Descendants of Jan de RAET

Thirteenth Generation

(Continued)


31083. Jan Hendrik TIMMERS (Kaatje BURGERS , Johanna VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 29 Sep 1859 in Oudenbosch. Jan was employed as werkman te Klundert (1899).

Jan married (1) Johanna VEERMANS daughter of Gijsbert VEERMANS and Maria KOOPMAN on 6 May 1899 in Willemstad. Johanna was born on 22 Jul 1868 in Willemstad. She died on 18 Apr 1904 in Klundert.

They had the following children:

  42218 M i Living
  42219 F ii Living

Jan married (2) Krijna Elizabeth VAN POPPEL daughter of Johannes Marinus VAN POPPEL and Lena Johanna SLIKBOER on 25 May 1905 in Klundert. Krijna was born about 1879 in Heerjansdam.

31090. Huibert Jacobus TIMMERS (Kaatje BURGERS , Johanna VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born about 1876 in Haarlem.

Huibert married Adriana Willemina de JAGER daughter of Pieter de JAGER and Maria HEIJBOER on 17 May 1900 in Dordrecht. Adriana was born on 11 Apr 1877 in Oud-Vossemeer.

They had the following children:

  42220 M i Living
        Living married Living daughter of Hermanus VAN WIJK and Johanna STAM.
  42221 M ii Living
        Living married (1) Living daughter of Paulus VERDUIN and Martina VAN DER DUSSEN.
        Living married (2) Anneke VAN DER VLIET. Anneke was born on 24 Jul 1906 in Andel. She died on 4 Jan 2002 in Dordrecht.

31094. Antonie BURGERS (Antonie BURGERS , Johanna VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 29 Jan 1870 in Kralingen. He died after 20 Apr 1911.

Antonie married (1) Philippina BRINKMAN daughter of Jacob BRINKMAN and Kornelia Elisabeth SCHALEKAMP on 18 Oct 1899 in Pernis. Philippina was born on 24 Sep 1872 in Pernis. She died on 20 Apr 1911 in Arnhem.

They had the following children:

  42222 M i Living
  42223 M ii Living
  42224 M iii Jacob BURGERS was born about 1906 in Rotterdam. He died on 2 Sep 1932 in Arnhem. Jacob was employed as letterzetter.

Ongehuwd overleden.

Antonie married (2) Philippina BULSING daughter of Hendrik BULSING and Helena BRINKMAN on 29 Dec 1911 in Maasland. Philippina was born on 18 Feb 1877 in Pernis.

31095. Wilhelmina Maria VAN ANNELAND (Jacobus Willem VAN SINT ANNALAND , Wilhelmina VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 25 Dec 1875 in Zevenbergen. She died on 14 Dec 1939 in Zevenbergen.

Wilhelmina married (1) Bastiaan SIEREVELD son of Jan SIEREVELD and Elizabeth VAN PROOIJEN on 23 Aug 1895 in Zevenbergen. Bastiaan was born on 7 Dec 1870 in Dinteloord. He died on 30 Dec 1901 in Leiden. Bastiaan was employed as arbeider.

They had the following children:

  42225 F i Elisabeth SIEREVELD was born on 2 Feb 1896 in Zevenbergen. She died on 7 Jul 1905 in Zevenbergen.
  42226 M ii Jacobus Johannes Albertus SIEREVELD was born on 12 Sep 1897 in Zevenbergen. He died after 4 May 1931. Jacobus was employed as timmerman te Hooge- en Lage Zwaluwe.
  42227 M iii Jan SIEREVELD was born on 15 Apr 1900 in Zevenbergen. He died on 19 Oct 1906 in Zevenbergen.

Wilhelmina married (2) Adrianus Cornelis GELEIJNS son of Johannes GELEIJNS and Cornelia KELDERMANS on 21 Apr 1905 in Zevenbergen. Adrianus was born on 18 Apr 1867 in Etten-Leur. He died on 7 Jan 1946 in Zevenbergen. Adrianus was employed as timmerman.

They had the following children:

  42228 M iv Albertus Marinus Johannes GELEIJNS was born on 13 Feb 1907 in Zevenbergen. He died on 27 Apr 1941 in Breda. Albertus was employed as boekdrukker, letterzetter.
        Albertus married Rachel de VISSER daughter of Lambert Leendert de VISSER and Clasina Marina VAN HEMERT on 4 May 1931 in Zevenbergen. Rachel was born about 1906 in 's-Gravendeel. She died after 27 Apr 1941.

31096. Pieter Jacobus VAN SINT ANNALAND (Willem Jacobus VAN SINT ANNALAND , Wilhelmina VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 27 Feb 1861 in Westmaas. He died on 26 Jul 1931 in Strijen.

Pieter married Saartje VAN ROON daughter of Jacob VAN ROON and Pietje PLUKHOOI on 6 Jul 1893 in Strijen. Saartje was born on 16 Sep 1869 in Strijen. She died on 5 Apr 1933 in Strijen.

They had the following children:

  42229 F i Willemina Jacoba VAN SINT ANNALAND was born on 17 Jan 1896 in Westmaas. She died on 3 Jul 1914 in Westmaas.

Ongehuwd overleden.

31097. Thijs VAN SINT ANNALAND (Willem Jacobus VAN SINT ANNALAND , Wilhelmina VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 28 Mar 1862 in Westmaas.

Thijs married Elisabeth KRAMER daughter of Adam KRAMER and Adriana VAN GELDER on 28 Jul 1893 in Westmaas. Elisabeth was born on 5 Jul 1868 in Cillaarshoek.

They had the following children:

  42230 F i Klara Adriana VAN SINT ANNALAND was born on 15 Nov 1893 in Westmaas.
        Klara married Martin Pieter VAN DER POLS son of Cornelis Leendert VAN DER POLS and Andrika HOORNWEG on 4 Feb 1920 in Rotterdam. Martin was born on 31 Dec 1893 in Charlois.
  42231 F ii Adriana Wilhelmina VAN SINT ANNALAND was born on 17 Aug 1896 in Rotterdam.
        Adriana married Paulus VERSCHOOR son of Bruin VERSCHOOR and Maria VAN GENDEREN on 14 Apr 1920 in Rotterdam. Paulus was born about 1895 in Capelle aan den Ijssel.
  42232 M iii Willem Jacobus Adam VAN SINT ANNALAND was born on 8 Oct 1898 in Rotterdam.
        Willem married Johanna GOUD daughter of Arie GOUD and Johanna Geertruida RIETHOFF on 15 Jul 1925 in Rotterdam. Johanna was born about 1899 in Rhoon.
  42233 F iv Living
        Living married Living son of Kleis LAGENDIJK and Adriaantje KLOMPENHOUWER.

31105. Jacobus Willem VAN SINT ANNALAND (Willem Jacobus VAN SINT ANNALAND , Wilhelmina VAN DALEN , Adriana de JONG , Lijsbet VAN DER NET , Ariaantje Pietersdr SANDELING , Pieter Hendriksz. SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 27 Apr 1873 in Westmaas.

Jacobus married Adriana KRAMER daughter of Adam KRAMER and Adriana VAN GELDER on 15 Sep 1899 in Westmaas. Adriana was born on 27 Jun 1874 in Maasdam.

They had the following children:

  42234 F i Living

31110. Johanna Clasina CRAMER (Henrica Petronella BRILLENBURG , Gerard Corneille BRILLENBURG , Pieter BRILLENBURG , Gerardus Franciscus BRILLENBURG , Cornelia LA ROIJ , Adriana Hendriks SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 17 Sep 1857 in Schiedam. She died on 19 May 1920 in Nijmegen.

Johanna married Adrianus Jan BOUWENS son of Pieter BOUWENS and Catharina Henriette VAN DUGTEREN on 14 Aug 1879 in Zutphen. Adrianus was born about 1851 in Heesch. He died on 6 Apr 1927 in Nijmegen. Adrianus was employed as leraar.

They had the following children:

  42235 M i Pieter Catharinus BOUWENS was born on 8 Sep 1880 in Nijmegen. He died on 6 Apr 1936 in Nijmegen.
  42236 F ii Henriette Gerarda BOUWENS was born on 30 Dec 1881 in Nijmegen.
  42237 F iii Johanna Adriana BOUWENS was born on 25 Jul 1895 in Nijmegen.

31118. Maria Anna de GOEJE (Cornelia Gerardina Johanna BRILLENBURG , Gerard Corneille BRILLENBURG , Pieter BRILLENBURG , Gerardus Franciscus BRILLENBURG , Cornelia LA ROIJ , Adriana Hendriks SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) died after 2 Mar 1929.

Maria married (1) Frédéric Louis RAMBONNET on 14 Nov 1901 in Leiden. Frédéric died after 8 May 1913.

They had the following children:

  42238 M i Living

Maria married (2) Theodoor Alexander BOEREE son of Hendrik BOEREE and Maria WESTENDORP on 7 Sep 1915. Theodoor was born on 14 Oct 1879 in Wageningen. He died on 31 Jul 1968 in Hilversum. Theodoor was employed as beroepsofficier en krijgsgeschiedkundige.

http://www.inghist.nl/Onderzoek/Projecten/BWN/lemmata/Index/bwn3/boeree
Boeree trad na het behalen van zijn HBS-diploma in 1898 te Kampen vrijwillig in dienst als vaandrig-titulair bij het 7e Regiment Infanterie. Een jaar later besloot hij beroepsofficier teworden. Zijn opleiding aan de Koninklijke Militaire Academie (KMA) te Breda voltooide hij in 1902, waarna hij werd benoemd tot 2e luitenant bij het 3e Regiment Vestingartillerie te Gorinchem.Als 1e luitenant werd hij in 1907 overgeplaatst naar het 2e Regiment Vestingartillerie te 's-Gravenhage. Van 1913 tot 1923 was hij in een staffunctie toegevoegd aan de Directeur van hetRemontewezen, eveneens te 's-Gravenhage. Na tien jaar - hij was inmiddels, sinds 1916, bevorderd tot kapitein - werd Boerees standplaats weer Breda, eerst bij het 3e Regiment Veldartillerie,daarna bij de Staf van de IIIe Artilleriebrigade. Inmiddels in 1927 tot majoor bevorderd fungeerde hij van 1929 tot 1931 als hoofdinstructeur bij het Korps Pontonniers en Torpedisten teDordrecht en daarna bij het 3e Regiment Veldartillerie te Breda. In 1932 kreeg Boeree als luitenant-kolonel het bevel over het 7e Regiment Veldartillerie te Bergen op Zoom en werd hij tevensgarnizoenscommandant. Dat bleef hij tot zijn pensionering in 1937. Als reserve-luitenant-kolonel kwam hij in augustus 1939, tijdens de mobilisatie, nog eenmaal onder de wapenen (bij de Staf vande IIIe Divisie te Assen), maar al in december 1939 werd hem op zijn verzoek eervol ontslag uit de dienst verleend.
Boeree was militair in hart en nieren, maar of het officiersbestaan hem de voldoening heeft gegeven die hij er ooit van moet hebben verwacht, staat te bezien. Als geheelonthouder en niet-rokervond hij weinig genoegen in het gangbare gezelligheidsleven. Bovendien maakte hij zich ernstig bezorgd over de volstrekt verouderde uitrusting en bewapening van de Nederlandse krijgsmacht in dejaren '20 en '30. Zijn streven naar modernisering van de instructie door middel van film (waartoe hij in 1930 studiereizen naar Berlijn en Parijs maakte) werd nauwelijks gewaardeerd; twee voordie tijd zeer geavanceerde militaire bioscopen, in Breda en Utrecht, werden maar zelden gebruikt.
Belangstelling voor geschiedenis had Boeree altijd gehad. Het militaire leven tussen de wereldoorlogen liet hem ruim de tijd om zich aan deze liefhebberij te wijden. In Den Haag bracht hij somshele dagen op het Algemeen Rijksarchief door. Ook in Brabant vond hij weldra de weg naar de archieven. In Breda, maar vooral in Bergen op Zoom, verdiepte hij zich grondig in de plaatselijke enregionale historie. Zelfs kreeg hij van de Commandant Veldleger opdracht een geschiedenis te schrijven van de vesting Bergen Op Zoom. Dat resulteerde in een aantal vlotte artikelen in streek-en heemkundige bladen. Bij zijn naspeuringen stuitte hij op twee gebroeders Backx, 16e-eeuwse ruiteraanvoerders uit een in Bergen op Zoom belangrijk geslacht. Nazaten vroegen hem zijnbevindingen vast te leggen in een soort familiekroniek. Deze verscheen pas in 1943, in een niet voor de handel bestemde uitgave: De kroniek van het geslacht Backx.
Het bekendst is Boeree geworden door zijn uiterst minutieus onderzoek inzake de Britse nederlaag bij Arnhem in september 1944. De vraag rijst of hij zich voor dit onderwerp ook zo zou hebbenge‹nteresseerd als hij na zijn pensionering niet was gaan wonen in Ede, dat zo dicht aan de rand van het strijdgebied zou komen te liggen. Hij was daar betrokken bij het ondergronds verzet(OD), aan het eind van de oorlog als plaatselijk commandant van de Binnenlandsche Strijdkrachten. Na de verloren slag kwam hij in contact met Britse militairen die op de noordelijke Rijnoeveruit handen van de Duitsers waren gebleven en zich schuilhielden. Zo had hij in november 1944 korte tijd de ondergedoken brigade-generaal John W. Hackett in huis, met wie hij lange gesprekkenvoerde over de toedracht van het echec. Ook na de oorlog bleef hij met Hackett, en met vele andere Britse en Amerikaanse officieren, corresponderen. Aan Boeree komt vooral de lof toe dat hijals eerste de Duitse kant van de Slag om Arnhem heeft onderzocht. Door bemiddeling van geallieerde autoriteiten, met wie hij levendige contacten onderhield, was hij in staat gesteld vragen voorte leggen aan krijgsgevangen Duitse commandanten; de antwoorden leverden onschatbaar belangrijke informatie op. Wat Boeree vooral intrigeerde, was de vraag of - zoals hardnekkig werd beweerd -de aanwezigheid van SS-pantsertroepen in de omgeving van Arnhem het gevolg kon zijn geweest van verraad door de Nederlandse dubbelspion Christiaan Lindemans, alias 'King Kong'. Boeree kwam totde slotsom dat Lindemans de Duitsers wel heeft ingelicht over de ophanden zijnde geallieerde operatie 'Market Garden', maar dat dit verraad geen effect heeft gesorteerd, doordat de DuitsersLindemans' mededelingen niet serieus namen. In diverse artikelen (o.a. in Ons Leger) legde Boeree een en ander vast, maar tot een samenvattende publikatie kwam het pas nadat hij zijn massalehoeveelheid typoscripten en aantekeningen in handen had gegeven van de journalist C. Bauer, wiens boek 25e slag bij Arnhem. De mythe van het verraad weerlegd in 1963 verscheen en een grootsucces werd. Het was voor Boeree, die enige malen vergeefs had geprobeerd zijn werk in Engeland uitgegeven te krijgen, een grote voldoening dat zijn coproduktie met Bauer in 1966 in een Engelseen in 1967 in een Amerikaanse editie verscheen.
Al zijn er sindsdien nog wel belangrijke nieuwe gegevens over de Slag om Arnhem gevonden en was in 't bijzonder over de verraadkwestie het laatste woord zeker niet gezegd, toch is hetuitgesloten over deze onderwerpen iets zinnigs te schrijven zonder kennis te nemen van Boerees onderzoeksresultaten en het boek van Bauer.
Van groot belang is verder de uitgebreide documentatie die Boeree heeft aangelegd betreffende het verzet in Gelderland, in het bijzonder op de Veluwe. Over de bezettingstijd in Ede en omgevingpubliceerde hij in 1949 de Kroniek van Ede.
Ondanks zijn faam tot buiten de landsgrenzen bleef Boeree zichzelf steeds als amateur-historicus beschouwen. Van de waarde van zijn werk voor na hem komende onderzoekers was hij zich echterterdege bewust. Omdat hij wilde dat zijn verzameling typoscripten en aantekeningen oordeelkundig bewaard zou blijven, droeg hij deze nog bij zijn leven over aan het Rijksinstituut voorOorlogsdocumentatie te Amsterdam, het Gemeentearchief Arnhem en de Sectie Militaire Geschiedenis van de Landmachtstaf te 's-Gravenhage.
Na de dood van zijn echtgenote, in 1963, verhuisde Boeree van Ede naar Hilversum, waar hij op 31 juli 1968 overleed.

31120. Jan Hendrik VALCKENIER KIPS (Hendrikus Cornelius KIPS , Cornelia Gerardina TROMER , Cornelia Maria BRILLENBURG , Gerardus Franciscus BRILLENBURG , Cornelia LA ROIJ , Adriana Hendriks SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 4 Sep 1862 in 's-Gravenhage. He died on 3 Feb 1942 in Lochem. Jan was employed as hoofdredacteur, hoogleraar, staatstheoreticus Ê.

, 22 jan 1885
K.B. van 22-1-1885 nr. 27
Naamstoevoeging Valckenier aan zijn achternaam Kips. Heet van dan af Jan Hendrik Valckenier Kips.

Jan Hendrik Valckenier Kips was van 1895 tot 1909 hoofdredacteur van het Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad. Vanaf mei 1909 was hij hoogleraar in het staats-, handels- enadministratief recht te Delft. Van 1910 tot 1919 was hij hoofdredacteur van het conservatieve maandblad De Tijdspiegel.

http://www.archieven.nl/pls/m/zk2.inv?p_id=1385349
Prof.dr. Jan Hendrik Valckenier Kips is geboren in 1862, studeerde klassieke letteren en rechten, promoveerde in 1891 en werd in 1894 lid van de Haagse Gemeenteraad. Hij was, naar hij zelf zei,"rood" ingesteld en heeft steeds veel gevoeld voor het welzijn van de economisch zwakkeren en de menswaardigheid van de arbeiders en boeren. Hij noemde zichzelf een autoritair radicaal of eensociaal conservatief.
Van 1909-1932 is hij hoogleraar in de staatswetenschappen geweest. Hij heeft enkele boeken o.a. "Staat und Rasse" geschreven, die echter nooit gepubliceerd zijn (wel heeft Arnold Meyer, leidervan Zwart Front in 1938 nog moeite gedaan om een boek, "de Volksstaat", van hem te laten drukken). Valckenier Kips voelde veel voor de fascistische idëeenleer. Hij was tot 1937 (21 september)lid van de NSB, maar wegens gebrek aan vertrouwen zegde hij zijn lidmaatschap op en trad daarna als sympathisant (vanwege zijn hoge leeftijd kon hij niet meer actief lid worden) toe tot ZwartFront. Hij hoeft enkele ongesigneerde stukken geschreven in het blad van Zwart Front onder de titel "Steenen voor een Fundament".

Jan married Joanna Jacoba Francisca MALMBERG daughter of Louis Gijsbertus MALMBERG and Louise Josephina de BOTH on 28 Jun 1904 in Lochem. Joanna was born on 13 Feb 1868 in Wisch. She died on 21 Apr 1920 in Delft.

They had the following children:

  42239 F i Living
  42240 M ii Johannes Henricus Cornelius VALCKENIER KIPS was born on 24 May 1906 in Zeist. He died after May 1940. Johannes was employed as eerste luitenant 4e Regiment Huzaren.

31121. Sara KIPS (Hendrikus Cornelius KIPS , Cornelia Gerardina TROMER , Cornelia Maria BRILLENBURG , Gerardus Franciscus BRILLENBURG , Cornelia LA ROIJ , Adriana Hendriks SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 2 Mar 1864 in 's-Gravenhage. She died on 19 Sep 1931 in 's-Gravenhage.

Sara married Adrianus Herman Johannes HEIJNSIUS son of Adrianus HEIJNSIUS and Elisabeth Pauline de REU on 1 Aug 1895 in Oegstgeest. Adrianus was born on 19 Jan 1863 in Amsterdam.

They had the following children:

  42241 M i Adrianus HEIJNSIUS was born on 11 Aug 1896 in Rotterdam.
  42242 F ii Johanna Elisabeth HEIJNSIUS was born on 17 Jun 1899 in Rotterdam.

's-Gravenhage, 30 dec 1926
Gezinskaarten 's-Gravenhage: zij is op 30/12/1926 ingekomen te 's-Gravenhage vanuit Rotterdam; zij vertrok op 9/8/1933 naar Utrecht.

31122. Cornelia Gerardina KIPS (Hendrikus Cornelius KIPS , Cornelia Gerardina TROMER , Cornelia Maria BRILLENBURG , Gerardus Franciscus BRILLENBURG , Cornelia LA ROIJ , Adriana Hendriks SANDELING , Cornelia Pieters VELSENAER , Pieter Gerritz VELSENAER , Maria Jans de RAET , Jan Pietersz , Pieter Jansz , ) was born on 5 May 1865 in 's-Gravenhage. She died on 29 May 1939 in 's-Gravenhage.

Cornelia married Christian Ludwig RÜMKE on 4 Sep 1890 in Leiden. Christian was born on 31 Mar 1863 in Monnikendam. He died on 29 Oct 1925 in 's-Gravenhage. Christian was employed as arts.

They had the following children:

  42243 M i August Mattheus Ludwig RÜMKE was born on 11 Oct 1891 in Leiden. August was employed as arts.
        August married Elisabeth Anna ENGELS daughter of Jan ENGELS and Jesina Juliana KRUIJS on 19 Oct 1922 in Apeldoorn. Elisabeth was born about 1896 in Sint Petersburg.
  42244 M ii Henricus Cornelius RÜMKE was born on 16 Jan 1893 in Leiden. He died on 22 May 1967 in Zürich. Henricus was employed as psychiater.

http://www.hetoudegesticht.com/historie/grote-namen/1893-1967-henricus-cornelius-rumke.php
Rümke, Henricus Cornelius
Psychiater (Leiden 16-1-1893 Ð Zürich 22-5-1967).
Zoon van Christian Ludwig Rümke, huisarts, en Cornelia Gerardina Kips.
Gehuwd op 24-2-1921 met Nelly Catharina Bakker (1889-1976), zenuwarts.
Uit dit huwelijk werden 2 zoons en 1 dochter geboren.
Hen (spreek uit: Han) Rümke kwam uit een typische doktersfamilie. Een studie geneeskunde lag daarom voor de hand. Na in Leiden en Den Haag Ð de stad waarheen het ouderlijk gezin in 1905 wasverhuisd Ð het gymnasium te hebben doorlopen ging hij in 1911 medicijnen studeren aan de gemeentelijke Universiteit van Amsterdam.
Zeven jaar later legde hij daar zijn semi-artsexamen af. Zijn eigenlijke opleiding tot zenuwarts ontving Rümke in de Amsterdamse Valeriuskliniek, bij L. Bouman, hoogleraar theoretischebiologie, psychiatrie en neurologie aan de Vrije Universiteit. Hij ontmoette er zijn latere echtgenote, die hier eveneens arts-assistent was.
Waarom de uit een volstrekt buitenkerkelijk gezin stammende Rümke assistent werd in deze toentertijd streng gereformeerde psychiatrische inrichting, is niet duidelijk. Mogelijk voelde Rümkezich bij deze keuze aangesproken door Boumans opvatting dat het voor de psychiatrie van belang was zich te oriënteren op de psychologie en daarbij Ð zij het met reserves Ð Ôook debeschrijvingen van dichters en kunstenaars te gebruiken [...] die ook voor den wetenschappelijken psycholoog belangrijke bijdragen geleverd hebbenÕ (L. Bouman, De wetenschappelijke beoefeningder psychiatrie (1907) 25).
Hoe het ook zij, Rümke nam zich deze aansporing ter harte en heeft zijn psychiatrische beschouwingen steeds gelardeerd met verwijzingen naar de schone letteren. Daarnaast heeft hij in dezejaren ook zelf geprobeerd als dichter voet aan de grond te krijgen. Reeds tijdens zijn studiejaren deed hij poëtische pogingen. Hij zocht contact met Albert Verwey, door wie hij graag begeleidwenste te worden. Aanvankelijk hield deze dichter de zaak wat af, maar Rümke hield vol, en in 1917 publiceerde Verwey enkele verzen van hem in het tijdschrift De Beweging .
Waarschijnlijk door Bouman op dit spoor gezet, schreef Rümke het proefschrift Phaenomenologische en klinisch-psychiatrische studie over geluksgevoel . Aangezien Bouman aan de Vrije Universiteitniet het ius promovendi bezat, promoveerde Rümke hierop bij C. Winkler, hoogleraar in de neurologie en psychiatrie aan de Rijksuniversiteit te Utrecht, op 5 juni 1923. Deze dissertatie was deeerste omvangrijke Nederlandse publicatie over het gebruik van de fenomenologische methode in de psychiatrie en als zodanig een mijlpaal. Rümke verwierf op deze wijze een reputatie alsfenomenologisch psychiater, terwijl de opname van zijn proefschrift in vertaling in de prestigieuze serie Monographien aus dem Gesamtgebiete der Neurologie und Psychiatrie internationaleaandacht op hem vestigde.
Gedurende zijn jaren in de Valeriuskliniek legde Rümke tevens zijn eerste buitenlandse contacten: tussen 1920 en 1922 verbleef hij steeds gedurende enige weken in Zwitserland. In 1927 maaktehij, om zich nader te verdiepen in de psychotherapie, een maand durende ÔleeranalyseÕ door bij de psychiater Alphonse Maeder in Zürich.
Toen zijn mentor L. Bouman in 1925 naar Utrecht vertrok om daar hoogleraar te worden, werd Rümkes positie aan de Valeriuskliniek spoedig marginaal. Eind 1927 vroeg K.H. Bouman, de hoogleraarpsychiatrie en neurologie aan de Universiteit van Amsterdam, hem in zijn polikliniek te komen werken. Rümke accepteerde het aanbod en werd in 1928 eerst assistent, later chef de clinique in hetAmsterdamse Wilhelmina-Gasthuis (ÕPaviljoen DrieÕ).
Naast het werk in de kliniek publiceerde Rümke verscheidene artikelen in Nederlandse en Duitse vaktijdschriften. Belangrijk voor zijn reputatie als psycholoog was zijn boek Inleiding in dekarakterkunde uit 1929, een eerste Nederlandstalig overzicht van wat later persoonlijkheidsleer zou worden genoemd. Bij Rümke omvatte het echter meer, omdat hij bijvoorbeeld ook veel aandachtschonk aan de biologisch gegeven constitutie. Reeds in deze tijd vindt men bij Rümke Ð en dat zal karakteristiek voor hem blijven Ð een brede oriëntering binnen de psychiatrie en een weigeringzich vast te leggen op één bepaalde richting.
Hij wilde niet slechts een traditionele Ð somatisch georiënteerde Ð psychiater zijn, maar evenzeer een psycholoog. Terwijl de psychologisch ge‹nteresseerde psychiaters zich doorgaans uitsprakenvoor de psychoanalyse dan wel de fenomenologische richting, wenste Rümke beide benaderingen toe te passen. Deze werkwijze moge erudiet en lofwaardig zijn, ze moet hem in die jaren toch partenhebben gespeeld. Tot driemaal toe liep hij, mede door zijn niet ondubbelzinnige profiel, een hoogleraarspost mis: in 1929 in Groningen, in 1931 in Leiden en in 1932 aan de Universiteit vanAmsterdam.
In 1933 werd Rümke op voordracht van L. Bouman benoemd tot conservator van de Utrechtse psychiatrische en neurologische kliniek en tot bijzonder hoogleraar in de ontwikkelingspsychologie. NaBoumans overlijden in 1936 besloot de faculteit, in navolging van hetgeen elders reeds was geschied, diens leerstoel te splitsen. W.G. Sillevis Smitt werd benoemd als ordinarius voor deneurologie, terwijl aan Rümke de psychiatrie werd toevertrouwd. Voor Rümke moet dit een ideale situatie geweest zijn.
Hij kon zich nu verder als hoogleraar bezighouden met psychiatrie op een vooral psychologisch georiënteerde wijze, met klinische behandeling en psychotherapie van patiënten en hoefde zich nietmeer te bekommeren om formele verplichtingen ten aanzien van de neurologie.
Het college ontwikkelingspsychologie dat Rümke voorheen gaf, behoorde nu niet langer tot zijn onderwijsverplichtingen, maar hij behield het toch. Het werd het college medische psychologie, inde jaren van de Duitse bezetting één van de bekendste en meest bezochte colleges, ofschoon het voor niemand verplicht was.
Het werd gegeven op een tijdstip dat er nauwelijks andere colleges waren Ð woensdag van 17.15 tot 18.00 uur Ð en kon door studenten van allerlei faculteiten worden bezocht. Rümke behandelde erin hoofdzaak de stof uit zijn twee psychologische werken, namelijk het eerdergenoemde Inleiding in de karakterkunde en Levenstijdperken van den man uit 1938. Daarbij besteedde hij veel aandachtaan Klages en aan de ontwikkelingspsychologie. Afwisselend werden door hem ook steeds gedurende een jaar de theorieën van S. Freud, C.G. Jung en A. Adler behandeld. Vooral wanneer hij Ð zoongeveer als enige in die tijd Ð sprak over seksuologische onderwerpen, hingen vele honderden studenten aan zijn lippen.
Voor de psychologie in Utrecht is Rümke ook anderszins belangrijk gebleven: hij was jarenlang verantwoordelijk voor de inleiding in de psychopathologie. Van ongeveer 1950 tot 1958 is hijbovendien lid geweest van de examencommissie psychologie.
Met zijn benoeming tot hoogleraar in de psychiatrie had Rümke een top bereikt in zijn carrière en wetenschappelijke ontwikkeling. De onderwerpen waarvoor hij zich binnen zijn vakgebiedinteresseerde, lagen vast, hij had een omvangrijke kennis van de literatuur en veel praktische ervaring opgedaan. In de volgende jaren werden deze inzichten en ervaringen toegepast enuitgewerkt. Naast een groot aantal gelegenheidsbijdragen en enige inhoudelijk-psychiatrische artikelen schreef Rümke vooral na 1945 vele beschouwingen waarin hij de plaats probeerde te bepalenvan zijn vakgebied in de zich snel moderniserende wereld.
Tal van nieuwe ontwikkelingen deden zich voor: de geestelijke gezondheidszorg breidde zich uit, en de wereld werd door toenemende mobiliteit, groeiende informatievoorziening en technischeinnovaties steeds kleiner. Rümke beperkte zich niet louter tot het uitoefenen van zijn vak. Met een zekere nieuwsgierigheid bemoeide hij zich met de gevolgen van maatschappelijke ontwikkelingenvoor de geestelijke gezondheid en de geestelijke gezondheidszorg, en hij zocht daarbij voor zichzelf Ð als lid van tal van commissies en besturen Ð een leidende rol. Een aantal van zijnartikelen voegde Rümke telkens samen tot zijn veelgelezen Ôbundels over psychiatrieÕ. Tussen 1954 en 1967 verscheen zijn driedelig handboek Psychiatrie , dat echter veel minder invloed heeftuitgeoefend.
Intussen was Rümke ook als dichter actief gebleven. In 1934 was onder het pseudoniem H. Cornelius zijn bundel De afgelegde weg verschenen. Aan het einde van zijn carrière schreef hij inopdracht van het ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen een uitgebreid essay Over Frederik van EedenÕs Van de koele meren des doods , waarvoor hij in 1964 de Henriëtte RolandHolst-prijs ontving.
Op het eerste wereldcongres over geestelijke gezondheid te Londen in 1948 werd Rümke door de Angelsaksische psychiatrie ÔontdektÕ. Sindsdien bezette hij verschillende leidinggevende postenbinnen de World Federation for Mental Health (WFMH), waardoor hij ook in het buitenland aanzien verwierf. Deze internationale erkenning heeft hem en de Nederlandse psychiatrie goed gedaan.Allerlei vooraanstaande personen uit de WFMH bezochten hem privé te Utrecht, en in Rümkes kliniek zaten buitenlanders soms in de rij te wachten om door hem ontvangen te worden.
Ook zelf trok hij erop uit en vertegenwoordigde zo de Nederlandse psychiatrie in het buitenland. Na zijn emeritaat in 1963 werd Rümke uitgenodigd een jaar gasthoogleraar te zijn aan deuniversiteit van Ann Arbor in de Verenigde Staten. Het is in dit verband typerend dat hij in 1967 stierf te Zürich: in het buitenland, ten gevolge van een hartaanval tijdens een lezingentourdoor Duitsland en Zwitserland
Instituut voor Nederlandse Geschiedenis > Onderzoek > Publicaties > Biografisch Woordenboek van Nederland
Den Haag.
Bronvermelding: J.A. van Belzen, ÔRümke, Henricus Cornelius (1893-1967)Õ, in Biografisch Woordenboek van Nederland. www.inghist.nl/Onderzoek/Projecten/BWN/lemmata/bwn5/rumke
        Henricus married Nellij Catharina BAKKER daughter of Cornelis BAKKER and Catharina Elisabeth de VRIES on 24 Feb 1921 in Broek In Waterland. Nellij was born on 30 Oct 1889 in Goedereede. She died in 1976. Nellij was employed as zenuwarts.
  42245 M iii Philipp RÜMKE was born on 31 Dec 1894 in Leiden.
  42246 M iv Hector RÜMKE was born on 24 Dec 1896 in Leiden.
  42247 M v Christian Ludwig RÜMKE dr. was born on 17 May 1898 in Leiden. He died in 1964. Christian was employed as wis- en natuurkundige.

http://dap.library.uu.nl/cgi-bin/dap/dap?diss_id=906
Rümke was afkomstig uit een artsengezin en een jongere broer van Henricus Cornelius Rümke. Net als deze was Rümke hoogleraar (vanaf 1952 tot zijn overlijden)aan de Utrechtse universiteit,namelijk in de Erfelijkheidsleer. Hij studeerde biologie in Utrecht en werkte na zijn promotie op een proefstation voor de suikerindustrie op Java (Pasoeroean). Rümke was tijdens de TweedeWereldoorlog ge‹nterneerd in een Japans gevangenenkamp. Na de oorlog werkte hij aan de wederopbouw van de suikerindustrie. Rümke stond aan het hoofd van het in het jaar van zijn aanstellingopgerichte Genetisch Instituut, destijds aan de Stationsstraat in Utrecht. Hij was redacteur van het tijdschrift 'Genetica'.

Home First Previous Next Last

Surname List | Name Index