
|
|
|
|
|
|
Mijn wieg stond, kort na mijn geboorte op 11/11/1962, in het Middelaresziekenhuis in Deurne maar al spoedig kwam ik terecht in de gemeente Borgerhout waar ik eerst belandde in de Poststraat en vervolgens in het huis waar ik nog steeds woon, Van Montfortstraat 46. Bij toeval was dit het geboortehuis van mijn grootmoeder zaliger, Jeanne Meeus, en de vorige eigenaars hadden zelfs de houten blokken waar de drukpersen van mijn overgrootvader hadden op gestaan laten zitten. Mijn grootmoeder zou in 1993 in haar geboortehuis overlijden.

Dé periode in mijn leven situeerde zich tijdens mijn burgerdienst bij de toenmalige afdeling opgravingen van de Stad Antwerpen onder de deskundige leiding van Tony Oost. Samen met Jacques Ackermans, Joke Bungeneers, Danny Huyghens, Georges Troupin, Johan Veeckman en verschillende min of meer vrijwillige medewerkers vormden we daar een schitterend team dat o.m. in de O.L.V.-Kathedraal zijn sporen heeft verdiend. Tijdens die periode verrichtte ik al een beetje wetenschappelijk werk naast de sleuf resulterend in twee artikels: een bijdrage over 'Het Rad van Avonturen' aan de Suikerrui in de publicatie 'Achter de muren van het etnografisch museum' en ééntje over een kinderbegrafenis in de XVIIde eeuw: "Daer is een kind verdronken...", Scharnier, kathedraal van Antwerpen, nr. 8, januari 1990, 7-8.
Beroepsmatig ben ik bibliothecaris in de departementen Sociaal-agogisch werk en Handelswetenschappen en Bedrijfkunde van de Karel de Grote Hogeschool.
Aangezien we steeds een weekendverblijf hebben gehad, eerst te Essen-Horendonk en later te Retie, ben ik mij steeds meer en meer gaan bezighouden met de problematiek van de ruimtelijke ordening in het algemeen en de weekendverblijven in het bijzonder. Mijn engagement hierin gaat zover dat ik ondervoorzitter ben van de enige goed gestructureerde strijdvereniging rond deze problematiek: het Nationaal Komitee van Weekendverblijvers en Vaste Bewoners vzw.
Omdat het leven ook nog plezant moet zijn ben ik ook actief in het Antwerps BierCollege als medeschrijver van de Antwerpse BierCourant. De combinatie van historicus zijn en een bescheiden bierverbruiker moet uitmonden in een nieuwe historische publicatie "Antwerpen Bierstad" waarvan we hopen dat deze bij Petraco-PANDORA het daglicht zal zien einde 2011.
Omdat ik mijn gezondheid nog steeds belangrijk vind heb ik mij aangesloten bij het initiatief van Ademloos om de volksraadpleging te organiseren. Als oprechte Antwerpenaar pikt u het toch ook niet dat onze stad gewurgd wordt door verkeer dat in een open riool (en zelfs boven onze hoofden) ons leven verpest en mensen ziek maakt?! Het is dan ook onbegrijpelijk dat nu in maart 2009 de ARUP-studie verschenen is, bepaalde politici en de BAM zich achter dit onding blijven scharen! Een korte samenvattende reactie op deze studie die ik aan enkele open VLD-politici heb gestuurd vindt u hier.
Verder ben ik dus ook nog
secretaris-webmaster
in de raad van bestuur van het Genootschap voor Antwerpse Geschiedenis.
Mijn licenciaatsverhandeling behandelde de zwavelraffinaderij Koch & Reis te Antwerpen, een firma die tot de beginjaren 1980 actief was aan de Yzerlaan. De verhandeling vindt u in de stadsbibliotheek Antwerpen. Een samenvatting is beschikbaar als:
In het kader van het onderzoek dat ik vooral i.s.m. de dienst archeologie van de Stad Antwerpen doorvoer verschenen reeds volgende artikelen (in chronologische orde):
Medewerking aan de publicatie: Achter de gevels van het etnografisch museum, Antwerpen, 1989.
I. DERYCKE, "Over rijkdom en adeldom.
De Antwerpse familie l'Hermite tijdens de Gouden Eeuw",
Heemkundige Kring Jan Vleminck,
jg. 1990 nr. 4, 87-120.
I. DERYCKE, "Het bonte leven in een herbergzame buurt. De driehoek Oude Koornmarkt-Hoogstraat-Reyndersstraat ter studie. Deel 1: de Pelgrimsstraat en de Grote Gans", Cornelis Floris, jaarboek 1992, 79-121.
I. DERYCKE en JOHAN VEECKMAN, "Het bonte leven in een herbergzame buurt. De driehoek Oude Koornmarkt-Hoogstraat-Reyndersstraat ter studie. Deel 2", Cornelis Floris, jaarboek 1993, 50-119. Dit bestaat uit volgende bijdragen:
I. DERYCKE, "De glans van een pand. De herberg 'De Spiegel', Oude Koornmarkt 58 en zijn achterhuizen de 'Cleynen Spiegel', de 'Witten Engel' en de 'Groenen Hoet', Pelgrimsstraat 23-27, tijdens het ancien régime", Antwerpse Vereniging voor Bodem- en Grotonderzoek, Bulletin, 1994 3/4, 1-63.
- Archeologie en geschiedenis: mariage de raison of flirt,
- De Kevie, Oude Koornmarkt 34, en haar afgesplitste buurman De Salvator, Oude Koornmarkt 32: de historische gegevens tot aan het einde van het ancien régime,
- Waterput? Afvalput! Een waterput met inhoud, Pelgrimsstraat 11,
- Historische gegevens over de twaalf apostelen.
I. DERYCKE, "Het bonte leven in een herbergzame buurt. De driehoek Oude Koornmarkt-Hoogstraat-Reyndersstraat ter studie. Deel 3: textielbaronnen in de Hoogstraat", Cornelis Floris, jaarboek 1995, 41-91.
I. DERYCKE, "Alles behalve kluizenaars: een belangrijke Antwerpse tak van de familie l'Hermite in woelige tijden", J. VANDERHAEGHE en M. VAN DE CRUYS (red.), Gens Brabantica, jaarboek 1996, 7-42.
I. DERYCKE, "Geschiedenis van de Halle van Armentières, Hoogstraat 35", J. VANDERHAEGHE en M. VAN DE CRUYS (red.),Gens Brabantica, jaarboek 1996, 149-162.
I. DERYCKE, "Het Groot Sarazijnshoofd, Hoogstraat 31, tijdens het ancien régime: de historische gegevens", J. VEECMAN (red.), Berichten en Rapporten over het Antwerps Bodemonderzoek en Monumentenzorg (BRABOM), nr. 1, Antwerpen, 1996, 39-46.
I. DERYCKE, G. TROUPIN en J. VEECKMAN, "De Coninck van Spaignien, alias Pellicaen. Archeologisch, bouwhistorisch en historisch onderzoek van een verdwenen pand in de Oude Beurs", J. VEECKMAN (red.), Berichten en Rapporten over het Antwerps Bodemonderzoek en Monumentenzorg (BRABOM), nr. 2, Antwerpen, 1998, 57-75.
I. DERYCKE en G. TROUPIN, "Straatkelders te Antwerpen: hinderpaal of belangrijk bouwhistorisch patrimonium?", J. VEECKMAN (red.), Berichten en Rapporten over het Antwerps Bodemonderzoek en Monumentenzorg (BRABOM), nr. 3, Antwerpen, 1999, 87-115.
I. DERYCKE en G. TROUPIN, "Onder de voet gelopen: straatkelders", Kaderblad, Verbond voor Heemkunde Gouw Antwerpen, jg. 36 (1999), nr. 4, 15-18.
M. HENDRICKX en I. DERYCKE, "Geschiedenis van de Groote Schalien Loove, Koolkaai 15", J. VEECKMAN (red.), Berichten en Rapporten over het Antwerps Bodemonderzoek en Monumentenzorg (BRABOM), nr. 4, Antwerpen, 2000, 11-26.
I. DERYCKE, G. TROUPIN en J. VEECKMAN, "Het Mercator-Orteliushuis te Antwerpen", J. VEECKMAN (red.), Berichten en Rapporten over het Antwerps Bodemonderzoek en Monumentenzorg (BRABOM), nr. 5, Antwerpen, 2002, 139-225.
I. DERYCKE en M. HENDRICKX, ‘Een vader met vele kinderen: historische gegevens over de Hage (Oude Koornmarkt 68-70) en zijn afsplitsingen in de Reyndersstraat tijdens het ancien régime’, in: Antwerpse Vereniging voor Bouwhistorie en Geschiedenis, Bulletin, 2007/1, pp. 1-76.
Als secretaris van het Genootschap verzorgde ik de eindredactie van onze publicatie van het doctoraat van wijlen K. Degryse, De Antwerpse fortuinen... (verschenen in 2005/6) en van het nieuwe boek Van Belle Epoque tot Golden Sixties dat begin 2008 verschenen is.
Wij werken verder aan de studie
van het huizenblok Oude Koornmarkt-Hoogstraat-Reyndersstraat
en de
straatkelders. Het
onderzoek van dit laatste zou zonder de informatie doorgegeven door onze
medeleden Dr. G. Asaert en wijlen Prof. Dr. Em. R. Van Passen nooit zover hebben
gestaan (historisch zijn er nu reeds zo'n 550 gekend). Omdat bij ieder onderzoek de XVde eeuw moeilijk
toegankelijk is probeer ik de inventarisatie van de schepenregisters uit
die periode ter hand te nemen. S.R. 38 (1447) werd reeds doorgenomen
en een aparte inventaris (nr. 69) is in het Stadsarchief beschikbaar met
toegangen op persoonsnamen, beroepen en titelatuur, plaatsnamen, straten
en huisnamen. Daarnaast werden de acten over een verhandeling in
onroerend goed in de Antwerpse binnenstad uit S.R. 32 t.e.m. 49 (1443-1454)
ontsloten met zoekmogelijkheden op straat, huisnaam en eigenaars van panden en
buurpanden. Langs deze weg vindt u de
desbetreffende databank met een woordje uitleg. Zoals hierboven vermeld worden
al deze bezigheden nu tijdelijk onderbroken door een nieuwe pennevrucht die in
2011 het daglicht moet zien: "Antwerpen Bierstad", een lijvig boek over
Antwerpen als stad van brouwerijen en herbergen en de materiële cultuur en de
het culturele leven dat zich hierrond ontwikkelde. Reeds een tiental auteurs
zegden hun medewerking toe. Hierin kan ik de resultaten van een aantal
onderzoeken combineren: immers door het lezen van de 15de eeuwse schepenbrieven
heb ik een behoorlijk beeld van de ligging van brouwerijen en herbergen in het
laat middeleeuwse Antwerpen. De Oude Koornmarkt was een belangrijke straat met
herbergen, vaak met een speciaal statuut, en behoorlijk wat brouwerijen
beschikten over straatkelders!
Naar de onderzoekspagina van het Genootschap voor Antwerpse Geschiedenis