
WAT EEN WEER - MAAND FEBRUARI
Als er
met Lichtmis (2) de zon door de boomgaard schijnt, zal het een goed appeljaar
zijn.
Als
met Lichtmis de zon schijnt op de toren, krijgt men nog zoveel sneeuw als
tevoren.
Lichtmis,
vroeg de zon aan de toren, dan gaat al het vlas verloren.
Als er
te Lichtmis druppeltjes aan de doornhagen hangen, is 't schoon vlas te wegen.
Als op Lichtmis de zon schijnt door het
hout, dan is het nog wel zes weken koud.
Schijnt de zon met Lichtmis hel, komt
vaak vorst nog streng en hel.
Brengt
Lichtmis wolken en regen mee, is de winter voorbij en komt niet meer.
Drupt er
met Lichtmis de hagedoorn, dan is het een goed jaar voor het koren.
Lichtmis
klaar, goed roggejaar.
Met
Lichtmis valt de sneeuw op een warme steen.
Schijnt de zon op Lichtmis ) er komt meer
ijs dan er reeds lag.
Lichtmis donker maakt de boer tot jonker.
Lichtmis helder en klaar, maakt de boer
tot bedelaar.
Geeft Lichtmis klaverblad, met Pasen sneeuw
op het pad.
Als Lichtmis komt met blommen, zal Pasen met
sneeuw en ijs kommen.
Met Lichtmis doet de metselaar één oog open,
ziet hij zonneschijn, hij doet dat ene oog weer dicht.
Als met Lichtmis de zon schijnt, gaat de vos
nog zes weken naar zijn hol terug. (winterslaap)
Water op St. Agatha (5) is melk in de boerkarn.
Sint-Amaan (6) doet het zaaikleed aan.
Op Romaldus (7) storm en blazen, zal in mei
het vee doen grazen.
’t Is voor de oogst bijzonder goed, als’t op
Sinte Appolonia (9) waaien doet.
Dooi op St. Valentijn (14), doet veel water
in de wijn.
Is het klaar op de dag van St. Valentin, dan
vriest het rad van de watermolen in.
Klaar weer op St. Silvijn (17), het kan nog
twee maanden winter zijn.
De nacht van St. Pieters’stoel (22) duidt
aan hoe veertig dagen ’t weer zal staan.
Sint Matthijs (24) breekt het ijs, maar
wil het ijs niet breken, dan vriest het nog zes weken.
Regen in Sinte Walburgisnacht (25), heeft de
kelder steeds volgebracht.
St. Romanus (28) hel en klaar, wijst ons op
een vruchtbaar jaar.
Februari
komt verklaren, dat men hout en kool moet sparen.
Februari
mist, hooi in de kist.
Februari
nat, vult schuur en korenvat.
Geeft
februari muggendans, voor maart is er een slechte kans.
Is
februari zacht, de lente brengt vorst bij nacht.
Komt
februari met goed weer, dan vriest het in 't voorjaar des te meer.
Kort maandeke is vaak ook het stort
maandeke.
Ligt de wind in februari stil, dan komt
hij zeker in april.
Februari is nooit zo goed, of het vriest
wel een hoed.
Februari met vorst en wind, maakt weldra de
Pasen blind.
Geeft sprokkelmaand de winter niet, hij is
voor Pasen in’t verschiet.
In februari sneeuw en regen, betekent
goddelijke zegen.
Een koude februari geeft een goed roggejaar.
Is februari kil en nat, dan geeft dat veel
koren in het vat.
Is februari guur en koud, dan komt er een
zomer waarvan je houdt.
Is februari zacht, dan brengt de lente vorst
bij nacht.
Is februari zacht en stil, dan komt de
noordenwind in april.
Als vroeg krokussen bloeien, dan zullen ze
met de koude stoeien.
In februari ziet de boer liever een hongerige
wolf, dan een man in hemdsmouwen.
In de korte maand regen, is vette mest een
zegen.
Februari regen is voor de landman een zegen.
Is februari nat en koel, dan wordt juli
dikwijls heet en zwoel.
Schijnt morgenrood je tegen, dan dreigt februari
met regen.
Sprokkelmaands regen, is grasmaands zegen.
’s Morgens wit berijpte daken, zal ’t gauw
tot nattigheid geraken.
Als de muren uit gaan slaan, is het met de
vorst snel gedaan.
Zoet weer in de korte maand, is niet gelijk
’t betaamt.
Komt februari met goed weer, dan vriest ’t
in voorjaar des te meer.
Alle maanden van het jaar vrezen een mooie
februaar.
Zachte februari, ellende het ganse jaar.
Als het in februari niet sneeuwt, weet dan dat
je later, in de zomer van hitte geeuwt.
In februari al de lente? Dat geeft broden zonder krenten.
Vliegt de mug in februaar, dan huivert men
het ganse jaar.
Hagelt en dondert het in februari, dan mag
men rekenen op een mooie herfst.
Als het dondert in februari, breng dan uw
tonnen naar de zolder.
Op schrikkeldag gaat de zon vaak overstag.
Nooit is de schrikkelmaand zo fel of ze
geeft haar vijf zomerse dagen wel.