het verhaal van een tuin en zijn bewoners...
mei 2005 - juni 2005 - juli 2005
5 juni 2005:
Paniek! De Helleborus laat op volhardende wijze zijn oren hangen. Verplaatsen, minder of meer begieten noch bemoedigend toespreken hebben enige positieve invloed: blaadjes verschrompelen, stengels vallen slap en bloemen zijn in de verste verten niet te bespeuren. Edoch wat blijkt bij navraag bij bevoegde collega's: dit is helemaal normaal! Heleborus verdwijnt in de zomer om in het najaar weer uit te lopen. Oef!
Ondertussen is het terras gelegd maar nog niet vastgevezen, moeten er dringend distels gemaaid worden en veel gefotografeerd worden. Maar de strakke wind maakt dat laatste zo goed als onmogelijk. Maybe next week.

8 juni 2005:
De hooiweide, vooral gedomineerd door grassen (ooit determineer ik ze wel) en boterbloemen. Maar niettemin mooi als wind en avondzon er doorheen spelen.

12 juni 2005:
Nog steeds veel wind, en extra werk aan het terras (een deel van de planken voldoet niet). Alsof het minderwaardig hout mag zijn omdat het FSC-gelabeld is. Hetzelfde idioot fenomeen dat biogroenten kleiner en al wat verlepter mogen zijn dan gangbaar. Meneer houthandel opgebeld. Meneer houthandel komen kijken. Meneer houthandel neemt de slechte planken terug en zorgt voor nieuw gerief. Meneer houthandel mag nog komen.
Maar ondertussen een halve dag naar de vlooien natuurlijk, en nog steeds geen terras. Dan maar gras gemaaid, haag geschoren, brandnetels uitgetrokken op de speelstroken en voorwaar: een paar foto's kunnen maken, ondanks de sterke wind. Een schorpioenvlieg, een penseelkever, een vliegje en onderstaande kniptor.

13 juni 2005:
Amper is de zon achter het bos weggezakt, en in onze tuin lijkt een golf van jagers op te duiken. Verschillende ransuilen scheren als Nazgûl over de hooiweide en zweven een paar keer op enkele meter van het raam voorbij. Indrukwekkend hoe groot ze lijken. Er duiken ook regelmatig vleermuizen op die vlak voor het raam een scherpe bocht maken en weer de boomgaard induiken om er de motten en muggen uit te plukken.
23 juni 2005:
Het is er uiteindelijk toch van gekomen: de hooiweide is gemaaid. Om goed
te zijn had het drie weken vroeger moeten kunnen, want ondertussen heeft
de Gestreepte witbol (een gras dat momenteel
nogal overheerst) kans gehad om de zaadreserve weer eens aan te vullen (lees
hier waarom dat niet mag). Ook voor het
verschralen (voor zover dat mogelijk is naast een maisakker natuurlijk)
was het beter geweest iets vroeger te maaien: tot half juni steken de grassen
veel energie in de bloei en zaadproductie, daarna gaan ze weer energie stockeren
(voedsel stockeren) in hun ondergrondse delen. Maar goed, 23 juni is ook
mooi, en na nog een weekje drogen voer ik al het maaisel af. Volgend jaar
beter.
Om niet alle vlindertjes, kevertjes en co te onthemen zijn er twee stroken
van zo'n 16 m² blijven staan. Die worden later gemaaid als de rest
weer wat geschoten is.
29 juni 2005:
Gewapend met riek en kruiwagen was ik net het maaisel te lijf gegaan om het op een grote hoop brandnetels te doen kweken. Natuurlijk begon het na twee kruiwagens afgevoerd te hebben dikke droppels te regenen, en bovendien ferm dichtbij te donderen en bliksemen. Die droppels tot daar, maar op een blote kouter met een ijzeren riek de held uithangen is niet aan mij besteed.
Ook de geplande fotosessie van de bloeiende Buddleia, Kogellook en Muurpeper zijn verschoven naar latere datum.