Alles over Buckfast , de Abby - de bij
Index

Soorten en Kenmerken

Het bijenvolk

Raten en was

Van Ei tot Bij

De buckfastbij.      

Het belangrijkste misverstand in de imkerswereld is, dat de buckfatbij een vast ras is zoals het italiaanse ras of de carnica, dit is niet het geval. De belangrijkste les die broeder Adam ons geleerd heeft is de methode om honingbijen te telen en te verbeteren.  

 

Buckfast Abbey

De Buckfast Abbey vindt je in Zuid-West-Engeland (district South Devon) Op abdijen en kloosters werden in het verleden de bijen gehouden. De monnikken voorzagen zich in hun onderhoud door he verbouwen van diverse produkten en de verkoop ervan. Honing was er daar één van

De Buckfastbij ontstond rond 1920 dank zij Broeder Adam in het klooster Buckfast.  

Bijna iedere imker kent wel ongeveer het verhaal van Broeder Adam, de Engelse monnik uit Buckfastshire, die vanaf 1919 bezig is geweest zijn bijen op goede eigenschappen te selecteren en die als koninginnenkweker over bijna heel de wereld naam heeft gemaakt. Hij kruiste zijn moeren met vooral ook uitheems materiaal waarvoor hij verre reizen maakte. Hij selecteerde zijn volken op zachtaardigheid, op géén of geringe zwermdrift, op ziektebestendigheid, op productiviteit als ook op een rustige raatzit. En het is hem ten volle gelukt. Buckfastimkers door heel Europa en Amerika werken met nog steeds met veel plezier met deze bijzonder zachtaardige bij. De erfenis van een eenvoudig man die op latere leeftijd eredoctoraten verwierf.

De oorsprong van het buckfastras is een voor 1920 uitgevoerde kruising tussen de donkere (leerbruine) Ligustica en de oorspronkelijke Engelse vorm van de Mellifera (zwarte bij), deze beide soorten bestaan in hun oorspronkelijke vorm niet meer. Deze kruising was geen resultaat van een vooraf gepland genetisch experiment maar eerder het gevolg van een voor de imkers van die tijd grote ramp. In het begin van de 20e eeuw was de Engelse bij nagenoeg uitgestorven door toedoen van de tracheeënmijt.

Toentertijd besefte niemand de oorzaak van het sterven van de bijen, die ook op het klooster bijna alle volken getroffen had.

De enige volken die overleefden hadden of een vreemde koningin of waren hiervan afstammelingen. Onder de overlevenden viel één volk op, het had een Italiaanse koningin welke door zwarte darren bevrucht was. Dit volk viel op door haar resistentie en haaldrift. Hetgeen hieruit ontstond werd later de buckfastbij genoemd.

De broeder reisde door Europa en Afrika op zoek naar betere bijen voor zijn abbey.Zijn ideaal was een bij te telen die met weinig inspanning van imkerszijde veel honing opbracht.Die vond hij natuurlijk niet. Elk bijenras had z'n voor en nadelen.

Hij besefte dat de ideale bij alleen verkregen kon worden door de verschillende rassen met elkaar te kruisen. In de loop van meer dan 70 jaar zijn door Broeder Adam de waardevolle eigenschappen van andere bijenrassen door kombinatieteelt in dit ras ingebracht. Het proces van identificeren van een waardevolle eigenschap tot integratie in de Buckfaststam duurde in het algemeen meer dan 10 jaar. Een dergelijk monikenwerk lijkt dan ook in de praktijk alleen door moniken uitgevoerd te kunnen worden.

Maar zelfs na 70 jaar  imkeren, telen, kruisen en selekteren vond hij zelf dat z'n doel nog niet bereikt was. Zijn leven was één avontuurlijke zoektocht naar zijn ideaal.

BELANGRIJKE DATA IN HET LEVEN VAN BROEDER ADAM.

1898 op 3 augustus         Adam Kehrle, de toekomstige Broeder Adam wordt in Biberach/riss in zuid-Duitsland geboren. Reeds als kind interesseerde hij zich voor bijen.

1910 maart:          Intrede in de benedictijner Abdij van Buckfast. 

1915:                   Broeder ADAM wordt om gezondheidsredenen ingezet bij de bijenteelt van het klooster. 

1916:                    Dank zij zijn waarnemingen schetst hij vanwege de resistentie van bepaalde bijenrassen (Ligustica) tegen de tracheemijt, de eerste ontwerpen
                            van wat later de Bucfastbij zal worden.
 

1917:                   De nieuwe Bucfaststam onstaat: leerbruine Ligustica x inheemse (engelse) zwarte darren.  

1919:                   Op 1 september krijgt Broeder ADAM de volledige verantwoordelijkheid voor de bijenteelt op het klooster.  

1920:                   Eerst experimenten met F1-kruisingen, Buckfast x Cyperse bij.  

1925:                   Hij opent zijn beroemde bevruchtingsstation in Dartmoor.  

1930:                   Begin van de kruîsings- en combinatieteelt met de Franse, zwarte bij.  

1940:                   Broeder ADAM voegt de eerste combinatieteelt in de Buckfaststam toe.  

1948:                   De Kunstmatige inseminatie wordt met behulp van de uitvinder van deze techniek, dr.Mackenson ingevoerd  

1950:                   De eerste "speurtocht" naar rassen in Frankrijk, Zwitserland, Oostenrijk, Sicilië, Duitsland.  

1952:                   Dan naar Algerije, Israël, Jordanië, Syrië, Libanon, Cyprus, Griekenland, Kreta, Joegoslavië, Ligurische Alpen.
                           Kruisingsexperimenten met de Cecropia.

1954:                   Turkije, Aegeische eilanden.  

1956:                   Joegoslavië.  

1958:                   Hij voegt een nieuwe combinatie van Griekse afstamming aan zijn stam toe.  

1959:                   Hij bezoekt Spanje, Portugal. Invoeging van de nieuwe combinatie van Cecropia   

1960:                   Kruisingsexperimenten met de Anatolische bij.  

1962:                   Marokko, Turkije, Griekenland, Joegoslavië, Egypte, Libië.   

1967:                   Hij voegt een nieuwe combinatie van Anatolische  afkomst in zijn stam in.
                           Gestart met kruisingsexperimenten van
de Fasciata (Egyptische bij).

1972:                   Voortzetting van de reizen: Turkije, Griekenland, Joegoslavië.  

1973:                   Hij wordt door de koningin onderscheiden met de O.B.E. (Order of the British Empire).
                           Op 13 mei wordt hem in
Duitsland het Bundesverdienstkreuz verleend.

1976:                   Marokko. Hij voegt een nieuwe combinatie van Egyptische afkomst (Fasciata) in zijn stam in.  

1977:                   Griekenland.  

1982:                   Reis naar het schiereiland Athos, Griekenland.
                           Gestart met kruisingsexperimenten van de Griekse bij van
het schiereiland Athos.

1983:                   Reis naar Kreta.  

1984:                   Reis naar de Verenigde Staten van Amerika, om de teelt van de Buckfast aldaar in goede banen te leiden.  

1987:                   Eredoctoraat van de Universiteit Uppsala, Zweden.
                           Hij voegt een nieuwe combinatie van Griekse
afkomst  (schiereiland
Athos) in zijn stam in.

1988:                   Eerste kruisingsexperimenten met de zachtaardige Afrikaanse bergbij Monticola uit Kenia/Tanzania (Kilimandjaro).  

1989:                   Ere lectoraat van de Universiteit Exeter.  

1996 1 september            Op 98 jarige leeftijd is Broeder Adam overleden

 

Een kleine vergelijking :

 
Italiaan
Carnica
Buckfast
Zwermneiging
zwak
sterk
zwak
Zachtaardigheid
redelijk
goed
goed
Propolis
matig
weinig
weinig
Honingproductie
hoog
goed
zeer goed
Voorjaarsontwikkeling
langzamer/vlug
vlug/langzamer
langzamer
Ziekte resistentie
goed
goed
goed

 

De buckfastbij is een erfvaste stam. Buckfast gepaard met buckfast geeft buckfast zonder dat er ongewenste splitsingen optreden.

De buckfastbij is zeer zachtaardig, zeer vruchtbaar en zeer zwermtraag. Hierdoor zijn de met deze bij behaalde opbrengsten eveneens zeer goed. Deze eigenschappen zorgen ervoor dat deze bij vooral ook bij beroepsimkers de voorkeur genieten boven andere rassen. Wat voor beroepsimkers goed is, is voor hobbyimkers, die meer tijd en middelen kunnen besteden aan hun bijen, zeker goed.

Het is niet eenvoudig de kwaliteiten van de buckfastbij in stand te houden en zonodig nog te verbeteren. Denk hierbij aan resistentie tegen de Varroa Jacobsoni en aan het z.g. opruimgedrag.

 In 1989 hebben de buckfastimkers  zich verenigd in de BBV (Buckfast Belangen Verenigd). In dat jaar onstond bij de imkers, die zich met de buckfastbij bezig hielden, de behoefte zich te verenigen. Dit samengaan was niet alleen nodig om materiaal en ervaringen uit te wisselen, maar was bovenal bedoeld om het levenswerk van Broeder Adam voort te zetten en in stand te houden. Ons erelid Broeder Adam is 98 jaar geworden en is in 1996 overleden.

Evenals in Duitsland, Denemarken en Zweden moeten ook in Nederland de buckfast-koninginnenkwekers zich houden aan strenge richtlijnen die door de vereniging zijn opgelegd.

 

. De licentienemers zijn verplicht mee te werken aan het jaarlijks uitgeven van een teeltverslag. Hierin is voor de leden aangegeven van welke koninginnen is nageteeld, welke darren hierbij gebruikt werden en wat de eigenschappen van de betreffende koninginnen zijn. De licentienemers zijn verplicht elk jaar hun gehele bijenbestand op AVB te laten onderzoeken. De uitslag hiervan wordt door de onderzoekende instantie aan een coördinator gemeld. Daarnaast moeten zij elk jaar 5 F1- koninginnen, die standbevrucht zijn, leveren aan de BBV, zodat door middel van een onafhankelijke testimker de BBV een kwaliteitscontrole heeft over het door de licentienemers afgegeven materiaal. De eigenschappen van geteelde koninginnen worden weergegeven in kwalificatiecijfers.

Deze cijfers,volgens internationale normen, lopen van 1 tot 5. De eigenschappen die voor de beoordeling in aanmerking komen zijn:

Zwermdrift, zachtaardigheid, raatzit, honingopbrengst, en sinds kort ook hygiënisch gedrag. Een licentienemer zal in de regel niet natelen van materiaal dat lager scoort dan een 4. Het gaat te ver al deze normen hier te vermelden. Als voorbeeld alleen de kwalificatie voor zwermdrift.

Een 5 krijgt een volk dat nooit belegde doppen produceert. Een volk dat doppen met eitjes produceert, maar zonder dat er ingegrepen wordt niet zwermt, krijgt een 4. Een 3 krijgt een volk dat, nadat doppen met eitjes zijn weggebroken, geen zwermpogingen onderneemt. Een 2 is voor een volk waarvan enkele keren doppen zijn gebroken maar niet heeft gezwermd. Een 1 is voor een volk dat zwermt.

Enkele Buckfasttelers :

[ Teelgroep Marken ]

[ Imkerij Immenhof ]

[ Buckfast Belangen Verenigd ]

[ Keld Brandstrup , Denmark ]

[ Weaver Apiaries, Inc. ]

[ Gemeinschaft der europäischen Buckfastimker ]

Paul Jungels uit Luxemburg 

 

De toekomst van de buckfastbij :

Sinds het overlijden van Broeder Adam wordt de buckfastteelt gedragen door een aantal telers en teeltgroepen in binnen en buitenland. Teeltgroepen bestaan uit een aantal imkers die samenwerken, zodat ze door hun gezamenlijke volkenaantal toch in staat zijn zinvol te selecteren. Samenwerking tussen telers (en teeltgroepen) vindt vooral plaats door het kosteloos uitwisselen van materiaal (larven, koninginnen).

Een lopend project is bijvoorbeeld het kruisen met Egyptische koninginnen door Deense en Nederlandse telers. Egyptische bijen hebben een gesloten broedperiode die bijna twee dagen korter is dan die van onze inlandse bij. Indien deze eigenschap (gedeeltelijk) ingebracht zou kunnen worden in de buckfastbij wordt de Varroamijt ernstig gehinderd in haar voortplanting. Naast de selectie op een beter hygienisch gedrag zou dit kunnen resulteren in een bij die kan leven met de Varroa en waarbij onder normale omstandigheden geen Varroabestrijding nodig is. Hoewel het resultaat van bovenstaande activiteiten niet vaststaat geeft het wel aan dat er nog gewerkt wordt aan de buckfastbij en dat het overlijden van Broeder Adam niet het einde van de buckfastteelt inhoudt.

Tenslotte

Dat de erfenis van Broeder Adam tot aan de dag van vandaag in stand wordt gehouden is een voldongen feit. In dit verband is de lijfspreuk van Broeder Adam van belang. Broeder Adam zei altijd "Laat de bijen het je maar vertellen". Met andere woorden, er hoeft geen etiket op een buckfastvolk. Het gedrag van zo’n volk verraad zijn afkomst.