Belgisch Limburg

Limburg ligt in het noordoosten van België. Grenst aan Nederland, Duitsland en aan de Belgische provincies Vlaams-Brabant, Antwerpen en Luik. In het oosten vormt de rivier de Maas een natuurlijke scheiding met Nederlands-Limburg. Meer weten over Limburg!
klik hier.

Provinciehoofdplaats: Hasselt
Oppervlakte: 2422 km²
Hoogste punt: Remersdaal, 287,5 m (hoogste punt van Vlaanderen)
Belangrijkste waterlopen: Maas, Demer, Jeker, Dommel
Aantal inwoners: 820.272 (op 1 januari 2008)
Bevolkingsdichtheid: 336 inw./km²
Taal: Nederlands met uitzondering van de Voerstreek en Herstappe (faciliteitengemeenten).

fig281.jpg

De streken in Belgisch Limburg

fig278.jpg

In Limburg heeft men delen van volgende streken:

het Kempensplateau met zijn heide, landduinen en dennenbossen.
de Demervlakte, met zijn beken, vijvers, moerassen en hooilandschappen.
het Haspengouwplateau met zijn fruitbomen en graanvelden.
de Maasvlakte, met zijn brede vallei vol watersporten, zandgroeven en grindontginning.
de Voerstreek (Plateau van Herve) met bosrijke dalen en vruchtbare kalkgraslanden.
de Hagelandse Heuvels met zijn bossen, akkers en glooiende hellingen.


Faciliteitengemeenten

Een faciliteitengemeente is een Belgische gemeente waarvan grondwettelijk is vastgelegd dat die de gemeentelijke diensten in een andere taal dan de officiële taal van het taalgebied waarin de gemeente ligt (taalfaciliteiten) moet aanbieden. Zo moeten Vlaamse faciliteitengemeenten Franstalige faciliteiten aanbieden en moeten Waalse faciliteitengemeenten Nederlands- en Duitstalige faciliteiten aanbieden. Meer weten over "faciliteitengemeenten"!
klik hier.
fig280.jpg
1. Komen-Waasten 2. Mesen 3. Moeskroen 4. Spiere-Helkijn 5. Ronse 6. Vloesberg 7. Bever 8. Edingen 9. Drogenbos 10. Linkebeek 11. Sint-Genesius-Rode 12. Wemmel 13. Kraainem 14. Wezembeek-Oppem 15. Herstappe 16. Voeren 17. Malmédy 18. Waimes 19-22. Lontzen, Raeren, Eupen, Kelmis 23-27. Burg-Reuland, Sankt Vith, Amel, Bütgenbach, Büllingen.


Bevolkingsdichtheid in Belgisch Limburg (2006)
fig282.jpg
fig282a.jpg

Bodemgebruik in Belgisch Limburg
fig283.jpg
fig284.jpg

Belangrijkste wegen in Belgisch Limburg
fig285.jpgfig286.jpg
Voor meer uitleg: klik hier.

Transportprobleem in Noord-Limburg "De IJzeren Rijn"

fig287.jpg

De IJzeren Rijn loopt van de Antwerpse haven naar het Ruhrgebied: 162 km spoor waarvan 96 km op Belgisch, 48 km op Nederlands en 18 km op Duits grondgebied liggen.
Ongeveer 75 km bestaat uit enkelspoor, 91 km is niet geëlektrificeerd en de gemiddelde snelheid van de internationale treinen bedraagt 50 km/u.
In 1878 werd met de bouw ervan begonnen en het jaar daarop kon de lijn in gebruik worden genomen. Tot 1914 bleef zij vrij rendabel. Ze werd gebruikt voor zowel nationaal als internationaal goederenvervoer maar er reden ook zes passagierstreinen per dag tussen Antwerpen en Mönchengladbach. In de Eerste Wereldoorlog (Nederland was neutraal) werd de internationale verbinding niet gebruikt en ook daarna bleef haar rol marginaal.
Na een korte opleving tijdens en na de Tweede Wereldoorlog raakte de IJzeren Rijn langzamerhand in onbruik. Het enige internationale vrachtvervoer op de huidige route bestaat nog uit treinen geladen met zink. Deze pendelen tussen Antwerpen en de zinkfabriek Budelco, net aan de overzijde van de Belgisch-Nederlandse grens.
Voor meer uitleg, klik hier.

De noord-zuidverbinding in Belgisch Limburg

De Grote Baan (N74) lag mee aan de basis van de bloei die bv. Houthalen-Helchteren in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw beleefde. Winkels floreerden en er heerste een gezellige drukte. De snelle toename van het verkeer deed het tij echter keren. De leefbaarheid van de centra heeft een dieptepunt bereikt en er is meer en meer leegstand langs de Grote Baan. De Noord Zuid maakt de komende jaren een eind aan de huidige neergang van de centra. Door lokaal en doorgaand verkeer te scheiden, ontstaan nieuwe kansen voor voetgangers en fietsers. Fietsers krijgen een afgescheiden fietspad en het doorgaand verkeer wordt van het lokaal verkeer gescheiden door een groene berm.
Voor meer uitleg, klik hier.

Het fietsroutenetwerk in Belgisch Limburg

Het fietsroutenetwerk van Limburg laat aan de gebruiker de keuze over de afstand en de plaatsen van afstap. Het knooppuntensysteem vormt de ruggengraat van het fietsroutenetwerk dat nu al meer dan 1.000 km lang is en bijna heel Limburg bestrijkt. In een knooppunt komen meerdere fietspaden samen. De nummers van het knooppunt waar men zich bevindt en van de knooppunten waar men naartoe kan, worden goed zichtbaar aangeduid op blauwe rechthoekige borden. Dezelfde nummers staan ook op de fietskaart. Met die kaart kan men op voorhand een fietstocht uitstippelen.
Het fietsroutenetwerk in Belgisch Limburg is ingedeeld in drie fietsgebieden. In het regionaal Landschap Kempen en Maasland (700 km) voeren de routes door bossen, groene beekvalleien en de vallei van de Maas.
In het noorden van de Limburgse Kempen (240 km) fietst men door stille bossen, heide en landduinen.
Haspengouw Oost (200 km) biedt glooiende holle wegen die naar heerlijke vergezichten leiden.
Liefst 40 % van de fietspaden zijn autovrij. Ook op de andere trajecten zal men weinig auto's ontmoeten.

Selecteer het antwoord dat je het meest juist lijkt en/of vul in.