Wittekool

 

Aan de buitenkant is deze kool lichtgroen, maar binnenin wit.

Voor 4 personen

 

½ wittekool

30 g boter

30 g bloem

½ liter melk

peper, zout, nootmuskaat

 

 

 

Verwijder de buitenste lelijke bladeren van de kool. Snijd ze in twee, bedek de andere helft met plastiekfolie en bewaar in de koelkast voor een ander gerecht (vb. soep of wittekoolsalade), of je kan witte kool ook invriezen na eerst 2 minuten te blancheren (koken in kokend water en verfrissen met koud water). Snijd de halve kool in fijne reepjes of met een groenteschaaf. De harde kern gebruiken we niet. In kokend gezouten water de fijngesneden kool 15 à 20 minuten gaarkoken op middelmatig vuur. Afgieten in vergiet en met een stamper fijnpletten, zo bekom je fijne stukjes kool. Dek af met deksel en ondertussen maken we een witte saus. Voor de saus: Boter smelten en bloem toevoegen. Goed omroeren met klopper en melk toevoegen. Goed mengen en paar minuten doorkoken tot de saus dikker wordt. Kruid naar smaak met peper en zout, maar zeker met nootmuskaat. Neem van het vuur en meng de wittekool onder de saus. Laat nog even opwarmen met de restwarmte van het vuur. Lekker met gekookte aardappelen en varkensvlees, worsten of spek.