De premissen en de voorbereidingen zijn reeds voor een deel uiteengezet
in het artikel over de “Schemeroorlog”.
Sinds september 1939 heeft de Frans-Britse Generale Staf een strategie
uitgewerkt onder de naam van Plan D, of Dijle-plan naar de rivier
langswaar de Geallieerden hun troepen zullen ontplooien.
Dit plan is gebaseerd op de Duitse strategie
van 1914 waarbij Frankrijk wordt aangevallen door België, zodat
de Maginot-linie wordt omtoerd. We weten ondertussen dat de Duitsers
door omstandigheden een ander plan uitgewerkt hebben.
Het Plan D voorziet dat Franse en Britse troepen
(van het BEF) België binnentrekken en zich ontplooien langs
de Dijle. Dit plan is wel gehypoteceerd door de strict neutrale
houding van de Nederlandse en de Belgische regeringen die geen troepen
op hun grondgebied toelaten vóór een mogelijke Duitse
inval. Daarnaast kent het plan nog enkele zwakke punten, met name
de veronderstelling dat de Nederlandse en de Belgische legers in
staat zullen zijn om de Wehrmacht voldoende lang op te houden voor
de ontplooiing van de Frans-Britse troepen en dat bovendien het
Belgische leger defensieve posities heeft klaargemaakt langs de
Dijle.
De voorziene ontplooiing van de Geallieerde
troepen volgens het Plan D is als volgt: (van noord naar zuid) het
Nederlandse leger
verdedigt de Vesting Holland, een gebied van aan de Zuiderzee tot
aan de Maas. Het 7e Armée
houdt de lijn Turnhout-Breda en heeft een verbinding met het Nederlandse
leger. Het Belgische leger
houdt de sector van Antwerpen tot Leuven, waar in principe 48 u.
moet standgehouden worden. Het BEF
ontplooit zich van Leuven tot Wavre. Het 1e
Armée neemt over tussen Wavre
en Namur en het 9e Armée
tussen Namur en Mézières.
Het Duitse offensief wordt gedragen door 3
Heeresgruppen: in het noorden, tegenover Nederland en Noord-België,
Heeresgruppe B onder
het bevel van Gen. von Bock; in het centrum, tussen Aachen en Zuid-Luxemburg,
Heersgruppe A
onder het bevel van Gen. von Rundstedt; in het zuiden, tussen Zuid-Luxemburg
en Zwitserland, Heeresgruppe C
onder het bevel van Gen. Ritter von Leeb.