Oorlogsschepen in Misenum
(Alie Heemskerk)

De vroege Romeinse oorlogsschepen stammen van voor de Punische Oorlogen en waren vooral quinqueremes (schepen waarbij je vijf maal drie rijen roeiers hebt). Deze waren vervaardigd naar het voorbeeld van de Carthaagse "vijf" en werden waarschijnlijk geroeid door het triremensysteem, waarbij je, zoals het woord al zegt, drie rijen roeiers hebt. Deze waren trapsgewijs achter elkaar geplaatst.
Ofschoon de Romeinse vloot, zoals in de Punische Oorlogen bleek, lang niet zo getraind was als de Carthaagse, hebben ze toch menig zeegevecht gewonnen. Dit komt omdat dit gebrek aan vakkundigheid werd gecompenseerd door de bouw van een forse enterloopplank op het achtereind van de schepen. Tijdens een gevecht kon men de plank op het vijandige dek laten vastploffen en zo gemakkelijk het schip bestormen. Een nadeel hiervan was echter, dat het schip hierdoor topzwaar werd, wat tijdens een storm leidde tot overlast en verscheidene tegenslagen.


Reconstructie van een
Liburnica, zoals Plinius Maior
die kan hebben gebruikt.


Na de Punische oorlogen (in de tijd van Plinius) begon men met de bouw van grotere oorlogsschepen (septiremen en deceres, waarbij je betrekkelijk zeven of tien maal drie rijen roeiers hebt). Een andere vernieuwing was de bouw van gevechtstorens en de toevoeging van een harpago. Dat laatste was een harpoenachtige enterhaak, die met een katapult naar het vijandige schip werd geschoten, om deze te kunnen "prikken" en naderbij te slepen. De torens waren inklapbaar en konden bovendien worden afgeworpen in geval van vluchtnoodzaak. Desalniettemin bleef de quinquereme het meest gebruikte schip.