Cactussen bestuiven.

 

 


Gymnocalicium baldianum met groene schubvormige kelkblaadjes.


Net als andere planten gaat een cactus groeien, zich ontwikkelen naar een volwassen plant om dan nog in een later stadium te kunnen bloeien. Er gaat echter meer tijd over om van zaadje tot een volwassen plant te komen ten opzichte van onze inheemse planten.

De bedoeling van de bloei is zorgen dat hun geslacht in stand wordt gehouden. De bloemen zijn dus nodig voor het voortbestaan van de plant maar ook graag gezien bij de hobbyist en bij de kweker. De bloei van een cactus is onbeschrijfelijk qua schoonheid en kleurenpracht.

De bloemen van de cactus hebben geen stengel maar groeien uit de axillen of areolen. Men zal bij een cactusbloem ook nooit spreken over kroonblaadjes maar wel over petalen en wat betreft de kelkblaadjes die zijn eerder groen of schubvormig.

We onderscheiden 3 fundamentele bloemtypes:

  • trechtervormig

  • buisvormig

  • klokvormig

De meerderheid van de cactussen heeft tweeslachtige bloemen dus zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen.

 
Parodia penicillata met meeldraden en stamper 

In de natuur gebeurt de bestuiving bij cactussen door allerhande insecten, vogels en zoogdieren.

Oreocereus, Schlumbergera, Matucana,… worden vaak bestoven door kolibries. Andere bloemen zoals de Echinopsis, Discocactus, … openen zich ’s nachts en verspreiden een sterk aangename geur. Deze geur wordt dan een lokmiddel voor pijlstaartvlinders en andere nachtvlinders en vleermuizen waardoor deze cactussen bestoven worden.

De bloei van de cactus is eerder aan de korte kant wat ook wijst op hun spaarzaamheid van water. Een geopende bloem gaat relatief veel water verdampen waardoor ze dan ook snel gaat verwelken. Een bestoven bloem gaat minder lang mee dan een onbestoven exemplaar.

 
Echinopsis kermesina, een nachtbloeier en wordt bezocht door vleermuizen en nachtvlinders.
Deze bloem opende zich
's avonds om 22u30 en was alweer verwelkt tegen de volgende m
iddag.

Bij gekweekte cactussen kan een kruisbestuiving zoals deze in de natuur gebeurt meestal niet doorgaan. Pijlstaartvlinders, kolibries en vleermuizen heb ik nog nooit in mijn serre gezien. Dus zullen we een handje moeten toesteken tijdens de bestuiving en zullen wij voor vleermuis spelen.

Meestal heeft men 2 exemplaren van eenzelfde soort nodig om te bestuiven. Er zijn ook zelfbestuivers (Rebutia en Notocactussen), en er is ook sprake bij bepaalde soorten van cleistogamie. Bij cleistogamie gebeurt de bestuiving en bevruchting al in de bloemknop. Er ontstaat dus helemaal geen bloem maar rechtstreeks een vrucht. Het geslacht Frailea is er zo één van.

 


Frailea pygmaea, een typisch voorbeeld van cleistogamie

Hoe bestuiven?
Eigenlijk is de bestuiving van de cactus helemaal niet moeilijk. Je hebt enkel een zacht penseeltje nodig en meer moet dat niet zijn. Je gaat van bloem tot bloem, net als de insecten, wrijft met uw penseeltje in de bloempjes en de bestuiving heeft normaal plaats gevonden. Simpeler kan het gewoonweg niet.

Uitzonderingen bevestigen natuurlijk altijd de regel, waarom ook niet bij cactussen! Als men voorbeeld een Mammillaria wildii gaat bestuiven wrijft men eerst over zijn eigen bloemen en daarna eens over de bloemen van een zelfde Mammillaria wildii om zo “echt” stuifmeel te hebben. Hangen aan ons penseel echter stuifmeel van een Mammillaria crinita dan heeft men veel kans dat men via zaad een hybride of een nieuwe variëteit heeft ontwikkeld.

Dus kunnen we weeral eens gaan experimenteren en zo nieuwe cactussen ontwikkelen.

 
Mammillaria wildii ssp crinita

En verder?  
De bestuiving heeft nu plaats gevonden en de bevruchting komt op gang. De cactus gaat nu bessen vormen in allerhande kleuren en groottes. In deze bessen zullen dan de zaadjes tot ontwikkeling komen. Na een rijpingsproces zullen de vruchten opdrogen en resten enkel nog de zaadjes, omwikkeld in een vliesje. Deze worden dan uitgezaaid of uitgewisseld met cactusliefhebbers.

 
Weingartia hediniana, met opkomende bloemknoppen, bloemen, bestoven bloemen en besontwikkeling.

Suggesties en of opmerkingen zijn steeds welkom op het forum onder de rubriek “Cactussen”.
 

Auteur: Alain Lagrange
website: www.tuinclub.be

Dit artikel is copyright © De digitale tuinclub

 

Terug naar de
homepagina