Het geslacht van der Maet uit Amersfoort (13)

Generatie IV

IV-a

Jacob Janszn [van der Maet], zoon van Johan Jacobszn [van der Maet].

Jacob is getrouwd (huwelijks voorwaarden te Amersfoort na 28 september in 1435) met  Gijsberta Gijbertsdr, geboren vr 1419, dochter van Gijsbert Jordenszn en Bertraet [Both].

Uit dit huwelijk:

  1. Gijsbert Jacobszn van der Maet, geboren vr 1451, volgt onder V-a

Generatie V

V-a

Gijsbert Jacobszn van der Maet, geboren vr 1451, overleden vr 1502, zoon van Jacob Janszn (zie IV-a) en Gijsberta Gijsbertsdr.

Gijsbert is getrouwd met Clemens/Clijmens.

Zijn kind(eren):

  1. Jorden Gijsbertszn van der Maet, volgt onder VI-a

  2. Johan Gijsbertszn van der Maet, volgt onder VI-b

  3. Gijsbertgen Gijsbertsdr van der Maet.

    Gijsbertgen is getrouwd met Dirck Evertszn Poyt, zoon van Evert Dirckszn Poyt.

Generatie VI

VI-a

Jorden Gijsbertszn van der Maet, burgerrechten van Amersfoort (1516), overleden vr 1531, zoon van Gijsbert Jacobszn van der Maet (zie V-a) en Cemens/Clijmens.

Jorden is getrouwd (1) rond 1509 met Alijd Hermanszn, dochter van Herman Crockenzn.

Jorden is getrouwd (2) met Lobberich Claesdr, vermeld (1501-1556), geboren vr 1498, overleden tussen 7 september 1556 en 1559, dochter van Claes Gerritszn en Willemtgen Evertsdr Both.

Jorden Gijsbertszn van der Maet is de broer van Gijsbertgen Gijsbertsdr van der Maet die trouwde met Dirck Evertszn Poyt.

Volgens de door haar opgemaakt testament uit 1552 zijn er uit dit huwelijk 2 zonen, Gijsbert en Evert, en 2 dochters, Dam(mitgen) en Meynsgen. In 1538 wordt in een akte van haar zwager (en priester) Jan Gijsbertszn van der Maet gesproken van neef Jacob Jordenszn van der Maet. Deze Jacob zal voor haar testament in 1552 reeds ovderleden zijn.

Nat het overlijden van haar man heeft zij respectievelijk Jan Pijl (1531), haar broer Wouter Claeszn (1542) en Jan Bosch (1553) als voogden.

Bronvermeldingen

  • **-**-1501: Akte van transport ten overstaan van schout en landgenoten van Leusden door Ricout Dircks aan Lobbrich [Claesdr] en Peter Bot Gijsbertsoen namens [haar zuster] Alyt Claes Geryts dochters van de helft van een erf, strekkende van de Brink tot aan de Baarnse weg en verder over de weg tot aan het Heetveld.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 265.

  • **-**-1531: (vidimus in 1534) Akte van transport ten overstaan van schout en schepenen door Lubberich [Claesdr], weduwe van Jorden Ghysberts [van der Maet], met Jan Pyll haar voogd, en Peter Zoes en zijn vrouw Damitgen [Claesdr] aan [hun vader] Claes Gheritz van al hun goederen, nagelaten door hun moeder, de vrouw van Claes Gheritz.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummers 415 en 437.

  • **-**-1534: Akte van transport ten overstaan van schout en schepenen van Bunschoten door Gerryt Guertss Teynnagel aan Lobbrich [Claesdr] Jorden Gysbertss [van der Maet] weduwe van de helft van 10 dagmaten te Velde, gemeenschappelijk met Gonda dochter van Gerryt uit een eerder huwelijk, met akte van vrijwaring voor alle hinder, schade of aanspraken.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummers 429 en 430.

  • **-**-1534: Akte van transport ten overstaan van schout en schepenen van Soest door Claes Gerits soen aan [zijn dochter] Lobberich [Claesdr], weduwe van Jorden Ghysberts [van der Maet], van een stuk land Campsweert, gemeenschappelijk met Henrickgen Helmichs weduwe.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 439.

  • **-**-1534: Akte waarin ten overstaan van schout en schepenen Peter Zoest en zijn vrouw Dam [Claesdr] verklaren aan Lobberich [Claesdr, weduwe van] Jorden Ghysbertz [van der Maet] garant te staan voor het bezit van de goederen haar nagelaten door haar ouders.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 438.

  • **-**-1534: Testament ten overstaan van schout en schepenen van Claes Geritz aan zijn dochters Lobberich [Claesdr] en Dam [Claesdr].

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 436.

  • **-**-1538: Akte van verkoop door Jan Ghysbertss [van der Maet], priester, met zijn natuurlijke kinderen Styntgen, Ghysbertgen en Peter Jans [van der Maet] aan [schoonzus, respectievelijk tante] Lobberich [Claesdr], weduwe van Jorden Ghysbertss Vermaet, van 35 morgen in Neerlangbroek, en weer overgedragen aan hun neef Jacob Jorden Gysberts Vermaet.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 465.

  • **-**-1538: Akte van verkoop door Daem van Zyll en Marrytgen zijn vrouw aan Lobberich, weduwe van Jorden Ghysbertss, van een huis c.a. in de 23 morgen.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 468.

  • **-**-1542: Akte van transport ten overstaan van schout en schepenen van Soest door Lobberich [claesdr] Jorden Ghijsberts [van der Maet] weduwe, met Wouter Claess haar broer en voogd, aan [haar zoon] Evert Jordenss van der Maet van een huis, hof en land strekkende van de Brink tot aan de Overenweg.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 498.

  • **-**-1542: Akte van belening door Karel V als landsheer van Utrecht van Evert Jordensz [van der Maet] in plaats van zijn moeder Lobberich Claes Gerijts dochter, weduwe van Jorden Gijsberts [van der Maet], met het erf in Vranckenhoeve, van de Brink aan den Baarnse weg toe en verder over de Baarnse weg tot aan het Heetveld toe.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 495.

  • **-**-1545: Akte waarin Keizer Karel V octrooi van testament verleent aan Lubbrecht Claes Gerytsdochter, weduwe van Jorden Gysbrechs [van der Maet].

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 503.

  • **-**-1548: Verklaring van Dirck Rijcks dat zijn vader Rijck Dircks alle jaren betaald heeft een tijns aan Henrick Spruyt uit het goed te Soest dat Lobberich Claes Gheerts gekocht heeft van zijn vader.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth.

  • **-**-1551: Onderhandse akte van verkoop door Aert Vereem aan Lobberich [Claesdr], weduwe Jorden Ghysbertsz van der Maeth, van 20 en 12 morgen bij Sterkenburg.

  • 20-01-1553: Lobberich [Claesdr], Jordden Ghijsbertszn [van der Maet] weduwe, met Jan Bosch haar gekozen voogd verkoopt aan Dam [Jordensdr van der Maet], haar dochter, de rechter helft van een huis en hofstede staande aan de Vismarkt (de Plaets), enerzijds belend door Jan Lubbertszn de Jonge, anderzijds belend door Jannitgen, Willem Ammelszn weduwe. En nog de helft van twee huizen met de hof daarachter, staande aan de Langegracht (Langegraft) en daarvoor de gemene straat met een schuur tussen beide huizen, waarvan meester Peter Soest met zijn vrouw Dam [Claesdr] de ander helft toebehoort, enerzijds belend door Jan Lubbertszn de Jonge, anderzijds belend door Henrick Corneliszn erfgenamen.

    Bron: Archief Eemland, Transportregister, inventarisnummer 436-04, folio 36v.

  • 10-06-1554: Ghijsbert Wulferss ten behoeve van Wulfer, Ghijsbert, Alijdt en Alijdt Willem Wulferss kinderen lenen aan Cornelis Janszn en zijn vrouw Weymtgen een losrente van twaalf ten halven keizersgulden, te lossen met 190 keizersgulden payment met als onderpand een huis, hof en hofstede staande op de Langegracht (Langegraft), enerzijds belend door Henrick Meuszn, anderzijds belend door meester Peter Zoest en Lobberich [Claesdr], Jorden van der Maets weduwe. De rente te betalen op Sinte Odulphusdag.

    Bron: Archief Eemland, Transportregister, inventarisnummer 436-04, folio 85v.

  • **-**-1559: Kwitantie afgegeven door de rentmeester van de domeinen aan Ghijsbert van der Maeth voor 7 gulden voor de koop van een bed dat als een keurmede aan Filips II vervallen was bij het overlijden van Lobberich Claes Geryts dochter, moeder van Ghijsbert [van der Maet].

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth.

Uit dit huwelijk:

  1. Gijsbert Jordenszn van der Maet, volgt onder VII-a

  2. Jacob Jordenszn van der Maet, vermeld (1538), overleden op 6 december 1547 om 07:00 uur.

    • **-**-1538: Akte van verkoop door Jan Ghysbertss, priester, met zijn natuurlijke kinderen Styntgen, Ghysbertgen en Peter Jans aan Lobberich, weduwe van Jorden Ghysbertss Vermaet, van 35 morgen in Neerlangbroek, en weer overgedragen aan hun neef Jacob Jorden Gysberts Vermaet.

      Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 465.

    • **-**-1538: Akte van belening door Joost van Hardenbroeck van Jacob Jorden Ghysbertz vander Mate in plaats van Jan Ghysbertsz, priester, met de 35 morgen.

      Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 467.

    • **-**-1538: Akte van belening door Joost van Hardenbroec van Ghysbert Jorden vander Maeth in plaats van zijn broer Jacob met de 35 morgen.

      Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 469.

  3. Evert Jordenszn van der Maet, vermeld (1542-1552).

    • **-**-1542: Akte van belening door Karel V als landsheer van Utrecht van Evert Jordensz in plaats van zijn moeder Lobberich Claes Gerijts dochter, weduwe van Jorden Gijsberts, met het erf in Vranckenhoeve, van de Brink aan den Baarnse weg toe en verder over de Baarnse weg tot aan het Heetveld toe.

      Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 495.

    • **-**-1542: Akte van transport ten overstaan van schout en schepenen van Soest door Lobberich Jorden Ghijsberts weduwe, met Wouter Claess haar broer en voogd, aan Evert Jordenss vander Maet van een huis, hof en land strekkende van de Brink tot aan de Overenweg.

      Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 498.

  4. Dam(mitgen) Jordensdr van der Maet, vermeld (1552).

    Dam is getrouwd (huwelijkse voorwaarden te Amersfoort in 1552) met Rutger Dirckszn Poyt, alias Rutger Scaep, zoon van Dirck Rutgerszn Poyt en Oeyda.

  5. Meinsgen Jordensdr van der Maet, vermeld (1552), overleden te Montfoort op 30 maart 1581.

  6. Clemens/Clementia van der Maet, overleden vr 1586.

VI-d

Johan Gijsbertszn van der Maet, priester, zoon van Gijsbert Jacobszn van der Maet (zie V-a) en Cemens/Clijmens.

Bronvermeldingen

  • **-**-1505: Akte ten overstaan van schout van Hoogland en landgenoten en buren in de maalschap van Wede en Emiclaer waarin Jan Gysberts [van der Maet] verklaart schuldig te zijn aan Jorden Gysberts [van der Maet], zijn broer, een jaarlijkse rente van 4 Rijnse gulden, gevestigd op een hoeve gemeenschappelijk met Evert Poyt Diercs. (zie ook jaar 1516).

  • **-**-1516: Akte van transport, ten overstaan van schout van Zeldert, de rentmeester vanwege de malen en de malen en landgenoten door Jan Gijsberts [van der Maet], priester, aan Jorden Gijsbert [van der Maet] Jacobsoen de helft van het erf en goed Klein Weede, gemeenschappelijk met Evert Poyt.

  • **-**-1516: Akte waarbij, ten overstaan van schout van Weede en Emiclaer, de tijnsmeester vanwege de malen en de malen en de malen en landgenoten, Jorden Gysbertss [van der Maet] vermaakt aan zijn broer Jan Gysberts [van der Maet], priester, een halve hoeve, gemeenschappelijk met Evert Poyt. (zie ook jaar 1505).

  • **-**-1538: Akte van verkoop door Jan Ghysbertss [van der Maet], priester, met zijn natuurlijke kinderen Styntgen, Ghysbertgen en Peter Jans [van der Maet] aan Lobberich [Claesdr], weduwe van Jorden Ghysbertss Vermaet, van 35 morgen in Neerlangbroek, en weer overgedragen aan hun neef Jacob Jorden Gysberts Vermaet.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 465.

Zijn natuurlijke kind(eren):

  1. Stijntgen Jansdr van der Maet, vermeld (1538).

  2. Gijsbertgen Jansdr van der Maet, vermeld (1538).

  3. Peter Janszn van der Maet, vermeld (1538).

Generatie VII

VII-a

Gijsbert Jordenszn van der Maet, vermeld (1552-1559), burgemeester, schepen, overleden vr 1595, zoon van Jorden Gijsbertszn van der Maet (zie VI-a) en Lobberich Claesdr.

Gijsbert is getrouwd met Kunera Albertsdr, dochter van Albert Lumanszn.

  • **-**-1538: Akte van belening door Joost van Hardenbroec van Ghysbert Jorden van der Maeth in plaats van zijn broer Jacob met de 35 morgen.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 469.

  • **-**-1542: Huwelijksovereenkomst tussen Lobberich Jorden Gysbertz weduwe met haar zoon Gysbert Jordenss soen vander Maeth, aan de ene kant, en Albert Lumanss, met zijn dochter Kunera, aan de andere kant.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 490.

  • **-**-1595: Akte van belening door Joachim van Hardenbrouck van Evert van der Maeth na de dood van zijn vader Gijsbert Jorden vander Maeth met de 35 morgen.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 598.

  • **-**-1598: Akte van belening door Joachim van Hardenbrouck van Jorden van der Maeth na de dood van zijn broer Evert van der Maeth met de 35 morgen.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 604.

  • **-**-1621: Akte van belening door Peter van Hardenbrouck van Jorden van der Maeth met de 35 morgen.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 630.

  • **-**-1627: Akte van belening door Peter van Hardenbroeck van Willem Peterss namens de Armen de Poth als rechtsopvolger van Jorden van der Maeth met de 35 morgen.

    Bron: Archief Eemland, Stichting Armen de Poth, regestnummer 640.

Uit dit huwelijk:

  1. Jorden van der Maeth, overleden in 1627.

    Jorden is getrouwd met Johanna van Droffeler.

  2. Evert van der Maeth, overleden in 1598.

  3. Kunera van der Maeth, testeert (1602).

  4. Willemtgen van der Maeth, testeert (1613), overleden na 1613.

    Willemtgen is getrouwd (huwelijkse voorwaarden te Amersfoort in 1572) met Jacob Gerritszn van der Burch, overleden vr 1613, zoon van Gerrit Gerritszn van der Burch en Catharina Jacobsdr.

  5. Goutgen van der Maeth, overleden na 1613.

  6. Lobburchgen van der Maeth, overleden na 1623.

    Lobburchgen is getrouwd met Gerard van Schadyck, overleden vr 1623.