Wetenswaardigheden over de plant
Dit uiterst populair keukenkruid is afkomstig uit Midden-Azië en
Midden– en Oost-Europa en werd in de 13de eeuw door de Moren
(Arabieren) tijdens hun veroveringstochten naar Spanje meegebracht,
even later konden wij ook voluit genieten van dit uitzonderlijk
lekker keukenkruid.
Dragon - in de volksmond ook “keizersla, drakenkruid of
slangenkruid” genoemd - is een doorlevende plant die toch om enige
bescherming vraagt in de winter.
Dracunculus, "draak", verwijst naar de grillige vorm van
de wortelstokken. Slangekruid wijst vooral op de geneeskrachtige
werking bij slangen– en insectenbeten.
Dragon met zijn weinig opvallende geelgroene bloempjes behoort tot
de familie van de samengesteld bloemigen (Compositae) en kan 90 cm
groot worden. Het behoort tevens tot hetzelfde geslacht als
citroenkruid en de bittere alsem of absint.
Het kruid met zijn lijnvormige, gladde en blinkende bladeren heeft
een gepeperde, zure anijssmaak die ons aangenaam verrast in vele
gerechten.
De Franse dragon (Artemisia dracunculus), de meest gebruikte , wordt
soms wel eens verward met zijn smaakloze Russische variant
(Artemisia dracunculoides).
Standplaats
Dragon voelt zich best thuis op een beschutte zonnige plaats in een
voedzame en goed doorlaatbare grond. Goed gedraineerde grond is
noodzakelijk wil men sclerotienrot voorkomen bij nat weer. Daar de
plant van origine afkomstig is uit zuiderse landen is het aangewezen
het kruid gedurende de winter af te dekken met bladeren.
De plant doet het ook bijzonder goed op het terras in potten of
bakken.
Opkweek
Aangezien de zaden in onze streken geen kiemkracht bezitten vervalt
hier de zaaimethode. Daarom zijn we verplicht andere
vermeerderingswijzen te gebruiken:
1. Stekken: dit gebeurt in de lente door het nemen van
kruidachtige kopstekken of door wortelstokstukken die men in een
mengsel van turf en zand steekt op een warme plaats, beschut met
dubbel glas of onder geperforeerde plastiekfolie. Na het inwortelen
kan men de stekjes oppotten en daarna afharden en buiten planten op
de gewenste plaats.
2. Scheuren: is een veelgebruikte vermeerderingswijze die ook
dient te gebeuren in de lente. Indien men ten volle wil genieten van
het aroma van dragon is het aangewezen de plant om de drie jaar te
verplanten. Dat dit keukenkruid niet gemakkelijk te kweken valt is
te wijten aan het feit dat ze enerzijds kan belaagd worden door
sclerotiënrot (schimmel die de plant doet afrotten tussen
groeistengel en wortel ten gevolge van langdurige natte) en
anderzijds door aardrupsen die dragon graag lusten , men kan ze
enkel kwijtraken door ze te zoeken in de grond rondom de plant en ze
daarna te vernietigen.
Gebruik in de keuken
Dragon wordt vooral gebruikt in kip- en eiergerechten, salades,
vinaigrettes (tartarensaus). Een dragon- of bearnaisesaus maakt van
onze maaltijden één culinair festijn . Ook de populaire
dragonazijn smaakt enorm lekker bij salades,...
Ook in soepen is dragon complementair (venkelsoep, tomatensoep
....).
Het keukenkruid smaakt het sterkst wanneer men het oogst vóór de
bloei en men dient het steeds vers te gebruiken. Gekneusde bladeren
en in gedroogde toestand moet veel aan aroma inboeten.
Optimaal is wanneer men het kort laat mee opwarmen en vóór het
opdienen toevoegt aan de gerechten. Gebruik het ook met mate want
anders kan de smaak nogal opdringerig over komen.
Twee overheerlijke receptideetjes:
Kip
in dragonsaus
Meng 25 gr boter en 45 gr verse kruidenkaas met elkaar. Voeg
peper en zout toe, hak een 6-tal takjes dragon fijn; roer alles goed
onder elkaar. Dit mengsel kan men vervolgens onder het vel van de
braadkip stoppen. De kip inwrijven met braadboter en gaar bakken in
de oven.
Bearnaisesaus
3 gehakte sjalotten, 1dl dragonazijn, 4 peperbolletjes, een
klein takje tijm en wat dragon langzaam laten inkoken. Ondertussen
in een pan een klompje boter laten smelten, liefst in een
bain-marie. Hou dit klaar. Voeg de gezeefde azijnmassa toe en meng
het geheel met geklopt eigeel (2) onder voortdurend gelijkmatig
roeren. Wanneer dit klaar is kan men nog wat versnipperde dragon
toevoegen en er overheen strooien. Misschien niet zo’n makkelijk
te bereiden sausje maar wel overheerlijk bij rund – of
schapenbereidingen.
Geneeskrachtige eigenschappen
Dragon wekt de eetlust op en stimuleert de spijsvertering. Het kruid
heeft een kalmerend effect bij maagkrampen en ook bij een hikaanval
is het een redder in nood.
Dragon is vochtafdrijvend. In vroegere tijden werd het zelfs
gebruikt tegen kiespijn (kauwen van dragonblaadjes), ook als thee
voor het slapengaan kan dragon onze nachtrust bevorderen.
Bij een zoutloos dieet is dragon een aangenaam alternatief, gezien
de pittige, zurige smaak.
Zoveel lof voor één keukenkruid, dragon vraagt gewoon om een
culinair plaatsje op onze tafel, met Pasen in het verschiet vindt
het kruid misschien een plaatsje in een of ander eiergerecht want:
dragon en eieren staan borg voor een volmaakt huwelijk.
Smakelijk.