BARITON BAS BUGEL DWARSFLUIT HOORN KLARINET SAXOFOON SLAGWERK TROMPET TROMBONE TUBA

 

DE SAXOFOON

 

Geschiedenis

De saxofoon werd in 1840 uitgevonden door de Belgische bouwer Adolphe Sax, geboren te Dinant in 1814). Hij speelde in zijn tijd een héél belangrijke rol bij het ontwikkelen van blaasinstrumenten, zowel houtblazers als koperblazers want ook de saxhoornfamilie is door hem grotendeels verder ontwikkeld.

Bouw en kenmerken

De saxofoon is in feite een bastaardvorm van de klarinet en de hobo. Het mondstuk met het enkel riet en de mechaniek doen denken aan de klarinet, de boring is konisch als bij de hobo. Door deze kenmerken behoren de saxen tot de houtblazers, alhoewel het instrumentlichaam uit een metaallegering is gemaakt.

De combinatie riet & metaal vormt een populaire klank. Adolf Sax vond hem uit in het midden van de 19e eeuw. Hij maakte direct in hele saxfamilie.

De voornaamste saxen zijn (Adolphe vond er maar liefst 14 geperfectioneerde uit!!!): de sopraansax in Si b (bes), de altsax in Mi b (es), de tenorsax in Si b (bes), de baritonsax in Mi b (es) en de bassax in Si b (bes).

Naast het scherp en zacht koper geeft de sax een extra tintje aan de fanfare. Een klankleur die de moeite van het beluisteren waard is.

Gebruik

In de habrawereld worden de sopraansax (enkel in de fanfare), de altsax (harmonie en fanfare), de tenorsax (harmonie en fanfare) en de baritonsax (harmonie en fanfare) gebruikt.

Een saxofoonkwartet: sopraan, alt, tenor en bariton

Zie ook de fabrikantenlinkspagina voor links naar bekende en gerenommeerde fabrikanten van saxen.