Paul-Baudouin Michel -  1930.

Après des études complètes au Conservatoire Royal de Mons, il a travaillé la composition avec Jean Absil et acquiert ainsi le diplôme de Gradué de la Chapelle Musicale Reine Elisabeth. Directeur honoraire de l’Académie de musique de Woluwe-Saint-Lambert, professeur honoraire de composition au Conservatoire Royal de Bruxelles, il enseigne l’analyse musicale à la Chapelle Musicale Reine Elisabeth. Il a été récompensé par de nombreux prix : Prix Dochaerd, Prix de l’Académie Royale, Prix quadriennal Camille Huysmans, Prix Paul Gilson, Prix spécial de la Ville de Genève pour son opéra “Orphée abymé”, Prix Ernest Bloch et enfin à quatre reprises, le prix de l’oeuvre imposée en seconde éliminatoire au Concours de violon et de piano Reine Elisabeth.

Paul-Baudouin Michel -  1930.

Paul-Baudouin MICHEL werd geboren te Haine-St-Pierre in 1930.
Na de oude humaniora volgde hij volledige muziekstudies aan het Koninklijk Conservatorium te Mons, waar hij ook een bekwaamheidsattest voor het muziekonderwijs behaalde. Daarna verbleef hij gedurende drie jaar aan de Koninklijke Muziekkapel Koningin Elisabeth, waar hij compositie studeerde bij Jean Absil. Hij behaalde er in 1962 het diploma van "Gegradueerde van de Koninklijke Muziekkapel Koningin Elisabeth". Hij studeerde eveneens orkestdirectie aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel en aan de Zomeracademie te Nice. Na zich actief te hebben bezig gehouden met "Jeugd en Muziek" en "Musique Vivante" in Mons, was hij gedurende 32 jaar directeur van de Muziekacademie te Woluwe-St-Lambert, waar hij ook harmonie en muziekgeschiedenis onderwees. Hij was professor compositie aan de Koninklijke Conservatoria van Mons en Brussel. Momenteel is hij professor muziekanalyse aan de Koninklijke Muziekkapel Koningin Elisabeth. Sinds 1997 is hij ook lid van de Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België. Vermeldenswaard zijn bovendien zijn activiteiten als spreker op voordrachten over nieuwe muziek.
In enkele jaren tijd behaalde Paul-Baudouin MICHEL talrijke prijzen, waaronder de Prijs Emile Doehaerd, toegekend door het CeBeDeM en vier maal de compositieprijs voor het opgelegd werk van de tweede schiftingsproef van de Internationale Muziekwedstrijd Koningin Elisabeth van België voor viool in 1967 en 1993, voor piano in 1972 en 1991. Verder nog de internationale prijs voor radiowerk Paul Gilson, de Camille Huysmansprijs, tweemaal de prijs van de Koninklijke Academie, de Ernest Bloch prijs, de prijs Créamuse en tenslotte de speciale prijs van de stad Genève voor zijn kameropera-bouffa "Orphée abymé" (video).
Tot 1963 heeft Paul-Baudouin MICHEL een aantal werken geschreven die als atonaal beschouwd kunnen worden, maar die getuigen van een sterke thematiek en zelfs een zekere melodieusheid. Na verschillende verblijven in het buitenland, met vooral de Ferienkurse te Darmstadt waar hij de kans had de grote namen van de nieuwe muziek te ontmoeten en hun analysecursussen te volgen, was hij aanvankelijk geïnteresseerd in de seriële muziek, waarbij de klassieke vormen duidelijk verlaten werden. Van daaruit was het eenvoudig een stap verder te zetten naar de nieuwere structuren van de muziek, zoals open of mobiele vormen, waarin de vorm of het parcours verandert bij iedere uitvoering. Dit gebeurt bij elk werk volgens een verschillende procedure en is afhankelijk van de wil van de uitvoerder die bij het proces betrokken wordt. Wanneer bij gelegenheid een bepaald toeval geduld wordt in de opeenstapeling van bepaalde muzikale cellen, gaat het nochtans niet om "aleatorische" muziek, maar wel om een zekere muzikale heuristiek. De belangstelling van de componist gaat ook vaak uit naar de verrijking van de klankkleur. Hij bekomt een diversiteit van instrumentale timbres door op een nieuwe manier klanken voort te brengen. Dit benadrukt zijn interesse voor elektro-akoestische muziek ("Le Graal gras", gerealiseerd in het Centre de Recherche musicale de Wallonie). Een groot deel van het oeuvre van Paul-Baudouin MICHEL getuigt van een grote zorg om de vernieuwing van gedachte en vorm. Zijn muziek wil juist in evenwicht zijn tussen verbeelding-instinct-gevoeligheid enerzijds en intelligentie-gedachte-constructie anderzijds.
Niettegenstaande zijn gerichtheid op onderzoek en ervaring, maar gezien zijn pedagogische functies, heeft Paul-Baudouin MICHEL nochtans niet geaarzeld technisch eenvoudige en didactische werken te schrijven: "Piano mon ami", "D'une aventure à l'autre", 'Vingt doigts pour un carnaval".
Anderzijds zoekt de componist soms een filosofische ("Le Feu et le Monde" op een tekst van Teilhard de Chardin), sociale ("La Crétinisation"), psycho-politieke (in de opera "Jeanne la Folle" wordt het personage vooral beschouwd als
een slachtoffer van de 'raison d'état') of humanistische inhoud ("Ecce Homo" is gebaseerd op alle Latijnse woorden die van toepassing zijn op de menselijke persoon).
[D.v.V]