.

                                                     Boomzaag - Kettingzaag
         >   Home       >   Contact       >   Ligging       >   Links                      >   klik hier voor alle andere tuinmachines                                                                                   

      

   >   Veiligheid voorop       >   Met de zaag omgaan       >   Bomen vellen       >   Snoeien en doorzagen       >   Onderhoud               

  

Werken met een motorzaag (door Husqvarna)

Leer van de ervaringen van de professionele gebruiker.

 

Bij Husqvarna hebben we altijd zorgvuldig geluisterd naar mensen die professioneel met motorzagen werken.  We streven ernaar de ervaring van de professionele gebruiker in onze producten te integreren.  We willen kunnen voldoen aan hun hoge eisen aan efficiency, veiligheid en ergonomie en hun wens het milieu niet onnodig te belasten.

Door de jaren heen hebben we op die manier veel kennis opgebouwd.  Die we graag aan u overdragen.  Want al zaagt u maar af en toe, het kan een grote hulp voor u zijn te weten hoe de professionele gebruiker te werk gaat.  De adviezen die we u geven zijn algemeen.  Het kan zijn dat er in uw land bijzondere regels bestaan en die moet u vanzelfsprekend volgen.  Het uiterlijk van de zaag en de plaats van de hendels varieert natuurlijk per model.  We willen u hier een goed idee geven hoe u een motorzaag het best kunt gebruiken.  Misschien lijkt het veel om te leren, maar met wat oefening kunt u al snel prima met een zaag overweg.

Probeer in het begin een ervaren persoon bij u te hebben.  Naast het bestuderen van deze handleiding raden we u aan om de gebruiksaanwijzing van de zaag zorgvuldig door te lezen voordat u de zaag gebruikt.  We hopen dat u plezierig met uw zaag zult werken en dat u tevreden bent met het resultaat van uw werk.

 

Veiligheid voorop.

Een motorzaag is een efficiŽnt gereedschap.  Maar kan ook gevaarlijk zijn als het op de verkeerde manier wordt gebruikt.  Daarom komt veiligheid voor alle andere zaken.  Hierbij speelt uw kleding een beslissende rol.  Ook al staat u gewoon thuis openhaardhout te zagen, u moet persoonlijke beschermingsmiddelen hebben die voldoen aan de eisen in uw land.  De beschermingsmiddelen kunnen natuurlijk niet voorkomen dat er een ongeluk gebeurt, maar ze helpt bij het verminderen van de schade bij een ongeluk.

 

Bescherm uw hoofd en handen.

Zaag nooit zonder een helm met een volledig vizier en gehoorbescherming.  Uw handen beschermt u met een paar echte veiligheidshandschoenen.  (1,2)

 

Goed ingepakte voeten

Zorg ervoor dat uw laarzen of schoenen een beschermende stalen neus, zaagbescherming en een grove zool hebben.  (3)

 

Beschermingsbroek en -jas

U bent het best uitgerust met een broek die zaagbescherming heeft.  Dan wordt de ketting snel en doeltreffend gestopt, mocht de zaag uw been raken (4a, 4b).  Investeer ook in een beschermingsjack met signaalkleuren en ventilatie.

 

Als u hulp moet inroepen

Zorg altijd voor een EHBO trommel in de buurt (5).  Het beste is om ook een mobiele telefoon en een fluitje mee te nemen, dan kunt u makkelijk hulp inroepen mocht er iets gebeuren.

Over de zaag

Neem de tijd de zaag te leren kennen, zodat u goed weet hoe ze werkt en u de belangrijkste onderdelen kent.  Het is vooral belangrijk die delen te kennen die met veiligheid te maken hebben.

 

Kettingvanger

Aan de onderkant van de zaag zit de kettingvanger die de ketting opvangt mocht ze breken of eraf springen.  (6)

 

Gasvergrendeling

Aan de binnenkant van de achterhandgreep zit de gashendel.  Om niet per ongeluk gas te kunnen geven, kunt u alleen gas geven als u tegelijkertijd de gasvergrendeling indrukt die aan de bovenkant van de handgreep zit. (7)

 

Stopknop

Met de makkelijk bereikbare stopknop zet u de motor snel stil (8)

 

Rechterhandbescherming

Mocht de ketting breken of eraf springen wordt uw hand beschermd door de rechterhandbescherming aan de onderkant van de handgreep. (9)

 

Terugslagbeveiliging

Tijdens het werken met de motorzaag kan door onachtzaamheid terugslag plaatsvinden.  Dit wordt veroorzaakt door het feit dat de zaag met het bovenste deel van de zaagbladpunt (terugslagrisicozone) tegen iets aankomt.  Bij een terugslag wordt de zaag in de richting van het zaagblad geworpen door de kracht van de draaiende ketting.  Meestal wordt de zaag omhoog en naar achteren geworpen.  De zaag heeft een kettingrem die de ketting stopt mocht u een terugslag krijgen.  De kettingrem kan op twee manieren worden geactiveerd.  Ten eerste doordat uw linkerhand de kettingrem hendel naar voren duwt, maar ook door de automatische activering van de kettingrem die werkt op het principe van de "de traagheid van de massa".

 

> terug

Met de zaag omgaan.

Wanneer u de instructies volgt is het makkelijk om de zaag te starten.  Lees eerst zorgvuldig de gebruiksaanwijzing van de zaag door, zodat u weet hoe de zaag werkt en u bekend bent met alle onderdelen en hendels.

Controle van de ketting

Wanneer de ketting niet nieuw is, kan het de moeite waard zijn ze te vijlen, want het is makkelijker en veiliger om met een scherpe ketting te zagen.  Zorg er ook voor dat de ketting juist is gespannen. (1)

Vergeet niet dat een nieuwe ketting na een korte tijd nagespannen moet worden. (2)

 

Brandstof

Wanneer u brandstof en zaagkettingolie bijvult, plaatst u de zaag op een stabiele ondergrond.  Wanneer u de uitstoot van schadelijke stoffen wilt verminderen, kiest u voor milieuvriendlijke benzine en voor plantaardige kettingolie.  Door een overvulbeveiliging voorkomt u onnodig morsen. (3) Vanwege het brandrisico moet u de zaag tocht altijd nog verplaatsen voor u ze start.

 

Veilige afstand

Werk niet alleen, maar zorg ervoor dat niemand zich dichter dan vijf meter bij u bevindt, voor u met de zaag gaat werken.  Wanneer u bomen velt is een aanzienlijk grotere veilige afstand nodig.

 

Start

Wanneer u klaar bent zet u de zaag vlak op de grond.

 

1. Activeer de kettingrem door de kettingremhendel naar voren te duwen, omdat de ketting anders begint te draaien wanneer u de zaag start.

 

2. Druk de decompressieknop "Smart Start" in, indien de zaag er een heeft.

 

3. Wanneer de motor nog koud is, trekt u vervolgens de chokehendel helemaal uit.

 

4. Plaats uw rechtervoet in de achterhandgreep en hou de voorhandgreep stevig vast met uw linkerhand.  Trek met uw rechterhand aan de starthandgreep tot de motor neigt te starten. (4)

 

5. Nu schuift u de chokehendel weer terug en dan heeft u automatisch startgas.  

Ga door met het trekken aan de starthandgreep tot de zaag start.  Geef nog een keer gas zodat de motor teruggaat naar stationair toerental.  Wanneer de motor al warm is, gebruikt u de choke niet, maar verder doet u precies hetzelfde.

Wanneer de zaag moeilijk te starten blijkt, ondaks het feit dat hij warm is, trekt u net zoals bij een koude start de chokehendel uit, maar u schuift hem direct waar terug.  Wanneer u de zaag aan de gang heeft, wacht u met het vrijgeven van de kettingrem tot u gereed bent om te gaan zagen.

De kettingrem controleren

Controleer nu of de kettingrem werkt.  Zet de zaag op een stevige ondergrond en geef gas.  Activeer de kettingrem door uw linkerpols richting de kettingremhendel te draaien zonder de handgreep los te laten.  De ketting moet direct stoppen. (5)

 

Werkt de kettingsmering

Controleer ook de kettingsmering.  Hou de zaag boven een lichte ondergrond en geef gas.  Er moet een oliespoor te zien zijn. (6)

 

Oefenzagen

Wanneer u niet gewend bent met motorzagen te werken, raden we aan dat u eerst kennis maakt met de zaag door een tijdje te oefenen op een geschikt stuk hout (7)

 

Hoe u de zaag vasthoudt

Er zijn een aantal basisregels voor de manier waarop u met een motorzaag werkt.  Hou ze stevig vast aan beide handgrepen en omsluit ze met duim.  Uw rechterhand bij de gas-hendel en de linker op de voorste handgreep.  Let er goed op de duim van uw linkerhand onder de voorhandgreep te houden, zodat u het effect van een mogelijke terugslag vermindert.

 

Goede balans

Het is goed om respect voor de zaag te hebben, maar wees er niet bang voor.  Wanneer u ze dichtbij uw lichaam houdt, voelt ze niet onnodig zwaar aan.  U krijgt tevens een goede balans en een goede controle over uw zaag.  De beste balans krijgt u door met licht gespreide benen te staan (7)

 

Trekkende en schuivende ketting

U kunt zowel met de boven- als met de onderkant van het zaagblad zagen.  Wanneer u de onderkant gebruikt, zaagt u met een trekkende ketting, wat betekend dat de zaag van u af trekt.

Gebruikt u de bovenkant van het zaagblad, zaagt u met duwende ketting zodat de ketting de zaag naar u toe duwt.

 

Door uw knieŽn buigen

Spaar uw rug door te vermijden dat u met gebogen rug werkt.  Buig in plaats daarvan door uw knieŽn wanneer u laag moet werken.

 

Verplaatsen

Wanneer u zich verplaatst moet u erop letten dat de ketting niet draait, door de kettingrem te activeren of de motor af te zetten.  Als het een langere afstand betreft, moet u ook de zaagbladbescherming plaatsen. (8)

 

> terug

Bomen vellen

Het vellen van een boom is een zaak waarvoor bedachtzaamheid en planning nodig zijn.  Wanneer u geen ervaring heeft met het vellen van bomen roep dan de hulp in van iemand die wel voldoende ervaring heeft.

 

Natuurbeschermingsregels

Voordat u bomen velt, moet u uitzoeken welke regels ter plekke gelden met berekking tot natuurbescherming en ervoor zorgen dat u de benodigde vergunningen heeft.

 

Voorkomen van ongelukken

Wanneer u heeft besloten een boom om te zagen moet u bedenken wat u kunt doen om ongelukken te voorkomen.  Let op alles wat de veiligheid beÔnvloedt.  Zijn er wegen, elektriciteitsleidingen of gebouwen in de buurt?  Als dat het geval is en u bent een beginner, moet u het werk overlaten aan een persoon met ervaring.  Wanneer er dagelijks mensen door de omgeving passeren, moeten er waarschuwingsborden worden geplaatst.

 

Bepaal de velrichting

Beoordeel de boom en let op verschillende factoren die het vellen kunnen beÔnvloeden.  Staat de boom scheef?  Uit welke richting komt de wind?  In welke richting moet worden geveld met betrekking tot de omgeving en vervolgwerkzaamheden?  (1)

 

Veilige aftocht

Haal storende ondervegetatie rond de boom weg.  Haal takken en andere obstakels rond de boom weg.  Aan beide zijden van de boom moet u

ongehinderd schuin naar achteren kunnen lopen en op gepaste afstand kunnen blijven staan wanneer de boom valt. (2)

 

Onderste takken snoeien

Snoei eerst de onderste takken van de stam zodat u efficiŽnt kunt werken.  De veiligste manier is met trekkende ketting van voven naar beneden.  Gebruik de stam als bescherming tussen u en de zaag.  Snoei nooit hoger dan schouderhoogte. (3)

 

Gericht vellen

Het principe voor gericht vellen is dat u eerst een valkerf maakt die bepaalt in welke richting de boom valt.  De valkerf kan op een aantal verschillende manieren worden gemaakt.

Ga bij de boom staan en bepaal exact in welke richting de boom moet worden geveld. (4)  Kies iets in het terrein als richtpunt. (5)  Wanneer de boom bovengrondse wortels heeft kan het makkelijk zijn deze eerst te verwijderen. (6)  Verwijder de wortel aanlopen, en maak aan beide zijde van de boom een vlakke kant.  Hierdoor heeft u goed overzicht tijdens het maken van de valkerf en het vellen van de boom.  Daarnaast wordt de kans op opscheuren beperkt.

 

Maak een horizontale zaagsnede in de richting waarop u de boom wilt vellen.  Zorg dat het zaagblad haaks op de gewenste velrichting staat 

 

als u de boom inzaagt.  Gebruik eventueel de voorste handgreep als richting.  Maak de zaagsnede niet dieper dan 20% - 25% van de boomdiameter.Vervolgens maakt u in dezelfde richting een schuine zaagsnede die precies op het einde van de eerste zaagsnede moet uitkomen.  De ontstane valkerf moet minimaal een hoek van 45 graden hebben. (7)

 

Breekpunt

Vervolgens zaagt u een horizontale velsnede net iets boven de eerste zaagnede van de valkerf.  Het is belangrijk dat u een stuk voordat u bij de valkerf komt stopt met zagen en een zogenaamd breekpunt overlaat.  Het breekpunt werkt als een scharnier en stuurt de boom wanneer deze p de grond valt.  De breedte van het breekpunt moet 10% van de diameter van de boom zijn of ten minste 2 centimeter. (8)

 

Blijf op veilige afstand

Verzeker u ervan dat er geen mensen zijn binnen de veiligheidsradius, die minstens zo groot is als een dubbele boomlengte van de boom die u van plan bent om te zagen.

 

 

Kies uw techniek naar de dikte van de boom

Hoe u met de zaag werkt tijdens het vellen wordt voor een deel bepaald door de dikte van de boom.  We kijken eerst wat u doet wanneer het zaagblad langer is dan de diameter van de boom.

 

Werkhouding

Sta wijdbeens en leun met uw schouder tegen de boom.  Denk eraan de valkerf zo te maken dat u geen onnodig hoge strobbe krijgt.

 

Zool van de valkerf

Hou het zaagblad haaks op de velrichting en richt op het punt in het terrein dat u heeft gekozen.  Dat moet gelijk zijn aan de velrichtmarkeringen die op de bovenkant van de zaag zitten.

Geef volgas en begin te zagen.  Controleer af en toe of de juiste hoek en richting nog aanhoudt. (1)

 

Dak van de valkerf

Blijf in de zelfde houding staan en zaag schuin naar beneden.  Let goed op dat u de eerste zaagsnede exact raakt. (2)

 

Velsnede

Nu is het tijd voor de velsnede die u met duwende of trekkende ketting zaagt.  Zaag tot er voldoende ruimte is om de velhevel/velwig te plaatsen.  Zorg ervoor dat u velhevel/velwig niet raakt wanneer u verder zaagt.  Laat een zo breed en gelijk mogelijk breekpunt over.  Trek de zazag eruit en 

wrik voorzichtig met de velhevel sla de velwig erin tot de boom begint te vallen. (3)

 

Velhulpmiddelen

U maakt gebruik van velhulpmiddelen om te voorkomen dat de boom in de verkeerde richting valt of dat het zaagblad tijdens het zagen gekneld raakt.  De velhevel is een hulpmiddel dat geschikt is voor kleinere bomen. (4)  Voor grotere bomen is de velwig het best. (5)

 

Valkerf bij dikkere bomen

Wanneer het zaagblad korter is dan de diameter van de stam is een wat gecompiceerdere velmethode nodig.  Het principe is gelijk aan het eerdere voorbeeld, maar omdat het zaagblad niet door de stam reikt, moet u de velkerf vanaf de andere kant afmaken.  Let op dat u met beide zaagsnedes exact bij elkaar uitkomt.  Heeft u niet zoveel ervaring, doet u er goed aan iemand bij u te hebben die weet hoe het moet.

 

Insteken

Wat u nu moet doen wordt insteken genoemd (6).  Geef volgas en plaats de onderkant van de zaagbladpunt tegen de stam net achter de plaats waar u het breekpunt denkt te maken. (7)

Let goed op dat u de boom niet raakt met de bovenkant van de zaagpunt !!

Wanneer de zaagbladpunt een stukje is ingezaagd, draait u het zaagblad voorzichtig zo dat het parallel ligt aan de valkerf. (8)  Vervolgens

drukt u het zaagblad in de boom (9).  Zaag nu een stukje van het breekpunt vandaan - ongeveer een zaagbladbreedte.  Dit om te voorkomen dat u in het breekpunt zaagt, wanneer u de zaag ronddraait.  Zaag nu langzaam rond de stam.  Wanneer u het midden passeert, plaatst u een velwig. (10)  Ga verder met zagen tot het zaagblad parallel komt met de richtsnede aan de andere kant. (11)  Het kan nodig zijn dat u de velwig er hard moet inslaan, wil de boom vallen.  Soms zijn meerdere wiggen nodig.

 

Rotte en holle bomen

Wanneer de boom verrot is, moet u zeer voorzichtig zijn en liefst hulp hebben van een ervaren persoon wanneer u zelf niet geroutineerd bent.  U moet aan rot denken wanneer de stam beschadigd is of er abnormaal uitziet.  Het rottende deel van de boom heeft een andere kleur en is zachter.  Omdat rot de boom zwakker maakt, moet u een extra breed breekpunt overlaten om veilig te kunnen vellen.  Maak geen zaagsnede's aan de zijkant van de boom zodat het breekpunt in takt blijft.

 

Vastzagen

Een andere situatie waarvoor bijzondere ervaring nodig is, is wanneer de boom op zijn weg naar beneden vast komt te zitten.  Laat de boom niet onbewaakt achter wanneer u hulp moet inroepen.

 

 

 

> terug

Snoeien en doorzagen

Een terugslag treedt makkelijk op bij snoeien of doorzagen.  U moet daarom rustig en methodisch werken en goed opletten dat u met de bovenkant van de zaagpunt niets raakt.

De beste werkhoogte heeft u wanneer de stam ter hoogte van uw heup ligt.  Ga aan de linkerkant van de stam staan en werk van het worteleinde naar boven.  Sta stevig, wijdbeens en hou de zaag vlakbij uw lichaam.  Werk zowel met trekkende als duwende ketting en probeer altijd de zaag tegen de stam of tegen uw heup te laten rusten.  Verplaats u alleen wanneer de boomstam tussen u en het zaagblad in is. (1)  Takken aan de bovenkant van de stam zaagt u met de zaag op haar zijkant. (2)  Takken aan de onderkant van de stam kunt u tegelijkertijd met de andere snoeien wanneer u een goede werkhoogte heeft.  Kijk goed hoe de takken gespannen staan, zodat u vanaf de goede kant zaagt.  Anders bestaat het risico dat de zaag klemt.  Wanneer de boom helemaal op de grond ligt, moet u wachten met de takken aan de onderkant tot u klaar bent met de andere en u de stam kunt draaien zodat u erbij kunt.  Wees voorzichtig wanneer de stam vlakbij de grond ligt, omdat het risico dan groot is dat u iets raakt met de zaagbladpunt en een terugslag krijgt.

Hoe snoeien van dikke takken

Wanneer de boom dikke takken heeft, zaagt u eerst takken weg die het werk hinderen.  Omdat dikke takken veel spanning kunnen hebben, zaagt u ze in etappes door van buiten naar binnen.  Hou het zaagblad loodrecht om het risico te verminderen dat het zaagblad vastloopt.  Wanneer de tak erg dik is kan het nodig zijn een tegemoetkomende snede te maken, dat wil zeggen van beide kanten te zagen. (3)

 

Doorzagen

Denk na voordat u met doorzagen begint, vooral als de stam dik is.  Bedenk eerst hoe de spanning is.  Kijk hoe de stam reageert wanneer u begint te zagen.  Het kan zijn dat u de spanning verkeerd heeft beoordeeld.  Sta naast de doorzaagplek, omdat de stam omhoog kan schieten wanneer hij doorgezaagd is.  Sta nooit onder de stam op hellend terrein.

 

 

 

Druk op de bovenkant

Wanneer de stam zo ligt dat de druk van boven komt, begint u met een snede van bovenaf.  Zaag tot een diepte van 1/3 van de diameter van de stam of tot de stam ertoe neigt het zaagblad vast te houden. (4a)  Zaag vervolgens van onderaf met een tegemoetkomende snede. (4b)

 

Druk op de onderkant

Ligt de stam echter zo dat de druk van onderaf komt, doet u het tegenovergestelde.  Begin van onderaf te zagen tot 1/3 van de diameter van de stam of tot de zaag vast begint te zitten. (5a)  Zaag vervolgens van bovenaf met een tegemoetkomende snede. (4b).

 

Wanneer de zaag vastzit

Wanneer de zaag vastzit moet u niet proberen de zaag eruit te rukken.  Stop in plaats daarvan de motor en wrik de boomstam tot de zaag loskomt. (6)

 

 

 

 

> terug

Onderhoud

 

Wanneer u klaar bent, doet u er goed aan wat onderhoud te plegen.  U houdt zo een goede werking en veiligheid en u weet ook dat de zaag gereed is voor de volgende keer.  De behoefte aan onderhoud is vanzelfsprekend afhankelijk van de mate waarin u uw zaag gebruikt.

De ketting scherpen

Het vijlen van de ketting is een belangrijk deel van het onderhoud en houdt eigenlijk niet veel in wanneer u gebruik maakt van de aparatuur van Husqvarna en de instructies volgt. (2)  Het is allereenvoudigst wanneer u tussen de beurten niet lang wacht.

Zet de zaag vast.  Zet vervolgens de ketting vast door de kettingrem te activeren. (1)   Begin met de snijtanden.  Leg de vijlmal op de ketting met de pijlen in de richting van de zaagbladpunt. (3) Leg de vijl in de juiste hoek tegen de rollen.  Vijl om de tand met gelijkmatige halen van u af. (4)  Draai de zaag vervolgens om en vijl de rest van de snijtanden. (5)

 

Het vijlen van de dieptemaatblokjes

Ongeveer om de drie vijlbeurten, vijlt u ook de dieptestellers die ertussen zitten.  Hou de mal stevig met de hand vast. (6) Kies "hard" of "soft" afhankelijk van het feit of u meestal harde of zachte houtsoorten zaagt.  Pak de platte vijl in uw andere hand en vijl de dieptemaatblokjes tot de vijl tegen de mal komt. (7)

Ketting en zaagblad vervangen

Wanneer de snijtanden na een aantal vijlbeurten korter zijn dan 4 mm op het langste deel van de snijtanden, moet u de ketting vervangen. (8)

Maak het zaagblad los en plaats de nieuwe ketting.  Stel de spanning van de ketting zorgvuldig af.  Een slappe ketting kan eraf springen en een te strak gespannen ketting zorgt voor extra slijtage aan het blad.  De ketting moet aan de onderkant tegen het blad liggen en met de hand makkelijk rond te draaien zijn, is dit het geval is de ketting spanning in orde.

 

Schoonmaken

Met betrekking tot het overige onderhoud zijn er een aantal zaken die u af en toe moet schoonmaken.  Maak het koppelingsdeksel en de remband van de kettingrem schoon.  Reinig ook het zaagblad.  Verwijder het cilinderdeksel en reinig de luchtfilter. (9)  Haal eventueel vuil van de koelflenzen van de cilinder.  Maak indien nodig ook de luchtinlaat schoon. kijk af en toe of de schoepen van het vliegwiel schoon zijn, zodat de 

motorkoeling goed blijft. (10)

 

Controle

Het is ook goed om eens te controleren of bepaalde onderdelen naar behoren werken.  Dat geldt vooral voor de kettingrem, gashendel, kettingvanger en kettingsmering.  Controleer ook of het tandwiel heel is en niet al te versleten.  Controleer ook of bouten en moeren vatgedraaid zijn.  Lees meer over service in de gebruiksaanwijzing van de zaag.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

> terug

 

www.beeckman.com www.beeckman-machines.be www.beeckman.eu www.hakselaar.be www.haagschaar.be www.beeckman.info www.bosmaaier.be www.mulchmaaier.be www.boomzaag.be