WATER OP AARDE. Van bron tot monding.

Water op het vaste land, rivieren, stromen (vragen staan onderaan!)

Moerassen, vennen, meren

In de natuur worden plassen gevormd op plaatsen waar het water niet afvloeien of niet doorsijpelen kan.
Ondiepe plassen noemen we moerassen, waarbij men vennen en venen onderscheidt. Grote en diepe plassen noemt men meren. België bezit geen natuurlijke meren. Door het afdammen van rivieren werden er wel kunstmatige meren aangelegd. De dam van de Gileppe en die van Eupen.


Twee stroombekkens

foto56.jpg

De stroombekkens van België

foto57.jpg

Selecteer het antwoord dat je het meest juist lijkt en/of vul in.
DEZE OEFENING IS HOOFDLETTERGEVOELIG! GEBRUIK ATLAS IS WENSELIJK!
Enkele grote rivieren op aarde
Nijl 6852 km, Amazone 6448 km, Jangtsekiang 6380 km, Gele Rivier 4845 km, Ob 5410 km, Kongo 4372 km, Lena 4400 km, Missouri 4370 km, Amoer 4350 km, Mekong 4500 km, Irtysj 4248 km, Niger 4184 km, Jenisej 4120 km, Mississippi 3766 km, Wolga 3530 km, Yukon 3185 km, Rio Grande 3034 km, Brahmaputra 3100 km, Indus 3180 km, Donau 2860 km, Japura 2815 km, Eufraat 2800 km, Darling 2844 km, Zambezi 2574 km, Murray 2375 km, Paraguay 2549 km, Ganges 2511 km, Dnjepr 2285 km, Rio Negro 2230 km, Orinoco 2140 km.


Extra uitleg over de langste rivieren op aarde Klik hier.

Extra uitleg over rivieren! Klik hier.

De Rhône
Is een rivier in Zwitserland en Frankrijk en de grootste Europese waterleverancier van de Middellandse Zee. Haar lengte is 812 kilometer en haar stroomgebied meet 98.000 km². De grootste zijrivier is de Saône en de voornaamste steden aan de rivier zijn Genève, Lyon en Avignon. De Rhônevallei staat bekend als een vooraanstaand wijnbouwgebied.
De Rhône begint aan de grote Rhônegletsjer bij de Furkapas in het noordoosten van het Zwitserse kanton Wallis (Valais) en stroomt daarvandaan in zuidwestelijke richting. De grenzen van het kanton komen overeen met die van het stroomgebied van de rivier. Tot Brig heet het hooggebergtedal Goms en de rivier zelf wordt er Rotten genoemd. Bij Brig verbreedt het dal zich sterk. De rivier stroomt nu naar het westen. Noordelijk liggen de Berner Alpen en zuidelijk de Walliser Alpen. Grootste plaatsen op dit traject zijn Brig, Sion en Martigny, waar de rivier een scherpe bocht naar het noordwesten maakt. De bovenloop van de rivier eindigt bij het Meer van Genève.
De Rhône verlaat het meer bij Genève om enkele kilometers zuidwestelijker de grens met Frankrijk te passeren. Rechts ligt nu de zuidelijke Jura, links Savoie.
Vooral in het deel van de bovenloop tot aan het meer van Genève, maar ook nog in Genève, waar de Rhône het meer van Genève verlaat, en daarna, stroomt de Rhône hard.
Bij Lyon voegt zich de Saône bij de rivier en stroomt de Rhône definitief verder naar het zuiden. Hier begint de benedenloop, die goed bevaarbaar is. Op dit traject, omzoomd door wijnhellingen, monden achtereenvolgens de Saône, de Isère, de Drôme, de Ardèche, de Durance en de Gard, uit in de Rhône. Voor de monding van de Durance ligt de stad Avignon. Voor Arles splitst de rivier zich in de Grand-Rhône en de Petit-Rhône, de grootste armen van de delta die de Rhône vanaf hier vormt. Dit gebied heet de Camargue.
De Rhône mondt uit in de Golfe du Lion, die deel uitmaakt van de Middellandse Zee.


Verdamping
Verdamping is in de natuurkunde de faseovergang van een vloeistof naar een gas. Verdamping kan optreden als de vloeistof kookt. Ook als een vloeistof aan een drogere lucht is blootgesteld treedt verdamping op. Koken is een bijzondere vorm van verdamping, die alleen bij de kooktemperatuur plaats vindt, met name in het inwendige van de vloeistof (dit in tegenstelling met gewone verdamping bij alle temperaturen, die alleen aan het vrije oppervlak gebeurt).
In de klimatologie wordt verdamping aangeduid met Evaporatie.


Extra uitleg over evaporatie! Klik hier.

Lawine
Een lawine is, doorgaans, een grote sneeuwmassa die van een helling omlaag komt. Het begrip "lawine" wordt ook gebruikt in verband met andere materialen die massaal naar beneden komen, bijvoorbeeld "modderlawine" of "steenlawine". Een sneeuwlawine kan zo groot zijn dat hele dorpen door de sneeuw begraven worden, maar ook een kleine lawine kan dodelijk zijn als men eronder geraakt.


Extra uitleg over een lawine en aardverschuiving! Klik hier.

Een geiser
Een geiser is een door aardwarmte verwarmde natuurlijke heetwaterbron, die op min of meer gezette tijden een mengsel van heet water en stoom de lucht in spuit. Het is een vulkanisch verschijnsel.


Extra uitleg over geisers! Klik hier.

Gletsjer
Een bewegende en min of meer tongvormige ijsmassa, die uit een komvormig gebied langzaam uit de bergen naar beneden stroomt. De opeengehoopte overjarige sneeuw verandert geleidelijk in korrelige firn, die weer in een ijsmassa overgaat. Deze ijsmassa zal als het voldoende dikte bereikt heeft door zijn eigen gewicht plastisch worden en naar beneden glijden.


Extra uitleg over een gletsjer! Klik hier.

Wolken
Wolken bestaan uit microscopisch kleine waterdruppels of, op hogere en koudere niveaus, uit kleine ijskristallen. Ze ontstaan als in de lucht waterdamp condenseert of bevriest bij afkoelende lucht. In wolken op hoog niveau, die ontstaan bij temperaturen rond de -40 °C, bevriest het water direct tot kleine ijskristalletjes. Alhoewel de temperatuur bij wolken op laag niveau onder de 0 °C kan zijn, kunnen de kleine waterdruppeltjes tot ver beneden het vriespunt afkoelen zonder ijs te worden (onderkoeling). De waterdruppels die ontstaan bij condensatie in wolken hebben gewoonlijk een doorsnede van ongeveer l tot 50 micrometer (µm). Ze zijn zo licht dat ze blijven zweven in de lucht of langzaam naar beneden vallen, maar verdampen voordat ze de grond bereiken. Om als regen naar beneden te vallen moeten de druppels groter zijn dan 100 µm. Bij deze grootte kunnen ze als motregen uit lage wolken vallen. Echte regendruppels zijn veel groter - rond 1 mm in doorsnede - en honderdduizend keer zo zwaar als wolkendruppels. Regendruppels worden binnenin de wolken gevormd op verschillende manieren. Slechts enkele wolken geven daadwerkelijk regen. Wolken vormen zich in vele verschillende situaties. Kleine donzige wolken ontstaan bovenaan een stroom van opstijgende warme lucht, die boven stukken zonverwarmde grond ontstaan.


foto181.jpg

Wolkensoorten

[01] Cirrus windveren of vederwolken zijn een type wolken (wolkengeslacht) die op een hoogte van 6 tot 12 kilometer voorkomen.[02] Cirrocumulus. Wolken op grote hoogte bestaande uit ijskristallen.[03] Cirrostratus. Wolken op grote hoogte bestaande uit ijskristallen.[04] Altocumulus. Wolken op het middenniveau.[05] Altostratus. Wolken op het middenniveau.
[06] Stratocumulus. Laaghangende wolken [07] Stratus. Laaghangende wolken.[08] Cumulus. Wolken die varieren van schapenwolken tot donkere onweerswolken die zich hoog opstapelen.[09] Cumulonimbus. Reikend tot de top van de troposfeer.[10] Nimbostratus. Laaghangende donkere regenwolken.


De grotten van Han
De grotten van Han vormen een stelsel van onderaardse grotten in Han-sur-Lesse nabij Rochefort, gelegen op de rivier de Lesse in de Belgische Ardennen. Het geheel staat bekend als één van de grootste grottencomplexen van Europa.

De grotten zijn ontstaan door de rivier de Lesse, die een deel van de Boineheuvel (van kalksteen) uitgesleten heeft. De rivier verdwijnt over ongeveer 1100 meter (in vogelvlucht) onder de grond, maar ze doet wel 20 uur over deze afstand. In de grot is de temperatuur het hele jaar door 13° C en er heerst een vochtigheidsgraad van 95%. De grot telt vele druipstenen kalkafzettingen.

Uit opgravingen blijkt dat de grotten altijd al bij de bewoners uit de omgeving bekend waren. Voorwerpen uit de vroege prehistorie konden al in het water in de grotten worden aangetroffen. Geleefd werd er - aldus wordt aangenomen - in de grotten doorgaans echter niet. De opgegraven voorwerpen zouden erop geduid hebben dat de grotten met name voor doodsceremonies werden gebruikt, en dat er doorgaans niet daadwerkelijk in geleefd werd.

De grotten van Han vormen voor zover bekend al sinds de 18de eeuw een trekpleister. Of de tocht door de grotten ook daadwerkelijk beviel, was echter erg afhankelijk van de conditie van de wandelaars. Traptreden en goed begaanbare paden voor de bezoekers zouden pas later hun intrede doen. De verlichting in de grot geschiedde aanvankelijk door fakkels, het elektrische licht deed in 1897 haar intrede in de grot. Enkele jaren later zou er een grootse campagne op touw gezet worden om de Europeanen met de grotten bekend te laten maken. Verschillende oude reclameposters uit die tijd zijn in het Museum van de Onderaardse Wereld tentoongesteld. De toeristische wandelroute door de grotten werd meerdere malen gewijzigd. Rond 1860 werd besloten om de route, die aanvankelijk begon met een tocht in een bootje, om te draaien, zodat het boottochtje de afsluiting van de tocht vormde.

In 1944 deden de grotten tijdelijk dienst als schuilkelder.


Extra uitleg over de grotten van Han! Klik hier.

De Gileppe
Is een rivier in de Belgische provincie Luik. De rivier stroomt door het landschap van de Hoge Venen. De bron bevindt zich eveneens in dit gebied in de Fagne Gulpin, in de nabijheid van de Baraque Michel. De Gileppe mondt een twintigtal kilometer verder uit in de Vesder, in Gulke-Béthane. De rivier is voornamelijk bekend door de Gileppestuwdam waarvan het meer door haar van water voorzien wordt.


Extra uitleg over De Stuw en het stuwmeer van Gileppe! Klik hier .