home
kennismaking museum
tijdschrift actueel
vraagbaak
Kennismaking
met
Eisden




... een beknopte geschiedenis...
Eisden is één van de oudere nederzettingen uit het Maasland.
De oudste bewoningssporen dateren uit het Mesolithicum. Vanaf dit ogenblik was
er reeds een continue bewoning waaruit zich stilaan de dorpskern van het oude
Eisden, Eisden-dorp, ontwikkelde.
Op meerdere plaatsen in het dorp werden overblijfselen van Romeinse villa's
teruggevonden. Er heeft veel inkt gevloeid over de vraag of Eisden mag
geïdentificeerd worden met de Romeinse statio Feresne die op de Peutingerkaart
wordt aangeduid. Op dit ogenblik opteert men eerder voor het nabije Mulhem, dat
aan de basis ligt van de Eisdense Sint Willibrordus- parochie en nog lange tijd
parochiaal afhankelijk bleef van Eisden.
Plaatsnamen als "Berensheuvel" en "Couwenberg" herinneren
aan de Franken die vanaf het begin van de 4e eeuw onze gewesten kwamen bevolken.
Tijdens de 10e eeuw behoorde Eisden tot het gebied van de heren van Kessenich om
dan via schenkingen in handen te komen van de abdissen van het vorstendom Thorn
dat rechtstreeks afhankelijk was van de Duitse Keizer.
In de 16e eeuw werd Eisden verkocht aan Balthasar van Vlodropp, heer van Leut.
Nauwelijks was de heerlijkheid Eisden overgegaan van de kromstaf naar het
wereldlijk gezag of de woelige tijden begonnen pas goed. De heren van Leut kozen
partij voor de prins van Oranje, Willem de Zwijger. Willem's rijk was echter van
korte duur en de Spaanse bezettingstroepen zogen de lokale bevolking letterlijk
uit.
De machtstrijd over Eisden zou nog lang blijven aanslepen: in de 17e eeuw kreeg
Eisden niet alleen Franse soldaten maar ook Croatische, Poolse en Beierse
troepen over de vloer: het waren de hoogtijdagen van de Tachtigjarige oorlog!
In de loop van de 18e en 19e eeuw kwamen Fransen en Nederlanders op bezoek...
Pas met de onafhankelijkheidsverklaring van België in 1830 zou de rust
enigszins terugkeren!
Achtergrond-informatie: G.H. Dexters, De Heerlijkheid Eisden. Een brok geschiedenis, Eisden, 1936.

... van klein Maasdorp naar industrie...
Eeuwenlang bestond het Maasland slechts uit kleine dorpskernen
te midden van akkers en velden, weiden, heide en bossen, beken en de Maas. De
mensen moesten hard werken om te overleven. De meeste Maaslanders waren
landbouwers die hun brood verdienden met landbouw of veeteelt. Op de
onvruchtbare heidegronden van Eisden was dat bijzonder moeilijk. Sommigen
zochten een uitweg in seizoensarbeid: "naar de brikken" in
Duitsland...
Aan deze toestand kwam pas een einde bij het begin van de 20e eeuw. Reeds in
1876 verklaarde de Leuvense professor Guillaume Lambert als eerste dat in de
Kempense bodem een dikke steenkoollaag verborgen lag. Het bewijs werd geleverd
toen geoloog André Dumont in de nacht van 1 op 2 augustus 1901 kolen aanboorde
te As.
In meerdere Limburgse gemeenten werden mijnen opgestart.Voor het Maasland werden
in 1907 concessies verleend aan de "NV Limburg-Maas", met
vestigingsplaats te Eisden. Ten gevolge van de Eerste Wereldoorlog zou het
echter nog tot 1921 duren eer de eerste schacht voltooid was. Pas op 7 september
1922 werd het eerste wagentje met kolen opgehaald. De industriële geschiedenis
van Eisden kon beginnen...
Tot in de jaren 40 bleven de steenkolen de voornaamste energiebron. Door de
ontwikkeling van nieuwe energiebronnen, in de jaren 50, verloren de
steenkolen aan belang. Bovendien waren buitenlandse steenkolen beterkoop, de
ontginning van de Limburgse steenkoollagen via diepe schachten was bijzonder
duur en uiteindelijk niet meer rendabel. De meeste mijnen begonnen verlies te
maken en konden nauwelijks overleven.
In de jaren 80 volgden dan de mijnsluitingen. Eisden kwam in 1987 aan de
beurt...
Achtergrond-informatie: G. Persoons, Fietsen door culturen. Op zoek naar het verleden en heden van Eisden, L.I.C. Maasmechelen, 1997.



...van industrie naar Leisure Valley...
Na de sluiting van de Eisdense mijn bestond er een
voorstel om de voornaamste mijngebouwen te beschermen. Hun uitgesproken
architectuur vormde immers een unicum in het Limburgse mijnpatrimonium.
Uiteindelijk kwamen, in functie van de beschikbare restauratiegelden, slechts
drie gebouwen in aanmerking: de oude magazijnen, schachtbok II en
het indrukwekkende hoofdgebouw. In een latere fase werden de tekenburelen
en de gevel van de badzaal nog erkend als beschermd monument.
Bij de restauratiewerken van de beschermde schachtbok II dreigden de
kosten zodanig uit de hand te lopen dat hij vervangen werd door een copie in
prefab elementen...
Lokale mijnwerkers gaven dan te kennen dat ze de originele schachtbok I, de
Koninginneschacht wilden aankopen en behouden. Uiteindelijk werd dan toch
een beschermingsprocedure ingezet en kocht het gemeentebestuur de schachtbok
aan.
Op de oostgrens, waar de sociale burelen, infermerie en electrische centrale
stonden, is een nieuw shoppingcenter uitgebouwd: "Maasmechelen
Village"
De hoofdburelen krijgen in de toekomst een herbestemming als hotel- en
horecacentrum. Achter de beschermde gevel van de badzaal werd een
bioscoopcomplex uitgebouwd.
De Eisdense mijnsite kreeg een herbestemming als Leisure Valley, een
groot vrijetijdspark...
Achtergrond - informatie: Bert Van Doorslaer, Koolputterserfgoed. Een bovengrondse toekomst voor een ondergronds verleden, Provincie Limburg, 2002.

... nostalgia...
" Het moet ruim 50 jaar geleden zijn, rond 1936, dat G.H.
Dexters volgende aanhef van een nieuwe publicatie neerschreef:
'Sterft met de heide een oud bedevaartsoord?
"De heide sterft aan de werken der menschen" (Hilarion
Thans). Met de heide sterft het vreedzame landleven met de schakeeringen
van zijn leed en zijn zorgen, zijn vreugde en zijn blijdschap.
Met de heide sterven gebruiken en zeden, geheiligd door hun grijsheid.
Met de heide sterft ook dat eenvoudig landvolk dat geloofde en werkte, dat
streed om zichzelve te blijven en bad en beevaarde uit devotie of nood.
Beevaarde! Verleden tijd!
Waar blijven de vrome bidders, de uitgelaten "spasmächers" die zich,
op de groote dagen, voor de parochiekerk van onze, uren in het rond bekende,
bedevaartsoord verdrongen?
Waar blijven zij?
Gestorven met de heide waartegen ze eeuwen een ondankbaren strijd streden?
Al de Alvermannekens en Hussen gevlucht, omdat hoog boven Eisden
"Massief, geducht
heffen stomp den kop
bonkige burchten: de mijncentralen" (Hilarion Thans)
Of sterft met de heide ook alle nood in huizen en stallen?"
Met weemoed in het hart stelde hij vast dat de industrialisering van een
klein dorpje een aantal typische eigenheden, volkse gebruiken deed verloren
gaan. In de toekomst geen verering meer van St Jan de Doper in de parochiekerk
van Eisden-dorp? Geen bedevaarders meer die het hazenkoren aan baard en kin van
het St. Jansbeeld aanstreken?
Geen uitbundige feestvierders meer om Paas-Eisden?
Geen Alvermannekens meer?
Geen...?
Ruim 50 jaar later ontwaken we uit de industrieroes.
Geen mijnontginningen meer... maar ook geen heide meer...
En toch, meer dan ooit is er weer belangstelling voor de 'kleine dingen' van het
leven: natuur, het verleden van familie en dorp, het opnieuw naar waarde
schatten van volkse gebruiken...
Laten we verder gaan, het is immers geen pure nostalgie!"
(R. Dexters, Nostalgia, in Eisden, Jg. 6, 1989, nr.1.)
v.z.w. Stichting Erfgoed Eisden e.a.
De "Stichting Erfgoed Eisden" groeide in 1998 uit de vroegere "Geschied-
en Heemkundige Kring - Eisden" die werd opgericht op 28 december 1983.
De Stichting zet zich in voor het beschermen en conserveren van alle roerend en
onroerend erfgoed, het beschrijven en vastleggen van de geschiedenis van Eisden.
In de schoot van de Stichting groeide in 1985 de "Werkgroep
Limburgse Mijngebouwen". Vanaf 1995 werd, in samenwerking met het
Gemeentebestuur van Maasmechelen gestart met de renovatie en inrichting van het "Museum
van de Mijnwerkerswoning", waar ook het "Archief- en
Documentatiecentrum" werd ondergebracht.
Het dagelijks bestuur berust bij:
Voorzitter: Jan Kohlbacher
Onderwoorzitter: Nelly Janssen
Secretaris: Annemie Engels
Penningmeester: Jackie Martens
Beeldarchief: Richard Babczuk
Ere-bestuursleden: Johan Kusters (+)
erevoorzitter, Jef Ramakers (+)
Henri Notredame (+), Dries Janssen (+), Martin Jeurissen (+), Frits Gerards (+),
Pierre Ramakers (+), Flor Vanloffeld ere-ondervoorzitter,
Frans Verbouw (+), Jaak Reulens (+)
Leden: Marie-Jeanne Brabants, Thea Janssen, Anne Kohlbacher, Valère Hermans,
Robert Dexters, Patrick Aendekerk, Albert Cretnik, Christ Doumen, Poldi Fronczyk, Tom
Gendera,
Pierre Janssen, Martin Klingels, Jean Ramakers, Rik
Tommissen, Jan Vanreusel.
Medewerkers: Lazslo Decsi, Pollie Gregoor,
Ulli Kohlbacher, Jos Miscoria, Marc Lenssen, Luc Ramakers.
Secretariaat: Inkomststraat 19, 3630
Eisden. tel. 089-767 596
Redactie: Paul Nicoulaan 24, 3630 Eisden-Maasmechelen. Tel. en Fax: 089-764 575
e-mail voorzitter: jan.kohlbacher@skynet.be
e-mail secretaris: annemieengels@pi.be
beeldarchief: barich@skynet.be
e-mail website: robert.dexters@skynet.be
website: www.erfgoedeisden.tk
The Eisden
Heritage Trust is an association composed of former miners, teachers,
artists - local people who are convinced of the value of the remaining buildings
of the coalmine of Eisden and its surrounding mining village. They argue to
preserve the industrial and social heritage in their Documentation Center,
they run the Museum of the Miner's House, they organise
exhibitions, guided walks, they also publish books and a newsletter.
To contact them, please write, phone or e-mail to:
Eisden Heritage Trust
Paul Nicoulaan 24
B- 3630 Eisden - Maasmechelen
tel + fax: (32)89- 764 575
e-mail:
jan.kohlbacher@skynet.be
annemieengels@pi.be
La Fondation
du Patrimoine d'Eisden est composée d'anciens mineurs, enseignants,
artistes, historiens, ingénieurs, architectes,... dans un but de conserver
l'héritage industrielle et sociale de l'ancienne charbonnage et du village
minier d'Eisden.Il gèrent un Centre de Documentation ainsi que le
Musée de la Maison du Mineur située dans l'ancienne cité des
mineurs à Eisden.
Fondation du Patrimoine d'Eisden
Paul Nicoulaan 24
B-3630 Eisden-Maasmechelen
tel + fax: (32) 89 - 764 575
e-mail:
jan.kohlbacher@skynet.be
annemieengels@pi.be
Die Stiftung
Erbgut Eisden ist eine Gruppe ehrenamtliche mitarbeiter, Bergarbeiter,
Lehrer, Künstler usw., die die Instandhaltung der eigenen Bergbau und
Sozialgeschichte in alle ihren Erscheinungsformen betrachten. Mit einem Archiv
und Museum der Bergarbeiterwohnung in der ältesten
Bergarbeitersiedlung Eisdens.
Stiftung Erbgut Eisden
Paul Nicoulaan 24
B-3630 Eisden-Maasmechelen
tel + fax: (32) 89 - 764 575
e-mail:
jan.kohlbacher@skynet.be
annemieengels@pi.be