Informatie

INHOUD

1. Algemeen

2. Esperanto actueel

3. Manifest van Praag

1. Algemeen

Wat is Esperanto?

Esperanto is een neutrale, internationale taal, in 1887 gepubliceerd door Dr. L.L. Zamenhof. Hij meende dat de internationale communicatie en het onderling begrip tussen de volkeren gebaat zou zijn met een neutrale taal.

Waarom een neutrale taal?

In de wereld spelen enkele nationale talen een overheersende rol: Frans, Engels, Duits, Spaans, Russisch, Chinees. Als je de taal van een ander moet leren om met hem of haar te kunnen spreken, kan van contact op voet van gelijkheid geen sprake zijn. Daarom is de keus voor een nationale taal als internationaal communicatiemiddel ondemocratisch. In de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens staat vermeld, dat de rechten voor alle mensen gelden, zonder onderscheid naar (o.a.) taal. In de praktijk komt daarvan dus niet veel terecht.

Waarom één internationale taal?

In de Europese Unie zijn nu 11 officiële talen. Nu de Unie binnenkort wordt uitgebreid met o.a. Tsjechië, Polen, Slovenië, Hongarije, komen er nog meer talen bij. De vertaalkosten in de Europese Unie zijn al astronomisch hoog (1/3 van de begroting!), omdat vanuit elke taal in elke andere taal vertaald moet worden en die kosten worden straks alleen maar hoger. Die kosten betalen wij, de burgers van Europa!

Waarom Esperanto?

Esperanto is een logisch opgebouwde taal, waarin al een groot aantal woorden herkenbaar is. De grammatica van Esperanto bestaat uit 16 regels, waarop geen uitzonderingen zijn. De taal is zo eenvoudig te leren, dat ook kinderen er geen enkele moeite mee hebben.

De cultuur van Esperanto

Elke gemeenschap heeft zijn eigen cultuur, dus ook de Esperantogemeenschap. En denkt u daarbij aan literatuur, dan komt u niets te kort. Alle wereldbekende werken, zoals van Shakespeare, Vondel, Molière, Goethe, Tolstoj, Dostojevski, enz. zijn in het Esperanto vertaald. Ook zijn er vele, origineel in Esperanto verschenen werken, zowel proza als poëzie. Daarnaast is er een uitgebreide keus van muziek, bestaan er Esperantogesproken films, zijn er Esperantotheaterstukken, enz. Aan cultuur dus geen gebrek.

Wat kun je doen met Esperanto?

Je kunt corresponderen met mensen uit alle landen van de wereld, je kunt internationale bijeenkomsten bijwonen waar alleen Esperanto gesproken wordt, je kunt vrienden maken in andere landen en die opzoeken of hen bij jou ontvangen, je kunt aan vakantieweken in 'Esperantoland' deelnemen, en dan nog veel meer. Het plezierige is, dat je met Esperanto iedereen op zulke bijeenkomsten kunt verstaan en met iedereen op voet van gelijkheid kunt spreken.
Terug naar boven


2. Esperanto actueel

In een wereld die zich meer en meer bewust wordt van de rechten van minderheden en van taal- en cultuurverscheidenheid, groeit in kringen van invloedrijke beleidsmakers een hernieuwde belangstelling voor het Esperanto. Niet-gouvernementele organisaties en samenwerkingsverbanden oefenen druk uit om de vraag naar een internationale taal op de agenda's van de VN en de EU te krijgen. In juli 1996 bracht het Nitobe-symposium van Internationale Organisaties een groep onafhankelijke deskundigen in Praag (Tsjechië) bijeen om de toenmalige situatie van het Esperanto te onderzoeken. Zij stelden voor dit thema toe te voegen aan de actuele debatten over taalrechten en taalpolitiek. Het Manifest van Praag, een moderne herverklaring van de waarden en doelstellingen van de Esperantobeweging, benadrukt taaldemocratie en behoud van taalverscheidenheid ( http://lingvo.org/xx/2/3 ). Onder de Esperantosprekers die onlangs in het nieuws kwamen, noteren we Reinhard Selten, Nobelprijswinnaar in 1994, Zsuzsa Polgar, wereldkampioen schaken in 1996 en Tivadar Soros, adviseur van financier George Soros ( http://esperanto.org/Ondo/H-100.htm ). "Inheemse Dialogen" ( http://www.idnetwork.nl ) een programma ter bevordering van de dialoog tussen inheemse volkeren in de hele wereld, gebruikt het Esperanto, en niet de ex-koloniale talen, als communicatiemiddel. Hierbij enkele bijkomende feiten over de huidige situatie van het Esperanto.

Doelstellingen en herkomst

Het basisdocument dat zou leiden tot het ontstaan van de internationale taal Esperanto werd in 1887 door Ludoviko Lazar Zamenhof in Warschau uitgegeven ( http://akademio-de-esperanto.org/fundamento ). De idee van een internationale taal die niet de etnische talen zou vervangen maar die ieders bijkomende, tweede taal zou moeten zijn, was niet nieuw. Zamenhof begreep echter dat een dergelijke taal zich moest ontwikkelen door collectief gebruik en beperkte daarom zijn beginontwerp tot een minimale grammatica en een beperkte woordenschat. Het Esperanto is ondertussen geëvolueerd tot een volwaardige taal met een rijk gamma aan uitdrukkingsmogelijkheden en gedragen door een wereldwijd verspreide gemeenschap. Veel van Zamenhofs ideeën liepen vooruit op die van de stichter van de moderne linguïstiek, de structuralist Ferdinand de Saussure, wiens broer René esperantist was.

Karakteristieken

Het Esperanto is zowel een gesproken als een geschreven taal ( http://esperanto.net/veb/faq.html ). De woordenschat (lexicon) stamt hoofdzakelijk uit West-Europese talen terwijl de zinsbouw (syntaxis) en de vormleer (morfologie) een sterk Slavische invloed vertonen. De betekeniseenheden (morfemen) zijn onveranderlijk en praktisch eindeloos te (her)combineren tot andere woorden, zoals bij de isolerende talen (b.v. Chinees), terwijl de interne hoofdstructuur gelijkenissen vertoont met de agglutinerende talen (b.v. Turks, Swahili, Japans) ( http://bertilow.com/pmeg/index.php ).

Ontwikkeling

In het begin bestond de taal uit om en nabij 1000 stammen waaruit men 10 000 tot 20 000 woorden kon vormen ( http://akademio-de-esperanto.org/akademia_vortaro ). Tegenwoordig bevatten Esperantowoordenboeken zo'n 15 000 tot 20 000 stammen waaruit honderdduizenden woorden kunnen worden afgeleid ( http://mujweb.atlas.cz/kultura/malovec/gram.htm ). De ontwikkeling staat uiteraard niet stil: de Akademio de Esperanto controleert de huidige tendensen. Door de tijd heen werd de taal voor alle mogelijke doeleinden gebruikt, wat in bepaalde gevallen tot polemieken of problemen leidde. Het Esperanto werd verboden, zijn sprekers vervolgd zowel door Stalin die ze beschouwde als de taal van de kosmopolieten, als door Hitler voor wie het een Jodentaal was (Zamenhof, de ontwerper van de taal, was jood). Ook Franco, Mao, Salazar en Mussolini lieten zich hierbij niet onbetuigd. Gebruik in huiselijke kring maakt dat er nu een duizendtal Esperantomoedertaalsprekers zijn.

Gebruikers

De Universala Esperanto-Asocio (UEA), wier leden het meest actieve deel van de Esperantogemeenschap vormen, heeft landelijke verenigingen in 62 landen en individuele leden in bijna dubbel zoveel ( http://uea.org/esperanto/landoj ). Het aantal verkochte leerboeken en de ledenstatistieken van plaatselijke verenigingen tonen aan dat er honderdduizenden tot zelfs miljoenen mensen zijn met enige notie van de taal. Over de gehele wereld vind je Esperantosprekers, vermeldenswaardige concentraties in de meest verschillende landen, zoals China, Japan, Brazilië, Iran, Madagascar, Bulgarije en Cuba.

Esperanto-onderwijs

In het Esperanto kan je vlug communiceren. Dit maakt het tot een ideale inleiding op de studie van vreemde talen. Reeds na enkele weken kunnen studenten beginnen corresponderen en na enkele maanden zijn ze in staat om schoolreizen in het buitenland te maken. Experimenten en informele waarnemingen tonen aan dat voorafgaande studie van het Esperanto een positieve invloed heeft op het leren van zowel een eerste als een tweede vreemde taal. Hoewel ze in bepaalde scholen onderwezen wordt, leert men de taal gewoonlijk door zelfstudie: via briefwisseling, e-mail of lokale Esperantoclubs. Leerboeken en zelfstudiemateriaal zijn beschikbaar in meer dan 100 talen ( http://ikurso.net ; http://lernu.net ). Een nieuwe webstek voor Esperantoleraren, http://edukado.net, geeft een idee van de huidige onderwijsactiviteiten.

Officiële erkenning

In 1954 erkende de Algemene Vergadering van Unesco dat de realisaties van het Esperanto harmoniëren met de doelstellingen en idealen van Unesco en kwam tussen Unesco en UEA een officiële relatie tot stand ( http://e.euroscola.free.fr/unesko.htm ). De samenwerking tussen de twee organisaties gaat verder ( http://www.lingvo.org/eo/3/254 ). In 1977 sprak Algemeen Directeur van Unesco, de heer Amadou-Mahtar M'Bow, het Esperantowereldcongres toe. In 1985 riep de Algemene Vergadering van Unesco lidstaten en internationale organisaties op het onderricht van het Esperanto in scholen en het gebruik ervan in internationale zaken te stimuleren. UEA onderhoudt ook consulterende relaties met de Verenigde Naties, Unicef, de Europese Raad, de Organisatie van Amerikaanse Staten en de Internationale Normorganisatie.

Vergaderingen en toerisme

Jaarlijks hebben meer dan 100 internationale conferenties plaats met het Esperanto als enige voertaal - zonder vertalers of tolken ( http://www.eventoj.hu/kalendar.htm ). De grootste is het Universala Kongreso de Esperanto dat de laatste jaren plaats vond in Adelaide (1997), Montpellier (1998), Berlijn (1999), Tel Aviv (2000), Zagreb (2001), Fortaleza (Brazilie, 2002) en Göteborg (Zweden, 2003). In de toekomst wordt het georganiseerd in Peking (China, 2004) en Vilnius (Litouwen, 2005) ( http://uea.org/esperanto/servoj/kongresoj ). Het eerste symposium van esperantisten in de Arabische landen werd gehouden in Amman (2000), het vijfde Pan-Amerikaans Congres in Mexico-stad (2001) en het meest recente Aziatisch Congres in Seoel (2002). De editie 2004 van Pasporta Servo, verzorgd door de UEA-jongerenafdeling ( http://tejo.org ), telt meer dan 1000 adressen van gastgezinnen uit 75 landen waar reislustige Esperantosprekers gratis kunnen overnachten ( http://pasportaservo.org ).

Onderzoek en bibliotheken

In veel universiteiten maakt het Esperanto deel uit van de cursussen interlinguïstiek. Sommige bieden het aan als afzonderlijk leervak. Een aparte vermelding verdienen de Eötvös-Lorand-universiteit in Boedapest met een diploma Esperanto en de universiteit van Poznań in Polen met een diploma interlinguïstiek. De literatuurlijst van de Amerikaanse Vereniging van Moderne talen registreert jaarlijks meer dan 300 vakuitgaven over het Esperanto. De bibliotheek van de Esperantovereniging van Berlijn heeft meer dan 20 000 titels. Andere grote bibliotheken zijn ondergebracht in het Internationaal Esperantomuseum in Wenen ( http://www.onb.ac.at/sammlungen/plansprachen/eo/index.htm ), de Hodlerbibliotheek ( http://esperantic.org/ced/hodler.htm ) in het hoofdkantoor van UEA in Rotterdam, de Esperantocollectie ( http://esperanto.de.nr ) in Aalen (Duitsland) en in de stadsbibliotheek van Kortrijk. Men kan de collecties van Wenen en Aalen raadplegen via internet en via de internationale uitleendienst.

Professionele contacten en speciale interesses

Onder de organisaties voor Esperantosprekers bevinden zich verenigingen voor artsen, spoorwegpersoneel, wetenschappers, musici en vele andere. Vaak geven ze hun eigen tijdschriften uit, organiseren ze eigen bijeenkomsten en dragen ze bij tot de verdere expansie van de taal voor professioneel en gespecialiseerd gebruik. De Akademio Internacia de la Sciencoj met zetel in San Marino biedt mogelijkheden tot samenwerking op universitair niveau ( http://ais-sanmarino.org ). Geregeld verschijnen originele en vertaalde bijdragen op de gebieden van astronomie, informatica, botanica, entomologie, chemie, recht en filosofie. Er zijn organisaties voor vakgroepen als scouts, blinden, schaak- en dominospelers. De jongerenafdeling van UEA, TEJO, houdt geregeld internationale bijeenkomsten en geeft haar eigen periodieken uit. Boeddhisten, sjintoisten, katholieken, quakers, protestanten, mormonen en aanhangers van Baghwan hebben eigen organisaties. Vele sociaal actieve groepen gebruiken de taal ( http://uea.org/esperanto_p/fakoj ).

Literatuur

Ter gelegenheid van zijn 60ste congres in september 1993 aanvaardde PEN-International een Esperantofiliaal als erkenning van de bloeiende traditie in de Esperantoliteratuur. Tot de vermeldenswaardige hedendaagse Esperantoauteurs behoren de romanschrijvers Trevor Steele (Australië), Istvan Nemere (Hongarije) en Spomenka Štimec (Kroatië), de dichters William Auld (Schotland), Michael Gispling (Rusland, Israel) en Abel Montagut (Catalonië) en de essayisten en vertalers Probal Dasgupta (India), Fernando de Diego (Venezuela) en Kurisu Kei (Japan). Auld werd in 1999 en 2000 voorgedragen voor de Nobelprijs Literatuur vanwege van zijn poëtisch oeuvre ( http://dreamwater.net/esperanto ).

Vertalingen

Tot de recent uitgegeven vertaalde literatuur behoren De oude man en de zee van Hemingway, De Meester van de Ring van Tolkien, Honderd jaar eenzaamheid van Garcia Marquez, Rubayat van Omar Khayyam, De blikken trommel van Gunter Grass, Het boek van wonderlijkheden van Marko Polo en de grote familiesage van Cao Xueqin: De droom in de Rode Kamer. Voor kinderen zijn, behalve Asterix, Winnie de Poe en Kuifje, nu ook Struwelpeter, Pipi Langkous en Suske en Wiske verkrijgbaar. De Muminvalo-boeken van de wereldvermaarde Finse auteur Tove Jansson en de Oz-boeken van L. Frank Baum staan zelfs op het WereldWijde Web, net zoals vertalingen uit het Esperanto, zoals Maskerado, een boek dat in 1965 in het Esperanto uitgegeven werd door Tivadar Soros, vader van financier George Soros. Het verhaalt de belevenissen van zijn familie tijdens de nazibezetting van Budapest. Dit laatste werk is onlangs in Engelse vertaling uitgegeven in Groot-Brittannië (2000) en de Verenigde Staten (2001) en verscheen nu ook in het Russisch, Duits en Turks ( http://retbutiko.esperanto.be ).

Theater en film

Toneelstukken van dramaturgen van allerlei slag zoals Goldoni, Ionesco, Shakespeare en Alan Ayckbourg werden de laatste jaren in het Esperanto opgevoerd. Veel drama's van Shakespeare bestaan in Esperantovertaling: een van de meest recente voorstellingen in het Esperanto betreft Koning Lear in december 2001 in Hanoi (Viëtnam), met een lokale bezetting. Hoewel op de locaties van De Grote Dictator van Chaplin affiches in het Esperanto gebruikt werden, zijn langspeelfilms eerder uitzonderlijk. Zo'n uitzondering is de cultfilm Inkubo waarin de dialogen uitsluitend in het Esperanto gebeuren ( http://incubusthefilm.com ).

Muziek

Tot de muziekgenres in het Esperanto behoren populaire en volksliederen, rockmuziek, cabaret, liederen voor solisten en koren, en opera. Populaire componisten en artiesten, inclusief de Brit Elvis Costello en de Amerikaan Michael Jackson, maakten opnames in het Esperanto, schreven orkeststukken geïnspireerd door de taal, of gebruikten ze in hun promotiemateriaal ( http://www.radio-esperanto.com http://dmoz.org/World/Esperanto/Muziko ). Bepaalde stukken uit het Warner Brothers Esperantoalbum, dat geheel in het Esperanto werd opgenomen en in november 1966 in Spanje gelanceerd werd, stonden hoog genoteerd op de Spaanse hitlijsten. Tot de klassieke werken voor koor en orkest met Esperantoteksten behoren La Koro Sutro van Lou Harrison en de eerste symfonie van David Gaines (beiden Amerikaan). Esperantomuziek vind je ook op het WWW, inclusief enkele Esperantokaraokewebstekken ( http://esperanto-panorama.net/ikse/muziko.htm ).

Periodieken

Meer dan 100 Esperantomagazines en -tijdschriften verschijnen regelmatig, zoals het maandelijks nieuwsmagazine Monato, het literaire tijdschrift Fonto en het nieuwsblad van UEA ( http://lingvo.org/en/3/253 ). Het tweemaandelijks nieuwsoverzicht Evento bestaat eveneens, zoals Monato, en http://gxangalo.com in elektronische versie. Bepaalde tijdschriften stellen op het web een archief ter beschikking. Andere periodieken behandelen de meest diverse thema's, zoals geneeskunde en wetenschap, godsdienst, jongeren, opvoedkunde en onderwijs, literatuur en speciale onderwerpen.

Radio en televisie

Radiozenders in Oostenrijk, Brazilië, China, Cuba, Estland, Hongarije, Italië en Polen zenden geregeld in het Esperanto uit ( http://wrn.org/ondemand/poland.html http://osiek.org/aera ). Zo ook Radio Vaticaan. Enkele programma's zijn via het internet te beluisteren ( http://esperanto-panorama.net/ikse/radio.htm ). Televisiekanalen in diverse landen zenden Esperantocursussen uit, zoals het BBC-programma Mazi en Gondolando op Kanaal Een van de Poolse Televisie.

Internet

Het internet is het snelst groeiend communicatiemiddel voor Esperantogebruikers. Er bestaan een honderdtal discussiefora die thema's behandelen gaande van familiaal taalgebruik tot de algemene relativiteitstheorie ( http://purl.org/net/dissendo ). Het Esperanto wordt uitgebreid gebruikt in de praatkamers ICQ, IRC en PalTalk ( http://babilejo.org ). Het aantal webpagina's in het Esperanto loopt in de honderdduizenden, sommige vind je via de Virtuala Esperanto-Biblioteko op http://esperanto.net/veb, andere door "Esperanto" in te tikken in de WWW-zoekprogramma's ( http://eo.wikipedia.org ).

Diensten van UEA

UEA geeft boeken, tijdschriften en een jaarboek uit met lijsten van Esperanto-organisaties en lokale vertegenwoordigers in heel de wereld. Deze uitgaven, samen met informatie over CD's, geluidscassetten e.d., zijn opgenomen in de boekencatalogus van UEA die zowel in papieren versie als via het net (http://www.uea.org/katalogo) verkrijgbaar is. De boekendienst van de vereniging heeft meer dan 3500 titels in voorraad. De reeks Esperanto-Dokumentoj die door UEA in het Esperanto, Engels en Frans wordt uitgegeven, bevat ook studies en rapporten over de huidige situatie van het Esperanto en is verkrijgbaar in het Centra Oficejo (Hoofdkantoor) van UEA in Rotterdam.
Wenst u meer informatie over het Esperanto, neem dan contact op met de Vlaamse Esperantobond, Frankrijklei 140, 2000 Antwerpen (tel. 03 234 34 00, webstek http://www.esperanto.be/fel of voor Nederland met de UEA, Nieuwe Binnenweg 176, NL-3015 BJ Rotterdam (tel. 010-436-1044; fax 436-1751; e-mail uea@inter.nl.net) of via webstek http://www.uea.org, http://esperanto.net Terug naar boven


3. Manifest van Praag

van de beweging van de internationale taal Esperanto

Wij, leden van de wereldwijde beweging ter bevordering van het Esperanto, richten dit manifest aan alle regeringen, internationale organisaties en mensen van goede wil; verklaren ons voornemen om met vaste wil verder te werken aan de volgende doelstellingen en nodigen elke organisatie en iedere persoon afzonderlijk uit zich hierbij aan te sluiten.

Het Esperanto, in 1887 gelanceerd als project voor een hulptaal voor internationale communicatie en snel geëvolueerd tot een levende taal vol nuances, functioneert al meer dan een eeuw om mensen over grenzen van taal en cultuur heen te verbinden. Ondertussen hebben de doeleinden van zijn sprekers niet aan belang en actualiteit ingeboet. Waarschijnlijk zullen noch het wereldwijde gebruik van enkele nationale talen, noch de vorderingen in de communicatietechniek, noch het ontdekken van nieuwe methoden van taalonderricht de volgende principes verwezenlijken, die wij essentieel achten voor een rechtvaardig en doeltreffend taalgebruik.

  1. DEMOCRATIE. Een communicatiesysteem dat bepaalde mensen voor het leven bevoorrecht, maar dat van anderen eist, dat ze er jarenlang energie in investeren om een minder hoog niveau van taalbeheersing te bereiken, is fundamenteel ondemocratisch. Hoewel het Esperanto, zoals elke taal, niet volmaakt is, overtreft het elke rivaal in hoge mate wat betreft een gelijkwaardige, wereldwijde communicatie. Wij beweren dat taalongelijkheid, communicatie-ongelijkheid op alle niveaus tot gevolg heeft, inclusief op internationaal niveau. Wij vormen een beweging voor democratische communicatie.
  2. TRANSNATIONAAL. Elke nationale taal is gebonden aan een bepaalde cultuur en een bepaald volk of land. De leerling die, bijvoorbeeld, Engels leert, leert ook over de cultuur, de geografie en politiek van Engelstalige landen, voornamelijk de Verenigde Staten en Groot-Brittannië. De leerling die Esperanto leert, leert over een wereld zonder grenzen, waarin elk land als thuis wordt gepresenteerd. Wij beweren, dat het onderricht in een nationale taal gebonden is aan een bepaald wereldbeeld. Wij vormen een beweging voor transnationaal onderricht.
  3. PEDAGOGISCHE EFFECTIVITEIT. Slechts een klein percentage van degenen, die een vreemde taal leren, leren die echt beheersen. Volledige beheersing van het Esperanto is zelfs mogelijk via zelfstudie. Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat het leren van Esperanto een propedeutisch effect heeft op het leren van andere talen. Men beveelt Esperanto ook aan als centraal onderdeel in cursussen, die leerlingen ervan bewustmaken wat taal is. Wij beweren, dat de moeilijkheid van nationale talen altijd een belemmering vormt voor veel leerlingen, die toch voordeel zouden hebben van een tweede taal. Wij vormen een beweging voor doeltreffend taalonderricht.
  4. MEERTALIGHEID. De Esperanto-gemeenschap is één van de weinige taalgemeenschappen op wereldschaal, waarvan de sprekers zonder uitzondering twee- of meertalig zijn. Elk lid heeft de taak op zich genomen ten minste één vreemde taal te leren tot op spreekniveau. In veel gevallen leidt dat tot de kennis van en de liefde voor verscheidene talen en over het algemeen tot een bredere persoonlijke horizon. Wij beweren, dat de sprekers van alle talen, grote en kleine, zouden moeten beschikken over de reële kans zich een tweede taal eigen te maken tot op spreekniveau. Wij vormen een beweging die in die kans voorziet.
  5. TAALRECHTEN. De ongelijke machtsverdeling tussen de talen leidt tot voortdurende taalbedreiging of rechtstreekse taalonderdrukking bij een groot deel van de wereldbevolking. In de Esperantogemeenschap treffen sprekers van grote en kleine, officiële en niet-officiële talen elkaar op neutraal terrein, dankzij de wederzijdse wil compromissen te sluiten. Zo'n evenwicht tussen taalrechten en verantwoordelijkheden schept een precedent om andere oplossingen voor taalongelijkheid en taalconflicten te ontwikkelen en op waarde te schatten. Wij beweren, dat de grote machtsverschillen tussen de talen garanties op gelijke behandeling zonder onderscheid naar taal ondergraven, zoals die in zoveel internationale documenten zijn gegeven. Wij vormen een beweging voor taalrechten.
  6. TAALVERSCHEIDENHEID. De nationale regeringen neigen ertoe de grote verscheidenheid in talen in de wereld te zien als belemmering voor communicatie en ontwikkeling. Voor de Esperantobeweging echter, is de verscheidenheid in talen een voortdurende en onmisbare bron van rijkdom. Bijgevolg heeft elke taal, zoals elke soort van leven, al waarde in zichzelf en verdient bescherming en ondersteuning. Wij beweren, dat de politiek van communicatie en ontwikkeling, indien niet gebaseerd op respect voor en ondersteuning van alle talen, leidt tot het uitsterven van de meerderheid van de talen van de wereld. Wij vormen een beweging voor taalverscheidenheid.
  7. EMANCIPATIE VAN MENSEN. Elke taal bevrijdt en beknot de sprekers ervan, enerzijds door ze de mogelijkheid te geven onderling te communiceren, anderzijds door de communicatie met anderen te belemmeren. Opgezet als een universeel communicatiemiddel, is het Esperanto een van de grootste functionerende projecten van de emancipatie van mensen; een project om het ieder mens mogelijk te maken als individu deel te nemen aan de menselijke gemeenschap, met stevige wortels in zijn lokale culturele en taalkundige identiteit, maar zonder er door beperkt te worden. Wij beweren, dat het exclusieve gebruik van nationale talen onvermijdelijk belemmeringen opwerpt voor de vrijheid van uitdrukken, communicatie en vereniging. Wij vormen een beweging voor de emancipatie van mensen.

Praag, 27 juli 1996.
Terug naar boven