De wildkleur

Update maandag 17 augustus 2009

Home
Selectie

Gastenboek

 Contact

 

 

Cyanoramphus Novaezelandiae is de naam die Karel Lucien Bonaparte gaf aan de Roodvoorhoofd Kakariki in zijn Conspectus Generum Avium dewelke in 2 volumes tussen 1850 en 1857 is uitgebracht. Die naam gebruiken wij nog steeds. Opmerkelijk is dat Bonaparte zich baseerde op specimen uit verschillende musea in Europa.

Interessant waren de notities gemaakt door  Walter L. Buller een Nieuw Zeeland ornitholoog. Deze beschreef de verschillende Kakarikisoorten in zijn boek A History Of The Birds Of New Zealand (1872-1873 en 1887-1888) en deelde deze in bij de Platycercidae. Dit kwam omwille van de nabijheid van de Australische Rosellas. De  Platycercus Novaezelandiae, zoals hij de Roodvoorhoofd Kakariki noemde, bleek nogal te variëren in lengte en kleurdiepte. Dit uitte zich in een variabele schakering van het groen, het rood van de kroon, de grootte van de oogvlekken en de intensiteit van het blauw op de vleugels.  Er werden uiterste lengtes opgetekend van 30,5cm voor mannetjes en ruim 26cm voor poppen. Algemeen was hun kleur donkergroen in vergelijking met de Geelvoorhoofd, toen nog Platycercus Auriceps, die een geelachtig groen vertoonde. Het voorhoofd, kroon en oogvlekken werden beschreven als diep Karmijnrood. De grootste groepen bevonden zich in het zuidelijke deel van het Noordelijke eiland.

Platycercus Aucklandicus, genoemd naar zijn habitat, de Auckland eilanden, was een kleinere vorm van de Roodvoorhoofd Kakariki. Of het om een andere soort gaat is nog steeds niet geweten maar vandaag de dag valt hij onder dezelfde noemer als C. Novaezelandiae. Wel is het ondertussen bekend dat deze hybridiseerd met de Geelvoorhoofd. Misschien is dat de reden van het kleinere formaat.

Na de Platycercus Alpinus (Oranjevoorhoofd Kakariki) werd er nog een 4de soort beschreven, de Platycercus Rowleyi. Deze was uiterlijk hetzelfde als P. Novaezelandiae, maar in grootte, eerder een tengere vogel die met zijn 25,4cm het midden hield tussen de Oranje voorhoofd(22,9cm) en de Geelvoorhoofd(26,7cm). Deze soort kwam alleen voor op het zuidelijke eiland. Opvallend is dat ook de Oranjevoorhoofd uitsluitend daar te vinden was. Was de Platycercus Rowleyi een soort van geavanceerde hybride of was het een variatie op P. Novaezelandiae? Opvallend is dat er geen vermelding was van een roodoranje gevlamde kroon zoals we die zien bij hybriden.

Bovendien leefde de Oranjevoorhoofd op grotere hoogten dan de Roodvoorhoofd waardoor er een ecologische barrière was tussen die twee.

We weten niet welke types Roodvoorhoofden de wereld zijn ingestuurd maar het is niet uitgesloten dat P. Rowleyi zijn grootte een invloed moet gehad hebben op de hedendaagse Roodvoorhoofd Kakariki in gevangenschap.

Walter L. Buller: Vergelijkende koptekening

Van boven naar onder, de Roodvoorhoofd, de Geelvoorhoofd, de Oranjevoorhoofd.

 

Het is duidelijk dat de oorspronkelijke C. Novaezelandiae een veel forsere vogel moet geweest zijn dan de hedendaagse. Nog een paar bloedlijnen van dit type zijn vandaag in handen van enkele kwekers in NZ. Daarom is het voortbestaan van deze soort in gevaar. Voor een gedetailleerde beschrijving verwijs ik u naar deze website.

   Nekvlek bij jonge wildkleuren

   Bron: John Stumbler

 

   Mannetjes zijn forser en hebben een brede lange bek.
   Poppen zijn kleiner en hebben een korte smalle bek.
   De ondervleugelstreep bij een pop
   De ondervleugelstreep bij een volwassen mannetje

 

De wildkleur vandaag

De wildkleur, hoe ziet die er vandaag uit? In het 'Lexicon of parrots' wordt hij beschreven als: overwegend groen met een geelachtig groen op de borst, buik en de dekveren naar de onderkant van de staartveren toe. Het voorhoofd, de kroon en de vlek achter het oog zijn Karmijnrood. Een rode vlek aan beide kanten van de onderrug. De buitenste slagveren zijn violetblauw van kleur. De iris is rood. De poten zijn grijs. De snavel is bleek blauwachtig grijs die eindigt in een zwarte punt. Zuiver afgelijnde rode kroon. Rode iris.

Foto: Peter Wauben

 

De jonge vogels hebben minder rood op de kop en een roodbruine iris. Hun staart is korter.

De lengte van een volwassen mannetje is 27cm, een popje meet 25cm. De vleugellengte varieert van 125mm tot 139mm.

In het verleden is gebleken dat er kwekers, al dan niet onwetend,  kruisingen gedaan hebben met de Geelvoorhoofd. Daarom is het misschien eens interessant om beide species naast elkaar te zetten samen met hybriden. Op die manier kan er een beter beeld gevormd worden van wat wel en niet kan bij de Roodvoorhoofd Kakariki.

 

Zuivere wildkleur Roodvoorhoofd Kakariki Zuivere wildkleur Geelvoorhoofd Kakariki
Links een Roodvoorhoofd, rechts een Geelvoorhoofd. De Geelvoorhoofd heeft duidelijk geen vlek achter het oog. De iris van deze laatste is oranje van kleur. Bij de Roodvoorhoofd is dit roodoranje. De kroon is bij beiden homogeen van kleur.  Foto's: www.kakariki.sytes.net

 

Hybriden

Hybride wildkleur Kakariki
Hybride wildkleur Kakariki Hybride wildkleur Kakariki
Dit zijn foto's genomen in het wild van een 1e generatie RVH x GVH. De kroon vertoond een mengeling van rode en gele veren waardoor het geheel oranjeachtig aandoet. Ook is er een vage oranje oogvlek te zien. De iris is hier oranje van kleur. Foto's: John Stumbler

 

Roodvoorhoofd Kakariki met hybride kenmerken Geelvoorhoofd Kakariki met hybride kenmerken
Links een volgende generatie RVH x hybride. Er is nog een gele rand aan de kroon waarneembaar. De iris doet nog oranjeachtig aan. Rechts een volgende generatie GVH x hybride. Er is nog een geelachtige oogvlek aanwezig. Geelvoorhoofden hebben geen oogvlek.

 

 

 

Home | Historie | De wildkleur | De 3 kleurelementen | Simpele genetica | Mutaties | Voeding | Ziektes | Links

Deze site is voor het laatst bijgewerkt maandag 17 augustus 2009