Paul Coppens werd geboren te Aalst op 21.8.1952. Hij volgde school in het
Sint-Maarteninstituut en de Rijkshogere Handelsschool, beiden te Aalst.
Hij begon te acteren bij het studentencabaret “Mercurius”, waarvoor hij
ook scetches schreef. Daarna was hij medestichter van het cabaret
“Comsada”. Hij regisseerde tevens een aantal ontspannings- en
poëzieavonden. Hij werd ontdekt door een Aalsterse
amateur-toneelvereniging. Zijn leermeesters waren Herman Larcher, Vic
Moeremans en Ronny Waterschoot.
Tijdens zijn legerdienst, in 1972, schreef hij een eerste toneelstuk. Het
werd nooit opgevoerd, zelfs niet uitgegeven, maar de basis was gelegd. Hij
schreef een tweede stuk, “Eilandzon”, dat in 1975 in Aalst met succes werd
gecreëerd, maar tot een officiële uitgave van dit werk kwam het nooit. Tot
1980 had hij het vrij druk als acteur bij diverse toneelverenigingen.
In 1981 trekt hij zich echter terug en begint opnieuw te schrijven, met
als gevolg: een resem volavondstukken van allerlei slag. Tussen 11.11.1983
en 24.3.1985, dus in een tijdspanne van amper anderhalf jaar, werden niet
minder dan 7 stukken van hem gecreëerd. Zijn grote doorbraak in het
beroepstheater kwam er met “SCHAFTTIJD”, dat door het Fakkeltheater in
Antwerpen werd gecreëerd in 1985. Het kende een overweldigend succes. Het
stuk stond er drie seizoenen lang op het programma. Ook de Brusselse KVS
ontdekte hem. Zijn “HORA EST” ging er in 1986 in première. Het jaar nadien
speelde men er “DE TUINMAN”, dat een onderscheiding kreeg van Sabam.
Hij schrijft nu ook regelmatig samen met Guy Didelez en het
schrijverscollectief De Scriptomanen, waaruit de auteursvereniging Codi is
ontstaan. Sinds een paar jaar heeft hij van het schrijven zijn beroep
gemaakt. Op dit ogenblik heeft hij een 40-tal volavond-toneelstukken
geschreven. Volgens Sabam- en Almo-gegevens is hij sinds 9 jaar de meest
gespeelde toneelauteur in het amateurtheater in heel Vlaanderen.
Hij speelde zelf zijn monoloog “BERT” en trok er met enorm succes mee
doorheen Vlaanderen. Voor dit stuk kreeg hij in 1994 de 8-septemberprijs
van het Nationaal Comité voor Ontwikkelingssamenwerking en de
10-septemberprijs van het Aalsters Coördinatiecomité voor Welzijnswerking.
Hij schreef ook voor TV. Zo was hij co-scenarist van de VTM-reeks
“WAT NU WEER!?”, en het BRTN-feuilleton “HOTEL HOTEL”.
Als acteur was hij ondermeer op het scherm te zien in “Familie”, “Editie”
, “Wittekerke”, “Samsonsoap”.
Bibliografie Toneelwerken:
1982 : De Pop
1983 : Tango Tango
1983 : Nachtmerries
1983 : Klachten
1983 : Fataal
1983 : Hora Est (beroepstheater : KVS Brussel)
1984 : Schafttijd (beroepstheater : Fakkelteater Antwerpen)
1985 : Schat, je bent een schat
1985 : De Tuinman (beroepstheater KVS Brussel)
1986 : Als dauw in de morgen
1987 : Koorden
1987 : Knetter
1987 : Doldrums
1989 : Lieve Silvester
1991 : Pa versus Papa
1991 : De Hut
1992 : De Jamadama’s
1993 : Bert (monoloog)
1994 : Klachten na Achten
1994 : De Vloek van Macbeth
1994 : Stemmen van de overkant
1995 : De zetel
1997 : Kladder
1997 : A Hollywood Love Story
1999 : Het Pest Actie Plan
1999 : Klavers
2000 : Het vel van een kei

met Guy Didelez:

1993 : Het Huis in de bocht
1993 : Pak in, Stap uit!
1994 : Het Wittebroodslijk
1994 : Gasten zijn Lasten
1994 : Lasso Lasso
1994 : Dropping
1995 : Dolly en Dot
1995 : Pompen of Verzuipen
1995 : Fietselen
2000 : Barak Faunus
Onderscheidingen:
Sabamprijs 1986 voor “De Tuinman”
Nationale 8-septemberprijs ’94 voor “Bert”
10-septemberprijs Aalst ’94 voor “Bert”
Frans Coolsprijs ’95 voor “Pak in, Stap uit!”