Tijdschrift


Okegem
 


MENU

Startpagina
MENU Publicaties
Vorig onderwerp
-<-------

Volgend onderwerp
------->


 

ARTIKELEN - PUBLICATIES


13 ) De naam Okegem.


De eerste vermelding van de naam Okegem komt voor in een charter van het jaar 1096 behorend tot het archief van de Sint-Adriaansabdij te Geraardsbergen. De originele oorkonde is in de loop der eeuwen verloren gegaan. Er bleef een afschrift van deze oorkonde bewaard, overgeschreven op het eind van de 13de eeuw ( Noot 1 ). In deze tekst wordt Ockinghem geschreven. In latere eeuwen komen nog de vormen Okenghem (Oorkonden St.-Adriaansabdij, 1142), Okengem (Oorkonden abdij Ninove, 1165), Ochreghem (Oorkonden St.-Adriaansabdij, 1181), Hockengem (Oorkonden abdij Ninove 1200), Okenghiem (1295), Oukeghem (1299), Okeghem (1351), Okighem (1406), Okerghem (1595), Oekegem (1689), Oockeghem (Aangiften nalatenschappen Okegem 1756) voor.

In de zevende eeuw, de ontstaansperiode van deze naam ( Noot 2 ) , zou men deze plek Ukinga haim genoemd hebben. Dit betekent: de woning van de lieden van Uko of Okko ( Noot 3 ). Uko vestigde zich met zijn afstammelingen op het grondgebied van de gemeente. In het Rijnland in Duitsland bestaat nog een identieke dorpsnaam Ockenheim . De oud-Germaanse mannelijke voornaam Hocke schijnt in Friesland (Nederland) nog gangbaar te zijn. Vroeger was het daar een zeer populaire naam. Hocke is namelijk een held in de eertijds bloedige strijd tussen Angelsaksen en Friezen ( Noot 4 ). De sage werd omstreeks het jaar 700 op schrift gesteld.

Plaatsnamen die eindigen op -ingahem en -hem duiden Germaanse nederzettingen aan die tussen de zesde en de tiende eeuw als centra van landbouw en veeteelt ontstonden ( Noot 5 ) . Het is best mogelijk dat het om nederzettingen gaat die reeds eerder bevolkt waren.

Okegem is niet de enige Germaanse plaatsnaam op het grondgebied van de gemeente. Eversem, de oudste vermelding in een archiefstuk dateert van 1196 onder de vorm Eversenghem, is een Eburtsinga haim. Dit is een woning van de lieden van Ebertso of Eburtso ( Noot 6 ) .

In de streek komen veelvuldig de namen op -hem voor. Het toont aan dat zich hier veel Germaanse families gevestigd hebben. In de onmiddellijke omgeving liggen bijvoorbeeld Iddergem, Bakergem, Huisegem, Pijnegem, Impegem.


Hoe Okegem aan zijn naam kwam...een andere versie !

Het talrijk voorkomen van deze namen leidde tot de volkse verklaring van de naam Okegem. Dit verhaal werd in 1898 opgetekend ( Noot 7 ). Het wordt nog altijd met lichte varianten voortverteld. Hoe Okegem aan zijn naam kwam...

Het was in de tijd toen ons Heer en Sint-Pieter met een kruiwagen de prochiŽn rondvoerden. Overal waar er enig volk woonde stortten zij een prochie van hun kruiwagen en gaven er een naam aan. Zo waren zij op zekere dag teweeg de Dender over te trekken, toen Sint-Pieter gewaar werd dat er een prochie van zijn kruiwagen viel.

- Meester, riep Sint-Pieter tot ons Heer, die een eind weegs vooruit was, daar valt nu nog een prochie van mijn kruiwagen, ge moest ze er eens komen opleggen.
- Bah! antwoordde ons Heer, laat ze maar liggen.
- Ja, maar meester, hoe zullen wij die prochie noemen?
En ons Heer binnensmonds de namen herhalend van Houtem en Eeregem, zo even door hem bezocht, zei na een poos luidop: " wel, ook e (een) gem ! "

En alzo is't dat Okegem aan zijn naam gekomen is.


De spotnaam van Okegem !

Op talrijke lijstjes die op internet circuleren over spotnamen van gemeenten wordt als spotnaam voor de inwoners van Okegem " de hoppewinders " vernoemd. Waarvoor dit woord staat kan niemand uitleggen want hop winden hoeft helemaal niet.

Het is naar mijn mening een slechte vertaling en interpretatie van het dialectwoord " de hoppewenners " of in het Nederlands " winnen " als synoniem voor telen.

In het woordenboek van het Okegems dialect staat eveneens als lemma; wťnnen (winnen) met als uitleg : kweken.

In Okegem werd inderdaad eertijds veel hop geteeld. Op de oudste foto van Okegem zien we trouwens op het Dorp een hoplochting waar de hopperanken in volle bloei staan. Ik hoop later nog eens terug te komen op de grote bloei van de hopteelt te Okegem en de economische betekenis ervan voor de inwoners. De teelt is nu volledig verdwenen te Okegem.

Een correcte weergave van de spotnaam zou dus zijn : hoppewinders of telers van hop . Dat ze dit massaal deden lijdt geen twijfel. Vandaar deze spotnaam.



NOTEN :

1) Rijksarchief Gent, Archief Sint-Adriaansabdij Geraardsbergen nr. 2, fį 9-9vį.

2) GYSSELING Maurits, Inleiding tot de toponymie, vooral van Oost-Vlaanderen, in: Naamkunde, 10, 1978, p. 12.

3) GYSSELING Maurits, Toponymisch woordenboek van BelgiŽ, Nederland, Luxemburg, Noord-Frankrijk en West-Duitsland (vůůr 1226), Bouwstoffen en StudiŽn voor de Geschiedenis en de Lexicofrafie van het Nederlands, Belgisch Interuniversitair Centrum voor Neerlandistiek, Tongeren, G. Michiels, 1960, 2 delen, p. 760; CARNOY A., Origines des noms des communes de Belgique. Leuven, 1948, p. 511.

4) CLAERHOUT J., Okegem, in: Philologische bijdragen, jg. 4, 1895, p. 55.

5) VERHULST Adriaan, Het landschap in Vlaanderen, Antwerpen, 1964, p. 60.

6) GYSSELING M., Toponymisch..., p. 344; CARNOY A., o.c., p. 201.

7) DE POTTER F. en BROECKAERT J., Okegem, in: Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen, reeks 5, deel 3, Gent, 1898, p. 24.



- Van Isterdael Herman.