De marmeren quilt 9 verhalen die alle op hun eigen manier te maken hebben met het begrip overgang, overgang tussen landen, eeuwen, de seizoenen van het jaar en de seizoenen van het leven. Ee overtuigende staalkaart van de buitengewoon levendige en gevoelige schrijfstijl van Leavitt.
Een boek met meerdere verhalen, en in ieder verhaal een resem bijkomende verhalen, de mode van de televisiesoaps volgend. Geen afgeronde verhalen, maar gewoon een schijfje uit het leven van de toevallige hoofdpersoon. Ieder verhaal heeft een ik-persoon. Bosie komt eens opdagen in infektie (een verhaal over aids) en het titelverhaal handelt over marmeren vloeren in Italië (waar de schrijver geregeld verblijft wegens de Romeinse carabinieri van begin dertig of jonger, met glanzend zwart haar en dikke polsen). —maar italaanse mannen, hoe knap ze ook in hun jeugd zijn, worden vaak lelijk oud. En ze zijn niet echt bekwaam in het oplossen van moordgevalen.


In de Maremma
leven en wonen in Zuid-Toscane Schrijvers en levenspartners Leavitt en Mitchell kochten in 1997 een verwaarloosde boerderij in het zuiden van Toscane. Dit boek is het verslag van hun belevenissen rond de aanschaf van het huis en de cultuurschok die zij als Amerikanen in Italië ondergingen. Levendig en vol humor verteld.
Nooit geïnteresserd in binnenhuisarchitectuur en dagboeken was ik op het ergste voorbereid. Voor mij is een stoel een zitapparaat, hoe die eruit ziet speelt geen rol, als die maar stevig en confortabel is, niet aangetast door houtwormen en zonder teveel garnituur dat stof en pluizen aantrekt. Er staan er drie in m'n huis en dat is voldoende voor de komende eeuw. Inderdaad, het is erge lektuur. Mensen die een krot kopen (in Italië dan nog wel) en het restaureren verdienen alle eer, maar hoeven daarom nog geen boek te schrijven. Voor een Amerikaan is de onoverzichtelijke en logge administratie een ware hindernis, nog erger dan het oplappen van een bouwvallige hoeve, dit is ongeveer het enige wat ik aan dit werk overgehouden heb.


Glamorama Victor, jong en mooi, beweegt zich temidden van the rich & famous van Manhattan en het leven lacht hem toe. Totdat zijn ex-vriendinnetje spoorloos verdwijnt. Victor spoort haar op in London, hopeloos verstrikt in de netten van haar biseksuele vriendje Bobby. Langzaam glijdt ook Victor af naar die duistere wereld. 4 Ik haal het boek uit een wit-groene zak van de Delhaize en trek m'n T-shirt van Tommy Hilfiger (the real American fragrance) uit (mega-cool, maar nu een beetje uitgerokken door de talrijke wasbeurten met Omo Micro) en schakel m'n Thinkpad 390 met 128 Mb geheugen en Pentium II-266MHz aan en haal een confetti van tussen de G en H toets en beep zeggen de Altec Lansing speakers op een semi-plausibele toon en ik begin met de recensie. M'n spieren tekenen zich strak door m'n gebruinde huid.
3 Het boek begint met een citaat van Adolf Hitler, na het boek gelezen te hebben weet ik nog steeds niet waarom. Vreselijk onhip was die in ieder geval, die Hitler, altijd met van die saaie costuums. Zou hij nu nog leven, dan zou hij stokoud zijn en oninteressant en zeker het citeren niet waard. Je had beter Mengele geciteerd, tenminste één verband met het verhaal, en tenmiste een vrij beroep.
2 We volgen Victor Ward, een mooie gast, leeghoofd maar hippe kleren, een model-schuine streep-acteur, neukt iedere vrouw dat op de cover van Avenue, Harper's, Vanity Fair, Variety of andere modebladen gestaan heeft en antwoord op vragen over het broeikasteffect (op MTV) steevast met Cool man, wat een cruciale vraag, zeg, en het eerste hoofdstuk gaat over spetters. Je weet wel, van die gekleurde vlekken op pas geschilderde kasten. Is dat nu een onzorgvuldigheid van de schilder of is het de nieuwe modetrend? We geraken er niet aan uit. Dan volgt een hoofdstuk croutons. Je weet wel, van die stukken oud brood dat je in de soep doet. De laatste mode is ze speciaal uit een niet nader gespecifieerd Zuid-Amerikaans land te importeren. Cool, man.
1 Het boek telt 519 bladzijden, maar echt veel gebeurt er niet. We weten welke merkkleren de acteurs dragen, wat ze doen (ze lopen wat rond), of ze hip, cool of nondescript ogen, wat ze zeggen 'cool, man', waar ze eten en vooral drinken, welke pillen ze dagelijks slikken om wakker te blijven of om de slaap te vatten. Halverwege sterft er waarschijnlijk iemand (in ieder geval worden z'n ledematen uitgerukt bij een bomaanslag en z'n hoofd wordt tegen een voorbijrijdende BMW M3 met magnesium laagprofielbanden geslingerd en de rest van z'n lichaan ligt half-naakt in het bloed op de stoep en meestal ben je dan kwasi-zeker dat de persoon in kwestie dood is). Een aantal in details uitgewerkte neukpartijen vrolijken het werk op, slechts één triootje (met twee mannen en een vrouw), maar die wordt dan ook uitgewerkt over 16 bladzijden Times New Roman 10 punt, en dan nog een paar andere bomaanslagen en moordpartijen om de boel gezellig te houden.
0 Het is verschrikkelijk koud en het eerste hoofdstuk leest tergend moeilijk, al die merknamen, namen van beroemdheden, places-to-be, en als je dit allemaal weglaat blijft er een paragraafje over, en de auteur gaat dit toch niet het ganse boek volhouden,... 100 bladijzen verder heb je je mening herzien, het blijft dezelfde schrijftrant.
Een boek voor turbo trutten en modenichten en computer nerds (ze kunnen tenminste leren hoe ze zicht juist moeten kleden) en dus zeker ook voor u.

Zie ook American Psycho, de voorloper van dit ding.


Het lange vallen
Liefde is een gok De Engelse Grace is op het Ierse platteland steeds een buitenstaander gebleven. Haar echtgenoot verwijt haar de dood van hun zoon Sean en weigert zijn andere zoon Martin wegens diens homoseksualiteit te aanvaarden. Grace rijdt met opzet haar man aan en vlucht naar Martin en zijn vriend Henry...

Verhalenbundel. Verdeeld over 12 verhalen vol pathos lezen we hoe diverse mannen (en een paar vrouwen) worstelen met hun relatie, emotie, communicatie of obsessie. Onder hen bevinden zich meerdere, soms naamloze homomannen.
Hoe komt het dat dat het soms niet mogelijk een gewone relatie te hebben met z'n moeder? Hoewel ze de homoseksualiteit van haar zoon lijkt aanvaard te hebben, toch hebben ze geen normale relatie. De opzettelijke moord van de vader is maar een stukje van de puzzel. Maar een stukje dat wel in de keel blijft zitten, en het probleem ligt meer aan de zoon dan aan de moeder. Ze heeft nog één week tijd vooraleer haar auto onderzocht zal worden en de waarheid aan het licht zal komen. En het blijft maar regenen.

Het is een moderne tragedie met vriendelijke mensen, zorgzame mensen, mensen met hun hart op de goede plaats, en enkele mindere exemplaren van het menselijk ras.


De Midasmoorden Adjunct-commissaris Pieter Van In en zijn homo-assistent Versavel staan voor een raadsel wanneer een kneedbom in Brugge het standbeeld van Guido Gezelle vernietigt. Wat zijn de motieven? Eén van de beste thrillers die Vlaanderen de jongste jaren heeft voortgebracht. NaamDe kinderen van Chronos Een lijk in een tuin bij Brugge leidt naar louche makelaars, hogere kringen, hoeren en groot geworden jongetjes. Commissaris Van In, z'n zwangere vrouw en de oudere brigadier Versavel (homo) lossen de zaak net op tijd op.
Weten jullie dat Po een cryptocommunist is ? Dat Tinkie Winkie is, dat weet ondertussen iedereen, zelfs Amerikaanse conservatieve predikers hebben zich in onfeilbare bewoordingen over deze kwestie uitgesproken. Om toch geen marktaandelen in Amerika te verliezen hebben de makers van de Teletubbies promt de Delvaux-saccoche van TW laten verdwijnen. Een bruin kleedje is ondertussen besteld, maar de driehoek ombuigen tot een hakenkruis heeft meer voeten in de aarde (sprieten in de lucht?) dan het chirurgisch ombouwen van Dana International, en dreigt niet zonder psychologische trauma's te eindigen, zowel voor de pop als voor de jonge en kwetsbare kijkers.
De rode kleur van Po spreekt voor zichtzelf, en de cirkel verwijst naar de circulaire redeneringen eigen aan communisten en andere rare snuiters. Ondertussen vraagt de hier verzeild geraakte lezer zich af wat deze omweg te betekenen heeft als het geen bladvulling zou zijn.

Als dat geen bewijs van kwaliteit is:
de boeken van Pieter Aspe zijn nu ook bij de Shoplijn beschikbaar!

De interviewer: 'het zijn grote letters, het boek leest in één ruk'
Dat ik daar niet op gekomen was!

(voor beide werken)
Beide verhalen handelen over de Brugse politie, een elitedivisie dat zich volgens beide imposante werken niet beperkt tot lesbische parkeerwachters en slapende loketambtenaren, maar ook snuggere adjunct-commissarissen en integere brigadiers in z'n rangen zou tellen (althans één exemplaar van elks). Hier stopt de onwaarschijnlijkheid niet, de maffia, het grootkapitaal, seksschandalen, Dutroux, de toen in trek zijnde chaos-theorie, alles wordt erbij gesleurd. Mochten ze op de onzalige gedachte komen d'er een film van te maken, dan zou die prent het volledige budget van VTM, Ka2, VT4, de helft van dat van de VRT opslorpen, het volledig subsidiepakket van vlaamse cultuur dat niet maar I Flaminghi gaat opeisen, KBC, Coca Cola en andere sponsors de failliet injagen en een uiterst subtiele allusie naar de commercieële ingesteldheid van de makers van de Teletubbies bevatten. Wisten jullie trouwens dat Pieter Aspe gesponsord wordt door Benson & Hedges? Met de nieuwe tabaksreclame moet hij wel zorgvuldiger te werk gaan, maar toch liggen de aaanwijzigen voor het rapen.
Eén werk is voor de andere op de markt gegooid (voorzien van een adequate mediacampagne). Dit is overduidelijk als je het tweede boek leest; de hoofdpersonnages vallen halverwege hoofdstuk 2 met de deur in huis, de stijl van de schrijver is volwassener geworden, de vondsten schraler, de plaatsbepalingen meer accuraat en het Brugs dialect verschrikkelijk omnipresent. Toch is er iets grondig mis met de chronologie van beide verhalen. In het eerste boek is Van In commissaris, in het tweede is hij al gedegradeerd tot adjunct. Teveel ijver getoont in het eerste boek, misschien? Om maar te zwijgen over de abortus van substituut Hannelore Martens.
De verhalen in een paar regels vertellen is onbegonnen werk. Je moet enkel weten dat de mensen corrupt zijn, de wereld om detergent is, het gerecht op niets trekt en alle mogelijke populistische clichés naar boven gehaald worden. Wedden dat beide boekjes als zoete broodjes over de toonbank zijn gerold? 't Zou me niet verwonderen dat Paul Marchal 500 exemplaren heeft besteld. In het tweede boek is de desillusie van de schrijver nog frappanter (geen betaling ontvangen van Paul Marchal?), hij laat de adjuct-commissaris een foute tip geven aan een Siciliaanse handlanger, die dan promt de schuldige, kapitaalkrachtige en op alle niveau's bescherming genietende opdrachtgever vermoordt. In het eerste boek was dit niet nodig, de schuldige, invloedrijke en op alle nieveau's bescherming genietende pedofiel sterft er aan longkanker, eenzaan aan z'n vleugelpiano.


Het Dreyse Incident Patrick Claes, een rijke beursmanager en een fervent wapenverzamelaar, wordt in zijn eigen huis neergeslagen met een antiek Dreyse-pistool. Zijn belager gaat aan de haal met niet minder dan 58 kostbare wapens. Commissaris Van In en zijn homoseksuele rechterhand Versavel onderzoeken de zaak.

WAARSCHUWING: deze recensie bevat enkele ironische passages.
Ik had gehoopt had dat de auteur zelfmoord zou gepleegd hebben na het lezen van de vorige besprekingen. Neen, hij doet voort. Wat eens te meer aantoont hoe nietig de invloed van een recensent eigenlijk is.
Dit boek lijkt op z'n voorgangers, de intrige zit nog steeds even ingewikkeld in elkaar, z'n clichés zie ik 2 of 3 bladzijden vooraf aankomen (en je hebt daar heus geen Superman-zicht voor nodig) en z'n smoel troont nu eindelijk ook op de achterflap. Liever daar dan op verkiezingsdrukwerk. Ik vraag me af voor welk partij hij zou stemmen. Voor Agalev of het Vlaams Blok lijkt het wel. Maar toch is er hoop op verbetering: geen verschrikkelijk brugs dialekt meer (dat is al iets). Verder blijft de commissaris zuipen, roken en overvloedig eten, in iedere geval geen voorbeeld voor de jeugd [en voor volwassen mensen ook niet, trouwens]. Het zou me niet verwonderen dat hij soms zat achter het stuur van z'n Golf kruipt.
Ondertussen heb ik m'n persoonlijk leesrecord gebroken: 282 pagina's in 2 uur 15', uitgerekend is dat ongeveer 2 pagina's per minuut (kaft en reklame voor z'n andere boeken niet meegerekend). Hopelijk zal de recensie even vlot verlopen. Ik weet ondertussen niet meer of Patrick Claes een 'goede' of een 'slechte' is, maar hij overleeft het tot het einde, dus zal hij waarschijnlijk bij de goeden horen (zoals ik). Zo belangrijk zal dat nu ook wel niet zijn.
Even terloops: dit boek gaat over de russische maffia en z'n connecties met de banksector en politieke wereld (en daarmee zijn de 282 bladzijden besproken). Wedden dat z'n volgend werk zal handelen over vetsmelterijen en de Boerenbond? Er zit meer maatschappijkritiek in één episode van The Simpsons dan in deze drie boeken.

Een andere vraag waarmee de lezer mogelijkerwijze opgeschept zou kunnen zitten is de volgende; wat komt een thriller doen op een site van Idem Dito, een homogroep? De brigadier is toevallig homo.

Pieter Aspe heeft ook 'kinderboeken' geschreven bij De Standaard Uitgeverij (en ze zijn even ongenietbaar [maar dit geheel terzijde]). Ik dacht dat dìt een kinderboek voor de jonge en/of seniele VTM-kijker was.


Zoenoffer Terwijl Brugge zich opmaakt voor HiBrugia, een prestigieuze tentoonstelling, wordt commisaris Van In geconfronteerd met een bizarre afrekening in het Minnewaterpark, een plek waar homo's elkaar in het geniep ontmoeten. Het slachtoffer, Jos Viaene, wordt afgetuigd door 2 onbekenden en naar het ziekenhuis overgebracht.
Boeken van Pieter Aspe zijn nog het best te vergelijken met de softporn dat door VT4 uitgezonden wordt om toch nog een paar kijkers voor de buis te krijgen. Een tijdje geleden werd mij namelijk gevraagd een grootscheeps socio-cultureel onderzoek uit te voeren naar de kijkgewoontes van de modale Vlaming (in gewone taal: d'er zat een band in de video vast en ik moest die eruit halen). In een softporno lopen de jongste meisjes rond (wel met zeer volumineuze borstpartijen) in een topje dat eigenlijk een maat of twee te klein is, terwijl de man oud, gerimpeld en bleek is, ongezond lijkt en over geen spieren beschikt. Hij lijkt zelfs precies op u, was u hetero geweest. Dit verhoogt namelijk de identificatie van de heteroseksuele kijker met het gebeuren op de band. Thomas Waugh heeft in Hard to imagine zelfs een volledige studie uitgevoerd van de wisselwerking tussen de akteurs in pornofilms en de kijkers.
Er zitten twee of drie vrouwen thuis (aantal niet bijgehouden). Komt daar zo'n oud ventje bij (een controleur der direkte belastingen?). Prompt slaat de verwarming op hol en de vrouwen verliezen hun schroom en in een simultane strip-tease ook al hun veel te nauwe kleren. Ze vrijven elkaar over de eindelijk verloste borsten en andere secundaire seksuele organen en plots ligt de man van de belastingen ergens naakt (je ziet nu ook dat hij wat grijs haar op zijn borst heeft, een plukje links en een toefje rechts, maar niet symmetrisch). Door de doordachte cameraopstelling zijn zijn weke delen (ik heb niet geschreven 'erogene zone'!) niet zichtbaar. De meisjes springen op hem en raken bijzonder opgewonden (waarom weet ik niet, ik heb geen erecte noch slappe penis gemerkt), alle twee of drie tegelijk, ze kreunen en hijgen (volgende keer meer olie gebruiken). Bekende 'candelaber'-opstelling: de man ligt op z'n rug en de vrouw(en) zit(ten) op hem: weinig kans dat u ooit een phallus te zien krijgt. Dankzij deze karakteristiek heeft een duister Kamasutra standje het tot nummer één geschopt in de softporn business. Daartegenover vliegen de tepels (die van de vrouwen) dartel en breedbeeldvullend in het rond. In vergelijking met homoporno geen bijna-obligate hoe-trek-ik-een-condoom-aan scène. Niet verwonderlijk dat alle hetero's nu aids hebben. De rest van de film heb ik niet gezien, maar de wat oudere man zal wel bezweken zijn onder het gewicht van die schone madammen. Bij Pieter Aspe precies hetzelfde: met de jaren wordt Van In ouder en ouder en lijdt zelfs aan niet nader gespecifieerde kwalen, op een ladder valt hij even van zijn sus, maar Hannelore wordt jonger en aantrekkelijker. Om de associatie nog te verhogen drinkt hij overmatig bier. Kwestie van het doelpubliek (hier ook de mannelijke heteroseksueel) dichter bij de aktie te betrekken.

De aktie dus.
In het Minnewaterpark, de bekende ontmoetingsplaats waar 's avonds kappers, binnenhuisarchitekten en mannen met vrouw en kinderen (maar zonder vrouw en kinderen aanwezig) elkaar ontmoeten om de stand van hun zaakje te bespreken (door ons in het kort cruising area genoemd), wordt een man kort en klein geslagen. De federale politie ontvangt een telefoontje van een toevallige voorbijganger en de man kan gered worden. Voordat hij ondervraagd kan worden wordt hij echter vermoord. Typisch.
Hier weeral de klassieke ingrediënten van een Aspe-thriller: het brugs dialekt, de brugse topologie en een krimineel netwerk dat de wereldvrede wilt verstoren. Niet doen, hoor, want Van In is sterk en hij zal op z'n eentje (of toch bijna) het volledig netwerk oprollen en meegeven met de selectieve ophaaldienst. Hij krijgt daarbij de steun van enkele hooggeplaatste mensen, want op brugse politici moet hij niet rekenen. Je 'weet' al halverwege het boek dat niet de eerste minister vermoord zal worden, maar wel z'n dochter, en toch wordt dit laatste spanningselement pas op het einde bovengehaald, om het plot toch nog enige vaart te geven. Daarbij valt zelfs de security-man die op de veiligheid van de dochter moest letten over een steen (in een hondendrol trappen is echt te min voor een veiligheidsagent). Een kijk in het uitgebreid homomilieu wordt de lezer niet gegund.


En ik heb reeds een idee voor een volgend boek, dat een perfekte mix van internationale en plaatselijke elementen zal bevatten: een islamitische fundamentalistische vrijheidstrijdersbende wenst een japans eilandje te verlossen van het juk van het grootkapitaal en minstens evengroot-industrie. Ze kapen daarbij een bus van de brugse stadsdienst, die op volle vaart (30 per uur in de bebouwde kom) tegen een bende toeristen botst. Fototoestellen, benen, armen, pakjes friet en handbagage vliegen in het rond en nog geen uur later staan er minstens 10 ENG-wagens op de plek van het gebeuren. De mazouttank vliegt in brand, zodat de helft van de filmcrew live geroosterd wordt. Een of ander veel te duur gerestaureerd brugs gebouw dat toevallig in de buurt was stort in slow motion in elkaar, daarbij voor nog meer kijkplezier zorgend.

Vagevuur Frank Lernout, manusje-van-alles bij een stoeterij, rooft de villa leeg van Paul Verfaille, een gerenomeerde theaterproducent. Hij ontdekt een aantal schokkende foto's genomen in de folterkamers van de Chileense geheime dienst. Van In en collega onderzoeken de zaak met tegenzin...
Blijkbaar zitten we in het jaar 2002, met Brugge als culturele hoofdstad van Europa. De lente is pas begonnen, maar briefjes van 2000 worden nog steeds gebruikt om drugs op te snuiven. Voor veel andere zaken kan je tegenwoordig een briefje van 2000 niet meer gebruiken (en die briefjes van 500 euro zijn zo onhandig klein en geeft de inkt ervan een vieze smaak aan de coke). En verder is Versavel bijna hetero geworden en draagt Annelore alsmaar nauwere kleedjes. Pieter Aspe is er wel in geslaagd minstens één moeilijk woord per pagina binnen te smokkelen. Zo ver zelfs dat ik regelmatig naar de woordenboek moest grijpen. Niet doen, Aspe: na een tiental opzoekingen weet je als modale lezer (ik ben geen modale lezer maar een recensent) niet meer bij wie een afgerukte been of vinger hoort, waarom die persoon vermoord werd en wat catharsis nou eigenlijk betekende.


Aladdin in Brussel Aladdin, jong Brussels kunstenaar, beschildert dag en nacht zijn eigen spiegelbeelden op de manshoge spiegel die een Djin (geest) middenin zijn kamer heeft geplant. Zijn minnaar blaast diepe tonen uit zijn fluit vanuit het pakhuis tegenover. De obsessie voor de spiegel doet de kunstenaar zijn geliefde verliezen. ... "Wat door de gemeenschap betaald wordt moet toch voor de gemeenschap verstaanbaar blijven? Dat is de logica zelve, nietwaar? Weg met het obscurantisme en het hermetisme, de burger die heeft lang genoeg geleden! Leve de helderheid van de nieuwe tijden! Onze pas verkozen regering heeft die helderheid vanzelfsprekend als eerste punt op haar agenda gezet. Neem nu onze laatste stedenbouwkundige plannen," ...
Ik vrees dat dit boek (en het is meer dan vrees alleen), gesubsidieerd door de Vlaamse Cultuur (want wie leest er nu zo'n gewrocht) pruilt van virtuoze volzinnen die niets te betekenen hebben. Enkel plaatsnamen en feiten (de dood en de heiligverklaring van Boudewijn I) brengen ons even terug naar de werkelijkheid, maar dan verzuip je alweer tussen holofonische Uniteitsdetectoren (slechts —gelukkig— in één enkel exemplaar aanwezig, en die overleeft een kelderoverstroming niet) en vaderlandslievende homoseksuele jonge allochtonen die het met de auteur doen. Op oosterse wijze, dan nog wel.

De bladomslaander
Martin Bauman Paul Porterfield is een veelbelovende jonge pianist die droomt van een solocarrière. Op en avond is hij bladomslaander voor Richard Kennington. Tijdens een vakantie in Rome met zijn moeder, loopt Paul zijn idool opnieuw tegen het lijf. Ze krijgen een verhouding die echter door omstandigheden bemoeilijkt wordt.
Een historische roman over de decadente jaren 80 die het verhaal vertelt van een ambitieuze jonge schrijver in het literaire wereldje van New York; zijn liefdesperikelen, zijn behoefte om voor zijn geaardheid uit te komen, zijn studie en werk, zijn korte periode als aids-activist, de relatie tot zijn mentor S. Flint.
Met 'Terwijl Engeland slaapt' heeft het boek gemeen dat je vanaf de eerste bladzijde hopeloos mee in het prachtig verhaal gesleurd wordt. Machtig. Een klassieke tragedie, maar dan in het Engels geschreven en naar het Nederlands vertaald. Net zoals in 'De verloren taal der kranen' is de kernvraag hier ook waarom mensen niet kunnen krijgen wat ze het liefst willen. Maar willen ze het echt?

Opnieuw toont David Leavitt z'n kunnen. Samen met bovenvermelde boeken is 'De bladomslaander lektuur van de bovenste plank. Maar kan je d'er wel aan?


Martin Bauman is niet de perfekte schoonzoon. Ten eerste is hij homo, en in de jaren '80 speelde dit feit een belangrijker rol dan nu.
Ook heeft hij een niet zo aangenaam karakter, iets dat zijn leraar Stanley Flint al vroeg had opgemerkt.

Martin Bauman is schrijver, wat wilt zeggen dat hij laat opstaat, een poging onderneemt om een bladzijde te schrijven, 's namiddags gaat hij dan in Central Park wandelen en 's avonds gaat hij uit eten. Hij heeft ooit eens een fiktieboek geschreven over de coming out van een jonge homo, en verder probeert hij zijn nieuwe verhalenbundel verkocht te krijgen. Hij heeft opeenvolgende relaties met verschillende mannen.

In dit werk van David Leavitt gebeurt er nog minder dan in zijn vorige werken. Alle aktie vindt plaats in New York: de schrijver heeft meer aandacht voor de persoonlijkheid van de personages, en in het bijzonder de ik-persoon, dan voor een dramatisch verhaal met moord en terrorisme. Als Bauman iemand dumpt gebeurt dit in een paar zinnen, zonder dat hij er verder over denkt. Als is Bauman een asshole van formaat, toch blijf je verder lezen. Onderweg komen we een paar bekende namen tegen: Bret Easton Ellis (zie hoger) en Gilbert Adair om er maar een paar te noemen.