De schreeuw Een voor mensen dodelijk geluid van onbekende frequentie teistert de wereld. Dieren en slechts een klein deel van de mensheid blijken er ongevoelig voor. Onder hen is de beambte van een tolstation, die de verkeerstroom langs zijn post ziet opdrogen. Zou er enig verband zijn met “De Schreeuw”, het wereldberoemde schilderij van Munch dat zeven dagen eerder uit het museum van Oslo gestolen is? Samen met de enige overgebleven gendarme vindt de tolbeambte het schilderij terug in de kofferbak van een auto. Leuk initiatief! Schaf een groot deel van de mensheid af! Om te beginnen de inwoners van Afrika. Die hebben toch geen leven. Met een schreeuw de dood in. Muslims eveneens. Die maken teveel leven. Zo hebben we tenminste terug controle op een deel van de aardolie. Er bestaan teveel chinezen en Rusland is niet te vertrouwen. Weg ermee!

Zonder enige kennis van de natuurkunde vindt de schrijver een dodelijk geluid uit, dat een deel van de mensheid in een paar dagen de dood injaagt. Het is een leuk thema, maar het leidt tot niets. Enkel een paar minuten dagdromen "wat zou de wereld zijn zonder politiekers, belastingscontroleurs, vreemdelingen..." Het is onduidelijk wat de schrijver wilt bereiken.


Kamermuziek Samm Penn, bijna dertig, is fulltime bezig met vreemde gedachten negeren, zich aan zijn ouders ergeren en comics lezen. Dan wordt hij gedwongen het huis te verlaten onder het motto "Je verliest geen zoon, je krijgt er een kamer bij" Zojuist een folderke van Groen! in mijn bus gekregen naar aanleiding van de komende verkiezingen. Doorgaans zijn deze folders gedrukt op gerecycleerd carton, die, als het weer een beetje meetzit al uit elkaar beginnen te vallen van zodra ze uit de beschutte omgeving van mijn brievenbus zijn gehaald. "Het leefloon en de uitkeringen in ons land liggen een stuk onder de europese armoedegrens", lees ik dan, en ik krijg de onbedwingbare neiging de folder (of wat er van overblijft na een tweetal meters door miezerig weer) tot pulp te herleiden. Toevallig loopt een dergelijke leefloner in het boek van Paul Mennes rond. Ik krijg dan de onweerstaanbare goesting van die zware legerbottinen met metalen punten aan te trekken en de persoon in kwestie een schop onder zijn gat te geven. Of zelfs beter: een schop in zijn klokkenspel, dan kan hij tenminste het genotype van de mensheid niet verder in de vernieling helpen. Stalin was toch zo slecht niet. Arbeidskampen zijn ideaal voor dergelijke nutteloze exemplaren. En het heeft ook het voordeel dat je voorgoed verlost bent van waanideeën. Je dacht dat er vreemde beestjes met een oneven aantal poten in je slaapkamer rondliepen en zich tegoed deden aan je lul? In de werkkampen is dit geen spookbeeld maar werkelijkheid. En die beestjes hebben evenveel honger als jij.
Naast de gezonde buitenlucht en veel sport krijg je ook veel groenten te eten, wat heel gezond is. Alle dietisten zijn het erover eens: we eten te weinig groente. In de werkkampen zijn de groenten meestal maar halfgekookt, maar dit is goed voor de darmen. Groenten die te lang gekookt zijn verliezen hun vitaminen. Hitler kon het niet verkeerd hebben als hij zijn jeugd naar de hitlerjugend stuurde. Spijtig dat Stalin en Hitler zo weinig voorkomen in de geschiedenisboeken, want ze hadden het bij het rechte eind.

Ik hoop enkel dat de jeugd van de 21ste eeuw dergelijke boeken niet moet lezen (en er dan een recensie over moet schrijven). Zo'n slecht voorbeeld! Iedereen zou zich een beetje slecht voelen na het lezen van boek en naar de pillen grijpen. En de dag nadien zich aanbieden bij het OCMW (of hoe heten die instellingen tegenwoordig?)
Nu nog de recensie van het boek. Bwah. Niet echt nodig. Laten we maar Paul Mennes zelf recenseren: hij heeft een papperig gezicht gekregen.


Brieven uit Rome
aan Shireen Strooker In 1960 trekken Ramses Shaffy en Joop Admiraal getweeën naar Rome. Wereldberoemd in Nederland gaan ze er in hun naief optimisme van uit dat Fellini op hen zit te wachten. Internationale filmsterren zullen ze worden, zoals Sophia Loren en Alain Delon. Ik hou niet echt van boeken in briefformaat, en in de eerste bladzijden loopt het al goed mis:
"Lieve Shireen,

Woon je al in 't huis?
Als er eens een keer geld is, maar na Alain Delon * in 'Rocco en zijn broers'...


* Zie verklarende lijst op pagina 153
Hoe durven ze het? Alain Delon opnemen in een verklarende lijst, terwijl wij niet weten wie die Joop of Shireen of Ramses wel is? En wat lees je in de verklarende lijst? "Alain Delon: Franse filmster, speelde in Rocco en zijn broers". Andere bekende namen die op ignomineuse wijze in de namenlijst terechtgekomen zijn: "Dietrich, Marlène: filmster/zangeres", "Fellini, Federico: Italiaans filmregisseur", en zo verder. Als idioten worden wij behandeld.
Een andere reden waarom ik niet zozeer van brieven hou, is dat ik ondergedompeld wordt in het privé leven van de schrijver. De brieven waren bedoelt voor één persoon, en het is niet de bedoeling dat ontvanger de brieven publiceert. In ieder brief eenzelfde kreet "stuur wat geld op", "wij zitten op droog zaad", "met het ontvangen geld hebben wij het achterstallig huur betaald, dus zitten wij opnieuw blut".

Enig positief punt is dat de brieven nauwelijks bewerkt zijn geweest. Het optimisme druipt van de eerste brieven, om dan uiteindelijk plaats te maken voor berusting (en nog meer bedelkreten). Ook geeft het boek een leuk beeld van een vervlogen perioede: Cinecittà (ook in de woordenlijst) in de jaren '60.


De favoriet Als je te jong bent duren de zomers eindeloos lang. Te lang zelfs voor Bart, want zijn beste vriend is nog niet terug van vakantie, hij is te oud voor Lego en te jong om zich op strandfeesten te bezatte.
Maar wanneer hij kennismaakt met de Amerikaanse Ron en zijn vriendin Kimmy die op een enorm jacht wonen, lijkt de zomer te kort.
Het is een kroniek van de schooljaren van Bart. Redelijk saai en voorspelbaar leventje, totdat hij kennis maakt met een Amerikaanse toerist, zijn jacht en zijn collectie besmeurde T-shirts, zijn domme, nogal blonde vriendin en zijn sprekende papegaai (ongeveer in die volgorde). Ron wordt een soort surrogaat-vader, waar alles mag wat thuis verboden is, waar het eten lekker en ongezond is.
Maar de familie moet naar Amerika verhuizen zodat vader zijn boek kan afwerken aan een bekende universiteit, en daar leert Bart dat de meeste Amerikanen niet zo geweldig zijn als Ron, en hij wordt op school gepest. Enig lichtpunt is het onverwacht bezoek van Ron, en zij trekken voor een paar dagen naar een verhuurde chalet.
Dan is er de verlossende terugkeer naar Nederland ...

Het boek geef je een kijk in het gevoelsleven van de "jeugd van tegenwoordig". Niet echt verschilend met onze jeugd (Lego bestond toen al, maar geen Ninja Mutant Turtles (of hoe heten die beesten nu ook al weer?) en Pong moest nog uitgevonden worden). Woeste solo-rukpartijen dat je er een tennis elbow aan overhield. Zonder overdreven aandacht en zonder schoolmeesterachtig te klinken, worden je een paar begrippen aangereikt: vriendschap, verantwoordelijkheid, liefde. Een fraai boek.


Meisjes In meisjes toont Jan Rot zich een onbeschroomd kroniekschrijver van zijn eigen leven. Met onthutsende eerlijkheid doet hij verslag van zijn ommezwaai van panisch rondneukende jongensvreter in Amsterdam naar toegewijd echtgenoot en vader in Ossendrecht. Deel I: het holle leven van de promiseksueel. Toen was Rot al biseksueel, met een vrouw voor de liefde en hete jongens voor de seks, minstens één per nacht, en liefst een nieuw exemplaar iedere keer. En toch zit er meer in. Het boek is een pleidooi voor homorechten, een structuurloze kroniek van alles wat hij meegemaakt heeft in de laatste jaren, een lijst van trendy uitgaansgelegenheden en hippe kleren, een promotietekst voor de ware liefde (zij het wel een erg lange), het enige wat ik niet terugvond is hoe het voelt te pijpen zonder boventanden en het verhaal hoe en waarom Jan Rot weer hetero werd (is aan de Nieuwe Revu verkocht).

Eigen schuld eerst Het Vlaams Blok gaat niet weg en toch wil nog altijd niemand echt weten waarom niet. In dit boek vertelt Rogiers wat de gevolgen zijn van die collectieve dwaling. Hoe groter het blok wordt, hoe vaker Vlaamse bestuurders zich laten leiden door angst voor de angst. Een meeslepend pleidooi voor een kritische samenleving. Bij iedere verkiezing wint het Blok een paar percenten en een paar zetels meer. De partij die eerst zijn heil zocht in de vlaams-nationale strekking haalt nu vooral stemmen door zijn migranten-standpunt.
In dit boek wordt onderzocht hoe het Blok steeds meer stemmen haalt. Het is een 'foert'-partij, dat het niet zal uithouden indien het aan de macht zou komen en tot een compromis moet komen met andere partijen. De Blok-stemmer, de arme arbeider in de Antwerpse binnenstad of de rijke villabewoner in Brasschaat verschillen zodanig, dat zelfs een compromis tussen de verschillende blok-stemmers niet mogelijk is: op één punt komen ze echter overeen: die vuile migrant moet weg.
De maatschappij veranderd snel, en de politiek holt haar hopeloos achterna. De staatsstrukturen zijn totaal achterhaald, en het is niet door nog een beslissingsniveau meer te creëren (de gewesten) dat men de zaak zal oplossen. Men moet niet méér Vlaanderen (of méér België) hebben, maar een beter Vlaanderen of België. De maatschappij wordt ingewikkelder en de burger heeft geen medezeggingschap meer. Men probeert dit op te lossen door buurtraden en dergelijke, waar de (reeds genomen) beslissingen aan de burger worden meegedeeld.
Wat het migrantenstandpunt betreft is het nog moeilijker tot een definitief besluit te komen. Experts zijn het erover eens dat de beste oplossing stemrecht voor migranten is, en een aanvaarding door de migranten van de regels van onze maatschappij (bijvoorbeeld verbod op het dragen van de hoofddoek op school, respect voor andere godsdiensten, ...). Maar deze oplossing zal nooit uitgevoerd worden omdat deel één onaanvaardbaar is voor rechts en deel twee onaanvaardbaar is voor links. Deze opstelling is algemeen geldig in België; men ziet dat er iets misloopt, men zoekt naar oplossingen, maar door ons compromis-systeem worden slechts halfslachtige maatregelen genomen. Weggegooid geld, in andere woorden.

Het is een zeer interessant boek dat de problemen van België bloot legt (het probleem is niet het blok, maar een scheefgegroeide maatschappij) en een oplossing probeert aan te reiken. Het blok leeft van de problemen en van misnoegde burgers.
Het is wel spijtig dat er geen vergelijkingen worden gemaakt met andere landen; Frankrijk heeft bijvoorbeeld zijn front national, in Wallonië en Nederland komt extreem-rechts maar niet van de grond.


Web In 'Web' demonstreert Mennes zijn gaven op de korte baan. In zijn verhalen gaan jonge mensen op zoek naar lotgenoten met wie ze hun absurde nachtmerries kunnen delen. Via het antwoordapparaat en de videotheek verkennen ze de grenzen van de verveling.
Yo. Weer een boek van Paul Mennes. Een tiental kortverhalen in een dun boek, gemakkelijk leesbaar en nog leuk ook. Een gevoel van déjà vu, déjà gevoeld of déjà meegemaakt in je eigen leven [enkel in de kortverhalen waarin de hoofdpersoon nuchter is of waar hij het over Star Trek heeft]. In ieder geval minder weird dan Olyslaegers, wiens verhalenbundel 'il faut manger' soms meer weg heeft van een linux-foutboodschap. Voor de oudere conservatievere vastgeroeste generatie even onverteerbaar, zelfs overgoten met liters fosforzuurhoudende cola. Voor fast food heb je een aangepaste geest en/of maag nodig, nietwaar.

Paul Mennes is ook de auteur van Tox en Soap, waarin hij een kortverhaal probeert uit te rekken tot een volledig boek. Beide werken trouwens ook beschikbaar in onze bibliotheek.
Niet alle verhalen spreken mij even aan. 'De Beatles en de Stones' en 'Pantser' zijn keigoed (toevallig de eerste verhalen?), dan slaat de verveling toe: blijkbaar is dit een constante voor het gehele oeuvre van de schrijver: hoe beknopter, hoe intenser.
Overigens leent Web zich bijzonder goed voor een internet-bespreking; kort, vluchtig, oppervlakkig, vrijblijvend. Get a life, verdomme, in plaats van naar je scherm te blijven turen.

Poes, poes, poes Het einde van de wereld is gisteren begonnen, maar niemand heeft het door. In tijden van klimaatswijzigingen en prinselijke huwelijken zorgt een naderende eclips voor 'breaking' news. Mennes heeft een meesterlijke roman gechreven over wie we zijn en wat we willen. Poes poes poes is een feest van inktzwarte humor.

"De TV-kijkers zullen in ieder geval iets zien." —Wim De Vilder

Yo. Nog een boek van Paul Mennes. Dit keer over de zonsverduistering van nu alweer een paar jaar geleden, wat gaat de tijd toch snel voorbij, hé, een bewijs dat Paul Mennes geen supersnelle schrijver is. Blijft hij deze snelheid behouden, dan mogen wij nog een tiental boeken van hem verwachten, als hij niet eerder door een imploserende televisie geveld wordt. Dit boek is weeral het soort lichtverteerbare junkfood (microgolf-noedels, vervaldatum 31-12-2007), met grappige passages maar met een minimum aan schrijfstijl. Twee concurrerende televisiestations hebben hun reporter ter plaatse gestuurd voor een live verslag tijdens het zesuurjournaal. Er zou een mirakel gebeurd zijn tijdens het bakken van appeltaarten. Eén station heeft de scoop te pakken, en de andere moet zich maar tevreden stellen met het ondervragen van de plaatselijke pastoor. Er lopen twee homootjes en een ezel in het verhaal rond, maar verder gebeurt er niets tussen deze drie zoogdieren.


M/V
Doorhalen wat niet van toepassing is In m/v komen da gangbare opvattingen, de vooroordelen en de taboes aan de orde rond de indeling in seksen, kinderporno, geweld door vrouwen en seks op het internet. Dit boek is een leuke verzameling teksten handelend over genderidentiteit en sekse, twee begrippen die maar al te gemakkelijk verward worden. Genderidentiteit is wat een persoon maakt van z'n sekse; mannen horen stoer te zijn, vrouwen moeten zich modieus kleden, ... en andere kwakzalverij. Maar is genderidentiteit eigenlijk zo vanzelfsprekend? Verkrachting van vrouwen door vrouwen, geweld in een relatie (waarbij de man het slachtoffer is) bewijzen dat het ook anders kan. Zelfs de sekse van een persoon is niet altijd met zekerheid te bepalen. Zijn het de chromosomen die de sekse bepalen? Wat dan met personen met XYY, XXY, of andere combinaties? Behoren ze tot een derde sekse? En de seksebepaling bij de geboorte is nog minder trefzeker, een klein percentage van de bevolking vertoont mannelijke en/of vrouwelijke organen. En wat met de transseksuelen (personen die zich laten 'ombouwen') en transgender (personen die hormonen slikken om de secundaire geslachtskenmerken te wijzigen maar zich niet (willen) laten ombouwen? Geen enkel wetgever raakt hier wijs uit, daarom komt de auteur met een evident voorstel voor de proppen; schrap gewoon de seksevermelding op paspoort en rijbewijs (toch voor niets nodig), en het probleem is opgelost ... en daarmee ook het homo-huwelijk, adoptierecht, ...

Om het boek volledig te maken vinden we nog enkele teksten over seks, pedofilie en internet (en hoe die begrippen --èn homoseksualiteit-- samengevoegd worden door de publieke opinie), een tekst over de affaire Dutroux en de gevolgen (niet voor de hoofdpersoon, maar hoe kranten de publieke opinie manipuleren), één over lesbiennes die teveel hopen en te weinig zelf doen, en een tekst over affectie voor doelgroepen (ouderen en gehandicapte personen).


Rot is liefde Roman over een muzikant van wie je geen lied hoeft te kennen om hem te lezen. Met een vleugje seks, een vleugje drugs en bovenal een heleboel Rot & Roll. Van jongensdroom tot mannendaad, langs oefenruimtes en jeugdhonken, collega's en concurrenten, de knakkers van de platenmaatschappij en de mannen van de radio.
Het eerste deel van het leven van Jan Rot (tot aan z'n pensioen), in het bijzonder waarom hij nooit nummer één geworden is in de hit-parade. Vanzelsprekend lag het nooit aan hem, slechte geluidsopname, verkeerde promotie, publiek dat niet deugde, een gebeurlijke staking, ... Allemaal heeft hij het meegemaakt en verteld in dit boek. Genoeg om er homo van te worden.
Hij vindt zichzelf belangrijk: 'Als ik in een kroeg [de iT, red.] naast een jongen ga staan, houdt de hele tent zijn adem in.' Zoals het hoort breekt hij mede-artisten af, een gewoonte in homo-land. Of wat dacht je dat ik aan het doen ben. De titel Rot is liefde duidt op z'n nieuwe cabaret-optreden, een manier om in het boek promotie te maken voor z'n optredens, en op z'n optredens voor het boek. Wat een multimediaal mens, die Jan Rot.
Het boek is vreselijk op de Nederlandse markt gericht, dus vol met totaal onbekende namen in België. De egotripperij past ook beter bij de Nederlandse mentaliteit.
Het boek sluit af met een lijst van alles wat hij gepresteerd heeft; het aantal optredens, het aantal geperste platen,... Nederlandse ijdelheid gekoppeld aan Zwitserse pietluttigheid. Daar zaten we op te wachten. U niet?

Rot on the road Jan Rot hield nooit zo van reizen. Tot op zijn dertigste kwam hij de deur niet uit, maar toen veranderde er veel. Dit boek vormt een impressie van de verschillende reizen die Rot tot nu toe ondernomen heeft. Het gaat hier zowel om exotische als meer lokale bestemmingen.
Een schrijver is nooit zo goed dan wanneer hij het niet over zichzelf heeft. Maar bijvoorbeeld over, ... over, ... euh ... een dode Duitser dat op het strand ligt te rotten. De inboorlingen laten hem maar liggen (hij was niet erg geliefd) en de toeristen, die hebben hun bezigheden.
Het is een onderhoudend boek, zowel platgetreden pretparken als verre bestemmingen volgen elkaar op, maar ik kan mij niet ontdoen van de gedachte dat ik het voor hetzelfde geld (Rot reist op kosten van de firma) beter gedaan zou hebben. Thema van het boek is: "Jan Rot op de vlucht voor toeristen". Overal waar hij gaat komt hij Nederlanders tegen, en waarschijnlijk is het u al opgevallen: in het buitenland zijn Nederlanders nog minder te verdragen dan in hun eigen land (enkel Duitsers zijn in dat opzicht nog erger).
Naar het einde toe verliest het boek aan inspiratie. Had ik het boek van achter naar voren gelezen (ieder hoofdstuk staat los op zichzelf), zou ik vermoedelijk te melden hebben dat het boek traag op gang komt.

Als traditionele reisgids moet je het boek niet kopen; er wordt nauwelijks vermeld wat het bezoeken waard is. Er wordt meer een algemene impressie en persoonlijke voorvallen verteld


Meer brood, meer brood Na de opname van haar man probeert Molly haar gezin van 5 kinderen in goede banen te leiden. Toch verdwijnt haar lievelingsdochter Aisling op een zomerdag. Ze stuurt kaarten vanuit de hele wereld. Molly gaat op zoek naar Aisling, die leeft in een wereld van omkoping, rijke vriendjes, homopriesters, travestie en verraad
Het leven is niet eenvoudig op het Ierse platteland. Het regent er nog meer als in België, niet verwonderlijk dat iedereen naar Amerika of Australië gevlucht is.