CHTA -"non-astro-site" -

ABORIGINALS - spiritualiteit & traditie

Tekst van de uitzending van Raya, Q-radio, op zondag 28 februari 1999

De oorsprong van de Aboriginals in AustraliŽ is heel erg onduidelijk.

Sommigen zeggen dat ze van Zuidoost AziŽ kwamen tussen 40.000 en 100.000 jaar geleden, toen AustraliŽ nog door land verbonden was aan Nieuw Guinea, met misschien slechts een klein stuk water ertussen waardoor men makkelijk in boten in het lege en woeste AustraliŽ kon komen. Een land waar geen andere mensen waren, en het land zelf werd daardoor de kaart voor het nieuwe leven van de Aboriginals. Nieuw onderzoek zo'n 2 jaar geleden, heeft echter zojuist aangetoond dat de oudste bewijzen van leven in AustraliŽ niet ouder dan 6-10.000 jaar zijn.

Hoe dan ook, gedurende lange generaties leerden de Aboriginals dat het land hun alles gaf voor een gezond leven en dat ze het land zo konden besturen dat alle voedsel- en andere bronnen ook nooit volkomen verbruikt werden, en dat er steeds een vernieuwing ontstond voor de toekomst.

De Aborigines vormden veel verschillende groepen en werden jagers, die dans, zang en vooral verhalenvertellen gebruikten om informatie van generatie op generatie over te dragen.

Ze hebben dus een uniek gevoel voor het land gekregen en hoe ze het beste voedsel en waterbronnen kunnen verkrijgen, en het land tegelijkertijd te bewaren voor toekomstige generaties. Uiteindelijk overleefden ze in het ruwste klimaat wat maar denkbaar is, heet en droog, vooral in het Midden van AustraliŽ.

Men denkt dat voordat de blanke Europeanen in het gebied kwamen er ongeveer 200 talen gesproken werden door de verschillende Aboriginal gemeenschappen in AustraliŽ, met in totaal wel 600 dialecten.

Omdat verhalenvertellen hun belangrijkste informatiebron is, EN omdat de talen het loodje legden door de overheersing van de blanken gaat er veel verloren van hun kennis en is er waarschijnlijk ook al veel verloren gegaan.

Toen de blanken binnenkwamen waren hun betrekkingen met de Aborigines niet direct ideaal. En aan beide kanten ontwikkelde zich een patroon van wantrouwen en misverstand.

Vooral het gebruik van heilige grond voor Uraniummijnen heeft veel schade toegebracht aan het leven en de cultuur van de Aboriginals.

URANIUMMIJNEN

Het leven is heel bizar, als je bedenkt dat uitgerekend een groep mensen die met zoveel respect voor het land zelf te maken hebben gekregen met de hebzucht van de westerse wereld die juist het land plundert. Het omgekeerde dus. Opnieuw groeit er een conflict tussen de aboriginals en de overheid in AustraliŽ. Op het spel staat de ontwikkeling van de rijkste uraniummijn ter wereld in Jabiluka (Northern Territory), waarvoor de regering recent zijn fiat heeft gegeven. Het inheemse Mirarr-volk, de traditionele hoeders van het gebied, verzet zich tegen ontginning. Milieubeschermers maken zich zorgen over het befaamde Kakadu National Park dat de mijn omringt. Het Europees Parlement riep al op om de invoer van uranium afkomstig van mijnen die de aboriginal-landrechten schenden, te verbieden.

De mijn in Jabiluka bevat voor zover bekend de grootste afzetting van uranium in de wereld. Al meer dan 20 jaar strijden de mijnbouwfirma's First Pancontinental en Energy Resources of Australia/North Ltd voor de ontginning ervan.

In oktober vorig jaar keurde ze de mijnexploitatie in Jabiluka goed, hoewel de senaat later in een motie tegen de beslissing stemde. Jabiluka is ťťn van de 26 uraniummijnen die de overheid onderzoekt met het oog op de export, maar tot nu toe is het mijnbouwproject in Noord-AustraliŽ allesbehalve een goede pr-stunt gebleken voor de regering.

De Gundjehmi Aboriginal Corporation, die het Mirarr-volk officieel vertegenwoordigt, heeft het over de vernietiging van het leefmilieu en de culturen van de aboriginals door de mijnwerkzaamheden. "De regering heeft ons in het verleden al mijnbouw opgedrongen en we vrezen dat dit opnieuw zal gebeuren. Een nieuwe mijn vernietigt niet alleen een stuk van ons land, maar ook onze toekomst."

Uit een sociale studie over een ander gebied blijkt dat de aboriginals weinig voordeel hebben gehaald uit de ontwikkeling van al bestaande mijnbouw en toerisme in Kakadu. Terwijl miljoenen dollars van de mijnen naar de aboriginal-organisaties vloeien, groeien de alcoholproblemen in de lokale gemeenschappen en is de tewerkstelling van aboriginals in de mijnbouw uiterst gering.

Ondanks de studieresultaten over de sociale impact heeft de regering in Canberra het licht op groen gezet voor de ontwikkeling van de Jabiluka-mijnsite. De voorkeur van mijnontwikkelaar Energy Resources AustraliŽ gaat uit naar een ondergrondse mijn. De verwerking van de ertsen zal elders gebeuren. Volgens de mijnontwikkelaar zal dat de kwalijke milieugevolgen van de uraniumwinning tot een minimum beperken. De Mirarr zijn niet onder de indruk van die voornemens. "Eerdere mijnakkoorden hebben onze gemeenschappen ook niet beschermd of de kracht gegeven om de mijnwerkzaamheden goed door te komen."

VOEDING

De Aboriginals hadden duizenden jaren kennis van leven op het land en een ongeŽvenaarde kennis over waar en hoe hun voedsel en water te krijgen. Ze overleefden echt in ruwe en onwelkome gebieden in Centraal AustraliŽ met de hete temperatuur en de droogte. Gedurende het droge seizoen hadden ze zelfs een laatste redmiddel om water te krijgen door een bepaalde kikker, de Cyclorana kikker te knijpen. Want deze kikker slaat water in zicht op en begraaft zich vervolgens in de grond tot de volgende regen komt...

Ook van de speciale planten, de Bush Tomaat, de Bush Uien, en andere planten hadden ze veel kennis die ze van generatie op generatie doorgaven.

En natuurlijk speelt Droomtijd of Dreamtime een vitale rol in het leven van de Aboriginals. Voor de Arremte groep bij Alice Springs betekent Dreamtime een visioen van de wereld waarbij krachtige spirits op de aarde kwamen en rondreisden om alle natuurlijke eigenschappen die we vandaag kennen te creŽren. Dreamtime brengt de Aboriginal terug bijzijn spirituele wortels, voorbij tijd en ruimte.

De kracht van droomtijd is de oorzaak van nieuw leven in netgeboren babies voor de Aborigines en deze krachten blijven hun hele leven bij hen. En ze worden teruggegeven aan het land als ze doodgaan. De Anangu groep die nu in het Uluru-Kata Tjuta National Park woont halen al hun kennis van het leven uit het land. Het land zelf is hun gids.

Zo is Arramurragundji een voorouder uit het tijdperk dat de Schepping ontstond, die van belang is voor de groep Aborigines in het Kadaku national park. Zij kwam uit de zee en droeg allerlei zaden met zich mee voor allerlei soorten planten zoals zoete kastanjes, wilde rijst en Yams. En al de velden werden gevuld met dit voedsel en haar geesteskinderen, en deze op hun beurt vertelden de mensen weer welke taal ze moesten spreken.

DROOMTIJD

De Aborigines zien het een beetje zo dat Droomtijd mensen in herinnering brengt van hun kosmische oorsprong. Als er bijvoorbeeld een kind geboren gaat worden, dan gaat het om een Spirit die zelf gekozen heeft een baarmoeder binnen te gaan en het is interessant om te weten dat de Aboriginal de vader verantwoordelijk acht voor het tot leven roepen van die spirit. Het gaat niet om de fysieke handeling maar om het oproepen en in kontakt komen met de spirit van het kind dat geÔncarneerd gaat worden. Zo hebben vaders dus een heel wezenlijke rol bij geboorte, veel wezenlijker dan in westerse culturen. Maar daardoor is het eveneens zo dat elke ziel die geboren wordt niet specifiek door bloedbanden verbonden is aan de ouders, maar door geestelijke banden aan de hele stam waarin hij of zij incarneert. De verschijning van een mensenkind op de aarde is het resultaat van de manifestatie uit Droomtijd. De band met de spirit uit de droomtijd kan ook nooit verbroken worden als het kind eenmaal geboren is.

Elk individu bij de Aboriginals heeft ook een eigen totem. Maar tot welke totem hij of zij behoort is iets dat van Droomtijd komt en daarom moet elke Aboriginal daar eerst weer kontakt mee maken voordat hij weet tot welke totem hij behoort. Voor die tijd is een Aboriginal eigenlijk identiteitsloos. En als hij of zij eindelijk zijn totem weet, behoort hij daardoor meteen tot een bepaalde groep of clan met dezelfde totem. Het kan wel eens gebeuren dat iemand behoort tot een totemgroep, omdat zijn moeder daar op visite was tijdens de conceptie, en dan uiteindelijk later in zijn leven uitvindt dat hij een totem heeft die hij helemaal niet kent, tot hij die groep mensen weer tegenkomt.

Als je tot een bepaalde totem-klasse om het zo maar te noemen, behoort, gaan daar ook bepaalde verplichtingen mee gepaard die de harmonie van de totale groep bewerkstelligen. Zo dient een vrouw met een passieve totem een man met een aktieve totem te trouwen en omgekeerd voor het evenwicht. Een persoon die een intelligente totem heeft dient weer te trouwen met iemand die een minder intelligente totem heeft. Enzovoorts.

De verschillende totemsymbolen hebben ook weer verschillende kleuren die ook in de beschilderingen op het lichaam aangebracht worden.

De relatie tussen een individu en zijn of haar totem is niet alleen levenslang, het is ook levengevend. De totem is een soort symbool voor een innerlijk geweten, en mensen kunnen met de totem in kontakt komen, er mee spreken, er advies aan vragen, en het eerbiedigen. De innerlijke guru als het ware.

En zonder zo'n totem identiteit is een aboriginal niet heel, en voelt zich afgesloten van zijn of haar wortels. Bovendien kun je door je met de totem te vereenzelvigen, jezelf transcenderen en delen in een hoger kosmisch leven en besef.

De Aboriginals hebben bijzondere groepsrituelen waarbij jongere mensen geÔnitieerd worden en hun totem naar boven krijgen door de verschillende trance-staten en concentraties waarin ze dan gebracht worden.

De rituelen gaan over het algemeen wel met enige bloedoffers gepaard. Voor meisjes kan dat ontmaagding zijn en voor jongens besnijdenis maar niet alleen dat, er werd ook in de huid gesneden om bloed op te vangen om substantie te verkrijgen die plakkerig werd, zodat veren aan het lichaam geplakt konden worden. Men ging er van uit dat geen mens de volle ervaring van het leven kan hebben als er ook niet pijn ervaren wordt, en dat er zonder pijn geen sprake is van helemaal te leven. Dus de pijnprocessen werden in sociaal gecontroleerde en rituele omstandigheden ervaren en pas na die initiaties was iemand volledig mens.

Ook alle kunstvormen van de Aboriginals zijn afbeeldingen van de heilige boodschapppen van hun totems en onderdeel van hun riten en ceremonieŽn. Maar tegenwoordig zijn veel van de kunstvormen alleen maar bedoeld voor de verkoop aan Europeanen en ontdaan van al deze ceremoniŽle geheimen. De economische druk is voor hen te groot om dat niet te doen en neem het ze eens kwalijk. Het is overigens interessant om waar te nemen dat de kunstvormen van de Aborigines nooit portretten afbeelden, alleen symbolen. Dit komt omdat de persoonlijke identiteit van een mens niet als het belangrijkst gezien wordt, omdat elk individu ook een totemidentiteit heeft, een innerlijke identiteit waarmee hij via Droomtijd verbonden is, groter dan de uiterlijke vorm.

ReÔncarnatie speelt dus ook een belangrijke rol in het geloof van de Aboriginals. Een mens is nooit zo helemaal alleen maar zichzelf, dat hij niet ook een reÔncarnatie is van iemand anders. En de totemidentiteit zorgt er ook voor dat de mensen geÔnitieerd worden in bepaalde spirituele kennis, die doorgegeven worden. Zo kan een man ook de totem van zijn vader er bij krijgen bij diens overlijden en alle spirituele kennis en verantwoordelijkheden die daarbij horen. Het is best een complex, maar ook een heel mooi systeem van onderlinge verbindingen tussen jezelf en een grotere groep en tegelijkertijd met de spiritwereld en het verleden.

SLANGEN

In de Aboriginal legende van Droomtijd zijn slangen van groot belang. De Regenboog slang hielp mee vele dingen te maken in het begin van het Australische landschap. De Regenboogslang was een reuzenslang die onder verschillende namen bekend stond bij de verschillende stammen. Slangen zijn notabene ook een belangrijk voedsel voor de Aboriginals. Oudere Aboriginals kunnen zo het verschil zien tussen slangen die er voor de meeste mensen hetzelfde uitzien. De jongeren kunnen dit helaas niet meer. Slangen worden bijvoorbeeld gevangen in de rivier, de Aboriginals duiken er in, vangen ze en breken dan hun nek. Dan gooien ze de slangen op de oever en koken ze en als de huid zwelt zijn ze gaar om op te eten.

Het is heel interessant dat de Aboriginals in AustraliŽ de regenboog zien als een symbool voor de Goddelijke Slang. Traditioneel is het een hemelse brug waarover alleen goden kunnen lopen, want de mensen moeten er onderdoor lopen, en daardoor is de regenboog altijd gezien als een bemiddelaar tussen het ongeziene gebied van de Geest of Spirit en het zichtbare gebied van de stof. De slang wordt ook als een bemiddelaar tussen die twee werelden gezien.

OMGANG MET LAND

We hadden het er eerder over dat de Aborigines wel heel zorgvuldig omgingen met de bronnen van het land. Hoe deden ze dit eigenlijk? Daarvoor gebruikten ze vuur. Door stukken land beheerst te verbranden bij tijd en wijle, hielden ze de bush open, en konden er nieuwe zaden groeien in de as. Aborigines die in Arnhemland wonen in AustraliŽ, doen dit nog steeds. Veel van de Australische planten groeien heel snel opnieuw aan na vuur en sommige planten bloeien zelfs uitbundiger daarna.

Is het niet fenomenaal dat de Aborigines het land beheerst verbranden bij tijd en wijle terwijl AustraliŽ tegenwoordig ook zulke ongecontroleerde grote branden kent die iedereen probeert te blussen? Zou het land zelf spreken?

Minstens de helft van het voedsel dat de Aborigines eten was plantaardig, en het was de taak van vrouwen om deze planten te verzamelen. Net zoals wij groenten en fruit eten, zo ook de Aborigines. Fruit, zaden en groenten waren alleen verkrijgbaar in bepaalde seizoenen, maar wortels van planten onder de grond konden het hele jaar door gevonden worden, alsof de aarde zelf een natuurlijke voorraadkast was. Belangrijk voedsel werd opnieuw geplant. Het regelmatige schoffelen van de grond, het uitdunnen van de planten en het bij tijd en wijle verbranden om de grond weer vruchtbaar te maken, lijkt best wel wat op hoe wij met onze tuinen omgaan. In feite was het hele land voor de Aborigines een soort van tuin.

Er zijn veel tropische planten in het noorden van AustraliŽ, met vruchten en zaden zoals vijgen en Macademia noten. Een van de vruchten, een groene pruim is enorm rijk aan vitamine C.

In het midden van AustraliŽ is het water schaars, en de planten zijn daar dun verspreid over het land. Hier leunden de Aborigines meer op de zaden van grassen en bepaalde bush tomaten en woestijnvijgen.

En in het zuiden van AustraliŽ waren de wortels van planten het belangrijkste voedsel.

Planten werden ook nog voor veel andere dingen gebruikt, bladeren werden gebruikt voor het maken van matten en manden, de bast van bomen werd gebruikt voor emmers, borden en schilden, sommige boombastsoorten waren fantastisch voor het maken van kano's enzovoort. En ook leverden de planten medicijn, zoals mentol voor verkoudheden, en gum voor verbrandingen.

GAIA

De Aboriginals zien in het land zelf een menselijk lichaam en behandelen het land dus met een enorm respect. Het komt voort uit hun besef dat ook de basis is voor de astrologie en in de oude Hermetische teksten voortkomt: Zo Boven Zo Beneden. Alles hieronder op de Aarde is een afspiegeling van de hemel of van het goddelijke dus.

De melkweg beschouwen de Aboriginals als de in de steek gelaten verkeersweg van de Zon of de Goden in de hemel, die hier op aarde weerspiegeld wordt door bepaalde rivieren.

De meeste aboriginals beschouwen het continent AustraliŽ als een menselijk lichaam, dat plat op zijn rug ligt. Het continent rijst uit op de zee, en diep onderaan zijn de billen van AustraliŽ, en binnen in haar lichaam bevindt zich de slang. Het centrum is de navel, en heet Uluru. Cape York en Arnhem Land in het Noorden bijvoorbeeld representeren het hoofd en de longen daaronder worden bijvoorbeeld gevonden in het gebied dat de Golf van Carpentaria heet. In Europa of de Westerse wereld hebben wij dit oeroude besef de laatste tijd teruggevonden onder het begrip Gaia: de hele aarde als een levende Moeder Aarde. Er is niets primitiefs aan, zo als de wortels van onze huidige wetenschap ons willen doen geloven, het is juist een prachtige verbondenheid met de natuur.

DE CLEVER-MAN

Ook bij de Aboriginals bestaat het fenomeen van de medicijnman of sjamaan, hij wordt daar de Clever-man genoemd en het is onvoorstelbaar boeiend hoe de CLEVER man bij de Aboriginals door een groeiproces heen gaat dat griezelige overeenkomsten vertoont met alle inwijdingsverhalen over de hele wereld heen.

In alle tradities moet er wel een persoon zijn in wie die de belangrijkste spirituele aspiraties van een volk gecentreerd zijn. Het is onmogelijk voor een cultuur om lang te overleven zonder de charismatische aanwezigheid van een bewaker of magische kracht waar de rest van de stam zich aan voegt. Deze mensen leiden een ambivalent bestaan, zowel het bestaan van de geest als van de mens. In de Bijbel en bij de Sufi's noemen ze dat: wel in de wereld zijn, maar niet van de wereld zijn.

De 19e eeuwse Europeanen die AustraliŽ gingen bevolken en totaal ontspeend waren van enig spiritueel besef, beschouwden deze Clever Men van de Aboriginals als een charlatan en ook missionarissen hadden de neiging deze mensen snel te isoleren van de rest zodat de missionarissen hun verantwoordelijkheden konden beginnen om de zielen van de Aboriginals te leiden naar Christus, niet eens in de gaten hebbende dat ze er misschien wel dichter bij waren en alleen maar hun eigen taal en vormen en symbolen voor diezelfde innerlijke waarheid van de mens gebruikten.

De training van een noviet die ingewijd zou gaan worden als een Clever Man, hetgeen overigens een Karadji heet bij de Aboriginals -- waren overal hetzelfde. Een man die een Clever Man wenste te worden werd daartoe hetzij geroepen door de spirits, of hij werd ingewijd door een andere karadji.

Bij de stammen van Centraal AustraliŽ was het bijvoorbeeld de gewoonte dat als een man voelde dat hij in staat was een Karadji te worden, hij dan weg liep van het kamp tot dat hij bij een grot aankwam.

Zijn ouders gingen dan door een periode van rouw heen alsof ze voor eeuwig afscheid namen van hun zoon.

De weggelopen man trok zich dus terug voor een periode van meditatie. Bij een grot aangekomen ging hij liggen om te slapen of in trance te raken, maar hij was voorzichtig om niet de grot binnen te gaan. Want als hij dat zou doen zou hij zulke sterke kracht ervaren, dat hij voor altijd weg zou gaan in Spiritland. Door de spirits werd er aan hem geopereerd en al zijn lichamelijke organen werden in de trance weggenomen en nieuwe kwamen er voor in de plaats. Deze bizarre toestand van het geestesleven kwamen we ook tegen bij de Sjamanen in SiberiŽ met hun inwijdingsverhalen dat al hun botjes door elkaar gehusseld werden en dan opnieuw in elkaar gezet werden.

Om nadruk te leggen op zijn veranderde staat van zijn ging zo'n man in AustraliŽ dan door een periode van waanzin heen. Tenslotte, als hij geheel hersteld was, leidden de spirits hem terug naar zijn kamp. Alleen andere Karadji en honden waren in staat om de spirits te zien rondom de man, gewone mensen konden niets waarnemen, voor hen waren die begeleidende spirits van de nieuwe Karadji onzichtbaar. In alle gevallen was het proces een proces van een geboorte van een totaal nieuw mens in plaats van de oude. En zijn enige doel na zo'n transformatie was om de gemeenschap waarin hij woonde te dienen.

De Aboriginals zeggen dat je een Clever man altijd kunt herkennen door zijn intelligente blik in zijn ogen. Deze personen waren bovendien gehuld in een bijzondere atmosfeer waardoor mensen zich anders voelden in zijn nabijheid.

Ook kreeg de nieuwe Karadji een nieuwe totem die in hem gezongen werd als het ware. En al deze processen leidden er toe dat de Karadji astraal kon reizen, maar ook de meest wonderlijke dingen kon verrichten zoals het net als een spin maken van een draad uit zijn lichaam waarlangs hij in hoge bomen kon klimmen.

Vandaag de dag schijnen er niet veel Karadji mensen meer over te zijn. De belangstelling van jonge Aboriginals voor hun traditie wordt met de dag minder, ze kunnen praktisch alleen overleven als ze meer integreren in het westerse systeem.

Het is maar goed dat we nog net op tijd wat geschreven bronnen over deze bijzondere volken hebben, zij zelf schreven nooit iets op, voordat ze helemaal van de aardbodem verdwijnen.

Joyce Hoen feb. 1999

Als je meer wilt weten over de Aborigine Tradition (en Engels leest) : het hieronder afgebeelde boek kan ik van harte aanbevelen. (Klik op de cover om naar het betreffende boek bij AMAZON te gaan als je het zou willen bestellen)

terug naar de indexpagina CHTA-astro-site

terug naar de indexpagina van de "non-astro-site"