De Alpenwereld

Voor extra uitleg over de ALPEN. Klik hier.

ZWITSERLAND of ZWITSERLAND
De Zwitsers staan bekend om hun banken, hun chocolade, hun horloges en hun kaas.
Het grootste voedingsmiddelenbedrijf in de wereld is Zwitsers en heet Nestlé. Andere bekende bedrijven zijn de banken UBS en Crédit Suisse, de geneesmiddelbedrijven Novartis en Hoffmann-La Roche en horlogemaker Rodania. Vooral wintersport toerisme in de skigebieden van de Alpen zijn belangrijk.


OOSTENRIJK of OOSTENRIJK
De bosbouw, de veehouderij, en de zuivelproductie zijn overwegend geconcentreerd in de alpiene provincies; Vorarlberg heeft een oude textielindustrie. Ongeveer 5% van de bevolking is actief in (meestal kleinschalige) landbouw. Het land is bijna zelfvoorzienend in termen van voedselproductie. In Opper- en Neder-Oostenrijk en in Burgenland overheerst de landbouw: de belangrijkste gewassen zijn aardappels, suikerbieten, fruit, gerst, rogge en haver.

De belangrijkste sectoren van de Oostenrijkse economie waren in 2014 groot- en detailhandel, vervoer en toerisme (22,8 %), industrie (22,1 %) en overheid, defensie, onderwijs, gezondheidszorg en maatschappelijk werk (17,7 %). Oostenrijk exporteert vooral naar Duitsland, Italië en de VS, en importeert vooral uit Duitsland, Italië en Zwitserland.

De productie is verschillend en vertegenwoordigt ongeveer 35% van het bruto nationaal product. Meer dan 50% van de industrieën is geconcentreerd in Wenen; Linz, Steyr, Graz, Leoben, Innsbruck en Salzburg zijn de andere belangrijkste industriële centra. Veel van de industrieën van het land werden genationaliseerd na de Tweede Wereldoorlog, samen met de grootste handelsbanken. De belangrijkste vervaardigde producten zijn machines, voertuigen, ijzer en staal, levensmiddelen, elektrische producten, textiel, chemische producten en kantoorproducten. Vele mineralen noodzakelijk voor de industrie (grafiet, ijzer, magnesium, koper, zink en bruinkool) worden gevonden in Oostenrijk. Het land heeft ook reserves van ruwe olie, aardgas, zout en uranium en is rijk aan hydro-elektrische energie. De laatste jaren is de dienstensector, waaronder een groot bankwezen, belangrijk voor de economie van Oostenrijk geworden.


Economische en andere gegevens over Oostenrijk. Klik hier.
Vlaamse handel met Oostenrijk. Klik hier.

Vul eerst al de gaten in. De antwoorden staan telkens in een uitrolmenu. Druk dan op "Controleer" om je antwoorden te controleren.
TOT AAN DE TWEEDE WERELDOORLOG. DE TRADITIONELE LANDBOUW IN DE ALPEN
Door de (voor hulp, klik hier) hellingen, de grote (voor hulp, klik hier) en het ruwe (voor hulp, klik hier) ontwikkelde de landbouwers een typisch landbouwlandschap.

1. Veel (voor hulp, klik hier) verdwenen voor brandstof, weiland, timmerhout.

2. De veeteelt steunde op de (voor hulp, klik hier) . In de winter blijven de dieren op stal in het dorp en tijdens de lente en de zomer grazen de dieren op de . In het begin van de herfst gaan de runderen terug naar het dorp.

3. Het transhumancestelsel had veel (voor hulp, klik hier) , hooizolders en voor tijdelijke bewoning nodig.

4. Rogge, gerst, haver en aardappelen werden gewonnen op kleine (voor hulp, klik hier op de zachte hellingen.

5. In de valleien kweekte men (voor hulp, klik hier) en deed men aan (voor hulp, klik hier) .


TWEEDE HELFT TWINSTIGSTE EEUW. HET VERDWIJNEN VAN DE TRADITIONELE LANDBOUW IN DE ALPEN
1. Dorpelingen (voor hulp, klik hier) naar de steden en werken er in de chemische en metaal (voor hulp, klik hier) .

2. Door (voor hulp, klik hier) ontstaan er grotere boederijen die nu sterk (voor hulp, klik hier) zijn.

3. Het (voor hulp, klik hier) leven als een of nomade op de alpenweiden verdwijnt.

4. Het (voor hulp, klik hier) is de nieuwe bron van veel inkomsten. Chalets worden (voor hulp, klik hier). Veel weilanden worden omgevormd tot (voor hulp, klik hier) .


DE INDUSTRIE IN DE ALPEN
1. Weinig (voor hulp, klik hier) en hoge (voor hulp, klik hier) , vandaar industrie in de grote valleien.

2. Veel industrie in verband met (voor hulp, klik hier) klokken en en ook veel elektro-industrie.

3. Textiel- en (voor hulp, klik hier) in kleinere bedrijven.

4. Veel waterkrachtcentrales met aluminiumfabrieken, (voor hulp, klik hier) , (zoals nylon) en detergenten.

5. In de dienstensector zijn het toerisme, het (voor hulp, klik hier) en de verzekeringssector uitdrukkelijk aanwezig.