Home page

Schoolgerichte begeleiding

Schoolgerichte begeleiding is in het dagcentrum De Twijg een onmisbare en essentiële functie van het dagcentrum.

De aandacht voor elke ‘minderjarige als leerling’ is een belangrijk aspect in elke opvoedingsrelatie: tussen ouders en hun kind, tussen dagcentrumbegeleiders en de opgenomen minderjarigen. De schoolresultaten, de persoonlijke beleving van het schoollopen, de omgang tussen leerkrachten en de minderjarige,..., bepalen immers in belangrijke mate het zelfbeeld en het persoonlijke welbevinden van die minderjarige. Een vlot en bevredigend verloop van het schoollopen houdt de mogelijkheid open dat de ontwikkelingskansen van de minderjarige optimaal blijven. Minderjarigen binnen de Bijzondere Jeugdbijstand hebben het evenwel vaak lastig op schools vlak. Het spreekt bijgevolg voor zich dat De Twijg, als dagcentrum binnen de Bijzondere Jeugdzorg, deze aandacht voor en begeleiding van de minderjarige als essentiële pijler opvat in het aanbod naar de gezinnen en de minderjarigen toe.

De minderjarigen, begeleid in het dagcentrum De Twijg, vervullen, door de band genomen, hun leerplicht door school te lopen. Dit schoollopen kan succesvol of problematisch zijn en krijgt in elke door het dagcentrum aanvaarde begeleiding aandacht. Maar de intensiteit van de dagcentrumbegeleiding van de minderjarige ‘als leerling’ kan verschillen naargelang de problematiek en het belang eraan gehecht door de ouders en/of consulent bij het formuleren van de doelstellingen van het handelingsplan. Deze begeleiding omvat dan ook de volgende vier aspecten: studiebezoek onder toezicht, studiebegeleiding, schoolcontacten en schoolbegeleiding.

Het studiebezoek onder toezicht en het onderhouden van schoolcontacten vormen de minimale invulling van deze dagcentrumfunctie. Studiemomenten worden tijdens het schooljaar dagelijks onder studietoezicht aan elke minderjarige opgelegd. En bij elke dagcentrumbegeleiding zal bij het begin ervan en tijdens het verloop doorheen de volgende maanden geregeld met de betreffende school contact opgenomen worden.

De studiebegeleiding en de schoolbegeleidingzijn de twee extra-inzetbare en dus facultatieve aspecten van deze dagcentrumfunctie. Ze vergen elk apart een expliciete aanvraag van één van de betrokken partijen in de dagcentrumbegeleiding (gezin, consulent, dagcentrum). Bij de schoolbegeleiding wordt de school (leerkrachten) als een 4de partij voor deze functie toegevoegd.

1. Studietoezicht
Tijdens de dagcentrumuren, na de schooltijd, is elke minderjarige verplicht aandacht te besteden aan de ‘lessen en taken’ opgegeven door de school. Hiertoe wordt in het dagcentrum een studietijd opgelegd, afhankelijk van de leeftijd en de studierichting.

Deze studiemomenten verlopen altijd onder toezicht van een dagcentrumbegeleider en in een daarvoor ingerichte studieruimte. Dit studietoezicht beperkt zich tot het vlot en in stilte laten verlopen van de studietijd, het inkijken van de agenda en het controleren van de dagelijkse schoolopdrachten van elke minderjarige. De verantwoordelijkheid voor het maken van het huiswerk ligt altijd bij de minderjarige.

Inhoudelijk beperkt de uitleg van de begeleider, belast met studietoezicht, zich tot eenzelfde niveau zoals de ouders van de minderjarigen zelf dit zouden invullen.

2. Schoolcontacten
Bij de start van elke begeleiding wordt altijd contact genomen met de school. Deze schoolcontacten gebeuren liefst samen met de ouders. Schoolcontacten hebben als doel dat er op een vlotte manier informatie tussen school en dagcentrum doorgegeven wordt. De wederzijdse informatie-uitwisseling wordt telkens doorgebriefd aan de ouders.

Als het schoollopen geen noemenswaardige problemen schept en als de ouders geen weerstand hebben om (geregeld) contact te nemen met de school, dan houdt het dagcentrum zich in deze functie bij voorkeur op de achtergrond.

Als het schoollopen wel problematisch verloopt, zullen rechtstreekse schoolcontacten door het dagcentrum frequenter voorkomen en kan het dagcentrum zich opstellen als buffer tussen de school en de ouders.

Het onderhouden van schoolcontacten kan in het handelingsplan opgenomen worden, indien het schoollopen problematisch verloopt en de consulent uitdrukkelijk verzoekt om het schoollopen strikt te controleren.

3. Studiebegeleiding
Het opzetten van een studiebegeleiding vergt een doelgericht en planmatig handelen van de begeleider ten aanzien van de minderjarige met betrekking tot het plannen, organiseren en uitvoeren van het studeren. Studiebegeleiding kan in het dagcentrum plaats vinden wanneer de ouders (in medewerking met hun kind) dit uitdrukkelijk vragen. Hiertoe zal dan steeds een afzonderlijke doelstelling opgenomen worden in het handelingsplan van het dagcentrum.

4. Schoolbegeleiding
Schoolbegeleiding is een aspect van de begeleiding van ‘de minderjarige als leerling’ dat slechts sporadisch voorkomt. Dit omvat een begeleiding gericht naar de onderwijsgevenden op de school. Schoolbegeleiding houdt in dat er met de school expliciet onderhandeld wordt over de bedoeling van deze begeleiding.

Zulke schoolbegeleiding is in duur beperkt en wordt vanuit het dagcentrum opgezet (liefst in samenspraak met het P.M.S./C.L.B.). Ze richt zich tot één of meerdere leerkrachten en kan slechts opgezet worden als een leerling ook in het dagcentrum begeleid wordt.


De schoolse begeleiding is een onderdeel van de integrale begeleiding van gezinnen .

De studie-inzet, de studiemogelijkheden van de minderjarige, de schoolresultaten en eventuele schoolproblemen worden geregeld binnen de thuisgesprekken met het gezin ter sprake gebracht. Hierdoor wordt doorheen de begeleiding de aandacht van de ouders naar het schoollopen gebracht. Het bespreken van studietoezicht en van de stijl van omgaan met de school, ... kan voor de ouders mogelijkheden bieden om zelf actief aandacht te besteden en inzet te vertonen voor het schoolleven van hun kind.

Bij het invoeren van thuisdagen en bij het starten van de afbouwfase in de dagcentrumbegeleiding zal tijdens de thuisgesprekken op een expliciete en meer intensieve manier het studeren en het schoollopen van de minderjarige gethematiseerd worden. We sommen hier een aantal thema’s op, die voorheen reeds in de thuisgesprekken aan bod zijn gekomen, maar nu heel uitdrukkelijk de revue kunnen passeren: hoe omgaan met de schoolagenda, hoe reageren op nota’s in de agenda, hoe het schoolwerk controleren, hoe omgaan met rapporten en hoe en waarom de schoolresultaten bespreken, hoe goede studiemogelijkheden op de kamer of in de woonkamer maken, verwachtingen van de ouders en van het kind bespreken en in overeenstemming brengen met de mogelijkheden van het kind, het bespreken van toekomstperspectieven, ...