Leefmilieuproblemen in de wereldsteden

Invuloefening. De juiste woorden staan bovenaan.

Voor meer uitleg over het begrip stad, grootste steden op aarde enz., klik op STAD

Lijst van de grootste metropolen of agglomeraties ter wereld qua inwonersaantal. Klik hier.

Hier onder twee sites over wereldbevoling.

Worldometers. Klik hier.
indexmundi. Klik hier.

Straatkind
Een straatkind is een kind dat niet bij zijn of haar ouders thuis woont, maar op straat leeft. Over het algemeen gaan straatkinderen niet naar school. Om te kunnen leven verkopen straatkinderen lootjes, ze wassen auto's, of ze plegen kleine diefstallen om aan geld en voedsel te komen.

Naar schatting leven tussen 100 miljoen en 150 miljoen kinderen op straat. De verwachting is dat dit aantal tot 2020 zal toenemen tot 800 miljoen. Er zijn veel oorzaken aan te wijzen waardoor kinderen uiteindelijk in de problemen komen:
oorlog
geweld
ruzies
eenzaamheid
in de steek gelaten worden
pesten
seksueel misbruik.

UNICEF definieert straatkinderen in twee categorieën:
  1. Kinderen die een of andere economische activiteit op straat uitvoeren, zoals bedelen of verkopen. Zij gaan aan het eind van de dag naar huis om hun verdienste aan hun familie af te dragen. Omdat deze families vaak instabiel zijn kiezen kinderen soms voor een permanent leven op straat.
  2. Kinderen die buiten een familiekring op straat leven. Familiebanden bestaan wellicht wel, maar zijn los en worden weinig onderhouden.

Meer uitleg over straatkinderen, klik op STRAATKINDEREN.


Armoedebestrijding, cijfers, aantal armen in België. Klik hier.

Leven in de sloppenwijken van Haïti
De meest gekende sloppenwijk van Port-au-Prine is Cité Soleil. In Cité Soleil is het meest schrijnend van al. De sloppenwijken en vooral Cité Soleil zijn moeilijk te beschrijven, je ziet er alleen maar ellende, onbeschrijfelijke ellende. De mensen leven er in de meest ontberende omstandigheden in hun "huisje" die naam onwaardig, zonder stromend water en sanitair, ook elektriciteit is nauwelijks aanwezig. Zij die een aansluiting hebben wachten tot de maatschappij wat stroom over heeft voor hen. Water moet gehaald worden, men ziet altijd vrouwen en kinderen met water sjouwen en dit van 5 uur in de morgen tot … Ze leven op de vuilnisbelt met brede open stinkende riolen met overal rommel en afval. Hun "huisje" is opgetrokken uit platen, hout en karton, 3 op 3 meter net groot genoeg voor een bed en wat huisraad.

De huizen in de sloppenwijk zijn bepaald niet waterproef, het regent er binnen. Moeders hollen dan in paniek naar huis om plastiek over het bed te leggen om het een beetje droog te houden en als de regen ophoud kan men beginnen opkuisen. 's Nachts ligt het nog moeilijker, met z'en allen in het kleine "huisje" slapen in de drop. Als men in het armste deel van de wijk woont ligt er geen beton als vloer maar aangestampte aarde die dan omgetoverd word in een moddervloertje. De omgeving is geen aangename buurt om in te wonen. Modderige gangen vol vliegen, riolen vol viezigheid die gebruikt worden als openbaar toilet. Ze leven er als haringen in een ton, een menigte die niemand kan tellen, hun aantal valt niet te schatten. Een paar honderdduizend min of meer, eerder meer !

Banditisme is niet ver weg, er zijn bendes die de wijken doortrekken met veel lawaai, geschreeuw, getrommel en geweren. Wanneer verschillende bendes elkaar tegenkomen breekt de hel los. Men schiet regelmatig in de lucht en uiteindelijk op elkaar waarbij brave burgers en kinderen kunnen getroffen worden door verdwaalde kogels. Voor de Haïtianen is missérie dagelijkse kost en dat maakt hen onverschillig. Uit gewoonte en omdat ze niet anders kunnen, aanvaarden ze honger en ellende. Voor vele gezinnen is het doodnormaal om amper één maaltijd per dag te nuttigen. Als het tegenzit, kan men al eens een dagje op dieet moeten. Honger, dat word je nooit gewoon! Men verzoent zich ermee een sloppenwijkbewoner te zijn. Vader is werkloos en moeder heeft een ti comece ( een klein handeltje ). Zo trachten zij de kost te verdienen voor hun kinderen en zichzelf. Er zijn sloppenwijken in heel de wereld en in grote steden van Zuid -Amerika.

Afbeeldingen van slums in haiti. Klik hier.

Meer uitleg over sloppenwijken, klik op SLOPPENWIJK


Kinderarbeid
Van kinderarbeid is sprake als kinderen een belangrijk deel van de dag (of nacht) betaald werk verrichten. In de meeste landen wordt dit als in strijd met de mensenrechten beschouwd, en gelden strenge regels met betrekking tot de minimumleeftijd van werkenden, en het maximum aantal werkuren voor kinderen.

Kinderarbeid was ten tijde van de industriële revolutie zeer gebruikelijk. In veel landen maakte de leerplicht een eind aan kinderarbeid. Kinderarbeid komt echter nog veel voor in Afrika, Azië en Latijns-Amerika. Kinderen worden niet alleen in de landbouw in familiebedrijven ingezet, maar ook als goedkope arbeidskrachten in fabrieken en weverijen. Het verschil tussen kinderarbeid en kindslavernij is niet altijd duidelijk. Regelmatig komen bedrijven in opspraak die zaken doen met landen waar kinderarbeid voorkomt, als blijkt dat zij niet voldoende doen om te voorkomen dat bij het productieproces kinderen zijn ingeschakeld. In toenemende mate eisen bedrijven van hun leveranciers een verklaring dat aan de productie geen kinderarbeid te pas is gekomen.

Kinderarbeid in de wereld. Klik hier en Klik hier.


Scharreleconomie of Informele sector
Deel van de beroepen die niet officieel staan geregistreerd. Mensen die hierin werken staan niet als werkende bekend, betalen geen belasting en dragen zo niet bij tot het Bruto Nationaal Product. Voorbeelden: sigaretten- en krantenverkopers, schoenenpoetsers, enz. Andere benamingen: scharreleconomie en vluchtsector. Tegenovergestelde van formele economie.


Uitleg over luchtvervuiling, klik op LUCHTVERVUILING

Vul eerst de gaten in. Druk dan op "Controleer" om je antwoorden te controleren. Gebruik de "Hints"-knop om een extra letter te krijgen, wanneer je het lastig vindt om een antwoord te geven. Je kan ook op de "[?]"-knop drukken om een aanwijzing te krijgen. Let wel: je verliest punten, wanneer je hints of aanwijzingen vraagt!
   allampa      ancho      arriada      avela      biculturele      derdewereldlanden      erbarmelijk      etniciteit      gastarbeiders      getto's      jonge mensen      kinderarbeid      krottenwijken      latino's      luchtvervuiling      megasteden      migranten      multiculturele      natuurlijke aangroei      platteland      scharreleconomie      straatkinderen      tekort      ugurio      werkloosheid   
In 2050 zal 70% van de wereldbevolking in de steden wonen. De 100 grootste vertegenwoordigen in 2017 reeds samen ongeveer 1 000 000 000 inwoners. Bovendien zullen minstens 1000 steden meer dan 1 miljoen inwoners tellen. De meeste grote steden liggen in de . Zie ook. Klik hier.

foto157.jpg

De snelle groei van de steden brengt veel problemen met zich mee. Ontelbare arme mensen ontvluchten het waar de levensomstandigheden zijn en de zeer groot is. Het zijn vooral die immigreren naar de steden. Deze jonge mensen zorgen voor een sterke van de bevolking. In de arme landen liggen rond de stadskern overbevolkte die het moeten stellen zonder drinkbaar water, zonder elektriciteit en zonder rioleringen. In Peru heet een sloppenwijk: b, in Venezuele spreekt men van een r, in Brazilië van een f, in Bolivië van een t, in Chili van een c en in Jamaica van een shantie.

foto158.jpg

De bevolking van de sloppenwijken is meestal werkloos of heeft tijdelijk werk in de meest slecht betaalde jobs. Vele inwoners leven van bedelarij of van criminele activiteiten. Men spreekt hier van . Meer dan 100 miljoen kinderen gaan in die grote steden niet naar school en leven op straat. Men noemt ze .

foto159.jpg

Veel kinderen tussen 5 en 13 jaar worden tot gedwongen. Ze worden misbruikt, mishandeld of vermoord. Een ander probleem in de megasteden zijn de dagelijkse files van miljoenen motorrijders en auto's. De is dan ook zeer groot.

Concentratie van vreemdelingen in kansarme wijken in Brussel veel groter dan in andere Europese steden
Brussel kent in vergelijking met de Europese steden Amsterdam, Londen , Frankfürt een veel hogere concentratie aan vreemdelingen binnen bepaalde wijken. Daarentegen in bepaalde sociale woonwijken wonen nauwelijks allochtonen. Brussel is sociaal-economisch een drieledige stad m.a.w. er zijn kansarme buurten, rijke- en buurten die daar ergens tussenin liggen.

foto160.jpg

Een tweede conclusie uit de kansarmoedeatlas voor Brussel-studie, is dat de allochtonen van Marokkaanse en Turkse origine voornamelijk wonen in achtergestelde buurten waar de werkloosheidsgraad de 40% benaderd. Als indicatoren voor het bepalen van deze buurten werden gemiddeld inkomen, werkloosheid, telefoonbezit en basiscomfort van de woningen genomen. Die kansarme buurten omvatten o.m. de kanaalzone, de 19de eeuwse gordel rond de Brusselse vijfhoek

In Brussel merkt men aan de opschriften van winkels dat er een grote verscheidenheid van taal, godsdienst en afkomst () is. De hedendaagse Brusselse bevolking bestaat uit een groep Belgen (Franstalige en Nederlandstalige) en een grote groep vreemdelingen. De grote toeloop van vreemdelingen begon in de jaren 60 van de 20ste eeuw met de komst van de . Het waren vooral mensen uit Zuid-Europa en uit Noord-Afrika. Ze werden naar hier gehaald om het aan arbeidskrachten op te vangen. De meeste vreemdelingen bleven uiteindelijk permanent in Brussel en men noemt ze nu . Door de vele organisaties zoals o.a. de EU en de NAVO vestigden zich ook andere, meestal welstellende vreemdelingen in de stad. Ook in de rijke landen, zoals in de USA treft men in de steden rond de zakenwijken verwaarloosde gebouwen en vervuilend verkeer aan. De blanken verlieten die buurten massaal en hun plaats werd ingenomen door de arme zwarten en hispanics, ook wel genoemd. Zo ontstonden de , dit zijn wijken waarin kleurlingen en soms enkele arme blanken wonen.

foto155.jpg