update: 2000 okt 05

D'r Koeënwòòf nr 17 (1998/2)

 naar Koeënwòòf 18

 terug naar / back to

D'r Koeënwòòf


Inhoud

Willy Machiels: --- Overstromingen in Moelingen nu en vroeger 1998 - 1956 - 1891 2

Henri Vanaubel: ---- De korenwolf 5

--- Jaarvergadering 1998 - thema: ziekte en genezing 5

Luu Lieben: ---- Een verkorte historiek inzake: De Algemene Begraafplaats a/d Tongerseweg te Maastricht 6

--- Genealogisch document over de familie Thelen 11

--- lezing 11

--- ich kal ooch Limburgs 12

Jaak Nijssen: spelling van het Limburgs: zuivere vocalen 13

Martin Cailliau: Restauratie missiekruis `s-Gravenvoeren 15

Jaak Nijssen: Van Zinnich (Teuven) naar Voorhout (bij Leiden): een luidklok 16

Elza Vandenabeele + Jaak Nijssen: Voerense Bibliografie 27

Boeken: La ligne - Tongres - Visé - Gemmenich, Kroniek van een dorp in oorlog - Neerpelt 1914-1918, Aubel - Un pays dans l'Histoire 1248 - 1998, "Land zonder grenzen", "Le Foron", "Ursula's Rustuurtje", Hondsheiligen, Poësie, "Voersprokkels", publikatie Rulen, concrete tips

 

GEZÄÖMERS 18

 

Wäöed 18

zuümere geraone, sjpecher(t), zaemp, sjtoepp 18

loer, vergomd, deks, dek, vies, sjrao, e sjtaoët - e glaoët - e hoeët, kwaeëte, höfke, ee g'n veut, ee g'n koreente 19

plat schrijven, toponymie: adders in 't gras, teksten in het Limburgs 19

Rob Brouwers, bevlagde broonk SGV, luidklok, consecratie en overlijden 20

Miro, WO1 in 's-Gravenvoeren: voedselbedeling, abesses de Mouland, medisch personeel, Machomet 21

mot, oude dodebrief, spoorlijn, heraldiek van onze provincie, onze spoorlijn en de IJzeren Rijn, spoorlijn-sage?, Tentoonstelling over Sinterklaas, "de korenwolf moet blijven..." 22

Bestuur 22

Uit onze workshops...: 23

priemme (premies), water-overlast, oude grafkruisen SGV, hèjbessem, mergbulkes 23

hondenkarren-optocht, kerststallen, orchideeën, Godsdal, ongehuwden in Moelingen, onze leesmap, glasvensters SGV, nieuw huis, VVV, pastoorslijsten, processie en kermis Moelingen, vlaaienkistje, d'r ieëgel, ruilverkaveling, 24

actie plaatsnamen, Karel de Grote en Euregio, voor volgend nummer...: 25

REAKSIES: felicitaties, rechtzetting: everzwijn, "draod" 1915, kamere, nog "Het papegaaitje" 25, glasvensters Moelingen, offergaank, hanekuppe - Septemberkeermes 26

VRAOGE 26

===

 

Overstromingen in Moelingen nu en vroeger

1998 - 1956 - 1891

Op maandag 14 en dinsdag 15 september van dit jaar (1998) is een groot gedeelte van Moelingen overstroomd door het water van de rivier de Berwijn (Frans: la Berwinne; Moelings dialect: de Berweng, met de klemtoon op de tweede lettergreep). De bronnen van de rivier de Berwijn zijn te vinden in het gehucht de Birven in het meest oostelijke deel van de gemeente Aubel tegenover het Amerikaans Kerkhof van Hendrikkapellen. Velen in Moelingen kunnen zich niet herinneren dat het water ooit hoger zou hebben gestaan dan nu het geval is geweest.

 

Aan het kruispunt van de Bijsstraat en de Dorpsstraat (foto 1) stond het water meer dan 1 meter hoog, de kerk kwam op een eiland te staan, de Dries (foto 2, genomen vanuit `s-Hierewej (1) - `s-Herenweide - aan de Dorpsstraat) evenals de Winkel waren onbereikbaar en een van de laagstgelegen wegen van Moelingen, de weg naar Aversj, beginnend aan de Gaizewej (Ganzenweide) achter de Dries, werd ter hoogte van de Kleenkewej (foto 3), 200 meter voor de spoorwegovergang, rechts, overspoeld door meer dan 1,20 meter diep, onstuimig water. Vele bunders wei- en akkerland stonden hier blank aan weerszijden van de spoorweg Wezet - Eijsden, een onderdeel van de in 1861 aangelegde lijn Luik - Maastricht (2). Dit westelijk, laaggelegen deel van Moelingen is bij ouderen bekend onder benamingen als : Aan der Greunewjeg (Groeneweg), de veldweg rechts voor de spoorweg, komend vanuit Moelingen, Aan de Sens (vgl. Waals: la cense, boerderij), een benaming die verwijst naar de verdwenen mooie boerderij van een zekere Henri Terff (3), (komend vanuit Moelingen links na de spoorweg overgang) gelegen aan de Oude Treechterweg, een gedeelte van de relatief belangrijke Voie de Trez (4), die vanuit Wezet over Hoog-Caestert naar Maastricht leidde. Aan de overkant van de autoweg, komend vanuit Moelingen, lag dan de Mochel, Chemin de la Moche (Muggenweg) op Wezets grondgebied, die in noordelijke richting naar het Elverveld, de landerijen die ten oosten van de Elverschans (Frans: Na(i)vagne) liggen en zo verder naar de Muggenhof, de eerste boerderij links op Eijsdens grondgebied, leidde.

 

Moelingen heeft geregeld last en schade ondervonden van overstromingen. Een van de ergste, waarvan de ouderen nog weet hebben, is die van het voorjaar 1956, toen, na een lange periode van strenge vorst, de plotselinge dooi een opeenstapeling van ijsschollen veroorzaakte tegen de Hoogbrug (Moelings: Hoebrùk). Het water van de Berwijn overstroomde toen ook het gebied rond de Dorpsstraat en de Bijsstraat, tot aan de boerderij van de familie Paggen (vroeger vader Hai Paggen en nu zoon Gus Paggen).

 

We maken nu een sprong van zo'n kleine honderd jaren terug in de tijd. In de maand januari van het jaar 1891 teisterde een geweldige overstroming de lagergelegen delen van de parochie Moelingen. In een parochieregister (5) van de toenmalige pastoor van Moelingen, Franciscus Augustus Laenen, vond ik het volgende verslag. Zowel qua inhoud als qua vorm lijkt het mij een interessant verslag. Ik heb bewust de spelling van Pastoor Laenen behouden in het kopiëren van zijn tekst. Hier volgt de oorspronkelijke tekst.

 

- 1891 -

 

In `t begin van dit jaar te weten den 24 Jan. heeft alhier eene groote overstrooming der Berwinne plaats gehad. De oorzaak dier overstrooming is te vinden in den harden en langdurigen winter die wij alsdan gehad hebben. Acht weken lang heeft het aanhoudend en hard gevroren zoodat het ijs bijzonder sterk en dik was. Nu begint het op eens hevig te dooien. Groote ijsschalen geraken los en worden door de onstuimige wateren voortgedreven tot voor de brug aan den Weg op Wezent. Daar blijven ze liggen en hoopen zich op één en worden zelfs tot tegen de huizen aangedreven met zooveel geweld dat stukken uit muren - poorten worden weggestooten. De rivier versperd zijnde en het water geen doorgang meer vindende verspreidt het zich met een woest geweld langs straten en weiden. Het klimt al hooger en hooger zoodat men in de aanpalende huizen, op den Dries en in den Winkel zich maar spoedig moet in `t werk stellen om het vee uit de stallen te drijven, naar die plaatsen, waar het water nog niet was doorgedrongen. Vervolgens moeten de personen zich insgelijks naar boven redden want op sommige plaatsen staat het water 1 à 2 meters hoog. Oude, ziekelijke en gebrekkige menschen die men niet bijtijds heeft kunnen redden loopen gevaar van te verdrinken en daarom moeten velen met groot gevaar en moeite het wagen om hen te redden. Eene oude vrouw wordt op den rug van een kloeken jongeling uit haar huis gehaald, een andere wordt langs het dak gered, in een ander huisje vlak aan de Berwinne gelegen, bevinden zich op één ogenblik moeder, dochter, de geit en het verken te samen op het bed, vandaar hebben zij de zolder bereikt en zijn zoo in veiligheid gekomen. Groote ongelukken, God zij dank, zijn er niet te betreuren, alleen een of twee verkens hebben de dood in den kleinen zondvloed gevonden. Des anderendaags, een zondag zijnde, was het water al zeer verminderd, nochtans vele personen zijn nog in de onmogelijkheid geweest de goddelijke diensten bij te wonen. Op dien zelfden dag moest ik het huwelijk inzegenen van Leonardus Bosch met Margaretha Weerts. De bruid slechts eenige stappen van de kerk af wonende (juist achter mijnen tuin) is niet tot in de kerk kunnen komen en heeft huwelijk en bruiloft tot 's maandags daarop moeten uitstellen.

 

Sic testor ego parochus

(getekend) F. Laenen

 

Pater Franciscus Augustus Laenen was een pater van de abdij van Tongerlo. Hij behoorde tot de orde van Reguliere Kanunniken van Praemonstreit, die gewoonlijk "Witheren" of "Norbertijnen" worden genoemd. Hij werd in 1880 tot pastoor van Moelingen benoemd na eerst kapelaan te zijn geweest in Vlijtingen en daarna in Landen. Hij bleef pastoor van Moelingen tot in het jaar 1892.

 

Zijn verslag is letterkundig gezien niet onaangenaam om te lezen. Het is goed gestructureerd. Hij behandelt eerst de oorzaak van de overstroming, beschrijft daarna de omvang ervan en vervolgt dan met het gedrag en de handelingen van de inwoners. In het laatste deel van zijn tekst vermeldt hij klaar en duidelijk de gevolgen van "den kleinen zondvloed" en eindigt hij op een krachtig anecdotische en pittoreske wijze : het uitstellen van een huwelijk en bruiloft.

Willy Machiels

 

(1) 's-Hierewej. Soms is de schrijfwijze: "Siere-wej". De betekenis van deze benaming is vermoedelijk des-Heren-weide", dus "de weide van de heer". Er wordt immers nooit gezegd: "de Sierewej", hetgeen lijkt aan te tonen dat de letter "s" van "Sierewei" eigenlijk de genitiefsvorm is van het bepaald lidwoord "de", dus "des" behorend bij de naam "hier" (heer), beschouwd als een titel.

 

(2) Zie in dit verband: J. Knaepen, Visé en avant, ... pp. 178, 181. Zie ook Bèr Pachen in: Uit Eijsdens Verleden nrs. 32-35 (1985-1986).

 

(3) Zie o' Kelly, Lieux-dits de Mouland, fotocopie zonder vermelding van jaargang of datum. Zie ook J. Knaepen, Forteresses, pp. 52; 87, 90.

 

(4) Zie J. Knaepen, Visé en avant pp. 178, 184, 202, 203. Zie ook o' Kelly op. cit.

 

(5) Dit register maakt deel uit van het Parochie-archief van Moelingen O.L.V.-Hemelvaart. Belangstellenden kunnen contact opnemen met W. Machiels, auteur van dit arikel.

 

llnks : foto 2: op de achtergrond), het westeruiteinde van de Dries

 

 

 

rechts: foto 4: zicht vanaf de oostzijde van de Berwijn ten Z van het Brökske - huis Lambert Kloos, foto R. Boffé 1965, gepubliceerd in de Uitgave Limburg van Het Nieuwsblad 13.1.1965, bij artikel "Als de Berwijn kuren krijgt")

 

===

 

De korenwolf

 

De korenwolf (hamster) was in de jaren 1945 (16 jaar was ik) tot 1960 'n veelvuldig voorkomend velddiertje.

 

In de rijpe veldvruchten bij 't oogsten werden hun 3 of 4 flinke hopen grond over meer dan 1 vierkante meter gevonden. Ook in de bietenvelden bij 't rooien (handwerk) werden de hopen gevonden.

Heel dikwijls als we de middag waren gaan eten, werd de spade meegenomen en er op los gegraven (dat mooie pelsdiertje was erg agressief) drie tot vier kamers werden blootgelegd, 50 tot 70 cm diep. Mijn idee was: 'n slaapruimte, 'n wintervoorraadskamer met veel granen maar ook knabbels van bieten, als er 'n perceel bieten in de buurt was, misschien 'n verloskamer voor de jongen (3 of 4) groot te brengen. Er moest toch ruimte zijn om te zogen.

 

Was 't voornoemde gevonden in 'n stuk grond bebouwd met bieten dan was 't zichtbaar op 10 of 20 meter afstand want van vele bieten waren (nog verse) stukken bovengronds afgeknabbeld.

 

Na 1960 is de hamster ver of gans uitgeroeid.

 

Toendertijd waren op wel 14 tot 20 percelen evenveel boeren aan 't werk op hun stuk grond. - Waar nu hectaren tarwe, suikerbieten, witloofwortelen, maïs, suikerij, patatten, uien, wortelen, kolen, noem maar op, langs mekaar gezaaid, gepoot en geoogst worden.

 

't Moderniseren van de grondbewerking, zware machines maken de grond tot beton. Waar dan 'n gat in de grond is loopt alle neerslag er op af.

 

Om de 4 of 5 vierkante kilometer zou er (misschien) nog 'n hamsterpaartje kunnen wonen, maar ik heb er niet veel geloof meer in, ze zullen nimmer wederkeren, in die beton- en insecticiden-verzadigde grond.

H. Vanaubel

 

===

 

Jaarvergadering 1998 - thema: ziekte en genezing

 

De Voerpoort, Kerkplein, Moelingen, 24 - 25 april 1999.

 

Zaterdag 24 april 1999

 

11 u:

Jaarlijkse ledenvergadering 1998

 

14 - 17 u: lezing door Mien Verdingh

"wondere remedies".

 

Vanaf zaterdag 10 u t/m zondag 17 u: tentoonstelling

"ziekte en genezing"

 

Diverse mogelijkheden in de

lokale horeca

 

 

We doen een

oproep tot medewerking

 

aan deze tentoonstelling:

 

geschreven documentatie,

boekjes met remedies,

natuurproducten,

bezweringsformules,

medische apparatuur,

geneesmiddelen ...

 

voor mens en dier.

 

===

 

Een verkorte historiek inzake: De Algemene Begraafplaats a/d Tongerseweg te Maastricht

(in aansluiting op D' Koeënwòòf nr. 16 (1998/1) overgenomen uit "De laatste eer", uitgegeven door de Gemeente Maastricht ter gelegenheid van de Open Monumentendag 1994. Uitgever Gemeente Maastricht. Tekst S.E., tekeningen W. Munier, medewerkers dienst Stadsontwikkeling Gemeente Maastricht).

 

De Algemene Begraafplaats a/d Tongerseweg te Maastricht behoort tot de oudste Algemene Begraafplaatsen van Limburg. In de tijd dat de Napoleontische troepen in Maastricht verbleven, 1795 - 1814 werden verschillende rapporten opgesteld naar de omstandigheid waarin toen op de kerkhoven in de binnenstad, veelal bij bestaande kerken en/of klooster, werd begraven.

 

Op 8 oktober 1798 werd door de Raad van het kanton Maastricht besloten om nog op een beperkt aantal - met name genoemde - plaatsen begravingen toe te staan.

 

Op 3 juli 1805 werd door de Prefect een oprichtingsbesluit genomen voor een nieuwe Algemene Begraafplaats; dit omdat in die tijd de stad Maastricht 18.411 inwoners telde, en rekening had te houden met zo'n 600 begravingen per jaar en de bestaande begraafmogelijkheden te klein geacht werden.

 

In 1806 heeft de prefect v/h Departement met verschillende partijen overleg gepleegd om een moderne Algemene Begraafplaats buiten de bebouwde kom aan te leggen. - Op 23 december 1811 deelde de toenmalige burgemeester Coenegracht aan de leden van de gemeenteraad mede dat a/d Tongerseweg een terrein voor begravingen gereed was gebracht. Het betrof een terrein van 100 x 100 m2, afgebakend met een gracht en een muur van 2,70 meter hoog; dit volgens 't plan van de architect Jean François Soiron. - De Joodse begraafplaats was buiten de ommuring gepland. - Op 14 februari 1812 vond de eerste begraving plaats.

 

In 1848 bleek deze begraafplaats te klein te zijn geworden; na meerdere besluiten van meerdere instanties werd de begraafplaats uitgebreid. - De begraafplaats werd ingericht voor personen van verschillende religies en niet gedoopten; aanvankelijk bakende men de verscheiden lokaties af met hagen. Het uitbreidingplan was van de hand van de stadsarchitect Johannes Gregoire van den Bergh.

 

In 1885 werd een nieuwe grafkapel gerealiseerd naar een ontwerp van Johannes Keizer; ze werd gesticht door het kerkbestuur van Sint Servaas.

 

Het vernieuwde kerkhof i.c. de stadsbegraafplaats werd op 30 juni 1859 ingewijd en bestond toen uit drie delen t.w. een katholiek gedeelte, een protestants gedeelte en een algemeen gedeelte voor ongedoopte begravingen. Langs de randen van die delen waren stroken gereserveerd voor graven van kinderen jonger dan 7 jaren, terwijl ook 'n strook was gereserveerd voor ongedoopten.

 

Een tweede uitbreiding van de begraafplaats werd gerealiseerd in 1910 naar het ontwerp van een Leuvens architect L.R. Rosseels; dit met een logische voortzetting van de bestaande begraafplaats.

 

In de 2e wereldoorlog is ten oosten van de kerkhofmuren 'n Ehrenfriedhof voor gesneuvelde Duitse soldaten aangelegd; Tegen het einde van - en direct na de 2e wereldoorlog is er eveneens een grafveld aangelegd voor gesneuvelde Belgische, Canadese, Engelse en Nederlandse soldaten. Ook na de oorlog in Indonesië zijn in de vijftiger jaren overleden Nederlandse militairen op een afzonderlijk grafveld ter aarde besteld.

 

Dit gedeelte v.h. kerkhof is veilig gesteld als beschermd Rijksmonument. - Graftekens en grafmonumenten moesten vooraf, naar een ontwerptekening, door Burgemeester en Wethouders van de stad Maastricht worden goedgekeurd. - De meeste graven zijn uitgevoerd naar standaard modellen van de bekende Maastrichtse steenhouwers zoals J. Cremers, J. Comuth, J. Delcourt, L.H. Pieters en Severijns.

Verder zijn er van meerdere ontwerpen kruisen in diverse materialen uitgevoerd in respectievelijk hout, hardsteen, gietijzer, smeedijzer, marmer, beton, waaronder ook keramisch materiaal en andere.

Op de grafmonumenten komen talrijke graf- en rouwsymbolen voor zoals o.a.

- een bloemenmandje met een schaar die een bloemenstengel doorknipt;

- een anker, kruis en fakkel (hoop, geloof en liefde) over elkaar gekruist;

- twee zeisen en een schop;

- twee gekruiste doodsbeenderen;

- een kelk met twee gekruiste olijftakken; symboliseert de vergankelijkheid.

 

In de 19e eeuw komen op de Algemene Begraafplaatsen bijzondere vormen van grafmonumenten in gebruik, naast de traditionele vormen zoals grafkruis, de liggende zerk e.a.

 

Soms hebben ze de vorm van een afgeknotte zuil, een obelisk, een gebeeldhouwde tombe of tempeltje.

 

De symboliek van de grafornamenten is doorgaans gericht op de overgang van het leven naar de dood, zoals een uitgedoofde kaars of takken, een zeis en een leeggelopen zandloper; soms staat de zandloper tussen een gevederde vleugel en een vleermuizenvleugel, waarmee de overgang van dag en nacht wordt gesymboliseerd.

 

De Griekse letters Alfa en Omega staan voor het begin en het einde, want ze vormen de eerste en de laatste letter van het Griekse alfabet. Een slang die zichzelf in de staart bijt personifieert de kringloop van het leven. - De klimopplant, de laurier en olijftakken zijn immer groen blijvende planten en verwijzen naar het eeuwig leven. Twee ringen staan voor de eeuwige verbintenis, een brandend hart voor eeuwig liefde. -

Een kelk staat voor een priestergraf. Een schedel met gekruiste doodsbeenderen wijst ons direct op de vergankelijkheid en is de meest voorkomende grafsymboliek.

Sommige graven worden ook gedecoreerd met levensgrote figuren van treurende moeders en engelen, die als intermediair tussen hemel en aarde opereren.

In deze eeuw worden graven ook gedecoreerd met attributen die verwijzen naar het leven en werk van de overledenen.

 

Het bezoek aan het graf kent bij de verschillende culturen ook andere gebruiken en gewoonten.

Op de Joodse graven worden bij een bezoek kleine steentjes op de grafzerk gelegd.

Bij Chinezen en andere oosterse volken bestaat de gewoonte om bij het graf van een dierbaar familielid te picknicken.

Het meest algemene grafgebruik bestaat uit het branden van een kaars of het leggen van bloemen; dit vooral in de periode van de viering van Allerheiligen en Allerzielen resp. 1 en 2 nov. Soms is daar ook een kindertekening voor Oma bijgevoegd of een beertje voor een te vroeg overleden kind.

 

 

Na 1970 is het aantal crematies aanzienlijk gestegen; tegenwoordig is ongeveer 45% tot 50 % van de Nederlandse bevolking voorstander van crematie terwijl plm. 3/4 daarvan voorstander is van verstrooiing van de as. De laatste jaren komt het steeds vaker voor dat de nabestaande(n) een asurn in een klein pseudograf laten bijzetten in plaats van in de tot dan toe gebruikelijke nissenwand v/h columbarium. - Op de Algemene Begraafplaats zoals hier behandeld zijn in de loop van de laatste 14 jaar verschillende urnenvelden aangelegd.

 

Onder het Franse regime en onder koning Willem I golden voor de huidige Voerdorpen dezelfde wetten en opties als voor Maastricht. Alléén werden ze hier anders toegepast als daar. Pas vanaf 1839 gingen de gebieden ten zuiden en ten noorden van de huidige grens een eigen gang. - Een belangrijke rol zal altijd wel weggelegd zijn geweest voor het onderscheid tussen dorp en stad.

 

Tot op heden begraaft men nog gewoon rond de kerk in Moelingen, Sint-Pietersvoeren en Teuven. In Remersdaal begraaft men op de plaats van de voormalige kerk (nieuwe kerk uit 1879, op 130 m van de oude). In 's-Gravenvoeren werd in de 1930 e.v. het kerkhof rond de kerk verlaten, en een begraafplaats op 'n goede halve km daarvandaan aangelegd. De oude grafkruisen - eeuwenoude - bleven bij de kerk. In Sint-Martensvoeren werd na WO2 een begraafplaats buiten de bebouwde kom aangelegd. Op alle begraafplaatsen worden katholieken, aanhorigen van andere belijdenissen en niet-gelovigen begraven, niet op aparte perken. Ook op deze Voerense kerkhoven hebben de oudstrijders van WO1 en WO2 een bijzonder plaats en gedenkmonumenten gekregen (zie afbeeldingen, deze alle naar kleurenfoto's van de auteur, nov. 1998). Met dank aan J. Nijssen voor suggesties).

 

P.S. Vermeld zij dat op 30 oktober 1998, in het restaurant Fort St. Pieter te Maastricht het door de Heer Hub Noten geschreven boek "Tuin van Stilte" is geïntroduceerd en uitgereikt aan de vòòr-inschrijvers. In dit boek behandelt de schrijver de geschiedenis m.b.t. het begraven in Maastricht - evenals de Begraafplaatsen Oostermaas (Witte Vrouwenveld) en Sint Pieter (-Boven) . Uitgave "Veldeke-krink" Maastricht / Druk Drukkerij Walters, Maastricht. Eventueel te bestellen bij de Boekhandel aan de Nieuwstaat te Maastricht.

 

Teuven, kerkhof nabij St. Pieterskerk. Herinneringsmonument oudstrijders Wereldoorlogen 1914-1918 / 1944 - 1945

 

Algemene Begraafplaats aan de Tongerseweg, Gemeente Maastricht

 

 

Grafplaatsen Belgische militairen gesneuveld in de 2e wereldoorlog

 

Algemene Begraafplaats aan de Tongerseweg, Gemeente Maastricht

 

Grafmonument ter herinnering aan Nederlandse militairen gesneuveld in de jaren vijftig van de 20e eeuw in Indonesië

 

Kerkhof Remersdaal.

Herinnerings-monument Oudstrijders 1e en 2e Wereldoorlog

1914-1918

1940 - 1945

 

Begraafplaats 's-Gravenvoeren. Enige graven van Oudstrijders 1e Wereldoorlog 1914-1918

 

Moelingen, Kerkhof bij O.L.V. kerk.

Herinnerings-monument Oudstrijders 1e en 2e Wereldoorlog

1914-1918

1940 - 1945

 

Sint Martensvoeren

 

boven: Begraafplaats (Nieuw Kerkhof) OudstrijdersWO1 en WO2

1914-1918 / 1940 -1945

 

midden: kerkhof bij de St. Martinuskerk, Oudstrijders WO1 1914-1918

 

onder : Graven van 'n zestal vliegeniers (gealliëerden) die terugkerend van 'n bombardementsvlucht in WO2 boven de Voerstreek zijn afgeschoten en neergestort en zijn begraven op het kerkhof bij de St. Martinuskerk

 

===

 

 

 

 

 

 

 

Luu Lieben

 

===

 

Al een tijd geleden brachten we een bezoek aan Nic Hutschemakers in Tebannet, Banholt. Hier een stuk uit zijn rijke verzameling. Facsimile van een boek gekocht op de rommelmarkt van Tongeren.

 

===

 

lezing

 

vrijdag, 5 maart - Provinciale School - 's-Gravenvoeren

 

Het Westelijk Front: toen en nu

 

80 jaar geleden liep de Eerste Wereldoorlog - de 'Groote Oorlog' - ten einde. maar ook nu nog zijn de lidtekens ervan duidelijk te zien in de lijn die liep van Nieuwpoort naar de Zwitserse grens. Vier jaar lang vochten en stierven er miljoenen jonge mannen in de loopgraven. Een reis langs de oude frontlijn brengt ons terug naar de slagvelden van toen.

 

===

 

ich kal ooch Limburgs

 

Een voorbeeld van moderne opinievorming. We vinden in Voeren 2000, op de post, op het gemeentehuis, in onze Cultuurcentra, de folder met de hierboven gestelde titel. - Hij bestaat in 8 varianten, volgens dat de zin in de verschillende delen van onze provincie wordt gezegd.

 

1. "Ich kal ooch Limburgs" (Voeren, Bilzen, Houthalen)

2. "Ich kal ouch Limburgs" (Maaseik)

3. "Ich kal ook Limburgs" (Tongeren)

4. "Ich klap oek Limburgs" (Borgloon)

5. "Ich klap ooch Limburgs" (St-Truiden, Halen)

6. "Ik klap ok Limburgs" (Tessenderlo)

7. "Ik praot ok Limburgs" (Lommel)

8. "Ich praot oech Limburgs" (Neerpelt)

 

Zegt Maastricht niet: praote? Eigenaardig hoe Tongeren-Borgloon een "ook"-eiland vormen binnen het "ooch"-gebied. Is Maastricht zo een "praoten"-eiland binnen het "kallen" gebied?

 

Problemen met dat Limburgs: Tessenderlo en Lommel spreken eigenlijk Brabants. Spreken Kerkrade, Vaals, Eynatten Limburgs of is hun taal meer verwant met Akens. Is niet eerder de taal van Erkelenz Limburgs? - Waarom moet dat allemaal eindigen bij administratieve grenzen? Slenaken en Moresnet zeggen toch ook: "ich kal ooch...".

 

Maar toch fijn dat onze provincie het doet. - De verspreiding van de sticker is een onderdeel van een actie van het provinciebestuur voor de waardering van het Limburgs. De scholen krijgen daaromtrent pedagogisch materiaal. We steken een kopie van die documentatie in onze leesmap.

 

Meer direct aansprekende stickers bestaan er ook: "kal mer plat", en: "En jong, doe zuls get", met variante: "doe zals..."

 

Je kan de provinciale sticker met bijbehorende folder en antwoordkaart thuis bezorgd krijgen: E. Proesmans, Afdeling Cultuur en Bibliotheekwezen, Universiteitslaan 1, B-3500 Hasselt - cb@limburg.be - www.limburg.be/ichkaloochlimburgs

 

De folder is opgesteld in samenwerking met de Faculteit Letteren KU Leuven, Instituut voor Naamkunde en Dialectologie

 

===

 

spelling van het Limburgs: zuivere vocalen

 

In de taallessen 'Kal good plat" 1985-88 werd er veel tijd besteed aan "spelling".

 

Spelling is een compromis tussen enerzijds exacte weergave van het gesprokene en anderzijds leesbaarheid van het geschrevene. Bij een goede spelling geldt: wie de taal enigszins kent vindt in het geschrevene de betekenis weer. - De spelling van het Limburgs is geïnspireerd op die van het Nederlands.

 

Inhoud van dit artikel:

Hieronder worden gegeven:

gesloten lettergreep /

open lettergreep /

einde woord (bij korte klinkers nogal eens problematisch!)

 

NB. Bij korte klanken stelt het Nederlands dat de eerste van de twee consonanten tot de eerste, gesloten lettergreep behoort, en er derhalve bij korte klanken geen open lettergrepen bestaan.

 

Onderstaande tabel kan voor grote gebieden gelden. De voorbeelden zijn uit het Oost-Voerens (OV) gekozen. Sommige woorden "springen" voor andere dorpen naar een andere plaats in de tabellen: OV "kinger" wordt "keender" in SGV, "brùgk" wordt "brögk" in Moelingen

 

Praktische toepassing en alternatieven: Onderstaande spelling kan sterk vereenvoudigd worden door accenten weg te laten: Teuve i.p.v. Tèùve, good i.p.v. gòòd (goud), geet ipv. gèèt (geit). Waar in onderstaande lijst ù en èù gebruikt wordt wijken we af van de strikte Veldeke-spelling, die deze tekens niet aanvaardt (op qwerty-toetsenborden de "ù" niet zo toegankelijk op azerty). Door accenten weg te laten vervalt deze discrepantie. - Men kan de verdubbeling van de consonant (medeklinker) weglaten na korte ie, oe, uu: koele ipv. koelle (kuilen), kieke i.p.v. kiekke (kijken). - Rob Brouwers stelt voor niet ae te schrijven, maar ai (zoals in het Frans "mais" - dit omwille van de interferentie met de oude Nederlandse vorm ae: "Waer is der ouderen fierheid..." - NB. Eijsden heeft een e-klank méér: "vàèld (veld)" - Klein-Welsden spreekt zijn consonanten iets geslotener uit dan wij. - Lit.: Notten 1983, "Aanwijzingen voor de spelling van de Limburgse dialekten".

 

"gesloten, niet-geronde" klinkers, lang

----------------------

knien (konijn) vies (vies)

piepe (roken) piepe (piepen)

hie (hier) -

----------------------

keend (kind) reem (riem)

pese (pissen) dene (dienen)

- knee (knie)

----------------------

gèèt (geit) wèès (wees)

wète (weten) dèle (delen)

nèè (neen) hèè! (he!)

----------------------

hael (hard) gael (geel)

- gaele (kopen)

- rae (reden)

 

"gesloten, niet-geronde" klinkers, kort

----------------------

diekk (dik) bliefft (blijft, hij)

diekke (dikke) kienne (kienen)

bie (bij (iemand)) wie ?(hoe?)

----------------------

gister (gisteren) dipde (diepte)

wit (wit) sjpringe(springen)

ee (in) -

----------------------

hèts (hitte) bèd (bed)

lètter (letter) lèjje (leiden)

- buuffèè (buffet)

----------------------

get (iets) teng (tanden)

effe (effen) Sjlennich (Slenaken)

- mae (maar)

 

"open geronde" klinkers, lang

----------------------

moes (muis) sjoer (schuur, imp.)

kroepe (kruipen) sjoere (schuren)

doe (jij) -

----------------------

hoond (hond) book (boek)

- rope (roepen)

- ko (koe)

----------------------

gòòd (goud) róóm (room)

ròke (roken) vóge (voegen)

jó (ja, twijfel)) hó! (ho!)

----------------------

zaot (zout) traon (traan)

- raoze (``kijven)

jao (ja) dao (aldaar)

 

"open geronde" klinkers, kort

----------------------

oett (uit) voett (weg (gaan))

toeppe (kaartspel) doemme (duimen)

- doe (toen)

----------------------

dóch (doe, imp.) ós (onze (vr.))

- wónne (wonen)

- -

----------------------

óp (op) ków (kooi)

klòppe (kloppen) òwwe (ogen)

- fòttò (foto)

----------------------

nog (nog) kow (koude)

hotte (houden) sjowwe (schouwen)

- bao (bijna)

 

"open niet-geronde" klinkers, lang

----------------------

tuut ((punt)zak) muus (muizen)

ruke (ruiken) sjume (schuimen)

- -

----------------------

keump (kommen) sjteul (stoelen)

keuse (konden, conj) veule (voelen)

- keu (koeien)

----------------------

kèùmt (komt) dréùm (droom imp.)

flèùte (fluiten) drèùme (dromen)

nèù (neen (twijfel)) nèù (neen (zeker))

----------------------

näöj (gierig) päöl (palen)

- käöre (aaien)

bäö (boe) knäö (~ kluwen)

 

"open niet-geronde" klinkers, kort

----------------------

kruuts (kruis) uull/ül (uil)

trükke (tricks) sjpuujje (spuwen)

- juu (halt paard!) ----------------------

zus (want) un (ui)

- kulle (verneuken) - - ----------------------

mùp (hond) pùl (jong kip)

knùppel (knuppel) hùjje (hooien)

- jèù (vooruit paard!) ----------------------

- öft (gedroogd fruit)

- -

- -

 

klank "a-, lang

----------------------

graaf (talud) graaf (graf)

bazel (prietpraat) kare (karren)

- sja (schade)

 

 

klank "a", kort

----------------------

gasp (gesp) gram (gram)

matte (matten) kalle (praten)

da (dan) ba (bah)

 

"gesloten geronde" klinkers

 

hebben we niet (het Hasselts wèl ?) - bekend in Slavische talen (Russ. byt' = zijn); daar ontbreken de open geronde.

 

 

Jaak Nijssen

 

===

 

Restauratie missiekruis `s-Gravenvoeren

De Stichting Kruisen & Kapellen `s-Gravenvoeren VZW heeft in de loop van september het grote kruis gerestaureerd, dat buiten tegen de muur aan de oostkant van de parochiekerk hangt.

 

C. Waelbers schreef in het tijdschrift Heem (1959, nr. 6) "dat het eerste en echte missiekruis van 1841 door pastoor Kallen van het koor werd verwijderd en buiten de kerk geplaatst en dat een oud kruis dat zich in de toren bevond, boven het koor werd opgehangen"

 

J. Ansay gaf wat meer bijzonderheden in 1968 (Heem nr. 12): "Buiten de kerk, tegen de koormuur hing en hangt nog een merkwaardig missiekruis. Het is een herinnering aan de missie die Pater Bernardus in 1841 preekte. Pater Bernardus, Redemptorist, is de legende ingegaan. Hij was de vermaardste missiepredikant in Zuid-Nederlands-Limburg. Waar hij optrad, stroomden de gelovigen, ook uit de nabij gelegen parochies, naartoe. Hij was dikwijls verplicht in open lucht te preken en deed dat met donderende, alles overheersende stem."

 

Het grote kruis, met een houten dak erboven, was werkelijk aan een grondige opknapbeurt toe. De verf was al lang verdwenen, de worm zat in het hout; kruis en afdakje hingen los. Het afnemen en het later terug ophangen van het zware kruis met houten Christus was geen gemakkelijke klus. Na een grondige restauratie - van kruis en corpus - wat enkele dagen werk kostte - werd het ophangen en stevig verankeren met belangstelling gevolgd door heel wat geïnteresseerde voorbijgangers.

 

Aimé Levaux, François Bruno, Mathieu Molemans en Henri Vanaubel, de "kruisheren" die het werk opknapten, werden hartelijk bedankt door pastoor-deken Lemmens, niet alleen met woorden, maar ook met een natje en een droogje.

 

Martin Cailliau

 

===

 

Van Zinnich (Teuven) naar Voorhout (bij Leiden):

een luidklok

Komt er, langs de VVV om, op 10 november 1988, een brief uit Voorhout, om hulp bij het onderzoek van een klok die ze daar hebben. - Op het kerkhof van het Broederhuis Nieuw Schoonoord (Broederkongregatie O.L.V. van Smarten) hangt er namelijk een luidklok (afb. 1) met opschrift als boven. - De gieter vervangt in Mauritii een "I" door een "L" - In mengsel van grote en kleine letters is er geen chronicon te herkennen. De klok heeft 66 cm doorsnede en 55 cm hoogte (kroon niet inbegrepen).

 

We kunnen hier voortbouwen op de vertaling van pater Dr A. van Berkum van de Abdij Sint-Bernardusberg, Lemiers (Vaals), die echter uitging van een foutieve lezing OVE in de 2e regel, in plaats van QVE (afb. 2).

 

"Tot meerdere eer van God. Moge ze (deze klok) op voorspraak van de Heilige Mauritius, haar patroon, beschermd worden, en moge, dank zij de schenking van H(enriette) M(echthilde) barones de Zegraedt, reguliere kanunnikes van het gewezen klooster Zinnich, voor lange tijd, vanuit Schin (op Geul), althans één overlevende blijven bestaan. De wrede Fransman, begunstigd door oorlogskans, verwijderde ze (een voorgaande klok?- de kanunnikessen?). En zie, de hand van een enkeling hernieuwt een gewijde schenking. 1821" .

 

Zinnich

 

Barones H. M. de Zegraedt heeft de klok geschonken tot herstel van een heiligschennis en tevens om de herinnering aan het klooster Zinnich te bestendigen. Klooster Zinnich werd namelijk in beslag genomen door de Franse bezetter, en in 1798 verkocht aan C.J. Reul van Teuven, die blijkbaar niet vies was van "zwart goed".

 

Onder de zes kanunnikessen, die Zinnich bij de inbeslagname telde, waren er twee gezusters de Zegraedt: Catherine-Christine en de schenkster van de klok. Beide waren ze geboren in Nandrin (Condroz, prov. Luik) de eerste in 1735, de andere in 1746. (1) Hun vader bezat er het kasteeltje Le Tombeux. Ze stamden uit een familie die lange tijd rond Borgloon (Rulingen) en Rummen (Vrunt) gewoond heeft, maar uit de buurt van Aken afkomstig was waar ze schepenen leverde (16e eeuw). De naam zou oorspronkelijk Süggerath geweest zijn (2).

 

Schin-op-Geul

 

Na de opheffing van haar klooster ging Henriette M. de Zegraedt naar kasteel Oost in Schin-op-Geul, waar ze op 21 juni 1829 testament maakte en op 14 feb. 1832 overleed (3).

 

Wie heeft de klok gegoten? Niet vergeten, dat Schin-op-Geul nog tot 1839 gewoon Belgisch was. - Daar wordt in 1819 een door Drouot et Regnaud gegoten klok gemeld (4).

 

De kerk van Schin-op-Geul heeft blijkbaar nog andere Zinnicher objecten gekregen: een ciborie met een herinnering aan de priorin v. Schwarzenberg (1708) en een miskelk met een dito aan kanunnikes de Heusch de la Zangrie (1765) (5). We nemen aan dat H. M. de Zegraedt dit alles vanuit Zinnich meegenomen en aan de kerk van Schin-op-Geul geschonken heeft.

 

Van Zinnich naar Voorhout

 

AMDG SANCTI MAVRLTII PATRONI PRECE CVSTODIATVR DONO H M BARON DE ZEGRAEDT

MONAST OLIM IN SINNICH CAN REG VNICA SIT QVE DIV SVPERSTES EX SCHIN GALLVS ATROX

AEDVXIT MARTE VOLENTE VNIVS ECCE MANVS DONA SACRATA NOVAT

1821

 

De hamvraag is uiteraard hoe die klok, eerherstel voor Zinnich, vanuit Schin-op-Geul naar ginds, "onder" in Holland, geraakt is.

 

De jongste stap kennen we: naar Voorhout is ze gekomen toen de kloosterorde haar gesticht in Harreveld, Lichtenvoorde (Gelderland) in 1986 ophief, en het opnam in dat van Voorhout. Dat de klok toen meekwam, bevestigden mij meerdere broeders, die van Harreveld zijn overgekomen. - Volgens de beheerders van het archief van de betrokken kloosterorde is er in dat archief niets te vinden over de oudere geschiedenis van deze klok.

 

De stappen op de reis van de klok, vanuit Schin naar het noorden, kennen we niet. - Bedoelde kloosterorde heeft in Limburg tot 1972 een huis gehad, namelijk Stokershorst onder Nederweert, maar geen enkele indicatie is er, dat de klok dààr geweest is.

 

Van biezonder belang is het, of ze in WOII opgeëist werd of niet, en in het eerste geval, waar en hoe ze terug opgedoken is. - Misschien is de klok terug te vinden in de rapporten van de registratiekommissie van de Nederlandse klokken die onder de leiding van Dr. J. Kalf stond. Jammer genoeg gelden die rapporten, uitgerekend voor wat Limburg betreft, als "verloren" (Afb. naar dia's van de auteur, 1998).

***

De schrijver van de Voorhoutse brief van 10 nov. 1988 was Broeder Wilhelmo De Heer. Hij was toen in de 90. Hij stond 75 jaar lang in het onderwijs: in WO I werd hij als 16-jarige voor de klas gezet, en na zijn pensionering bleef hij de bibliotheek van zijn school doen. Hij was een tijdlang onderwijzer bij de broeders in Aubel.

 

Hulp kregen wij bij dit onderzoek ten overvloede van Jan Belonje uit Alkmaar, die kenner bij uitstek van Limburg. Hij was toen in zijn 95e jaar. Historie vorsen is zo te zien een gezonde bezigheid !

Jaak Nijssen

 

(1) NN 1928-1929. Monasticon belge Tome II Province de Liège. Maredsous, p. 463 vv. p. 463 vv. - Huy, Archives de l'état, kerkregisters

(2) Buiten de gewone genealogie-bronnen zie men ook: - Decker Doucet de Tillier, R. de 1971. Contribution à l' histoire du Château de Rulingen. In: L' Intermédiaire des Généalogistes. - Delrée, Pierre 1957. Nandrin et Fraineux sous l' Ancien Régime, register: Zegraedt - NN 1846. Notice historique sur la commune de Rummen et sur les anciens fiefs de Grasen, Wilre, Bindervelt et Weyer en Hesbaye, p. 156 vv.

(3) Maastricht, Rijksarchief. Notaris Rompen v. Wittem, 1829, juni 21, nr. 187 en 1822, sept 23, nr. 211.

(4) NN 1926. Voorloopige lijst der Nederlandsche monumenten van geschiedenis en kunst. De provincie Limburg, p. 418

(5) Flament, A.F.A. 1905. Aantekeningen omtrent kunstvoorwerpen... in Limburg. In: Geschiedkundige Bladen 1 - 2e halfjaar, p. 413-414.

 

===

 

GEZÄÖMERS

Afkortingen:

KW - Koeënwòòf; WS: workshop;

SGV, SMV, SPV: de verschillende Voerdorpen; PL: De Plank; OV: Oost-Voerens;

ST, SL: stoot-, sleeptoon;

TB: Theo Broers; LL: Luu Lieben; FM: Fridy Maurer-Bellink; JN: Jaak Nijssen; EV; Elza Vandenabeele; MC: Martin Cailliau; JB: Jos Buysen; FW: Fred de Warrimont; TD Tiny Dodemont - Peerboom;

WED: Weynen 1996, Etymologisch Woordenboek

- Een nummer vòòr een literatuuropgave verwijst naar onze Internet-bibliografie.

-----------

 

Wäöed

 

zuümere

In 11/2/64-67 staat een artikel in het Gronsvelds over "Zuümere" ... Trouwens: het Groeselts heeft ook die stijgende diftongen, die voor ons zo typisch zijn voor Moelingen. De uü in "zuümere" is er zo een, de äo in "käomersjete" ook. En Eijsden ??

 

geraone

"Dat es dich geraone" (geraden), baene (bidden), zaene (zegenen) geven de indruk "oostelijk" te zijn. Met die eigenaardige bindings-"n".

 

sjpecher(t)

(JN - SL, verzamelnaam / stofnaam, mann.). Sjpechert geeft hardnekkige zwarte vlekken in textiel en in serviesgoed dat te lang vochtig staat. Zelfs zilver (afb.) kan onomkeerbaar aangevreten worden. Duidelijk iets anders dan het zwarte zilversulfide dat gemakkelijk te verwijderen is? Gaat het bij textiel, porselein en zilver om hetzelfde verschijnsel? - WED geeft voor Kerkrade "specher", en aanziet het als een meervoud. Dat zal dan van een onzijdig woord " 't spech" zijn, vgl. 't hoes - hoezer. Dan zou ons enkelvoud spechert een verkeerd begrepen meervoud zijn. Kan.

 

In Noorbeek zeggen ze "sjpechelder" (Maria Brouwers-Demollin), "sjpik" (FW); in SGV "spechtel"; in Geleen "sjpiek" (JB, Sleeptoon), in Maastricht "spik" (FM), in Lauw, Opgrimbie en Eigenbilzen "spik". Eigenaardig, die verwisseling "der" - "rt", lijk in "urgel" - "ulleger". - Het Nederlandse "spik" is heeft een ruimere inhoud: "vlekje". - Verwant met spikkel. - Sjpikke zijn bij ons dan weer resten van graankorrels. - Welke schimmelsoort is nu die sjpechert?

 

Munt, 3 Mark, Beieren, 1914, Yeoman 52. Beschadiging bij de letters ES en de kroon: sjpechert?

 

 

JN

 

sjtoepp

(SMV, korte klank, SL, mann.) = jas. Doch d'ch d'r sjtoep a. Herkomst? Niet in WED.

 

zaemp

(OV, SL, verzamelnaam, mann.), "onkruid" met gele bloemen, verwant met koolzaad en met de mosterdplanten. - De algemeen nederlandse en de wetenschappelijke naam van zaemp schijnt herik, sinapis arvensis te zijn (suggestie van Jos Buysen). WED kent zemp, zempt, zennep in Zeeland, Westvlaanderen en Zuid-Limburg, voor herik, legt het verband met het Duitse "Senf" (mosterd), en leidt beide woorden af van 't Griekse en Latijnse sinapi.

 

In verband met de achteruitgang van onze taalkennis wordt het tijd om dit eens nader te bekijken. Daarom ben ik met mijn petekind Jaak Nijssen, Schilberg, naar een maisveld bij de Schoppemerhei geweest om woord en plant met elkaar in verband te brengen. De hauw met de "snavel" klopte, maar het blad van de gevonden exemplaren was iets spitser dan dat van de afbeelding in Nederlandse Oecologische Flora deel 2 pag. 49.

JN

 

loer

(SMV, lange klank, SL, adv.) Dat kaof és loer = het is vertraagd in zijn reacties. Van dit waer waeë-s-de loer = neerslachtig. Herkomst: fr. lourd?. Niet in WED.

 

deks, dek

In sommige delen van de gemeente Voeren zegt men voor "dikwijls": "dèk", in andere "dèks". WED geeft "duk, dik, dek, deks = dikwijls - oostelijk deel van Midden-Ned., o.a. Zuid- en Midden-Limburg, Middelnederlands - zie "Willem die Madoc maeckte, daer hi dicke omme waeckte" (Reynaert, ca. 1250).

 

vies, sjrao

"lelijk" is bij ons "sjrao" (ST). Jongere mensen hebben het daar moeilijk mee, als ze Nederlands spreken: ze vertalen het door "vies"; wat geeft dat ze "vies" ook gebruiken waar ze gewoon "lelijk" bedoelen. In Oud-Valkenburg zeggen ze: "sjraw". WED leidt "schrao, sjraoj (o.a. Veluwe, Kerkrade)" af van "schraal".

 

e sjtaoët - e glaoët - e hoeët

(alle 3 met SL). Opvallende verleden tijd van sjtute, glèùve (opscheppen, geloven) - Moelingen zegt: e glòch - sjtaoët: vgl. Im Göhltal nr. 60 p. 35 (staut). "E hoeët" (hoorde) schijnt in Voeren "oostelijk" te zijn. In het westen zegt men eerder "e huurde".

 

kwaeëte

(OV, SL, plur) = eelt (aan handen of voeten). WED: kwerte (Zuid-Limburg, Rijnland).

 

höfke

(JN, ST, nom. neutr - höfkes - geen verkleinwoord, is er zelf al een) - Maat met een inhoud van een halve liter. Afgeleid van "haof" (SL).

 

ee g'n veut

(JN, ST, plur. van voot, voet) - "dóch d'ch get ee g'n veut": doe iets AAN uw voeten. Normaal doet men de voeten in de schoenen!

 

vergomd

(PL, ST) "bros (hout)", "nog net niet rot". Niet in WED.

 

ee g'n koreente

In SMV gehoord: "du kals wie Pieëtres ee g'n koreente": geeft gefantaseerde informatie - Op De Plank: "wie Powles ee g'n koreente": verstrooid. Beide gezegdes lijken hun oorsprong te hebben in de "brieven van Paulus aan de Korinthiërs".

 

spelling van toponiemen

We spellen "Zinnich" met een Z zoals Zichen en Zwevegem, die men vroeger Sichen en Sweveghem schreef. In de dagelijkse omgang zeggen we duidelijk "Zennich". In Nederland is men inzake toponymie behoudsgezinder: daar schrijft men nog altijd Rothem, terwijl men het in België over Rotem heeft. Twijfel bestaat er voor de "ch" in Zinnich. Zou het niet beter Zinnig zijn: we zeggen toch de Zenniger molen, d'r Zenniger waeg, met "g". We zijn in Voeren wat achterop geraakt met de spelling van de plaatsnamen, door het lange verblijf in een anderstalige provincie. Maar Keulen en Aken zijn ook niet op één dag gebouwd.

 

plat schrijven

Tot ons genoegen merken we dat er nieuw schrijverstalent opkomt in het "plat", deze keer in de taal van 's-Gravenvoeren

RED

 

teksten in het Limburgs

In Veldeke 78 (1998) nr. 2 staat een inzending in het Epens (Rosalie Sprooten): in nrs 1 en 2, in het Mheers (Joep Leers-sen) en het Eijsdens (Willy Theunissen).

 

toponymie: adders in 't gras

Als een gevolg van zijn studie van de Wijngaardhof kon Piet van Caldenborg' ook het toponiem "Vroendel", onder Gronsveld verklaren als "Vrouwendal". Het staat dus niet in verband met "Vroen", "= toebehorend aan de heer". De betrokken vrouwen zijn namelijk de zusters van Zinnich, die in 1363 Wijngaardshof én (een perceel) Vrouwendal bezaten (Grueles 11/1/57-58). Zo zie je maar dat de "voor de hand liggende" verklaring niet de betere is...

JN

 

Rob Brouwers

 

is 40 jaar schilder - begon op zijn 18de jaar. Zijn eerste smchilderij is in eijsden bewaard. - De Stichting Petrus Wolfs organiseert daarom in Eijsden een tentoonstelling van zijn werk (Gemeentehuis, woensdag 12 mei t/m pinkstermaandag 31 mei 1999).

 

En onze collega "Eijsdens Verleden" wijdt tegen die tijd een volledig dubbel nummer deze schilder.

 

bevlagde broonk SGV

Een typischer Voerense feestdag als broonk vind je moeilijk. In 's-Gravenvoeren valt de broonk op de eerste zondag na sacramentsdag. Die zondag gaat er de processie, de broonk-processie uit .

 

Welingelichte bron zegde me dat in de toekomst de broonkprocessie zal uitgaan van de kerk tot aan de Mescherweg (zoals dit jaar), een ander jaar tot aan de kapel in Schoppem en een volgende keer tot aan de provinciale school.

 

Christiane Simons vond - terecht menen we ook - dat er zo weinig vlaggen in het dorp hangen als het broonk (en kermis) is. Ze nam het initiatief om, samen met Bernadette Vandeberg en anderen, daaraan wat te doen. Laten we het wat feestelijker maken en wat meer vlaggen uithangen! Ze stelden een papiertje op en lieten het door Julien bussen : je kon bij hen een vlag bestellen. Er werd gekozen voor wit-geel omdat het vroeger in het dorp traditie was ook wit-gele vlaggen uit te hangen tijdens de broonk. - Het werd een succes: Hoewel op een verkoop van 50 stuks werd gemikt, werden het er 125. Volgende lente komt er een vervolg, dan wordt er weer een offensiefje ingezet om nog wat mensen aan te zetten te vlaggen ter gelegenheid van de broonk.

 

Voorwaar een lovenswaardig werkje vanwege de initiatiefnemers.

MC

 

luidklok, consecratie en overlijden

Als de kerkklok luidt tijdens de consecratie, sterft er binnen de week iemand in het dorp - zei ons een vrouw uit SPV. Met de opmerking erbij, dat de pastoor daar misschien synchroniseerde, in verband met zijn inkomsten... Nu meldt Jo Purnot in Grueles 16 (1996) / 3 / 112 datzelfde voor Groeselt.

JN

 

het kapittel van Sint Martensvoeren

Kapittels zijn groepen van samenwonende priesters, die priesterdienst doen. Deze zijn geen kloosterlingen, die eventueel ook priesterdienst verrichten, maar in de eerste plaats zelfheiliging betrachten.

 

Kapittels kwamen meestal voor in steden, maar soms vond men ze in dorpen. Zo in Amay, Kortessem. De kerk van een Kapittel voert de titel "collegiale".

 

Het kapittel van Sint Martensvoeren bestond uit een deken en drie kanunniken. Het bediende naast het centrale dorp ook Slenaken, Sint Pietersvoeren en Sint Jansraad. Het werd op het einde van de 18e eeuw door de Franse bezetter opgeheven. Deken Meesen werd toen gewoon pastoor. (5918 Habets Jos 1886).

 

Zeer oude vermeldingen van kanunniken zijn: Fridericus, heer van Ryferscheyt, 1270 en Renson de Fraipont, ca. 1340 (resp. 5155 Vaux Henri del - 1841 p. 172, 5679 Fraipont Charles de - 1930 p. 43 en genealogische tabel).

 

Wanneer en waarom is dat kapittel - deze uitzondering in de streek- ontstaan? - Forgeur zegt - zonder argumentatie - dat het teruggaat op een stichting door een keizer. (5909 Forgeur Richard 1988). -- Del Vaux ziet - eveneens zonder argumentatie- de oorsprong ervan in de bedienaars van de kapel van het koninklijk paleis van (Groot-) Voeren. -- De oudste vermelding van het kapittel van Sint Martensvoeren komt voor in een akte van Aldenbiesen van 1254 (220 Grauwels J., Regesten Alden Biesen: p. 820 nr. 2291). -

 

Dat kapittel omvatte naast Slenaken ook SMV, SPV en Sint-Jansrade, de laatste drie gelegen rond de Commanderie, Was misschien opgericht als een tegenzet tegen de uitbreiding van de Duitse Orde?

 

"Aan de geschiedenis van de kapittels valt nog alles te doen" (281 Munsters A.J. 1976 p. 479).

JN

 

Miro

In Voeren Aktueel van 9e jaargang nr. 3 stond een interview met Miro.

 

We sluiten daarbij aan en geven hier een paar zinnen uit een artikel van Miralem (Miro) Sefer uit het tijdschrift "Svijet" (De wereld), Sarajevo, jg. 3, nr. 114, 12 juli 1998 - de Europese uitgave..

 

"Demokratija se ne moz`e nauc`iti, to je nac`in shvatanja svijeta" -

Demokratie leert (nauc`iti) zich niet, het is de manier van begrijpen van de wereld (svijet).

".. dobro postavljeno pitanje vec' pola odgovora. Moz'da samo treba nac'i pravo pitanje." -

... een goed gestelde vraag (pitanje) is het halve antwoord (odgovora).- Komt er op aan goede vragen te vinden (nac'i).

 

We hebben dit laatste al "sterker" gehoord: "Een (gewone) vraag stellen is net zo belangrijk als ze op te lossen": door een vraag te stellen schept men namelijk reeds een categorie. Wie de vraag stelde "draait de zon wel om de aarde?" schiep de idee dat het misschien anders was. - En pas toen ging men zoeken.

 

abesses de Mouland

zie Ansay; "Moelingen, ditjes en datjes", in "Heem" 1969.

 

medisch personeel

"Eijsdens Verleden" nr. 78 (juni 1998) heeft een artikel over chirurgen. - Op het huidige gebied van de gemeente Voeren kenden we de chirurg Jan Theelen (SPV, grafkruis 1679), de artsen Halleux (SPV), Promper (SGV, 18e eeuw). En hoe was het met de tandartsen? De "wiesvrow" van SGV mocht de moeder van een buitenechtelijk kind niet bijstaan, als deze niet de naam van de vader noemde.

JN

 

Machomet

is een duivels wezen dat in SGV een begraven schat bewaakt. Ons medelid Robert Brouwers slaagde erin deze sage voor de 2e keer in de zeer moderne aandacht te brengen. Machomet II is namelijk de titel van een druk bezocht experimenteel geluids-evenement door kunstenaars in Altenbroek, 27-29-12-1998. Tenslotte is elke muziekstijl in zijn begin experimenteel geweest...

JN

 

mot

(pln - KW nrs. 3 en 4) - Harrie Salden, Ringburchten in Limburgs land: in: Limburg van Mook tot Eijsden - Jaarboek 1981, p. 130: "'motte" - een Normandisch woord voor heuvel -

 

oude dodebrief

Op de genealogie-tentoonstelling in Aubel was de dodebrief te zien - die aan de pastorie van Sint-Jansraad behoort - van deken Emonts van SMV, + 1780 (Groupement généalogique de Henri-Chapelle et Environs).

 

spoorlijn

80 jaar overname van de spoorlijn Tongeren - Aken door de Belgen werd in SMV herdacht. Dit met o.a. treintochten met stoomlocomotief op die lijn. Bij deze viering was er ook een tentoonstelling van oude Voerense foto's. Met deelname door TB.

 

onze spoorlijn en de IJzeren Rijn

"Neerlandia - tijdschrift voor (...) alle vormen van samenwerking tussen Nederland en Vlaanderen" heeft in zijn nummer 3 van jaargang 102 (1998) een dossier "De IJzeren Rijn", waarin deze IJzeren Rijn, een spoorverbinding tussen de haven van Antwerpen en Duitsland wordt gesitueerd tussen de aan te leggen "Betuwelijn" (Rotterdam - Geldermalsen - Wesel) en onze lijn Antwerpen - Hasselt - Montzen - Keulen en Düsseldorf. - Ook "Doorbraak - Vlaamse Volksbeweging - Taal-Aktie-Komitee" sept. 1996 wijdt een bladzijde aan dit thema. Beide nummers komen in de volgende leesmap.

 

spoorlijn-sage?

In het spoorweg-viaduct van SMV zouden nog dynamietladingen zitten, die in 1940 door de Belgische genie gezocht werden en niet gevonden. Prosper Colin zaliger zou de plaats geweten hebben, en dit geheim mee het graf in genomen hebben... wordt gezegd in SMV.

 

Tentoonstelling over Sinterklaas

Keulen, met medewerking door medelid TB.

 

"de korenwolf moet blijven..."

zegt "Natuurbehoud" mei 1998. Vinden wij ook... .

 

Bestuur

 

Vergaderingen op 08-10, 03-11, 07-12.

 

Gepland:

maart, 5: Lezing Wereldoorlog 1

april, 24: Jaarvergadering

najaar: silexmijnen St. Geertruid

zomer: Provinciehuis Hasselt

 

We stellen een volledige serie Koeënwòòf ter beschikking van de prov. Bibliotheken van Voeren en Hasselt. We voldoen ook aan de wet op deponeren van tijdschriften bij de Koninklijke Bibliotheek in Brussel. Ook in de Stedelijke Bibliotheek Maastricht is D'r Koeënwòòf aanwezig.

 

Onze kring nam deel aan "Waar is de tijd, 1000 jaar Limburg en de Limburgers, 30 sept., Aldenbiesen; ook aan "Blik naar Buiten", Antwerpen, 17 nov., over de verhouding tussen verenigingen en de maatschappij (VCVO - Vlaams Centrum voor Volksontwikkeling).

 

Voor de tentoonstelling "WO1" van de "Heemkundige Kring Groot Sint-Truiden" stelde ons medelid Theo Broers materiaal ter beschikking betreffende de "draad". Eerdere contacten met deze heemkring werden gestoord door moeilijkheden van politieke aard.

 

De "Lastige Klantenkaart" (werking 11 11 11) werd uitgedeeld aan de deelnemers van de workshop van 12 oktober.

 

***

 

Uit onze workshops...:

 

priemme (premies)

Op 't Belsj kries-de 'n priem (premie) wens-de de puët van 'ne voos ee-brings, op 't Hollensj wens-de d'r sjtoets brings, of andesj-um. E-zeu kuns-de van enge voos tweej kieëre de priem kriegge ... 't haat-er och die muskusratte "kweken". Die howwe ze da kapot, levere-n ze ee en trekke de priem op...

 

oude grafkruisen SGV

Er bestaat actieve belangstelling voor deze kleine monumenten bij meerdere van onze leden.

 

hèjbessem

'Ne bessem van 20 cm laank, va dun wortele, en in te-mits bie-ee (bienee!) gehotte mit draod. JN en TB kinne-n 't "werktuig" nog, de ander "aanwezigen neet. D'r naam kint mer juus JN. - Dit voorwerp diende vooral om het melkgerief schoon te maken. En dat was nodig, want verzuurde melk gaf een speciale geur aan het "melkes", en aan het hele huis. Tegenwoordig komt de melk niet meer buiten het gesloten geleidingssysteem, en riekt men niets meer in de melk-omgeving.

 

Bessemekriemer waor e "scheldwoord".

 

mergbulkes

(OV, SL-SL, vör ee g'n sop) - kinne mergbulkes: LL, JN - kinne mergbulkes neet: TB, FW, FM, TD

 

hondenkarren-optocht

heeft in Moelingen plaats gevonden tot 1914 (TB)

 

kerststallen

De 50-plussers en de parochieraad van SGV hielden in de kerk een drukbezochte tentoonstelling van zo'n 50 kerststalletjes.

 

orchideeën

C.A.J. Kreuts, van Landgraaf, publiceert een boek "Die Orchideen der Türkei", met massa's grote en mooie foto's. Ons medelid MC wordt er in bedankt voor zijn nazicht van de "Nomenklatur".

 

Godsdal

Ons bezoek aan Godsdal met zijn tentoonstelling over 900 jaar Cisterciënzers trok 'n goede 30 man. IVN Eys nam er aan deel. Jammer dat zo dicht bij de taalgrens er geen gidsing in het Nederlands te krijgen was. Ons medelid Willy Machiels zorgde voor vertaling. De vertaling halveert echter de tijd voor uitleg, en spontaan contact met de hoofdgids vervalt.

 

ongehuwden in Moelingen

Rond 1920 werd in Moelingen voor de laatste keer een "pop" opgehangen bij een "vrij" meisje van 30 jaar. . Dan gingen de jongens aan de deur aankloppen. De moeder moest dan "teren", en de pop werd weggenomen; er is daarover ooit een proces geweest (TB)

 

onze leesmap

bevat nogal wat publikaties die bij onze kring binnenkomen; ze circuleert vrij regelmatig. Belangstellenden mogen zich aanmelden om op de circulatie-lijst te worden gezet.

 

glasvensters SGV

Er is een begin gemaakt met de restauratie van de glasramen van de kerk van SGV (late 19e eeuw, met opschriften van de prominenten van toen).

 

nieuw huis

Als een nieuw huis werd gebouwd (1964) moest er onder de dorpel een geldstuk gelegd worden. Bij weigering door de bouwheer was de aannemer niet op zijn gemak. 't Gebruik bestond om een medaille uit het huis te gooien, de tuin van de buurman in. - Heden ten dage wordt nog altijd de mei gezet als de ruwbouw af is. Men liet ook wel de pastoor komen om het nieuwe huis in te zegenen.

 

VVV

De statuten van de - toen nog bescheiden - VVV zijn te vinden in het Belgisch Staatsblad van 9 april 1964.

 

pastoorslijsten

Martin Cailliau geeft een overzicht van zijn tot nu toe verricht werk rond de "pastoorslijsten"- deze gaan van 1804 tot nu. Ze omvatten voorlopig 83 pastoors van Voerense parochies, 46 kapelaans, en 35 in Voeren geboren priesters, die noch pastoor noch kapelaan aldaar waren. Dit onderzoek werd door Heemkunde Limburg aanbevolen. De discussie stelde meerdere aspecten van de kerkelijke hiërarchie in het licht.

 

processie en kermis Moelingen

 

Tot rond ca. 1960 ging de "bronk" in Moelingen uit op de zondag na Sakramentsdag, zoals op de meeste plaatsen. Ze werd ingericht door de "jonkheid", in overleg met het gemeentebestuur. Op 15 augustus was er een kleine processie (TB). Men heeft nadien de processie verplaatst naar 15 augustus, de dag van het patroonsfeest van de kerk, O.L.V. -ten-Hemel-Opneming. - De kermis valt er op de eerste zondag van september. Twee feesten met te weinig tussenpoos?

 

vlaaienkistje

We gingen met een heel kistje vol vlaaien naar de bakker. Die vlaaien werden er op zij ingeschoven (TB, MC).

 

d'r ieëgel

Onder de boeren is er onzekerheid over het feit of deze dieren "an de keu zoeke". Drinken egels wel melk? - Kenners bevelen aan ze geen melk te geven (TB, EV).

 

ruilverkaveling

Er gaan geruchten dat er in het ge-ruilverkavelde Noorbeek vier nieuwe boerderijen zouden opgericht worden. Dit kan het nederzettingspatroon wezenlijk veranderen. Rond het dorp verdwijnen massa's hoogstambomen (EV). Een tijdje geleden werden er premies gegeven om die te behouden of aan te planten). - In Voeren en zijn zuidelijke en oostelijke buurgebieden (provincie Luik) werd er geen geplande ruilverkaveling doorgevoerd. Wel vond er heel wat spontane perceelsruil plaats. - Archeologische rampen bleven daardoor uit, anders dan in Millen bij voorbeeld, waar een deel van de Romeinse weg vernietigd werd.

 

Maar hoeveel "rèè-sjtèng" ("grensstenen, soms eeuwenoud) zijn er echter bij ons verdwenen bij de spontane perceelsruil. En hoeveel van die typische perceelsgrenzen, getuigen van vroegere delingen en misschien van het Romeins kadaster...?

JN

 

actie plaatsnamen

(WS 11 januari 1999) - MC vraagt of er belangstelling is in de Heemkring voor het opstellen van een lijst van namen van woonkernen binnen Voeren. Het kan een opdracht zijn voor een kring lijk de onze, om daarover gedachten te hebben. MC is bereid een eerste voorstel voor zo'n lijst op te stellen. Dit onderwerp zal zeker in onze eerstvolgende workshops tot levendige gesprekken leiden. Het zou goed zijn als er zich nieuwe deelnemers aan de gesprekken zouden aanmelden.

 

 

Karel de Grote en Euregio

"Streekverkenning" richt in: "Van Karel de Grote tot Euregio", SMV Paviljoen, 25 maart 1999.

 

 

voor volgend nummer...:

Nieuwjaarsconcert in Voeren. (10 januari 1999) - 22e Euregionale Orgeltrip (7 juli 1998) -the reborn of "De Bron", Noorbeek (film en video).

 

REAKSIES

 

felicitaties

voor ons nummer 16 (1998/1) "met zijn grote diversiteit aan artikelen".

 

rechtzetting: everzwijn

(KW 12 p. 12) - Foto Cerfontaine, SGV, afdruk bij Theo Broers Enz...

 

Dit beschreven everzwijn werd aangereden aan Eugene Smeets, Moelingerweg, vader van de huidige in 't zelfde gebouw wonende burgemeester in 1938. Hierna een andere beschrijving.

 

De kop was voor Baron Heinrich de Loë (+1942) uit Mheer. De eigenaar van de weide was Joseph Lemlyn-Halleux (Nu familie Tromm). Hij kreeg de ene helft van de rest. De andere helft was voor Jean Grosjean (pachter dezer weide). Het dier was in hun weide gedood.

 

Cirkels: 3 Pierre Philippens, 6 Gaspard Herens, 10 Jean Louis Dodemont, oud burgemeester (Ottegraven), 12 Pauline Herens, 13 Josephine Kynné, 21 Nicolas Herens, 22 Marie-José Rademaekers, 24 Mia Huynen.

H. Vanaubel

 

"draod" 1915

(KW 16 p. 10) - Dat de draad niet helemaal langs de grens liep was bekend. . Er is echter waarschijnlijk nog nooit op gewezen dat precies drie kastelen buiten de draadversperring bleven.

 

kamere

(KW 16 p. 13) - In Moelingen werden bij de processie bij de heiligehuiskes kamere geschoten, hier een nieuw ingevoerd gebruik. Ook SGV schoot dit jaar, bij het geven van de zegen in de processie, de donderbussen.

 

nog "Het papegaaitje"

(KW 14 p. p. 14-15; KW 16 p. 24-25) - Graag ga ik in op de "reaksie" over de asclepias Syriaca; Dhr. Buysen Jos is naar ik gelezen heb in "reaksies" 'n mens met kennis en misschien ook hogere studies gedaan, ik ben maar 'n boerenjongen (nu 69 jaren oud) en maar tot 13 1/2 jaar op school gezeten in oorlogstijd, daar ons moeder stierf op 48 jarige leeftijd in 1944 en acht kinderen zomaar achterliet, ik vloog van de dag na 't overlijden achter de kookpotten en heb tot mijn huwelijk de keuken gedaan en de hele kroost mee grootgebracht, ik ben nooit vies of bang geweest tot op heden heb ik jaren in de vernoemde melksap en wortelscheuten met blote handen gewroet want 139 wortelstokken zijn aan de man gebracht. Meer dan duizend papegaaitjes afgesneden geen idee gehad pas op jeuk-blaren neen geen last gehad in al die jaren met veel plezier deze wondermooie plant over de grenzen heb verdeeld, zelfs tot in Montreal (Canada). - Dit is maar 'n nuchter antwoord. - met veel lezergroeten,

 

H. Vanaubel

 

Jos Buysen heeft zeker niet de bedoeling gehad om iemand te kwetsen, maar het antwoord van Henri Vanaubel is zo treffend, dat we het toch graag puliceren.

 

RED

 

glasvensters Moelingen

 

Het wapen van de van Elven's is een zilveren kruis in blauw - en niet omgekeerd. Het schild op de borst van de leeuw op het vensterglas van 1715 schijnt foutief te zijn: daar staat namelijk een schuinkruis!!

 

Theo Broers signaleert ons dat er in Moelingen nog meer van die oude glasvensters waren. - Ze werden overgebracht naar het klooster van de Ursulinen in Breust. - Een juffrouw Tossings wist daarvan. Ze is dood. - De huidige verblijfplaats van dit glas is niet te achterhalen.

 

Bij een bezoek op 5 aug. 1998 (pleinfeest in Moelingen) aan het venster uit 1575 met de wapens Biland en Vlodrop werd het glas "als materiaal" nader bekeken. Er blijken kleine stukken modern glas in te zitten - reparaties - maar het geheel is oud glas, met luchtbelletjes en "draden". Een argument om recente oorsprong van het problematische wapen uit te sluiten.

JN

offergaank

 

KW nr. 16 1998/1 blz. 233 -

 

Ee 's Grave-Voere hoosch dat kerkgaank gememeenlek nao 'n geboerte waor dat neuge daag ee ge bed, doonao gong de vrow heure kerkgaank doe'e, eumer der ierste kier dat ze op gen straot koom, de waor ee Voere 't gebroek.

 

Der paschtoor stong da oonder in de kerk met ene book e'e gen han get vur te lieze, doonao gonge ze a ge groeet altaar get beje (1925) me in 1955 waor 't al mer mie an oos lievrouw: altaar, der ene paschtoer zoe'e, der aandere zus. 't Gaanse verhool waor dat de vrow onzuver woar gewees en door der kerkgaank woerd ze gezuverd.

 

Der offergaank woar bie oos es te eum et hoofaltaar gongs eum de pietch (pateen?) te punne, altied met de hoeg daag: pinkste, paosche, kjasmes en nog aander, en ooch es 'n begrefenis es. Da get mer ten offere langs de liekkist en kriet mer 'n aandenkbeelsche, meh neet mie de pietch punne.

H. Vanaubel

 

hanekuppe - Septemberkeermes

Rechtzetting (kw nr 16 1998/1 pagina 24)

 

Ee 's Grave-Voere velt Septemberkeermes altied der zoondeg nao Sint Matheus (Mathieu), dit joor waor dat der zievenentintegste, want Matheus maog neejt met a gen deusch, - an de kermesnoon - aascheuve dus der veerde zoondeg. - Matheus naamdaag veelt op der eenentwintegste. Es der ierste september ene zoondeg, da es de keermes der letste zoondeg va september.

 

NB. oevur dat neejet vraoge a luj oet ege deurep, luj va bove de sieventeg jaor ???

 

H. Vanaubel

 

===

 

==

 

VRAOGE

 

Er komen in deze Koeënwòòf nogal wat vragen voor....

 

tekening Mieke Nyssen

 

===

 

 

WO1 in 's-Gravenvoeren: voedselbedeling

 

Op de tentoonstelling WO1 van de Heemkring Sint-Truiden, zagen we de hiernaast afgebeelde bon.

 

===

 

--------------------------------------------------

 

heraldiek van onze provincie

 

Sinds mei 1996: in zilver een goudgekroonde en -gewapende (nagels) rode leeuw met dubbele staart - een hartschild met 10 balken, afwisselend goud en rood. De leeuw hebben de beide Limburgen gemeen. Hij verwijst naar het stadje Limburg aan de Vesder, dat nu buiten het gebied van de provincies ligt. De dubbele staart heeft in onze streken enkel de Limburgse Leeuw. Ook de Tsjechische heeft dat, maar dat schijnt te verwijzen naar de tijd dat een Limburger - Luxemburger daar koning was.

JN

 

===

 

-------------------------------------------------------------------------------------

 

water-overlast

 

In ons vorig nummer moesten we al hoogwater in Voeren melden (p. 22). Nu wéér. Op 14 en 15 september 1998 ging de Voer haar zijn oevers bij het Jezuitenhof in 's-Gravenvoeren. In Moelingse straten stond men tot een halve meter in het water. De Jeker zorgde voor overlast in Eben-Emaal, de Geul in Valkenburg. De Gulp ontzag de boerenbedrijven langs haar oevers niet. Eijsdens Verleden nr. 79 (1998) publiceert foto's van overstromingen in 1918, 1924, 1926, 1932, 1983. Hierbij een foto uit Moelingen, 1956. de overstroming van de Voer in het Onderdorp, SGV ca. 1935 is ook op foto vastgelegd. De overstromingen van Eijsden zijn van andere aard (Maas) als die van Moelingen en de hoger gelegen dorpen (rivieren)

 

===

 

Voerense Bibliografie

 

http://ping.be/~ping4929/voeren_bibliografie.html

Onze bibliografie omvat tot nu toe (30 dec 1998) 1102 titels.

 

We verwachten dat openbare instellingen (bibliotheken..) binnen afzienbare tijd Internet voor iedereen zal toegankelijk maken.

Inmiddels kan men met gerichte vragen terecht bij Voeren 2000.

 

Boeken:

 

La ligne - Tongres - Visé - Gemmenich

 

Armand Bovy 1998, La ligne 24 - Tongres - Visé - Gemmenich. Visé, privé-uitgave. Brengt in 232 blz. bijzonder veel nieuwe documentatie over deze spoorlijn die voor een deel door de gemeente Voeren loopt. Duitse bronnen (regiments-gedenkboeken en archiefmateriaal) werden hoogstens indirect gebruikt.

 

Kroniek van een dorp in oorlog - Neerpelt 1914-1918

 

Alex Vanneste 1998, Kroniek van een dorp in oorlog - Neerpelt 1914-1918, 2 delen, 273 blz.. Deurne, Universitas, ISBN 90 337 0003 4. Is voor Voeren bijzonder van belang omdat er de elektrische grensafrastering voor het eerst uitvoerig in wordt beschreven, vanaf Vaals tot aan de zee.

 

Aubel - Un pays dans l'Histoire 1248 - 1998

 

Ook Aubel graaft in zijn geschiedenis, waarbij we toch Th. Lambiet als auteur bijzonder in het licht stellen. Voor het oosten van Voeren is Aubel van belang door zijn markt (sinds 1630), zijn pers (Die Fliegende Taube - "de doeff", 1848 en Le Journal d' Aubel - "de zjoernal" 1874). L. Wintgens geeft achtergrondinformatie over de -nu ongeveer verdwenen- volkstaal van Aubel, die aansluit bij de onze. H.C. Straet verwijst naar de paleolitische activiteit in het zuiden van onze gemeente. - En tenslotte geldt er zoveel uit de geschiedenis van Aubel ook voor de omgevende dorpen.

JN

 

"Land zonder grenzen"

 

Uit de jaargangen 5 en 6 (1970-1972) van het tijdschrift "Land zonder grenzen, drietalig tijdschrift voor Oost-België", die enigszins betrekking hebben op de Voerstreek, werd een keuze uit artikels opgenomen (ca. 40 titels). Artikels met hoofdzakelijk politieke inslag werden niet opgenomen: daarvan zijn er in de loop van de laatste decennia zoveel verschenen in kranten en tijdschriften, dat we er niet aan beginnen, ze volledig op te nemen.

 

"Le Foron"

 

Ook hier werden hoofdzakelijk politieke artikels niet opgenomen. We beschouwen ze als een interne aangelegenheid van de redigerende groep.

 

"Ursula's Rustuurtje"

 

De artikels uit collega "Ursula's Rustuurtje" werden in de bibliografie opgenomen. Uitgesloten werden zuiver interne aangelegenheden, die in dit huisblad worden behandeld (o.a. bewonersraden), evenals kennelijke overnamen van reeds elders gepubliceerde artikels. We hadden hier de gelegenheid om het auteurschap van ons medelid Jean-Marie Ernon recht te laten ervaren, dat hij omwille van zijn beroeps - deontologie in het bedoelde tijdschrift niet kan aangeven.

 

Hondsheiligen

 

In ons vorig nummer werd de 2e uitgave van dit boek van ons medelid Hub Reijnders aangekondigd. Het is er. Te koop bij de VVV.

 

Poësie

 

Verschenen: Nele Warson: "Dunne Vlaggetjes van Pluis", te verkrijgen bij de auteur, Molenstraat 77, B-3630 Maasmechelen.

 

"Voersprokkels"

 

het tijdschrift van de school die ons al jaren onderkomen geeft, staat nu op: http://gallery.uunet.be/provschool/ .

 

publikatie Rulen

 

Het eerste wetenschappelijk verslag over de noodopgraving van Rulen - Magis bij de aanleg van de gaspijp is verschenen; van de hand van Guido Creemers e.a. Ook Kim Groenendijk, die voor onze kring een paar jaar geleden een lezing hield, is bij de auteurs (NOTAE PRAEHISTORICAE 1998). De opgravingen leverden als bijzonderste resultaat een ontginningskuil van vuursteen voor de werktuigbouw op.

 

concrete tips

 

Martin Cailliau stelde zijn bibliografielijst ter beschikking, die hij in de loop der jaren heeft samengesteld.

 

We konden dankbaar gebruik maken van de hulp van de Prov. Bibliotheek Hasselt.

 

Er liggen nog altijd massa's fiches bibliografie die opgesteld werden door "Opbouwwerk Voeren" in de jaren '80.

 

Verdere concrete tips welkom.

 

Elza Vandenabeele, Jaak Nijssen

 

===

 

Autocrossport in st. Pietersvoeren 1997. Foto Luu Lieben