Operatie Overlord:
de verdediging en luchtlandingen De Duitse verdediging; strijd in de lucht
De geallieerde luchtstrijdkrachten hadden als eerste doel
de Duitse verdediging uit te schakelen of zo te vernielen dat deze
niet meer bruikbaar was. Dit begon al in het voorjaar voordat de
invasie zou plaatsvinden. Geallieerde verkenningsvliegtuigen vlogen
over verschillende stranden om foto's te maken. De pelotoncommandanten
en de stuurlieden van de landingsvaartuigen gebruikten deze om doelen
te bepalen zoals zij ze konden verwachten. Om de bedoeling hiervan
niet te verraden werden er ook een aantal vluchten uitgevoerd rond
het Nauw van Calais. Ongeveer 10 weken voor de invasie zou beginnen,
begonnen jachtbommenwerpers radarstations uit te schakelen langs
de Frans-Belgische kust. Dit gebeurde door Typhoons, Spitsfires
en Mosquito's van de 2de tactische luchtvloot van de RAF die bijna
2.000 vluchten uitvoerden tegen radarstations. Deze doelen waren
soms goed verdedigd, waardoor de aanvallers zware verliezen leden.
Op 5 juni hadden de jachtbommenwerpers op 16 na alle 92 doelen uitgeschakeld
en geen enkele radar dat het invasiegebied bestreek, functioneerde
nog volledig. Ook kregen de jachtbommenwerpers andere doelen toegewezen.
In totaal werden er voor de jachtbommenwerpers 72 specifieke doelen
uitgekozen; 39 in het westen van Duitsland en 33 in Frankrijk en
België. Onder deze doelen bevonden zich spoorwegknooppunten,
rangeerterreinen en werkplaatsen waar rijdend materieel werd gerepareerd.
Tijdens de laatste 6 weken voor de invasie werden 36 vliegvelden van de
Luftwaffe in Frankrijk, Nederland en België aangevallen. Toen de
invasie was begonnen en de eerste geallieerde troepen aan land waren,
probeerden de Duitsers iets terug te doen. De eerste poging om de schepen
te bereiken met bommenwerpers en deze te vernietigen mislukte, omdat ze
werden onderschept en teruggedrongen. Een paar Duitse jagers slaagde er
die ochtend in om het landingsgebied te bereiken. Deze jagers voerden
een aanval uit op het Sword-strand. Verder werden
er nog een paar pogingen gedaan, maar deze werden afgeslagen door de geallieerden.
Toen de geallieerden op het strand geland en zo goed als doorgebroken
waren, begonnen de geallieer-den de verdedigingsmacht aan te vallen en
de versterking tegen te houden. De Duitsers begonnen geheime wapens in
te zetten zoals een vanuit de lucht lanceerbare gliderbom tegen schepen.
Hiermee werd weinig succes geboekt. De 'mistel', een omgebouwde bommenwerper
die als bom diende, was een mislukking. Ook zetten de Duitsers straalvliegtuigen
in, maar die kwamen bijna niet in actie wegens kwetsbaarheid. De geallieerden
waren heer en meester in de lucht en er waren maar weinig acties tegen
de geallieerde vliegtuigen.