Historiek Bidprentjes

Symboliek op bidprentjes


Devotieprentjes

 

 

 

 

 

 

Bidprentjes

 

Inleiding

Waarom verzamelt iemand Bidprentjes? In eerste instantie lijkt dit maar een lugubere hobby, maar als je er verder op in gaat, heeft het toch iets aantrekkelijk. Je bent bezig met een verzameling die grote genealogische en iconische waarde heeft.
De oudste bidprentjes hadden vaak prachtige afbeeldingen die uit kopergravures bestonden en een goede detaillering en afwerking hadden. De Franse Revolutie deed het bidprentje bijna verdwijnen maar na het concordaat met Napoleon in 1802 leefde het gebruik weer op en doet het zijn intrede bij de burgerij en de boerenstand. Vijftig jaar later is het een algemeen gebruik.

De voorloper van het bidprentje was het devotieprentje. Het bidprentje, ook doodsprentje, doodssantje of gedachtenisprentje genoemd, is een bijzonder soort devotieprentje   uitgegeven naar aanleiding van het overlijden van een bepaald persoon. Bidprentjes wekken op tot gebed voor de zielenheil van de overledene en zijn tevens bedoeld om de herinnering aan de overledene levendig te houden
 

Het ontstaan van het Bidprentje.

Het ontstaan van het bidprentje kan worden gesitueerd in de eerste helft van de 17de eeuw in de Noordelijke Nederlanden en geraakte ca 1850 in algemeen gebruik. De eerste bidprentjes zijn algemene devotieprentjes waarop aan de achterkant een handgeschreven tekst staat waarin een gebed gevraagd wordt voor de overledene, vandaar de benaming bidprentje. Oorspronkelijk werd slechts voor priesters en voor leden van welgestelde families een bidprentje vervaardigd.

Devotieprentje     gebruikt als  bidprentje.
ca 1811  


Voor de "gewone man"werden er "invulprentjes" gemaakt, hierop stonden taferelen uit het vagevuur of de bijbel, vermaningen en een oproep tot gebed. De naam en de sterfdatum van de overledene kon men zelf met de hand invullen.

De eerste prentjes waren van perkament en dus ook enkel betaalbaar door de welstellende burgerij. Op het einde van de 18de eeuw werden de perkamenten prentjes meer en meer vervangen door goedkopere prentjes van papier en kwamen zo in het bereik van minder kapitaalkrachtige personen. Desondanks waren ook deze goedkopere prentjes vaak niet haalbaar voor vele mensen. Toen in het midden van de 19de eeuw overgeschakeld werd op een mechanische productie kwamen ze binnen ieders bereik. En de gewoonte om een bidprentje bij een begrafenis te geven werd langzaam algemeen. Bij geestelijken werden meestal de namen van eerder gestorven verwanten toegevoegd, ook kon het gebeuren dat de naam van de eerder overleden partner, van wie toen geen prentje was gemaakt, werd toegevoegd.

Functie van het Bidprentje.               

In de eerste was het een oproep om te bidden voor de zielenheil van de overledene. De achtergrond was het geloof in het vagevuur, een tussenstation naar de hemel waar de zielen nog konden gezuiverd worden om alsnog in naar de hemel te kunnen. Het gebed van de nabestaanden kan hier bij helpen.

Een andere functie van het bidprentje was het bewaren van de herinnering aan de overledene.

Verder was het bidprentje ook nuttig voor de zielenheil van de gebruiker zelf omdat deze met zijn gebed ook nog een aflaat voor zichzelf kon verdienen,  het zogenaamde aflaatprentje. Een volle aflaat kon men slechts verdienen met de hulp van een aflaatprentje met daarop een gekruisigde Christus zoals bepaald was door een decreet van aus Pius IX  in 1853.

                                                           Aflaatprentjes

De tekstzijde van een Bidprentje.

De oudste bidprentjes waren et de handgeschreven, de tekst was heel kort en bevatte niet meer dan een oproep tot gebed, de naam en de sterfdatum van de overledene. Rond 1730 ging men ook teksten afdrukken en bijzonderheden uit het leven van de overledene. Zoals leeftijd, geboortedatum en plaats, naam van de partner, datum van de begrafenis en meestal een gebed verder ook nog citaten uit de bijbel.
De tekstzijde kan men onder verdelen in het vignet, de aanhef, de persoonsgegevens, de in-memoriamtekst en het Rust-in-Vrede.

Het Vignet.

De tekst werd meestal vooraf gegaan door een vignet. Dit was meestal een kruisje, doodshoofd, zandloper of een engeltje Bij priesters treffen we meestal een kelk aan. dit gebruik verdwijnt in de jaren zeventig.  


   

De Aanhef.

De meest populaire aanhef was "Bid voor de ziel van zaliger...". Na 1945 gebruikt men steeds vaker " Gedenk in Uw gebeden..." of  "Laat ons bidden voor...". Nog later evolueert het bidprentje naar een herinneringsprentje en zien we steeds vaker " In Memoriam..." of "Ter herinnering van..."

De Persoonsgegevens.

Onder de naam van de overledene volgt de geboorte- en overlijdensdatum alsmede de geboorte- en overlijdensplaats soms ook de begrafenisdatum. Bij gehuwden treft men de naam van de partner aan en bij ongehuwde staat er vaak Jonkman of Juffrouw. Beroep en en doodsoorzaak zijn meestal niet opgegeven, wel een indicatie betreffende de wijze van overlijden: plotseling, na een langdurige ziekte, door een smartelijk ongeval enz. Ook lidmaatschap van religieuze verenigingen worden  vaak vermeld. Ook kerkelijk en wereldlijke onderscheidingen worden vermeld evenals kerkelijke of maatschappelijke functies. Gezien de omvang die op sommige bidprentje moest vermeld worden gingen men dan over van een enkel naar een dubbel bidprentje.

Persoongegevens met vermelding van beroep en
lidmaatschap van religieuze verenigingen
 

 

De In Memoriamtekst

Of het rouwbeklag beslaat het grootste deel van de tekstzijde, dit gebeurde in vorm van toepasselijke vrome teksten of citaten. Om zeker de goede teksten op het bidprentje te zetten waren boekjes in de omloop waaruit men een verantwoorde keuze kon maken meestal werd dit door de priester of zelfs de koster gedaan. Na de oorlog kwam het steeds vaker voor dat de familie het bidpretje samenstelden en zo werden de teksten dan ook persoonlijker. Tevens bevatte het een uitnodiging om de begrafenis bij te wonen. Deze bidprentjes weren dan ook niet uitgereikt tijdens de uitvaartdienst, maar enkele dagen eerder bezorgd. Een soort voorloper van de huidige doods- of rouwbrief. 

Het Requiescat in pace

De tekstzijde van een bidprentje wordt over het algemeen afgesloten met "Hij ruste in vrede" of met de latijnse afkorting R.I.P. en spreuken waar men aflaten kon verdienen. In de loop van de jaren zestig zijn de spreuken geleidelijk verdwenen maar ook nu eindigen veel bidprentje met "Rust in Vrede".

Tegenwoordig komen meer en meer de dubbele bidprentjes voor waarop ook meestal een dankbetuiging staat van de nabestaanden voor de getoonde belangstelling en voor de aanwezigheid op de uitvaart.

De Beeldzijde van het bidprentje

Bidprentjes waren oorspronkelijk algemene Heiligenprentjes die door de tekst op de keerzijde een andere bestemming kregen. Toch werden er toen ook al prentjes gemaakt die betrekking hadden op dood en vergankelijkheid mar waren enkel moraliserend bedoeld. Er stonden zinnebeelden op die de vergankelijkheid van het leven symboliseerden zoals de schedel, de zandloper, bloemen enz. Na 1830 werd het gebruikelijk dat de afbeelding overeenkwam met de functie, zowel op beeld- als op tekstzijde verscheen de doodssymboliek, veelal in combinatie met een zwarte rouwrand. Prentje met een uitgesproken symboliek worden ook knekels genoemd.


 

Knekelprentje


Verder kennen we de "Sair-Sulpice-stijl" dit zijn prentjes gedrukt door de Parijse drukkers die in en rond de Rue Saint Sulpice woonden. Dit waren romantische sentimentele bidprentjes.


   

 Saint-Sulpice-Style

De  donkere en sombere prentjes die gekenmerkt worden door een macabere doodssymboliek en lugubere voorstellingen duidt men ook aan als "kerkhofsymboliek" en ontstond ca 1870 men vindt er afbeeldingen van graven op met engelen die een krans neerleggen, afbeeldingen van kerkhoven enz

                                                        Kerkhofsymboliek

Midden de twintigste eeuw werden de zwarte rouwranden waar de bidprentjes bijna allemaal omgeven waren vaak weggelaten of vervangen door een paars of grijs randje. In de jaren zeventig werden de bidprentjes mooie kleurenprenten en waren de randen, vooral de zwarte, verdwenen.

Als reactie op de zeemzoete en kitcherige prentjes van Saint-Sulpice kregen we toen meer religieuze prenten meestal uit Duitsland afkomstig. Bekend zijn de prenten, met afbeeldingen uit de religieuze kunstschool van de Benedictijnenabdij uit Beuron, op de markt gebracht door B. Kühlen uit Mönchengladbach.

Begin 20st eeuw werden er ook bidprentjes in de omloop gebracht met daarop afbeeldingen van bekende schilderijen. Vooral van Rubens, Van Dijck, Velasques, Piombo ea.   

                            Velasques                 Piombo                  Mater Dolorosa
 

Voorstellingen op de Bidprentjes

Voor 1860 gebruikte men vaak heiligenprentjes als bidprentjes, daarna kwamen de speciaal ontworpen doodsprentjes. De meest geliefde voorstelling was de figuur van Christus, het kruisteken of een portret van Christus met een doornenkroon. met uitzondering van Maria werden afbeeldingen van heiligen nog maar zelden gebruikt.


 

Christus met doornenkroon

 

 Ook zeer geliefd was de Pieta een treurende Maria met de juist van het kruis genomen Christus.

                                                 Treurende Maria met Christus                   


Rond 1925 ziet men steeds vaker symbolen en teksten die ontleend zijn aan de kerkelijke rouwplechtigheid  op de bidprentjes.

 Vanaf 1960 onderging het bidprentje een drastische veranderingen afbeeldingen van Christus aan het kruis, Christus met de doornenkroon, Maria, het H. Hart enz werden vervangen door symbolische uitbeeldingen van de kruisdood. De enige religieuze afbeelding  die als het ware stand hield was de icoon Maria met het kind Jesus.

Vanaf de jaren zeventig komen vooral de prentjes van de firma Beuselinck voor. Dit waren kleurrijke tekeningen van het kruis in combinatie met een kaars. Een andere firma Brakkestein introduceerde de landschapsfoto op het bidprentje.

 

                           

In de volgende jaren verschijnen steeds meer prentjes met de foto van de overledene erop of zeer eenvoudige sobere bidprentje met enkel een kruis of bloemen of een combinatie ervan.

Ook doen de andere formaten hun intreden zoals het lange rechthoekige en vierkante prentje.

Verder kennen we ook nog volgende prentjes.


Het portretbidprentje reeds in het begin van negentiende eeuw in gebruik van vooraanstaande personen plaatste een portret in steendruk of staal gravure op het prentje. Later bij de opkomst van de fotografie plakte men kleine foto's van de overledene op het bidprentje


 

Portretbidprentje


Kinderbidpentjes ontstonden in het begin van de twintigste eeuw, voordien gebruikte men meestal een prentje die voor volwassenen bestemd waren. Kinderbidprentjes zijn meestal kleiner en in plaats van een zwarte rouwrand hebben ze een paarse, blauwe of zilveren rand soms is de rand ook helemaal verdwenen. Op kinderprentjes treffen we op de tekstzijde vaak een gedicht aan.             

                                                         Kinderbidprentjes

De bidprentjes van de militairen gesneuveld tijdens de oorlogen hadden vaak met driekleurige band en meestal een foto in uniform. (vooral voor de officieren)

                                Gesneuvelde marine officier       Bataljonsbevelhebber 11 Linie

Ook bij weggevoerden en politieke gevangenen treffen we vaak de driekleurige band aan

 

© 2003-2010 Genea-WebPagina. Onder geen beding mogen deze gegevens  verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming.

- Top -