HISTORISCHE TEKSTEN

 

Het nazisme :

Enkele naziwetten (1933-1935) 

 

Presidentieel decreet 28 februari 1933 (na Rijksdagbrand Duitsland)

Sectie 114, 115, 117, 118, 126, 124 en 153 van de grondwet van het Duitse Rijk worden tot nader order opgeschort. Beperkingen van de persoonlijke vrijheid, van het recht op vrije meningsuiting, inbegrepen de vrije meningsuiting van de pers, van het recht op vergadering en vereniging, van onschendbaarheid van het briefgeheim en de telegrafische en telefonische communicatie, van onschendbaarheid van de woning, van het verbod van inbeslagneming en inbreuk op het privé-eigendom zijn toegestaan, ongeacht de andersluidende wettelijke voorschriften.

De Duitse volmachtenwet (24 maart 1933)

Art 1 Buiten de wetgevende procedure, zoals die in de grondwet wordt bepaald, is de Rijksregering ook gemachtigd rechtstreeks wetten uit te vaardigen.

Art 2 De nationale wetten die door de Rijksregering worden uitgevaardigd mogen afwijken van de grondwet..


Naar een eenpartijstaat in Duitsland (wet van 14 juli 1933)

Art 1 De Nationaal-Socialistische Duitse Arbeiderspartij is de enige politieke partij in Duitsland.

Art 2 Wie probeert een andere politieke partij in stand te houden of er een nieuwe op te richten zal gestraft worden..

De Neurenbergwetten 1935

Sectie 1 Huwelijken tussen joden en burgers van Duits en aanverwant bloed zijn verboden

Sectie 2 Buitenechtelijke seksuele relaties tussen joden en burgers van Duits of aanverwant bloed zijn verboden

Sectie 3 Het is de joden niet toegelaten vrouwelijke burgers van Duits of aanverwant bloed in dienst te hebben.

 


bron:  P. Morren, Met Italië en Duitsland als vaandeldragers komt een groot deel van Europa in de ban van de dictatuur. In P. Morren e.a. De Tweede Wereldoorlog. Een keerpunt in de geschiedenis. Brussel, Ministerie van Onderwijs, 1985, blz. 100-101.


  

terug naar inhoudsopgave