Den Bonten Hont, Hoogstraat 5

Terug naar het overzicht van de huizen

 

De Bonten Hont is ontstaan na de Kriekenboom (zie akte 1430 den Baers).

 

Bij de verdeling van de goederen van Margriete Diels, echtge­note van de tingieter Claus Schillemans, kregen de toen nog minderjarige kinderen Peter en Margriete Schillemans volgens een akte d.d. 13 april 1478 het huis[1]. Op 3 maart 1494 n.s. draagt de kruidenier en schuldei­ser Pauwels Robyns, het huis na een gecalengierde koop over aan de uitsnijder Jan van Lare, eigenaar van de Crieck­boom[2]. Op 30 augustus 1497 geeft Jan van Lare, volgens de akte gehuwd met Margriete van Lille, in erfelijk recht aan de bontwerker Jan Block, Hendriks­zoon, de Bonten Hont, die gesitueerd wordt tussen het ander huis van Jan van Lare waarmee er een gemene muur is en het huis van Jan Ysebaert[3].

 

Voor de som van 22 pond 16 schel­lingen 8 penningen per jaar in erfelijke rente  laat Jan Block volgens akte d.d. 19 december 1517 het huis aan de kousenmaker Willem de Groote[4]. Het is echter de amman die op verzoek van een schuldeiser het pand op 12 oktober 1536 verkoopt aan de kremer Berthelmeeus Berthels die er een erfrente van 28 pond gr. per jaar voor overheeft[5]. Voor 116 Car.g. erfelijk ver­koopt deze het op 13 november 1551 aan de kousenmaker Aerd Losschaert[6], die op 27 januari 1559 n.s. het huis voor 172 Car.g. erfelijk doorgeeft aan Valentyn Loyau en zijn schoon­zoon Gielis Bulteau[7]. Deze laatste laat voor 50 gulden erfe­lijk zijn helft aan zijn schoonvader volgens een akte d.d. 29 maart 1567[8].

 

Ook dit huis brandde af tijdens de Spaanse furie en de amman droeg het als dusdanig op 21 augustus 1578 over aan de kousen­maker Jan Vorsterman[9]. Volgens een akte d.d. 31 juli 1579 draagt deze laatste het erf met de ruïne op aan Barbara van Borsbe­ke, weduwe van de kousenmaker Carel van Liesvelt. Barbara verklaart aan deze Vorsterman geld te hebben gegeven voor de wederopbouw van het huis en de afbetaling van ren­ten[10]. In het cohier van 1579 wordt het huis als ‘verbrant’ genoteerd onder de benaming ‘Den Hasewindt’. En dan wordt de geschiede­nis van de Bonten Hondt problematisch. Volgens zowel de cohieren uit de jaren 1584 en 1585 als het ‘Register houdende de huysen...’ uit 1584 was ene Philips Bertheau de eigenaar. De huurwaarde bedroeg 150 gulden en de ‘carseycoop­ere’ Steven Ratel huurde. Tot voor 1584 zouden er bovendien ook nog ‘Jacques Baudensone compaignon, met de jonge gesellen’ gewoond hebben maar het ‘Register...’ meldt dat ze vertrokken zijn. In 1586 huurt Cornelis de Vlieger voor 75 gulden.  In ieder geval hebben we dus met een koopliedenmilieu te maken en het hoeft ons dan ook niet te verbazen dat het pand aan de straatzijde over een ‘liggende deur’ van 1 voet diep beschikte[11].

 

In ieder geval zijn het Abraham en Ysaac van Liesvelt, kinde­ren van Carel en Barbara van Borsbeke, die op 19 januari 1604  hun helft op het huis verkopen aan de toenmalige bewoners n.l. Adriaen alias Antonius vanden Bosche en Clara der Kinde­ren[12]. Op 2 juni 1615 geeft de amman hen het gehele huis in handen dat ze op 18 januari 1621 verkopen aan hun voornaamste schuld­eisers Anthoni Sillevoorts en Clara vanden Bossche[13]. Deze laatste woonde er nog in 1659 toen het huis een huurwaarde had van 150 gulden en men 6 schoorsteenpijpen telde[14]. De klein­kin­deren Anthony, Susanna Maria, Clara en Johanne Sillevoort erven het huis volgens akte d.d. 8 juli 1662. Men zegt in de akte dat er een bordje aan de gevel hangt met als naam 'Den Oliphant'[15]. In 1667 bewonen de erfgenamen 'Silvers' nog steeds hun eigen pand, in 1672 werd er verhuurd aan Jan Sels[16]. Susanna Maria wordt op 13 april 1678 na afrekening met haar overblijvende broer en zuster alleen eigenaar. Zij was inmiddels gehuwd met de lakenkoopman Norber­tus Corijns[17].

 

In 1682 was de huurwaarde gedaald tot 108 gulden. Men vermeldt geen bewoner[18].  In 1693 zorgen de issuiemeesters ervoor dat het huis niet mag verkocht worden, een regeling die meestal wordt ingevoerd als de eigenaars in het buitenland zijn en op 13 augustus 1696 verkoopt notaris Joan de Ridder als voogd over de enige wees van Joannes Norbertus Corijns en Susanna Maria Sillevoort renten op de eigendommen van de wees[19]. Deze wees was Anna Theresia Coryns. In en na 1689 huurde eerst Gillis Motuier of Montwie, als drogist gekend bij de meerse­niers in 1696 en 1700, en daarna Cornelis Dagelincx.  In de jaren 1704-1708 stond het pand even leeg en daarna huurde ene Jan Baptist Fyt[20].

 

Via een hele reeks erfgenamen belandde het pand bij de pries­ter E.H. Joannes Iven wiens ergenamen op 2 augustus 1783 het huis voor 2010 gulden verko­pen aan Joannes Baptista van Lier en Maria Elisabeth Pee­ters[21].

 

Vermelden we nog dat in 1754 het huis bewoond werd door Adriaen Breys, die er een kruidenierswinkel uitbaatte, zijn zoontje van 7 jaar en zijn dochtertje van 10[22].  In 1796  zijn het de eigenaars zelf die er wonen: Catharina en Marie van Lier, kantwerksters, resp. 40 en 34 jaar oud.  In de marge de aanduiding 'sans fortune bon pour logement'.  De waarde bedraagt 2000 gulden[23].

 

In 1898 hield men café in de Bonten Hond[24].

 

           


 

[1] SAA, SR 93, f° 7 v°.

[2] SAA, SR 103, f° 182 r° - v°. Pauwel Robyns had deze rente verworven op 10 september 1490 van Hubrecht Oelens en Margrie­te Schillemans: S.R. 97, f° 86 v°.

[3] SAA, SR 111, f° 132 v°.

[4] SAA, SR 152, f° 365 v° - 366 r°.

[5] SAA, SR 189, f° 39 r° - v°.

[6] SAA, SR 241, f° 257 r° - v°.

[7] SAA, SR 267, f° 82 v° - 83 r°.

[8] SAA, SR 311, f° 234 r°.

[9] SAA, Cert. 39, f° 343 r° - v°.

[10] SAA, SR 356, f° 322 r° - 323 v°.

[11] SAA, GA 4833, f° 108 r°; R 2330, f° 1 v°; R 2221 en 2238, f° 4 v°; R 2498, f° 6 r°; T 167, f° 13 r°.

[12] SAA, SR 453, f° 133 v° - 134 r°.

[13] De akte van 1615 ontbreekt; SAA, SR 546, f° 167 r° - 167 v°.

[14] SAA, R 2502: Choirvier van het omschryven gedaen den 9den april 1659 byden heeren hooftmannen ende wyckmeesters...,onge­folieerd.

[15] SAA, SR 771, f° 12 v° - 15 v°.

[16] SAA, R 2503: Lyste vande cohier van het omschryven gedaen opden sevensten juli 1667, ongefolieerd; GA 4829, cohier kapitein Wans, nr. 33.

[17] SAA, SR 869, f° 418 r° - 420 v°.

[18] SAA, GA 4831: Burgerlijke Wacht wijken 1682, f° 56 r°, nr. 32.

[19] SAA, SR 958, f° 254 r° - v°; SR 973, f° 268 r° - 270 r°.

[20] SAA, GA 4832, f° 135 r°, nr. 32; R 2516: Cohier vant huyshuer­gelt 1689, ongefolieerd, 3de wijk, tweede kapitein, nr. 32; GA 4218-19.

[21] SAA, SR 1282, f° 238 r° - 240 r°.

[22] SAA, PK 2561: Volkstelling 1754 Ie - 4e wijk, p. 439, nr. 27.

[23] SAA, Telling van het jaar IV, wijk 4, nr. 235.

[24] SAA, ICO 68, formaat B, plan 9 (huisnr. 5).