Zelf een kruidentuintje aanleggen: 

 
 


En waarom niet? Geloof in jezelf en je krijgt de mooiste tuin die je kan dromen. Geloven in jezelf betekent niet dat je dadelijk naar een tuinarchitect loopt. Zeker als je een echte kruidentuin wil, waarin wilde kruiden ook een plaatsje krijgen. Dat is meestal iets te veel gevraagd aan de meeste, professionele tuinaanleggers.
Dus, zet je eens rustig neer bij een kopje kruidenthee, eet een lekker kruidenkoekje en bedenk wat je allemaal zou willen doen met en in je tuin. Zo heb ik het zelf ook gedaan. Ik had nochtans een volledig uitgetekend plan van een bekende professional. Maar ik voelde me er niet gelukkig mee. Te afgelijnd, te voorspelbaar, te georganiseerd, te afstandelijk, te…brrrrrr.
Juist, ik heb mij dan zelf aan het tekenen gezet en na rijp beraad gekozen voor allemaal wilde kruiden die ik in mijn gerechten kan verwerken. Ik eet mijn tuin dus op, elk jaar opnieuw. Niet te geloven hoe plezierig dat wel is.
Wat bedoel jij nu met de term kruiden hoor ik je vragen. Voor de enen zijn dat keukenkruiden zoals peterselie, dragon, basilicum …) voor de anderen zijn dat eetbare planten en vruchten uit de “wilde” natuur. Sla bijv. eens een kruidenboek open. Waarschijnlijk staat er ook een rozenbottelstruik in. Maar zijn rozenbottels kruiden? Je ziet het laatste woord is daar nog niet over gezegd. En weet je wat? Ik lig daar eigenlijk helemaal niet van wakker. Ik geniet gewoon van de milde gaven van moeder natuur en ben er dankbaar om.

Welke richtlijnen moet ik volgen me om mijn kruidjes welkom te heten?
Als je niet voor de rest van je leven opgescheept wilt zitten met een sukkeltuin, knoop je best eerst deze gouden raad in je oren. Kijk eerst welke bodem je ter beschikking hebt om je “groentjes” te herbergen. Als dat schrale, arme, grond is, begin dan met een laag goede aarde te laten aanrukken. Wees hier niet flauw in. Kies voor echt zuivere, goede, ‘zwarte’ grond. Dat is echt van essentieel belang. Je hebt er jaren later nog plezier van.

Diepzee kruidjes
Kijk ook eens hoe het gesteld is met de afwatering van je tuintje. Als je kruiden in een natte zomer met snorkel en zwemvliezen ronddobberen en in een harde winter met schaatsen over het ijs schuiven, dan mag je het rustig vergeten en kan je beter gaan snookeren. Er zijn kruiden die deze uitdagingen aankunnen, maar er zijn er een heleboel die genadeloos verdrinken en sterven.
Een goed gedraineerd stukje tuin is geen overbodige luxe.

Gemak
Je moet gemakkelijk aan je kruiden kunnen geraken. Daarom leg je best kleine paadjes aan. Dat kunnen strakke, rechte of kronkelende, speelse, romantische wegeltjes worden.
De paden kan je maken van tegels die je ergens nog op overschot hebt. Bakstenen doen het ook goed. Het voordeel van dit materiaal is dat je ze nog kan verleggen. Als je voor een grindpad van dolomiet kiest kan je dat nadien niet meer zo gemakkelijk veranderen. Zo’n verandering is trouwens heel leuk en houdt de spanning er een beetje in.

Plat is maar plat
Breng ook een beetje reliëf aan in je tuin. Zorg dat er enkele hogere delen zijn. Dat kan door een struik, een dwergboompje of een ijzeren raster waartegen je plantjes laat leunen. Ik heb zo een ijzeren kegel. Daar laat ik hop samen met Oost-Indische kers rond groeien. Dan heeft de Oost-Indische kers een beetje meer houvast.

Wiede-wiede-wied
Neen, ik wil geen hallucinerende planten in mijn tuin, maar toch speelt die wied een grote rol. Wieden is altijd de boodschap en … onderschat het niet. Als je aan het ene einde van je tuintje bent en na een dag wieden opgelucht “hehe” zegt, draai je dan liefst niet om, want aan het andere einde van de tuin staat er een hele reeks nieuwe baby kruidjes vriendelijk naar je te wuiven.
Maar troost je. Zo eens lekker met je handen in de aarde wroeten geeft energie. Ik vind trouwens dat we veel te weinig voeling met de aarde hebben. Bekijk het dus maar positief en zwaai vriendelijk terug naar de kruidjes-in-pampers.
‘Mevrouw, u hebt zeker nog nooit over houtschaafsel gehoord? Proper, gemakkelijk en geen ommezien meer aan. Wat maakt u zich dan nog moe aan wieden?’
Heel zeker heb ik al mensen euforisch weten doen over een tuin vol van die houdkrullen. Maar houtschaafsel verzuurt de grond. Daarbij komt het kruid toch nog altijd links of rechts naar boven piepen. Als je dan moet wieden, is dat niet van de poes. Stel dat je grond geregeld een portie compost moet hebben: ook niet gemakkelijk als je dan met al dat houtschaafsel zit. Trouwens, voor wat hoort wat. In je tuin werken maakt je rustig. Laat dit genot niet aan je voorbij gaan.

Geduld
Vol enthousiasme begin je aan je tuin. Maar de natuur heeft ook zijn zeg. Sommige planten willen helemaal niet staan waar jij wilt en voor hen perfect vindt. Ze verhuizen gewoon. Andere zie je nooit meer terug. En dan zijn er planten die zichzelf inviteren. Plots staat daar een vingerhoedsplant die je nooit gezet hebt. Soms komt er zomaar een wilde rozenstruik tussen je tegels tevoorschijn. Of waait er zoals bij ons een vlinderstruik van bij de buren over de tuinmuur. Kijk daarom goed uit terwijl je aan het wieden bent. Wat je gratis krijgt, moet je niet in de mond kijken of hoe zat dat ook weer…
Als je het kruidje mooi vindt, geef het dan een kans, ook al zijn sommige niet uitgenodigd. Misschien vind je op termijn dat het er beter staat dan de plant die je er wilde zetten.
Soms strooien planten zo kwistig met hun zaad, dat je hele tuin er na een tijd vol van staat. Zet de plantjes daarom mooi in groepjes bij elkaar. Een beetje discipline kan geen kwaad. Alleen praten met de ambetanteriken helpt niet echt.
Je tuin zal pas echt structuur krijgen na 5 jaar intens bezig zijn. Maar dan kan het ook een stukje prachtige, echte natuur geworden zijn.

2) Kruiden tegen ongedierte

Ik wil graag frisse, gezonde kruiden in mijn tuin, maar ik wil niet spuiten met gif. Wat kan ik doen?

Sommige planten geuren zo fel en specifiek dat ze ongedierte zoals de wortelvlieg aantrekken. Je kan dat ongedierte foppen door aromatische kruiden tussen je groenten te zetten zoals: boerenwormkruid, brandnetel, duizendblad, marjolein, peterselie en tijm. Daar houden die ondieren niet van en je groente kan opgelucht herademen. Laten we elk van die kruidjes eens van dichterbij bekijken.

Alsem is een goed middel tegen roestziekte en preimot, als je hem bij rode bes en prei zet.
Basilicum weert vliegende insecten (zoals de witte vlieg) bij tomaat, augurk en kool. Basilicum weert ook meeldauw.
Bieslook voorkomt zwarte vlekken op rozen
Bonenkruid hoort uiteraard bij bonen. Niet alleen om er smaak aan te geven als je ze klaarmaakt. Het kruid helpt de bonen ook, als het er mag tussen groeien. Bonenkruid stimuleert de groei en weert zwarte bonenluis.
Brandnetel weert bladluis en bevordert de algemene gezondheid van fruitbomen.
Citroenkruid bij kool helpt tegen koolwitjes. Die flippen op de geur van citroenen en maken onmiddellijk rechtsomkeer.
Dille plant je best in de omgeving van wortel, rode biet en kool. Dille bevordert het kiemen. De geur van het kruid houdt schadelijke insecten op een afstand.
Dragon heeft een algemeen gunstige invloed op de tuin
Goudsbloem tussen tomaten, dat weert motluis. Geef de goudsbloem ook een plaatsje bij aardappelen en kool. Zij voorkomt nematoden en draadwormen. Bovendien verbetert ze de bodem. Kijk maar eens: de planten rond de goudsbloem doen het meestal beter.
Heiligenbloem (Santolina chamaecyparissus) houdt de wacht bij rozen om indringers de pas af te snijden.
Hysop helpt door zijn geur koolwitjes verjagen. Je kolen varen er wel bij.
Kervel helpt de sla door de luizen op afstand te houden.
Knoflook tussen aardbeien en rozen, je zal verbaasd zijn over hun goede samenwerking. Knoflook doodt namelijk de bacteriën.
Lavendel verjaagt luizen en mieren uit de omgeving van rozen .
Mierikswortel plant je best onder fruitbomen. Deze plant zorgt voor een natuurlijk antibioticum.
Munt zet je bij je kool, want munt weert koolrupsen.
Oost-Indische kers zet je best onder jonge bomen. Zij zorgt voor een natuurlijk antibioticum en trekt de zwarte luis naar zich toe.
Pepermunt beschermt je druivelaar en kolen tegen meeldauw en koolwitje.
Preiplantjes bewaken je groenten als waren het professionele cipiers.
Radijs helpt prei tegen preimot op te boksen.
Rammenas helpt perzik en kers. Schimmels en krulziekten krijgen niet vlug de kans om toe te slaan.
Rozemarijn houdt graag de wacht bij worteltjes. De wortelvlieg neemt dan de vleugels.
Salie en rozemarijn houden van elkaar.
Salie tussen je kool bombardeert het koolwitje weg.
Ui en sjalot horen tussen de aardbeien en wortels. Ze helpen tegen schimmels, wortelvlieg en spintmijt.

 

 

Daniëlle Houbrechts
redactrice: www.tuinadvies.be

meer kruideninfo op de site van Daniëlle: www.kruidjes.be

Overzicht van
alle kruiden

Terug naar de
homepagina