Amsterdam 703-toernooi

 
In 1975 vierde Amsterdam vrij uitbundig dat het 700 jaar geleden voor het eerst onder die naam in een officieel document voorkwam. Dit zogenaamde 700-jarig bestaan van de hoofdstad werd op verschillende manieren gevierd. De gemeente had ook bedacht dat voetbal hierin een rol van betekenis zou kunnen spelen. Zodoende organiseerde Jack van Zanten in de zomer van 1975 voor het eerst het 'Internationale Amsterdam 700 voetbaltoernooi, plaats van handeling: het Olympisch stadion. Het toernooi zou bestaan uit vier ploegen, die 2 wedstrijden zouden spelen. Op de eerste dag, de zaterdag, twee 'halve finales', de winnaars van deze wedstrijden zouden dan op maandag in de grote finale spelen voorafgegaan door de kleine finale van de twee verliezende partijen. Het toernooi werd in augustus vlak voor de aanvang van het Eredivisie seizoen gespeeld.

In eerste instantie werden voor dat 700 toernooi RWDM, F.C. Barcelona, Feyenoord en F.C. Amsterdam uitgenodigd, het Olympisch stadion was immers de officiële thuishaven van 'de lieverdjes'. Maar het kon natuurlijk niet zo zijn dat de enige echte 'Amsterdamsche Footbal Club' Ajax, zou ontbreken bij dit grootse evenement. Aldus Jaap van Praag. Van Zanten en het stadsbestuur gingen overstag en zodoende werd Ajax de enige vaste deelnemer aan dit toernooi. Inmiddels is het toernooi alweer aanbeland bij zijn vierde versie. Dit jaar zullen RSC Anderlecht uit België, winnaar van de tweede editie, F.C. Fluminense uit Brazilië en AZ'67 als winnaar van de derde editie en tweede Nederlandse deelnemer, acte de presence geven.

A.F.C. Ajax Amsterdam F.C. Fluminese
R.S.C. Anderlecht AZ '67

Eerste speeldag - vrijdag 18 augustus 1978

Op vrijdag, de toernooileiding had besloten dat het voor de publieke belangstelling toch beter was als de twee speelavonden op vrijdag en zondag zouden plaatsvinden, trapten AZ'67 en RSC Anderlecht af. Aan de kant van de Brusselaren was daar het weerzien met het Amsterdamse publiek van drie oude Amsterdamse bekenden; Johnny Dusbaba, Arie Haan en wellicht het meest betreurde vertrek van een paar maanden geleden, goalgetter Ruud Geels. AZ'67 zou dit seizoen wederom een stapje hoger gaan en serieus voor het Nederlands kampioenschap mee willen doen. Dus dit was een belangrijke test voor de Alkmaarders. In de aangename zomeravond zon eindigde deze ouverture in 0-0 en zodoende moesten strafschoppen de beslissing brengen (eventuele verleningen zouden pas op de laatste speeldag worden afgewerkt). Anderlecht nam de strafschoppen beter en was dus zeker van een plek in de grote finale van zondagavond.

Om 21.00 uur trapten Ajax en Fluminense af. Ajax presenteerde zich die avond voor het eerst voor eigen publiek, dit keer zonder de geblesseerden Hans Erkens, Tscheu La Ling en Johan Zuidema. Hoe zou de formatie van nieuwe trainer Cor Brom het doen tegen de onbekende Brazilianen? Na 45 minuten voetbal kon die vraag worden beantwoord met 'slecht'. Er was maar één ploeg die voetbalde en dat was Fluminense, en hoe! Hakballetjes en veelvuldige vloeiende combinaties die de 35.000 toeschouwers op de banken deed staan van enthousiasme. Tegenover de Brazilianen verbleekten de Ajacieden tot houten klazen die achter de feiten aanliepen. Het was dan ook geheel volgens het wedstrijdbeeld dat uitblinker Fransesco Marinho in de 40ste minuut een strafschop, in twee keer, Ajax-doelman Piet Schrijvers keerde de eerste inzet, benutte. Even daarvoor was diezelfde Marinho door Piet Schrijvers in het zestienmetergebied onderuit gehaald. Fluminense ging met een 1-0 voorsprong de rust in en Cor Brom moet zich toch achter de oren hebben gekrabd over het slappe spel van met name de voorhoede die bestond uit Simon Tahamata, Ray Clarke en Geert Meijer. Na rust was er geen waarneembare verandering te bespeuren. Fluminense domineerde de wedstrijd. De Ajacieden toonden wel meer inzet en kregen iets meer vat op de wedstrijd, dit resulteerde in een strafschop voor de rood witten. Maar Frank Arnesen deelde in de malaise door deze te missen. In de 59ste minuut was daar ineens toch de gelijkmaker. Een van de beste Ajacieden, Sören Lerby, zette voor, Ray Clarke verlengde met het hoofd de bal naar Geert Meijer die ongehinderd in een leeg doel kon scoren, 1-1. Tien minuten later zette Carlos Alberto met een snoeihard schot na een schitterende aanval Fluminense met één been in de grote finale van het toernooi, 2-1 voor de Brazilianen. Maar toen zij nog aan het bijkomen waren van het juichen scoorde Sören Lerby uit een voorzet van Simon Tahamata koppend de 2-2. Fluminense kon het niet meer opbrengen om nogmaals de voorsprong te zoeken en zodoende eindigde ook dit duel in een gelijkspel zodat wederom strafschoppen de beslissing moesten gaan brengen. Ondanks het missen van Lerby en Meutstege was het uiteindelijk toch Ajax dat aan het langste eind trok. Piet Schrijvers was de grote uitblinker, hij stopte penalties van Carlinhos en Edhino. En nadat Pim van Dord de zoveelste strafschop voor de Amsterdammers had benut was het Artur die namens Fluminense de bal naast schoot en daarmee de Amsterdammers de toegang verschafte tot de 'grote' finale van het Amsterdam toernooi en dat voorde vierde keer op rij, zij het met veel moeite en geluk.

Tweede speeldag - maandag 8 augustus 1976

De winnaar van vorig jaar, AZ'67 moest het opnemen tegen de Brazilianen van F.C. Fluminense. Voorafgaand aan deze wedstrijd werd het Amsterdamse publiek 'getrakteerd' op een heuse semi-interland. Het Nederlands dames elftal speelde een wedstrijd tegen het vrouwenteam Ajax Los Angeles, de kampioen van de staat Californië. De Vrouwen van Ajax L.A. gingen gehuld in dezelfde outfit als het Amsterdamse Ajax.

Na de soms oogverblindende staaltjes voetbal van de Brazilianen op vrijdag, in de wedstrijd tegen Ajax ging het publiek er nog maar eens goed voor zitten. Maar de wedstrijd tegen AZ'67 ontwikkelde zich tot een slaapverwekkende vertoning. Af en toe viel er nog wat te genieten van de spelers van Fluminense maar voor AZ had de eerste competitie wedstrijd, de week daar op, tegen PSV duidelijk meer prioriteit dan een nietszeggende derde plaats in het Amsterdam toernooi. Robertino maakte voor Fluminense na een half uur de 1-0. Kees Kist trok amper twee minuten later de stand weer gelijk. AZ ging na rust door op de ingeslagen weg en dat resulteerde al snel in een goal van Pier Tol, 2-1 voor de Alkmaarders. Maar de Brazilianen wilden zich niet zonder meer neerleggen bij een nederlaag en tien minuten voor tijd strafte Marinho een fout van Ronald Spelbos af en bracht Fluminense weer naast AZ'67. Na negentig minuten stond deze stand nog steeds op het scorebord en dat betekende voor de derde keer dit toernooi dat strafschoppen de beslissing moesten brengen. Bij een stand van 4-4 scoorde Pier Tol voor AZ. Vervolgens stopte AZ keeper Mescovic de inzet van Edinho en dat betekende dat AZ'67 derde werd en Fluminense vierde. Een wedstrijd om snel te vergeten.

Munaron komt tekort, Van Binst en Clarke kijken toeZo mat als de wedstrijd om de derde en vierde plaats was verlopen, zo fel en tumultueus verliep de finale van het Amsterdam 703 toernooi tussen Ajax en RSC Anderlecht. Het publiek kwam volledig aan hun trekken in deze eerste 'Europacupwedstrijd' van Ajax in het nieuwe seizoen, zoals een ochtendblad daags na de finale schreef. Het was duidelijk dat Ajax beter voor de dag wilde komen dan twee dagen geleden, ook had trainer Cor Brom duidelijk gemaakt dat wat hem betreft het basiselftal waarmee Ajax het seizoen zou aanvangen nog allerminst vast stond zodat de spelers nu hun kansen konden grijpen. Aan de kant van de Brusselaren leefde er bij de Nederlanders duidelijk een gevoel van eer. De oud-Ajacieden Arie Haan, Johnny Dusbaba en Ruud Geels wilde duidelijk aan het Amsterdamse publiek laten zien dat het nog steeds een gemis was dat zij niet meer in het Rood-Wit speelden. Alledrie waren dan ook niet op de meest vriendelijke manier vertokken uit Amsterdam. Aanvoerder Rob Rensenbrink wilde zich na zijn beruchte schot op de paal van het River Plate stadion, in de finale tegen de Argentijnen, graag voor 'eigen' publiek laten zien. In de eerste minuten van de wedstrijd ontspon zich een boeiend duel waarin Anderlecht gokte op de snelheid van Rensenbrink en het 'torinstinct' van Ruud Geels waardoor het iets meer teruggetrokken speelden dan Ajax om zo via snelle counters deze spitsen in stelling te kunnen brengen. In de 24ste minuut kreeg Anderlecht een vrije trap even buiten de zestien van Ajax, het 'Argentijns kanon' Arie Haan zette zich achter de bal maar in plaats van een kogel, stuurde hij met de buitenkant van de rechterschoen een uitgekookt balletje richting Rob Rensenbrink die de bal in een beweging doorschoof naar de vrijstaande Ronny Martens en hij ronde van vijf meter afstand deze kans op de juiste wijze af, 1-0 voor de paars-witten. Ajax probeerde de wedstrijd te domineren maar het waren de Brusselaren die duidelijk van meer voetbal intellect blijk gaven. Dit in tegenstelling tot scheidsrechter Gerrit Berevoets die in de vijfendertigste minuut de vlam in de pan deed slaan. Ter hoogte van zijn eigen strafschop gebied trapte Johnny Dusbaba te hoog naar een bal, gevaarlijk spel volgens Berevoets en dus een indirecte vrije trap voor Ajax. En terwijl de Anderlecht spelers nog bezig waren met het formeren van de muur, daarbij zelfs geholpen door de scheidrechter, lepelde Simon Tahamata de bal plots voor de voeten van Pim van Dord, die op zijn beurt het leer precies goed hard raakte en voor dat Anderlecht er erg in had lag de bal al in het net. Het liep pas uit de hand toen Berevoets vervolgens doodleuk naar de middenstip wees en het doelpunt dus goedkeurde. Anderlecht ontplofte van woede. Haan en Dusbaba stormden op Berevoets af en dreigden hem te gaan verscheuren, Anderlecht keeper Jacky Munaron deed er nog een schepje bovenop door de bal richting het hoofd van de scheidrechter te gooien. Hierop trok Berevoets de rode kaart voor Munaron. Nu laaiden de emoties nog hoger op en liepen de meeste spelers van Anderlecht van het veld. Na een aantal minuten was het aanvoerder Rensenbrink die er voor zorgde dat er toch weer afgetrapt kon worden maar Anderlecht speelden nu met tien man. Munaron er dus af, doelpuntenmaker Ronny Martens werd als 'arbitrale pion' door Anderlecht trainer Raymond Goethals geofferd en voor hem kwam de nauwelijks fitte reserve doelman Nico de Bree in het veld.

Pim Van Dord verslaat een verraste Anderlecht-verdediging

Na rust bleek Ajax niet in staat om het numerieke overwicht in het veld om te zetten in doelpunten, sterker nog het was Anderlecht dat via het koningskoppel Rensenbrink - Geels na een kwartier spelen een zeer goede kans kreeg. Rob Rensenbrink passeerde de gehele Ajax-defensie inclusief Piet Schrijvers maar in plaats van zelf te scoren legde hij de bal terug op de mee op gekomen Geels die net niet meer bij de bal kon. Tien minuten later was het wel raak, Arie Haan lanceerde met een lange pass de vol sprintende Ruud Geels, die handig Pim van Dord ontweek en daarna met een droge harde knal Piet Schrijvers passeerde, 2-1 voor Anderlecht. Met de dubieuze actie van scheidrechter Berevoets was de stemming op het veld grimmig en hard geworden, Anderlecht onder leiding van Arie Haan schoffelde en schopte dat het een lieve lust was, zij leken dan ook meer bezig te zijn met het verzieken van de wedstrijd dan met de winst. Het was misschien dan ook deze instelling die er voor zorgde dat Ajax toch nog langszij kwam. Uitblinker aan de kant van de Amsterdammers Sören Lerby werd binnen de lijnen van het zestienmetergebied omver gelopen door Van Binst en dit maal gaf wederom onder felle protesten van met name Johnny Dusbaba, die hiervoor de gele kaart kreeg, scheidrechter Gerrit Berevoets een terechte penalty. Ray Clarke deed wat hij in de ogen de Amsterdammers dit seizoen nog veel vaker zal moeten doen, hij scoorde onberispelijk vanaf de stip, 2-2. Maar wie dacht dat het nu wel gedaan zou zijn met rare incidenten, had het mis. In de slotseconde van de reguliere speeltijd kreeg Arie Haan, weer hij, de bal uit een uitgooi van De Bree, dribbelde vervolgens opzichtig richting achterlijn en legde de bal op een presenteerblaadje klaar voor de meegelopen Simon Tahamata die de bal in het lege doel jaagde, 3-2 voor Ajax. Of toch niet: de scheidsrechter keurde deze bal om onbegrijpelijke redenen af, hij gaf een vrije trap aan de Brusselaren. Arie Haan wist niet wat hem overkwam, hij wilde duidelijk geen seconde langer meer op het veld staan en dacht op deze manier een verlenging te voorkomen maar Berevoets liet niet met zich 'dollen'. De verlenging van twee maal zeven en een halve minuut kwam er toch, hierin werd er niet meer gescoord en dus moesten voor de vierde keer dit toernooi strafschoppen de beslissing brengen. Wederom manifesteerde Piet Schrijvers zich door de inzetten van Rob Rensenbrink en Matty van Toorn te stoppen, bij Ajax miste alleen Geert Meijer, hij schoot op de paal. Waardoor Ajax captain Ruud Krol de Amsterdammers voor het eerst naar de overwinning in het Amsterdam toernooi schoot.

Munaron gooit de bal naar scheidsrechter Berrevoets, die wegduikt enl raakt een Anderlechtspeler

Hij krijgt onmiddelijk rood

Eindstand Amsterdam 703-toernooi

1.  A.F.C. Ajax Amsterdam
2.  R.S.C. Anderlecht
3.  AZ '67
4.  F.C. Fluminese

Nabeschouwing Amsterdam 703-toernooi

Na afloop waren de spelers van Anderlecht nog altijd witheet op de scheidsrechter. 'Ik denk niet dat wij hier de eerstkomende jaren nog een keer naar toe komen," hekelde Anderlecht-aanvoerder Rob Rensenbrink de in zijn ogen partijdige arbitrage van Gerrit Berevoets. 'Het was duidelijk dat Ajax eindelijk eens een keer dit toernooi moest winnen,' ging de spits van het Nederlands elftal verder. 'Die jongens van Ajax konden er niets aan doen maar ik kan me toch niet aan de conclusie onttrekken dat hier duidelijk sprake was van beïnvloeding van bovenaf.'

Het protest van Johhny Dusbaba haalt niks uitHet leidend voorwerp in deze reacties, scheidrechter Gerrit Berrevoets zelf bleef ogenschijnlijk laconiek. Voor de arbiter was het tevens zijn afscheidswedstrijd als scheidsrechter op het hoogste niveau. 'Natuurlijk was het niet leuk, je stelt je een afscheid anders voor. In deze wedstrijd viel voor mij als scheidsrechter geen eer te behalen.' Over het incident waarmee het allemaal begon de vrije trap van Van Dord, zei Berevoets het volgende: "Je hoeft helemaal niet meer te fluiten om een vrije trap te laten nemen. Tahamata vroeg me echter de muur op afstand te zetten, dat heb ik gedaan. Als Anderlecht protesteert kan het uitsluitend zichzelf verwijten maken. Moeten ze maar sneller positie kiezen." En over het vervolg van de wedstrijd:" Vooral met Arie Haan en Johnny Dusbaba heb ik het moeilijk gehad, wat liepen die te provoceren, had niets meer met voetballen te maken, ongelooflijk, ze liepen me te dollen." Had Ajax al niet in de reguliere speeltijd gewonnen met 3-2? Berevoets:" De bal van De Bree naar Haan was binnen de zestien gebleven, dus gaf ik een vrije trap omdat de bal bij een spelhervatting van de keeper buiten de zestien moet zijn geweest, lijkt me duidelijk."

Toen Anderlecht snel Amsterdam verliet sprak Rensenbrink nog de woorden: "Maar goed, één ding lijkt me in ieder geval duidelijk ik denk dat wij veel meer plezier gaan beleven aan Geels dan Ajax aan die Clarke." En met deze uitspraak legde Rensenbrink wel zijn vinger op één van de zere plekken van Ajax. Want ondanks dat het voor het eerst de 'Keizerskroon' in de prijzenkast kon bijzetten baarde de vorm van dit Ajax elftal veel zorgen. Zo is Ray Clarke inderdaad een veel mindere voetballer dan Ruud Geels, hij mist de explosiviteit en snelheid van Geels, daar en tegen heeft Clarke wel een zeer goed fysiek en koppend vermogen maar dat alleen is niet genoeg om in de spits bij Ajax goed te functioneren. En als de vleugelspitsen, in de wedstrijd tegen Anderlecht waren dat Geert Meijer op links en Frank Arnesen op rechts, niet langs hun tegenstander komen en buitenom kunnen gaan dan komen er geen voorzetten waar deze kopsterke Engelsman iets mee kan doen. Verder zegt het veel dat de niet van technische klasse overlopende Sören Lerby in beide wedstrijden tot de uitblinkers behoorde. Ajax mist te veel 'spielerisch' vermogen op het middenveld en dat tracht men te compenseren met veel loopwerk. Dat de extra kwaliteit binnen het elftal op dit moment toch gekoppeld is aan routine, bewezen aanvoerder Ruud Krol en doelman Piet Schrijvers maar als die kwaliteit zo ver achter in het elftal gezocht moeten worden is dat een geen goed teken voor een team als Ajax. Maar goed de eerste 'prijs' van het seizoen is binnen al zal trainer Cor Brom niet helemaal gerust de competitie ingaan. Verder is het te hopen dat Tscheu La Ling snel zijn rentree zal maken want op zulke spelers zit dit Ajax duidelijk te wachten.

Bron: www.degoeieouwetijd.nl