Zelfverwonding

Het verhaal van Stella

Automutilatie betekent het jezelf opzettelijk lichamelijk beschadigen en dat kan op veel verschillende manieren. Ikzelf ben er als klein kind mee begonnen door met mijn armen tegen vaste objecten (bomen, muren etc.) te slaan, zodat ik blauwe plekken, kneuzingen en schaafwonden opliep. Ik vond het prettig om mezelf pijn te doen en om achteraf de resultaten van het slaan te zien. Voor mij was automutilatie een manier om om te gaan met enorme spanningen en gevoelens van machteloosheid die ik als kind te verwerken kreeg. Als je jezelf niet mag of kan uiten en heftige emoties opkropt, dan komen ze er bijvoorbeeld op zo'n manier toch uit. Ik zie zelfbeschadiging als iets heel tegennatuurlijk: een mens voorkomt in principe instinctief om zichzelf te verminken. Er moet dus wel iets heel ernstigs om je heen gebeuren, wil je als kind (of volwassene) overgaan tot opzettelijke zelfverminking. Dat iets kan bestaan uit verwaarlozing, mishandeling, seksueel misbruik, iets wat in ieder geval groter is dan jijzelf.

Ik ben niet verwaarloosd, fysiek mishandeld of misbruikt en toch ben ik al jong begonnen met automutileren. In mijn geval heeft het te maken met het uiten van wat ik hierboven al zei: spanning, woede, machteloosheid. Er bestond bij mij thuis een verbod op emoties en dan met name de 'negatieve' zoals jaloezie, boosheid etc. Die gevoelens mocht ik niet hebben. Het moest met mij altijd gewoon goed gaan. Er stonden zware sancties op het wel uiten van dergelijke emoties. Dreigde ik in een moment van zwakte wel iets te laten doorschemeren van mijn 'kwade' kanten, dan werd ik uitgemaakt voor monster, slecht kind, werd me verteld dat andere kinderen beter waren dan ik en dat ik moest oppassen wilde ik nog liefde van mijn ouders krijgen. Doordat je als kind afhankelijk bent van je ouders of verzorgers, probeer je zo goed mogelijk je best te doen om het hen naar de zin te maken. Ten koste van je eigen identiteit! De woede die ik daarover voelde, mocht ik niet hebben, laat staan uiten. Ik was dus niet alleen kwaad, maar ook nog eens slecht, omdat ik verboden gevoelens had. Automutilatie kan zo ook de rol hebben van zelfbestraffing en ontlading. Heel dubbel dus.

Zelfbeschadiging kan je daarbij ook nog het gevoel geven dat je toch nog een beetje de controle hebt over wat er met je gebeurt. Ik werd 'geleefd' door mijn ouders. Zij wilden van mij een modeldochter maken en ik deed, zoals ik al zei, alles wat in mijn macht lag om ze niet teleur te stellen. Ik had zelf niet zoveel te willen. Door mezelf kapot te maken, kon ik wel iets doen, in het geniep, waarover ik alle macht had. Ik bepaal waar en wanneer ik een blauwe plek heb! Dat gaf me het gevoel van autonomie, dat ik zo nodig had. Maar een dergelijk soort zelfstandigheid is zo fnuikend! Wat eerst je vriend was, wordt je vijand.

Omdat ik al heel jong begonnen ben met mezelf toe te takelen, is dat een deel van mijn systeem geworden. Het hoort bij me. Als het niet goed gaat, verwond ik mezelf. Inmiddels ben ik een meester geworden in het zelfbeschadigen. Hoewel ik het slaan nog steeds doe, is daar sinds een jaar of tien het snijden bijgekomen. Ik snijd mezelf, bij voorkeur met een glasscherf, in mijn onderarmen. Soms gebruik ik een (scheer-)mes of schaar, soms snijd ik in mijn benen, bovenarmen of gezicht, soms maak ik gebruik van gif om brandwonden te maken. Zelfbeschadiging is een ritueel, iets wat ik in een roes doe, maar waarmee ik veel bewust bezig ben: op zoek naar een geschikte scherf, een goed moment, de juiste plek etc. Ik kan dan genieten van het aangezicht van bloed op de handdoek waarmee ik mijn wonden heb schoongemaakt: dat ben ik! Ik besta! Ik zie, ik voel, ik bloed. Mijn littekens zijn de souvenirs van een dergelijke uitspatting. Ze herinneren me er steeds aan dat ik in ieder geval heb geleefd, dat ik heb geleden en dat er iets bestaat dat van mij is. Ik kan trots zijn op mijn littekens, ik kan me er ook enorm voor schamen. Het dragen van T-shirts is voor mij in ieder geval niet vanzelfsprekend...

Aandacht krijgen is voor mij ook een aspect van mijn zelfbeschadiging geworden. Aandacht vragen door mezelf te verwonden, is weer voortgekomen uit een onvermogen om me op een minder destructieve manier te uiten, door praten bijvoorbeeld. Zelfbeschadiging is voor mij een communicatievorm, een manier om te zeggen: " Help! Het gaat slecht met me!" Het is geen aandacht vragen in de negatieve betekenis van het woord, het is ook zeker niet iets om te bagatelliseren of te negeren. Een kind heeft het recht om te zeggen dat het zich niet goed voelt. Mag dat niet, dan kan het dat op een andere manier duidelijk maken. Automutilatie is zo'n manier.

Overigens heeft automutilatie mij als kind weinig aandacht opgeleverd. Ook zelfbeschadiging mocht niet, werd niet gezien als signaal, maar als belachelijk gedrag. Ik deed het dus wel, maar altijd stiekem. Nog steeds weten maar weinig mensen af van mijn destructieve uitspattingen. Het feit dat ik nu opschrijf wat automutilatie voor mij betekent, is een hele confrontatie. Ook ik heb de neiging te willen denken dat het goed met me gaat, dat ik een geslaagd mens ben. Maar ondertussen, achter die glimlach, schreeuw ik om hulp, erkenning, een stabiel gevoel van eigenwaarde.

Automutilatie is niet gewoon ongecompliceerd snijden, maar bestaat volgens mij uit veel lagen, waardoor het moeilijk te begrijpen is. Wat ik wel weet, is dat het niet stom is of een teken van zwakte. Automutilatie is een probleem, een manier van uiten, van praten: ik ben woest, ik haat mezelf, ik wil een knuffel, help me! Praten zonder woorden, zonder anderen lastig te vallen. Als zelfbeschadiging eenmaal een deel is van je leefpatroon, werkt het net als alcohol en drugs verslavend: een noodzakelijke oplossing om het kwaad op een afstand te houden. Snijden lijkt, zoals ik al zei, je vriend, maar is eigenlijk je vijand. Automutilatie is verwoestend voor je zelfwaardering. Je faalt steeds, omdat je weer hebt gesneden, je kon je weer niet beheersen, je hebt je weer aangesteld en bovenal, je hebt jezelf weer gestraft. Waarom straf je jezelf? Omdat je boos bent, omdat je hele gewone menselijke gevoelens hebt waarmee je niet hebt leren omgaan en die je nu van jezelf nog steeds niet mag hebben. Zo wil je jezelf maken tot iets wat niet bestaat: de perfecte mens, zonder verdriet, boosheid, rancune, jaloezie etc. Je gevecht is gedoemd te mislukken. Je kunt niet slagen...weer een reden om jezelf te straffen. En zo gaat tenslotte je laatste restje zelfwaardering ten onder.

Automutilatie is net als veel andere kenmerken van borderline moeilijk te bevatten. Maar het is vooral een heel eenzaam en verdrietig overlevingsmechanisme, waarvan het moeilijk afstand doen is.

Automutilatie is jouw oplossing voor de ellende die je om je heen hebt meegemaakt. Een oplossing die je vroeger heeft geholpen, maar die nu vaak niet meer nodig is. Inmiddels is je situatie veranderd, ben je wellicht ontkomen aan het juk van je ouders, ben je volwassen geworden, leef je in een andere omgeving, met andere mensen om je heen. En toch blijft het zelfbeschadigen doorgaan, omdat dat is wat je kent, waarmee je zo vertrouwd bent. Bij mezelf merk ik dat ik het vreselijk moeilijk vind om het snijden te laten. Ik denk dat het ook niet per se nodig is om te stoppen met automutilatie. Belangrijker is dat je jezelf niet straft omdat je jezelf weer hebt beschadigd. Je bent al genoeg gestraft en vooral: je hebt jezelf al genoeg gestraft! Door mezelf niet te vervloeken als ik heb gesneden, verbreek ik de neerwaartse spiraal: snijden, straffen, nog meer snijden, nog meer straffen enzovoorts. Mijn automutilatie is beheersbaar geworden. Ik ben aardiger voor mezelf, omdat ik die liefde heb verdiend.

Houden van jezelf en automutilatie gaan niet samen. Wil je dus echt stoppen met het verwonden van jezelf, dan moet je leren meer om jezelf te geven. Ik zeg bewust "leren", omdat ik denk dat ik en veel anderen niet hebben meegekregen wat eigenwaarde, zelfvertrouwen en eigenliefde zijn. Voor mij geldt dat ik via verschillende vormen van therapie, door veel vallen en opstaan en door schijnbaar eindeloos geduld nu minder hard ben voor mezelf, mezelf beter kan troosten en probeer mezelf alsnog te geven wat ik niet heb gekend: liefde en erkenning voor wie ik echt ben. De trieste conclusie is namelijk dat niemand je die liefde en dat gevoel van eigenwaarde kan geven, behalve jijzelf.