realistisch schilder, geboren in het huidige Oekraïne. Als zoon van een voormalige lijfeigene had hij een grote sociale betrokkenheid die in veel van zijn werken tot uiting kwam.

 

Ralph Peacock (1868-1946) Engels illustrator en schilder. Studeerde aan de Royal Academy in Londen. Vooral bekend om zijn illustraties en portretten.  Het werk hierboven hangt in Tate Galery in Londen.

 

François Martin-Kavel (1861-1931) Frans schilder.

Geen grote kunst maar wel een mooie afbeelding van een lezende vrouw

 

Félix Vallotton (1865-1925) Geboren in Lausanne (Zwitserland), studeerde en werkte in Parijs. Lid van de kunststroming “Les Nabis”.

Maakte naast schilderijen ook gravures en tekeningen. Hij schreef bovendien ook boeken, essays en toneelstukken.

 

 

 

Eve Arnold. Amerikaanse fotografe

Geboren in 1912. Ze was het eerste

vrouwelijke lid van het Magnum fotoagentschap.

Ze is vooral bekend van haar portretten.

In de vroege jaren ’50 ontmoette ze Marilyn Monroe waarvan ze vele foto’s maakte.

Hierboven zie je “Marilyn Monroe reading Ulysses”, een foto uit 1955.

 

 

 

Lucian Freud. Hedendaags kunstenaar, geboren in 1922 in Berlijn. Kleinzoon van Sigmund Freud en vader van schrijfster Ester Freud. Zijn familie emigreerde naar Engeland in 1933 en hij kreeg de Britse nationaliteit. Hij is vooral bekend voor zijn erg realistisch en zeker niet flatterend geschilderde naakten. In 2001 schilderde hij een portret van de Engelse Koningin, dat erg verdeeld werd onthaald.

 

 

 

Roy Lichtenstein (1923-1997) Amerikaans pop-art kunstenaar. Hij werd vooral bekend van zijn schilderijen van stripfiguren.

 

 

 

 

 

 

Lezende man

 

Terug naar boven


 

 

 

 

Contactinformatie

Wat vind je van onze webpagina? Heb je vragen, of tips

over boeken en besprekingen: hieronder vind je ons contactadres.

 

lili_bammens@hotmail.com

Internet-adres

http://users.skynet.be/leesclub-de-maas/leesclub.htm

 

 

Links

http://www.readinggroupguides.com/content/index.asp  Engelse site voor leesgroepen

www.boekgrrls.nl    de website van de boekgrrls,  die zeker geen introductie meer nodig heeft

http://literatuurlinks.net/  De grootste literaire linksverzameling van Nederland

www.leeskringen.nl besprekingen, tips voor discussies enz.

 

http://www.deleesclub.eu/ vrouwenleesclub uit de omgeving van ‘s Hertogenbosch

www.hotel-boekenlust.nl boekbesprekingen

 


 

 

Ruimte voor copyrightinformatie
datum van laatste update: 12/10/2008
foto's :
Lili Bammens.